MWJ 63 - Magnetrons DELONGHI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis MWJ 63 DELONGHI in PDF-formaat.
| Producttype | Magnetron |
| Merk | DeLonghi |
| Model | MWJ 63 |
| Afmetingen (BxHxD) | Ca. 45 x 26 x 35 cm |
| Gewicht | Ca. 12 kg |
| Vermogen | 800 W |
| Netspanning | 230 V / 50 Hz |
| Inhoud | 20 liter |
| Uitvoering | Inbouwapparaat |
| Draaitafel | Ja, glazen draaischijf |
| Vermogensniveaus | 6 standen |
| Ontdooifunctie | Automatisch op gewicht |
| Timer | Max. 90 minuten |
| Deurslot | Kinderslot |
| Bediening | Draaiknoppen en drukknoppen |
| Verlichting | Binnenverlichting |
| Materiaal behuizing | Roestvrij staal / kunststof |
| Reiniging | Binnenkant met vochtige doek |
| Onderhoud | Regelmatig reinigen van draaitafel |
| Reserveonderdelen | Verkrijgbaar via DeLonghi service |
| Reparatie | Alleen door erkend servicecentrum |
| Gebruiksaanwijzing | Inclusief PDF-handleiding |
Veelgestelde vragen - MWJ 63 DELONGHI
Gebruikersvragen over MWJ 63 DELONGHI
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Magnetrons in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MWJ 63 - DELONGHI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MWJ 63 van het merk DELONGHI.
GEBRUIKSAANWIJZING MWJ 63 DELONGHI
Hoe de beste resultaten van uw magnetron te krijgen 92
Waarschuwingen 93
Elektrische aansluiting 94
Geleverd vermogen 94
Installatie 95
Beschrijving en gebruik van de bedieningsknoppen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 96
Bijgeleverde accessoires 96
Servies dat geschikt is voor de magnetron 97
Raadgevingen voor het gebruik van de magnetron 98
Functie alleen magnetron 99
Gecombineerde functie magnetron + grill 107
Functie alleen grill 109
Onderhoud en reiniging 111

A Weerstand
B Bedieningspaneel
C Deksel uitgang microgolven
D Pen draaiplateau
E Binnenkant deur
F Grill
G Draaiplateau
H Houder voor draaiplateau
| Wat wil ik bereiden? | Welke functie kies ik? | Gebruiksoanwijzingen pag. | Tab. hoeveelh./tijd pag. | ||
| • Ontdooien | Alleen magnetron | * | 100 | 101 | |
| • V oedsel warm houden | Alleen magnetron | ∅ | 100 | ||
| • Chocolade/glazuur smelten | 99 | 103 | |||
| • Boter smelten en kaas zacht maken | Alleen magnetron | ∅ | 99 | 103 | ![]() |
| • Zoete nagerechten bereiden | 106 | 106 | |||
| • Ragout, kippenborsten bereiden | Alleen magnetron | ∅ | 99 | 101 | |
| • F ruit, groente, rijst, soep, vis bereiden | Alleen magnetron | ∅ | 99 | 101 | |
| • Reeds gekookt of diepgevroren voedsel verwarmen | 104 | 105 | |||
| 99 | 103 | ||||
| • Snel alle soorten rollades, gevogete, vleesspiesjes, aardappels bereiden | Gecombineerd magnetron + grill | COMBI 1 | 107 | 108 | ![]() |
| • G ratineren van voedsel (vb. lasagne, gegratineerde groenten, maccheroni) | COMBI 2 | ||||
| COMBI 3 | |||||
| • Op traditionele manier hamburgers, karbonades, knakworst, worstjes, geroosterd brood enz. grilleren | Alleen gril | *** | 109 | 110 | ![]() |
Lees deze aanwijzingen aandachtig door en bewaar ze voor latere raadpleging
N.B. Deze magnetron is ontworpen voor het ontdooien, verwarmen en bereiden van voedsel in huiselijke omgeving. De magnetron mag niet gebruikt worden voor andere doeleinden en mag op geen enkele manier gewijzigd of eigenhandig gerepareerd worden.
1) ATTENTIE: Indien de deur of de deurafdichtingen beschadigd zijn, dient de magnetron niet
gebruikt te worden zolang hij niet door een vakbekwaam technicus wordt gerepareerd (opgeleid door de fabrikant of de Klantendienst van de verkoper).

2) ATTENTIE: Om enig gevaar te vermijden, dient uitsluitend opgeleid personeel onderhouds- of reparatiewerkzaamheden uit te voeren die de verwijdering van beveiligingen tegen de blootstelling aan microgolven met zich meebrengen.
3) ATTENTIE: Verwarm geen vloeistoffen of ander voedsel in verzegelde verpakkingen die kunnen
ontploffen. Kook of verwarm geen eieren in hun schaal, omdat deze kunnen ontploffen, zelfs aan het einde van de bereidingstijd.

4) ATTENTIE: Sta aan kinderen het gebruik van de magnetron zonder toezicht uitsluitend toe wanneer ze passende aanwijzingen hebben ontvangen, zodat ze de magnetron in alle veiligheid kunnen gebruiken en zich bewust zijn van de gevaren die verbonden zijn aan onkundig
gebruik. Laat kinderen niet in de buurt van de werkende magnetron komen (gevaar op brandwonden).
5) ATTENTIE: wanneer het apparaat op de gecombineerde wijze wordt gebruikt, mogen kinderen het alleen onder toezicht van een volwassene gebruiken, in verband met de hoge temperaturen die zich ontwikkelen.

6) Probeer niet de magnetron met open deur te laten werken, door de veiligheidsvoorzieningen onklaar te maken.
7) Zet de magnetron niet aan indien voorwerpen van welke aard dan ook tussen de voorkant van de magnetron en de deur blijven steken. Houd de binnenkant van de deur (E) altijd schoon met behulp van een vochtige doek en niet-schurende schoonmaakmiddelen. Zorg ervoor dat er geen vuil of voedselresten tussen de voorkant van de magnetron en de deur blijven zitten.

