Pelgrim

KK 7174 - Koelkast Pelgrim - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis KK 7174 Pelgrim in PDF-formaat.

📄 262 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice Pelgrim KK 7174 - page 9
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over KK 7174 Pelgrim

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KK 7174 - Pelgrim en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KK 7174 van het merk Pelgrim.

GEBRUIKSAANWIJZING KK 7174 Pelgrim

FORD TRANSIT Instructieboekje

Pelgrim KK 7174 - FORD TRANSIT Instructieboekje - 1

De informatie in deze publicatie was correct ten tijde van het ter perse gaan. In het belang van de continue productontwikkeling behouden we ons het recht voor om specificaties, ontwerp en uitrusting op ieder moment zonder aankondiging of verplichting te wijzigen. Niets uit deze uitgave mag in enigerlei vorm en door enig middel gereproduceerd, verzonden of in een oproepsysteern opgeslagen of in een andere taal vertaald worden zonder onze schriftelijke toestemming. Fouten of omissies uitgesloten.

Alle rechten voorbehouden.

Onderdeelnummer: (CG3527nl) 09/2011 20110826123547

Inleiding

Over deze handleiding ....7

Overzicht van symbolen....7

Onderdelen en accessoires....7

Speciale notificaties ....7

In één oogopslag

In één oogopslag ....8

Bescherming van inzittenden

Werking....15

Veiligheidsgordels vastmaken....16

Hoogte van veiligheidsgordels afstellen....17

Gebruik van veiligheidsgordels tijdens zwangerschap....18

Passagiersairbag uitschakelen....18

Sleutels en afstandsbediening

Algemene informatie over radiofrequencies....20

Programmeren van de afstandsbediening....20

Sloten

Vergrendelen en ontgrendelen....21

Motorstartblokkering

Werking....26

Gecodeerde sleutels....26

Immobilisatiesysteem inschakelen......26

Immobilisatiesysteem uitschakelen.....26

Alarm

Werking....27

Alarm inschakelen....28

Alarm uitschakelen....28

Stuurwiel

Ruitenwissers en ruiten- sproeiers

Voorruitwissers....31

Automatisch in- en uitschakelende ruitenwissers....31

Voorruitsproeiers....32

Achterruitwissers en -sproeiers......32

Ruitenwisserbladen controleren......33

Ruitenwisserbladen vervangen......33

Verlichting

Verlichtingsbediening....35

Dagrijlicht....36

Automatisch in- en uitschakelende verlichting....36

Voorste mistlampen....36

Mistachterlichten....37

Koplamphoogte afstellen....37

Waarschuwingsknipperlichten....37

Richtingaanwijzers....37

Interieurverlichting....38

Tredeverlichting....39

Gloeilampen vervangen....39

Gloeilampentabel....48

Ruiten en spiegels

Achterste zijruiten....50

Instrumentenpaneel

Meters....51

Waarschuwings- en indicatielampen....53

Akoestische waarschuwingssignalen en -indicaties....57

Infodisplays

Algemene informatie....58

Infoberichten....60

Persoonlijke instellingen....63

Klimaatregeling

Werking....66

Ventilatieroosters....66

Handmatige klimaatregeling......67

Verwarmde ruiten en spiegels....69

Extra verwarming....69

Stoelen

De juiste zitpositie innemen....74

Voorstoelen....74

Achterbank....76

Hoofdsteunen....77

Verwarmde stoelen....78

Gemaksfuncties

Klok....79

Kaartjeshouders....79

Aansteker....79

Asbak....80

Extra voedingsaansluitingen ....80

Bekerhouders....80

Opbergruimtes....81

Flessenhouder....81

Vloermatten....82

Aansluiting Auxiliary ingang (AUX IN) 82

USB-poort....82

Motor starten en stoppen

Algemene informatie......83

Contactslot....83

Een benzinemotor starten....83

Een dieselmotor starten....84

Dieselroetfilter....85

Motor uitschakelen....85

Start/stop knop

Werking....86

Start/stop knop gebruiken....86

Brandstof en tanken

Veiligheidsmaatregelen....88

Brandstofkwaliteit - Benzine......88

Brandstofkwaliteit - Diesel....88

Katalysator....89

Tankklep....89

Tanken....90

Brandstofverbruik....90

Technische specificatie....90

Versnel- lingsbak/transmissie

Handgeschakelde versnellingsbak......95

Aandrijving op alle wielen....95

Remmen

Werking....96

Tips voor rijden met ABS 96

Parkeerrem....96

Stabiliteitsregeling

Werking....97

Gebruik maken van stabiliteitsregeling....97

Aandrijfregeling

Werking....99

Gebruik maken van aandrijfregeling.....99

Regeling voor bergop rijden

Werking....100

Regeling voor bergop rijden gebruiken....100

Parkeerhulp

Werking....102

Gebruik maken van de parkeerhulp.....102

Achteruitkijkcamera

Werking....104

Achteruitkijkcamera gebruiken......104

Snelheidsregeling (Cruise Control)

Werking....108

Gebruik maken van snelheidsregeling....108

Automatische snelheidsbegrenzer (ASL)

Werking....110

Transport

Algemene informatie....111

Bevestigingspunten voor lading......111

Dakrekken en bagagedragers....113

Aanhangers trekken

Trekken van een aanhanger......114

Tips voor het rijden

Inrijden....115

Gereduceerd motorvermogen......115

Voorzorgsmaatregelen voor koude weersomstandigheden....115

Wat te doen bij pech

Eerstehulpset....116

Gevarendriehoek....116

Nooduitgang....116

Staat na een aanrijding

Onderbrekingsschakelaar brandstoftoevoer....117

Zekeringen

Plaatsen zekeringenhouders......118

Een zekering vervangen....120

Specificatie-overzicht zekeringen......120

Bergen van de auto

Sleeppunten....129

Auto op vier wielen slepen....129

Auto op vier wielen slepen - AWD......130

Onderhoud

Algemene informatie....131

De motorkap openen en sluiten......132

Overzicht motorruimte - 2,3 l Duratec-HE (MI4)....133

Overzicht motorruimte - 2,2 l Duratorq-TDCi (Puma) diesel .....134

Overzicht motorruimte - 2,2 l Duratorq-TDCi (Puma) diesel /2,4 l Duratorq-TDCi (Puma) diesel /3.2 l Duratorq-TDCi (Puma) diesel......135

Oliepeilstaaf - 2,3 l Duratec-HE (MI4)....136

Oliepeilstaaf - 2,2 l Duratorq-TDCi (Puma) diesel ....136

Oliepeilstaaf - 2,4 l Duratorq-TDCi (Puma) diesel /3.2 l Duratorq-TDCi (Puma) diesel....137

Motorolie controleren....137

Motorkoelvloeistof controleren......137

Controle vloeistofpeil koppeling en remsysteem....138

Stuurbekrachtigingsvloeistof controleren....139

Ruitensproeiervloeistof controleren.....140

Technische specificatie....140

Verzorging van de auto

Reinigen van buitenzijde auto....144

Reinigen van binnenzijde auto....145

Kleine lakschade repareren....145

Accu van de auto

Starten met hulpstartkabels ....146

Onderhoud van de accu....147

Accu vervangen....147

Aansluitpunten van de accu ....147

Veiligheidsuitrusting voor kinderen

Kinderzitjes....149

Plaatsing van kinderzitjes....150

Stoelverhogers ....152

ISOFIX verankeringspunten....153

Kindersloten....153

Velgen en banden

Algemene informatie....155

Een wiel vervangen....155

Bandenreparatieset....162

Verzorging van banden....166

Gebruik van winterbanden....166

Gebruik van sneeuwkettingen......166

Technische specificatie....167

Voertuigidentificatie

Voertuigidentificatieplaatje....176

Voertuigidentificatienummer....176

Inhouden en specificaties

Technische specificatie....177

Inleiding audio-installatie

Belangrijke audio-informatie......185

Overzicht audio-installatie

Overzicht audio-installatie....186

Beveiliging van uw audio- installatie

Beveiligingscode....190

Beveiligingscode vergeten....190

Beveiligingscode invoeren....190

Onjuiste beveiligingscode....190

Audiodisplays met tijd- en datumaanduiding

Tijd en datum van de audio-installatie instellen....191

Werking van de audio- installatie

Aan/uit toets....193

Bass/treble (lage/hoge tonen) regeling....193

Balance/fade (balans links/rechts, voor/achter) regeling....193

Bediening van de audio-installatie......194

Voorkeuzetoetsen....195

Golfband toets....196

Autostore toets....196

Regeling functie verkeersinformatie.....196

Station afstemtoetsen....198

Reductie geluidsvervorming (CLIP).....200

Alternatieve frequenties....201

Regionale modus (REG)......202

Nieuwsberichten....202

CD-speler

CD's aanbrengen....204

Versneld vooruit/achteruit....205

Shuffle/random (door elkaar/willekeurig)....206

CD-nummers comprimeren....206

CD-nummers scannen....207

CD's uitwerpen....207

CD-nummers herhalen....207

MP3-bestand afspelen....208

MP3 weergave-opties....208

Afspelen CD beeindigen....208

Meerdere CD's uitwerpen....209

Ingangsaansluiting (AUX IN)

Ingangsaansluiting (AUX IN)......210

Storingen verhelpen audio-installatie

Storingen verhelpen audio-installatie....211

Telefoon

Algemene informatie....213

Setup telefoon....213

Setup Bluetooth....214

Bedieningselementen telefoon......215

Gebruik maken van de telefoon - Auto's zonder Navigatiesysteem ....215

Gebruik maken van de telefoon - Auto's met Navigatiesysteem ....218

Spraaksturing

Werking....221

Spraakgestuurd regelsysteem gebruiken....221

Algemene informatie......237

Extern apparaat aansluiten ....238

Extern apparaat aansluiten - Auto's met Bluetooth....239

USB-apparaat gebruiken ....239

iPod gebruiken 242

Bijlagen

Typegoedkeuringen....246

Elektromagnetische compatibiliteit.....246

OVER DEZE HANDLEIDING

Hartelijk dank voor het kiezen van een Ford. We adviseren u, enige tijd te nemen om met uw auto kennis te maken door deze handleiding te lezen. Hoe meer u van uw auto afweet, des te beter kunt u ermee omgaan en dat komt de veiligheid en het rijplezier ten goede.

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Rijd altijd voorzichtig en oplettend wanneer u de bedieningselementen en functies van uw auto bedient.

N.B.: Deze handleiding beschrijft productkenmerken en opties die voor het programma leverbaar zijn, soms nog voordat deze algemeen verkrijgbaar zijn. Soms worden opties beschreven waarmee uw auto niet is uitgerust.

N.B.: Sommige van de afbeeldingen in deze handleiding worden voor verschillende modellen gebruikt, waardoor ze er anders kunnen uitzien dan in uw auto. De essentiële informatie in de afbeeldingen is echter altijd correct.

N.B.: Gebruik uw auto altijd volgens de geldende regels en wetgeving.

N.B.: Deze handleiding dient bij de auto te blijven wanneer deze wordt verkocht. Het instructieboekje is een onderdeel van de auto.

OVERZICHT VAN SYMBOLEN

Symbolen in dit instructieboekje

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

U riskeert de dood of ernstige verwonding van uzelf en anderen wanneer u niet de instructies opvolgt op u door dit waarschuwingssymboolt geattendeerd.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

U riskeert beschadiging van uw auto wanneer u niet de instructies opvolgt waarop u door dit

waarschuwingssymbool wordt geattendeerd.

Symbolen op uw auto

Pelgrim KK 7174 - Symbolen op uw auto - 1

Pelgrim KK 7174 - Symbolen op uw auto - 2

Wanneer u deze symbolen ziet, lees dan eerst de betreffende instructies in dit instructieboekje en volg deze op voordat u iets aanraakt of probeert af te stellen.

ONDERDELEN EN ACCESSOIRES

Originele Ford onderdelen en accessoires zijn speciaal voor uw auto ontwikkeld. Wij wijzen erop dat niet-originele Ford onderdelen en accessoires niet door Ford zijn onderzocht en goedgekeurd tenzij expliciet door Ford is aangegeven. Wij kunnen niet instaan voor de geschiktheid van dergelijke producten. Wij raden u aan uw Ford dealer te vragen of onderdelen en accessoires geschikt zijn voor uw auto.

SPECIALE NOTIFICATIES

Zie voor conversies of aanpassingen van uw Transit vanaf de productspecificatie het handboek voor de bevestiging van carrosserie-uitrusting (BEMM, Body and Equipment Mounting Manual) op www.etis.ford.com/fordservice.

In één oogopslag

Overzicht instrumentepaneel - wagens met links stuur
Pelgrim KK 7174 - In één oogopslag - 1

Overzicht instrumentepaneel - wagens met rechts stuur
Pelgrim KK 7174 - In één oogopslag - 2

A Schakelaar elektrisch bedienbare buitenspiegel. Zie Elektrisch verstelbare buitenspiegels (bladzijde 49).

B Lichtschakelaar. Zie Verlichtingsbediening (bladzijde 35).

C Multifunctionele hendel. Zie Richtingaanwijzers (bladzijde 37). Zie Verlichtingsbediening (bladzijde 35).

D Instrumentengroep. Zie Meters (bladzijde 51).

E Informatiedisplay. Zie Meters (bladzijde 51).

F ECO-schakelaar. Zie Start/stop knop (bladzijde 86). Zie Automatische snelheidsbegrenzer (ASL) (bladzijde 110).

G Schakelaar waarschuwingsknipperlichten. Zie Waarschuwingsknipperlichten (bladzijde 37).

H Schakelaar voorruitverwarming. Zie Verwarmde ruiten en spiegels (bladzijde 69).

I Schakelaar achterruitverwarming. Schakelaar verwarmbare buitenspiegels Zie Verwarmde ruiten en spiegels (bladzijde 69).

J Blad met bekerhouders. Zie Bekerhouders (bladzijde 80).

In één oogopslag

Audio-installatie. Zie afzonderlijke handleiding.K

L Luchtroosters. Zie Ventilatieroosters (bladzijde 66).

Aansteker. Zie Aansteker (bladzijde 79).M

N Bediening temperatuurregelsysteem. Zie Klimaatregeling (bladzijde 66).

O Schakelhendel. Zie Handgeschakelde versnellingsbak (bladzijde 95).

P Controlelamp airbag aan passagierszijde uitgeschakeld. Zie Passagiersairbag uitschakelen (bladzijde 18).

Q Schakelaar AWD (All Wheel Drive). Zie Aandrijving op alle wielen (bladzijde 95). Schakelaar elektronische stabiliteitsregeling (ESP). Zie Stabiliteitsregeling (bladzijde 97).

R Ruitenwisserschakelaar. Zie Ruitenwissers en ruitensproeiers (bladzijde 31).

Contactslot.S

Claxon.T

U Regelknop hoogteverstelling koplamplichtbundels. Zie Koplamphoogte afstellen (bladzijde 37).

Bekerhouder. Zie Bekerhouders (bladzijde 80).V

In één oogopslag

Informatiedisplays
Pelgrim KK 7174 - In één oogopslag - 1

flowchart
graph TD
    A["15:04\n15.0°C"] --> B["ACTIERAD. TOT\n: 200 km"]
    B --> C["BRANDST.VERBR.\n8.0 l/100"]
    C --> D["GEM. SNELHEID\n87 km/h"]
    D --> E["BUITENTEMP:\nTEMP 15.0 °C"]
    E --> F["PERS. INSTELL.\n▶---- SET/RESET"]

Pelgrim KK 7174 - In één oogopslag - 2

text_image SET RESET MENU E73265

Scroll met de draaiknop door het menu.

Pelgrim KK 7174 - In één oogopslag - 3

text_image SET RESET MENU

E73266

Druk de SET en RESET toets in om een submenu of het item dat u wilt instellen te selecteren.

Zie Infodisplays (bladzijde 58).

Waarschuwings- en controlelampen

Pelgrim KK 7174 - Waarschuwings- en controlelampen - 1

Controlelamp remblokslijtage

Pelgrim KK 7174 - Waarschuwings- en controlelampen - 2

Controlelamp remsysteem

Pelgrim KK 7174 - Waarschuwings- en controlelampen - 3

Controlelamp automatische snelheidsregeling

Pelgrim KK 7174 - Waarschuwings- en controlelampen - 4

Controlelamp hellingstart

Pelgrim KK 7174 - Waarschuwings- en controlelampen - 5

Controlelamp berichten

Pelgrim KK 7174 - Waarschuwings- en controlelampen - 6

Controlelamp stabiliteitsregelsysteem (ESP) en aandrijfregelsysteem

Pelgrim KK 7174 - Waarschuwings- en controlelampen - 7

Controlelamp onderhoudsintervallen (alleen uitvoeringen met dieselmotor)

Pelgrim KK 7174 - Waarschuwings- en controlelampen - 8

Controlelamp schakeling

In één oogopslag

Pelgrim KK 7174 - In één oogopslag - 1

Controlelamp water-in-brandstof (uitvoeringen met dieselmotor)

Zie Waarschuwings- en indicatielampen (bladzijde 53).

Vergrendelen en ontgrendelen Achterdeuren
Pelgrim KK 7174 - In één oogopslag - 2

text_image B A C E71287

Wit zichtbaar, deur vergrendeldC

Schuifdeur
Pelgrim KK 7174 - In één oogopslag - 3

text_image C A D B C E71289

Bestelwagen en KombiA

B Bus

VergrendelenC

OntgrendelenD

Dubbele achterdeuren
Pelgrim KK 7174 - In één oogopslag - 4

text_image B A E71290

BuitenzijdeA

BinnenzijdeB

In één oogopslag

Achterklep
Pelgrim KK 7174 - In één oogopslag - 1

text_image Ford A B E71292

BuitenzijdeA

BinnenzijdeB

Werking van het vergrendelingssysteem

Het vergrendelingssysteem van uw auto kan zijn geprogrammeerd in een van de drie primaire vergrendelingscombinaties.

Zie Vergrendelen en ontgrendelen (bladzijde 21).

Extra voedingsaansluitingen

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Indien gebruikt terwijl de motor niet draait, wordt hierdoor de accu ontladen. Hierdoor kan er onvoldoende vermogen overblijven om de motor te starten.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 2

Zie Extra voedingsaansluitingen (bladzijde 80).

Stationair toerental na het starten

Wanneer de motor koud is, kan het stationaire toerental direct na het aanslaan hoger zijn.

Zie Motor starten en stoppen (bladzijde 83).

Handgeschakelde versnellingsbak De achteruit inschakelen

Pelgrim KK 7174 - Handgeschakelde versnellingsbak De achteruit inschakelen - 1

Bij sommige auto's moet de kraag omhoog worden gebracht tijdens inschakelen van de achteruit.

In één oogopslag

Zie Handgeschakelde versnellingsbak (bladzijde 95).

Roetfilter (DPF) dieselmotor

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Laat de motor niet stationair draaien of parkeer de wagen niet op droge bladeren, droog gras of ander

brandbaar materiaal. Het

DPF-regeneratieproces werkt met bijzonder hoge uitlaatgastemperaturen en na het afzetten van de motor en tijdens en na DPF-regeneratie blijft de uitlaat een aanzienlijke hoeveelheid hitte uitstralen.

Dit is een potentieel gevaar van brand.

Zie Dieselroetfilter (bladzijde 85).

WERKING

Airbags

WAARSCHUWINGEN

Wijzig de voorzijde van de wagen op geen enkele wijze. Dit zou nadelige gevolgen voor het ontvouwen van de airbags kunnen hebben.

Oorspronkelijke tekst volgens ECE R94.01: Extreme Hazard! Do not use a rearward facing child restraint on a seat protected by an air bag in front of it!

Draag een veiligheidsgordel en houd voldoende afstand tussen uzelf en het stuurwiel. Alleen wanneer de veiligheidsgordel correct wordt gedragen, kan deze u in een zodanige positie houden dat de airbag optimaal effect kan bewerkstelligen. Zie De juiste zitpositie innemen (bladzijde 74).

Laat reparaties aan het stuurwiel, de stuurkolom, stoelen, airbags en veiligheidsgordel uitvoeren door goed getrainde monteurs.

Houd de gebieden voor de airbags vrij. Breng niets aan op of over de panelen van de airbags.

Steek geen scherpe voorwerpen in gebieden waar airbags zijn gemonteerd. Dit zou de airbags kunnen beschadigen en nadelige gevolgen kunnen hebben voor het ontvouwen.

Gebruik stoelhoezen die zijn ontworpen voor stoelen met zij-airbags. Laat deze aanbrengen door goed getrainde monteurs.

N.B.: Het opblazen van een airbag gaat gepaard met een luide knal en u ziet een onschadelijke, poederachtige stofwolk. Dit is normaal.

N.B.: De front-airbag aan passagierszijde biedt bescherming voor een dubbele voorstoel.

N.B.: Veeg de panelen van de airbags alleen met een vochtige doek schoon.

Front-airbags aan bestuurders- en passagierszijde

Pelgrim KK 7174 - Front-airbags aan bestuurders- en passagierszijde - 1

De front-airbags treden in werking bij zware frontale aanrijdingen of bij aanrijdingen binnen een hoek van maximaal 30 graden van links of van rechts. De airbags worden in enkele milliseconden opgeblazen en stromen weer leeg zodra zij in contact komen met de lichamen van de inzittenden, waardoor de voorwaartse beweging wordt opgevangen. Bij lichte aanrijdingen, het over de kop slaan van de auto of bij aanrijdingen van opzij of van achteren worden de front-airbags niet geactiveerd.

Zij-airbags
Pelgrim KK 7174 - Front-airbags aan bestuurders- en passagierszijde - 2

De zij-airbags bevinden zich in de zijkant van de rugleuningen van de voorstoelen. Een label op de rugleuning geeft aan dat uw auto is uitgerust met zij-airbags.

De zij-airbags worden geactiveerd bij zware zijdelingse aanrijdingen. Alleen de airbag aan de zijde van de aanrijding wordt geactiveerd. De airbags worden in enkele milliseconden opgeblazen en stromen weer leeg zodra zij in contact komen met de lichamen van de inzittenden, waardoor zij bescherming bieden aan de omgeving van het hoofd en de ribben. Bij lichte zijdelingse aanrijdingen, het over de kop slaan van de auto of bij aanrijdingen van voren of achteren worden de zij-airbags niet geactiveerd.

Veiligheidsgordels

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Draag een veiligheidsgordel en houd voldoende afstand tussen uzelf en het stuurwiel. Alleen wanneer u de veiligheidsgordel op de juiste wijze draagt, kan deze u op uw plaats houden en zijn maximale bescherming bieden. Zie De juiste zitpositie innemen (bladzijde 74).

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Gebruik de veiligheidsgordel voor één persoon.

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Gebruik voor iedere stoel het juiste gordelslot.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Zorg ervoor dat de veiligheidsgordel niet slap of gedraaid zit.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 3

Draag geen dikke kleding. De veiligheidsgordels bieden optimaal bescherming wanneer ze sluitend worden gedragen.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 4

Leg de schoudergordel over het midden van de schouder en leg de heupgordel strak over uw heupen.

De gordelspanners hebben een lagere activeringsdrempel dan de airbags. Bij lichte aanrijdingen is het mogelijk dat alleen de gordelspanner in werking treedt.

Status na aanrijding

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Veiligheidsgordels die zijn belast ten gevolge van een aanrijding moeten worden vervangen en de verankeringen worden gecontroleerd. Deze werkzaamheden moeten door een correct hiertoe opgeleide monteur worden uitgevoerd.

VEILIGHEIDSGORDELS VASTMAKEN

Pelgrim KK 7174 - VEILIGHEIDSGORDELS VASTMAKEN - 1

Steek de slottong in het gordelslot tot een zachte klik hoorbaar is. U hebt de veiligheidsgordel niet correct stigd wanneer u geen klik hoort.

Trek de veiligheidsgordel gelijkmatig uit. Deze kan blokkeren wanneer u hem te snel uittrekt of wanneer de auto op een helling staat.

Druk de rode toets op het gordelslot in om de veiligheidsgordel los te maken. Let de gordel volledig en rustig oprollen.

HOOGTE VAN VEILIGHEIDSGORDELS AFSTELLEN

Veiligheidsgordel, voor

Pelgrim KK 7174 - HOOGTE VAN VEILIGHEIDSGORDELS AFSTELLEN - 1

Veiligheidsgordel, achter

Pelgrim KK 7174 - HOOGTE VAN VEILIGHEIDSGORDELS AFSTELLEN - 2

Zorg ervoor dat de veiligheidsgordel soepel door de geleider glijdt.

GEBRUIK VAN VEILIGHEIDSGORDELS TIJDENS ZWANGERSCHAP
Pelgrim KK 7174 - HOOGTE VAN VEILIGHEIDSGORDELS AFSTELLEN - 3

Breng de veiligheidsgordel voor uw eigen veiligheid, maar ook voor dat van uw ongeboren kind op correcte wijze aan. Draag niet alleen de heupgordel of de schoudergordel.

De heupgordel moet comfortabel over de heupen liggen aan de onderzijde van uw zwangere buik. Leg de schoudergordel tussen uw borsten, boven en aan de zijkant van uw zwangere buik.

PASSAGIERSAIRBAG UITSCHAKELEN

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Om het risico van fataal letsel of ernstige verwonding te vermijden, mag NOOIT een kinderzitje achterwaarts op een voorstoel worden geplaatst, tenzij de airbag is UITGESCHAKELD.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 2

text_image AIRBAG OFF ON 2USA-14B972-AA

E71313

De sleutelschakelaar en de controlelamp 'airbag uitgeschakeld' zijn aangebracht in het instrumentenpaneel.

Wanneer de controlelamp 'airbag uitgeschakeld' op het instrumentenpaneel met onderbrekingen brandt, dan is er sprake van een storing. Neem het kinderveiligheidszitje van de voorstoel. Laat het systeem voor uw eigen veiligheid door een geschoolde monteur controleren. Zie Waarschuwings- en indicatielampen (bladzijde 53).

Airbag aan passagierszijde uitschakelen

Pelgrim KK 7174 - Airbag aan passagierszijde uitschakelen - 1

text_image PASS AIRBAG OFF ON A B

E71312

Wanneer een kinderzitje op de voorstoel wordt geplaatst, let er dan op dat de sleutelschakelaar in de stand A staat.

Controleer bij het aanzetten van het contact, of de controlelamp airbag aan passagierszijde uitgeschakeld brandt. Zie In één oogopslag (bladzijde 8).

Airbag aan passagierszijde inschakelen

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Controleer of de airbag is INGESCHAKELD om ervoor te zorgen dat het veiligheidssysteem

voor volwassenen correct werkt.

Draai, nadat u het kinderzitje van de voorstoel hebt verwijderd, de sleutelschakelaar weer in de stand B.

ALGEMENE INFORMATIE OVER RADIOFREQUENTIES

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

De radiofrequentie van de afstandsbediening kan ook worden gebruikt door andere zenders met een bereik (bijvoorbeeld zendamateurs, lische apparatuur, draadloze fdtelefoons, afstandsbedieningen en msystemen). Wanneer de frequenties den gestoord, kunt u geen gebruik meer en van uw afstandsbediening. De jieren kunt u met de sleutel rendelen en ontgrendelen.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 2

Controleer of uw auto vergrendeld is voordat u deze onbeheerd achterlaat. Hierdoor worden eventuele uentieblokkeringen voorkomen.

N.B.: U kunt de portieren ontgrendelen wanneer u de toetsen op de afstandsbediening per ongeluk indrukt.

Het bereik tussen uw afstandsbediening en uw auto is afhankelijk van de omgeving.

PROGRAMMEREN VAN DE AFSTANDSBEDIENING

U kunt maximaal acht afstandsbedieningen voor uw auto programmeren (inclusief die met uw auto werd meegeleverd). Vraag uw dealer om instructies.

VERGRENDELEN EN ONTGRENDELEN

Dubbele vergrendeling

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Schakel de dubbele vergrendeling niet in wanneer zich personen of dieren in de wagen bevinden.

Wanneer de dubbele vergrendeling is ingeschakeld kunnen de portieren niet van binnenuit worden ontgrendeld.

Dubbele vergrendeling is een voorziening tegen diefstal die voorkomt dat personen de portieren van binnenuit kunnen ontgrendelen. Alleen wanneer alle portieren zijn gesloten kunnen deze dubbel worden vergrendeld. Wanneer u probeert de dubbele vergrendeling in te schakelen terwijl er nog een portier openstaat, klinkt er een kort claxonsignaal en vergrendelen en ontgrendelen de portiersloten eenmaal. De portiersloten keren in hun oorspronkelijke stand terug.

Wanneer u de portieren met succes dubbel hebt vergrendeld, knipperen de richtingaanwijzers tweemaal. Wanneer de waarschuwingsknipperlichten zijn ingeschakeld, knipperen de richtingaanwijzers tweemaal lang.

Portieren met de sleutel vergrendelen en ontgrendelen
Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 2

flowchart
graph TD
    A["Component A"] -->|Arrow to| V["Vehicle"]
    B["Component B"] -->|Arrow to| V
    C["Component A"] -->|Arrow to| V
    D["Component B"] -->|Arrow to| V

E71294

OntgrendelenA

VergrendelenB

Portieren met de sleutel dubbel vergrendelen

Draai de sleutel in de ontgrendelstand en vervolgens in de vergrendelstand om de portieren dubbel te vergrendelen.

Portieren met de afstandsbediening vergrendelen en ontgrendelen
Pelgrim KK 7174 - Portieren met de sleutel dubbel vergrendelen - 1

text_image A B C E71293

VergrendelenA

OntgrendelenB

Laadruimte ontgrendelenC

Druk de betreffende toets eenmaal in.

Portieren met de afstandsbediening dubbel vergrendelen

Druk de vergrendeltoets tweemaal in.

Portieren met de hendels vergrendelen en ontgrendelen

Voorportieren
Pelgrim KK 7174 - Portieren met de hendels vergrendelen en ontgrendelen - 1

text_image E71286 A 1LOCK C B Wit merktekenA VergrendelenB OntgrendelenC

Wanneer u het witte merkteken ziet, is het portier vergrendeld.

Achterdeuren
Pelgrim KK 7174 - Portieren met de hendels vergrendelen en ontgrendelen - 2

text_image B A C E71287

Wanneer u het witte merkteken ziet, is het portier vergrendeld.

Schuifdeur
Pelgrim KK 7174 - Portieren met de hendels vergrendelen en ontgrendelen - 3

text_image C A D B C

Bestelwagen en KombiA

B Bus

VergrendelenC

OntgrendelenD

Dubbele achterdeuren
Pelgrim KK 7174 - Portieren met de hendels vergrendelen en ontgrendelen - 4

text_image B A

E71290

BuitenzijdeA

BinnenzijdeB

Pelgrim KK 7174 - Portieren met de hendels vergrendelen en ontgrendelen - 5

De ontgrendelknop is via de opening aan de onderzijde van de achterklep bereikbaar.

Slagvergrendeling

N.B.: Laat uw sleutels niet in de wagen liggen.

N.B.: U hoort een kort claxonsignaal wanneer u probeert de deuren te vergrendelen terwijl er nog een deur is geopend.

Met behulp van slagvergrendeling kan een portier worden gesloten met de sleutel of de afstandsbediening bij een geopend portier. Het portier wordt vergrendeld als deze wordt gesloten.

Uw voertuig heeft de mogelijkheid om de portieren automatisch te vergrendelen wanneer uw snelheid hoger is dan 8 km/h. Uw dealer kan deze functie indien nodig in- of uitschakelen. Als deze functie wordt ingeschakeld, dient u voor het ontgrendelen van de achterdeuren of zijlaaddeuren het contact uit te schakelen en de sleutel of afstandsbediening te gebruiken.

Automatisch opnieuw vergrendelen

De portieren worden automatisch opnieuw vergrendeld wanneer u niet binnen 45 seconden na het ontgrendelen met de afstandsbediening een portier opent. De portieren worden vergrendeld en de alarminstallatie keert terug in de vorige stand.

Een fase ontgrendeling

N.B.: De richtingaanwijzers knipperen eenmaal wanneer u de deuren ontgrendelt.

Indien ingeschakeld, zijn de volgende voorzieningen beschikbaar:

U ontgrendelt alle deuren wanneer u:

  • de hendel aan de binnenzijde uittrekt (behalve wanneer u de deuren dubbel hebt vergrendeld)
  • of de sleutel in een van de deuren draait.
  • Druk eenmaal op de ontgrendeltoets op de afstandsbediening.
  • Druk de ontgrendeltoets voor de laadruimte op de afstandsbediening eenmaal in (Chassis Cabine).

Wanneer u de achterdeuren of de achterklep en de schuifdeur wilt ontgrendelen, druk dan de ontgrendeltoets van de laadruimte eenmaal in.

Twee fasen ontgrendeling

N.B.: De richtingaanwijzers knipperen eenmaal wanneer u de deuren ontgrendelt.

U ontgrendelt de voorportieren wanneer u:

  • de hendel aan de binnenzijde uittrekt (behalve wanneer u de deuren dubbel hebt vergrendeld)
  • of de sleutel in een van de deuren draait.
  • Druk eenmaal de ontgrendeltoets op de afstandsbediening in (Bestelwagen, Bus en Kombi).

U ontgrendelt het bestuurdersportier wanneer u:

- de ontgrendeltoets op de afstandsbediening eenmaal indrukt (Chassis Cabine).

De voorportieren, achterdeuren en de laadruimte worden ontgrendeld als u:

  • de sleutel in één van beide voorportieren tweemaal binnen drie seconden draait.
  • Druk de ontgrendeltoets op de afstandsbediening tweemaal binnen drie seconden in.

Wanneer u bij een bestelwagen de achterdeuren of de achterklep en de schuifdeur wilt ontgrendelen, druk dan de ontgrendeltoets van de laadruimte eenmaal in.

Wanneer u bij wagens met Chassis-cabine het passagiersportier wilt ontgrendelen, druk dan de ontgrendeltoets van de laadruimte eenmaal in.

Zone opnieuw vergrendelen

De sloten van de Bestelwagen, Bus en Kombi zijn onderverdeeld in twee zones, die van de cabine en van de laadruimte. De Chassis-cabine heeft slechts één zone: die van de cabine.

  • Verlaat de wagen en druk op de vergrendeltoets.
  • Druk eenmaal op de ontgrendeltoets of de ontgrendeltoets van de laadruimte om de betreffende zone te ontgrendelen.

Wanneer u nu een deur in de ontgrendelde zone opent, blijven de andere deuren in die zone automatisch vergrendeld.

Programmeerbaar ontgrendelingssysteem

Het programmeerbare ontgrendelingssysteem wordt bij het afleveringsklaarmaken geprogrammeerd. U kunt kiezen welke deuren worden ontgrendeld wanneer u de ontgrendeltoets en de ontgrendeltoets van de laadruimte op de afstandsbediening eenmaal of tweemaal indrukt. Wanneer u deze voorziening hebt gedeactiveerd, kan deze niet meer worden geactiveerd. Raadpleeg uw dealer voor meer informatie.

WERKING

Het immobilisatiesysteem is een diefstalbeveiligingssysteem dat voorkomt dat iemand de motor van uw auto met een onjuist gecodeerde sleutel kan starten.

GECODEERDE SLEUTELS

N.B.: Dek uw sleutels niet met metalen voorwerpen af. Hierdoor kan de ontvanger uw sleutel niet herkennen als geldige sleutel.

N.B.: Wanneer u een sleutel bent verloren, laat dan de code bij al uw overige sleutels wissen. Raadpleeg uw dealer voor meer informatie. Laat de vervangingssleutels samen met uw overige sleutels opnieuw coderen.

Wanneer u een sleutel verliest, kunt u bij uw Ford dealer een vervangingssleutel verkrijgen. Geef, indien mogelijk, uw dealer het sleutelnummer door, dat op het plaatje staat dat met de originele sleutels is geleverd. U kunt ook extra sleutels bij uw Ford dealer verkrijgen.

IMMOBILISATIESYSTEEM INSCHAKELEN

Korte tijd nadat u het contact hebt afgezet wordt het immobilisatiesysteem automatisch ingeschakeld.

De controlelamp in de instrumentengroep knippert ter bevestiging dat het systeem is ingeschakeld.

IMMOBILISATIESYSTEEM UITSCHAKELEN

Het immobilisatiesysteem wordt automatisch uitgeschakeld bij het met een correct gecodeerde sleutel aanzetten van het contact.

De controlelamp in de instrumentengroep brandt ongeveer drie seconden en gaat vervolgens uit. Wanneer de controlelamp langer dan een minuut blijft branden of knipperen en vervolgens met onregelmatige intervallen gaat branden, dan is uw sleutel niet herkend. Neem de sleutel uit het slot en probeer het nogmaals.

Wanneer u de motor met een correct gecodeerde sleutel niet kunt starten, duidt dit op een storing. Laat het immobilisatiesysteem onmiddellijk controleren.

WERKING

Alle uitvoeringen

Wanneer het alarm is geactiveerd, klinkt de alarmclaxon 30 seconden en knipperen de waarschuwingsknipperlichten vijf minuten. Wanneer de oorzaak van het activeren van het alarm niet wordt opgeheven, keert de alarminstallatie in zijn vorige status. Wanneer de oorzaak niet wordt opgeheven, klinkt de alarmclaxon opnieuw.

Wagens met een perimeter alarm

Het perimeter alarm is een afschrikmiddel voor personen die ongeoorloofd de portieren en de motorkap proberen te openen. Het beschermt ook de audio-installatie en de aanhanger (indien een Ford trekhaak is gemonteerd). U kunt de alarminstallatie volledig of gedeeltelijk inschakelen. De aanhangerdetectie wordt uitgeschakeld wanneer u het alarm gedeeltelijk inschakelt.

Het perimeter alarm wordt geactiveerd wanneer iemand:

  • een portier opent
  • de motorkap opent
    •probeert de motor te starten met een onjuist gecodeerde sleutel
  • de audio-installatie verwijdert
  • de stekker van de aanhanger loskoppelt (wanneer deze was aangesloten toen de alarminstallatie werd ingeschakeld).

Uitvoeringen met een categorie 1 alarminstallatie

Pelgrim KK 7174 - Uitvoeringen met een categorie 1 alarminstallatie - 1

N.B.: Een vals alarm kan ook veroorzaakt worden door de hulpverwarming. Zie Extra verwarming (bladzijde 69). Als u de hulpverwarming gebruikt, richt de luchtstroom dan op de beenruimte.

De categorie 1 alarminstallatie is een uitbreiding op het perimeter alarm. Ultrasonische detectie van bewegingen in het interieur beveiligen uw wagen tegen het ongeoorloofd binnengaan van het passagierscompartiment en de laadruimte. U kunt de alarminstallatie geheel of gedeeltelijk inschakelen. De aanhangerdetectie en de beveiliging van het interieur worden uitgeschakeld wanneer u het alarm gedeeltelijk inschakelt. De beveiliging van het interieur wordt niet geactiveerd wanneer u de alarminstallatie bij geopend portier inschakelt.