8) Zet de magnetron niet aan indien het netsnoer of de stekker beschadigd zijn. Dit kan elektrische schokken veroorzaken. Indien het netsnoer beschadigd is, dient het te worden vervangen door de fabrikant, in een erkend Servicecentrum of in elk geval door een vakbekwaam technicus, teneinde elk risico te vermijden.
9) Indien men rook uit de magnetron ziet ontsnappen, het apparaat uitschakelen of de stekker uit het stopcontact halen; de magnetrondeur niet openen om eventuele vlammen te smoren.
10)Gebruik uitsluitend keukengerei dat geschikt is voor de magnetron. Om oververhitting, en dientengevolge brandgevaar te voorkomen, is het aan te raden de magnetron in de gaten te houden wanneer voedsel bereid wordt in wegwerpbakjes van plastic, karton of ander brandbaar materiaal, of tijdens het verwarmen van kleine hoeveelheden voedsel.
11) Dompel het draaiplateau niet onder in water wanneer het zeer warm is. De thermische schok zou het draaiplateau namelijk kunnen breken.
12) Wanneer de functies "Alleen MAGNETRON" en "GECOMBINEERD MAGNETRON" worden
gebruikt, mag de magnetron niet voorverwarmd worden (zonder voedsel) en ook niet ingeschakeld worden wanneer hij leeg is, aangezien vonken kunnen ontstaan.
13) Controleer, alvorens de oven te gebruiken, of het gebruikte serviesgoed en schalen geschikt zijn voor de magnetron (zie hoofdstuk "Servies dat geschikt is voor de magnetron").
14) Tijdens het gebruik wordt het apparaat warm. Raak niet de verwarmingselementen in de magnetron aan.
15) Tijdens het verwarmen van vloeistoffen (water, koffie, melk, enz.) kan het gebeuren dat, door het uitgesteld bereiken van het kookpunt, de vloeistof onverwachts begint te koken, overloopt en brandwonden veroorzaakt. Om dit te voorkomen, dient men alvorens met het opwarmen van de vloeistof te beginnen, een plastic lepeltje of een glazen staafje in de kop of beker te zetten. Hanteer in elk geval de kop of beker op voorzichtige wijze.
16) Verwarm geen likeuren met een hoog alcoholpercentage of een grote hoeveelheid olie, aangezien deze vlam kunnen vatten.
17) De inhoud van zuigflessen en potjes babyvoeding moet na het verwarmen worden omgeroerd of geschud, en de temperatuur moet worden gecontroleerd vóór het verbruik, om brandwonden te voorkomen. Het is raadzaam het voedsel te schudden
of om te roeren, om een gelijkmatige verdeling van de temperatuur te verkrijgen. Indien in de handel verkrijgbare sterilisatie-apparaten voor zuigflessen worden gebruikt, moet ALTIJD worden gecontroleerd, voordat de magnetron wordt ingeschakeld, of de houder gevuld is met de door de fabrikant aangegeven hoeveelheid water.
18) Een slechte reiniging van de magnetron kan een verslechtering van de oppervlakken veroorzaken. Dit kan de levensduur van het apparaat beïnvloeden en mogelijke risicosituaties voor de gebruiker opleveren.
N.B.: Wanneer het apparaat voor de eerste keer wordt ingeschakeld, is het normaal dat u gedurende ca. 10 minuten een geur van "nieuw" en wat rook waarneemt.
Dit wordt uitsluitend veroorzaakt door de aanwezigheid van beschermende middelen die op de weerstanden zijn aangebracht.

TECHNISCHE GEGEVENS
Externe afmetingen (LxHxP): 510x320x400
Interne afmetingen (LxHxP): 330x212x330
Gewicht: 15,5 kg.
Diameter draaiplateau: 31,5 cm
Raadpleeg voor meer gegevens het typeplaatje op de achterkant van het apparaat.
Dit apparaat is conform de EEG-richtlijnen 89/336 en 92/31 inzake Elektromagnetische Compatibiliteit, en de verordening (EG) nr. 1935/2004 van 27/10/2004 inzake materialen en voorwerpen bestemd om met levensmiddelen in contact te komen.
Sluit het apparaat uitsluitend aan op een stopcontact van minstens 16A.
Controleer bovendien of de hoofdschakelaar van uw woning een capaciteit van minstens 16A heeft, om te voorkomen dat deze onverwachts in werking treedt tijdens de werking van de magnetron.
Controleer, alvorens het apparaat te gebruiken, of de spanning van het elektriciteitsnet dezelfde is als die aangeduid op het typeplaatje van het apparaat en of het stopcontact voorzien is van een efficiënte aardleiding: de Fabrikant wijst alle aansprakelijkheid af voor het niet in acht nemen van dit voorschrift.
1) Haal de magnetron uit zijn verpakking en verwijder de beschermende verpakking van het draaiplateau (G) en van de bijbehorende houder (H).
Controleer of de pen van het draaiplateau (D) correct in zijn zitting in het midden van het draaiplateau is ingebracht.
2) Maak de binnenkant schoon met een vochtige, zachte doek.
3) Controleer of het apparaat geen beschadigingen tijdens het transport heeft opgelopen, en vooral of de deur perfect open en dicht gaat.
4) Zet het apparaat op een stabiel werkvlak op een hoogte van minstens 85 cm, buiten het bereik van kinderen, aangezien de glazen deur hoge temperaturen kan bereiken tijdens het gebruik.

5) Controleer, nadat het apparaat op het werkvlak is
geplaatst, of er een ruimte van ongeveer 5 cm tussen de omtrek van het apparaat en de muren aan de zijkant en aan de achterkant, en een vrije ruimte van minstens 30 cm aan de bovenkant van de oven overblijft (zie uit g Fig. 1).

uitgang lucht
6) Dek de luchtinvoeropeningen
niet af. Zet vooral niets bovenop de magnetron en controleer of de sleuven voor de afvoer van lucht en stoom (aan de bovenkant, onderkant en achterkant van het apparaat) NOOIT AFGEDEKT worden (zie Fig. 2 en Fig. 3).
7) Plaats de houder (H) in het midden van zijn cirkelvormige zitting en plaats hierop het draaiplateau.
De pen (D) moet samenvallen met zijn zitting in het midden van het draaiplateau.

uitgang lucht
fig. 3
8) Plaats het apparaat zodanig dat de stekker en het stopcontact ook na installatie makkelijk bereikbaar zijn.
9) Verwijder NIET de doorzichtige folie die op de binnenkant van de deur is geplakt!

Functie alleen grill voor alle soorten van grilleren.

Het draaiplateau moet altijd voor alle functies gebruikt worden.
Voor de functies "alleen magnetron" en de gecombineerde functies kunnen alle soorten servies van glas (beter indien pyrex), aardewerk, porselein en terracotta gebruikt worden, voor zover deze niet van decoraties of onderdelen van metaal voorzien zijn (gouden randjes, handvaten, pootjes). Het is ook mogelijk serviesgoed van hittebestendig plastic te gebruiken, maar uitsluitend voor de bereidingen "alleen magnetron".
Mocht u echter twijfels hebben over het gebruik van bepaald serviesgoed, dan kunt u deze eenvoudige test uitvoeren: plaats het serviesgoed leeg in de oven gedurende 30 seconden en op het maximumvermogen (functie "alleen magnetron"). Als het serviesgoed koud blijft of slechts licht opwarmt, betekent dit dat het geschikt is voor gebruik in de magnetron. Als het daarentegen zeer warm wordt (of er ontstaan vonken), dan is het niet geschikt.
Voor kort opwarmen kunnen ook papieren servetjes, kartonnen schalen en plastic "wegwerp"-borden als ondergrond gebruikt worden. Wat vorm en afmeting betreft, is het noodzakelijk dat deze het correct draaien van het draaiplateau niet belemmeren.
Voor het gebruik van rechthoekig serviesgoed van grote afmetingen (die misschien niet
kunnen draaien in de oven), volstaat het de draaibeweging van het draaiplateau (G) te blokkeren, door de pen (D) uit zijn zitting te halen. Houd er rekening mee dat, om onder dergelijke omstandigheden bevredigende resultaten te garanderen, het belangrijk is dat het voedsel tijdens de bereiding meerdere keren wordt omgeroerd en het serviesgoed meerdere keren wordt gedraaid. Serviesgoed van metaal, hout en kristal en biezen mandjes zijn niet geschikt voor gebruik in de magnetron.
Onthoud dat het mogelijk is, aangezien de microgolven het voedsel en niet het serviesgoed verwarmen, het voedsel rechtstreeks te bereiden op het bord waarop het eten wordt geserveerd, waardoor het gebruik van pannen, en dientengevolge het afwassen daarvan, vermeden kan worden. Houd er echter rekening mee dat zeer heet voedsel warmte kan afgeven aan het bord, waardoor het gebruik van pannenlappen nodig kan zijn.
Als de magnetron met de functie alleen grill wordt gebruikt, kan al het serviesgoed dat geschikt is voor gebruik in de oven gebruikt worden (zie tabel).
| Glas | Pyrex | Vuurvast aardewerk | Terracotta | Aluminiumfolie | Plastic | Papier of karton* | Metalen serviesgoed | |
| Alleen magnetron | JA | JA | JA | JA | NEE | JA | JA | NEE |
| Gecombineerd magnetron + grill | NEE | JA | JA | JA | NEE | NEE | NEE | NEE |
| Alleen grill | NEE | JA | JA | JA | JA | NEE | NEE | JA |
* Als de verwarming te lang duurt is het mogelijk dat ze vlam vatten.

Microgolven zijn elektromagnetische stralingen die in de natuur voorkomen in de vorm van lichtgevende golven (bijvoorbeeld: zonlicht) die in de magnetron uit alle richtingen in de etenswaren binnendringen en de water-, vet - en suikermoleculen verwarmen.
Alleen in de etenswaren wordt de warmte snel gevormd, terwijl het serviesgoed alleen indirect verwarmd wordt door de overdracht van warmte door het warme voedsel.
Dit voorkomt dat het voedsel aanbakt; daarom is het mogelijk heel weinig vet (in sommige gevallen helemaal geen vet) te gebruiken tijdens het bereidingsproces.
Omdat er weinig vet gebruikt wordt, wordt de voedselbereiding in de magnetron als zeer gezond en diëtisch verantwoord beschouwd.
Bovendien vindt de bereiding, in vergelijking met de traditionele kooksystemen, plaats bij een minder hoge temperatuur, waardoor de etenswaren minder vocht verliezen, met als gevolg een beter behoud van de voedingswaarde en de smaak van het voedsel.
Fundamentele regels voor de correcte bereiding van het voedsel in de magnetron
1) Om de tijden op de juiste manier in te stellen dient men er, bij het raadplegen van de tabellen op de volgende bladzijden, rekening mee te houden dat indien een grotere hoeveelheid voedsel dan aangegeven wordt gebruikt, ook de bereidingstijd in verhouding verlengd dient te worden, en vice versa. Het is belangrijk de "rusttijden" in acht te nemen: met rusttijd wordt de tijd bedoeld waarin het voedsel na bereiding moet rusten om een verdere verspreiding van de warmte in het voedsel toe te laten.
Zo neemt bijvoorbeeld de temperatuur van vlees met ongeveer 5-8°C toe gedurende de rusttijd.
De rusttijden kunnen ook in acht genomen worden buiten de magnetron.
2) Een van de belangrijkste handelingen is het meerdere malen omroeren tijdens de bereidingstijd: dit om een gelijkmatige verspreiding van de temperatuur te verkrijgen en hierdoor de bereidingstijd te verkorten.
3) Het is ook aan te raden het voedsel om te keren tijdens de bereidingstijd.
4) Etenswaren met een vel, schil of schaal (vb. appels, aardappelen, tomaten, worst, vis) dienen met een vork op meerdere plaatsen ingeprikt te worden, zodat de damp kan ontsnappen en het vel of de schil niet openbarst (Fig. 4).

5) Indien meerdere porties van hetzelfde voedsel bereid worden, bijvoorbeeld gekookte aardappelen, deze in een ring in een vuurvaste schaal schikken om een gelijkmatige bereiding te verkrijgen (fig. 5).
6) Hoe lager de temperatuur van het voedsel is op het moment dat het in de magnetron wordt gezet, des te langer de bereidingstijd is. Voedsel op kamertemperatuur zal eerder gaar zijn dan voedsel dat uit de koelkast komt.

7) Zet voor de bereiding het serviesgoed altijd in het midden van het draaiplateau. fig. 5
8) De vorming van condensvocht in de magnetron en in de buurt van de deur en de luchtuitgang is volkomen normaal.
Om dit te verminderen, kan men het voedsel afdekken met plastic folie, ovenpapier, een glazen deksel of eenvoudigweg een omgekeerd bord. Bovendien worden etenswaren met een hoog vochtgehalte (vb. groenten) beter gaar indien afgedekt.
Door de etenswaren af te dekken, houdt men ook de binnenkant van de magnetron schoon. Gebruik alleen plastic folie dat geschikt is voor de magnetron.
Deze functie is geschikt voor:
- Het warm houden van voedsel ..... pag. 100
-
Ontdooien....pag. 100
• V e r warmen ..... pag..102 -
Ragout, gevogelte, fruit, groenten, rijst, soep, vis bereiden ....pag. 104
- Desserts en fruit bereiden ...... pag. 106
DE MAGNETRON MET DE FUNCTIE "ALLEEN MAGNETRON" STARTEN

Doe het voedsel in serviesgoed dat geschikt is voor gebruik in de magnetron en plaats het in het midden van het draaiplateau.
N.B: Verwarm de magnetron niet voor.