De categorie 1 alarminstallatie werkt alleen correct wanneer alle ruiten volledig zijn gesloten. Plaats geen voorwerpen vóór de bewegingssensoren.

De categorie 1 alarminstallatie wordt geactiveerd wanneer:

  • beweging wordt geregistreerd in het passagierscompartiment of de laadruimte
  • iemand tracht de laadruimte binnen te gaan via de achterdeur of de ruit in de achterklep.

ALARM INSCHAKELEN

Perimeter alarminstallatie

Twintig seconden nadat u de deuren hebt vergrendeld schakelt de alarminstallatie in. Tijdens deze vertraging kunt u de deuren of de motorkap sluiten zonder het alarm te activeren.

Gedeeltelijk alarm

Vergrendel de deuren met de sleutel. Zie Vergrendelen en ontgrendelen (bladzijde 21).

Volledige inschakeling

Vergrendel de deuren met de afstandsbediening of schakel de dubbele vergrendeling met de sleutel of de afstandsbediening in. Zie Vergrendelen en ontgrendelen (bladzijde 21).

Categorie 1 alarm

Gedeeltelijk alarm

Vergrendel de deuren met de sleutel. Zie Vergrendelen en ontgrendelen (bladzijde 21).

Volledige inschakeling

N.B.: Schakel de alarminstallatie niet volledig in wanneer zich iemand in de wagen bevindt.

Vergrendel de deuren met de afstandsbediening of schakel de dubbele vergrendeling met de sleutel of de afstandsbediening in. Zie Vergrendelen en ontgrendelen (bladzijde 21).

ALARM UITSCHAKELEN

Perimeter alarminstallatie

Schakel de alarminstallatie en het alarmsignaal uit door de deuren met de sleutel te ontgrendelen, zet het contact met een correct gecodeerde sleutel aan of ontgrendel de deuren met de afstandsbediening. Zie Vergrendelen en ontgrendelen (bladzijde 21).

Categorie 1 alarm

Schakel de alarminstallatie en het alarmsignaal uit door de deuren met de sleutel via het bestuurdersportier te ontgrendelen en zet het contact binnen 12 seconden met een correct gecodeerde sleutel aan of ontgrendel de deuren met de afstandsbediening. Zie Vergrendelen en ontgrendelen (bladzijde 21).

AUDIOBEDIENING

Kies de radio, CD of cassette modus op de audio-installatie.

De volgende functies kunnen met de afstandsbediening worden bediend:

Volume
Pelgrim KK 7174 - AUDIOBEDIENING - 1

text_image VOICE VOL+ MODE SEEK VOL- E78046

Hoger volume: druk op de bovenste toets op de achterzijde van de afstandsbediening.

Minder volume: druk op de onderste toets op de achterzijde van de afstandsbediening.

Seek (zoekfunctie)
Pelgrim KK 7174 - AUDIOBEDIENING - 2

text_image VOICE VOL+ MODE SEEK VOL- E78047

Beweeg de hendel naar boven of naar beneden:

•In de radio modus wordt het eerstvolgende radiostation op een hogere of lagere frequentie opgezocht.

• In de CD modus wordt het volgende of het vorige nummer gekozen.

Modus
Pelgrim KK 7174 - AUDIOBEDIENING - 3

text_image VOICE VOL+ MODE SEEK VOL- E78048

Druk kort op de toets aan de zijkant:

Stuurwiel

- In de radio modus wordt het volgende in het geheugen opgeslagen radiostation opgezocht.

- In de CD modus wordt de volgende CD gekozen wanneer een CD-wisselaar is gemonteerd.

- In alle modi om een verkeersbericht te onderbreken.

Druk de toets aan de zijkant in en houd deze ingedrukt:

- In de radio modus om van golflengte te veranderen.

SPRAAKSTURING
Pelgrim KK 7174 - Stuurwiel - 1

text_image VOICE VOL+ MODE SEEK VOL- E78049

Druk, om de spraakbesturing in of uit te schakelen, op de toets aan de bovenzijde.

Voor meer informatie Zie Spraaksturing (bladzijde 221).

VOORRUITWISSERS
Pelgrim KK 7174 - Stuurwiel - 2

text_image A B C D

E71012

Eenmalig wissenA

Wissen met intervallenB

Normale wissnelheidC

Hoge wissnelheidD

Wissen met intervallen
Pelgrim KK 7174 - Stuurwiel - 3

text_image A B E71013 C

Wissen met lange intervallenA

Wissen met intervallenB

Wissen met korte intervallenC

AUTOMATISCH IN- EN UITSCHAKELENDE RUITENWISSERS

Automatisch wissen
Pelgrim KK 7174 - AUTOMATISCH IN- EN UITSCHAKELENDE RUITENWISSERS - 1

Schakel de automatische wisfunctie niet bij droog weer in. De regensensor is bijzonder gevoelig en de ruitenwissers kunnen in werking treden indien de voorruit met vuil, mist of vliegen in aanraking komt.

! Vervang de ruitenwisserbladen zodra deze strepen water en vuil op de voorruit achterlaten. Als de ruitenwisserbladen niet worden vervangen, blijft de regensensor continu water op de voorruit waarnemen. Dit heeft tot gevolg dat de ruitenwissers in werking treden terwijl het grootste deel van de voorruit droog is.

Zorg bij vorst dat de voorruit volledig is ontdooit voordat u de automatische wisfunctie selecteert.

Schakel de automatische wisfunctie uit voordat u een wasstraat binnenrijdt.

Wanneer u de automatische wisfunctie inschakelt nadat het contact is aangezet, maken de ruitenwissers een wisbeweging ongeacht of de voorruit droog of nat is. De regensensor meet daarna continu de hoeveelheid water op de voorruit en zal de snelheid van de ruitenwissers automatisch instellen.

Wanneer u het contact aanzet terwijl de automatische wisfunctie al is ingeschakeld, maken de ruitenwissers geen wisbeweging tot de regensensor water op de voorruit detecteert.

Pelgrim KK 7174 - AUTOMATISCH IN- EN UITSCHAKELENDE RUITENWISSERS - 2

text_image A B

E71015

Lage gevoeligheidA

Hoge gevoeligheidB

Stel de gevoeligheid van de regensensor met de draaiknop in. Wanneer u de knop in de stand voor lage gevoeligheid zet, zullen de ruitenwissers in werking treden wanneer de sensor een grote hoeveelheid water op de voorruit registreert. Wanneer u de knop in de stand voor hoge gevoeligheid zet, zullen de ruitenwissers in werking treden wanneer de sensor een kleine hoeveelheid water op de voorruit registreert.

VOORRUITSPROEIERS
Pelgrim KK 7174 - AUTOMATISCH IN- EN UITSCHAKELENDE RUITENWISSERS - 3

Schakel de ruitenwissers niet langer dan 10 seconden achtereen in of wanneer het reservoir leeg is.

ACHTERRUITWISSERS EN - SPROEIERS

Wissen met intervallen
Pelgrim KK 7174 - ACHTERRUITWISSERS EN - SPROEIERS - 1

De achterruitwisser volgt de intervallen van de voorruitwissers.

Wissen tijdens achteruitrijden

De achterruitwisser treedt automatisch in werking wanneer de achteruit wordt ingeschakeld en de ruitenwisserschakelaar in stand A, B, C of D staat.

Ruitensproeier, achter
Pelgrim KK 7174 - Wissen tijdens achteruitrijden - 1

Schakel de achterruitsproeier niet langer dan 10 seconden achtereen in of wanneer het reservoir leeg is.

RUITENWISSERBLADEN CONTROLEREN
Pelgrim KK 7174 - Wissen tijdens achteruitrijden - 2

Controleer met uw vingertoppen de rubber randen van de ruitenwisserbladen op oneffenheden.

Reinig de ruitenwisserbladen met een in water gedrenkte, zachte spons.

RUITENWISSERBLADEN VERVANGEN
Pelgrim KK 7174 - Wissen tijdens achteruitrijden - 3

text_image 1 2 E93783

Pelgrim KK 7174 - Wissen tijdens achteruitrijden - 4

Breng de eerder verwijderde onderdelen in omgekeerde volgorde aan.

Standen van de lichtschakelaar

Pelgrim KK 7174 - Standen van de lichtschakelaar - 1

text_image F A B C E D E71094

A Uit

Stads- en achterlichtenB

KoplampenC

Mistlampen, voorD

MistachterlichtenE

ParkeerlichtenF

Dagrijlichten

De koplampen branden wanneer het contact is ingeschakeld en de koplampbediening in stand A staat. Om over te schakelen op grootlicht moet de bediening van de verlichting eerst in stand C staan.

Parkeerlichten

Zet eerst het contact af.

Beide zijden

Druk de lichtschakelaar in en draai hem in stand F.

Een zijde
Pelgrim KK 7174 - Beide zijden - 1

text_image A SET RESET MENU B E77368

RechterzijdeA

LinkerzijdeB

Trek de hendel geheel naar het stuurwiel toe om tussen grootlicht en dimlicht te wisselen.

Lichtsignaal

Beweeg de schakelaarhendel naar het stuurwiel.

Home safe verlichting

Schakel de verlichting uit en trek de richtingaanwijzer naar het stuurwiel toe om de koplampen in te schakelen. Er klinkt kort een signaal. Bij een geopende deur gaan de koplampen automatisch na drie minuten uit, of 30 seconden nadat de laatste deur is gesloten.

Wanneer alle deuren zijn gesloten en een deur wordt binnen de 30 seconden vertragingstijd weer geopend, start de tijdschakeling van drie minuten opnieuw.

De home safe functie kan worden uitgeschakeld door hetzij de richtingaanwijzerhendel opnieuw naar het stuurwiel te trekken of door het contact AAN te zetten.

DAGRIJLICHT

De lampen gaan branden wanneer het contact wordt ingeschakeld.

weersomstandigheden kan het nodig zijn uw koplampen handmatig in te

schakelen.

N.B.: Wanneer u de automatisch in-/uitschakelende verlichting hebt ingeschakeld, kunt u alleen het groot licht inschakelen wanneer de functie de koplampen heeft ingeschakeld.

Pelgrim KK 7174 - DAGRIJLICHT - 1

Auto's zonder dagrijlicht

Afhankelijk van de lichtsituatie worden de koplampen automatisch in- en uitgeschakeld.

Auto's met dagrijlicht

De koplampen blijven ingeschakeld. Zie Dagrijlicht (bladzijde 36).

VOORSTE MISTLAMPEN

Pelgrim KK 7174 - VOORSTE MISTLAMPEN - 1

text_image PE DEE OFF OK

E71096

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Gebruik de mislampen alleen wanneer het zicht ernstig wordt belemmerd door mist, sneeuw of regen.

N.B.: Wanneer de automatische verlichting is ingeschakeld, kunnen de mistlampen, vóór, niet worden ingeschakeld.

MISTACHTERLICHTEN
Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 2

text_image PE DOE DE DE DE

E71097

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Schakel de mistachterlichten niet in bij regen of sneeuwval en wanneer het zicht meer dan 50 meter aagt.

N.B.: Wanneer de automatische verlichting is ingeschakeld, kunnen de mistachterlichten niet worden ingeschakeld.

U kunt de hoogte van de koplamplichtbundels aanpassen aan de belading van de wagen.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 2

text_image A B 3.2.1 D

E74611

Lichtbundels hogerA Lichtbundels lagerB

Zet de regelknop voor de hoogteregeling van de lichtbundels op nul wanneer de wagen onbeladen is. Stel de lichtbundels zodanig in dat het wegdek tussen 35 en 100 voor u is verlicht wanneer de wagen gedeeltelijk of maximaal is beladen.

Voor locatie: Zie In één oogopslag (bladzijde 8).

RICHTINGAANWIJZERS
Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 3

text_image SET RESET MENU

E71098

N.B.: Beweeg de

richtingaanwijzerschakelaar even omhoog of omlaag om de richtingaanwijzers driemaal te laten knipperen.

Leeslampen - uitvoeringen zonder interieursensoren

Type 1
Pelgrim KK 7174 - Leeslampen - uitvoeringen zonder interieursensoren - 1

text_image C B A

E71099

A Aan

B Uit

PortiercontactC

Interieurverlichting zonder schakelaar brandt alleen wanneer de schakelaar op de interieurverlichting voorin in de stand C staat en een deur wordt geopend.

Type 2
Pelgrim KK 7174 - Leeslampen - uitvoeringen zonder interieursensoren - 2

text_image C D B A E

E126234

Aan (lamp voorcompartiment)A

Uit (lamp voorcompartiment)B

PortiercontactC

Uit (lamp achtercompartiment)D

De lampen van het actercompartiment gaan aan wanneer u een portier opent, ongeacht de schakelaarpositie.

Uitvoeringen met dubbele vergrendeling

Wanneer u de schakelaar in stand C zet, blijft de interieurverlichting korte tijd nadat u de deuren hebt gesloten doorbranden. Bij het aanzetten van het contact gaat het onmiddellijk uit.

Wanneer u het contact afzet, gaat de interieurverlichting branden. Na korte tijd schakelt gaat het automatisch uit.

Wanneer u een deur open laat, gaat de interieurverlichting automatisch na 30 minuten uit. Zet het contact kort aan om het weer in te schakelen.

Leeslampen - uitvoeringen met interieursensoren

Pelgrim KK 7174 - Leeslampen - uitvoeringen met interieursensoren - 1

text_image A B C 3D O 票 05

E71945

A Uit

PortiercontactB

C Aan

Wanneer u de schakelaar in stand B zet, gaat de interieurverlichting branden wanneer u een deur of de achterklep ontgrendelt of opent. Wanneer u een deur openlaat, gaat het korte tijd later automatisch uit om te voorkomen dat de accu leegraakt. Zet het contact korte tijd aan om de verlichting weer in te schakelen.

De interieurverlichting gaat ook branden wanneer u het contact afzet. Het gaat korte tijd later automatisch uit of wanneer u de motor start of opnieuw start.

Wanneer u de schakelaar in stand C zet, gaat de interieurverlichting branden. Het gaat korte tijd later automatisch uit om te voorkomen dat de accu leegraakt. Zet het contact korte tijd aan om de verlichting weer in te schakelen.

Leeslampen

Pelgrim KK 7174 - Leeslampen - 1

Wanneer u het contact afzet, gaan de leeslampen korte tijd later automatisch uit om te voorkomen dat de accu leegraakt. Zet het contact kort aan om het weer in te schakelen.

TREDEVERLICHTING

De tredeverlichting wordt automatisch in- en uitgeschakeld wanneer u de deuren opent en sluit. Wanneer u de deuren met de afstandsbediening ontgrendelt gaat de tredeverlichting branden. Het gaat korte tijd later automatisch uit.

GLOEILAMPEN VERVANGEN

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Schakel de verlichting uit en zet het contact af.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Laat de gloeilamp afkoelen voordat u deze verwijdert.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Raak het glas van de gloeilamp niet aan.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 2

Breng alleen gloeilampen met het juiste vermogen aan. Zie Gloeilampentabel (bladzijde 48).

N.B.: Wanneer de wagen is voorzien van airconditioning raden wij aan uw dealer te vragen of hij de gloeilampen van uw wagen wil vervangen. Sommige gloeilampen zijn moeilijk bereikbaar.

N.B.: U moet de koplamp verwijderen om de gloeilamp van de koplamp, het stadslicht of de richtingaanwijzer te vervangen.

N.B.: De volgende instructies beschrijven hoe de gloeilampen moeten worden verwijderd. Breng de nieuwe gloeilampen in omgekeerde volgorde van verwijderen aan, tenzij anders is voorgeschreven.

Een koplamp verwijderen
Pelgrim KK 7174 - LET OP - 3

text_image 2 4 3 E71057
  1. Open de motorkap. Zie Onderhoud (bladzijde 131).
  2. Verwijder de schroeven.
  3. Trek de stekker los.
  4. Verwijder de koplamp.

Raak het glas van de gloeilamp niet aan.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 4

  1. Verwijder de koplamp.
  2. Maak de klemmen los.
  3. Verwijder het paneel.

Verlichting

  1. Trek de stekker los.
  2. Maak de klemveer los en verwijder de gloeilamp.

Stadslichten
Pelgrim KK 7174 - Verlichting - 1

text_image 1 4 3 2 E71060
  1. Verwijder de koplamp.
  2. Verwijder het paneel.
  3. Verwijder de gloeilamp en de lamphouder.
  4. Verwijder de gloeilamp.

Richtingaanwijzers voor
Pelgrim KK 7174 - Verlichting - 2

text_image 1 3 2 E71061
  1. Verwijder de koplamp.
  2. Draai de lamphouder linksom en verwijder deze.
  3. Druk voorzichtig de gloeilamp in de lamphouder en draai de gloeilamp linksom. Verwijder de gloeilamp.

Voormistlichten
Pelgrim KK 7174 - Verlichting - 3

text_image E71062 1 2

N.B.: De gloeilamp kan niet uit de lamphouder worden genomen.

  1. Trek de stekker los.
  2. Draai de lamphouder linksom en verwijder deze.

Zijknipperlichten

Type 1
Pelgrim KK 7174 - Zijknipperlichten - 1

  1. Verwijder voorzichtig het zijknipperlicht.
  2. Pak de lamphouder beet, draai het huis linksom en verwijder het.
  3. Verwijder de gloeilamp.

Type 2
Pelgrim KK 7174 - Zijknipperlichten - 2

  1. Draai het glas rechtsom en verwijder het.
  2. Druk voorzichtig de gloeilamp in de lamphouder en draai de gloeilamp linksom. Verwijder de gloeilamp.

Zijmarkeringslampen

Chassis Cabine en uitvoeringen met open laadbak en verlengd chassis
Pelgrim KK 7174 - Zijmarkeringslampen - 1

  1. Trek de stekker los.
  2. Draai de lamphouder linksom en verwijder deze.
  3. Verwijder de gloeilamp.

Jumbo bestelwagen
Pelgrim KK 7174 - Zijmarkeringslampen - 2

  1. Draai het glas links- of rechtsom en verwijder het.
  2. Verwijder de gloeilamp.

Achterlichtunits

Bus en Kombi

1
Pelgrim KK 7174 - Bus en Kombi - 1

  1. Verwijder de vleugelmoeren.
  2. Verwijder de achterlichtunit en maak de lamphouder los.
  3. Druk voorzichtig de gloeilamp in de lamphouder en draai de gloeilamp linksom. Verwijder de gloeilamp.

Chassis-cabine en uitvoeringen met open laadbak

Type 1
Pelgrim KK 7174 - Chassis-cabine en uitvoeringen met open laadbak - 1

  1. Maak de klem los en schuif het kunststof frame naar de zijkant.
  2. Verwijder het glas.
  3. Druk voorzichtig de gloeilamp in de lamphouder en draai de gloeilamp linksom. Verwijder de gloeilamp.

Type 2
Pelgrim KK 7174 - Chassis-cabine en uitvoeringen met open laadbak - 2

text_image 1 2

E124794

Pelgrim KK 7174 - Chassis-cabine en uitvoeringen met open laadbak - 3

text_image A B C D 3

E124795

Achterlicht en remlichtA

RichtingaanwijzerB

AchteruitrijlampC

MistachterlichtD

  1. Verwijder de moer.
  2. Trek de stekker los.
  3. Verwijder de schroef.

Achterlichten

Uitvoeringen met open laadbak

Pelgrim KK 7174 - Uitvoeringen met open laadbak - 1

text_image E71072
  1. Werk voorzichtig het glas los van de houder.
  2. Druk voorzichtig de gloeilamp in de lamphouder en draai de gloeilamp linksom. Verwijder de gloeilamp.

Derde remlicht

Pelgrim KK 7174 - Derde remlicht - 1

text_image 1 2 3 E71071
  1. Verwijder de schroeven.
  2. Verwijder het lamphuis.
  3. Verwijder de gloeilamp.

Markeringslichten op het dak

Pelgrim KK 7174 - Markeringslichten op het dak - 1

text_image 1 2 3 E71073
  1. Verwijder de schroeven.
  2. Verwijder het glas.
  3. Druk voorzichtig de gloeilamp in de lamphouder en draai de gloeilamp linksom. Verwijder de gloeilamp.

Kentekenplaatverlichting

Uitvoeringen met dubbele achterdeuren

Pelgrim KK 7174 - Uitvoeringen met dubbele achterdeuren - 1

text_image 1 2 E71074
  1. Verwijder het glas.
  2. Verwijder de gloeilamp.

Uitvoeringen met een achterklep
Pelgrim KK 7174 - Uitvoeringen met dubbele achterdeuren - 2

  1. Verwijder het lampglas.
  2. Druk voorzichtig de gloeilamp in de lamphouder en draai de gloeilamp linksom. Verwijder de gloeilamp.

Uitvoeringen met open laadbak
Pelgrim KK 7174 - Uitvoeringen met dubbele achterdeuren - 3

  1. Verwijder het glas.
  2. Druk voorzichtig de gloeilamp in de lamphouder en draai de gloeilamp linksom. Verwijder de gloeilamp.

Binnenverlichting voorin Uitvoeringen zonder interieursensoren
Pelgrim KK 7174 - Uitvoeringen met dubbele achterdeuren - 4

  1. Werk de lamp voorzichtig los.
  2. Druk voorzichtig de gloeilamp in de lamphouder en draai de gloeilamp linksom. Verwijder de gloeilamp.

Uitvoeringen met interieursensoren
Pelgrim KK 7174 - Uitvoeringen met dubbele achterdeuren - 5

  1. Werk de lamp voorzichtig los.
  2. Verwijder het glas.
  3. Verwijder de gloeilamp.

Binnenverlichting achterin
Pelgrim KK 7174 - Uitvoeringen met dubbele achterdeuren - 6

text_image 1 2 E71078
  1. Werk de lamp voorzichtig los.
  2. Verwijder de gloeilamp.

Leeslampen, voor
Pelgrim KK 7174 - Uitvoeringen met dubbele achterdeuren - 7

  1. Werk de lamp voorzichtig los.
  2. Draai de lamphouder linksom en verwijder deze.
  3. Verwijder de gloeilamp.

Tredeverlichting
Pelgrim KK 7174 - Uitvoeringen met dubbele achterdeuren - 8

text_image 1 2 3 E71080
  1. Werk de lamp voorzichtig los.
  2. Verwijder de lamphouder.
  3. Verwijder de gloeilamp.

GLOEILAMPENTABEL

Watt (specificatie)Gloeilamp
21Remlicht - Chassis-cat
16Derde remlicht
21Richtingaanwijzer, voo
55 (H11)Mistlamp, voor
55/60Grootlicht en dimlicl
10Interieurverlichting
Kentekenplaatverlichting - behalve uitvoeringen met dubbele achterdeuren10
Kentekenplaatverlichting - uitvoeringen met dubbele achterdeuren5
10Leeslamp
21Richtingaanwijzer, ach
21Mistachterlicht
4Markeringslicht, achter
21Achteruitrijlamp
4Markeringslicht op dak
5Stadslicht
3Markeringslicht
5Zijknipperlicht (type 1)
21/5Zijknipperlicht (type 2)
10Tredeverlichting
21/5Rem- en achterlicht
Achterlicht - Chassis-cabine en uitvoering met open laadbak10

ELEKTRISCH BEDIENBARE RUITEN

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Schakel de elektrisch bedienbare ruiten niet in tenzij deze vrij zijn van obstructies.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 2

Zet het contact aan om de elektrisch bedienbare ruiten te openen of te sluiten.

Ruit van bestuurdersportier automatisch openen

Druk de schakelaar tot de tweede aanslag in of til hem tot de tweede aanslag op en laat hem los. Druk hem opnieuw in om de ruit te stoppen.

BUITENSPIEGELS

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Vergis u niet in de afstand van voorwerpen die u in deze groothoekspiegel ziet. Voorwerpen die u in deze spiegels ziet, zien er kleiner uit en lijken verder weg te zijn dan in werkelijkheid het geval is.

Druk de spiegel in de richting van de portierruit.

Uitklappen

Zorg ervoor dat de spiegel weer volledig wordt vergrendeld wanneer u deze weer in zijn oorspronkelijke stand terugzet.

De elektrisch bedienbare buitenspiegels zijn voorzien van een verwarmingselement dat het spiegelglas ontdooit en ontwasemt. Zie Klimaatregeling (bladzijde 66).

SCHUIFRUITEN
Pelgrim KK 7174 - Uitklappen - 1

text_image 1 2 E66497

ACHTERSTE ZIJRUITEN
Pelgrim KK 7174 - Uitklappen - 2

Trek de hendel naar buiten om de ruit te openen. Druk in het midden van de hendel om deze te vergrendelen. Trek in het midden van de hendel om de ruit te sluiten. Druk hem naar achteren tot hij wordt vergrendeld.

METERS

Instrumentengroep - laag uitrustingsniveau
Pelgrim KK 7174 - METERS - 1

KoelvloeistoftemperatuurmeterB

BrandstofmeterC

SnelheidsmeterD

Terugsteltoets dagtellerE

F Kilometerteller, dagteller, klok, actieradius tot tank leeg en controlelamp niet goed gesloten portier

Insteltoets klokG

Instrumentengroep - hoog uitrustingsniveau
Pelgrim KK 7174 - METERS - 2

text_image A B C D 1/2 1/1 60 120 °C 5 3 4 6 1 5 6 70 90 100 120 140 30 60 160 180 110 -20 -10 200 220 130 F E

E73043

ToerentellerA

KoelvloeistoftemperatuurmeterB

BrandstofmeterC

SnelheidsmeterD

Waarschuwingslamp berichtE

F Informatiecentrum. Zie Algemene informatie (bladzijde 58).

Koelvloeistoftemperatuurmeter

Toont de temperatuur van de koelvloeistof. Bij normale bedrijfstemperatuur blijft de naald in het middengedeelte.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Start de motor niet voordat de oorzaak voor de oververhitting is verholpen.

Wanneer de naald in de richting van 120 °C beweegt, is de motor oververhit. Zet de motor af, zet het contact af en stel de oorzaak vast zodra de motor is afgekoeld. Zie Motorkoelvloeistof controleren (bladzijde 137). Zie Gereduceerd motorvermogen (bladzijde 115).

Brandstofmeter

De pijl naast het symbool van de pomp toont aan aan welke zijde zich de klep van de brandstofvulopening bevindt.

Kilometerteller, dagteller en klok

Instrumentengroep - laag uitrustingsniveau

Pelgrim KK 7174 - Instrumentengroep - laag uitrustingsniveau - 1

A Klok en actieradius tot brandstoftank leeg DagtellerB KilometertellerC

N.B.: De dagteller wordt gereset wanneer een afstand van 1999,9 kilometer is afgelegd.

De dagteller kan worden gebruikt om de lengte van een bepaald traject te registreren. Druk op de terugsteltoets om de dagteller op nul terug te stellen.

Instrumentengroep, laag uitrustingsniveau

Nadat het contact is aangezet gaan de volgende controlelampen en indicatoren ter bevestiging dat het systeem operationeel is kort branden:

·ABS
•Airbag

  • Remblokslijtage
  • Remsysteem
    •Snelheidsregeling
  • Portier niet goed gesloten
  • Motor
    •Hellingstart
  • Contact
    • Laag brandstofpeil
    •Oliedruk
    •Onderhoudsinterval
    •Schakelen
    •Water in brandstof

- Stabiliteitsregelsysteem (ESP) en aandrijfregelsysteem

Instrumentengroep, hoog uitrustingsniveau

Nadat het contact is aangezet gaan de volgende controlelampen en indicatoren ter bevestiging dat het systeem operationeel is kort branden:

·ABS
•Airbag
-Remblokslijtage
- Remsysteem
•Snelheidsregeling
- Motor
•Hellingstart
- Contact
• Laag brandstofpeil
•Berichtenindicator
•Schakelen
- Start/stop
•Water in brandstof

- Stabiliteitsregelsysteem (ESP) en aandrijfregelsysteem

Indien één van deze waarschuwings- of controlelampen niet brandt nadat het contact is aangezet, duidt dit op een storing. Laat het systeem onmiddellijk door een geschoolde monteur controleren.

Controlelamp ABS

Pelgrim KK 7174 - Controlelamp ABS - 1

Als de controlelamp brandt onder het rijden, dan duidt dit op een storing. De normale

remwerking blijft gehandhaafd (zonder ABS). Laat het systeem zo snel mogelijk door een goed opgeleide en vakkundige monteur controleren.

Controlelamp airbag

Pelgrim KK 7174 - Controlelamp airbag - 1

Als de controlelamp brandt onder het rijden, dan duidt dit op een storing. Laat het systeem

onmiddellijk door een geschoolde monteur controleren.

Controlelamp remblokslijtage

Pelgrim KK 7174 - Controlelamp remblokslijtage - 1

De controlelamp gaat branden wanneer de remblokken zijn versleten tot een vooraf

vastgestelde grens. Laat dit onmiddellijk door een geschoolde monteur controleren.

Lamp remsysteem

Pelgrim KK 7174 - Lamp remsysteem - 1

De lamp gaat branden wanneer de parkeerrem wordt ingeschakeld.

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Verlaag geleidelijk uw snelheid en breng de auto tot stilstand zodra dit veilig kan. Gebruik de remmen voorzichtig.

Als de lamp tijdens het rijden gaat branden, controleer dan of de parkeerrem niet is ingeschakeld. Als de parkeerrem niet is ingeschakeld, dan is er een storing aanwezig. Laat het systeem onmiddellijk door een geschoolde monteur controleren.

Controlelamp automatische snelheidsregeling

Pelgrim KK 7174 - Controlelamp automatische snelheidsregeling - 1

De controlelamp gaat branden wanneer u een snelheid heeft ingesteld met behulp van de snelheidsregeling. Zie Gebruik maken van snelheidsregeling (bladzijde 108).

Richtingaanwijzer

Pelgrim KK 7174 - Richtingaanwijzer - 1

Knippert bij ingeschakelde richtingaanwijzers. Een plotselinge toename van de knipperfrequentie duidt op een defecte gloeilamp. Zie Gloeilampen vervangen (bladzijde 39).

Controlelamp portier niet goed gesloten

Pelgrim KK 7174 - Controlelamp portier niet goed gesloten - 1

De controlelamp gaat branden wanneer u de auto op contact heeft gezet en de portieren, de motorkap of de achterklep niet goed zijn gesloten.

Controlelampen motor

Controlelamp motorstoring

Pelgrim KK 7174 - Controlelamp motorstoring - 1

Controlelamp aandrijflijn

Pelgrim KK 7174 - Controlelamp aandrijflijn - 1

Alle modelvarianten

Als een van deze lampen gaat branden bij een draaiende motor, dan duidt dit op een storing. De motor blijft draaien maar levert wellicht minder vermogen. Wanneer deze tijdens het rijden knippert, minder dan onmiddellijk snelheid. Blijft de lamp knipperen, vermijd dan snel optrekken en krachtig afremmen. Laat het systeem onmiddellijk door een geschoolde monteur controleren.

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Laat deze storing onmiddellijk controleren.

Als beide lampen samen gaan branden, breng de auto dan zo snel mogelijk tot stilstand wanneer dit veilig kan. Doet u dit niet, dan kan dit leiden tot verminderd vermogen en afslaan van de motor. Zet de auto van contact en probeer de motor te starten. Laat het systeem onmiddellijk door een geschoolde monteur controleren als de motor kan worden gestart. Als de motor niet start, moet de auto worden gecontroleerd alvorens de rit kan worden voortgezet.

Controlelamp mistlampen, vóór

Pelgrim KK 7174 - Controlelamp mistlampen, vóór - 1

De controlelamp gaat branden wanneer u de mistlampen, vóór inschakelt.

Controlelamp voorgloeien

Pelgrim KK 7174 - Controlelamp voorgloeien - 1

Zie Een dieselmotor starten (bladzijde 84).

Controlelamp koplampen

Pelgrim KK 7174 - Controlelamp koplampen - 1

De controlelamp gaat branden wanneer u het dimlicht van de koplamp, de zijlichten of de

achterlichten inschakelt.

Controlelamp hellingstart

Pelgrim KK 7174 - Controlelamp hellingstart - 1

Onder het rijden brandt deze lamp tijdens activering van het systeem. Als de auto op contact is gezet en de controlelamp niet gaat branden, dan geeft dit aan dat het systeem is gedeactiveerd. Uw dealer kan het systeem heractiveren. Tijdens een storing wordt het systeem uitgeschakeld en brandt de controlelamp niet onder het rijden.

Controlelamp laadstroom

Pelgrim KK 7174 - Controlelamp laadstroom - 1

Als de controlelamp brandt onder het rijden, dan duidt dit op een storing. Schakel alle

onnodige stroomverbruikers uit. Laat het systeem onmiddellijk door een geschoolde monteur controleren.

Controlelamp laag brandstofniveau

Pelgrim KK 7174 - Controlelamp laag brandstofniveau - 1

Wanneer deze lamp brandt, ga dan zo spoedig mogelijk tanken.

De pijl naast het symbool van de pomp duidt aan aan welke zijde zich de klep van de brandstofvulopening bevindt.

De controlelamp gaat branden wanneer u het grootlicht inschakelt. De lamp knippert

wanneer u een lichtsignaal geeft.

Berichtenindicator

Pelgrim KK 7174 - Berichtenindicator - 1

De controlelamp gaat branden wanneer een nieuw bericht is opgeslagen in de

informatiedisplay. Zie Infoberichten (bladzijde 60).

Controlelamp oliedruk

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Hervat uw reis niet wanneer de controlelamp oliedruk gaat branden terwijl het oliepeil correct is. Laat het em onmiddellijk door een geschoolde eur controleren.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 2

Wanneer de lamp na het starten blijft branden of tijdens het rijden gaat branden, duidt dit op een

storing. Breng de auto tot stilstand zodra dit veilig kan en zet de motor af. Controleer het motoroliepeil. Zie Motorolie controleren (bladzijde 137).

Controlelamp mistachterlicht

Pelgrim KK 7174 - Controlelamp mistachterlicht - 1

De controlelamp gaat branden wanneer u de mistachterlichten inschakelt.

Controlelamp onderhoudsbeurt

Auto's met dieselmotor

Pelgrim KK 7174 - Auto's met dieselmotor - 1

De controlelamp gaat branden als onderhoud nodig is of er een overmatige hoeveelheid

roetdeeltjes of drab in de olie aanwezig is. Laat de motorolie zo spoedig mogelijk verversen.

Uw dealer schakelt de controlelamp onderhoudsbeurt uit nadat hij de onderhoudsbeurt heeft uitgevoerd.

Controlelamp schakeling

Pelgrim KK 7174 - Controlelamp schakeling - 1

De controlelamp brandt om aan te geven dat schakelen naar een hogere versnelling zuiniger is en

zorgt voor een lagere CO2-uitstoot. De controlelamp brandt niet tijdens perioden van hoge acceleraties, remmen of intrappen van het koppelingspedaal.

Controlelamp stabiliteitsregeling (ESP) en tractieregeling

N.B.: Wanneer het ESP systeem of het tractieregelsysteem een storing vertoont, schakelt het betreffende systeem automatisch uit.

Pelgrim KK 7174 - Controlelamp stabiliteitsregeling (ESP) en tractieregeling - 1

De controlelamp gaat branden als een van de systemen is geactiveerd. Wanneer de lamp

niet knippert of tijdens het rijden gaat branden, duidt dit op een storing. Laat het systeem onmiddellijk door een geschoolde monteur controleren.

Wanneer u het ESP uitschakelt, gaat de controlelamp branden. De lamp gaat uit wanneer u het systeem weer inschakelt of wanneer u het contact afzet.

Start/stop-indicatielamp

Pelgrim KK 7174 - Start/stop-indicatielamp - 1

De lamp gaat branden wanneer de motor automatisch is gestopt. De lamp gaat knipperen

om u te laten weten wanneer de motor opnieuw moet worden gestart. Zie Start/stop knop gebruiken (bladzijde 86). Zie Infoberichten (bladzijde 60).

Auto's met dieselmotor

Pelgrim KK 7174 - Auto's met dieselmotor - 1

De controlelamp gaat branden ingeval van overmatige hoeveelheden water in het

brandstofffilter. Tap het water onmiddellijk af. Zie Water in brandstofffilter aftappen (bladzijde 139). Als de lamp gaat branden nadat het water is afgetapt, dan geeft dit aan dat onderhoud van het brandstofffilter nodig is. Laat het systeem onmiddellijk door een geschoolde monteur controleren.

De gong voor geopend portier klinkt wanneer u het contact aanzet en nog niet alle deuren, de motorkap of de achterklep goed zijn gesloten.

Informatiecentrum

Zie Persoonlijke instellingen (bladzijde 63).

ALGEMENE INFORMATIE

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Stel omwille van de verkeersveiligheid de functies alleen in wanneer de auto stilstaat.

Met het Informatie Centrum en de multifunctionele hendel aan de stuurkolom kunnen verschillende systemen worden geprogrammeerd.

Het Informatie Centrum geeft tevens waarschuwingsberichten over storingen of niet correct werkende systemen. Zie Infoberichten (bladzijde 60).

Hoofdmenu

Overzicht van de schermen van het hoofdmenu
Pelgrim KK 7174 - Hoofdmenu - 1

flowchart
graph TD
    A["15:04\n15.0°C"] --> B["ACTIERAD. TOT\n: 200 km"]
    B --> C["BRANDST.VERBR.\n8.0 l/100"]
    C --> D["GEM. SNELHEID\n87 km/h"]
    D --> E["BUITENTEMP:\nTEMP 15.0 °C"]
    E --> F["PERS. INSTELL.\n►---- SET/RESET"]

E73982
De diverse submenu's kunnen via het hoofdmenu worden bereikt.

Toetsen
Pelgrim KK 7174 - Hoofdmenu - 2

text_image SET RESET MENU

E73265

Scroll met de draaiknop door het menu.

Pelgrim KK 7174 - Hoofdmenu - 3

text_image SET RESET MENU

E73266

N.B.: Indien de geluidssignalen zijn geactiveerd, klinkt telkens wanneer de knop wordt ingedrukt een kort geluidssignaal.

Druk de SET en RESET toets in om een submenu of het item dat u wilt instellen te selecteren.

Kilometerteller
Pelgrim KK 7174 - Hoofdmenu - 4

text_image 15:04 15.0°C 4,7 tocht 000039 km

E73983

Dagteller
Pelgrim KK 7174 - Hoofdmenu - 5

text_image 15:04 15.0°C 4,7 tocht 000039 km

E73984

N.B.: De dagteller wordt op nul gezet wanneer er een afstand van 1999,9 kilometer is bereikt.

Druk de SET en RESET toets minimaal twee seconden in om de teller terug te stellen.

Actieradius tot de brandstoftank leeg is

Pelgrim KK 7174 - Actieradius tot de brandstoftank leeg is - 1

text_image ACTIERAD. TOT LEEG 200 km 4,7 tocht 000039 km

E73985

N.B.: De waarde kan variëren naarmate de rijomstandigheden veranderen.

Duidt bij benadering de afstand aan die nog kan worden afgelegd voordat de tank leeg is.

Gemiddeld brandstofverbruik
Pelgrim KK 7174 - Actieradius tot de brandstoftank leeg is - 2

text_image BRANDST.VERBR. 8.0 l/100 4,7 tocht 000039 km

E73986

Geeft het gemiddelde brandstofverbruik aan vanaf het moment dat de functie op nul werd teruggesteld.

Druk op de SET en RESET toets om de meter terug te stellen.

Gemiddelde snelheid

Pelgrim KK 7174 - Gemiddelde snelheid - 1

text_image GEM. SNELHEID 87 km/h 4,7 tocht 000039 km

E73987

Geeft de gemiddelde snelheid weer over de laatste 1.000 kilometer (600 mijl) of vanaf het moment dat de functie op nul werd teruggesteld.

Druk op de SET en RESET toets om de meter terug te stellen.

Buitentemperatuur

Pelgrim KK 7174 - Buitentemperatuur - 1

text_image BUITENTEMP: TEMP 15,0 °C 4,7 tocht 000039 km

E73988

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Zelfs wanneer de temperatuur tot boven +4 °C stijgt, is dit nog geen garantie dat de weg vrij is van en die door plotselinge sveranderingen kunnen ontstaan.

Een waarschuwingssignaal klinkt bij de volgende weersomstandigheden:

•+4 °C of lager: waarschuwing voor opvriezen
-0 °C of lager: waarschuwing voor ijsvorming

INFOBERICHTEN

Waarschuwingsberichten

Wanneer bepaalde waarschuwingsberichten op het display verschijnen moet u de SET en RESET toets indrukken om de berichten te bevestigen.

Pelgrim KK 7174 - Waarschuwingsberichten - 1

text_image 60 120 ℃ 1/2 1/1 4 50 E73273

Sommige waarschuwingsberichten worden vergezeld door een waarschuwingslamp boven het display en branden rood of oranje, afhankelijk van de ernst van het probleem.

Wanneer een waarschuwingsbericht wordt vergezeld door een waarschuwingslamp, blijft deze branden.

Berichtenschu-wings-lampBetekenisWaar-
roodSCSAKELEATAGTAdtTuit voordat u uit het voertuig stapt als het systeem de motor uitgeschakeld heeft. ZieStart/stop knop gebruiken (bladzijde 86).
roodMOSTORIS/SAN STORING of gerelateerde systemen. Stop zodra dit veilig kan en zet de motor onmiddellijk af. Laat de motor door getrainde monteurs controleren.
roodOLEENTrolAargnet oliepeil. Stop zodra dit veilig kan en zet de motor onmiddellijk af. Vul motorolie bij. ZieMotorolie controleren (bladzijde 137).
roodWAFIER WABRANDSTrandstof gevonden. ZieWaterin brandstofffilter aftappen (bladzijde 139).
BRANDST.FILTERroodONDERHODdat onderhoud van het brandstofffilter vereist is. Laat het systeem zo snel mogelijk door een goed opgeleide en vakkundige monteur controleren.
De buitentemperatuur is lager dan 0 °CroodBUITENTEN
De buitentemperatuur is lager dan +4 °CoranjeBUITEN
oranjeVERRAERSOvLgNudoor getrainde monteurs controleren.
PORT.Controleer of alle portieren goed zijn gesloten. orangePO
Het bestuurdersportier is open. orangeBEST.PORT. OPEN
Het voorportier aan passagierszijde is open. orangePAS. I
OPENHet achterportier aan bestuurderszijde is open. orangeBE
OPENHet achterportier aan passagierszijde is open. orangePAS
De laadruimte of de achterdeur is open. orangeKOFFERK
De motorkap is open. orangeMOTORKAP OPEN

Infodisplays

Berichtenschu-wings-lampBetekenisWaar-
BINNEN xx DAGDuidt aan dat de olie moet worden ververst.-OLIE
STOP-*WEKDEREKRESGATVaf. ZiePersoonlijke instellingen (bladzijde 63).
-EEN PDBADITONDRUJEKEER worden gestart; druk een pedaal in om te starten. ZieStart/stop knop gebruiken (bladzijde 86).
ZETTEN-VERSELECHINERNEVRbal om het systeem de motor weer te laten starten. ZieStart/stop knop gebruiken (bladzijde 86).
VEREIST-HANDNetSTARTEOp-systeem werkt niet. Er moet handmatig worden gestart.

VERVER

PERSOONLIJKE INSTELLINGEN

Overzicht van de schermen van het hoofdmenu
Pelgrim KK 7174 - PERSOONLIJKE INSTELLINGEN - 1

flowchart
graph TD
    A["PERS. INSTELL.<br>SET/RESET"] --> B["TAAL NEDERLANDS"]
    B --> C["TIJD INSTELLEN<br>31,12,04 12:59"]
    C --> D["WEKKER INST.<br>31,12,04 12:59 UIT"]
    D --> E["TIJDSINSTEL.<br>24 h"]
    E --> F["MAATEENHEDEN METRISCH"]
    F --> G["BERICHT GONG UIT"]
    G --> H["PERS. INSTELL.<br>EXIT"]
    H --> A

E73990

Menu Persoonlijke instellingen
Pelgrim KK 7174 - PERSOONLIJKE INSTELLINGEN - 2

text_image PERS. INSTELL. ►---- SET/RESET 4,7 tocht 000039 km

E73989

De volgende submenu's zijn in het Menu Persoonlijke instellingen toegankelijk:

·Taal
• Tijd instellen
- Wekker instellen
- Weergave klok
•Maateenheden
•Gongsignalen bij berichten

Taal instellen
Pelgrim KK 7174 - PERSOONLIJKE INSTELLINGEN - 3

text_image TAAL NEDERLANDS 4,7 tocht 000039 km

E73991

Er kan uit elf talen worden gekozen:

Engels (GB), Duits, Italiaans, Frans, Spaans, Turks, Russisch, Nederlands, Pools, Zweeds, Portugees.

Wanneer u een taal hebt geselecteerd, draai dan de draaiknop om de instelling op te slaan en het menu te verlaten.

Tijd instellen

Zie Klok (bladzijde 79).

Wekker instellen

WEKKER INST.
04,08,0023,59
UIT
4,7 tocht
000039 km

E74286

- Druk de SET en RESET toets in en houd ze ingedrukt. De dag begint te knipperen. Met de draaiknop kan de juiste dag worden geselecteerd.

- Druk de SET en RESET toets in om de instelling te bevestigen en naar de maand te gaan.

•Ga op dezelfde wijze tewerk om het jaar, de uren en minuten in te stellen.

- Na het instellen van de minuten en het indrukken van de SET en RESET toets, wordt de tijd in het geheugen opgeslagen.

- Druk op de SET en RESET toets om de alarminstallatie in of uit te schakelen.

Alarm ingeschakeld

15:04
15.0°C
4,7 tocht000039 km

E74287

*WEKKER*RESET V. STOP
4,7 trip000039 km

E74387

Druk op de SET en RESET toets om de installatie uit te schakelen.

Weergave klok

TIJDSINSTEL.24 h
4,7 tocht000039 km

E73995

Druk op de SET en RESET toets om te wisselen tussen 12 en 24 uurs weergave.

Eenheden

MAATEENHEDEN METRISCH
4,7 tocht000039 km

E73993

Druk op de SET en RESET toets om te wisselen tussen metrische en Engelse eenheden.

Gongsignalen bij berichten

De volgende gongsignalen kunnen worden uitgeschakeld:

•buitentemperatuur 4 °C
- bevestiging tijdinstelling
- SET en RESET toets ingedrukt

BERICHT GONGUIT
4,7 tocht000039 km

E73994

Druk op de SET en RESET toets om de gongsignalen in of uit te schakelen.

Pelgrim KK 7174 - Menu Persoonlijke instellingen – Exit - 1

text_image PERS. INSTELL. ►-- EXIT --

E73996

Druk op de SET en RESET toetsen om het menu te verlaten.

WERKING

Buitenlucht

Houd de luchtinlaten voor de voorruit vrij van belemmeringen (sneeuw, bladeren, enz.) zodat het klimaatregelsysteem effectief kan werken.

Gerecirculeerde lucht

LET OP

Wanneer de luchtrecirculatiestand langdurig wordt ingeschakeld, kunnen de ruiten beslaan. Wanneer de ruiten beslaan, stel dan de standen in om de voorruit te ontdooien en te ontwasemen.

De lucht die zich in het passagierscompartiment bevindt, wordt gerecirculeerd. Er stroomt geen buitenlucht de auto in.

Verwarming

De verwarmingscapaciteit is afhankelijk van de koelvloeistoftemperatuur.

Airconditioning

N.B.: De airconditioning werkt alleen wanneer de temperatuur hoger is dan 4 °C.

N.B.: Wanneer de airconditioning is ingeschakeld, zal het brandstofverbruik hoger zijn.

De lucht wordt door de warmtewisselaar gevoerd, waar deze wordt gekoeld. Om de ruiten wasemvrij te houden wordt vocht aan de lucht onttrokken. Het condens wordt naar buiten afgevoerd en daarom is het normaal dat zich een klein plasje water onder de auto vormt.

Algemene informatie over de klimaatregeling in het interieur

Sluit alle ruiten.

Het interieur verwarmen

Laat de lucht naar de beenruimten stromen. Laat, bij koud of vochtig weer, een geringe hoeveelheid lucht naar de voorruit en de portierruiten stromen.

Het interieur afkoelen

Laat de lucht naar het hoofdniveau stromen.

VENTILATIEROOSTERS
Pelgrim KK 7174 - Het interieur afkoelen - 1

text_image A B F C E D

E71344

Naar linksA

Naar rechtsB

OpenC

DichtD

NeerE

F Op

HANDMATIGE KLIMAATREGELING

Luchtverdeelknop
Pelgrim KK 7174 - HANDMATIGE KLIMAATREGELING - 1

text_image B C A E65965

HoofdniveauA

BeenruimteB

VoorruitC

N.B.: Een kleine hoeveelheid lucht stroomt altijd naar de voorruit.

Temperatuurregelknop
Pelgrim KK 7174 - HANDMATIGE KLIMAATREGELING - 2

N.B.: Wanneer u de aanjager uitschakelt kan de voorruit beslaan.

Gerecirculeerde lucht
Pelgrim KK 7174 - HANDMATIGE KLIMAATREGELING - 3

text_image A O B E65968 Gerecirculeerde luchtA BuitenluchtB

Voorruit snel ontdooien en ontwasemen
Pelgrim KK 7174 - HANDMATIGE KLIMAATREGELING - 4

Sluit alle luchtroosters voor maximale luchttoevoer naar de voorruit. Schakel zo nodig de ruitverwarming in. Zie Verwarmde ruiten en spiegels (bladzijde 69).

Interieur snel verwarmen
Pelgrim KK 7174 - HANDMATIGE KLIMAATREGELING - 5

Airconditioning in- en uitschakelen
Pelgrim KK 7174 - HANDMATIGE KLIMAATREGELING - 6

text_image A O B AC D

E65972

Gerecirculeerde luchtA

BuitenluchtB

Aan en uitC

Koelen met buitenlucht
Pelgrim KK 7174 - HANDMATIGE KLIMAATREGELING - 7

Interieur snel afkoelen
Pelgrim KK 7174 - HANDMATIGE KLIMAATREGELING - 8

Voorruit ontdooien en ontwasemen
Pelgrim KK 7174 - HANDMATIGE KLIMAATREGELING - 9

text_image A B C

E65975

VoorruitA

Zet de luchtverdeelknop in de stand A en kies toevoer van buitenlucht. Wanneer de temperatuur hoger is dan 4 °C (39 °F), schakelt de airconditioning automatisch in. De controlelamp in de schakelaar brandt in dit geval niet.

Luchtvochtigheid in het interieur verlagen
Pelgrim KK 7174 - VoorruitA - 1

text_image A

E65976

VoorruitA

Zet de luchtverdeelknop in de stand A en kies toevoer van buitenlucht. Wanneer de temperatuur hoger is dan 4 °C (39 °F), schakelt de airconditioning automatisch in. De controlelamp in de schakelaar brandt in dit geval niet.

N.B.: Als de omgevingstemperatuur zeer laag en de motor koud is, dan wordt de voorruitverwarming automatisch ingeschakeld.

N.B.: Als start/stop actief is, stopt de motor niet automatisch wanneer de verwarmde ruiten reeds zijn ingeschakeld. Als de schakelaar ruitverwarming wordt ingedrukt nadat de motor automatisch is gestopt, dan moet de motor opnieuw worden gestart. Zie Start/stop knop gebruiken (bladzijde 86).

Voorruitverwarming

Pelgrim KK 7174 - Voorruitverwarming - 1

Schakel de ruitverwarming in om de voor-of achterruit te ontdooien of ontwasemen. De ruitverwarmingen werken alleen wanneer de motor draait en worden automatisch uitgeschakeld na een korte periode.

Verwarmbare buitenspiegels

N.B.: Bij auto's zonder een schakelaar ruitverwarming worden de verwarmbare buitenspiegels automatisch ingeschakeld wanneer de voorruit- of achterruitverwarming wordt ingeschakeld.

Pelgrim KK 7174 - Verwarmbare buitenspiegels - 1

In de elektrisch bedienbare buitenspiegels is een verwarmingselement gemonteerd dat het spiegelglas ontdooit of ontwasemt. Na korte tijd schakelt de verlichting automatisch uit.

EXTRA VERWARMING

Algemene informatie

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Schakel de programmeerbare standverwarming niet in bij tankstations, bij bronnen met brandbare dampen of stoffen of in afgesloten ruimtes.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Tank geen brandstof wanneer het display van de programmeerbare standverwarming is ingeschakeld.

N.B.: De programmeerbare standverwarming schakelt automatisch uit wanneer de accuspanning laag wordt.

N.B.: Alle symbolen op het display knipperen wanneer de stroomtoevoer naar de programmeerbare standverwarming onderbroken is geweest. Onder deze omstandigheden werkt de verwarming niet. Zet het klokje gelijk.

N.B.: De programmeerbare standverwarming schakelt bij storingen uit. Laat het systeem door een deskundige controleren.

Neem de volgende richtlijnen in acht:

- Schakel de programmeerbare standverwarming het gehele jaar minimaal eenmaal per maand ongeveer tien minuten in. Hierdoor wordt voorkomen dat de vloeistofpomp en de aanjagermotor gaan vastzitten.

- Om corrosie te voorkomen moet de koelvloeistof in uw auto het gehele jaar door minstens 10 % antivries bevatten.

- Om luchtbellen te voorkomen moet u ervoor zorgen dat het koelyloeistofpiel zicht tussen het MAX en MIN merkteken op het reservoir bevindt. Zie Motorkoelyloeistof controleren (bladzijde 137).

- De aanjager van de programmeerbare standverwarming wordt ingeschakeld zodra de koelvloeistof een bepaalde temperatuur heeft bereikt. In deze stand heeft de omgevingstemperatuur gaan invloed.

- Wij continu gebruik van de standverwarming, registreert deze de omgevingstemperatuur. Wanneer deze hoger is dan 5 °C wordt de programmeerbare standverwarming niet ingeschakeld.

De programmeerbare standverwarming werkt onafhankelijk van de verwarming van de auto door het koelvloeistofcircuit van de motor te verwarmen. Hij wordt door de brandstoftank van energie voorzien. U kunt het systeem ook tijdens het rijden gebruiken om het interieur sneller te laten opwarmen.

Het is mogelijk dat bij ingeschakelde programmeerbare standverwarming er uitlaatgassen onder de zijkanten van de auto vrijkomen. Dit is normaal.

Werkingsprincipe

Voor ingebruikneming

LET OP

Wanneer de aanjagerschakelaar in een andere stand dan stand één wordt gezet, heeft dit een kortere levensduur van de accu of zelfs een lege accu tot gevolg.

Voordat de verwarming wordt ingeschakeld of geprogrammeerd moeten de volgende instellingen worden voorbereid:

  • Zet de temperatuurregelknop van het standaard verwarmingssysteem op maximum.
    • Zet de aanjagerschakelaar in stand 1.
  • Schakel voor het afzetten van het contact de recirculatiestand in. Wacht minimaal vijf seconden met het sluiten van de luchtroosters van het ventilatiesysteem.
    •Zet alle luchtroosters in de cabine open.

Instellen van de tijd
Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

text_image A 20:05 B P D

E71347

Druk de toets A langer dan drie seconden ingedrukt en houd hem ingedrukt tot de tijdsaanduiding op het display knippert. Druk de toetsen B en D binnen vijf seconden in om de tijd in te stellen. Houd de betreffende toets ingedrukt om de tijdsaanduiding snel te veranderen.

Verwarmingsduur programmeren
Pelgrim KK 7174 - LET OP - 2

text_image A B 90 P E71348 D

LET OP

De aanbevolen instelling is 30 minuten. Langere tijden verkorten de levensduur van de accu of kunnen zelfs een lege accu tot gevolg hebben.

N.B.: De verwarmingsduur voor van te voren ingestelde tijden en de verwarmingsmodi kunnen voor 10 tot 120 minuten worden ingesteld.

Druk de toets A langer dan drie seconden ingedrukt en houd hem ingedrukt tot de tijdsaanduiding op het display knippert. Wacht vijf seconden tot het verwarmingssymbool verschijnt en de verwarmingsduur knippert.

Druk de toetsen B en D in om de verwarmingsduur in te stellen.

Druk na het instellen van de verwarmingsduur op toets A. Het display geeft nu de tijd weer met een knipperende dubbele punt.

Verwarming uitschakelen

Druk op de toets met het verwarmingssymbool. De verwarming blijft nog drie minuten werken en schakelt vervolgens uit. Het display duidt nu de tijd aan.

Geprogrammeerde verwarmingsmodus
Pelgrim KK 7174 - Verwarming uitschakelen - 1

text_image 75 P 100 C

E71349

De verwarming kan op elk gewenst moment voor de geprogrammeerde tijdsduur worden ingeschakeld. Druk op toets C. Het display wordt verlicht en toont de resterende verwarmingstijd en het verwarmingssymbool.

Verwarming continu inschakelen
Pelgrim KK 7174 - Verwarming uitschakelen - 2

text_image B 7:30 C

E71350

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Nadat het contact is afgezet blijft de verwarming werken. Schakel de verwarming uit om onnodig armen te voorkomen.

Druk op toets B en houd deze ingedrukt. Druk op toets C. De verwarming werkt nu tot toets C opnieuw wordt ingedrukt. Het display wordt verlicht en toont de tijd en het verwarmingssymbool.

Verwarmingsmodus programmeren

De verwarming schakelt automatisch op de geactiveerde inschakeltijd in en blijft gedurende de geprogrammeerde verwarmingsduur werken. Het display wordt verlicht en toont de resterende verwarmingstijd en het verwarmingssymbool.

U kunt drie verschillende inschakeltijden programmeren.

Inschakeltijden programmeren
Pelgrim KK 7174 - Verwarmingsmodus programmeren - 1

text_image A 7:30 B P D

Druk toets A meerdere keren in tot het symbool 1, 2 of 3) voor de gewenste inschakeltijd wordt weergegeven. Druk op toetsen B en D om de tijd in te stellen. Houd de betreffende toets ingedrukt om de tijdsaanduiding snel te veranderen.

Druk na het programmeren van de inschakeltijden op toets A. Het display geeft nu de tijd weer met een knipperende dubbele punt.

Geprogrammeerde inschakeltijden activeren/ deactiveren

Pelgrim KK 7174 - Geprogrammeerde inschakeltijden activeren/ deactiveren - 1

Druk toets A meerdere keren in tot het symbool 1, 2 of 3) voor de gewenste inschakeltijd wordt weergegeven. Druk op toets C. Het ON symbool verschijnt op het display. Druk opnieuw op toets C om de inschakeltijd weer te deactiveren.

DE JUISTE ZITPOSITIE INNEMEN

Pelgrim KK 7174 - DE JUISTE ZITPOSITIE INNEMEN - 1

text_image Max. 30° E68595

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Verstel de stoelen nooit tijdens het rijden.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Alleen wanneer de veiligheidsgordel correct wordt gedragen, kan deze u in een zodanige positie houden dat bag optimaal kan functioneren.

Wanneer u de veiligheidsgordel correct draagt kunnen de stoel, hoofdsteun, veiligheidsgordel en airbags bij een eventuele aanrijding optimaal bescherming bieden. Wij raden aan dat u:

  • zoveel mogelijk rechtop gaat zitten met de onderzijde van uw rug zover mogelijk naar achteren.
  • de rugleuning van de stoel niet meer dan 30 graden achterover kantelt.
  • de hoofdsteun zodanig instelt, dat de bovenzijde gelijkligt met de bovenzijde van uw hoofd. Stel de hoofdsteun zover mogelijk naar voren in, maar u moet comfortabel kunnen zitten.
    •voldoende afstand houdt tussen uzelf en het stuurwiel. minimaal 250 mm (10 inch) tussen uw borstbeen en de kap van de airbag aanhoudt.

  • het stuurwiel met licht gebogen armen vasthoudt.

  • uw benen licht buigt zodat u de pedalen volledig kunt indrukken.
  • de schoudergordel over het midden van uw schouder en de heupgordel strak over uw heupen legt.

Zorg ervoor dat uw zitpositie comfortabel is en dat u de volledige controle over de auto hebt.

VOORSTOELEN

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Verstel de stoelen nooit tijdens het rijden.

Stoelen naar voren en achteren schuiven

Pelgrim KK 7174 - Stoelen naar voren en achteren schuiven - 1

Schuif de stoel naar voren en naar achteren nadat u de hendel omhoog hebt getrokken om er zeker van te at de stoel weer goed is vergrendeld.

LET OP

Schuif de voorstoelen niet te ver naar het instrumentenpaneel toe. De voorste negen vergrendelingspunten zijn alleen bestemd om de accu toegankelijk te maken.

Lendensteun afstellen
Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

text_image A A B E66530

VollerA
LegerB

Hellingshoek van de zitting verstellen
Pelgrim KK 7174 - LET OP - 2

Hellingshoek van de rugleuning verstellen
Pelgrim KK 7174 - LET OP - 3

E66534
Draai de knop onder de armsteun.

Stoel draaien

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Zorg ervoor dat de stoelen en de rugleuningen goed vastzitten en volledig zijn vergrendeld.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Draai de stoel alleen naar het midden van de auto en niet richting het portier.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 2

Gebruik tijdens het rijden de achterbank niet als bed.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 3

Zorg ervoor dat de stoelen en de achterbanken goed vastzitten en volledig zijn vergrendeld.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 4

Zorg er bij het omhoog klappen van de rugleuningen voor dat de gordels zichtbaar zijn voor de inzittende enchter de bank bekneld raken.

Een rugleuningdeel naar voren kantelen

Pelgrim KK 7174 - Een rugleuningdeel naar voren kantelen - 1

Complete rugleuning naar voren kantelen

Pelgrim KK 7174 - Complete rugleuning naar voren kantelen - 1

Rugleuning naar voren kantelen:

  1. Trek de lussen naar beneden en houd ze in deze stand.
  2. Druk de rugleuning naar voren.

Stoelen

Rugleuning weer in de verticale stand kantelen:

  1. Trek de lussen naar beneden en houd ze in deze stand.
  2. Druk de rugleuning weer in verticale stand.

Zittingen van achterbanken verwijderen
Pelgrim KK 7174 - Stoelen - 1

text_image 1 2 E68611 E68612

WAARSCHUWINGEN

Plug de vrijgekomen boutgaten af wanneer u de banken verwijderd. Dit om te voorkomen dat uitlaatgassen de wagen kunnen binnendringen.

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

De achterbank weegt 89 kilogram.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Sla de achterbank op een droge en veilige plaats op.

  1. Rugleuning naar voren klappen
  2. Trek de hendel naar boven en houd hem in deze stand.
  3. Trek voorzichtig de bank naar achteren tot de voorzijde van het frame uit de verankeringen in de vloer loskomt.
  4. Verwijder de bank.

Breng de bank in omgekeerde volgorde aan.

HOOFDSTEUNEN
Pelgrim KK 7174 - LET OP - 2

Hoofdsteun instellen

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Trek de hoofdsteun omhoog wanneer de achterbank door een passagier of voor een kinderzitje t gebruikt.

Stel de hoofdsteun zo in, dat de bovenzijde ervan gelijkligt met de bovenzijde van uw hoofd.

Hoofdsteun verwijderen

Druk de knoppen in en verwijder de hoofdsteun.

VERWARMDE STOELEN

Pelgrim KK 7174 - VERWARMDE STOELEN - 1

N.B.: De verwarming kan alleen opnieuw geactiveerd worden als de stoeltemperatuur is afgenomen tot minder dan 26 °C.

De stoelverwarming bereikt zijn maximum temperatuur na vijf tot zes minuten. Het systeem wordt automatisch uitgeschakeld.

KLOK

Auto's met klok in de audio- of navigatie-unit

Raadpleeg voor gedetailleerde instructies hoe de klok moet worden ingesteld de afzonderlijke handleiding van de audio-unit of de navigatie-unit.

Uitvoeringen met een instrumentengroep van het lage uitrustingsniveau

N.B.: U hooft een kort signaal wanneer de klok is ingesteld.

N.B.: Houd de toets van de klok langer dan een seconde ingedrukt om te wisselen tussen de 12 en 24 uurs modus.

  1. Zet de contactsleutel in stand II.
  2. Houd de toets langer dan drie seconden ingedrukt, tot de tijdsaanduiding op het display gaat knipperen.
  3. Druk de toets in om de tijd in te stellen. Houd de toets ingedrukt om de tijd versneld in te stellen.

Uitvoeringen met een instrumentengroep van het hoge uitrustingsniveau

Pelgrim KK 7174 - Uitvoeringen met een instrumentengroep van het hoge uitrustingsniveau - 1

text_image TIJD INSTELLEN 01,01,00 15,03 4,7 tocht 000039 km

E73992

  1. Scroll naar dit display. Druk op SET en RESET en houd deze ingedrukt. De dag begint te knipperen. Instellen met de draaiknop.

  2. Druk op de SET en RESET toets om de instelling te bevestigen en ga naar de maand.

  3. Ga op dezelfde wijze te werk voor het instellen van het jaar, de uren en minuten.

Na het instellen en indrukken van de SET en RESET toetsen, worden de tijd en datum opgeslagen.

KAARTJESHOUDERS

Pelgrim KK 7174 - KAARTJESHOUDERS - 1

Wanneer u het aansluitpunt gebruikt terwijl de motor niet draait, wordt hierdoor de accu ontladen.
Houd het verwarmingselement van de aansteker niet ingedrukt.

N.B.: U kunt het elektrische aansluitpunt gebruiken voor 12 volt accessoires met een maximum vermogen van 20 ampère. Gebruik alleen Ford stekkers of stekkers die geschikt zijn voor gebruik in SAE gestandaardiseerde aansluitingen.

Pelgrim KK 7174 - KAARTJESHOUDERS - 2

Druk het verwarmingselement in om de aansteker te laten gloeien. Hij springt automatisch in de oorspronkelijke stand terug.

Voor locatie: Zie In één oogopslag (bladzijde 8).

ASBAK
Pelgrim KK 7174 - KAARTJESHOUDERS - 3

Indien gebruikt terwijl de motor niet draait, wordt hierdoor de accu ontladen. Er is wellicht onvoldoende vermogen om de motor opnieuw te starten.

N.B.: Alleen gebruiken voor 12 volt accessoires met een maximum vermogen van 20 ampère. Gebruik alleen Ford stekkers of stekkers die geschikt zijn voor gebruik in SAE gestandaardiseerde aansluitingen.

Pelgrim KK 7174 - KAARTJESHOUDERS - 4

Plaats tijdens het rijden geen hete dranken in de bekerhouders.

Pelgrim KK 7174 - KAARTJESHOUDERS - 5

Gebruik het tafeltje niet tijdens het rijden.

Pelgrim KK 7174 - KAARTJESHOUDERS - 6

Plaats geen glazen voorwerpen in de bekerhouders.

OPBERGRUIMTES

Opbergruimte boven de voorruit

Pelgrim KK 7174 - Opbergruimte boven de voorruit - 1

Plaats geen zware voorwerpen in de opbergruimte boven de voorruit.

Opbergvak op dashboard

Pelgrim KK 7174 - Opbergvak op dashboard - 1

Plaats geen glazen voorwerpen in de flessenhouder.

VLOERMATTEN

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Wanneer de vloermatten worden gebruikt, zorg dan dat de vloermatten correct worden vastgemaakt met de correcte bevestigingselementen, zodat de matten geen invleod hebben op de bediening van de pedalen.

AANSLUITING AUXILIARY INGANG (AUX IN)

Zie de afzonderlijke audiohandleiding.

Pelgrim KK 7174 - AANSLUITING AUXILIARY INGANG (AUX IN) - 1

Zie Verbinding (bladzijde 237).

ALGEMENE INFORMATIE

Algemene opmerkingen over het starten

Als de accu losgekoppeld is geweest kan de motor, nadat de accukabels weer zijn aangesloten, een afwijkende draaikarakteristiek vertonen gedurende ca. 8 kilometer.

De oorzaak is, dat het motormanagement zich weer aan de motor moet aanpassen. Ongebruikelijke rijkarakteristieken tijdens deze periode moeten worden genegeerd.

Motor starten door middel van slepen of duwen

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Om beschadiging te voorkomen moet u uw auto niet aanduwen of aanslepen. Gebruik hulpstartkabels

en een hulpaccu. Zie Starten met hulpstartkabels (bladzijde 146).

CONTACTSLOT

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Draai nooit de sleutel in de stand 0 of I terug zolang de auto nog in beweging is.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 2

- Contact uitgeschakeld.

I De ontsteking en alle hoofdcircuits zijn uitgeschakeld.

N.B.: Laat, om te voorkomen dat de accu leegraakt, de contactsleutel niet te lang in deze stand staan.

II Het contact staat aan. Alle elektrische circuits zijn ingeschakeld. Waarschuwings- en controlelampen branden. Dit is de stand waarin de sleutel moet staan tijdens het rijden. U moet deze stand ook kiezen wanneer de auto wordt gesleept.
III Startmotor ingeschakeld. Laat de sleutel los zodra de motor aanslaat.

EEN BENZINEMOTOR STARTEN

N.B.: U kunt de startmotor per startpoging slechts maximaal 30 seconden inschakelen.

Koude of warme motor

Alle auto's

LET OP

Zet bij temperaturen lager dan -20°C het contact tenminste één seconde aan alvorens de motor te starten. Hierdoor zorgt u ervoor dat de maximale benzinedruk wordt opgebouwd voordat de motor wordt gestart.

Auto's met handgeschakelde versnellingsbak

N.B.: Raak het gaspedaal niet aan.

  1. Druk het koppelingspedaal volledig in.
  2. Start de motor.

Auto's met automatische transmissie

N.B.: Raak het gaspedaal niet aan.

  1. Schakel park of neutral in.
  2. Druk het rempedaal volledig in.
  3. Start de motor.

Alle auto's

Wacht even wanneer de motor niet binnen 15 seconden aanslaat, en probeer het opnieuw.

Is de motor na drie startpogingen nog niet aangeslagen, wacht dan tien seconden en ga te werk zoals is beschreven onder

Verzopen motor.

Levert het starten bij temperaturen lager dan -25°C problemen op, druk het gaspedaal dan 1/4 tot 1/2 van de pedaalslag in en probeer het opnieuw.

Verzopen motor

Auto's met handgeschakelde versnellingsbak

  1. Druk het koppelingspedaal volledig in.
  2. Druk het gaspedaal volledig in en houd het ingedrukt.
  3. Start de motor.

Auto's met automatische transmissie

  1. Schakel park of neutral in.
  2. Druk het gaspedaal volledig in en houd het ingedrukt.
  3. Druk het rempedaal volledig in.
  4. Start de motor.

Alle auto's

Slaat de motor niet aan, herhaal dan de startprocedure zoals beschreven onder Koude of warme motor.

Stationair toerental na het starten

Het stationaire toerental waarmee de motor direct na het aanslaan draait, is afhankelijk van de motortemperatuur.

Wanneer de motor koud is, wordt het stationaire toerental automatisch verhoogd om de katalysator zo snel mogelijk op temperatuur te brengen. Hierdoor wordt de uitlaatgasemissie van de auto tot een absoluut minimum beperkt.

Het stationaire toerental neemt langzaam tot normaal af zodra de katalysator opwarmt.

EEN DIESELMOTOR STARTEN

Koude of warme motor

Alle modelvarianten

N.B.: Wanneer de temperatuur lager is dan -15 °C, mag u de startmotor 15 seconden achtereen inschakelen. Wanneer de auto frequent wordt gebruikt bij dergelijk lage temperaturen raden wij aan een verwarmingselement in het motorblok te laten monteren.
N.B.: Schakel de startmotor in tot de motor aanslaat.
N.B.: U kunt de startmotor per startpoging slechts maximaal 15 seconden inschakelen.
N.B.: Als motor na een aantal pogingen niet start, dan gaat de motorcontrolelamp branden. Zie Waarschuwings- en indicatielampen (bladzijde 53). De motor mag pas na 30 minuten opnieuw worden gestart om beschadiging van de startmotor te voorkomen.

Pelgrim KK 7174 - Alle modelvarianten - 1

Zet het contact aan en wacht tot de controlelamp van het voorgloeisysteem uitgaat.

Auto's met handgeschakelde versnellingsbak

N.B.: Druk het gaspedaal niet in.

  1. Druk het koppelingspedaal volledig in.
  2. Start de motor.

Uitvoeringen met automatische transmissie

  1. Selecteer park of neutral.
  2. Druk het rempedaal volledig in.
  3. Start de motor.

DIESELROETFILTER

Het DPF is een onderdeel van het uitlaatgasemissiesysteem van uw auto. Het zuivert de uitlaatgassen van schadelijke roetdeeltjes bij auto's met dieselmotor.

Regeneratie

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Laat de motor niet stationair draaien of parkeer de auto niet op droge bladeren, droog gras of ander brandbaar materiaal. Het DPF-regeneratieproces werkt met bijzonder hoge uitlaatgastemperaturen en na het afzetten van de motor en tijdens en na DPF-regeneratie blijft de uitlaat een aanzienlijke hoeveelheid hitte uitstralen. Hierdoor ontstaat het gevaar van brand.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

U dient te voorkomen dat de brandstof oprakt.

N.B.: Tijdens regeneratie bij een laag toerental of stationaire motor kan een hete metaalachtige lucht worden geroken en is wellicht een klikkend metaalachtig geluid hoorbaar. Dit wordt veroorzaakt door de tijdens de regeneratie bereikte hoge temperaturen en dit is normaal.

N.B.: Nadat de motor is afgezet draaien de ventilatoren wellicht nog een korte periode door.

In tegenstelling tot een gewoon filter, dat regelmatig vervangen moet worden, is het DPF zodanig ontworpen dat het regenereert (zichzelf reinigt) om doeltreffend te blijven. Het regeneratieproces vindt automatisch plaats. Onder sommige rijomstandigheden moet u echter het regeneratieproces ondersteunen.

Als u alleen korte afstanden aflegt of uw tijdens het rijden regelmatig stopt en start (met verhoogd accelereren en decelereren), dan zal een enkele keer rijden onder de volgende omstandigheden het regeneratieproces ondersteunen:

•Rijd tot 20 minuten met een constante snelheid, bij voorkeur op een hoofdweg of snelweg.
- Voorkom langdurig stationair draaien en neem altijd snelheidslimieten en het type wegdek in acht.
• Zet de auto niet van contact.
- Kies zo nodig een lagere versnelling dan normaal om tijdens deze rit een hoger motortoerental te verkrijgen.

MOTOR UITSCHAKELEN

Auto's met turbocompressor

LET OP

Zet de motor niet af wanneer deze met een hoog toerental draait. Als de motor bij een hoog toerental wordt afgezet, zal de turbocompressor nog draaien nadat de oliedruk al tot nul is gedaald. Dit heeft vroegtijdige slijtage van de compressorlagers tot gevolg.

Laat het gaspedaal los. Wacht tot de motor stationair draait en zet de motor af.

WERKING

ECO-systeem

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Voor auto's met start/stop-schakelaar verschillen de accuvereisten. De accu moet worden vervangen door een accu met exact dezelfde specificatie als de originele.

Het systeem bestaat uit een start/stop-schakelaar en een snelheidsbegrenzer. Deze combinatie verlaagt het brandstofverbruik en de CO2-emissies door de motor uit te schakelen wanneer de auto stationair draait, bijvoorbeeld bij verkeerslichten. De motor wordt opnieuw gestart wanneer de bestuurder het koppelingspedaal intrapt en wanneer een voertuigsysteem dit aanvraagt, bijvoorbeeld voor het laden van de accu. Het systeem begrenst tevens de voertuigsnelheid tot 110 km/u. Zie

Automatische snelheidsbegrenzer (ASL) (bladzijde 110).

Om maximaal voordeel uit het systeem te halen, moet de keuzehendel in de neutrale stand worden gezet en het koppelingspedaal bij een stop van langer dan drie seconden worden losgelaten.

START/STOP KNOP GEBRUIKEN

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Indien het systeem dit vereist, kan de motor automatisch opnieuw worden gestart. De motor wordt alleen automatisch opnieuw gestart wanneer een van de pedalen wordt ingetrapt. Als geen pedaal wordt ingetrapt, gaat de start/stop-indicatielamp knipperen en wordt een bericht weergegeven in de display.

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Schakel het contact uit voordat de motorkap wordt geopend of onderhoudswerkzaamheden worden voerd.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Schakel altijd het contact uit voordat u uit de auto stapt, want het systeem kan de motor wel uitgeschakeld en, maar het contact is nog steeds chakeld.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 3

Het systeem werkt wellicht niet wanneer extra energieverbruikers blijven aangesloten bij afgezet act.

N.B.: Het systeem werkt alleen wanneer de motor de normale bedrijfstemperatuur heeft bereikt en de buitentemperatuur tussen 0 °C en 40 °C ligt.

N.B.: Als u de motor laat afslaan en vervolgens binnen vijf seconden het koppelingspedaal intrapt, dan wordt de motor automatisch opnieuw gestart.

N.B.: De start/stop-indicatielamp brandt groen wanneer de motor wordt uitgeschakeld. Zie Waarschuwings- en indicatielampen (bladzijde 53).

N.B.: Als het systeem een storing heeft geregistreerd wordt dit uitgeschakeld. De OFF-lamp op de ECO-schakelaar brandt permanent. Als de lamp blijft branden na een ontstekingscyclus, dan moet het systeem worden gecontroleerd door een geschoolde monteur.

N.B.: Wanneer u het systeem heeft uitgeschakeld, is de schakelaar verlicht.