Selecteer het gewenste vermogen met behulp van de programmakeuzeknop.


Stel de gewenste bereidingstijd in door de timerknop rechtsom te draaien.


Bij het verstrijken van de ingestelde tijd geeft een geluidssignaal aan dat de bereiding voltooid is.

De werking kan op elk moment onderbroken worden door de timerknop in de stand "0" te zetten. Het is tevens mogelijk om de bereidingstijd te veranderen (tijdens de bereiding zelf) door deze knop rechtsom of linksom te draaien. Tijdens de bereiding is het mogelijk om het verloop ervan te controleren door de deur te openen en het voedsel te inspecteren. Hierdoor wordt de werking onderbroken, welke weer wordt voortgezet als de deur wordt gesloten.
Deze functie is aangewezen voor alle gerechten in het algemeen.
Hiermee kan voedsel dat net bereid of verwarmd is, warm worden gehouden zodat het niet uitdroogt of aan het serviesgoed blijft vasthechten.
Door de programmakeuzeknop in stand 🔒 te zetten en het voedsel af te dekken met een bord of magnetronfolie, blijft het voedsel warm tot het wordt opgediend.
Indien gewenst, kan het voedsel ook warm gehouden worden in het eetbord (altijd afgedekt).
GEBRUIK VAN DE FUNCTIE "ALLEEN MAGNETRON" VOOR ONTDOOIEN
- Voedsel dat ingevroren is in plastic zakjes of plastic folie of in de verpakking, kan rechtstreeks in de magnetron geplaatst worden, mits geen metalen onderdelen aanwezig zijn (vb. wikkels of nietjes voor het sluiten van de verpakkingen).
- Bepaalde etenswaren, zoals groenten en vis, hoeven niet helemaal ontdooid te worden alvorens met de bereiding te beginnen.
- Etenswaren met saus, gehakt en stoverij ontdooien beter en sneller indien de stukjes af en toe omgeroerd, omgedraaid en/of gescheiden worden.
- T ijdens het ontdooien van vlees, vis en fruit komt vocht vrij. Daarom adviseert men om ze in een schaal of bak te laten ontdooien.
- Men adviseert om elk stuk vlees apart in een zakje te doen alvorens deze in de diepvriezer te leggen. Dit is tijdbesparend bij de bereiding.
- V olg de tijden aangegeven op de verpakkingen van diepvriesproducten met de nodige voorzichtigheid, want ze zijn niet altijd correct. Het is raadzaam iets kortere ontdooitijden dan de aangegeven tijden te gebruiken. De ontdooitijd is afhankelijk van de diepgevroren toestand van het voedsel.
Ontdooitijden
| Soort | Hoeveelheid | Programmakeuzeknop | Timerknop (minuten) | Opmerkingen | Rusttijd (minuten) |
| VLEES | |||||
| Rollades (varken, rund, kalf, enz.) | 1 kg | * | 35 - 40 | 20 | |
| Biefstukken, karbonades, lapjes vlees | 200 gr | " | 9 - 11 | 5 | |
| Ragout, goulash | 500 gr | " | 20 - 22 | 10 | |
| Gehakt | 500 gr | " | 18 - 20 | (*) | 15 |
| " | 250 gr | " | 8 - 10 | 10 | |
| Hamburger | 200 gr | " | 10 - 12 | 10 | |
| W or s t | 300 gr | " | 12 - 14 | 10 | |
| GEVOGELTE | |||||
| Eend, kalkoen | 1,5 kg | " | 45 - 50 | Na de rusttijd, afspoelen onder warm water om eventueel ijs te verwijderen. | 20 |
| Hele kip | 1,5 kg | " | 45 - 50 | 20 | |
| Kip in stukken | 500 gr | " | 20 - 22 | 10 | |
| Kippenborst | 300 gr | " | 19 - 21 | 10 | |
| GROENTEN | Diepgevroren groenten hoeven niet ontdooid te worden vóór het koken. | ||||
| VIS | |||||
| Filets | 300 gr | " | 12 - 14 | 7 | |
| Moten | 400 gr | " | 13 - 15 | 7 | |
| Hele vis | 500 gr | " | 19 - 21 | 7 | |
| Garnalen, kreeft | 400 gr | " | 13 - 15 | 7 | |
| ZUIVELPRODUCTEN | |||||
| Boter | 250 gr | " | 8 - 10 | Verwijder aluminiumfolie en eventuele metalen onderdelen. | 10 |
| Kaas | 250 gr | " | 9 - 11 | Kaas moet niet volledig ontdooid worden. Neem de rusttijd in acht. | 15 |
| Room | 200 ml | " | 11 - 13 | De room moet uit zijn verpakking gehaald en op een bord gelegd worden. | 5 |
| FRUIT | |||||
| Aardbeien, pruimen, kersen, aalbessen, abrikozen | 500 gr | " | 18 - 20 | Roer 2 à 3 keer om. | 10 |
| Frambozen | 300 gr | " | 11 - 13 | Roer 2 à 3 keer om. | 10 |
| Bramen | 250 gr | " | 9 - 11 | Roer 2 à 3 keer om. | 6 |
BROOD ONTDOOIEN
Stel, om lekker warm en geurig brood te verkrijgen, de magnetron op het maximumvermogen in (30 seconden circa voor elke 100 gram brood); stel, zodra het brood zacht aanvoelt, de functie "alleen GRILL" op 3 à 4 minuten in. Het brood moet rechtstreeks op het draaiplateau geplaatst worden.
(*) Deze aanwijzingen zijn ook geschikt voor het uitvoeren van de ontdooiingstest van gehakt volgens de Norm 60705, Par. 13.3 (zie pag. 2). Draai het voedsel om nadat de helft van de ingestelde tijd is verstreken. Het te ontdooien voedsel moet rechtstreeks op het draaiplateau geplaatst worden. Meer informatie inzake andere efficiëntietests volgens de Norm 60705 is in de tabel op pag. 2 te vinden.
Het verwarmen van voedsel is een functie waarbij het nut en de doelmatigheid van uw magnetron het best naar voren komen. In vergelijking met de traditionele methoden, verkrijgt men bij het gebruik van de magnetron een duidelijke besparing van tijd en dus ook van elektriciteit.
- Men adviseert om het voedsel (dit geldt vooral voor diepgevroren voedsel) tot een temperatuur van minstens 70°C te verwarmen (het moet heet zijn!). Het zal niet mogelijk zijn het voedsel meteen te consumeren, omdat het te heet is, maar de volledige sterilisatie ervan zal gegarandeerd zijn.

- Voor het verwarmen van kant-en-klare of diepvriesmaaltijden, dient men altijd de volgende regels in acht te nemen:
- haal het voedsel uit eventuele metalen verpakkingen;
- dek af met transparante folie (van het soort dat geschikt is voor gebruik in de magnetron) of ovenpapier; op deze manier wordt de natuurlijke smaak van het voedsel behouden en blijft de magnetron schoon; het is ook mogelijk af te dekken met een omgekeerd bord;
- indien mogelijk, regelmatig omroeren of omdraaien om het verwarmingsproces te versnellen en gelijkmatig te doen verlopen;
- volg nauwkeurig de tijden aangegeven op de verpakking; houd er rekening mee dat in bepaalde omstandigheden de tijden verlengd moeten worden.
- d iepgevroren etenswaren moeten ontdood worden voordat met het verwarmen wordt begonnen.
Hoe lager de begintemperatuur van het voedsel, des te langer de tijd die voor het verwarmen nodig is.
- Etenswaren en drankjes kunnen kort worden verwarmd in kartonnen of plastic schotels of bekers.
Deze recipienten kunnen evenwel vervormen bij lange verwarmingstijden.
Verwarmingstijden
| Soort | Hoeveelheid | Programmakeuzeknop | Timerknop | Opmerkingen |
| HET SMELTEN VAN VOEDSEL | ||||
| • Chocolade/glazuur | 100 gr | ![]() | 5 - 6 | Leg op een bord. Roer de glazuur één keer om. |
| • Boter | 50 -70 gr | 0.7"-0.12" | ||
| VOEDSEL OP KOELKASTTEMPERATUUR (5/8°C) TOT 20/30°C | ||||
| • Y o g h u r t | 125 gr | " | 0.12"-0.17" | Verwijder de aluminium verpakking. |
| • Zuigtles | 240 gr | " | 0.35"-0.40" | Verwarm de zuigfles zonder speen en roer meteen na het verwarmen om, om de temperatuur gelijkmatig te verdelen. Controleer de temperatuur voordat u de zuigfles aan het kind geeft.Indien de melk op kamertemperatuur is, dient de aangegeven tijd enigszins ingekort te worden. Indien melkpoeder gebruikt wordt, dient deze heel goed omgeroerd te worden, omdat eventuele melkpoederresten vlam kunnen vatten. |
| KANT-EN-KLARE GERECHTEN OP KOELKASTTEMPERATUUR (BEGINTEMP. 5/8°C) TOT CIRCA 70°C | ||||
| • V erpakking lasagne of pasta met vulling | 400 gr | " | 6 - 8 | Hiermee worden kant-en-klare maaltijden bedoeld, verkrijgbaar in de handel en te verwarmen tot 70°C. Haal het voedsel uit eventuele metalen verpakkingen en leg het direct op het te gebruiken bord. Voor het beste resultaat, moet het voedsel altijd afgedekt zijn. |
| • V erpakking vlees met rijst en/of groenten | 400 gr | " | 6 - 8 | |
| • V erpakking vis en/of groenten | 300 gr | " | 5 - 7 | |
| • Bord vlees en/of groenten | 400 gr | " | 7 - 8 | Hiermee worden porties van elke soort voorgekookt voedsel bedoeld, te verwarmen tot 70°C. Het voedsel moet rechtstreeks op een eet-bord worden gelegd en moet altijd afgedekt worden met magnetronfolie of een omgekeerd bord. |
| • Bord pasta, cannelloni of lasagne | 400 gr | " | 7 - 8 | |
| • Bord vis en/of rijst | 300 gr | " | 6 - 8 | |
| DIEPGEVROREN VOEDINGSWAREN TE VERWARMEN/BEREIDEN (BEGINTEMP. -18°C/-20°C) TOT CIRCA 70°C | ||||
| • V erpakking lasagne of pasta met vulling. | 400 gr | " | 8 - 10 | Hiermee worden kant-en-klare diepvriesmaaltijden bedoeld, rechtstreeks te verwarmen in hun verpakking tot 70°C; haal voedsel uit eventuele metalen verpakkingen en leg het rechtstreeks op het te gebruiken bord. Verleng de tijden met enkele minuten. |
| • V erpakking vlees met rijst en/of groenten. | 400 gr | " | 7 - 8 | |
| • V erpakking kant en klare vis en/of groenten | 300 gr | " | 5 - 7 | |
| • V erpakking rauwe vis en/of groenten | 300 gr | " | 10 - 12 | Verwijder rauw voedsel uit de verpakking en plaats het in serviesgoed dat geschikt is voor gebruik in de magnetron en dek het af. |
| • Bord vlees en/of groenten | 400 gr | " | 8 - 10 | Hiermee worden porties voorgekookt diepvriesvoedsel bedoeld, te verwarmen tot 70°C. Leg het diepgevroren voedsel in het eetbord en dek het af met een omgekeerd bord of een pyrex deksel. Controleer of het gerecht ook in het midden goed warm is; roer indien mogelijk het voedsel om. |
| • Bord pasta, cannelloni of lasagne | 400 gr | " | 9 - 11 | |
| • Bord vis en/of rijst | 300 gr | " | 6 - 8 | |
| DRANKEN OP KOELKASTTEMPERATUUR (5/8°C) TOT CIRCA 70°C | ||||
| • 1 kop water | 180 cc | " | 1'.30"- 2 | Alle dranken dienen na het verwarmen omgeroerd te worden om de temperatuur gelijkmatig te verdelen. Het is raadzaam bouillon af te dekken met een omgekeerd bord. |
| • 1 kop melk | 150 cc | " | 1 - 1'.30" | |
| • 1 kop koffie | 100 cc | " | 1 - 1'.30" | |
| • 1 kop bouillon | 300 cc | " | 3 - 4 | |
| DRANKEN OP KAMERTEMPERATUUR (20/30°C) TOT CIRCA 70°C | ||||
| • 1 kop water | 180 cc | " | 1 - 1'.30" | Alle dranken dienen na het verwarmen omgeroerd te worden om de temperatuur gelijkmatig te verdelen. Het is raadzaam bouillon af te dekken met een omgekeerd bord. |
| • 1 kop melk | 150 cc | " | 0'.30"- 1 | |
| • 1 kop koffie | 100 cc | " | 0'.30"- 1 | |
| • 1 kop bouillon | 300 cc | " | 2 - 3 | |
SOEPEN EN RIJST
- V oor minestrone of soep zijn kleinere hoeveelheden water nodig, omdat in de magnetron de verdamping nogal gering is.
Zout dient aan het einde van de bereiding toegevoegd te worden of tijdens de rusttijd, omdat het een uitdrogend effect heeft.
- Het is correct te stellen dat voor het koken van rijst in de magnetron (dit geldt overigens ook voor pasta) ongeveer dezelfde tijd nodig is als voor het koken ervan op het fornuis, op de traditionele manier Het voordeel van het bereiden van een risotto in de magnetron is dat men niet voortdurend hoeft om te roeren (2-3 keer is voldoende).
De ingrediënten dienen allemaal tegelijk in serviesgoed geschikt voor gebruik in de magnetron gedaan te worden en afgedekt te worden met transparante magnetronfolie (voor 300 gr rijst is nodig: 750 gr bouillon met de magnetron op het maximumvermogen gedurende ongeveer 12-15 minuten). Bovendien blijft de rijst niet aan de bodem van het serviesgoed kleven en hoeft men het gerecht niet over te doen in een schaal op tafel, omdat deze schaal reeds gebruikt kan worden voor de bereiding in de magnetron.
VLEES