N.B.: Het systeem wordt geactiveerd in combinatie met de snelheidsbegrenzer. Zie Automatische snelheidsbegrenzer (ASL) (bladzijde 110).

Het systeem in- en uitschakelen

Pelgrim KK 7174 - Het systeem in- en uitschakelen - 1

text_image OFF ECO

E140218

Het systeem is standaard ingeschakeld. Druk op de schakelaar in het instrumentenpaneel om het systeem uit te schakelen. Het systeem wordt alleen gedeactiveerd gedurende de huidige contactcyclus. Druk nogmaals op de schakelaar om het systeem in te schakelen. Voor locatie. Zie In één oogopslag (bladzijde 8).

Motor afzetten

  1. Stop de auto.
  2. Zet de keuzehendel in de neutraalstand.
  3. Laat het koppelingspedaal los.
  4. Laat het gaspedaal los.
    Het systeem zet de motor wellicht niet af onder bepaalde omstandigheden, bijvoorbeeld:
    •Lage accuspanning.
  5. De buitentemperatuur is te laag of te hoog.
  6. Het bestuurdersportier is geopend.
    •Lage bedrijfstemperatuur motor.
  7. Als een snelheid van 5 km/u niet is overschreden.
  8. De auto staat op een steile helling.

  9. De voorruitverwarming of de achterruitverwarming is ingeschakeld.
    • Tijdens regeneratie van het dieselroetfilter.

Motor starten

N.B.: De keuzehendel moet in de neutraalstand staan. Als de schakelhendel niet in neutraal staat, gaat de start/stop-indicatielamp knipperen en wordt een bericht weergegeven in de display.

Druk het koppelingspedaal in.

WAARSCHUWING

Indien het systeem dit vereist, kan de motor automatisch opnieuw worden gestart. De motor wordt alleen automatisch opnieuw gestart wanneer een van de pedalen wordt ingetrapt. Als geen pedaal wordt ingetrapt, gaat de start/stop-indicatielamp knipperen en wordt een bericht weergegeven in de display.

Het systeem kan de motor onder bepaalde omstandigheden weer starten, bijvoorbeeld:

•Lage accuspanning.
- De voorruitverwarming of de achterruitverwarming is ingeschakeld.
- De auto beweegt (bijvoorbeeld bergaf rollen).

VEILIGHEIDSMAATREGELEN

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Stop met tanken nadat het vulpistool voor de tweede keer is afgeslagen. Alle brandstof die u dan nog toevoegt vult de expansieruimte in de brandstoftank, hetgeen er toe kan leiden dat de brandstof overstroomt. Het morsen van brandstof kan gevaarlijk zijn voor andere weggebruikers.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Vermijd open vuur of hittebronnen in de nabijheid van het brandstofsysteem. Het brandstofsysteem staat onder druk. Wanneer het brandstofsysteem lekt, bestaat het gevaar van verwonding.

BRANDSTOFKWALITEIT - BENZINE

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Gebruik geen gelode benzine of benzine met additieven die andere metallische bestanddelen (bijv. op ngaan gebaseerd) bevat. Deze kunnen emissiesysteem beschadigen.

N.B.: Gebruik uitsluitend brandstof van hoge kwaliteit zonder additieven of andere toevoegingen.

Gebruik ongelode benzine met een minimum octaangetal van 95 die voldoet aan de specificatie EN228, of een equivalent.

BRANDSTOFKWALITEIT - DIESEL

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Meng de dieselolie niet met olie, benzine of andere vloeistoffen. Deze kunnen een chemische reactie orzaken.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Voeg geen kerosine, paraffine of petroleum aan de dieselolie toe. Deze kunnen het brandstofsysteem chadigen.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 2

Gebruik dieselolie die voldoet aan de specificatie EN 590, of de betreffende nationale specificatie.

N.B.: We adviseren alleen brandstof van hoge kwaliteit te gebruiken.

N.B.: Het gebruik van niet door Ford goedgekeurde additieven of andere motorbehandelingen worden door Ford afgeraden.

N.B.: Wij raden het langdurig gebruik van additieven af die vlokvorming moeten voorkomen.

Opslaan voor de lange termijn

De meeste dieselbrandstoffen bevatten biodiesel; wanneer uw voertuig lange tijd niet wordt gebruikt (meer dan twee maanden), dan wordt aanbevolen de tank enkel met diesel op aardoliebasis (indien beschikbaar) te vullen of een antioxidant aan de biodiesel toe te voegen. Uw dealer kan u helpen met een geschikte antioxidant.

KATALYSATOR

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Laat de motor niet stationair draaien of parkeer de wagen niet op droge bladeren, droog gras of ander brandbaar materiaal. Tijdens het gebruik van de motor en na het afzetten van de motor straalt het uitlaatsysteem veel warmte uit. Hierdoor ontstaat het gevaar van brand.

Rijden met een auto met katalysator

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Zorg ervoor dat u de tank niet leeg rijdt.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 2

Schakel de startmotor niet langdurig achtereen in.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 3

Laat de motor niet met een losgekoppelde bougiekabel draaien.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 4

Sleep of duw de auto niet aan. Gebruik hulpstartkabels. Zie Starten methulpstartkabels (bladzijde 146).

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 5

Zet het contact tijdens het rijden niet af.

TANKKLEP

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Voorkom dat tijdens het tanken brandstof wordt gemorst, die zich in het vulpistool bevindt.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Wij raden aan minimaal 10 seconden te wachten alvorens het vulpistool uit de vulbuis te halen, zodat alle ergebleven brandstof in de dstoftank kan stromen.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Wanneer u een hogedrukspuit gebruikt om uw auto te wassen, spuit dan kort op de brandstofvulklep vanaf afstand van niet minder dan 20imeter (8 inch).

N.B.: Het is normaal dat een sissend geluid hoorbaar is wanneer u de tankdop opent.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 2

text_image 1 E66588

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 3

Probeer niet de motor te starten wanneer u de tank met de onjuiste brandstofsoort hebt gevuld. Hierdoor de motor worden beschadigd. Laat het een onmiddellijk door een geschoolde nteur controleren.

BRANDSTOFVERBRUIK

De CO2 waarden en de brandstofverbruikcijfers zijn afgeleid van laboratoriumtests volgens EEC richtlijn 80/1268/EEC en aanvullingen daarop. Deze richtlijnen worden door alle automobielfabrikanten aangehouden.

Deze gegevens zijn bedoeld voor het vergelijken van merken en modellen. Ze zijn niet bedoeld als weergave van het werkelijke brandstofverbruik van uw wagen. Het werkelijke brandstofverbruik wordt door vele factoren bepaald, waaronder de rijstijl, rijden met hoge snelheden, starten/stoppen, gebruik van de airconditioning, de gemonteerde accessoires, rijden met een aanhanger, enz.

Uw Ford dealer dient u gaarne van advies hoe u het brandstofverbruik kunt verlagen.

Brandstofverbruikscijfers

VariantBuitenwegStadsverkeer neerdGecombi-CO2-emissie
l/100 km (mpg)l/100 km (mpg)l/100 km (mpg)g/km
Kombi 2.4L DuraTorq-TDCi 74 kW (100 pk), asreductie: 4,7811,2 (25,2) - 11,5 (24,6)7,5 (37,7) - 7,9 (35,8)8,9 (31,9) - 9,2 (30,6)234 - 244
Kombi 2.4L DuraTorq-TDCi 74 kW (100 pk), asreductie: 3,73 - handgeschakelde 6-versnellingsbak, met DPF10,8 (26,2) - 11,0 (25,7)7,2 (39,2) - 7,4 (38,2)8,5 (33,1) - 8,7 (32,4)225 - 230
Kombi 2.4L DuraTorq-TDCi 74 kW (100 pk), asreductie: 5,1112,0 (23,5) - 12,4 (22,8)8,0 (35,3) - 8,4 (33,6)9,5 (29,8) - 9,9 (28,6)250 - 261
Kombi 2.4L DuraTorq-TDCi 74kW (100 pk), asreductie: 4,27 - handgeschakelde 6-versnellingsbak, met DPF12,2 (23,2) - 12,4 (22,8)8,1 (34,9) - 8,3 (34,0)9,6 (29,4) - 9,8 (28,8)254 - 259
VariantBuitenwegStadsverkeer neerdGecombi-verkeer neerdCO2-emissie
l/100 km (mpg)l/100 km (mpg)l/100 km (mpg)g/km
Kombi 2.4L DuraTorq-TDCi 85 kW (115 pk), asreductie: 3,73 - handgeschakelde 6-versnellingsbak, zonder DPF10,6 (26,7) - 10,7 (26,4)7,3 (38,7) - 7,4 (38,2)8,5 (33,2) - 8,6 (32,8)225 - 227
Kombi 2.4L DuraTorq-TDCi 85 kW (115 pk), asreductie: 3,73 - handgeschakelde 6-versnellingsbak, met DPF10,9 (25,8) - 11,1 (25,4)7,1 (39,8) - 7,3 (38,7)8,5 (33,2) - 8,7 (32,4)225 - 230
Kombi 2.4L DuraTorq-TDCi 85 kW (115 pk), asreductie: 4,27 - handgeschakelde 6-versnellingsbak, zonder DPF12,6 (22,4) - 12,8 (22,1)7,9 (35,8) - 8,0 (35,3)9,6 (29,4) - 9,8 (28,8)254 - 258
Kombi 2.4L DuraTorq-TDCi 85 kW (115 pk), asreductie: 4,27 - handgeschakelde 6-versnellingsbak, met DPF12,5 (22,6) - 12,7 (22,2)7,9 (35,8) - 8,1 (34,9)9,6 (29,4) - 9,8 (28,8)253 - 259
Kombi 2.4L DuraTorq-TDCi 103 kW (140 pk), asreductie: 3,73 - handgeschakelde 6-versnellingsbak, zonder DPF11,4 (24,8) - 11,5 (24,6)7,6 (37,2) - 7,8 (36,2)9,0 (31,4) - 9,2 (30,8)238 - 242
Kombi 2.4L DuraTorq-TDCi 103 kW (140 pk), asreductie: 3,73 - handgeschakelde 6-versnellingsbak, met DPF11,4 (24,8) - 11,6 (24,4)7,6 (37,2) - 8,0 (35,3)9,0 (31,4) - 9,3 (30,3)238 - 246
Kombi 2.4L DuraTorq-TDCi 103 kW (140 pk), asreductie: 4,27 - handgeschakelde 6-versnellingsbak, zonder DPF12,8 (22,1) - 12,9 (21,9)8,1 (34,9) - 8,3 (34,0)9,8 (28,7) - 10,0 (28,3)260 - 264
Kombi 2.4L DuraTorq-TDCi 103 kW (140 pk), asreductie: 4,27 - handgeschakelde 6-versnellingsbak, met DPF12,8 (22,1) - 13,1 (21,6)8,1 (34,9) - 8,5 (33,2)9,8 (28,7) - 10,2 (27,7)260 - 269
Kombi 3.2L DuraTorq-TDCi, 147kW (200 pk), asreductie: 3,58 - handgeschakelde 6-versnellingsbak12,9 (21,9) - 13,0 (21,7)7,9 (35,7) - 8,0 (35,2)9,8 (29,0) - 9,9 (28,7)258 - 260
VariantBuitenwegStGecombi-stadsverkeer neerdCO2-emissie
l/100 km (mpg)l/100 km (mpg)l/100 km (mpg)g/km
Kombi 3.2L DuraTorq-TDCi, 147kW (200 pk), asreductie: 4,10 - handgeschakelde 6-versnellingsbak14,4 (19,6) - 14,5 (19,5)8,4 (33,6) - 8,5 (33,2)10,6 (26,6) - 10,7 (26,4)280 - 283

Achterwielaandrijving - M1

Brandstofverbruikscijfers

VariantBuitenwegStadsverkeerGecombi- neerdCO2-emissie
L/100 km (mpg)L/100 km (mpg)L/100 km (mpg)g/km
2.2L Duratorq-TDCi (74 kW/100 pk), (92 kW/125 pk) - (Puma), asreductie: 3,91, Fase V met Start/Stop-systeem9,9 (28,6) - 10,1 (28)7,1 (39,8) - 7,2 (39,2)8,1 (34,9) - 8,3 (34)214 - 219
2.2L Duratorq-TDCi (74 kW/100 pk) - (Puma), asre- ductie: 3,58, Fase V met Start/Stop-systeem9,2 (30,8) - 9,4 (30,1)6,9 (40,9) - 7 (40,4)7,7 (36,7) - 7,9 (35,7)204 - 209
2.2L Duratorq-TDCi (74 kW/100 pk) - (Puma), asre- ductie: 3,58, Fase V zonder Start/Stop-systeem9,7 (29,1) - 9,9 (28,6)6,9 (40,9) - 7 (40,4)7,9 (35,7) - 8,1 (34,9)209 - 214
2.2L Duratorq-TDCi (92 kW/125 pk) - (Puma), asre- ductie: 3,31, Fase V met Start/Stop-systeem8,5 (33,1) - 8,7 (32,4)6,7 (42,2) - 6,8 (41,5)7,3 (38,7) - 7,5 (37,7)194 - 199
2.2L Duratorq-TDCi (92 kW/125 pk) - (Puma), asre- ductie: 3,31, Fase V zonder Start/Stop-systeem9,1 (31) - 9,3 (30,4)6,7 (42,2) - 6,8 (41,5)7,6 (37,2) - 7,7 (36,7)199 - 204
VariantBuitenwegStadverkeer neerdGecombi-CO2-emissie
L/100 km (mpg)L/100 km (mpg)L/100 km (mpg)g/km
2.2L Duratorq-TDCi (92 kW/125 pk) - (Puma), asre-ductie: 3,91, Fase V zonder Start/Stop-systeem10,3 (27,4) - 10,6 (26,7)7,1 (39,8) - 7,2 (39,2)8,3 (34) - 8,5 (33,1)219 - 224
2.2L Duratorq-TDCi (74 kW/100 pk), (92 kW/125 pk) - (Puma), asreductie: 3,91, Fase IV zonder Start/Stop-systeem10,3 (27,4) - 10,6 (26,7)7,1 (39,8) - 7,2 (39,2)8,3 (34) - 8,5 (33,1)219 - 224
2.2L Duratorq-TDCi (74 kW/125 pk) - (Puma), asre-ductie: 3,58, Fase IV zonder Start/Stop-systeem9,7 (29,1) - 9,9 (28,6)6,9 (40,9) - 7 (40,4)7,9 (35,7) - 8,1 (34,9)209 - 214
2.2L Duratorq-TDCi (92 kW/125 pk) - (Puma), asre-ductie: 3,31, Fase IV zonder Start/Stop-systeem9,1 (31) - 9,3 (30,4)6,7 (42,2) - 6,8 (41,5)7,6 (37,2) - 7,7 (36,7)199 - 204

Voorwielaandrijving - M1

Brandstofverbruikscijfers

VariantBuitenwegStadsverkeer heerdGecombi-CO2-emissie
l/100 km (mpg)l/100 km (mpg)l/100 km (mpg)g/km
2.2L Duratorq-TDCi (74 kW/100 pk), (92 kW/125 pk), (103 kW/140 pk) - (Puma), asreductie: 4,36, Fase V met Start/Stop-systeem8,1 (34,9) - 8,3 (34)6,3 (44,8) - 6,5 (43,5)7 (40,4) - 7,2 (39,2)184 - 189
VariantBuitenwegStadverkeer neerdCO2-emissie
l/100 km (mpg)l/100 km (mpg)l/100 km (mpg)g/km
2.2L Duratorq-TDCi (74 kW/100 pk), (92 kW/125 pk), (103 kW/140 pk) - (Puma), asreductie: 4,93, Fase V met Start/Stop-systeem8,5 (33,1) - 8,7 (32,4)6,4 (44,1) - 6,6 (42,8)7,2 (39,2) - 7,4 (38,2)189 - 194
2.2L Duratorq-TDCi (74 kW/100 pk), (92 kW/125 pk), (103 kW/140 pk) - (Puma), asreductie: 4,36, Fase V zonder Start/Stop-systeem8,6 (32,8) - 8,8 (32,1)6,3 (44,8) - 6,5 (43,5)7,2 (39,2) - 7,4 (38,2)189 - 194
2.2L Duratorq-TDCi (74 kW/100 pk), (92 kW/125 pk), (103 kW/140 pk) - (Puma), asreductie: 4,93, Fase V zonder Start/Stop-systeem9 (31,4) - 9,2 (30,8)6,4 (44,1) - 6,6 (42,8)7,4 (38,2) - 7,5 (37,7)194 - 199
2.2L Duratorq-TDCi (74 kW/100 pk), (92 kW/125 pk), (103 kW/140 pk) - (Puma), asreductie: 4,36, Fase IV met Start/Stop-systeem8,7 (32,4) - 8,8 (32,1)6,3 (44,8) - 6,5 (43,5)7,2 (39,2) - 7,4 (38,2)189 - 194
2.2L Duratorq-TDCi (92 kW/125 pk), (103 kW/140 pk) - (Puma), asreductie: 4,93, Fase IV met Start/Stop-systeem9 (31,4) - 9,2 (30,8)6,4 (44,1) - 6,6 (42,8)7,4 (38,2) - 7,5 (37,7)194 - 199

Schakel de achteruit niet in wanneer de wagen in beweging is. Dit kan inwendige schade aan de versnellingsbak veroorzaken.

Pelgrim KK 7174 - Voorwielaandrijving - M1 - 1

Bij sommige auto's moet de kraag omhoog worden gebracht tijdens inschakelen van de achteruit.

AANDRIJVING OP ALLE WIELEN

LET OP

Uitvoeringen met AWD (aandrijving op alle wielen) moeten worden gesleept met ALLE wielen op het wegdek of ALLE wielen van het wegdek. Zie Bergen van de auto (bladzijde 129).

Als de AWD-controlelamp knippert onder het rijden, dan duidt dit op een storing. Bij storingen schakelt het systeem uit. Laat het systeem onmiddellijk door een geschoolde monteur controleren.

Automatische functie

Het AWD-systeem waarmee bepaalde uitvoeringen met achterwielaandrijving zijn uitgerust, brengt automatisch het aandrijfkoppel over naar de voorwielen wanneer het wegdek glad is geworden door regen, sneeuw, ijs, enz.

Wanneer AWD niet langer noodzakelijk is, schakelt het systeem automatisch uit en treedt de normale achterwielaandrijving weer in werking.

Handmatige modus

N.B.: Het voertuig kan ongebruikelijke rijeigenschappen vertonen als de handmatige modus geactiveerd blijft bij het rijden op een normaal wegdek.

N.B.: De handmatige modus wordt automatisch gedeactiveerd wanneer u harder dan 100 km/h (62 mph) rijdt.

Als er extra tractie nodig is bij het wegrijden op een overmatig glad wegdek, druk dan op de AWD-schakelaar. Voor locatie. Zie In één oogopslag (bladzijde 8). Het lampje in de schakelaar gaat branden.

Druk nogmaals op de schakelaar om terug te keren naar de automatische modus.

WERKING

Schijfremmen

Natte remschijven hebben een lagere wrijvingscoëfficiënt. Druk na het verlaten van een wasstraat het rempedaal even voorzichtig in om de waterfilm op de remschijven te laten verdampen.

ABS

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

ABS is niet bedoeld om de bestuurder te ontheffen van zijn plicht om tijdens het rijden ichtig en oplettend te zijn.

Het ABS voorkomt dat de wielen blokkeren, zelfs tijdens krachtig remmen, waardoor de auto in noodsituaties volledig bestuurbaar en stabiel blijft.

TIPS VOOR RIJDEN MET ABS

N.B.: Wanneer het systeem in werking is, pulseert het rempedaal en legt wellicht een langere weg af. Blijf het rempedaal indrukken. Er is tevens wellicht een geluid hoorbaar vanaf het systeem. Dit is normaal.

Het ABS voorkomt geen risico's die ontstaan wanneer:

  • u te weinig afstand ten opzichte van voor u rijdend verkeer houdt;
  • de auto te maken krijgt met aquaplaning;
    • u bochten te snel neemt;
  • het wegdek slecht is.

PARKEERREM

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Bij auto's met automatische transmissie moet de keuzehendel altijd in de stand P (Park) staan.

•Druk het rempedaal krachtig in.
- Trek de handremhendel krachtig en zover mogelijk aan.
- Druk de ontgrendelknop tijdens het aantrekken niet in.
- Wanneer uw auto op een helling geparkeerd staat met de voorzijde in opwaartse richting, schakel dan de eerste versnelling of P (Park) in en draai het stuurwiel van de trottoirband af.
- Wanneer uw auto op een helling geparkeerd staat met de voorzijde in neerwaartse richting, schakel dan de achteruit of P (Park) in en draai het stuurwiel naar de trottoirband toe.

Druk, om de handrem los te zetten, het rempedaal krachtig in, trek de hefboom iets omhoog, druk de ontgrendelknop in en laat de hefboom zakken.

WERKING

Elektronisch Stabiliteitsprogramma (ESP)

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Het systeem is niet bedoeld om de bestuurder te ontheffen van zijn plicht om tijdens het rijden voorzichtig en oplettend te zijn.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 2

flowchart
graph TD
    A1["A"] --> B1["B"]
    B1 --> B2["B"]
    B2 --> A3["A"]
    A3 --> B3["B"]
    B3 --> B4["B"]
    B4 -.-> A3
    style A fill:#fff,stroke:#000
    style B fill:#ccc,stroke:#000
    style A2 fill:#fff,stroke:#000
    style B2 fill:#ccc,stroke:#000
    style A4 fill:#fff,stroke:#000

E72903

Zonder ESPA

Met ESPB

Het systeem ondersteunt de stabiliteit van de auto wanneer deze dreigt uit te breken. Dit wordt bewerkstelligd door de wielen afzonderlijk af te remmen en door het motorkoppel zo nodig te verlagen.

Het systeem zorgt ook voor een betere tractieregeling door het motorkoppel te verlagen wanneer de wielen bij het accelereren beginnen door te draaien. Het verbetert de mogelijkheden om op gladde wegdekken of losse oppervlakken op te trekken en het verbetert het comfort door wielspin in haarspeldbochten te beperken.

Waarschuwingslamp stabiliteitsregeling (ESP)

Wanneer het systeem tijdens het rijden wordt geactiveerd, knippert de lamp. Zie Waarschuwings- en indicatielampen (bladzijde 53).

Noodremassistent

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Het systeem is niet bedoeld om de bestuurder te ontheffen van zijn plicht om tijdens het rijden voorzichtig en oplettend te zijn.

Het systeem kan een noodstopsituatie herkennen aan de snelheid waarmee u het rempedaal indrukt. Het zorgt voor maximale remdruk zolang het rempedaal wordt ingedrukt. Het systeem kan de remweg in kritieke situaties verkorten.

Houd bij een snelheid van 60 km/u (37 mph) de schakelaar gedurende één seconde ingedrukt. Het lampje in de schakelaar gaat branden.

N.B.: Wanneer u het systeem uitschakelt, treedt dit tijdelijk opnieuw in werking wanneer het rempedaal wordt ingedrukt en de wagen slipt. De ESP controlelamp knippert in een dergelijk geval.

N.B.: Wanneer u het systeem uitschakelt, dan wordt het systeem automatisch geheractiveerd als de snelheid hoger is dan 60 km/u (37 mph).

Druk de schakelaar opnieuw in om het systeem in te schakelen. Telkens wanneer u het contact aan zet wordt het systeem automatisch ingeschakeld.

Voor locatie: Zie In één oogopslag (bladzijde 8).

WERKING

Het tractieregelsysteem verbetert de tractie wanneer een wiel doorspint bij snelheden tot 40 km/h (25 mph). Wanneer een wiel begint door te spinnen wijzigt het tractieregelsysteem de druk naar de remklauw van dat wiel tot het stopt met doorspinnen.

GEBRUIK MAKEN VAN AANDRIJFREGELING

Het traction control systeem is operationeel wanneer u het contact aanzet.

De controlelamp van het traction control systeem knippert wanneer het systeem in werking is. Geef rustig gas tot het doorspinnende wiel weer grip heeft.

Het traction control systeem schakelt tijdelijk uit wanneer het buitensporig vaak binnen een korte tijd wordt ingeschakeld. Dit is normaal en heeft geen invloed op het remsysteem.

Bij uitgeschakeld ESP blijft het traction control systeem werken. De controlelamp in de instrumentengroep knippert in dit geval niet.

WERKING

Het systeem maakt het eenvoudiger op te trekken wanneer de auto op een helling staat zonder dat het noodzakelijk is gebruik te maken van de parkeerrem.

Wanneer het systeem actief is, dan blijft de auto korte tijd op de helling stil staan nadat u het rempedaal loslaat. Gedurende deze tijd heeft u de tijd om uw voet van het rempedaal te halen, het gaspedaal in te drukken en op te trekken. De remmen worden automatisch gelost zodra de motor voldoende vermogen heeft opgebouwd om weg te rijden. Zo wordt voorkomen dat de auto op een helling kan terugrollen. Dit is een voordeel wanneer u op een helling moet optrekken, bijvoorbeeld vanaf een helling van een parkeerplaats, bij verkeerslichten of tijdens het achteruit tegen een helling inparkeren.

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Het systeem vervangt niet de parkeerrem. Trek altijd de handrem aan en schakel de eerste versnelling of de achteruit in wanneer u de auto verlaat.

REGELING VOOR BERGOP RIJDEN GEBRUIKEN

Het systeem wordt automatisch geactiveerd als de auto op een helling van meer dan 3% wordt stilgezet. Het systeem werkt als de auto met de neus bergaf staat gericht met ingeschakelde achteruitversnelling en als de auto bergop staat gericht met ingeschakelde vooruitversnelling.

Het systeem activeren

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

U dient in de auto te blijven zitten nadat het systeem is geactiveerd.

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Het systeem is alleen actief als de groene lamp in het instrumentenpaneel brandt. U blijft te allen tijde verantwoordelijk voor het besturen van de auto en het zo nodig in en uitschakelen van het systeem.

U kunt het systeem alleen activeren als aan de volgende voorwaarden is voldaan:

  • De motor loopt.
  • Alle portieren (inclusief laaddeuren) zijn volledig gesloten.
  • De parkeerrem is volledig losgezet.
  • Er geen sprake is van storingen.

Activeren van het systeem:

  1. Trap het rempedaal en het koppelingspedaal in om de wagen volledig stil te zetten. Houd het rempedaal en het koppelingspedaal ingetrapt.

  2. Als de sensor registreert dat de auto op een helling staat, dan wordt het systeem automatisch geactiveerd en gaat de groene lamp in het instrumentenpaneel branden.

  3. Wanneer u uw voet van het rempedaal neemt, blijft de wagen gedurende ongeveer twee tot drie seconden op de helling staan zonder achteruit te rollen. Deze periode wordt automatisch verlengd als u bezig bent weg te rijden.

  4. Rij weg op de normale manier. De remmen worden automatisch gelost.

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Als het motortoerental te hoog wordt opgejaagd of als een storing wordt geregistreerd bij een actief systeem, wordt het systeem gedeactiveerd en de groene lamp.

Regeling voor bergop rijden

Het systeem deactiveren

Voer voor het activeren van het systeem één van de volgende stappen uit:

•Trek de handrem aan.
- Open een willekeurig portier (inclusief de laaddeuren).
•Rij weg de helling op zonder de handrem aan te trekken.
- Wacht twee tot drie seconden tot het systeem automatisch wordt gedeactiveerd.
- Als het systeem is geactiveerd in een vooruitversnelling, selecteer dan de achteruitversnelling.
- Als het systeem is geactiveerd in de neutrale versnelling, laat dan het koppelingspedaal los.
- Als het systeem is geactiveerd in een achteruitversnelling, selecteer dan de neutrale versnelling.

De groene lamp wordt gedoofd.

Het systeem uitschakelen

Uw dealer kan deze functie indien nodig permanent uitschakelen.

WERKING

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Ondanks de parkeerhulp bent u verplicht voorzichtig en aandachtig te rijden.

LET OP

Uitvoeringen met een trekhaakmodule die niet door ons is goedgekeurd, kunnen obstakels niet correct detecteren.
Bij zware regenval of andere omstandigheden waardoor verstorende reflecties ontstaan is het mogelijk dat de sensoren bepaalde voorwerpen niet 'zien'.
De sensoren kunnen voorwerpen met een oppervlak de ultrasone geluidsgolven absorberen niet 'zien'.
De parkeerhulp detecteert geen obstakels die van de wagen af bewegen. Deze worden alleen kort nadat zijn opnieuw naar de wagen toe bewegen gedetecteerd.
Wees bijzonder voorzichtig wanneer u met een gemonteerde trekhaakkogel of accessoires zoals een fietsdrager achteruitrijdt, omdat de parkeersensor alleen de afstand vanaf de bumper tot het obstakel meet.
Wanneer u een hogedrukspuit gebruikt om uw auto te wassen, spuit dan kort op de sensoren vanaf een afstand van niet minder dan 20 centimeter (8 inch).

N.B.: Bij wagens met een afneembare trekhaakkoppeling wordt de parkeerhulp automatisch uitgeschakeld wanneer een van de aanhangerlampen (of verlichting) wordt aangesloten op de 13 pins stekkerdoos via een door ons goedgekeurde trekhaakmodule.

N.B.: Houd de sensoren vrij van vuil, ijs en sneeuw. Reinig de sensoren niet met scherpe voorwerpen.
N.B.: Wanneer de parkeerhulp een signaal registreert dat op dezelfde frequentie wordt uitgezonden als de sensoren gebruiken, of wanneer de auto maximaal is beladen, kan een vals signaal worden gegeven.
N.B.: De buitenste sensoren kunnen de zijnmuren van een garage detecteren. Wanneer de afstand tussen de buitenste sensor en de muur gedurende drie seconden constant blijft, wordt het akoestisch signaal uitgeschakeld. Wanneer u doorrijdt, kunnen de binnenste sensoren objecten achter de auto detecteren.

GEBRUIK MAKEN VAN DE PARKEERHULP

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Ondanks de parkeerhulp bent u verplicht voorzichtig en aandachtig te rijden.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 2

De parkeerhulp wordt automatisch geactiveerd wanneer u bij aangezet contact de achteruit inschakelt.

U hoort een onderbroken signaal wanneer de afstand tussen de achterbumper en een obstakel ca. 150 cm bedraagt of ca. 50 cm aan de zijkanten. Wanneer de afstand kleiner wordt, volgen de signalen elkaar sneller op. Een voortdurend signaal weerklinkt op een afstand van minder dan 30 centimeter tot de achterbumper.

N.B.: Wanneer u drie seconden lang een hoge pieptoon hoort, duidt dit op een storing. Het systeem wordt uitgeschakeld. Laat het systeem onmiddellijk door een goed opgeleide monteur controleren.

WERKING

De camera is een visueel hulpmiddel bij achteruitrijden.

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Het systeem is niet bedoeld om de bestuurder te ontheffen van zijn plicht om tijdens het rijden ichtig en oplettend te zijn.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Wanneer u een hogedrukspuit gebruikt om uw wagen te wassen, spuit dan kort op de camera vanaf een and van niet minder dan 20 centimeter.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 2

Oefen geen druk op de camera uit.

N.B.: Houd de camera vrij van vuil, ijs en sneeuw. Reinig de camera niet met scherpe voorwerpen, ontvetter, was of organische producten. Gebruik alleen een zachte doek.

Tijdens de bediening worden in de display hulplijnen weergegeven die de route van de wagen en de geschatte afstand vanaf voorwerpen aan de achterzijde voorstellen.

De bediening van de achteruitkijkcamera varieert afhankelijk van de ntemperatuur, de rij-omstandigheden e wagen en het type weg.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 3

De in de display weergegeven afstanden kunnen verschillen van de werkelijke afstand.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 4

Plaats geen voorwerpen voor de camera.

Achteruitkijkcamera

Pelgrim KK 7174 - Achteruitkijkcamera - 1

Display achteruitkijkcameraA

Achteruitkijkcamera - achterklepB

Achteruitkijkcamera - laaddeurC

Achteruitkijkcamera activeren

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Het kan voorkomen dat de camera voorwerpen die zich te dicht bij de wagen bevinden niet kan registreren.

Schakel de achteruitversnelling in met ingeschakeld contact. De afbeelding wordt op het scherm weergegeven.

De camera werkt wellicht niet correct onder de volgende omstandigheden:

- Donkere gebieden.

- Fel licht.

  • Als de buitentemperatuur snel toe- of afneemt.
  • Als de camera nat is (bijvoorbeeld tijdens regen of een hoge vochtigheid).
  • Als het zicht van de camera is geblokkeerd (bijvoorbeeld door modder).

Display gebruiken

LET OP

! Voorwerpen boven de camera worden niet weergegeven. Controleer indien nodig het gebied achter de auto.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Markeringen worden alleen gebruikt als algemene richtlijn en worden berekend voor auto's met een imale belading op een egaal wegdek.

N.B.: Bij achteruitrijden met een aanhanger geven de lijnen op het scherm de autorichting aan en niet de richting van de aanhanger.

De lijnen geven een geprojecteerde route van de auto en de afstand vanaf de buitenspiegels en de achterbumper aan.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 2

text_image E D C B A A E100159

Speling buitenspiegel - 0,1 meterA
0,5 meterB
1 meterC

2 meterD

3 meterE

Achteruitkijkcamera in- en uitschakelen
Pelgrim KK 7174 - LET OP - 3

text_image A E95059

Aan- en uittoetsA

Druk op toets A om het systeem handmatig uit te schakelen.

N.B.: De toets werkt alleen als de achteruitversnelling is ingeschakeld en de auto op contact staat.

Achteruitkijkcamera deactiveren

N.B.: Schakel een vooruitversnelling in. De display blijft een korte periode aan alvorens deze wordt uitgeschakeld.

WERKING

Met cruise control (automatische snelheidsregeling) kunt u met behulp van de schakelaars op het stuurwiel de rijsnelheid instellen. Cruise control werkt vanaf snelheden van 30 km/h.

GEBRUIK MAKEN VAN SNELHEIDSREGELING

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Schakel onder drukke verkeersomstandigheden, op trajecten met veel bochten en op de wegen cruise control niet in.

Cruise control inschakelen
Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 2

E75456
N.B.: Het systeem is gereed op de snelheid in te stellen.

Snelheid instellen
Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 3

Druk de schakelaar in om de huidige snelheid op te slaan en aan te houden. De controlelamp van de cruise control gaat branden. Zie Waarschuwings- en indicatielampen (bladzijde 53).

Ingestelde snelheid veranderen

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Wanneer u een heuvel afrijdt, kan de snelheid hoger worden dan de ingestelde snelheid. Het systeem

stelt niet de remmen in werking. Schakel terug en druk op de SET- schakelaar om het systeem te helpen de ingestelde snelheid te handhaven.

N.B.: Wanneer u het gaspedaal indrukt, verandert de ingestelde snelheid niet. Wanneer u het gaspedaal loslaat, gaat de auto weer met de eerder ingestelde snelheid rijden.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 2

text_image E5 ET + - A B E95393

Accelereren (versnellen)A Decelereren (vertragen)B

Ingestelde snelheid uitschakelen
Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 3

text_image E75453

Druk het rempedaal of de RES schakelaar in.
N.B.: Het systeem regelt niet langer de rijsnelheid. De controlelamp van de cruise control gaat niet branden, maar de laatst ingestelde rijsnelheid blijft in het geheugen opgeslagen.

Ingestelde snelheid opnieuw inschakelen
Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 4

text_image ES ET + - E75453

De controlelamp van de cruise control gaat branden en het systeem zal proberen de auto met de eerder door u ingestelde snelheid te laten rijden.

Cruise control uitschakelen
Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 5

De eerder door u ingestelde snelheid blijft niet in het geheugen opgeslagen. De controlelamp van de cruise control gaat niet branden.

WERKING

Toerentalbegrenzer

Het toerental van de motor wordt begrensd om beschadigingen te voorkomen.

Snelheidsbegrenzer

De snelheidsbegrenzer voorkomt dat u sneller dan de geprogrammeerde snelheid rijdt. Raadpleeg voor meer informatie de tabel op de zonneklep aan bestuurderszijde.

Uitvoeringen met een dieselmotor

U kunt de topsnelheid van uw auto op een bepaalde waarde begrenzen, vooropgesteld dat deze binnen de wettelijke normen valt. Raadpleeg uw dealer voor meer informatie.

Auto's met start/stop-systeem

N.B.: Als de auto een vaste snelheidslimiet heeft van lager dan 110 km/u, dan neemt deze de schakelbare snelheidsbegrenzer behorende bij start/stop over.

Als start/stop wordt geactiveerd, wordt de voertuigsnelheid begrensd tot 110 km/u.

Pelgrim KK 7174 - Auto's met start/stop-systeem - 1

text_image OFF ECO

E140218

Het systeem is standaard ingeschakeld. Druk op de ECO-schakelaar om deze snelheidslimiet te deactiveren. Het systeem wordt alleen gedeactiveerd gedurende de huidige contactcyclus. Druk nogmaals op de schakelaar om het systeem in te schakelen. Voor locatie. Zie In één oogopslag (bladzijde 8).

ALGEMENE INFORMATIE

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Gebruik bevestigingsriemen die voldoen aan een norm, bijv. DIN.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Zorg ervoor dat alle losse voorwerpen goed zijn vastgezet.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 3

Plaats bagage en ander voorwerpen zo laag mogelijk en zo ver mogelijk naar voren in de bagageruimte of de uimte.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 4

Rijd niet met geopende achterklep of achterdeur. Uitlaatgassen kunnen de auto worden binnengezogen.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 5

Overschrijd niet de maximum voor- en achterasbelasting voor uw auto. Zie Voertuigidentificatie (bladzijde

176).

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Laat geen items in contact komen met de achterruiten.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 2

Gebruik geen schurende materialen voor het reinigen van de binnenzijde van de achterruiten.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 3

Breng geen stickers of labels aan op de binnenzijde van de achterruiten.

BEVESTIGINGSPUNTENVOOR LADING

N.B.: Het aantal ladingsteunen kan afhankelijk van de uitvoering van de wagen variëren.

Transport

Lading bevestigen
Pelgrim KK 7174 - Transport - 1

Er is geen dakbelasting toegestaan bij busmodellen met een lange wielbasis, enkellucht, 13, 14 of 15

stoelen en een 200 pk dieselmotor.

Pelgrim KK 7174 - Transport - 2

Er is geen dakbelasting toegestaan bij busmodellen met een lange wielbasis, enkellucht, 13, 14 of 15

stoelen en een 140 pk dieselmotor met aandrijving op alle wielen (AWD).

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Wanneer u een imperiaal gebruikt, kan het brandstofverbruik van uw auto hoger zijn en kan de

rijkarakteristiek anders zijn.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Wanneer u een imperiaal aanbrengt, lees dan de instructies van de fabrikant en volg deze op.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Overschrijd de maximale asbelasting niet. Zie Voertuigidentificatie (bladzijde 176).