Wanneer vlees met de functie "alleen magnetron" wordt bereid, wordt geadviseerd om het af te dekken met plastic folie geschikt voor gebruik in de magnetron; op deze manier wordt een betere verdeling van de warmte bevorderd en vermijdt men dat het vlees uitdroogt zodat het droog en taai wordt. Deze functie is geschikt voor ragout, goulash, kippenborst, enz.
Voor het bereiden van rollades, vleesspiesjes enz. moet de gecombineerde functie gebruikt worden.
VIS
Vis wordt heel snel gaar en met uitstekende resultaten.
De vis kan bereid worden met een beetje boter of olie (of ook zonder vet).
Dek af met transparante folie. Bij aanwezigheid van een vel dient dit uiteraard ingesneden te worden; visfilets dienen gelijkmatig geschikt te worden.
Het wordt afgeraden om vis gepaneerd met ei te bereiden.
GROENTEN
Groenten die in de magnetron bereid worden, behouden hun kleur en meer van hun voedingswaarden dan bij de traditionele bereidingswijze. Was en maak de groenten schoon vóór de bereiding.
Grotere groenten dienen in gelijke stukken gesneden te worden.
Voor elke 500 gr groenten, ongeveer 5 lepels water toevoegen (vezelachtige groenten vereisen meer water). De groenten moeten altijd afgedekt worden met transparante magnetronfolie
Roer minstens eenmaal om halverwege de bereiding en voeg pas aan het einde van de bereiding een weinig zout toe.
Bereidingstijden
| Soort | Hoeveelheid | Programmakeuzeknop | Timerknop (minuten) | Opmerkingen | Rustijd (minuten) |
| VIS | |||||
| • Filets | 300 gr | 4 - 6 | Dek af met folie | 2 | |
| • Plakjes | 300 gr | " | 5 - 7 | Dek af met folie | 2 |
| • Hele vis | 500 gr | " | 8 - 10 | Dek af met folie | 2 |
| • Hele vis | 250 gr | " | 4 - 6 | Dek af met folie | 2 |
| • Moten | 400 gr | " | 5 - 7 | Dek af met folie | 2 |
| • Garnalen, kreeft | 500 gr | " | 5 - 7 | Dek af met folie | 2 |
| GROENTEN | |||||
| • Asperges | 500 gr | 9 - 11 | Snijd in stukken van 2 cm | 4 | |
| • Artisjokken | 300 gr | " | 10 - 12 | Bij voorkeur alleen het hart van de artisjok gebruiken. | 4 |
| • Sperziebonen | 500 gr | " | 11 - 13 | Snijd in stukken. | 4 |
| • Broccoli | 500 gr | " | 7 - 9 | Verdeel in roosjes. | 4 |
| • Spruitjes | 500 gr | " | 7 - 9 | Laat ze heel. | 4 |
| • Witte kool | 500 gr | " | 7 - 9 | Snijd in reepjes. | 4 |
| • Rode kool | 500 gr | " | 7 - 9 | Snijd in reepjes. | 4 |
| • Wortels | 500 gr | " | 9 - 11 | Snijd in gelijke stukken. | 4 |
| • Bloemkool | 500 gr | " | 11 - 13 | Verdeel in roosjes. | 4 |
| • Selderie | 500 gr | " | 7 - 9 | Verdeel in stukken. | 4 |
| • Aubergines | 500 gr | " | 6 - 8 | Snijd in blokjes. | 4 |
| • Prei | 500 gr | " | 6 - 8 | Snijd in reepjes. | 4 |
| • Champignons | 500 gr | " | 6 - 8 | Laat heel. Voeg geen water toe. | 4 |
| • Uien | 250 gr | " | 5 - 7 | Heel van gelijke afmetingen. Voeg geen water toe. | 4 |
| • Spinazie | 300 gr | " | 6 - 8 | Dek af na het wassen en uitlekken. | 4 |
| • Erwten | 500 gr | " | 10 - 12 | 4 | |
| • Venkel | 500 gr | " | 12 - 14 | Snijd in vieren. | 4 |
| • Paprika's | 500 gr | " | 9 - 11 | Snijd in stukken. | 4 |
| • Aardappelen | 500 gr | " | 8 - 10 | Snijd in gelijke stukken. | 4 |
| • Courgettes | 500 gr | " | 7 - 9 | Laat heel. | 4 |
| VLEES | |||||
| • Goulash | 1,5 kg | " | 40 - 44 | Laat onafgedekt en roer 2 à 3 keer om. | 10 |
| • Kippenborst | 500 gr | 10 - 12 | Voeg zout aan einde bereidingsstijd toe. | 3 | |
| • Gehaktbrood | 900 gr | " | 18 - 20 | (*) | 5 |
N.B.: De bereidingstijden in de tabel moeten gezien worden als een indicatie en zijn afhankelijk van het gewicht, de temperatuur bij de aanvang van de bereiding en ook de consistentie en structuur van de groenten.
(*) Deze aanwijzingen zijn geschikt voor het uitvoeren van de bereidingstest van gehakt volgens de Norm 60705, Par. 12.3.3. Dek het serviesgoed af met transparante magnetronfolie. Meer informatie, ook inzake andere efficiëntietests volgens de Norm 60705, is in de tabel op pag. 2 te vinden.
ZOETE NAGERECHTEN EN FRUIT
Taart en gebak rijst (bij lager vermogen) veel meer dan in de gewone oven.
Omdat geen korstje gevormd wordt, is het aangewezen de bovenkant te garneren met crème of glazuur (vb. chocolade); de nagerechten moeten bovendien na de bereiding afgedekt worden, omdat ze de neiging hebben sneller uit te drogen dan die gebakken in de gewone oven
Het fruit moet doorgeprikt worden indien gebakken in de schil, en moet afgedekt worden gehouden.
Het is belangrijk de rusttijd in acht te nemen (3 - 5 minuten).
Bereidingstijden voor zoete nagerechten en fruit
| Soort/hoeveelheid | Programmakeuzeknop | Timerknop (minuten) | Rusttijd (minuten) | Opmerkingen en raadgevingen |
| Hazelnoottaart (700 gr) | 15 - 18 | 5 | Kan worden opgediend met crème. | |
| Weense taart (850 gr) | “ | 17 - 22 | 5 | Tevullen met jam. |
| Ananastaart (800 gr) | “ | 15 - 20 | 5 | De schijfjes ananas kunnen op de bodem van de taartvorm worden gelegd, of in stukjes worden gesneden en door het deeg worden gemengd. |
| Appeltaart (1000 gr) | “ | 17 - 22 | 5 | De appelen worden als decoratie boven op de taart gelegd. |
| Koffietaart (750 gr) | “ | 15 - 18 | 5 | Heel lekker gevuld met crème. |
| Sabayon | 2 - 4 | 3 | Roer elke 30 seconden met een klopper. | |
| Gekookte peren (300 gr) | 4 - 6 | 3 | De peren worden in vieren gesneden. | |
| Gekookte appelen (300 gr) | “ | 5 - 7 | 3 | De appelen worden in schijfjes gesneden. |
| Egg custard (750 gr) | “ | 11 - 14 | 5 | Deze aanwijzingen zijn geschikt voor het uitvoeren van de Bereidingstests volgens de Norm 60705, par. 12.3.1. |
| Spunge cake (475 gr) | “ | 4 - 6 | 5 | Deze aanwijzingen zijn geschikt voor het uitvoeren van de Bereidingstests volgens de Norm 60705, par. 12.3.2. Meer informatie, ook inzake andere efficiëntietests volgens de Norm 60705, is in de tabel op pag. 2 te vinden. |
Deze functie is geschikt voor:
- De snelle bereiding van alle soorten rollades, gevogelte, vleesspiesjes, aardappelen.
• Gratineren van gerechten (vb. lasagne, gegratineerde groenten, maccheroni)
DE MAGNETRON MET DE FUNCTIE MAGNETRON + GRILL STARTEN