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 2

Overschrijd de maximaal toegestane dakbelasting van 100 kg, of 50 kg voor Euroline en Nugget voertuigen, usief de imperiaal) niet.

Controleer de bevestiging van de de imperiaal als volgt:

- voordat u vertrekt

•na 50 kilometer (30 mijl) te hebben gereden

·met intervallen van 1.000 kilometer (600 mijl).

Uitvoeringen met een nooduitgang

Zie Nooduitgang (bladzijde 116).

TREKKEN VAN EEN AANHANGER

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Overschrijd het maximaal toelaatbaar treingewicht dat op het identificatieplaatje van de auto staat niet. Zie Voertuigidentificatie (bladzijde 176).

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Rijd niet sneller dan 90 km/h (55 mph) wanneer u met een beladen aanhanger van meer dan 2.000 kg

rijdt.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Overschrijd nooit de maximale toegestane kogeldruk, d.w.z. het verticale gewicht op de trekhaakkogel, 112 kilogram voor alle auto's behalve bele chassiscabine en bestelwagen of kilogram voor dubbele chassiscabine estelwagen.

N.B.: Niet alle wagens zijn geschikt of goedgekeurd voor een trekhaak. Controleer daarom eerst bij uw dealer.

Plaats de lading zo laag mogelijk en midden op de as(sen) van de aanhanger. Wanneer u met een onbeladen wagen rijdt, moet de lading in de aanhanger zover mogelijk naar de aanhangerkoppeling worden geschoven, omdat dit voor de beste stabiliteit zorgt. Overschrijd de maximum toelaatbare kogeldruk niet.

De stabiliteit van de wagen-aanhanger combinatie is vooral afhankelijk van de kwaliteit van de aanhanger.

Het maximum toelaatbaar wagengewicht en het aanhangergewicht geven de technische eisen weer, die worden gesteld voor hellingen tot 12 % en bij hoogten van 1.000 meter boven de zeespiegel. In bergachtige streken worden de prestaties van de motor door de lagere luchtdruk nadelig beïnvloed. Daarom gelden de volgende beperkingen:

In bergachtige streken moet vanaf hoogten van 1.000 meter het maximum toelaatbaar gewicht voor iedere 1.000 meter met 10% worden verlaagd.

Steile hellingen

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Houd er rekening mee dat de oplooprem van een aanhanger niet door het ABS wordt geregeld.

Schakel terug voordat u een steile afdaling bereikt.

INRIJDEN

Banden

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Nieuwe banden hebben een inlooptijd van ongeveer 500 kilometer. Gedurende deze periode e auto een andere rijkarakteristiek nen.

Remmen en koppeling

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Vermijd indien mogelijk intensief gebruik van de remmen en de koppeling gedurende de eerste 150 meter in de stad en gedurende de 1500 kilometer op snelwegen.

Motor

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Rijd niet te snel gedurende de eerste 1500 kilometer. Varieer uw snelheid regelmatig en schakel tijdig op. Laat motor niet zwoegen.

GEREDUCEERD MOTORVERMOGEN

Uw wagen kan zonder de motor te beschadigen korte tijd doorrijden wanneer de motor oververhit is. De motor levert dan minder vermogen. De afstand die u kunt afleggen is afhankelijk van de buitentemperatuur, de belading van de wagen en het omgeving waarin u rijdt. Wanneer de naald naar het bovenste gebied beweegt, is de motor oververhit. Zie Meters (bladzijde 51).

Wanneer de temperatuur blijft stijgen zorgt het systeem ervoor dat de brandstoftoevoer naar de motor wordt gereduceerd. De airconditioning (indien gemonteerd) wordt uitgeschakeld en de koelventilateur wordt ingeschakeld.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Wordt te lang doorgereden, dan neemt de motortemperatuur nog verder toe en zal de motor volledig den uitgeschakeld.

  • Breng uw auto tot stilstand zodra dit kan.
  • Zet onmiddellijk de motor af om ernstige beschadiging te voorkomen.
    • Laat de motor eerst afkoelen.
  • Controleer het koelvloeistofpeil. Zie Motorkoelvloeistof controleren (bladzijde 137).
    •Laat de auto onmiddellijk door een deskundige controleren.

VOORZORGSMAATREGELEN VOOR KOUDE WEERSOMSTANDIGHEDEN

De werking van sommige componenten en systemen kan worden beïnvloed bij temperaturen lager dan -30 °C.

EERSTEHULPSET

Bus

Voor een EHBO-doos is ruimte onder de stoel op de tweede rij.

Gesloten bestelwagen, Kombi, Chassis Cabine, uitvoering met open laadbak

Voor de gevarendriehoek is ruimte in het opbergvak op het portier aan bestuurderszijde.

GEVARENDRIEHOEK

In de kaartenbak op het bestuurdersportier bevindt zich een ruimte voor het opbergen van een gevarendriehoek.

NOODUITGANG

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Zorg ervoor dat de imperiaal en de lading erop de nooduitgang niet afdekken. Vraag uw dealer voor s over imperiaals die voor uw wagen nikt zijn.

Breek in geval van nood het glas met de hamer.

ONDERBREKINGS- SCHAKELAAR BRANDSTOFTOEVOER

Wanneer u een ongeluk of een lichte aanrijding hebt gehad (bijv. tijdens het parkeren ergens tegenaan gereden) kan de veiligheidsschakelaar te brandstoftoevoer onderbreken. De schakelaar bevindt zich op het zijpaneel voor het passagiersportier.

Toegang tot de schakelaar

N.B.: Tijdens het aanbrengen moet een klik hoorbaar zijn bij het laten aangrijpen van beide klemmen.

Pelgrim KK 7174 - Toegang tot de schakelaar - 1

text_image E70869 1 2 2 2

Pelgrim KK 7174 - Toegang tot de schakelaar - 2

Schakelaar terugstellen

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Stel de veiligheidsschakelaar niet terug wanneer u brandstof ruikt of ziet weglekken.

  1. Contact afzetten.
  2. Controleer het brandstofsysteem op lekkage.
  3. Verkrijg toegang tot de schakelaar.
  4. Druk de bovenzijde van de schakelaar in om deze terug te stellen. U voelt en hoort een klik.
  5. Draai de contactsleutel in de stand II. Wacht enkele seconden en draai de sleutel terug in de stand I.
  6. Controleer het brandstofsysteem opnieuw op lekkage.

PLAATSEN ZEKERINGENHOUDERS
Stuur rechts
Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 2

text_image A D C B

E70864

Stuur links
Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 3

text_image C B D A

E91162

Voorschakel-zekeringkastA Standaard relaiskastB

C Aansluitkast in passagierscompartiment Aansluitkast in motorruimteD

Voorschakel-zekeringkast Bestuurdersstoel
Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 4

text_image E70866 1 2

Standaard relaiskast
Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 5

text_image E70869 1 2 2 2

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 6

text_image 3 4 3 E70868

Aansluitkast aan passagierszijde
Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 7

text_image E70869 1 2 2 2

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 8

text_image 3 3 4 E70870

N.B.: Tijdens het aanbrengen moet een klik hoorbaar zijn bij het laten aangrijpen van beide klemmen.

Aansluitkast in motorcompartiment
Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 9

Voor locatie: Zie Onderhoud (bladzijde 131).

EEN ZEKERING VERVANGEN

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Wijzig de elektrische installatie van uw auto op geen enkele wijze. Laat reparaties aan de elektrische installatie en het vervangen van relais en zekeringen voor hoge stroomsterktes door goed getrainde monteurs uitvoeren.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Zet het contact af en schakel alle elektrische onderdelen uit voordat u probeert een zekering te vervangen of deze aanraakt.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Vervang een doorgeslagen zekering door een exemplaar met hetzelfde vermogen.

N.B.: U kunt een doorgeslagen zekering herkennen aan de gebroken smeltdraad.

N.B.: Alle zekeringen, behalve zekeringen voor hoge stroomsterktes, zijn zogenaamde steekzekeringen.

SPECIFICATIE-OVERZICHT ZEKERINGEN

Voorschakel-zekeringkast

Pelgrim KK 7174 - Voorschakel-zekeringkast - 1

text_image R1 1 2 3 4 5 6 7 9 10

E70871

Beveiligde circuitsKleurAmpèreZekering
Startmotor en dynamogrijs3501
geel602Voeding aansluitkast passagierszijde - startre-levant/aansluitkast passagierszijde KL15 voor start/stop

Zekeringen

Beveiligde circuitsKleurAmpèreZekerii
blauw1003Voeding aansluitkast motorcompartiment - niet startrelevant
Voorruitverwarming, rechterzijdegroen404
blauw1005Voeding standaard relaiskast - niet startrelevant
Voorruitverwarming, linkerzijdegroen406
geel607Voeding aansluitkast passagierszijde - niet startrelevant
Aansluitpuntgeel608
Aansluitpuntgeel609
Aansluitpuntgeel6010
Geschakelde circuitsRelais
R1Tweede onderbrekingsschakelaar accu

Aansluitkast in motorcompartiment
Pelgrim KK 7174 - Zekeringen - 1

text_image 11 12 13 15 16 17 18 20 21 22 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 R7 R2 R8 R4 R5 R6 R10

E70872

Beveiligde circuitsKleurAmpère
Koelventilateurgeel6011
roze3012Voeding trekhaak en trekhaakmodule (KL30)
Pomp van ABS en ESPgroen4013
Wordt niet gebruikt--14
Gloeibougiesgeel6015
16geel60Relais contactslot (KL15 #3
17roze30Vrijgave startmotor
18groen40Voeding ontsteking (KL15) naar aansluitkast passagierszijde (auto's zonder start/stop)
18--Wordt niet gebruikt (auto's met start/stop)
Wordt niet gebruikt--19
20rood10ABS, ESP, sensor stuurhoek, voeding giersensor (KL30)
2125naturelKleppen en regeleenheid ABS en ESP
Wordt niet gebruikt--
Wordt niet gebruikt--
245bruinBrandstofpomp (zonder extra verwarming op brandstof)
24geel20Brandstofpomp (met extra verwarming op brandstof)
Wordt niet gebruikt--
1526blauwSpanning PCM
275bruinBrandstofpomp (met extra verwarming op brandstof)
285bruinT-MAF sensor
295bruinControle gloeibougie extra verwarming
307,5Sonische ontluchtklep
3115blauwVAP-pomp/UEGO

Zekering

Zekeringen

Beveiligde circuitsKleurAmpèreZeker
Gloeibougie verdampergeel2032
Achteruitrijlampenrood1033
Voeding aanhanger KL15geel2034
Wordt niet gebruikt--35
Koppeling van compressor airconditioningrood103
WordBniet gebruikt--
RelaisGeschakelde circuits
R2Gloeibougies
R3Trekhaak (KL15)
R4Vrijgave startmotor
R5Voeding (KL15 #4)
R6Voeding (KL15 #3)
R7Benzinepomp
R8Gloeibougie verdamper
R9Wordt niet gebruikt
R10Solenoïde van compressor airconditioning

Standaard relaiskast
Pelgrim KK 7174 - Zekeringen - 1

text_image 38 39 40 41 42 50 51 52 53 54 55 56 57 58 59 61 62 R11 R12 R13 R14 R15 R16 R17 R18 R19 R21 R22 R23 R24 R25 R26

E70873

Beveiligde circuitsKleurAmpèreZekering
Achterruitwissergeel2038
Bediening airconditioning voor en achterrood1039
Wordt niet gebruiktbruin540
Tachograafbruin541
bruin542Hoogteregeling koplamplichtbundels, hoofd-lichtschakelaar (KL15)
4320geelVerwarmbare voorstoelen
geel2044Claxon
geel2045Extra voedingspunt voorzijde
rood1046Verwarmbare buitenspiegels, indien CAT 1 gemonteerd

Zekeringen

Beveiligde circuitsKleurAmpèreZekeri
Aanstekergeel2047
bruin548Voeding relaisspoelen, elektrisch bedienbare buitenspiegels
Extra voedingspunt achterzijdegeel2049
Grootlicht, linksrood1050
Grootlicht, rechtsrood1051
Dimlicht, linksrood1052
Dimlicht, rechtsrood
roze3054Voorgeschakelde zekering voor dimlicht, grootlicht, verlichting overdag, tachograaf, aanjager van standverwarming
4055groenAanjagermotor
geel2056Elektrisch bedienbare ruiten
roze3057Aanjagermotor, achter
roze3058Ruitenwissermotor, voor
roze3059Achterruitverwarming, verwarmbare buiten- spiegels
60Wordt niet gebruikt-
6061geelRelais contact (KL15 #1)
6062geelRelais contact (KL15 #2)
RelaisGeschakelde circuits
R11Dimlicht
R12Verwarmde portierspiegels (als CAT 1 alarm is aange-bracht), voedingsuitgang (als CAT 1 alarm niet is aange-bracht)
R13Grootlicht
R14Claxon
R15Verlichting overdag

Zekeringen

Geschakelde circuitsRelais
Programmeerbare standverwarmingR16
R17Verwarmbare achterruiten en verwarmbare buitenspiegels (of achterruitverwarming, links, indien CAT 1 alarm is gemonteerd)
R18Achterruitverwarming, rechts (indien CAT 1 alarm is gemonteerd)
Voeding (KL15 #2)R19
PJB KL15 (alleen start/stop)R20
Voeding (KL15 #1)R21
Voorruitverwarming, rechterzijdeR22
Ruitenwissers, voor, hoge en lage wissnelheidR23
AchterruitwisserR24
Ruitenwissers voor, aan en uit functieR25
Voorruitverwarming, linkerzijdeR26

Aansluitkast aan passagierszijde
Pelgrim KK 7174 - Zekeringen - 1

text_image 63 64 65 66 67 68 69 70 71 72 73 74 75 76 77 78 79 80 81 82

E70874

Beveiligde circuitsKleurAmpère2
Parkeerhulp achter, regensensorbruin563
Sensor gaspedaalgrijs264
Remlichtschakelaarblauw1565
bruin566Instrumentengroep, voeding PATS, tacho-graaf, schakelaar instrumentenverlichting
Sproeierpompblauw1567
6810roodRegeleenheid veiligheidssysteem
2069geelSchakelaar buitenverlichting (KL15)
7020geelAlarmclaxon met eigen accu
71bruin5Schakelaar buitenverlichting (KL30)
1072roodVoeding accusaver, OBDII (KL30)
blauw1573Voeding radio, navigatiesysteem en telefoon

Zekeringen

Beveiligde circuitsKleurAmpèreZekering
bruin574Instrumentengroep, schakelklok standverwarming, voeding keyless entry systeem, sensor interieuralarm (KL30)
Stadslicht, rechtsbruin7,575
Stadslicht, linksbruin7,576
bruin577Voeding contactslot, verbreekschakelaar accuvoeding relaisspoelen
Centrale vergrendelingblauw1578
Kentekenplaatverlichting, zijmarkeringbruin7,579
blauw158Mistlampen, vóór
8110roodMistachterlichten
823violetVoedingsspanning audiosysteem en instrumentenpaneel

Extra zekeringen

ZekeringAmpèreKleurBeveiligde circuitsPlaats
8310roodTrekhaakmoduleBeenruimte aan linkerzijde
847,5bruinDPF-gloeistiftsensorOnder de zeke-ringenhouder in de motorruimte

SLEEPPUNTEN
Pelgrim KK 7174 - Zekeringen - 1

text_image A B C E71361

Sleepoog, voorA

B Sleepoog, achter (Bestelwagen, Bus, Kombi)

C Sleepoog, achter (Chassis Cabine en uitvoering met open laadbak)

AUTO OP VIER WIELEN SLEPEN

Alle uitvoeringen

WAARSCHUWINGEN

Zet het contact aan wanneer uw auto wordt gesleept. Bij afgezet contact treedt het stuurslot in werking en werken de richtingaanwijzers en de remlichten niet.

De rem- en stuurbekrachtiging werken niet, tenzij de motor draait. Druk het rempedaal harder in en houd rekening met langere remafstanden en een zwaarder draaiend stuurwiel.

LET OP

Te veel spanning op de sleepkabel kan schade toebrengen aan uw en aan de trekkende wagen.

! Bevestig aan het voorste sleepoog geen sleepstang.

Zet de versnellingsbak in neutraal wanneer uw auto wordt gesleept.

Trek rustig en soepel zonder rukken op.

Wagens met automatische transmissie

LET OP

Wanneer uw auto met snelheden boven 20 km/h en over afstanden van meer dan 20 kilometer moet worden gesleept, moet hij worden getransporteerd terwijl alle vier wielen vrij zijn van het wegdek.

LET OP

Het wordt aanbevolen de auto niet te slepen met de aandrijfwielen op het wegdek. Als het echter nodig is om de auto van een gevaarlijk plaats te verwijderen, sleep uw auto dan niet sneller dan 20 km/h of over een afstand van meer dan 20 kilometer.
Sleep uw wagen niet achterwaarts.
Bij een mechanisch defect aan de transmissie moeten de aangedreven wielen worden opgehesen zodat deze vrij zijn van het wegdek.
Sleep uw voertuig niet als de omgevingstemperatuur lager is dan 0 °C.

AUTO OP VIER WIELEN SLEPEN - AWD

WAARSCHUWINGEN

Zet het contact aan wanneer uw auto wordt gesleept. Bij afgezet contact treedt het stuurslot in werking en werken de richtingaanwijzers en de remlichten niet.
De rem- en stuurbekrachtiging werken niet, tenzij de motor draait. Druk het rempedaal harder in en houd rekening met langere remafstanden en een zwaarder draaiend stuurwiel.

LET OP

Te veel spanning op de sleepkabel kan schade toebrengen aan uw en aan de trekkende wagen.
Bevestig aan het voorste sleepoog geen sleepstang.

LET OP

Bij een mechanische storing aan de transmissie van uw wagen moet deze worden gesleept met ALLE wielen op het wegdek of met ALLE wielen van het wegdek.

Trek rustig en soepel zonder rukken op.

ALGEMENE INFORMATIE

Wanneer u uw auto regelmatig laat onderhouden zal dit de betrouwbaarheid en de inruilwaarde ten goede komen. Er staat een groot netwerk van Ford Erkende Reparateurs ter beschikking die u met hun professionele expertise ter zijde kunnen staan. De speciaal opgeleide monteurs zijn het best gekwalificeerd om het onderhoud aan uw auto snel en vakkundig uit te voeren. Bovendien beschikken zij over gereedschappen en apparatuur die speciaal zijn ontwikkeld om het onderhoud aan uw auto uit te voeren.

Naast het normale onderhoud raden wij aan de volgende extra controles uit te voeren.

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Zet het contact af voordat u onderdelen aanraakt of probeert af te stellen.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Raak onderdelen van het elektronisch ontstekingssysteem bij aangezet contact of draaiende motor niet aan. Het systeem werkt met hoogspanning.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 3

Zorg dat uw handen en kledingstukken niet met de koelventilateur in aanraking kunnen komen. Onder bepaalde omstandigheden kan de koelventilateur na het afzetten van de motor nog enkele minuten blijven doordraaien.

Dagelijkse controles

•Buitenverlichting.
•Binnenverlichting
- Waarschuwings- en controlelampen.

Controles bij het tanken

•Motoroliepeil. Zie Motorolie controleren (bladzijde 137).
- Remvloeistofpeil. Zie Controle vloeistofpeil koppeling en remsysteem (bladzijde 138).
- Peil van de ruitensproeiervloeistof. Zie Ruitensproeiervloeistof controleren (bladzijde 140).
- Bandenspanning (in koude toestand). Zie Technische specificatie (bladzijde 167).
•Staat van de banden. Zie Verzorging van banden (bladzijde 166).

Maandelijkse controles

  • Koelvloeistofpeil (bij koude motor). Zie Motorkoelvloeistof controleren (bladzijde 137).
  • Slangen, leidingen en reservoirs op lekkage.
  • Stuurbekrachtigingsvloeistofpeil. Zie Stuurbekrachtigingsvloeistof controleren (bladzijde 139).
  • Werking van de airconditioning.
  • Werking van de parkeerrem.
    •Werking van de claxon.
    •Vastzitten van de wielmoeren. Zie Technische specificatie (bladzijde 167).

DE MOTORKAP OPENEN EN SLUITEN

Motorkap openen
Pelgrim KK 7174 - DE MOTORKAP OPENEN EN SLUITEN - 1

text_image 2 1 3 E72108

Pelgrim KK 7174 - DE MOTORKAP OPENEN EN SLUITEN - 2

text_image 4 5 E72109

Motorkap sluiten

N.B.: Zorg dat de motorkap goed wordt gesloten.

Laat de motorkap zakken en vanaf een hoogte van 20 - 30 cm dichtvallen.

OVERZICHT MOTORRUIMTE - 2,3 L DURATEC-HE (MI4)
Pelgrim KK 7174 - Motorkap sluiten - 1

A Vloeistofreservoir remsysteem en koppeling (auto's met stuur rechts). Zie Controle vloeistofpeil koppeling en remsysteem (bladzijde 138).
Motorolievuldop ^1 . Zie Motorolie controleren (bladzijde 137).B
C Vloeistofreservoir remsysteem en koppeling (auto's met stuur links). Zie Controle vloeistofpeil koppeling en remsysteem (bladzijde 138).
D Plus aansluiting accu (voor aansluiten van hulpstartkabels). Zie Accu van de auto (bladzijde 146).
E Expansiereservoir. Zie Motorkoelvloeistof controleren (bladzijde 137).
F Reservoir ruitensproeiervloeistof. Zie Ruitensproeiervloeistof controleren (bladzijde 140).
Aansluitkast in motorcompartiment. Zie Zekeringen (bladzijde 118).G
H Reservoir stuurbekrachtiging. Zie Stuurbekrachtigingsvloeistof controleren (bladzijde 139).
Motoroliepeilstaaf. Zie Motorolie controleren (bladzijde 137).I

OVERZICHT MOTORRUIMTE - 2,2 L DURATORQ-TDCI (PUMA) DIESEL

Pelgrim KK 7174 - OVERZICHT MOTORRUIMTE - 2,2 L DURATORQ-TDCI (PUMA) DIESEL - 1

A Waterafscheider brandstofffilter (auto's met stuur links). Zie Water in brandstofffilter aftappen (bladzijde 139).

A Vloeistofreservoir remsysteem en koppeling (auto's met stuur rechts). Zie Controle vloeistofpeil koppeling en remsysteem (bladzijde 138).

Motorolievuldop ^* . Zie Motorolie controleren (bladzijde 137).B

C Vloeistofreservoir remsysteem en koppeling (auto's met stuur links). Zie Controle vloeistofpeil koppeling en remsysteem (bladzijde 138).

C Waterafscheider brandstofffilter (auto's met stuur rechts). Zie Water in brandstofffilter aftappen (bladzijde 139).

D Expansiereservoir. Zie Motorkoelvloeistof controleren (bladzijde 137).

E Reservoir ruitensproeiervloeistof. Zie Ruitensproeiervloeistof controleren (bladzijde 140).

Aansluitkast in motorcompartiment. Zie Zekeringen (bladzijde 118).F

G Plus aansluiting accu (voor aansluiten van hulpstartkabels). Zie Accu van de auto (bladzijde 146).

Motoroliepeilstaaf ^ ^* . Zie Motorolie controleren (bladzijde 137).H

Vloeistofreservoir stuurbekrachtiging Zie Stuurbekrachtigingsvloeistof controleren (bladzijde 139).

* De vuldoppen en de motoroliepeilstaaf hebben een felle kleur voor een makkelijke herkenning.

**De oliepeilstok is aangebracht op een van de twee aangegeven locaties.

OVERZICHT MOTORRUIMTE - 2,2 L DURATORQ-TDCI (PUMA) DIESEL /2,4 L DURATORQ-TDCI (PUMA) DIESEL /3.2 L DURATORQ-TDCI (PUMA) DIESEL

Pelgrim KK 7174 - OVERZICHT MOTORRUIMTE - 2,2 L DURATORQ-TDCI (PUMA) DIESEL /2,4 L DURATORQ-TDCI (PUMA) DIESEL /3.2 L DURATORQ-TDCI (PUMA) DIESEL - 1

A Waterafscheider brandstofffilter (auto's met stuur links). Zie Water in brandstofffilter aftappen (bladzijde 139).

A Vloeistofreservoir remsysteem en koppeling (auto's met stuur rechts). Zie Controle vloeistofpeil koppeling en remsysteem (bladzijde 138).

B Motoroliepeilstok - 2.4L Duratorq-TDCi (Puma) Diesel en 3.2L Duratorq-TDCi (Puma) Diesel. Zie Motorolie controleren (bladzijde 137).

C Motoroliepeilstok - 2.2L Duratorq-TDCi (Puma) Diesel*. Zie Motorolie controleren (bladzijde 137). Motorolievuldop*. Zie Motorolie controleren (bladzijde 137).D
E Vloeistofreservoir remsysteem en koppeling (auto's met stuur links). Zie Controle vloeistofpeil koppeling en remsysteem (bladzijde 138).
E Waterafscheider brandstofffilter (auto's met stuur rechts). Zie Water in brandstofffilter aftappen (bladzijde 139).
F Expansiereservoir. Zie Motorkoelvloeistof controleren (bladzijde 137).
G Reservoir ruitensproeiervloeistof. Zie Ruitensproeiervloeistof controleren (bladzijde 140).
H Aansluitkast in motorcompartiment. Zie Een zekering vervangen (bladzijde 120).

I Plus aansluiting accu (voor aansluiten van hulpstartkabels). Zie Starten met hulpstartkabels (bladzijde 146).

J Reservoir stuurbekrachtiging. Zie Stuurbekrachtigingsvloeistof controleren (bladzijde 139).

* De vuldoppen en de motoroliepeilstaaf hebben een felle kleur voor een makkelijke herkenning.

OLIEPEILSTAAF - 2,3 L DURATEC-HE (MI4)
Pelgrim KK 7174 - OVERZICHT MOTORRUIMTE - 2,2 L DURATORQ-TDCI (PUMA) DIESEL /2,4 L DURATORQ-TDCI (PUMA) DIESEL /3.2 L DURATORQ-TDCI (PUMA) DIESEL - 2

text_image A B E92036

A MIN

B MAX

OLIEPEILSTAAF - 2,2 L DURATORQ-TDCI (PUMA) DIESEL
Pelgrim KK 7174 - OVERZICHT MOTORRUIMTE - 2,2 L DURATORQ-TDCI (PUMA) DIESEL /2,4 L DURATORQ-TDCI (PUMA) DIESEL /3.2 L DURATORQ-TDCI (PUMA) DIESEL - 3

text_image A B E90983

A MIN

B MAX

OLIEPEILSTAAF - 2,4 L DURATORQ-TDCI (PUMA) DIESEL /3.2 L DURATORQ- TDCI (PUMA) DIESEL

Pelgrim KK 7174 - OLIEPEILSTAAF - 2,4 L DURATORQ-TDCI (PUMA) DIESEL /3.2 L DURATORQ- TDCI (PUMA) DIESEL - 1

text_image A B

E71362

A MIN

B MAX

MOTOROLIE CONTROLEREN

LET OP

Gebruik geen additieven of andere smeermiddelen. Onder bepaalde omstandigheden kunnen deze de motor beschadigen.

N.B.: Het olieverbruik van nieuwe motoren bereikt zijn normale waarden na ongeveer 5000 kilometer.

Het oliepeil controleren

LET OP

! Controleer of het peil tussen de MIN en de MAX merktekens staat.

N.B.: Controleer het peil voordat de motor wordt gestart.

N.B.: De auto moet op een vlakke ondergrond staan.

N.B.: Bij verwarming zet olie uit. Daardoor kan het oliepeil enkele millimeters boven het MAX merkteken staan.

Verwijder de oliepeilstaaf en veeg deze met een schone, niet pluizende doek schoon. Breng de oliepeilstaaf weer aan en verwijder hem opnieuw om het oliepeil te controleren.

Wanneer het peil bij het MIN merkteken staat, vul dan direct bij.

Bijvullen

WAARSCHUWINGEN

Vul alleen bij wanneer de motor koud is. Wacht wanneer de motor heet is tien minuten om de motor te laten afkoelen.

Verwijder de vuldop niet bij draaiende motor.

Verwijder de vuldop.

WAARSCHUWING

Het oliepeil mag niet boven het MAX merkteken komen te staan.

N.B.: Neem onmiddellijk gemorste olie op met een absorberende doek.

Vul vloeistof bij die voldoet aan de Ford specificatie. Zie Technische specificatie (bladzijde 140).

Draai de vuldop er weer op. Draai hem tot u sterke weerstand voelt.

MOTORKOELVLOEISTOF CONTROLEREN

Koelvloeistofpeil controleren

WAARSCHUWING

Voorkom dat de vloeistof in contact komt met de huid of de ogen. Mocht dit toch gebeuren, spoel het betreffende lichaamsdeel dan direct met veel water schoon en neem contact op met uw huisarts.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Controleer of het peil tussen de MIN en MAX merktekens staat.

N.B.: Koelvloeistof zet bij verwarming uit. Daardoor kan het koelvloeistofpeil enkele millimeters boven het MAX merkteken staan.

Wanneer het peil bij het MIN merkteken staat, vul dan direct bij.

Bijvullen

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Vul alleen bij wanneer de motor koud is. Wacht wanneer de motor heet is tien minuten om de motor te laten elen.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Verwijder de vuldop niet bij draaiende motor.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 3

Verwijder de vuldop niet wanneer de motor heet is. Laat de motor eerst afkoelen.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 4

Onverdunde koelvloeistof is brandbaar en kan ontbranden wanneer deze wordt gemorst op een uitlaat.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

In een noodgeval kan water in het koelsysteem worden bijgevuld om een tankstation te bereiken. Laat het eem zo snel mogelijk door een goed eleide en vakkundige monteur troleren.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 2

Langdurig gebruik van koelvloeistof met een incorrecte mengverhouding kan leiden tot motorschade door osie, oververhitting of bevriezing.

Draai de dop langzaam los. Laat de druk langzaam ontsnappen terwijl u de dop losdraait.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Het oliepeil mag niet boven het MAX merkteken komen te staan.

Vul bij met een mengsel van koelvloeistof en water (50/50) op basis van vloeistof die voldoet aan de Ford specificatie. Zie Technische specificatie (bladzijde 140).

CONTROLE VLOEISTOFPEIL KOPPELINGENREMSYSTEEM

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Het gebruik van een andere vloeistof dan de aanbevolen remvloeistof kan de werking van het remsysteem teren en voldoet niet aan de atiestandaard van Ford.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Voorkom dat de vloeistof in contact komt met de huid of de ogen. Mocht dit toch gebeuren, spoel het ffende lichaamsdeel dan direct met water schoon en neem contact op uw huisarts.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 3

Als het vloeistofpeil is gezakt tot de marking MIN, laat het systeem dan zo snel mogelijk controlleren door een opgeleide monteur.

N.B.: Bewaar remvloeistof schoon en droog. Vervuiling door vuil, water, petroleumproducten of andere materialen kunnen leiden tot beschadiging en mogelijk het defect raken van het remsysteem.

N.B.: Het remsysteem en het bedieningsmechanisme van de koppeling zijn aangesloten op één reservoir.

Vul vloeistof bij die voldoet aan de Ford specificatie. Zie Technische specificatie (bladzijde 140).

STUURBEKRACHTI- GINGSVLOEISTOF CONTROLEREN

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Voorkom dat de vloeistof in contact komt met de huid of de ogen. Mocht dit toch gebeuren, spoel het betreffende lichaamsdeel dan direct met veel water schoon en neem contact op met uw huisarts.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Controleer of het peil tussen de MIN en MAX merktekens staat.

Wanneer het peil bij het MIN merkteken staat, vul dan direct bij.

Bijvullen

Verwijder de brandstofdop.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Het oliepeil mag niet boven het MAX merkteken komen te staan.

Vul vloeistof bij die voldoet aan de Ford specificatie. Zie Technische specificatie (bladzijde 140).

WATER IN BRANDSTOFFILTER AFTAPPEN

Uitvoeringen met een dieselmotor

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Voer geen dieselolie met het huishoudelijk afval af en laat het niet in de riolering stromen. Maak gebruik van de faciliteiten van de gemeente reinigingsdienst.

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

De plug komt omhoog bij het openen van de afvoer. Sluit de afvoer nadat het water is afgetapt.

N.B.: De controlelamp water-in-brandstof gaat bij draaiende motor na ongeveer 2 seconden uit.

N.B.: Vul alleen vloeistof bij die voldoet aan de Ford specificatie. Zie Brandstof en tanken (bladzijde 88).

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

  1. Sluit een geschikte slang aan op de aftapplug en steek de slang in een geschikte opvangbak.
  2. Draai de aftapplug een tot twee omwentelingen los en laat het water wegstromen.

Breng de eerder verwijderde onderdelen in omgekeerde volgorde aan.

RUITENSPROEIERVLOEISTOF CONTROLEREN

N.B.: De ruitensproeiers van de voor- en achterruit hebben een gemeenschappelijk reservoir.

Gebruik voor het bijvullen een mengsel van sproeiervloeistof en water om bevriezing bij koude weersomstandigheden te voorkomen en het reinigende effect te verbeteren. We adviseren alleen sproeiervloeistof van hoge kwaliteit te gebruiken.

Raadpleeg de productinstructies voor informatie over vloeistofverdunning.

Gebruik geen vloeistoffen die niet aan de gedefinieerde specificaties of eisen voldoen. Gebruik van een ongeschikte vloeistof kan beschadiging tot gevolg hebben, hetgeen niet onder de Garantie valt.

Aanbevolen vloeistofSpecificat
WSS-M2C913-CMotorolieCastrol Engine Oil ^3
WSS-M2C204-A2StuurbekraFordigingMotorcraft stuurbekrachtigings-vloeistof (groen) ^2
WSA-M2C195-AStuurbekraFordigingMotorcraft stuurbekrachtigings-vloeistof (rood) ^2
WSS-M97B44-DKoelvloeistMotorcraft SuperPlus Anti-freeze
WSS-M6C57-A2RemvloeistFord of Motorcraft Super DOT 4 remvloeistof
Achteras^1 Ford hypoïdeolieWSS-M2C939A

Onder normale omstandigheden behoeft de achteras geen onderhoud. Wanneer de achteras echter volledig in water ondergedompeld is geweest, moet de olie door uw dealer worden ververst.
^2 Vul altijd met dezelfde kleur vloeistof bij.

* U kunt tevens Ford Engine Oil motorolie of een andere motorolie gebruiken wanneer deze voldoet aan de specificatie WSS-M2C913-C.

N.B.: Wanneer de auto wordt gebruikt bij temperaturen onder -20 °C, moet u geen SAE 10W-40 motorolie gebruiken.

Olie bijvullen: Wanneer geen olie verkrijgbaar is die voldoet aan de specificatie WSS-M2C913-C, moet u SAE 5W-30 (aanbevolen), SAE 5W-40 of SAE10W-40 gebruiken die voldoet aan de specificatie ACEA A5/B5 (aanbevolen) of ACEA A3/B3. Het gebruik van deze oliën kan tot gevolg hebben dat de motor minder snel aanslaat, minder vermogen levert, meer brandstof verbruikt en een hogere emissiewaarde heeft.

Castrol motorolie wordt aanbevolen.

Pelgrim KK 7174 - RUITENSPROEIERVLOEISTOF CONTROLEREN - 1

text_image Castrol

Inhouden

Inhoud in liter (gallons)Nr. Varia
MAX-merktekenVloeistof stu
5,5 (1,2)Voorruitsproeier
80 (17,6)BrandstoftankA
103 (22,7)Brandstoftank\
4,3 (1,0)Motorolie – met
3,9 (0,9)Motorolie – zoni
2.3L Duratec-HEKoelsysteem met extra verwarming10,1 (2,2)
2.3L Duratec-HEKoelsysteem met alleen extra verwarming voorin7,8 (1,7)
2.2L DuraTorq-TDCi, voor-wielaandrijvingMotorolie – met filter6,2 (1,4)
2.2L DuraTorq-TDCi, voor-wielaandrijving6,0 (1,3)Motorolie – zoni
2.2L DuraTorq-TDCi, achterwielaandrijving10,1 (2,2)Motorolie – met
2.2L DuraTorq-TDCi, achterwielaandrijvingMotorolie – zonder filter9,7 (2,1)

Onderhoud

Inhoud in liter (gallons)Nr. Variant
8,8 (1,9)Motorolie - met filt zonder
8,4 (1,8)Motorolie
2.2L DuraTorq-TDCi, achterwielaandrijvingKoelsysteem met standverwarming en extra verwarming12 (2,6)
2.2L DuraTorq-TDCi, achterwielaandrijvingKoelsysteem met extra verwarming12 (2,6)
2.2L DuraTorq-TDCi, achterwielaandrijvingKoelsysteem met standverwarming12 (2,6)
2.2L DuraTorq-TDCi, achterwielaandrijvingKoelsysteem met alleen extra verwarming voorin10 (2,2)
2.2L DuraTorq-TDCi, voor-wielaandrijving en 2.4L DuraTorq-TDCiKoelsysteem met standverwarming en extra verwarming13 (2,9)
2.2L DuraTorq-TDCi, voor-wielaandrijving en 2.4L DuraTorq-TDCiKoelsysteem met extra verwarming12,8 (2,8)
2.2L DuraTorq-TDCi, voor-wielaandrijving en 2.4L DuraTorq-TDCiKoelsysteem met standverwarming11,5 (2,5)
2.2L DuraTorq-TDCi, voor-wielaandrijving en 2.4L DuraTorq-TDCiKoelsysteem met alleen extra verwarming voorin10 (2,2)
11,4 (2,5)Motorolie - met fil zonder 1
11 (2,4)Motorolie - zonder 1
7,3 (1,6)Koelsysteem3.2L D

Vulhoeveelheden motorolie

MotorVulhoeveelheid in liter (gallons)
0,7 (0,2)2.3L Duratec-HE
1,5 (0,3)2.2L DuraTorq-TDC
2 (0,4)2.4L DuraTorq-TDC

Onderhoud

MotorVulhoeveelheid in liter (gallons)
2,5 (0,6)3.2L DuraT

REINIGEN VAN BUITENZIJDE AUTO

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Wanneer de auto tijdens het wassen in een autowasserette in de was wordt gezet, verwijder dan de was e voorruit.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Controleer eerst de geschiktheid van de autowasserette voor uw auto, voordat u van de autowasserette ruik maakt.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 2

Sommige wasinstallaties maken gebruik van water onder hoge druk. Hierdoor kunnen sommige onderdelen uw auto worden beschadigd.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 3

Verwijder de antenne voordat u een automatische wasstraat inrijdt.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 4

Schakel de aanjager uit om te voorkomen dat deeltjes was zich in het luchtfilter vastzetten.

Wij raden aan uw auto met een spons en handwarm water en autoshampoo te wassen.

Koplampen reinigen

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Gebruik geen scherpe voorwerpen, schurende reinigingsmiddelen of oplossingen op alcoholische of mische basis om de koplampglazen te gen.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 2

Veeg de koplampglazen niet schoon wanneer ze droog zijn.

Achterruit reinigen

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Gebruik geen scherpe voorwerpen, schurende reinigingsmiddelen of chemische oplossingen op de enzijde van de achterruit te reinigen.

Gebruik een schone, niet pluizende doek of een vochtige zeem om de binnenzijde van de achterruit te reinigen.

Chromen onderdelen reinigen

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Gebruik geen schuurmiddelen of chemische oplosmiddelen. Gebruik een zeepoplossing.

Onderhoud van de lak

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Poets de auto niet in de felle zon.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 2

Voorkom dat polish op kunststof oppervlakken komt. Dit laat zich moeilijk verwijderen.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 3

Breng geen polish op de voor- en achterruit aan. Dit heeft een lawaaaiige werking van de ruitenwissers tot alg; bovendien kunnen de ruiten dan goed worden drooggeveegd.

Wij raden u aan de lak één- of tweemaal per jaar in de was te zetten.

REINIGEN VAN BINNENZIJDE AUTO

Veiligheidsgordels

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Gebruik voor het reinigen geen schurende middelen of chemische oplosmiddelen.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Let er op dat geen vocht in het oprolmechanisme komt.

Reinig de veiligheidsgordels met een interieurreiniger of water met een zachte spons. Laat de veiligheidsgordels op een natuurlijke manier drogen. Gebruik geen haardroger o.i.d.

Instrumentenpaneelschermen, LCD-schermen, radioschermen

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Gebruik voor het reinigen geen schurende middelen, oplosmiddelen op basis van alcohol of chemische smiddelen.

Achterruiten

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Gebruik geen schurende materialen voor het reinigen van de binnenzijde van de achterruiten.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 2

Breng geen stickers of labels aan op de binnenzijde van de achterruiten.

KLEINE LAKSCHADE REPAREREN

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Verwijder onmiddellijk ogenschijnlijk onschadelijke substanties van het lakwerk (bijvoorbeeld uitwerpselen vogels, boomsappen, dode insecten, vlekken, wegenzout en industriele slag).

Lakbeschadigingen door steenslag of kleine krasjes moeten zo spoedig mogelijk worden hersteld. Uw Ford dealer heeft een grote keuze aan producten. Lees en volg nauwkeurig de instructies van de fabrikant op.

STARTEN MET HULPSTARTKABELS

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Gebruik brandstofleidingen, motorafdekkingen of inlaatspruitstuk nooit als massapunten.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Verbind alleen accu's met dezelfde nominale spanning met elkaar.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 3

Gebruik altijd hulpstartkabels met geïsoleerde klemmen en een voldoende dikke kern.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 4

Koppel de ontladen accu niet los van de elektrische installatie van de auto.

Hulpstartkabels aansluiten
Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 5

text_image 1 A B 2

E75524

Wagen met de lege accuA

Wagen met de hulpaccuB

Positieve hulpstartkabel1

Negatieve hulpstartkabel2

  1. Plaats de auto's zodanig dat ze elkaar niet raken.

  2. Zet het contact van beide wagens af en schakel alle stroomverbruikers uit.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 6

  1. Trek de kap van het plusaansluitpunt van de accu omhoog. Zie het betreffende overzicht van de motorruimte voor de locatie van de items. Zie Onderhoud (bladzijde 131).
  2. Verbind de pluspool (+) van auto A met de pluspool (+) van auto B (kabel 1).
  3. Verbind de min (-) pool van auto B met het motorblok of de motorsteun van auto A (kabel 2).

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Sluit de kabel niet aan op de minpool (−) van de ontladen accu.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Zorg ervoor dat de kabels niet met draaiende onderdelen en onderdelen van het brandstoftoevoersysteem in taking kunnen komen.

Motor starten

  1. Start de motor van wagen B en laat deze met een matig hoog toerental draaien.
  2. Start de motor van wagen A.

  3. Laat beide motoren minimaal drie minuten draaien alvorens de kabels los te koppelen.

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Schakel de koplampen tijdens het loskoppelen van de hulpstartkabels niet in. Door de spanningspiek en de gloeilampen doorbranden.

Koppel de kabels in omgekeerde volgorde los.

ONDERHOUD VAN DE ACCU

Extra op de voertuigaccu aangesloten verbruikers van meer dan 30 A (bedrijfslast) en 12 mA (last bij uitgeschakeld contact) kunnen leiden tot vroegtijdig defect raken van de accu. Accu's met een hoge capaciteit zijn beschikbaar bij uw Ford dealer.

ACCU VERVANGEN

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Voor auto's met start/stop-schakelaar verschillen de accuvereisten. De accu moet worden ngen door een accu met exact fde specificatie als de originele.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Zorg ervoor dat de accubak goed is afgesloten.

N.B.: De accu bevindt zich onder de bestuurdersstoel in de auto.

N.B.: Indien nodig moet de Keycode van de audio-installatie opnieuw worden geprogrammeerd.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 3

text_image 1 2 E66643
  1. Draai de veiligheidspen linksom en verwijder deze.
  2. Verwijder het accudeksel.
  3. Schuif de stoel helemaal naar voren. Zie Voorstoelen (bladzijde 74).

Breng de eerder verwijderde onderdelen in omgekeerde volgorde aan.

AANSLUITPUNTEN VAN DE ACCU

Pelgrim KK 7174 - AANSLUITPUNTEN VAN DE ACCU - 1

text_image E75702 1 2

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Sluit een elektrische componenten direct op de accu van de wagen aan.

Er zijn drie aansluitpunten, elk levert maximaal een stroomsterkte van 60 ampère. Vraag uw dealer om advies over accessoires die voor uw wagen geschikt zijn.

  1. Maak de klemmen los.
  2. Trek de kap omhoog.

KINDERZITJES
Pelgrim KK 7174 - LET OP - 2

text_image E133140 AIRBAG E68916

WAARSCHUWINGEN

Laat kinderen met een lengte van minder dan 150 centimeter plaatsnemen in een geschikt goedgekeurd kinderzitje dat op de achterbank is bevestigd.

Bijzonder gevaarlijk! Plaats geen kinderveiligheidszitje achterwaarts op een stoel waarvóór zich een airbag bevindt!

Lees de instructies van de fabrikant en volg deze op wanneer u een kinderzitje aanbrengt.

Verander op geen enkele wijze het kinderzitje.

Neem tijdens het rijden geen kinderen op schoot.

WAARSCHUWINGEN

Laat kinderen niet zonder toezicht in uw auto achter.

Wanneer uw auto bij een aanrijding betrokken is geweest, dient u het kinderzitje door een hiertoe opgeleide monteur te laten controleren.

N.B.: De wettelijke voorschriften t.a.v. het gebruik van kinderzitjes zijn per land verschillend.

Alleen kinderzitjes die volgens ECE-R44.03 (of later) gecertificeerd zijn, zijn getest en goedgekeurd voor gebruik in uw auto. Een aantal zijn leverbaar via uw dealer.

Kinderzitjes voor verschillende gewichtsgroepen

Gebruik het correcte kinderzitje als volgt:

Babyzitje
Pelgrim KK 7174 - Kinderzitjes voor verschillende gewichtsgroepen - 1

Plaats kinderen met een lichaamsgewicht van minder dan 13 kilogram in een achterwaarts gericht babyzitje (Groep 0+) dat op de achterbank is bevestigd.

Veiligheidsuitrusting voor kinderen

Kinderveiligheidszitje
Pelgrim KK 7174 - Veiligheidsuitrusting voor kinderen - 1

Vervoer kinderen met een lichaamsgewicht van 13 tot 18 kilogram in een kinderveiligheidszitje (Groep 1), dat op de achterbank is bevestigd.

PLAATSING VAN KINDERZITJES

Plaatsen voor het kinderzitje

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Wanneer een kinderzitje met gordels worden gebruikt, dan mogen deze niet slap hangen.

ZitplaatsenGewichtsgroepen
3210+0
22 - 36 kg15 - 25 kg9
BabyzitjeBabyzitjeKinderveiligheids-zitjeZitver-hoger of kussenZitver-hoger of kussen
Passagiersstoel, voor, met airbagXXXXX
Passagiersstoel, voor, zonder airbag U^1 U^1 U^1 U^1 U^1
UUUUUAchterb

X Niet geschikt voor kinderen van deze gewichtsgroep.
U Geschikt voor universele kinderzitjes die zijn goedgekeurd voor deze gewichtsgroep.
U ^1 Geschikt voor universele kinderzitjes die zijn goedgekeurd voor deze gewichtsgroep.

ISOFIX kinderzitjes

ZitplaatsenGewichtsgroepen
00+I
9 - 18 kgTot 13 kgTc
BabyzitjeKinderveilig-heidszitje
IUIUIUAchter IS
ISOFIX maatklasse*A, B, B1, C, DC, D, EE

U Geschikt voor universele ISOFIX kinderzitjes die zijn goedgekeurd voor deze gewichtsgroep.

*Als omschreven in ECE-R16.

N.B.: Wanneer u een ISOFIX kinderzitje aanschaft, let er dan op dat dit geschikt is voor de gewichtsgroep van uw kind en dat de ISOFIX maatklasse geschikt is voor de plaats waar het zitje wordt aangebracht.

STOELVERHOGERS

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Bevestig een kinderzitje of een zitverhoger nooit alleen met de heupgordel.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Bevestig een kinderzitje of een zitverhoger niet met een veiligheidsgordel die niet gespannen gedraaid zit.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 3

Leg de schoudergordel niet onder de arm of achter de rug van het kind langs.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 4

Gebruik geen kussens, boeken of handdoeken om het kind hoger te laten zitten.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 5

Zorg ervoor dat uw kinderen rechtop zitten.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 6

Laat kinderen met een lichaamsgewicht van meer dan 15 kilogram, maar met een lengte van

minder dan 150 centimeter in een kinderzitje of op een zitverhoger plaatsnemen.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Wanneer u een kinderzitje op de achterbank gebruikt, zorg dan dat het kinderzitje stevig tegen de stoel rust.

De hoofdsteun moet wellicht worden opgetild of verwijderd. Zie Hoofdsteunen (bladzijde 77).

Kinderzitje (Groep 2)

Pelgrim KK 7174 - Kinderzitje (Groep 2) - 1

Wij raden het gebruik van een kinderzitje aan, dat uit een zitverhoger met een rugleuning bestaat in plaats van alleen een zitverhoger. De hogere zitpositie zorgt ervoor dat de standaard veiligheidsgordel correct over het midden van de schouder van het kind en de heupgordel over de heupen komt te liggen.

Zitverhoger (Groep 3)

Pelgrim KK 7174 - Zitverhoger (Groep 3) - 1

Gebruik bij toepassing van het ISOFIX systeem een voorziening dat voorkomt dat de veiligheidsgordel kan draaien. Wij raden het gebruik van een veiligheidsgordel aan de bovenzijde of een steun aan de onderzijde aan.

N.B.: Wanneer u een ISOFIX kinderzitje aanschaft, let er dan op dat dit geschikt is voor de gewichtsgroep van uw kind en dat de ISOFIX maatklasse geschikt is voor de plaats waar het zitje wordt aangebracht. Zie Plaatsing van kinderzitjes (bladzijde 150).

Uw wagen is uitgerust met ISOFIX verankeringspunten die geschikt zijn voor het gebruik van goedgekeurde ISOFIX kinderzitjes.

Het ISOFIX systeem bestaat uit twee stevige bevestigingsarmen aan het kinderzitje, die op de verankeringspunten van de zitplaatsen op de tweede zitrij tussen de rugleuning en de zitting worden bevestigd. Verankeringspunten voor de veiligheidsgordels aan de bovenzijde bevinden zich aan de achterzijde van de zitplaatsen op de tweede zitrij.

Een kinderzitje met een veiligheidsgordel aan de bovenzijde bevestigen
Pelgrim KK 7174 - Zitverhoger (Groep 3) - 2

Bevestig de veiligheidsgordel aan de bovenzijde aan geen ander punt dan aan het verankeringspunt dat por is bestemd.

KINDERSLOTEN

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Wanneer de kindersloten in werking zijn gesteld, kunnen de portieren niet van binnenuit worden geopend.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 2

Gebruik uitsluitend banden en velgen met de goedgekeurde maat. Het gebruik van andere maten kan beschadiging van de auto tot gevolg hebben en maakt de typegoedkeuring ongeldig.

Wanneer u banden monteert met een andere diameter dan de in de fabriek gemonteerde banden, duidt de snelheidsmeter de snelheid niet correct meer aan. Breng uw auto naar uw dealer en laat het motor managementsysteem opnieuw programmeren.

Op de B-stijl bij het bestuurdersportier bevindt zich een tabel met de bandenspanning.

Controleer bij koude banden de bandenspanning bij een temperatuur waarin u gaat rijden.

Voor het ruimtebesparende reservewiel moet de hoogste bandenspanning voor uw auto/band-combinatie worden aangehouden.

Gegevens omtrent banden, velgen en bandenspanningen voor speciale uitvoeringen staan alleen op de tabel met bandenspanningen van de betreffende auto.

EEN WIEL VERVANGEN

Wielslotmoeren

Na het overleggen van het certificaat met het referentienummer kunt u bij uw dealer een vervangings dopsleutel en vervangings slotmoeren verkrijgen.

Reservewiel

Het reservewiel bevindt zich onder de achterzijde van de auto.

Uitvoeringen met enkellucht
Pelgrim KK 7174 - Reservewiel - 1

Uitvoeringen met dubbellucht
Pelgrim KK 7174 - Reservewiel - 2

Wanneer uw auto is uitgerust met een veiligheidsbout, verwijder deze dan door hem linksom te draaien.

Steek het platte uiteinde van de wielmoersleutel (Bus, Bestelwagen en Kombi) of de korte zijde van de krikslinger (Chassis Cabine, uitvoering met open laadbak) in de opening. Draai hem linksom tot het wiel op de grond rust en de kabel niet meer gespannen is.

Pelgrim KK 7174 - Reservewiel - 3

  1. Verwijder de vleugelmoer(en).
  2. Steek de steun en de kabel door de centrale opening in de velg.

Boordkrik

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

De boordkrik waarmee uw auto wordt geleverd mag alleen worden gebruikt voor het wisselen van een n noodsituaties.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Controleer, voordat u de boordkrik gebruikt, of deze niet is beschadigd of vervormd en dat de schroefdraad meerd en vrij is van verontreinigingen.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 3

U mag nooit iets tussen de krik en de grond of de krik en de auto plaatsen.

N.B.: Auto's met een bandenreparatieset zijn niet uitgerust met een boordkrik en een wielmoersleutel.

De krik, de wielmoersleutel en de krikslinger bevinden zich in een opbergvak in de opstaptrede rechtsvoor.

Auto's uit de 430- en 460-serie
Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 4

•Zet de krikslinger in elkaar.
- Steek het platte uiteinde van de krikstang op de kraan. Draai de stang geheel rechtsom. Schuif de stang in de pomp en krik de auto op door een pompende beweging te maken.

Alle behalve auto's uit de 430- en 460-serie
Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 5

• Klap de krikstang uit.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 6

- Steek de haak van de stang in het oog op de krik. Breng de wielmoersleutel aan in het andere uiteinde van de stang en draai hem rechtsom.

Voorste kriksteunpunten

LET OP

Gebruik alleen de aangegeven kriksteunpunten. Wanneer u andere punten gebruikt kan dit de carrosserie, de stuurinrichting, de wielophanging, de motor, het remsysteem of de brandstofleidingen beschadigen.

Let erop wanneer u de krik aanbrengt bij een auto met airconditioning achterin (A/C), dat de krik niet in aanraking komt met de leidingen van de airconditioning of de ophangstrip van de brandstoftank.

Auto's uit de 430- en 460-serie
Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Plaats de krik onder de uitsparingen aan de achterzijde van het subframe.

Alle behalve auto's uit de 430- en 460-serie
Pelgrim KK 7174 - LET OP - 2

Klap de klep op de bovenzijde van de krik dicht (opbergstand). De achterste bouten van het voorste subframe passen in een uitsparing in de klep op de krik.

Kriksteunpunten, achter

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Gebruik alleen de aangegeven kriksteunpunten. Wanneer u andere punten gebruikt kan dit de carrosserie, tuurinrichting, de wielophanging, de or, het remsysteem of de ndstofleidingen beschadigen.

Bus, bestelwagen en Kombi (260, 280 en 300 serie) met voorwielaandrijving
Pelgrim KK 7174 - LET OP - 2

Klap de klep op de bovenzijde van de krik open. Plaats de krik onder de bladveer van het achterwiel, direct voor het wiel.

Bus, bestelwagen en Kombi (330 en 350 serie) met voorwielaandrijving

N.B.: In het reservewiel bevindt zich een extra blok.

Pelgrim KK 7174 - Bus, bestelwagen en Kombi (330 en 350 serie) met voorwielaandrijving - 1

Klap de klep op de bovenzijde van de krik open. Plaats de krik op het blok.

Auto's uit de 430- en 460-serie

N.B.: Plaats de krik onder de as, zo dicht mogelijk bij het wiel dat omhoog moet worden gebracht.

Pelgrim KK 7174 - Auto's uit de 430- en 460-serie - 1

Alle Chassis Cabine, bus, bestelwagen en Kombi uitvoeringen met achterwielaandrijving (alle behalve auto's uit de 430- en 460-serie)

N.B.: Plaats de krik onder de as, zo dicht mogelijk bij het wiel dat omhoog moet worden gebracht.

Pelgrim KK 7174 - Auto's uit de 430- en 460-serie - 2

Klap de klep op de bovenzijde van de krik open.

Wiel verwijderen

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Parkeer uw auto dusdanig dat u, noch het verkeer hinder ondervindt of gevaar loopt.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Zet een gevarendriehoek neer.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 3

Zorg ervoor dat de auto met de wielen in de rechtuitstand op een stevige, vlakke ondergrond staat.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 4

Zet het contact af en schakel de parkeerrem in.

WAARSCHUWINGEN

Schakel de eerste versnelling of de achteruit in wanneer uw auto is uitgerust met een handgeschakelde versnellingsbak. Selecteer stand 'P' wanneer deze met een automatische transmissie is uitgerust.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Laat de inzittenden uitstappen.

Blokkeer het diagonaal tegenoverliggende wiel met een geschikt blok hout of een wielkeg. Dit is aangebracht in de B-stijl of in het reservewiel.

Let erop dat de pijlen op richting gebonden banden in de draairichting wijzen wanneer de auto vooruit rijdt. Wanneer een reservewiel moet worden gemonteerd waarvan de pijlen tegengesteld aan de draairichting wijzen, laat dan de band zo spoedig mogelijk door een deskundige in de juiste richting monteren.

Voer geen werkzaamheden uit onder een auto die alleen wordt ondersteund door een krik.

Zorg ervoor dat de krik verticaal ten opzichte van het kriksteunpunt staat en dat de voet vlak op de grond staat.

LET OP

Leg lichtmetalen velgen niet met de buitenzijde op de grond, hierdoor wordt de lak beschadigd.

  1. Steek het platte uiteinde van de wielmoersleutel tussen de velg en het wieldeksel en verwijder voorzichtig de naafdop of het wieldeksel.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

  1. Verwijder de moerdoppen.
  2. Breng de copsleutel voor de slotmoer aan.
  3. Draai de wielmoeren een slag los.
  4. Krik de auto op tot de band vrij is van de grond.
  5. Verwijder de wielmoeren en het wiel.

Wiel aanbrengen

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Gebruik uitsluitend banden en velgen met de goedgekeurde maat. Het gebruik van andere maten kan schade aan de auto tot gevolg hebben en kan de typegoedkeuring ongeldig maken. Zie Technische specificatie (bladzijde 167).

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Zorg ervoor dat er zich geen smeermiddel (vet of olie) op de schroefdraad of tussen de tapeinden moeren bevindt.

N.B.: Zorg ervoor dat de contactvlakken tussen de velg en de naaf vrij zijn van vreemde voorwerpen.

N.B.: Zorg ervoor dat de conische zijde van de wielmoeren naar de velg is gekeerd.

N.B.: De wielmoeren van de lichtmetalen velgen kunnen ook worden gebruikt voor het stalen reservewiel.

  1. Breng het wiel aan.

  2. Draai de wielmoeren handvast aan.

  3. Breng de copsleutel voor de slotmoer aan.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 3

text_image 1 3 4 5 2 6 1 4 3 2 5 F70004

E70961

  1. Zet de wielmoeren in de aangegeven volgorde voorlopig vast.
  2. Laat de auto zakken en verwijder de krik.
  3. Draai de wielmoeren in de aangegeven volgorde definitief vast. Zie Technische specificatie (bladzijde 167).
  4. Druk de naafdop of het wieldeksel met de bal van uw hand vast.
  5. Breng de moerdoppen aan.

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Laat het aanhaalmoment van de wielmoeren en de bandenspanning zo spoedig mogelijk controleren.

N.B.: Wanneer het reservewiel een andere maat heeft of anders is geconstrueerd dan de overige wielen, laat deze dan zo spoedig mogelijk vervangen.

Wiel opbergen

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Hijs de reservewielhouder niet op zonder het wiel te hebben vastgezet.

Wanneer geen wiel is aangebracht kan het ophijsmechanisme bij het laten zakken worden beschadigd.

N.B.: Alleen wanneer het ophijsmechanisme doorslipt is het wiel volledig omhoog gebracht.

  • Leg het wiel met de buitenzijde naar beneden gekeerd plat op de grond. Kantel de steun en steek hem met de staalkabel door de centrale opening in de velg. Draai de vleugelmoer(en) vast.
  • Steek het platte uiteinde van de wielmoersleutel geheel in de boring en draai de wielmoersleutel rechtsom. Breng, bij uitvoeringen met een veiligheidsbout, deze aan en draai hem rechtsom.
  • Berg de wielmoersleutel, de krik en de krikstang op.

BANDENREPARATIESET

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Voor campers gelden afzonderlijke instructies die zijn opgenomen in de bandenreparatieset.

Het kan voorkomen dat in de wagen geen reservewiel is aangebracht. In een dergelijk geval is een bandenreparatieset voor noodgevallen aanwezig die kan worden gebruikt voor het repareren van één lekke band.

De bandenreparatieset bevindt zich in het handschoenenkastje.

Algemene informatie

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Afhankelijk van het type en de omvang van de beschadiging kunnen sommige banden slechts gedeeltelijk of soms geheel niet worden gedicht. Een te lage bandenspanning kan het weggedrag van de wagen beïnvloeden, waardoor u de macht over het stuur kunt verliezen.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Gebruik de bandenreparatieset niet wanneer de band al beschadigd was als gevolg en het rijden met een te bandenspanning.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 3

Gebruik de bandenreparatieset niet bij run flat banden.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 4

Probeer geen andere lekken te dichten dan zichtbare lekken in het loopvlak van de band.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 5

Probeer geen lekken te dichten in de bandwang.

Met behulp van de bandenreparatieset kunnen de meeste bandenlekken (met een diameter van maximaal 6 mm of 1/4 inch) worden gerepareerd om de mobiliteit tijdelijk te herstellen.

Let op het volgende bij gebruik van de set:

•Rijd voorzichtig en maak geen plotselinge stuurbewegingen, vooral wanneer de wagen zwaar is beladen of tijdens het rijden met een aanhanger.

- De set zorgt voor een tijdelijke reparatie, waardoor u uw reis tot de volgende dealer of bandenspecialist kunt voortzetten, of een afstand van maximaal 200 km (125 mijl) kunt afleggen.

•Rijd niet sneller dan maximaal 80 km/h (50 mph).

•Houd de set buiten het bereik van kinderen.
-Gebruik de set bij omgevingstemperaturen van -30^ (-22^) tot +70^ (+158^) .

Bandenreparatieset gebruiken

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Samengeperste lucht kan zich gedragen als een explosief of drijfmiddel.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Laat tijdens gebruik de bandenreparatieset nooit onbeheerd achter.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

De compressor mag niet langer dan 10 minuten blijven ingeschakeld.

N.B.: Gebruik de bandenreparatieset alleen bij wagens die ermee zijn uitgerust.

  • Parkeer uw wagen zodanig langs de kant van de weg dat u het verkeer niet belemmert en dat u in staat bent de bandenreparatieset te gebruiken zonder in gevaar te komen.
  • Trek, zelfs wanneer u op een vlakke ondergrond geparkeerd staat, de handrem aan om te waarborgen dat de wagen niet in beweging kan komen.
    •Probeer geen vreemde voorwerpen, zoals spijkers of schroeven, uit de band te verwijderen.
  • Laat de motor draaien terwijl de set wordt gebruikt, maar niet als de wagen in een afgesloten of slecht geventileerde ruimte staat (bijvoorbeeld in een gebouw). Schakel onder dergelijke omstandigheden de compressor in bij afgezette motor.

  • Vervang de fles met het afdichtmiddel door een nieuwe voordat de houdbaarheidsdatum (zie de bovenzijde van de fles) is bereikt.

  • Informeer andere gebruikers van de auto dat de band tijdelijk is gerepareerd met de bandenreparatieset en stel ze op de hoogte van de speciale rijvoorschriften.

Band oppompen

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Controleer de bandwang voordat u het afdichtmiddel in de band pompt. Wanneer u scheuren, knobbels ofelijke ziet, probeer dan niet de band pompen.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Ga niet vlak naast de band staan wanneer de compressor draait.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 3

Sla de bandwang gade. Wanneer u scheuren, knobbels en dergelijke ziet verschijnen, schakel dan de pressor uit en laat de lucht met het egelventiel ontsnappen B. Rijd niet er met deze band.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 4

Het afdichtmiddel bevat natuurlijk latex. Voorkom contact met huid, ogen of kleding. Mocht dit toch uren, spoel het betreffende aamsdeel dan direct met veel water op en neem contact op met uw orts.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 5

Wanneer de bandenspanning binnen zeven minuten lager wordt dan 1,8 bar (26 psi), kan de band ernstig zijn nadigd, waardoor een tijdelijke atie onmogelijk is. Vervolg in een elijk geval uw reis niet met deze band.

LET OP

Wanneer de fles op de houder wordt gedraaid, wordt de afdichting van de fles verbroken. Schroef de fles niet los van de houder, omdat het afdichtmiddel dan wegloopt.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

DrukmeterF Stekker met kabelG CompressorschakelaarH Labell Afdekking flesJ Fles met afdichtmiddelK

  1. Maak de afdekking van de bandenreparatieset open.
  2. Trek het label I waarop de maximaal toelaatbare snelheid van 80 km/h vermeld staat van het huis en maak het binnen het gezichtsveld van de bestuurder vast op het instrumentenpaneel. Zorg dat het label niet wordt vastgemaakt op belangrijke onderdelen/plekken.
  3. Haal de slang C en de stekker met kabel G uit de set.
  4. Schroef de oranje dop D en de afdekking van de fles J los.
  5. Schroef de fles met afdichtmiddel K naar rechts tot de aanslag in de flessenhouder E.
  6. Draai het ventieldopje van de beschadigde band af.
  7. Maak de beschermdop A los van de slang C en draai de slang C stevig op het ventiel van de beschadigde band.
  8. Zorg dat de compressorschakelaar H in stand O staat.
  9. Sluit de stekker G aan op de aansluiting van de aansteker of het extra elektrisch aansluitpunt. Zie Aansteker (bladzijde 79). Zie Extra voedingsaansluitingen (bladzijde 80).
  10. Start de motor.
  11. Zet de compressorschakelaar H in stand 1.

  12. Pomp de band niet langer dan zeven minuten op voor een minimale druk van 1,8 bar (26 psi) en een maximum druk van 2,5 bar (51 psi). Zet de compressorschakelaar H in stand O en controleer de huidige bandenspanning met behulp van drukmeter F.

  13. Neem de stekker G uit de aansluiting van de aansteker of het extra elektrisch aansluitpunt.
  14. Draai de slang C snel van het ventiel los en breng de beschermdop A aan. Draai het ventieldopje vast.
  15. Laat de fles met afdichtmiddel K in de flessenhouder E zitten.
  16. Zorg ervoor dat de bandenreparatieset, de dop van de fles en de oranje kap veilig worden opgeborgen, maar makkelijk bereikbaar zijn. De set is opnieuw nodig bij het controleren van de bandenspanning.
  17. Rijd onmiddellijk weg en rijd ongeveer drie kilometer (twee mijl) zodat het afdichtmiddel het lek kan afdichten.

N.B.: Wanneer het afdichtmiddel in de band wordt gepompt, kan de druk toenemen tot 6 bar (87 psi) maar deze neemt na ca. 30 seconden weer af.

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Wanneer u heftige trillingen, onbalans in het stuurwiel of lawaai tijdens het rijden waarneemt, minder nelheid en rijd voorzichtig naar een s waar u veilig kunt stoppen.

Controleer de band en de bandenspanning opnieuw. Wanneer de bandenspanning lager is dan 1,3 bar (19 psi) of wanneer er scheuren, knobbels of dergelijke zichtbaar zijn, hervat dan uw reis niet met deze band.

Bandenspanning controlleren

  1. Stop de wagen na ongeveer drie kilometer (twee mijl). Controleer en corrigeer zo nodig de spanning van de beschadigde band.
  2. Breng de set aan en lees de bandenspanning af van de drukmeter F.
  3. Wanneer de spanning 1,3 bar (19 psi) of hoger is, breng de band dan op de voorgeschreven spanning. Zie Technische specificatie (bladzijde 167).
  4. Volg de procedure voor het oppompen van de band.
  5. Controleer de bandenspanning met behulp van de drukmeter F. Wanneer de bandenspanning te hoog is, laat dan de spanning afnemen met behulp van de drukregelklep B.
  6. Als de band de correcte bandenspanning heeft, zet dan de compressorschakelaar H in stand O, verwijder de stekker G uit de aansluiting, draai de slang C los, draai de ventieldop aan en vervang de beschermdop A.
  7. Laat de fles met afdichtmiddel K in de flessenhouder E zitten en berg de set op op de plaats waar deze vandaan kwam.
  8. Rijd naar de dichtstbijzijnde bandenspecialist om de beschadigde band te vervangen. Vertel, voordat de band van de velg wordt afgenomen, de bandenspecialist dat de band een afdichtmiddel bevat. Vervang de set zo snel mogelijk na het eerste gebruik.

N.B.: Bedenk dat een bandenreparatieset slechts voor tijdelijke mobiliteit zorgt.

Voorschriften aangaande bandreparatie na gebruik van de bandenreparatieset kunnen per land verschillen. Raadpleeg een bandenspecialist voor advies.

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Zorg er voordat u wegrijdt voor dat de band de voorgeschreven bandenspanning heeft. Zie

Technische specificatie (bladzijde 167). Controleer voortdurend de bandenspanning tot de band is vervangen.

Lege flessen afdichtmiddel mogen samen met het huishoudelijk afval worden afgevoerd. Breng resten afdichtmiddel naar uw dealer of voer ze af volgens de lokale richtlijnen.

VERZORGING VAN BANDEN

N.B.: 18" sportbanden zijn banden met een laag profiel en hebben mogelijk een kortere levensduur in vergelijking tot de standaard banden voor lichte bedrijfswagens, afhankelijk van de belasting en de rijomstandigheden. Neem voor meer informatie contact op met uw Ford dealer.

Pelgrim KK 7174 - VERZORGING VAN BANDEN - 1

Zorg voor een langere levensduur ervoor dat de banden van de voor- en achterwielen gelijkmatig slijten. Wij raden aan dat de voor- en achterwielen met regelmatige intervallen van 15.000 tot 20 000 km (9.000 tot 12.000 mijl) te wisselen.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Laat tijdens het parkeren de bandwangen niet langs trottoirbanden schuren.

Als u een stoeprand moet oprijden, doe het dan zo langzaam mogelijk en rijd zo mogelijk met de wielen onder een rechte hoek het trottoir op.

Controleer regelmatig de banden op scheuren, vreemde voorwerpen of onregelmatige slijtage van het loopvlak. Ongelijkmatige slijtage betekent dat de wieluitlijning niet meer aan de specificaties voldoet.

GEBRUIK VAN WINTERBANDEN

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Controleer of u de velgen met de winterbanden met het correcte type wielmoeren hebt bevestigd.

Indien winterbanden zijn gemonteerd, controleer dan of de bandenspanning correct is. Zie Technische specificatie (bladzijde 167).

Rijd niet harder dan 50 km/u.

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 2

Rijd niet met sneeuwkettingen op een sneeuuwvrij wegdek.

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Wanneer uw auto is uitgerust met wieldeksels, verwijder deze dan voordat u sneeuwkettingen monteert.

N.B.: Het ABS blijft normaal werken.

Gebruik alleen sneeuwkettingen met kleine schakels.

Gebruik alleen sneeuwkettingen op de aangedreven wielen.

Uitvoeringen met voorwielaandrijving

N.B.: In de registratiedocumenten zijn voor de vooras alleen 195/75 R 16 C banden vermeld.

Wanneer uw auto is uitgerust met 215/75 R 16 C banden, monteer dan 195/75 R 16 C (M+S) banden op de voorwielen. Breng de bandenspanning op de maximum voorgeschreven waarde.

Auto's met achterwielaandrijving

Breng alleen sneeuwkettingen aan op de achterwielen.

Auto's met vierwielaandrijving (AWD)

Breng alleen sneeuwkettingen aan op de achterwielen.

Uitvoeringen met stabiliteitsregeling (ESP)

Uitvoeringen met stabiliteitsregeling (ESP) kunnen een wat ongebruikelijke rijkarakteristiek vertonen, hetgeen kan worden voorkomen door het systeem uit te schakelen. Zie Gebruik maken van stabiliteitsregeling (bladzijde 97).

Aanhaalmoment wielmoeren

Nm (lb-ft)Wieltype
200 (147,5)Alle

Bandenspanning (koude banden)

Bus

Bandenspanning

BandenmaatVariantMaximaal beladenNormaal
bar (lbf/in2)AchterVoorAch
bar (lbf/in2)bar (lbf/in2)bar (lbf/in2)
4,1 (60)3,8 (55)

Velgen en banden

BandenmaatVariantMaximaal beladenNormaal be
bar(lbf/in2)AchterVoorAchter
bar(lbf/in2)bar(lbf/in2)bar(lbf/in2)
3,9 (57)3,6 (52)3 (49)2,8(51)4,8
3,7 (54)3,4 (49)2,8(51)4,8
350L - Maximaal voorasgewicht 1.750 kilogram4,8 (70)3,5 (51)4,8(55)4,8
350L - Maximaal voorasgewicht 1.850 kilogram215/75 R 164,8 (70)3,5 (51)4,8(55)4,8
370L215/75 R 16 C3,8 (55)4,8 (70)3,8 (55)4,8 (70)
4,1 (60)4,7 (58)4,7(57)4,8
410EF/M23,7 (54)4,5 (57)4,8(55)4,8

Bestelwagen en Kombi - achterwielaandrijving Bandenspanning

BandenmaatVariantMaximaal beladenNormaal be
bar (lbf/in2)bar (lbf/in2)bar (lbf/in2)AchterVoorAchter
4,2 (6138,65,8M)4,2
330S/M/L215/75 R 16 C3,4 (49)4,5 (65)3,4 (49)4,5 (65)
350M/L - Maximaal voorasgewicht 1.750 kilogram4,8 (70)3,5 (51)4,8
350M/L - Maximaal voorasgewicht 1.850 kilogram215/75 R 164,8 (70)3,5(55)4,
350EF - Maximaal voorasgewicht 1.750 kilogram215/75 R 16 C3,5 (51)4,9 (71)3,5 (51)4,9 (71)

Velgen en banden

BandenmaatVariantMaximaal beladenNormaal
bar (lbf/in2)bar (lbf/in2)bar (lbf/in2)AchterVoorAch
350EF - Maximaal voorasgewicht 1.850 kilogram4,9 (71)3,8 (55)
430EF - Maximaal voorasgewicht 1.750 kilogram4,1 (60)47 (68)
430EF - Maximaal voorasgewicht 1.850 kilogram3,7 (54)46 (67)
430EF - GVM 3.500 kilogram3,5 (51)4,7 (68)
460M/L/EF - Maxi-maal achterasgewicht 2.600 kilogram3,2 (46)46 (67)
460M/L/EF - Maxi-maal achterasgewicht 3.300 kilogram4,3 (62)46 (67)

Bestelwagen en Kombi - voorwielaandrijving

Bandenspanning

BandenmaatVariantMaximaal beladenNormaal
bar (lbf/in2)bar (lbf/in2)bar (lbf/in2)AchterVoorAch
3,5 (51)3,4 (49)
3,5 (51)3,4 (49)
3,8 (55)3,8 (55
260S - GVM 2.350 kilogram3,3 (48)9,3/748

Velgen en banden

BandenmaatVariantMaximaal beladenNormaal be
bar(lbf/in2)bar(lbf/in2)bar(lbf/in2)AchterVoorAchter
260S - GVM 2.350 kilogram3,3 (48)3,3 (48)3,3
260S - GVM 2.350 kilogram3,8 (55)3,8 (55)3,8
260S - Maximaal voorasgewicht 1.450 kilogram - Maximaal achterasgewicht 1.475 kilogram3,5 (51)3,4 (49)3,5
3,5 (51)3,4 (49)3,5
3,5 (51)3,4 (49)3,5
2,9 (42)2,8 (41)2,9
280S - Maximaal achterasgewicht 1.650 kilogram4,4 (64)3,8 (55)4,
280S - Maximaal achterasgewicht 1.550 kilogram4,1 (60)3,5(58)4,7
280S - Maximaal achterasgewicht 1.650 kilogram4,2 (61)3,6 (52)4,2
280S - Maximaal achterasgewicht 1.550 kilogram3,6 (52)3,9 (57)5 (52)195/7(
280S - Maximaal achterasgewicht 1.650 kilogram205/65 R 16 C3,4 (49)4 (58)3,4 (49)4 (58)
280S - Maximaal achterasgewicht 1.550 kilogram3,7 (54)3,4 (49)3,7
4,2 (61)5,7 (54)15,2

Velgen en banden

BandenmaatVariantMaximaal beladenNormaal
AchterVoorAch
bar(lbf/in2)bar(lbf/in2)bar(lbf/in2)bar(lbf/in2)
4 (58)3,6 (52)
4,4 (64)3,9 (57)
280M - GereduceerdGVM - alleen VK4,1 (60)3,8 (55)
280M - GereduceerdGVM - alleen Italië4,4 (64)3,9 (57)
280M - GereduceerdGVM - alleen VK3,8 (55)3,4 (49)
280M - GereduceerdGVM - alleen Italië4,2 (61)3,7 (54)
280M - GereduceerdGVM - alleen VK3,7 (54)3,4 (49)
280M - GereduceerdGVM - alleen Italië4 (58)3,6 (52)
300S/M/L185/75 R 16 C4,2 (61)4,7 (68)4,2 (61)4,7 (68)
195/70 R 16 C(30) (30) (30) (30) (30) (30) (30) (30) (30) (30) (30) (30) (30) (30) (30) (30) (30) (30) (30) (30) (30) (30) (30) (30) (30) (30)
4,3 (62)3,8 (55)
300L - GereduceerdGVM 2.800 kilogram4,4 (64)41 (60)
300L - GereduceerdGVM 2.800 kilogram4,2 (61)3,9 (57)
300L - GereduceerdGVM 2.800 kilogram205/65 R 16 C3,7 (54)4 (58)3,7 (54)4 (58)
4,5 (65)32 (59)
350M/L215/75 R 16 C3,5 (51)4,8 (70)3,5 (51)4,8 (70)

Chassis-cabine en uitvoeringen met open laadbak - achterwielaandrijving Bandenspanning

BandenmaatVariantMaximaal beladenNormaal be
bar (lbf/in2)bar (lbf/in2)bar (lbf/in2)AchterVoorAchter
4,2 (61)3,5 (51)4,2
4,5 (65)3,4 (49)4,
350S/M/L/EF - Maxi-maal achterasgewicht 2.450 kilogram3,3 (48)4,7 (68)3,3
350EF - Gereduceerd GVM3,3 (48)4,2 (61)3,3
350L/EF - Maximaal achterasgewicht 2.600 kilogram3,5 (51)4,7 (68)3,5
350S/M/L/EF - Maxi-maal achterasgewicht 2.450 kilogram3,3 (48)4,6 (67)3,3
350L/EF - Maximaal achterasgewicht 2.600 kilogram3,2 (46)4,6 (67)3,2
350S/M/L - Maximaal voorasgewicht 1.750 kilogram4,8 (70)3,5 (51)4,8
350S/M/L - Maximaal voorasgewicht 1.850 kilogram4,8 (70)3,8 (55)4,8
350EF - Maximaal voorasgewicht 1.750 kilogram4,9 (79)3,7(55)255)75
350EF - Maximaal voorasgewicht 1.850 kilogram4,9 (71)3,8 (55)4,9
350EF - Gereduceerd GVM215/75 R 16 C3,1 (45)4,9 (71)3,1 (45)4,9 (71)

Velgen en banden

BandenmaatVariantMaximaal beladenNormaal
bar (lbf/in2)bar (lbf/in2)bar (lbf/in2)AchterVoorAch
430EF - Maximaal achterasgewicht 2.600 kilogram3,5 (51)4,7 (68)
430M/L/EF - Maximaal achterasgewicht 2.950 kilogram4,1 (60)47 (68)
3,7 (54)46 (67)
460M/L/EF - Maximaal achterasgewicht 2.600 kilogram3,2 (46)4,6 (67)
460M/L/EF - Maximaal achterasgewicht 3.300 kilogram4,3 (62)46 (67)

Chassis-cabine en uitvoeringen met open laadbak - voorwielaandrijving Bandenspanning

BandenmaatVariantMaximaal beladenNormaal
bar (lbf/in2)bar (lbf/in2)bar (lbf/in2)AchterVoorAch
4,7 (68)42 (61)
4,5 (65)4(58)4
4,3 (62)38055
330S/M/L - Sneeuw-kettingen op voor-wielen195/75 R 16 C4,1 (60)n.v.t.4,1 (60)n.v.t.
4,5 (65)25/749
350M/L/EF - Sneeuwkettingen op voorwielen195/75 R 16 C4,3 (62)n.v.t.4,3 (62)n.v.t.