Doe het voedsel in serviesgoed dat geschikt is voor gebruik in de magnetron en plaats het in het midden van het draaiplateau.

Draai de programmakeuzeknop naar een van de 3 beschikbare standen (COMBI 1-2-3).


Stel de gewenste bereidingstijd in door de timerknop rechtsom te draaien.


Bij het verstrijken van de ingestelde tijd geeft een geluidssignaal aan dat de bereiding voltooid is.

Deze functie is ideaal voor alle gerechten die "gegratineerd" moeten worden of die een kleurtje moe- ten krijgen. Houd echter met het volgende rekening:
• Voeg geen sauzen toe (voeg alleen een half glas water toe om het vlees zacht te houden).
- Keer rollades en grote stukken vlees halverwege de bereidingstijd om.
- Als tijdens de bereiding het bovenoppervlak voldoende gegratineerd mocht blijken voordat de ingestelde tijd is verstreken, draai dan de programmakeuzeknop naar de stand ⚪, om de bereiding van het inwendige van het vlees met alleen microgolven te voltooien.
Open de deur van de magnetron om de toestand van het voedsel te controleren.
Het openen van de deur onderbreekt de werking van de magnetron en de grill.
Zodra de deur wordt gesloten, wordt de bereiding weer voortgezet.
- Bij gecombineerde bereiding met grill mag de magnetron nooit voorverwarmd worden en nooit zonder etenswaren werken.
Bereidingstijden
| Soort Hoeveelheid | Programmakeuzeknop | Timerknop (min.) | Opmerkingen | Rusttijd (min.) | |
| Lasagne | 1100 gr | COMBI 3 | 25 - 30 | Tijden verkregen met ongekookte pasta. Als de pasta is voor-gekookt, bereiden met de gecombineerde functie tot de gewenste gratinering (kleur) is bereikt. | 5 |
| Griesmeelnoedels | 600 gr | COMBI 1 | 20 - 25 | Laat ze niet te veel rijzen. | 5 |
| Gegratineer maccheroni | d1500 gr | COMBI 1 | 20 - 25 | De pasta moet van te voren gekookt worden. | 5 |
| B loemkoel met bechamelsaus | 1000 gr | COMBI 1 | 25 - 30 | Tijden verkregen met 500 gr. rauwe bloemkool. Als de bloemkool reeds gekookt is, bereiden met de gecombineerde functie tot de gewenste gratinering (kleur) is bereikt. | 5 |
| Gegratineer tomaten | d800 gr | COMBI 1 | 25 - 30 | Bij voorkeur moeten de tomaten dezelfde afmetingen bezitten. | 5 |
| Gevulde paprika's | 1400 gr | COMBI 3 | 25 - 30 | Kies bij voorkeur lage en brede paprika's. | 5 |
| Aubergines alla parmigiana | 1300 gr | COMBI 3 | 20 - 25 | De aubergines kunnen van te voren gebakken of gegrilleerd worden. | 5 |
| Gebakken aardappels | 750 gr | COMBI 2 | 40 - 45 | Roer 2 à 3 maal om. | 5 |
| Gegratineerde aardappels | 1100 gr | COMBI 3 | 30 - 35 | (*) | 5 |
| Rollades (varkens-, runder-) | 1000 gr | COMBI 2 | 65 - 75 | Laat er een beetje vet aan zitten opdat het niet uitdroogt.Draai na 35 à 40 minuten om. | 10 |
| Gehaktbrood (deze aanwijzingen hebben niet betrekking op de test 12.3.3. van de Norm 60705 waarvoor men naar de tabel op pag. 2 verwijst). | 800 gr | COMBI 3 | 30 - 35 | Meng 500 gr. rundergehakt met ei, ham, paneermeel enz. | 10 |
| Hele kip | 1200 gr | COMBI 2 | 65 - 75 | (**) | 10 |
| Vleesspiesjes | 600 gr | COMBI 2 | 35 - 40 | Draai halverwege de bereidingstijd om. | 10 |
| Lamsvlees | 1000 gr | COMBI 2 | 55 - 65 | Draai halverwege de bereidingstijd om. | " |
| Kalkoen (in stukken) | 1000 gr | COMBI 2 | 65 - 75 | Draai halverwege de bereidingstijd om. | " |
| Eend | 1500 gr | COMBI 2 | 75 - 85 | Draai halverwege de bereidingstijd om. | " |
(*) Deze aanwijzingen zijn geschikt voor het uitvoeren van de Bereidingstests volgens de Norm 60705, par. 12.3.4. Meer informatie, ook inzake andere efficiëntietests volgens de Norm 60705, is in de tabel op pag. 2 te vinden.
(**)Deze aanwijzingen zijn geschikt voor het uitvoeren van de bereidingstest volgens de Norm 60705, Par. 12.3.6. Meer informatie, ook inzake andere efficiëntietests volgens de Norm 60705, is in de tabel op pag. 2 te vinden.
Deze functie is geschikt voor:
- Elk type traditioneel grilleren, bijvoorbeeld: hamburgers, karbonades, knakworst, geroosterd brood, enz....pag. 110
DE MAGNETRON MET DE FUNCTIE "ALLEEN GRILL" STARTEN

Plaats het te grilleren voedsel op de hoge grill.

Draai de programmakeu- zeknop naar de stand


Stel de gewenste bereidingstijd in door de timerknop rechtsom te draaien.


Bij het verstrijken van de ingestelde tijd geeft een geluidssignaal aan dat de bereiding voltooid is. N.B. Het vlees moet halverwege de bereidingstijd omgedraaid worden

Met deze functie kunnen allerlei soorten smakelijke gegrilleerde gerechten bereid worden.
Alle gerechten moeten halverwege de bereidingstijd omgedraaid worden, aangezien de grillweerstand slechts het bovenste gedeelte van de magnetron bestraalt.
Let altijd op wanneer men de deur opent om de bereiding te controleren, en gebruik altijd ovenwanten.
De deur moet altijd gesloten worden nadat de bereiding is gecontroleerd.
Bereidingstijden
| Soort Hoeveelheid | Programmakeuzeknop | Timerknop (minuten) | Opmerkingen | |
| Kalfs- of varkenskarbonades | 2 | ▼▼▼ | 22 - 27 | Draai om na 16 min. |
| W or st j es | 3 | " | 28 - 32 | Moeten altijd doorgeprikt worden.Indien ze groot zijn, ze bij voorkeur overlangs door de helft snijden.Draai om na 15 min. |
| Hamburger | 3 | " | 28 - 32 | Draai om na 15 min. |
| Courgettes | 6 repen | " | 12 - 15 | Repen van 1 cm dik.Draai om na 8 min. |
| Geroosterd brood | 4 sneden | " | 7 - 8 | Snijd de randen recht af.Draai om na 4-5 min. |
Voordat men overgaat tot onderhoud of reiniging, altijd eerst de stekker uit het stopcontact halen en wachten tot het apparaat afgekoeld is.
Reiniging
Om uw apparaat in de beste toestand te houden, wordt geadviseerd om de deur, de binnenkant en de buitenkant regelmatig te reinigen met een vochtige doek en neutrale zeep of vloeibaar reinigingsmiddel. Houd ook het uitgangsdeksel van de microgolven (C) altijd schoon en vrij van vet of vetspetters. Gebruik geen schuurmiddelen, staalwol of scherpe metalen voorwerpen voor het schoonmaken van de buitenkant van de magnetron. Let bovendien op dat er geen water of vloeibaar afwasmiddel in de magnetron binnensijpelt via de sleuven voor lucht- en stoomafvoer die zich aan de bovenkant van het apparaat bevinden. Men raadt bovendien aan om geen alcohol, schuurmiddelen of schoonmaakmiddelen met ammoniak te gebruiken voor het schoonmaken van de binnenkant en buitenkant van de deur te gebruiken, om krassen en strepen te voorkomen. Om een perfecte sluiting te garanderen, dient de binnenkant van de deur altijd goed schoongehouden te worden, om te vermijden dat vuil en voedselresten tussen de deur en de voorkant van de magnetron blijven zitten. Gebruik geen stoomreinigers voor de inwendige reiniging van de magnetron.
Reinig regelmatig de luchtinvoeropeningen die zich aan de achterkant van de oven bevinden, opdat ze na verloop van tijd niet verstopt raken door stof of vuilafzetting.
Regelmatig moeten het draaiplateau (G) en de bijbehorende houder (H) verwijderd worden om ze schoon te maken, evenals de bodem van de magnetron. Was het draaiplateau en de bijbehorende houder in water met neutraal afwasmiddel (ze kunnen ook in de afwasmachine gewassen worden). Dompel het draaiplateau
niet onder in koud water nadat het gedurende langere tijd verwarmd is; de hoge thermische schok zou het breken ervan tot gevolg kunnen hebben. De motor van het draaiplateau is verzegeld. Let er echter bij het schoonmaken van de magnetronbodem op dat er geen water onder de pen van het draaiplateau (D) sijpelt.
Indien er iets niet blijkt te functioneren...
Indien er een defect optreedt, dient men zich tot een servicecentrum te wenden. In elk geval is het raadzaam, voordat u contact opneemt met onze technici, om de volgende eenvoudige controles uit te voeren:
| probleem oorzaak/remedie | |
| • Het apparaat werkt niet | • De deur is niet goed gesloten• De stekker zit niet goed in het stopcontact• Het stopcontact levert geen stroom (controleer de zekering in de woning)• De knoppen zijn niet correct ingesteld |
| • Condensvocht op het werkvlak en in de magnetron | • W anneer men etenswaren bereid die water bevatten, is het volkomen normaal dat de stoom die in de magnetron gevormd wordt, in de magnetron of op het werkvlak condenseert. |
| • V onken in de oven | • Zet de magnetron niet zonder etenswaren aan in de functie “alleen magnetron” en de gecombineerde functies.• Gebruik geen metalen recipienten en zakjes of verpakkingen met metalen nietjes bij de bereiding met de magnetron. |
| • Het voedsel wordt niet voldoende warm | • Kies de juiste bereidingswijze of verleng de bereidingstijd.• Het voedsel was vóór de bereiding niet helemaal ontdooid. |
| • Het voedsel brandt aan | • Gebruik de juiste bereidingswijze of verkort de bereidingstijd. |
| • Het voedsel wordt niet gelijkmatig gaar | • R oer het voedsel tijdens de bereiding om. Denk eraan dat het voedsel better gaar wordt indien het in stukken van gelijke afmetingen is gesneden.• Het draaiplateau is geblokkeerd. |
Als het magnetronlampje defect is, kunt u het apparaat zonder problemen blijven gebruiken.
Wendt u zich voor het vervangen van het lampje tot een erkend Servicecentrum.