Velgen en banden

BandenmaatVariantMaximaal beladenNormaal be
bar (lbf/in2)AchterVoorAchter
bar (lbf/in2)bar (lbf/in2)bar (lbf/in2)
4,8 (70)3,5 (51)4,8

Aandrijving op alle wielen

Bandenspanning

BandenmaatVariantMaximaal beladenNormaal be
bar(lbf/in2)bar(lbf/in2)bar(lbf/in2)AchterVoorAchter
4,2 (61)3,5 (51)4,2
4,5 (65)3,4 (49)4,
330S - GereduceerdGVM3,7 (54)3,4 (49)3,7
350M/L - Maximaalvoorasgewicht 1.750kilogram4,8 (70)3,5 (51)4,8
350M/L - Maximaalvoorasgewicht 1.850kilogram4,8 (70)3,8 (55)4,8
350EF - Maximaalvoorasgewicht 1.750kilogram4,9 (71)3,5 (51)4,9
350EF - Maximaalvoorasgewicht 1.850kilogram215/75 R 16 C3,8 (55)4,9 (71)3,8 (55)4,9 (71)

ECOnetic

Bandenspanning

BandenmaatVariantMaximaal beladenNormaal
bar (lbf/in2)AchterVoorAch
bar (lbf/in2)bar (lbf/in2)bar (lbf/in2)
3,4 (49)3 (43)3
4,8 (70)3 5 (51)

VOERTUIGIDENTIFICA- TIEPLAATJE

N.B.: Het ontwerp van het identificatieplaatje kan afwijken van het getoonde plaatje.
N.B.: De informatie op het identificatieplaatje is afhankelijk van de vereisten per land.

Pelgrim KK 7174 - VOERTUIGIDENTIFICA- TIEPLAATJE - 1

text_image A B FORD E D C

E85610

Voertuig Identificatie NummerA

B Maximaal toelaatbare totaalgewicht
C Maximaal toelaatbaar treingewicht Maximum voorasbelastingD Maximum achterasbelastingE

Het voertuigidentificatienummer (VIN) en de maximum toelaatbare gewichten zijn vermeld op een plaatje aan slotzijde onderin de opening van het rechter voorportier.

VOERTUIGIDENTIFI- CATIENUMMER

Pelgrim KK 7174 - VOERTUIGIDENTIFI- CATIENUMMER - 1

Het Voertuig Identificatie Nummer is in de rechter voorwielkuip ingeslagen. Het is ook op de linkerzijde van het instrumentenpaneel vermeld.

Afmetingen van de auto

Korte wielbasis

Afmeting in mmBeschrijving via
Maximum lengte - zonder trede achter (Bestelwagen en Kombi)4863 (191,5)
Maximum lengte (Chassis-cabine en laadbak uitvoeringen met open laadbak)5254 (206,9)
Maximum lengte - met trede achter (Bestelwagen en Kombi)4965 (195,5)
Maximum lengte - met trekhaak (Bestelwagen en Kombi)5070 (199,6)
Maximum lengte - met trekhaak (Chassis Cabine en laadbak uitvoeringen met open laadbak)5254 (206,9)
Totale breedte - exclusief buitenspiegels (Bestelwagen en Kombi)1974 (77,7)
Totale breedte - exclusief buitenspiegels (Chassis-cabine en laadbak uitvoeringen met smalle laadbak)1998 (78,6)
Totale breedte - exclusief buitenspiegels (Chassis-cabine en laadbak uitvoeringen met brede laadbak)2198 (86,5)
1997 - 2089 (78,6 - 82,2)Totale ho
Totale hoogte - laag dak (Chassis-cabine en uitvoeringen met open laadbak)1956 - 2042 (77 - 80,4)
Totale hoogte - semi-hoog dak (Bestelwagen en Kombi)2313 - 2405 (91,1 - 94,7)
2933 (115,5)Wielbasis (Beste
Wielbasis (Chassis-cabine en uitvoeringen met open laadbak)3137 (123,5)
1737 - 1757 (68,4 - 69,2)Spoorbree
1642 - 1720 (64,6 - 67,7)Spoorbree

Middellange wielbasis

Afmeting in mmBeschrijving van a
Maximum hoogte - semi-hoog dak (Bestelwagen en Kombi)5230 (205,9)
Maximum lengte - zonder trede achter (Chassis Enkele Cabine en laadbak uitvoeringen met open laadbak)5704 (224,6)
Maximum lengte - zonder trede achter (Chassis Dubbele Cabine en laadbak uitvoeringen met open laadbak)5721 (225,2)
Maximum lengte - met trede achter (Bestelwagen en Kombi)5332 (209,9)
Maximum lengte - met trekhaak (Bestelwagen en Kombi)5373 (211,5)
Maximum lengte - met trekhaak (Chassis Enkele Cabine en laadbak uitvoeringen zonder open laadbak)5481 (215,8)
Maximum lengte - met trekhaak (Chassis Dubbele Cabine en laadbak uitvoeringen met open laadbak)5721 (225,2)
Maximum lengte - met trekhaak (Chassis Enkele Cabine en laadbak uitvoeringen met open laadbak)5704 (224,6)
Totale breedte excl. buitenspiegels (Bestelwagen en Kombi) - enkele achterwielen1974 (77,7)
Totale breedte excl. buitenspiegels (Bestelwagen en Kombi) - dubbele achterwielen2084 (82)
Totale breedte - exclusief buitenspiegels (Chassis-cabine en laadbak uitvoeringen met smalle laadbak)1998 (78,6)
Totale breedte - exclusief buitenspiegels (Chassis-cabine en laadbak uitvoeringen met brede laadbak)2198 (86,5)
1944 - 2069 (76,5 - 81,5)Totale hoog
Totale hoogte - laag dak (Chassis Enkele Cabine en uitvoeringen met open laadbak)1948 - 2057 (76,7 - 81)
Totale hoogte - laag dak (Chassis Dubbele Cabine en uitvoeringen met open laadbak)2031 - 2069 (80 - 81,5)
Totale hoogte - semi-hoog dak (Bestelwagen en Kombi)2302 - 2390 (90,6 - 94,1)

Inhouden en specificaties

Afmeting in mmBeschrijving via
2532 - 2616 (99,7 - 103)Totale ho#
3300 (129,9)Wielbasis (Best
Wielbasis (Chassis-cabine en uitvoeringen met open laadbak)3504 (138)
1737 - 1761 (68,4 - 69,3)Spoorbree
Spoorbreedte, achter (alle uitvoeringen met enkele achterwielen)1710 - 1734 (67,3 - 68,3)
Spoorbreedte, achter (Chassis Cabine en uitvoeringen met open laadbak - dubbele achterwielen)1642 (64,6)

Lange wielbasis

Afmeting in mmBeschrijving van
Maximum hoogte - semi-hoog dak (Bestelwagen en Kombi)5751 (226,4)
Maximum hoogte - extra hoog dak (Bestelwagen en Kombi)5751 (226,4)
Maximum hoogte - extra hoog dak (Verlengd chassis Bestelwagen en Kombi)6474 (254,9)
Maximum lengte (Chassis Enkele Cabine en laadbak uitvoeringen met open laadbak)6175 (243,1)
Maximum lengte (Chassis Dubbele Cabine en laadbak uitvoeringen met open laadbak)6142 (241,8)
Maximum lengte - met trede achter (Bestelwagen en Kombi)5782 - 6505 (227,6 - 256,1)
Maximum lengte - met trede achter (Verlengd chassis Bestelwagen en Kombi)6576 (258,9)
Maximum lengte - met trede achter (Verlengd chassis, Chassis Enkele Cabine met open laadbak)6675 (262,8)
Maximum lengte - met trede achter (Verlengd chassis, Chassis Dubbele Cabine met open laadbak)6592 (259,5)
Maximum lengte - met trekhaak (Bestelwagen en Kombi)5798 (228,3)Afmeting in mmBeschrijving van a
Maximum lengte - met trekhaak (Verlengd chassis Bestelwagen en Kombi)6522 (256,8)
Maximum lengte - met trekhaak (Chassis Cabine en laadbak uitvoeringen met open laadbak)6175 (240,5)
Maximum lengte - met trekhaak (Chassis Cabine en laadbak uitvoeringen met open laadbak), verlengd frame6675 (260,2)
Totale breedte - exclusief buitenspiegels (Bestelwagen en Kombi met enkellucht)1974 (77,7)
Totale breedte - exclusief buitenspiegels (Bestelwagen en Kombi met enkellucht en magnetische deurbevestiging)1999 (78,7)
Totale breedte - exclusief buitenspiegels (Bestelwagen en Kombi met dubbellucht)2084 (82)
Totale breedte - exclusief buitenspiegels (Chassis-cabine en laadbak uitvoeringen met smalle laadbak)1998 (78,6)
Totale breedte - exclusief buitenspiegels (Chassis-cabine en laadbak uitvoeringen met brede laadbak)2198 (86,5)
Totale hoogte - laag dak (Chassis Enkele Cabine en uitvoeringen met open laadbak)1972 - 2052 (77,6 - 80,8)
Totale hoogte - laag dak (Chassis Dubbele Cabine en uitvoeringen met open laadbak)2012 - 2055 (79,2 - 80,9)
Totale hoogte - semi-hoog dak (Bestelwagen en Kombi)2325 - 2402 (91,5 - 95,6)
Totale hoogte - semi-hoog dak (Verlengd chassis Bestelwagen en Kombi)2383 (93,8)
Totale hoogte - extra hoog dak (Verlengd chassis Bestelwagen en Kombi)2608 - 2629 (102,7 - 103,5)
2543 - 2619 (100,1 - 103,1)Totale hoog
Totale hoogte - Verlengd chassis (Chassis Enkele Cabine)2012 - 2052 (79,2 - 80,8)
Totale hoogte - Verlengd chassis (Chassis Dubbele Cabine)2012 - 2055 (79,2 - 80,9)
3750 (147,6)Wielbasis (Bestelw

Inhouden en specificaties

Afmeting in mmBeschrijving va
Wielbasis (Chassis-cabine en uitvoeringen met open laadbak)3954 (155,7)
1737 - 1757 (68,4 - 69,1)Spoorbree
1710 - 1720 (67,3 - 67,7)Spoorbree
Spoorbreedte, achter (Chassis Cabine en uitvoeringen met open laadbak - dubbele achterwielen)1642 (64,6)

Afstanden trekhaak

Bestelwagen en Kombi

Pelgrim KK 7174 - Bestelwagen en Kombi - 1

text_image A B C D E F

E71267

Afmeting in mmBeschrijving van a
AHart wiel - uiteinde trekhaakkogel (standaard frame)1140 (44,9)
AHart wiel - uiteinde trekhaakkogel (verlengd frame)1863 (73,3)
416 (16,4)Hart trekhaakkogel

Inhouden en specificaties

Afmeting in mmBeschrijving va
832 (32,8)Binnenzijde langs
334 (13,1)Hart trekhaakkoge
EHart trekhaakkogel – hart 2e bevestigings-punt403,5 (15,9)
FHart trekhaakkogel - hart 3e bevestigings-punt473 (18,6)

Chassis-cabine en uitvoeringen met open laadbak

Pelgrim KK 7174 - Chassis-cabine en uitvoeringen met open laadbak - 1

text_image A B C D E

E71268

Afmeting in mmBeschrijving van a
AHart wiel - uiteinde trekhaakkogel (standaard frame)1180 (46,5)
AHart wiel - uiteinde trekhaakkogel (verlengd frame)1562 (61,5)
418 (16,5)Hart trekhaakkogel -
836 (32,9)Binnenzijde langsb
237 (9,3)Hart trekhaakkogel - I
EHart trekhaakkogel – hart 2e bevestigings- punt343,5 (13,5)

BELANGRIJKE AUDIO-INFORMATIE

WAARSCHUWINGEN

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 1

Door technische verschillen kunnen opneembare CD's (CD-R's) en opnieuw beschrijfbare CD's (CD-RW's) mogelijk niet correct functioneren.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 2

Op deze toestellen kunnen CD's worden afgespeeld die aan de International Red Book standaard audiospecificatie voldoen. CD's met kopieerbeveiliging van sommige fabrikanten voldoen niet aan deze standaard; het correct afspelen ervan kan dan ook niet worden gegarandeerd.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 3

Dual format, dubbelzijdige CD's (DVD Plus, CD-DVD format), die door de muziekindustrie worden gebruikt, zijn dikker dan normale CD's; het correct afspelen ervan kan dan ook niet worden gegarandeerd en bovendien kunnen ze klemraken. CD's met een onregelmatige vorm en CD's met krasbescherming of zelfklevende etiketten mogen niet worden gebruikt. Garantieclaims, waarbij dit type CD in een audiotoestel wordt aangetroffen dat voor reparatie wordt aangeboden, worden niet geaccepteerd.

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 4

Alle toestellen behalve Sony CD (maar niet de 6CD) zijn uitsluitend bedoeld voor het afspelen van commercieel geperste 12 cm audio-CD's. De Sony CD-speler kan 8 cm CD's afspelen wanneer een door Sony goedgekeurde adapter is aangebracht (CSA-8).

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWINGEN - 5

Het audiotoestel kan worden beschadigd wanneer voorwerpen als creditcards of munten in de CD-sleuf en geduwd.

Labels op het audiotoestel

CLASS 1

LASER PRODUCT

CAUTION—INVISIBLE LASER RADIATION WHEN OPEN DO NOT STARE INTO BEAM OR

VIEW DIRECTLY WITH OPTICAL INSTRUMENTS

CD etiketten

Audio-CD

Pelgrim KK 7174 - Audio-CD - 1

Pelgrim KK 7174 - Audio-CD - 2

Pelgrim KK 7174 - Audio-CD - 3

Pelgrim KK 7174 - Audio-CD - 4

MP3

Pelgrim KK 7174 - MP3 - 1

Pelgrim KK 7174 - MP3 - 2

Pelgrim KK 7174 - MP3 - 3

Pelgrim KK 7174 - MP3 - 4

6000CD
Pelgrim KK 7174 - MP3 - 5

text_image A B C D E CD O AUX AM/FM CLOCK F G 1 4 G 2 5 N BASS/TRE 3 MENU 6 TA H FADE/BAL M L K J I

E138367

CD selecteren. Zie CD-speler (bladzijde 204).A

B CD-sleuf. Zie CD's aanbrengen (bladzijde 204).

CD uitwerpen. Zie CD's uitwerpen (bladzijde 207).C

D Aan, uit en volumeregeling. Zie Aan/uit toets (bladzijde 193).

E Golfband selecteren. Zie Golfband toets (bladzijde 196).

F Klok. Zie Tijd en datum van de audio-installatie instellen (bladzijde 191).

G Stationsvoorkeuzetoetsen. Zie Voorkeuzetoetsen (bladzijde 195).

H Verkeersberichten. Zie Regeling functie verkeersinformatie (bladzijde 196).

Oproep aannemen en telefoonmenu. Zie Telefoon (bladzijde 213).I

J Opwaarts zoeken. Zie Station afstemtoetsen (bladzijde 198).

K Menu. Zie Bediening van de audio-installatie (bladzijde 194).

L Neerwaarts zoeken. Zie Station afstemtoetsen (bladzijde 198).

M Balans- en fade-regeling. Zie Balance/fade (balans links/rechts, voor/achter) regeling (bladzijde 193).

N Lage- en hoge-tonenregeling. Zie Bass/treble (lage/hoge tonen) regeling (bladzijde 193).

O Extra ingang selecteren. Zie Ingangsaansluiting (AUX IN) (bladzijde 210).

6006CDC
Pelgrim KK 7174 - MP3 - 6

text_image A B C D E CD LOAD AM/FM P AUX CLOCK F H 1 VOL ON/OFF 4 H 2 5 O BASS/TRE 3 MENU 6 TA I FADE/BAL N M L K J E138369

CD selecteren. Zie CD-speler (bladzijde 204).A

B CD-sleuf. Zie CD's aanbrengen (bladzijde 204).

C CD uitwerpen. Zie CD's uitwerpen (bladzijde 207). Zie Meerdere CD's uitwerpen (bladzijde 209).

CD laden. Zie CD's aanbrengen (bladzijde 204).D

Golfband selecteren. Zie Golfband toets (bladzijde 196).E

F Klok. Zie Tijd en datum van de audio-installatie instellen (bladzijde 191).

Aan, uit en volumeregeling. Zie Aan/uit toets (bladzijde 193).G

H Stationsvoorkeuzetoetsen. Zie Voorkeuzetoetsen (bladzijde 195).

I Verkeersberichten. Zie Regeling functie verkeersinformatie (bladzijde 196).

J Oproep aannemen en telefoonmenu. Zie Telefoon (bladzijde 213).

K Opwaarts zoeken. Zie Station afstemtoetsen (bladzijde 198).

L Menu. Zie Bediening van de audio-installatie (bladzijde 194).

M Neerwaarts zoeken. Zie Station afstemtoetsen (bladzijde 198).

N Balans- en fade-regeling. Zie Balance/fade (balans links/rechts, voor/achter) regeling (bladzijde 193).

○ Lage- en hoge-tonenregeling. Zie Bass/treble (lage/hoge tonen) regeling (bladzijde 193).

P Extra ingang selecteren. Zie Ingangsaansluiting (AUX IN) (bladzijde 210).

Sony CD
Pelgrim KK 7174 - MP3 - 7

text_image A B C D E F 1 2 3 4 5 6 7 8 9 0 * # S INFO CLOCK R SCAN DSP MENU Q TONE FAD/BAI TA P PHONE ON/OFF J O N M L K E138370

A Scannen. Zie Station afstemtoetsen (bladzijde 198). Zie CD-nummers scannen (bladzijde 207).

B Informatie. Zie Werking van de audio-installatie (bladzijde 193). Zie Menu's audio-installatie (bladzijde 200). Zie CD-speler (bladzijde 204). Zie Storingen verhelpen audio-installatie (bladzijde 211).

C Stationsvoorkeuzetoetsen. Zie Voorkeuzetoetsen (bladzijde 195).

D CD-sleuf. Zie CD's aanbrengen (bladzijde 204).

E Klok. Zie Tijd en datum van de audio-installatie instellen (bladzijde 191).

F DSP selecteren. Zie Digitale signaalverwerking (DSP) (bladzijde 200).

Automatisch opslaan. Zie Autostore toets (bladzijde 196).G
H Menu. Zie Bediening van de audio-installatie (bladzijde 194).
I Verkeersberichten. Zie Regeling functie verkeersinformatie (bladzijde 196).
J Aan/uit-regeling. Zie Aan/uit toets (bladzijde 193).
K Balans- en fade-regeling. Zie Balance/fade (balans links/rechts, voor/achter) regeling (bladzijde 193).
L Oproep beëindigen. Zie Telefoon (bladzijde 213). Volumeregeling, navigatietoetsen en keuzetoets.M
N Oproep beantwoorden. Zie Telefoon (bladzijde 213).
O Toonregeling. Zie Bass/treble (lage/hoge tonen) regeling (bladzijde 193). Telefoonmenu. Zie Telefoon (bladzijde 213).P
Q Radio en golfband selecteren. Zie Golfband toets (bladzijde 196).
R Extra ingang en CD selecteren. Zie Ingangsaansluiting (AUX IN) (bladzijde 210). Zie CD-speler (bladzijde 204).
CD uitwerpen. Zie CD's uitwerpen (bladzijde 207).S

BEVEILIGINGSCODE

Elk toestel bevat een unieke code die moet worden ingevoerd voordat het toestel kan worden gebruikt.

Is de accu losgekoppeld of is het toestel uit de auto verwijderd geweest, dan moet de code opnieuw worden ingevoerd voordat het toestel kan worden gebruikt.

Raakt u uw unieke code kwijt, neem dan contact op met uw dealer en geef hem de gegevens van uw audiotoestel en overleg een identiteitsbewijs.

BEVEILIGINGSCODE INVOEREN

Verschijnt CODE ----, CODE 0000 of ENTER KEYCODE in het display wanneer u het audiotoestel inschakelt, dan moet u met behulp van de stationsvoorkeuzetoetsen de unieke code invoeren.

6000CD en 6006CDC

  1. Druk meerdere malen op de voorkeuzetoets 1 totdat het eerste cijfer van de unieke code in het display verschijnt.
  2. Druk op dezelfde wijze op de voorkeuzetoetsen 2, 3 en 4 voor de resterende drie cijfers.
  3. Zorg ervoor dat de complete code correct is voordat u op de voorkeuzetoets 5 drukt om uw selectie te bevestigen.

Sony CD

  1. Voer de unieke code in met behulp van de stationsvoorkeuzetoetsen.
  2. Maakt u een fout bij het invoeren van de code, voer de cijfers dan opnieuw in door de toetsen 0-9 te blijven gebruiken. Het display gaat van cijferpositie 1 naar 4 en vervolgens weer terug.
  3. Zorg ervoor dat de complete code correct is voordat u op de voorkeuzetoets * of de toets tussen de navigatietoetsen drukt om uw selectie te bevestigen.

ONJUISTE BEVEILIGINGSCODE

Maximaal zijn 10 invoerpogingen van de unieke code toegestaan, met verschillende consequenties indien u een fout maakt.

Het aantal pogingen wordt in het display weergegeven.

Wanneer in het display CODE verschijnt, kan meteen een nieuwe poging worden gedaan.

Wanneer in het display WAIT 30 verschijnt, wordt het toestel 30 minuten lang geblokkeerd. Wacht dan tot de timer tot nul heeft afgeteld. Wanneer CODE in het display verschijnt, voert u de correcte code in.

N.B.: Na 10 mislukte pogingen wordt het toestel permanent uitgeschakeld en wordt LOCKED in het display weergegeven. Neem contact op met uw Ford dealer.

TIJD EN DATUM VAN DE AUDIO-INSTALLATIE INSTELLEN

6000CD en 6006CDC

Datum en tijd veranderen

Druk op de CLOCK toets om de datum en tijd weer te geven.

N.B.: Wanneer u binnen 30 seconden na het indrukken van de CLOCK toets niet op een andere toets drukt, keert het display naar de eerdere instelling terug.

  1. Gebruik de toets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken om de datum en de tijd te kiezen die u wenst te veranderen. De gekozen waarde knippert in het display.
  2. Draai de volumeregeling om de gekozen datum- of tijdwaarde te veranderen.
  3. Gebruik de toets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken om extra datum- en tijdwaarden te kiezen die u wenst te veranderen.
  4. Draai de volumeregeling om de gekozen datum- of tijdwaarde te veranderen.
  5. Druk op de CLOCK toets om de instelmodus te verlaten en uw instellingen op te slaan.

N.B.: Wanneer u niet binnen 30 seconden na het veranderen van een datum- of tijdwaarde op de CLOCK toets drukt, wordt het instellen beëindigd en worden de nieuwe waarden automatisch opgeslagen.

N.B.: Druk op de CLOCK toets en houd deze langer dan twee seconden ingedrukt om de uurwaarde voor het instellen van winter- of zomertijd te selecteren.

12/24 uurs modus

  1. Druk enkele malen op de MENU toets totdat het 12/24 symbool in het display verschijnt.
  2. Gebruik de toets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken om de gewenste instelling te kiezen.
  3. Druk enkele malen op de MENU toets of laat het menu de functie afbreken om uw selectie te bevestigen.

Sony CD

Datum en tijd veranderen

  1. Druk op de CLOCK toets.
  2. Druk op de linker of rechter navigatietoets totdat de datum- of tijdwaarde die u wenst te veranderen in het display knippert.
  3. Gebruik de navigatietoets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken om de gekozen datum- of tijdwaarde te veranderen.
  4. Gebruik de linker of rechter navigatietoets om extra datum- en tijdwaarden te kiezen die u wenst te veranderen. De gekozen waarde knippert in het display.
  5. Herhaal de stappen drie of vier indien nodig.
  6. Druk op de CLOCK toets of de toets tussen de navigatietoetsen om de instelmodus te verlaten en uw instellingen op te slaan.

12/24 uurs modus

  1. Druk op de MENU toets.
  2. Druk op de navigatietoets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken totdat het 12/24 symbool in het display verschijnt.

  3. Druk op de linker of rechter navigatietoets om de gewenste instelling te selecteren.

  4. Druk op de MENU toets of de toets tussen de navigatietoetsen om uw selectie te bevestigen.

AAN/UIT TOETS

Druk op de aan/uit knop. Hierdoor kan het toestel nog een uur nadat het contact is afgezet worden gebruikt.

Na een uur schakelt het radiotoestel automatisch uit.

De bass-functie wordt gebruikt om de lage-tonenweergave van het audiotoestel te regelen.

De treble-functie wordt gebruikt om de hoge-tonenweergave van het audiotoestel te regelen.

6000CD en 6006CDC

N.B.: Het gekozen niveau wordt in het display weergegeven.

  1. Druk eenmaal op de BASS/TRE toets voor de lage-tonenweergave en tweemaal voor de hoge-tonenweergave.
  2. Gebruik de volumeregeling, of bij bepaalde toestellen de toetsen opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken, om de gewenste aanpassingen door te voeren.

Sony CD

N.B.: U kunt deze instellingen afzonderlijk aanpassen voor CD, radio en Aux.

N.B.: Het gekozen niveau wordt in het display weergegeven.

  1. Druk eenmaal op de TONE toets voor de lage-tonenweergave en tweemaal voor de hoge-tonenweergave.
  2. Gebruik de navigatietoets opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken om de gewenste aanpassingen door te voeren.

BALANCE/FADE (BALANS LINKS/RECHTS, VOOR/ACHTER) REGELING

De balansfunctie wordt gebruikt om de geluidsverdeling tussen de linker en rechter luidsprekers aan te passen.

De fade-functie wordt gebruikt voor het aanpassen van de geluidsverdeling van voor naar achter in auto's die met luidsprekers achterin zijn uitgerust.

6000CD en 6006CDC

  1. Druk eenmaal op de FADE/BAL toets voor de fade-functie en tweemaal voor de balansfunctie.
  2. Gebruik de volumeregeling, of bij bepaalde toestellen de toetsen opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken, om de gewenste aanpassingen door te voeren.

Sony CD

  1. Druk eenmaal op de FAD/BAL toets voor de fade-functie en tweemaal voor de balansfunctie.
  2. Gebruik de navigatietoetsen opwaarts of neerwaarts in voor het aanpassen van de fade-instelling en de navigatietoetsen links en rechts voor het aanpassen van de balansinstelling.

Het gekozen niveau wordt in het display weergegeven.

BEDIENING VAN DE AUDIO- INSTALLATIE

Gebruik de MENU toets om toegang te verkrijgen tot functies die niet direct via een van de bedieningstoetsen gekozen kunnen worden. Druk op de MENU toets voor functies op het eerste niveau, of op de MENU toets en houd deze ingedrukt voor functies op het tweede niveau (niet leverbaar op Sony audio-units).

6000CD en 6006CDC

Menufuncties
Tweede niveauEerste nivea
Tijdens radio- ontvangstTijdens het afspelen van een cassettevan een CDTijdens alle functiesTijdens he
afstemmenScannen12/24luckahedofatgemene verkeersberichten
ScanfunctieAVC*ShuffleAF**
REGHerhalenMenu AD
AVC*NieuwsKlomp-
CLIP12/24 uur-Menu A
--AVC*VID
Bluetooth aan/uitMenu ADV

N.B.: De volgorde waarin functies verschijnen, kan verschillen afhankelijk van de audio-unit of de auto.
N.B.: Functies op het tweede niveau (geavanceerd) kunnen ook ingevoerd worden door het ADV menu in het menu van het eerste niveau te selecteren.

* Automatische volumeregeling.

** Alternatieve frequenties.

Sony CD

Menufuncties
Tijdens radio-ontvangstTijdens het afspelen van een CD
12/24 uur12/24 uur
CLIP AAN/UITCLIP AAN/UIT

Werking van de audio-installatie

Menufuncties
Tijdens het afspelen van een CDTijdens radii
Nieuws AAN/UITNieuws AAN/UIT
AVC^1 AVC^1
AF^2 AF^2
^3 volume TA^3 volumeTA
Lokale of algemene verkeersberichtenLokale o ShuffleRegionaal AAN/UIT
Herhalen-
Comp AAN/UIT-

N.B.: De volgorde waarin functies verschijnen, kan verschillen afhankelijk van de audio-unit of de auto.

^1 Automatische volumeregeling.

^2 Alternatieve frequenties.

^3 Verkeersberichten.

Sony CD met Bluetooth

Door op de PHONE toets gevolgd door de MENU toets te drukken, wordt toegang verkregen tot de volgende opties:

-Geen actieve telefoon of Actieve telefoon.
- BT-apparaat ontkoppelen.
- Oproepen weigeren AAN/UIT.
- Bluetooth AAN/UIT

VOORKEUZETOETSEN

Met deze voorziening kunt u uw favoriete radiostations opslaan, zodat u later direct hierop kunt afstemmen door de juiste golfband te selecteren en op de betreffende voorkeuzetoets te drukken.

  1. Kies een golfband.
  2. Stem af op het gewenste radiostation.
  3. Houd een van de voorkeuzetoetsen ingedrukt. De geluidsweergave wordt onderbroken. Zodra het geluid weer wordt weergegeven, is het radiostation opgeslagen.

Dit kan op elke golfband en voor iedere voorkeuzetoets worden herhaald.

N.B.: Wanneer u naar een ander deel van het land rijdt, worden FM RDS (Radio Data System) radiostations die op alternatieve frequenties uitzenden onder de voorkeuzetoetsen opgeslagen.

GOLFBAND TOETS

N.B.: De AM/FM of RADIO toets kan ook worden gebruikt om naar radio-ontvangst terug te keren wanneer u naar een andere geluidsbron hebt geluisterd.

6000CD en 6006CDC

Druk op de AM/FM toets om een keuze uit de beschikbare golfbanden te maken.

Sony CD

Druk op de RADIO toets om een keuze uit de beschikbare golfbanden te maken.

AUTOSTORE TOETS

N.B.: Met deze functie worden de eerder onder Autostore opgeslagen voorkeuzestations overschreven.

N.B.: De autostore-band kan, net als bij de andere golfbanden, ook worden gebruikt om radiostations handmatig op te slaan.

N.B.: De krachtigste beschikbare signalen op de gekozen golfband worden opgeslagen.

De geluidsweergave wordt onderbroken en AUTOSTORE wordt in het display weergegeven terwijl de unit de frequenties afzoekt.

Wanneer het zoeken voltooid is, wordt de geluidsweergave hersteld en worden de krachtigste signalen onder de voorkeuzetoetsen van Autostore opgeslagen.

6000CD en 6006CDC

Druk op de AM/FM toets en houd deze ingedrukt.

Sony CD

Druk op de AST of RADIO toets en houd deze ingedrukt.

REGELING FUNCTIE VERKEERSINFORMATIE

Veel radiostations die op de FM-band uitzenden hebben een TP-code die aangeeft dat deze verkeersinformatie uitzenden.

Verkeersberichten inschakelen

Voordat u verkeersberichten kunt ontvangen, moet u op de TA toets drukken. TA-D dan wel TA-L wordt in het display weergegeven om aan te geven dat de functie is ingeschakeld.

Indien u reeds heeft afgestemd op een radiostation dat verkeersinformatie uitzendt, wordt ook TP in het display weergegeven. Anders zoekt de unit naar een verkeersprogramma en wordt tijdens het zoeken TP SEEK weergegeven. Kan de unit een dergelijk radiostation niet vinden, dan wordt NOT FOUND in het display weergegeven.

TP verschijnt in een venster in het display wanneer u heeft afgestemd op een radiostation dat verkeersinformatie levert via een geschakeld RDS (radio data system) of EON (enhanced other network) radiostation.

Wanneer verkeersinformatie wordt uitgezonden, wordt de normale weergave van radio, cassette of CD automatisch onderbroken en verschijnt "TRAFFIC" op het display.

Wanneer het verkeersinformatiesignaal zwakker wordt, knippert TP in het display. Druk op de toets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken (de linker of rechter navigatietoets op Sony audio-units) om een ander radiostation te zoeken.

N.B.: Wanneer dit tijdens het afspelen van een CD of een apparaat in de AUX-aansluiting gebeurt of, bij bepaalde modellen, wanneer het radiovolume op 0 is gezet, dan zal de unit automatisch op een ander radiostation afstemmen dat verkeersinformatie uitzendt.

Indien een radiostation wordt gekozen of met behulp van de voorkeuzetoetsen wordt opgeroepen dat geen verkeersinformatie uitzendt, dan blijft de unit op dat radiostation afgestemd tenzij TA uitgeschakeld en vervolgens weer ingeschakeld wordt.

N.B.: Wanneer TA is ingeschakeld en u kiest een voorkeuzezender of stemt handmatig af op een radiostation dat geen verkeersinformatie (TA) uitzendt, dan wordt geen verkeersinformatie weergegeven.

Lokale of algemene verkeersinformatie

Omdat in sommige gebieden het aantal RDS of EON verkeersberichten erg hoog kan zijn, kan worden gekozen tussen lokale of algemene verkeersinformatie.

6000CD en 6006CDC

  1. Druk op de MENU toets en houd deze ingedrukt totdat het display verandert.
  2. Druk enkele malen op de MENU toets totdat TA in het display wordt weergegeven.
  3. Druk op de toets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken om lokale (TA LOCAL) dan wel algemene (TA DIST) verkeersinformatie te selecteren.
  4. Druk enkele malen op de MENU toets of laat het menu de functie afbreken om uw selectie te bevestigen.

N.B.: TA-L dan wel TA-D wordt in het display weergegeven.

Sony CD

  1. Druk op de MENU toets en gebruik de opwaarts of neerwaarts navigatietoets om de TA display te selecteren.
  2. Druk op de linker of rechter navigatietoets om de gewenste instelling te selecteren.
  3. Druk op de MENU toets om uw keuze te bevestigen.

Volume van de verkeersberichten

Verkeersberichten onderbreken de normale geluidsweergave met een voorgeprogrammeerd volume dat gewoonlijk hoger is dan het gebruikelijke luistervolume.

Instellen van het voorgeprogrammeerde volume

6000CD en 6006CDC

  1. Druk op de TA toets en houd deze ingedrukt.
  2. Stel het gewenste volume met de draaiknop in.

N.B.: Het gekozen niveau wordt in het display weergegeven.

Sony CD

  1. Druk op de TA toets en houd deze ingedrukt.
  2. Druk op de linker of rechter navigatietoets om de gewenste instelling te kiezen.

N.B.: Het gekozen niveau wordt in het display weergegeven.

Verkeersberichten beëindigen

Aan het einde van een verkeersbericht gaat de audio-unit weer door met zijn normale werking. Om een verkeersbericht voortijdig af te breken, drukt u tijdens het verkeersbericht op TA.

N.B.: Indien u op een ander tijdstip op TA drukt, worden berichten uitgeschakeld.

STATION AFSTEMTOETSEN

DAB-service linking

N.B.: De DAB-service linking is standaard uitgeschakeld.

N.B.: Via service linking zijn kruisreferenties naar andere betreffende frequenties van hetzelfde radiostation mogelijk, bijvoorbeeld FM en andere DAB-ensembles.

N.B.: Het systeem schakelt automatisch naar een ander corresponderend radiostation indien het huidige radiostation niet beschikbaar is, bijvoorbeeld tijdens het verlaten van het dekkingsgebied.

DAB-service linking inschakelen

  1. Druk op de MENU toets.
  2. Scroll met de navigatietoets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken door het display totdat DIGITAL RADIO SERVICE LINK in het display wordt weergegeven.
  3. Druk op de linker of rechter navigatietoets om AUTO te selecteren.
  4. Druk op de MENU toets of de toets tussen de navigatietoetsen om uw selectie te bevestigen.

DAB-service linking uitschakelen

  1. Druk op de MENU toets.
  2. Scroll met de navigatietoets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken door het display totdat DIGITAL RADIO SERVICE LINK in het display wordt weergegeven.
  3. Druk op de linker of rechter navigatietoets om OFF te selecteren.
  4. Druk op de MENU toets of de toets tussen de navigatietoetsen om uw selectie te bevestigen.

Zoeken

6000CD en 6006CDC

Kies een golfband en druk kort op de toets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken. Het toestel stopt bij het eerste radiostation dat in de door u gekozen richting wordt gevonden.

Sony CD

Kies een golfband en druk kort op de navigatietoets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken. Het toestel stopt bij het eerste radiostation dat in de door u gekozen richting wordt gevonden.

Handmatig afstemmen

6000CD en 6006CDC

  1. Kies een golfband en druk op de toets MENU totdat MAN in het display wordt weergegeven.
  2. Druk op de toets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken om de golfband in kleine stappen omhoog of omlaag af te zoeken of houd de toets ingedrukt om de golfband in grotere stappen af te zoeken totdat u een radiostation vindt waarnaar u wilt luisteren.

Sony CD

Kies een golfband en druk kort op de navigatietoets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken om in kleine stappen de golfband omhoog of omlaag af te zoeken. Het display geeft de gekozen frequentie weer.

Scanfunctie

Met de scanfunctie kunt u elk gevonden station 10 seconden lang beluisteren.

6000CD en 6006CDC

  1. Druk enkele malen op de MENU toets totdat SCAN in het display wordt weergegeven.
  2. Druk op de toets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken om de gekozen golfband omhoog of omlaag af te zoeken.
  3. Afhankelijk van het audiotoestel drukt u op de toets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken of op de MENU toets om verder te luisteren naar een radiostation.

Sony CD

  1. Druk op de SCAN toets. SCAN knippert of SCANNING wordt in het display weergegeven.
  2. Druk op de linker of rechter navigatietoets om binnen een golfband te zoeken.
  3. Druk op de SCAN toets om verder te luisteren naar een radiostation.

AUTOMATISCHE VOLUMEREGELING

Met deze functie regelt u het geluidsvolume ter compensatie van motorgeluiden en bandengeruis.

6000CD en 6006CDC

  1. Druk enkele malen op de MENU toets totdat AVC in het display wordt weergegeven.
  2. Gebruik de toets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken om de instelling aan te passen.
  3. Druk enkele malen op de MENU toets of laat het systeem de functie afbreken om uw selectie te bevestigen.

Sony CD

  1. Druk op de MENU toets.
  2. Scroll met de navigatietoets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken door het display totdat AVC in het display wordt weergegeven.
  3. Druk enkele malen op de MENU toets of laat het systeem de functie afbreken om uw selectie te bevestigen.

DSP voor bezette zitplaatsen

Deze functie houdt rekening met de verschillen in afstand tot de diverse luidsprekers in de auto ten opzichte van de zitplaatsen. Kies de zitplaats waarvoor het audiosignaal moet worden gecorrigeerd.

DSP-equalizer

Kies de muziekcategorie waarnaar u bij voorkeur luistert. Het audiosignaal verandert om de weergave van de specifiek gekozen muziekstijl te verbeteren.

DSP-instellingen wijzigen

  1. Druk eenmaal op de DSP toets voor bezette zitplaatsen en tweemaal voor de equalizer. Positie van onderdeel: Zie Overzicht audio-installatie (bladzijde 186).
  2. Gebruik de navigatietoets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken om de gewenste instelling te kiezen.
  3. Druk op de toets tussen de navigatietoetsen om uw keuze te bevestigen.

REDUCTIE GELUIDSVERVORMING (CLIP)

Deze functie detecteert automatisch geluidsvervormingen en verlaagt het geluidsvolume totdat de vervorming is verdwenen. Dit betekent dat wanneer u het volume handmatig verhoogt de waarde in het display toeneemt, maar het geluid mogelijk niet toeneemt.

6000CD en 6006CDC

  1. Druk op de MENU toets en houd deze ingedrukt totdat het display verandert.
  2. Druk enkele malen op de MENU toets totdat CLIP in het display wordt weergegeven.
  3. Gebruik de toets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken om de functie in- of uit te schakelen.
  4. Druk enkele malen op de MENU toets of laat het systeem de functie afbreken om uw selectie te bevestigen.

Sony CD

  1. Druk kort op de MENU toets.
  2. Scroll met de navigatietoets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken door het display totdat CLIP in het display wordt weergegeven.
  3. Druk enkele malen op de MENU toets of laat het systeem de functie afbreken om uw selectie te bevestigen.

ALTERNATIEVE FREQUENTIES

Veel programma's die op de FM golfband uitzenden, hebben een PI (programma-identificatie) code, die door het audiotoestel kan worden herkend.

Wanneer bij uw radio AF (alternatieve frequenties) is ingeschakeld en u rijdt van het ene naar het andere ontvangstgebied, dan zoekt deze functie naar een krachtiger stationssignaal en stemt daarop af zodra het is gevonden.

Onder bepaalde omstandigheden kan door het afstemmen op alternatieve frequenties (AF) de normale ontvangst tijdelijk worden onderbroken.

Het toestel evalueert continu de signaalsterkte en, indien een beter signaal beschikbaar komt, schakelt het toestel over naar dat alternatief. De geluidsweergave wordt onderbroken terwijl het toestel de lijst met alternatieve frequenties controleert en, zo nodig, de gekozen golfband eenmaal afzoekt naar een alternatieve frequentie.

Wanneer een radiostation wordt gevonden, wordt de geluidsweergave hervat; wanneer geen radiostation wordt gevonden, keert het toestel automatisch terug naar de oorspronkelijke frequentie. Op bepaalde toestellen wordt NOT FOUND in het display weergegeven.

Wanneer AF-MAN is gekozen, werkt het toestel op dezelfde wijze als bij AF-AUTO of AF-ON, maar er wordt dan alleen naar alternatieve frequenties gezocht wanneer op een voorkeuzetoets wordt gedrukt.

Wanneer AF-OFF is gekozen, blijft het toestel op de oorspronkelijk gekozen frequentie afgestemd. In deze modus wordt AF-OFF telkens wanneer het toestel wordt ingeschakeld, weergegeven.

6000CD en 6006CDC

  1. Druk op de MENU toets en houd deze ingedrukt totdat het display verandert.
  2. Druk enkele malen op de MENU toets totdat AF in het display wordt weergegeven.
  3. Gebruik de toets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken om de gewenste instelling te kiezen.
  4. Druk enkele malen op de MENU toets of laat het systeem de functie afbreken om uw selectie te bevestigen.

Sony CD

  1. Druk kort op de MENU toets.
  2. Scroll met de linker of rechter navigatietoets door het display totdat de gewenste instelling in het display wordt weergegeven.
  3. Druk op de MENU toets om uw keuze te bevestigen.

De functie REG (regionale modus) regelt het gedrag van AF door tussen regionale netwerken van een hoofdzender te schakelen. Een zender kan over een groot netwerk beschikken dat in een groot deel van het land te ontvangen is. Op verschillende momenten van de dag kan dit grote netwerk worden onderverdeeld in een aantal kleinere regionale netwerken, die bijvoorbeeld in grotere plaatsen of steden zijn gevestigd. Wanneer het netwerk niet in regionale zenders wordt opgesplitst, zendt het complete netwerk hetzelfde programma uit.

Regionale modus AAN: Dit voorkomt dat AF willekeurig naar andere regionale netwerken schakelt die niet hetzelfde programma uitzenden.

Regionale modus UIT: Hiermee kan een groter gebied worden ontvangen wanneer naburige regionale netwerken hetzelfde programma uitzenden; het kan er echter wel toe leiden dat AF willekeurig overschakelt wanneer dit niet het geval is.

6000CD en 6006CDC

  1. Druk op de MENU toets en houd deze ingedrukt totdat het display verandert.
  2. Druk enkele malen op de MENU toets totdat REG in het display wordt weergegeven.
  3. Gebruik de toets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken om de functie in- of uit te schakelen.
  4. Druk enkele malen op de MENU toets of laat het systeem de functie afbreken om uw selectie te bevestigen.

Sony CD

  1. Druk kort op de MENU toets.
  2. Scroll met de navigatietoets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken door het display totdat REGIONAL in het display wordt weergegeven.
  3. Druk enkele malen op de MENU toets of laat het systeem de functie afbreken om uw selectie te bevestigen.

NIEUWSBERICHTEN

Sommige radiotoestellen onderbreken de normale ontvangst voor nieuwsbulletins van radiostations op de FM golfband op dezelfde wijze als bij verkeersberichten.

Tijdens nieuwsberichten wordt afwisselend de stationsnaam en NEWS in het display weergegeven. Het nieuwsbericht onderbreekt de geluidsweergave met hetzelfde voorgeprogrammeerde volume als bij verkeersberichten.

6000CD en 6006CDC

  1. Druk op de MENU toets en houd deze ingedrukt totdat NEWS in het display wordt weergegeven.
  2. Gebruik de toets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken om de functie in- of uit te schakelen.
  3. Druk op de MENU toets om uw keuze te bevestigen.

Sony CD

  1. Druk op de MENU toets.
  2. Scroll met de navigatietoets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken door het display totdat NEWS in het display wordt weergegeven.
  3. Druk op de toets tussen de navigatietoetsen om uw keuze te maken.

  4. Gebruik de linker of de rechter navigatietoets om de functie in- of uit te schakelen.

  5. Druk op de MENU toets of de toets tussen de navigatietoetsen om uw selectie te bevestigen.

CD'S AANBRENGEN

6000CD

Controleer altijd dat de CD-sleuf leeg is alvorens een CD in te brengen.

Breng een CD, met het label naar boven gekeerd, in het audiotoestel in.

6006CDC

Een CD laden

Druk op de LOAD toets en laat deze weer los of druk op een voorkeuzetoets. WAIT wordt in het display weergegeven.

Wanneer de boodschap verandert in LOAD CD, en lichten in de CD-sleuf knipperen, steekt u de CD, met het label naar boven gekeerd, in het audiotoestel.

Meer dan een CD laden

WAARSCHUWING

Pelgrim KK 7174 - WAARSCHUWING - 1

Wanneer de voeding naar het audiotoestel wordt onderbroken en vervolgens weer wordt aangesloten, dan controleert het systeem automatisch of zich CD's in het magazijn bevinden. Dit duurt ongeveer 25 seconden. Gedurende deze tijd worden alle functies, met uitzondering van het invoeren van de Keycode, geblokkeerd.

  1. Druk op de LOAD toets en houd deze ingedrukt totdat LOAD ALL in het display wordt weergegeven.
  2. Wanneer de boodschap verandert in LOAD CD, en lichten in de CD-sleuf knipperen, steek dan een CD, met het label naar boven gekeerd, in het audiotoestel.

  3. Een CD-symbol met een nummer knippert in het display en LOAD wordt in het display weergegeven. Wanneer de CD is geladen, verschijnt een nummer bij één van de CD-symbolen om de plaats van de CD aan te geven.

  4. Wanneer de boodschap verandert inWAIT en vervolgens in LOAD CD kunt u een andere CD laden.
  5. Herhaal de laatste stap om meer CD's te laden of om het laden te onderbreken wanneer u klaar bent met CD's laden.
    N.B.: Probeer geen CD's te laden wanneer WAIT in het display wordt weergegeven.
    N.B.: Laad nooit twee CD's in de vorm van een acht met overlappende randen.
    N.B.: U kunt maximaal zes CD's laden.
    N.B.: Wordt opnieuw op de LOAD toets gedrukt, dan wordt CDC FULL in het display weergegeven.

Sony CD

Controleer altijd dat de CD-sleuf leeg is alvorens een CD in te brengen.

Breng een CD, met het label naar boven gekeerd, in het audiotoestel in.

LOADING, READING CD en AUDIO CD of MP3 CD wordt in het display weergegeven, en het afspelen start automatisch.

NUMMER SELECTEREN

6000CD en 6006CDC

Druk eenmaal op de toets voor opwaarts zoeken om naar het volgende nummer te gaan of druk er meerdere malen op om naar daaropvolgende nummers te gaan.

Druk eenmaal op de toets voor neerwaarts zoeken om het huidige nummer te herhalen. Wanneer binnen twee seconden vanaf het begin van een nummer op deze toets wordt gedrukt, dan wordt het vorige nummer gekozen.

Druk meerdere malen op de toets voor neerwaarts zoeken om voorafgaande nummers te kiezen.

Sony CD

Druk eenmaal op de navigatietoets voor opwaarts zoeken om naar het volgende nummer te gaan of druk er meerdere malen op om naar daaropvolgende nummers te gaan.

Druk eenmaal op de navigatietoets voor neerwaarts zoeken om het huidige nummer te herhalen. Wanneer binnen twee seconden vanaf het begin van een nummer op deze toets wordt gedrukt, dan wordt het vorige nummer gekozen.

Druk meerdere malen op de navigatietoets voor neerwaarts zoeken om voorafgaande nummers te kiezen.

CD AFSPELEN

N.B.: Tijdens het afspelen wordt de CD, het nummer en de tijd die is verstreken sinds de start van het nummer in het display weergegeven.

N.B.: Wanneer bij CD wisselaars twee of meer CD's na elkaar worden geladen, begint het afspelen met de CD die het laatst is geladen.

6000CD en 6006CDC

Druk tijdens radio-ontvangst eenmaal op de toets CD om het afspelen van de CD te starten.

Het afspelen start direct zodra een CD is geladen.

Sony CD

Druk tijdens radio-ontvangst eenmaal op de toets CD/AUX om het afspelen van de CD te starten.

Het afspelen start direct zodra een CD is geladen.

CD SELECTEREN

6006CDC

Bij CD wisselaars worden de CD's normaal achter elkaar in oplopende volgorde afgespeeld.

U kunt echter naar een CD van uw keuze overschakelen door te drukken op de voorkeuzetoets met het nummer van de CD die u wenst af te spelen. Het display geeft dan aan welke CD is gekozen.

Het toestel onthoudt welke CD's beschikbaar zijn en kiest dus geen ontbrekende CD. Wanneer u met behulp van de voorkeuzetoetsen een ontbrekende CD kiest, wordt NO CD in het display weergegeven en gaat het afspelen verder met de huidige CD.

N.B.: Wanneer een gekozen CD beschadigd is of ondersteboven is aangebracht, knippert de waarschuwing CD ERROR en wordt het nummer van de CD weergegeven. Het toestel kiest dan de volgende beschikbare CD.

VERSNELD

VOORUIT/ACHTERUIT

6000CD en 6006CDC

Druk op de toets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken en houd deze ingedrukt om voorwaarts of achterwaarts binnen de nummers van de CD te zoeken.

Sony CD

Druk op de linker of rechter navigatietoets en houd deze ingedrukt om voorwaarts of achterwaarts te zoeken binnen de nummers van de CD.

SHUFFLE/RANDOM (DOOR ELKAAR/WILLEKEURIG)

Door het willekeurig afspelen van nummers, ook wel "shuffle" genaamd, worden alle nummers op een CD in willekeurige volgorde afgespeeld.

6000CD en 6006CDC

N.B.: Wanneer SHUFF CD is gekozen, worden alleen de nummers van de huidige CD in willekeurige volgorde afgespeeld. Wanneer SHUF ALL is gekozen, worden de nummers van alle CD's in willekeurige volgorde afgespeeld.

  1. Druk enkele malen op de MENU toets totdat SHUF in het display wordt weergegeven.
  2. Scroll met de toets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken door het display totdat SHUF ALL of SHUFF CD in het display wordt weergegeven.
  3. Gebruik indien nodig de toets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken om het volgende nummer te kiezen.

N.B.: Wanner de functie is ingeschakeld verschijnt telkens wanneer een nieuw nummer wordt gekozen SHUFFLE in het display.

Sony CD

  1. Druk op de MENU toets.
  2. Scroll met de navigatietoets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken door het display totdat SHUFFLE in het display wordt weergegeven.
  3. Gebruik de linker of de rechter navigatietoets om de functie in- of uit te schakelen.

CD-NUMMERSCOMPRIMEREN

6000CD en 6006CDC

  1. Druk enkele malen op de MENU toets totdat COMP in het display wordt weergegeven.
  2. Gebruik de toets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken om de functie in- of uit te schakelen.
  3. Druk op de MENU toets om uw keuze te bevestigen.

Sony CD

  1. Druk op de MENU toets.
  2. Scroll met de navigatietoets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken door het display totdat COMP in het display wordt weergegeven.
  3. Druk op de toets tussen de navigatietoetsen om uw keuze te maken.
  4. Gebruik de linker of de rechter navigatietoets om de functie in- of uit te schakelen.
  5. Druk op de MENU toets of de toets tussen de navigatietoetsen om uw selectie te bevestigen.

CD-NUMMERS SCANNEN

Met behulp van de SCAN functie kunt u elk nummer ongeveer 10 seconden lang beluisteren.

6000CD en 6006CDC

N.B.: Na de selectie verschijnt SCAN kort in het display aan het begin van elk nummer.

  1. Druk enkele malen op de MENU toets totdat SCAN in het display wordt weergegeven.
  2. Gebruik de toets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken om SCAN CD dan wel SCAN ALL te kiezen.
  3. Druk nogmaals op de toets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken om een nummer verder te beluisteren.

Sony CD

  1. Druk eenmaal op de SCAN toets om elk nummer te scannen.
  2. Druk nogmaals op de SCAN toets om SCAN OFF te kiezen.

CD'S UITWERPEN

N.B.: De radio-ontvangst wordt automatisch hervat wanneer op de toets EJECT wordt gedrukt.

N.B.: Wanneer onbedoeld op de EJECT toets wordt gedrukt, kunt u het uitwerpen annuleren door nogmaals op de toets te drukken.

N.B.: Als de CD niet wordt verwijderd, dan wordt deze weer terug de audio-unit ingetrokken.

6000CD

Druk op elk gewenst moment op de EJECT toets en verwijder de CD.

6006CDC

Druk op elk gewenst moment op de EJECT toets en verwijder de CD die wordt afgespeeld of gebruik een voorkeuzetoets om een CD te kiezen die u wilt verwijderen. SELECT of SELECT CD gevolgd door REMOVE CD wordt in het display weergegeven.

Sony CD

N.B.: Is geen CD geladen wanneer op de EJECT toets wordt gedrukt, dan wordt NO CD in het display weergegeven.

Druk op elk gewenst moment op de EJECT toets en verwijder de CD. EJECTING en PLEASE REMOVE wordt in het display weergegeven.

CD-NUMMERS HERHALEN

6000CD

  1. Druk enkele malen op de MENU toets totdat REPEAT in het display wordt weergegeven.
  2. Gebruik de toets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken om te kiezen tussen OFF en TRK.

6006CDC

  1. Druk enkele malen op de MENU toets totdat REPEAT in het display wordt weergegeven.
  2. Gebruik de toets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken om te kiezen tussen ALL (standaard), CD en TRK.

Sony CD

  1. Druk op de MENU toets.
  2. Scroll met de navigatietoets voor opwaarts zoeken of neerwaarts zoeken door het display totdat REPEAT in het display wordt weergegeven.

  3. Kies met behulp van de linker of rechter navigatietoetsen REPEAT TRACK of REPEAT OFF.

  4. Druk op de MENU toets om uw keuze te bevestigen.

N.B.: Sommige audiobestanden met een kopieerbeveiliging kunnen wellicht niet worden gelezen door de CD-speler.

De CD-speler ondersteunt tevens audiobestanden van het formaat MP3 en WMA.

Wanneer een CD met audio in de CD-speler wordt geplaatst, wordt de mapstructuur van de CD ingelezen. Het kan even duren voordat wordt begonnen met afspelen (afspelen is afhankelijk van de kwaliteit van de CD).

MP3 nummers kunnen op verschillende manieren op een CD worden opgenomen. Ze kunnen allemaal in de hoofdmap worden geplaatst, net als bij een normale audio-CD, of ze kunnen in een bepaalde map worden geplaatst, die bijvoorbeeld bedoeld is voor een album, een artiest of een bepaald genre.

Een multi session CD afspelen

De normale afspeelvolgorde bij CD's met meerdere mappen is eerst de nummers in de bovenliggende map, dan de nummers in de eerste onderliggende map, vervolgens de nummers in de tweede onderliggende map, etc. Wanneer bijvoorbeeld folder 1 de folders 1a en 1b bevat, en folder 2 bevat folder 2a, is de afspeelvolgorde folder 1, 1a, 1b, 2, 2a.

Wanneer het afspelen van een bestand is voltooid, wordt verder gegaan met het afspelen van de andere bestanden in dezelfde map. De map wordt automatisch gewijzigd wanneer alle bestanden in de huidige map zijn afgespeeld.

MP3 WEERGAVE-OPTIES

Wanneer een MP3-CD wordt afgespeeld, kan bepaalde informatie die gecodeerd in elke opname is opgenomen, worden weergegeven. Deze informatie omvat meestal:

  • De bestandsnaam
  • De naam van de map
  • ID3 informatie die op het album kan staan of de naam van de artiest.

Gewoonlijk wordt de naam van het bestand dat wordt afgespeeld weergegeven. Druk om een van de andere informatie-items te selecteren herhaaldelijk op de INFO toets tot het benodigde item wordt weergegeven in de display.

N.B.: Wanneer de gekozen ID3 informatie niet beschikbaar is, verschijnt NO MP3 TAG op het display.

Opties weergave CD tekst

Wanneer een audio CD met CD tekst wordt afgespeeld, kan een beperkte hoeveelheid informatie, die aan elk nummer is toegevoegd, worden weergegeven. Deze informatie omvat meestal:

  • De naam van de CD
  • De naam van de artiest
  • De naam van het nummer.

N.B.: Deze display-opties kunnen op dezelfde wijze worden gekozen als bij MP3 CD's. NO DISC NAME of NO TRACK NAME wordt weergegeven in de display als geen informatie is gecodeerd.

AFSPELEN CD BEËINDIGEN

6000CD en 6006CDC

Druk op de AM/FM of AUX toets.

N.B.: Hierdoor wordt de CD niet uitgeworpen; de CD-weergave wordt alleen onderbroken op de plaats waar de radio-weergave werd hervat.

Druk opnieuw op de CD toets om het afspelen van de CD te hervatten.

Sony CD

Druk op de RADIO of CD/AUX toets.

N.B.: Hierdoor wordt de CD niet uitgeworpen; de CD-weergave wordt alleen onderbroken op de plaats waar de radio-weergave werd hervat.

Druk opnieuw op de CD/AUX toets om het afspelen van de CD te hervatten.

MEERDERE CD'S UITWERPEN

6006CD

Druk op de EJECT toets en houd deze ingedrukt totdat EJECTALL in het display wordt weergegeven.

Het display wisselt tussen REMOVE en WAIT.

Wordt REMOVE weergegeven, verwijder dan een CD uit het toestel. Herhaal deze handelingen totdat alle CD's zijn verwijderd.

N.B.: Stel voor optimale prestaties bij het afspelen van een extra apparaat het volume daarvan hoog. Hierdoor worden storingen gereduceerd wanneer het apparaat wordt aangesloten op de aansluiting voor de sigarenaansteker in de auto.

Via de extra ingang (AUX IN), indien aanwezig, kan een extra apparaat zoals een MP3-speler op het audiotoestel van de auto worden aangesloten. Het geluid kan via de autoluidsprekers worden weergegeven.

Sluit het extra apparaat met conventionele 3,5 mm audiostekkers aan op de AUX IN aansluiting.

Kies de extra ingang door middel van de AUX toets en het extra apparaat wordt via de autoluidsprekers afgespeeld. AUX wordt in het display weergegeven. Volume, hoge en lage tonen kunnen zoals gewoonlijk via het audiotoestel worden geregeld.

De toetsen van het audiotoestel kunnen ook worden gebruikt om de weergave van het audiotoestel te hervatten, terwijl het extra apparaat aangesloten blijft.

RemedieDisplay van het audioto
CD ERRORPLEASE CHECK CDCDC ERRORAlgemeen storingsbericht voor storingen tijdens het afspelen van een CD, bijv.: kan CD niet aflezen, data-CD aangebracht. Kan ook wijzen op een storing in het audiotoestel. Controleer of de CD correct geladen is, reinig de CD en laad deze opnieuw of vervang de CD door een voor u bekende muziek-CD. Zie CD's uitwerpen (bladzijde 207). Zie Meerdere CD's uitwerpen (bladzijde 209). Zie CD's aanbrengen (bladzijde 204). Wanneer de storing blijft bestaan. Neem contact op met uw Ford dealer.
NO CDNO CDSNO CD #Bericht dat aangeeft dat zich geen CD's in het audiotoestel of de CD-wisselaar bevinden. Breng een CD aan. Zie CD's aanbrengen (bladzijde 204).
HIGH TEMPCD DRIVE HIGH TEMPOmgevingstemperatuur te hoog – CD-speler werkt niet totdat deze is afgekoeld.
SLOT FULLBericht dat aangeeft dat zich reeds een CD in de sleuf bevindt. Werp de CD uit de gekozen sleuf uit alvorens te proberen een CD aan te brengen, of kies een andere sleuf. Zie CD's aanbrengen (bladzijde 204).
CDC FULLBericht dat aangeeft dat alle sleuven van het audiotoestel reeds bezet zijn. Zie CD's uitwerpen (bladzijde 207). Zie Meerdere CD's uitwerpen (bladzijde 209).
DATA CDEr is een ongeschikte CD aangebracht, bijvoorbeeld geen audio-CD. Zie CD's uitwerpen (bladzijde 207). Zie Meerdere CD's uitwerpen (bladzijde 209).
CODE ----Bericht dat u vraagt, de Keycode in te geven. Zie Beveiligingscode invoeren (bladzijde 190).
WAITBericht dat u vraagt, te wachten tot de volgende poging kan worden ondernomen om de Keycode in te geven. Zie Onjuiste beveiligingscode (bladzijde 190).
TRIESBericht dat het aantal verkeerd ingegeven Keycodes aangeeft. Zie Onjuiste beveiligingscode (bladzijde 190).
LOCKEDBericht dat aangeeft dat de systeembeveiliging het toestel heeft geblokkeerd nadat herhaaldelijk onjuiste Keycodes zijn ingegeven. Neem contact op met uw Ford dealer.RemedieDisplay van het audiotoestel
KEYCODE.... ENTER KEYCODE....Bericht dat u vraagt, de Keycode in te geven. Zie Beveiligingscode invoeren (bladzijde 190).
INCORRECTBericht dat u informeert dat de ingegeven Keycode onjuist is. Zie Onjuiste beveiligingscode (bladzijde 190).

ALGEMENE INFORMATIE

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Door gebruik van het systeem bij uitgeschakelde motor wordt de accu ontladen.

In dit hoofdstuk worden de functies en eigenschappen van het handsfree systeem voor de Bluetooth mobiele telefoon beschreven.

Het Bluetooth mobiele telefoongedeelte van het systeem zorgt voor de interactie tussen de audio-installatie of het navigatiesysteem en uw mobiele telefoon. Het zorgt ervoor dat u uw audio-installatie of het navigatiesysteem kunt gebruiken voor het ontvangen van telefoongesprekken zonder daarbij uw mobiele telefoon vast te houden.

Compatibiliteit van telefoontoestellen

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Omdat er geen algemene overeenkomst bestaat, kunnen fabrikanten van mobiele telefoons een groot aantal profielen in hun Bluetooth apparaten implementeren. Daardoor is het mogelijk dat een telefoon niet compatible met een handsfree systeem is, waardoor in sommige gevallen de prestaties van het systeem aanzienlijk worden beperkt. Om dit te voorkomen moeten alleen aanbevolen telefoons worden gebruikt.

Bezoek de website

www.ford-mobile-connectivity.com

voor volledige gegevens.

SETUP TELEFOON

Telefoonboek

Na het opstarten kan het al naar gelang de grootte enkele minuten duren voordat u toegang tot de telefoonboeklijst krijgt.

Telefoonboekcategorieën

Afhankelijk van uw telefoonboekadres kunnen verschillende categorieën op de audiounit worden weergegeven.

Voorbeeld:

MobielM
KantoorO
ThuisH
FFax

N.B.: Adressen kunnen met of zonder toevoegingen worden weergegeven.

De categorie kan ook als icoon worden weergegeven:

Pelgrim KK 7174 - Telefoonboekcategorieën - 1

Telefoon

Pelgrim KK 7174 - Telefoonboekcategorieën - 2

Mobiel

Pelgrim KK 7174 - Telefoonboekcategorieën - 3

Thuis

Pelgrim KK 7174 - Telefoonboekcategorieën - 4

Kantoor

Pelgrim KK 7174 - Telefoonboekcategorieën - 5

Fax

Van een telefoon een actieve telefoon maken

Wanneer het systeem voor het eerst wordt gebruikt, zijn er nog geen telefoons gekoppeld met het systeem.

Bluetooth telefoon

Nadat een Bluetooth telefoon bij het systeem is aangemeld, wordt deze de actieve telefoon. Raadpleeg voor meer informatie het menu van de telefoon.

Selecteer de telefoon in het menu van de actieve telefoon.

Wanneer het contact en het audio- of navigatiesysteem weer worden ingeschakeld, wordt de koppeling aan de laatste actieve telefoon door het systeem hersteld.

N.B.: In sommige gevallen moet de Bluetooth verbinding ook op de telefoon worden bevestigd.

Een andere Bluetooth telefoon aanmelden

Koppel een nieuwe Bluetooth telefoon zoals is beschreven onder 'Eisen voor een Bluetooth verbinding'.

Telefoons die in het systeem zijn opgeslagen zijn met behulp van de telefoonlijst op de audiounit toegankelijk.

N.B.: Er kunnen maximaal zes apparaten worden gekoppeld. Als er al zes Bluetooth apparaten zijn gekoppeld, moet er één worden ontkoppeld om een nieuw apparaat te kunnen koppelen.

SETUP BLUETOOTH

Voordat u uw telefoon kunt gebruiken moet deze worden gekoppeld aan het telefoonsysteem in de auto.

Telefoons bedienen

Er kunnen maximaal zes Bluetooth apparaten aan het systeem in de auto worden gekoppeld.

N.B.: Wanneer met de telefoon die als de nieuwe actieve telefoon wordt geselecteerd een gesprek wordt gevoerd, wordt het gesprek doorgeschakeld naar het audiosysteem in de auto.

N.B.: Zelfs wanneer uw telefoon aan een systeem in de auto is gebonden, kan deze nog op de gebruikelijke wijze worden gebruikt.

Eisen voor een Bluetooth verbinding

Het volgende is vereist voordat met een Bluetooth telefoon een verbinding tot stand kan worden gebracht.

  1. De Bluetooth functie moet op de telefoon en op het audiosysteem zijn ingeschakeld. Zorg ervoor dat de menu-optie Bluetooth in de audiounit op AAN is ingesteld. Raadpleeg voor meer informatie over telefooninstellingen de handleiding van uw mobiele telefoon.

  2. Zoek in het Bluetooth menu van uw telefoon naar Ford Audio en selecteer deze optie.

  3. Voer het op de voertuigdisplay weergegeven codenummer in met behulp van de toetsen van de telefoon. Wanneer geen codenummer wordt weergegeven op de display, voer dan het Bluetooth PIN nummer 0000 in met behulp van de toetsen van de telefoon. Voer nu het op de voertuigdisplay weergegeven Bluetooth PIN-nummer in.

  4. Als de mobiele telefoon om goedkeuring van de automatische verbinding vraagt, selecteer dan JA.

N.B.: Als de audiounit wordt uitgeschakeld, wordt een telefoongesprek verbroken. Wanneer de contactsleutel in de stand '0' wordt gezet, blijft de telefoonverbinding behouden.

BEDIENINGSELEMENTEN TELEFOON

Afstandsbediening

Voice en mode toets
Pelgrim KK 7174 - Afstandsbediening - 1

text_image 1 VOL+ VOICE MODE SEEK 2 VOL- E87661

Voice toets1
Mode toets2

Oproepen kunnen worden beantwoord door eenmaal op de toets MODE te drukken. Druk de toets opnieuw in om de oproep te beëindigen.

GEBRUIK MAKEN VAN DE TELEFOON - AUTO'S ZONDER NAVIGATIESYSTEEM

In dit hoofdstuk worden de telefoonfuncties van de audio-unit beschreven.

N.B.: Raadpleeg de handleiding van de audio-unit voor meer informatie over de bedieningsorganen.

Er moet een actieve telefoon aanwezig zijn.

Zelfs wanneer uw telefoon op de audio-unit is aangesloten, kan de telefoon op de gebruikelijke wijze worden gebruikt.

N.B.: U kunt het telefoonmenu verlaten door op de CD, AM/FM of AUX toets te drukken.

Bellen

Een nummer kiezen m.b.v. spraakbesturing

Telefoonnummers kunnen m.b.v. spraakbesturing worden gekozen. Zie Commando's telefoon (bladzijde 232).

Een nummer kiezen m.b.v. het adresboek

U kunt via Bluetooth toegang krijgen tot uw adresboek. De namen en nummers verschijnen op het display van het apparaat.

  1. Druk op de toets PHONE of de toets 'beantwoorden'.

  2. Druk op de MENU toets.

  3. Houd de MENU toets ingedrukt tot PHONEBOOK verschijnt.

  4. Druk op de zoektoetsen om het gewenste telefoonnummer te selecteren.

N.B.: Houd de zoektoets ingedrukt om naar de volgende letter van het alfabet te gaan.

  1. Druk op de toets PHONE of de toets 'beantwoorden' om het geselecteerde telefoonnummer te bellen.

Een nummer kiezen m.b.v. het adresboek - Sony radio

U kunt via Bluetooth toegang krijgen tot uw adresboek. De namen en nummers verschijnen op het display van het apparaat.

  1. Druk op de toets PHONE.
  2. Druk op de zoektoets tot het telefoonboek wordt weergegeven.
  3. Druk op de omhoog/omlaag-pijltjestoetsen om het gewenste telefoonnummer te selecteren.

N.B.: Houd de omhoog/omlaag-pijltjestoetsen ingedrukt om naar de volgende letter van het alfabet te gaan.

  1. Druk op de toets PHONE of de toets 'beantwoorden' om het geselecteerde telefoonnummer te bellen.

Een nummer kiezen m.b.v. het telefoontoetsenblok

Als u over een audiounit met telefoontoetsenblok beschikt (toetsen 0-9, * en #):

  1. Druk op de toets 'beantwoorden'. Druk op de toets PHONE als u een Sony radio hebt.
  2. Kies het nummer met het toetsenbord op de audio-unit.
  3. Druk op de toets 'beantwoorden'.

N.B.: Als u bij het kiezen van een telefoonnummer een onjuist cijfer intoetst, druk dan op de toets 'naar links zoeken' om het laatste cijfer te wissen. Wanneer de toets lang wordt ingedrukt, wordt de complete serie cijfers gewist.

Houd de 0 ingedrukt om een + in te toetsen.

Een gesprek beëindigen

Gesprekken kunnen worden beëindigd door op de toets 'weigeren' te drukken.

Bij audio-units zonder telefoontoetsenblok kunt u ook een gesprek beëindigen door op PHONE, CD, AM/FM of ON/OFF te drukken of door op de toets MODE op de afstandsbediening te drukken.

Een nummer herhalen

  1. Druk op de toets PHONE of de toets 'beantwoorden'.
  2. Druk op de MENU toets.
  3. Selecteer de lijst CALL OUT of de lijst CALL IN. Selecteer op bepaalde audiounits de lijst GEMISTE, INKOMENDE of UITGAANDE gesprekken.

N.B.: Indien de actieve telefoon niet over een lijst met eerder gekozen nummers beschikt, kan het laatst gekozen nummer opnieuw worden gekozen.

  1. Druk op de zoektoets op de audiounit.
  2. Druk op de toets PHONE of de toets 'beantwoorden' om het gewenste telefoonnummer te bellen.

Een nummer opnieuw kiezen - Sony radio

  1. Druk op de toets PHONE of de toets 'beantwoorden'.
  2. Druk op de zoektoets tot de gewenste lijst wordt weergegeven.

N.B.: Indien de actieve telefoon niet over een lijst met eerder gekozen nummers beschikt, kan het laatst gekozen nummer opnieuw worden gekozen.

  1. Druk op de omhoog/omlaag-pijltjestoetsen om het gewenste telefoonnummer te selecteren.

  2. Druk op de toets PHONE of de toets 'beantwoorden' om het telefoonnummer te kiezen.

Laatst gekozen nummer opnieuw kiezen - Sony radio

  1. Druk op de toets 'beantwoorden'.
  2. Druk nogmaals op de toets 'beantwoorden' om het nummer te kiezen.

Een inkomend gesprek ontvangen Een inkomend gesprek beantwoorden

Inkomende gesprekken kunt u aannemen door op de toets 'beantwoorden', de toets PHONE of de toets MODE op de afstandsbediening te drukken.

Een inkomend gesprek weigeren

Inkomende gesprekken kunnen worden geweigerd door op de toets 'weigeren' te drukken.

Bij audio-units zonder telefoontoetsenblok kunt u ook een gesprek weigeren door op PHONE, CD, AM/FM of ON/OFF te drukken.

Een tweede oproep ontvangen

N.B.: De functie tweede inkomend gesprek op uw telefoon moet zijn geactiveerd.

Wanneer er tijdens een gesprek een inkomend gesprek binnenkomt, klinkt er een 'piep' en kunt u het actieve gesprek in de wachtstand plaatsen en het tweede inkomende gesprek beantwoorden.

Een tweede inkomend gesprek beantwoorden

Een tweede inkomend gesprek kunt u aannemen door op de toets 'beantwoorden', de toets PHONE of de toets MODE op de afstandsbediening te drukken.

Een tweede inkomend gesprek weigeren

Een tweede inkomend gesprek kan worden geweigerd door op de toets 'weigeren' te drukken. Bij audio-units zonder telefoontoetsenblok kunt u ook een tweede inkomend gesprek weigeren door op de toets CD of de toets AM/FM te drukken.

Microfoon dempen

Het is mogelijk om tijdens een gesprek de microfoon te dempen. Tijdens het dempen verschijnt er een bevestiging op het display.

Audio-units met een groene toets 'beantwoorden'

Druk op de toets 'beantwoorden'. Druk nogmaals op de toets om deze functie uit te schakelen.

Audio-units zonder een groene toets 'beantwoorden'

Druk op de toets 'omhoog- of omlaagzoeken'. Druk nogmaals op de toets om deze functie uit te schakelen.

Van actieve telefoon veranderen

N.B.: Voordat telefoons kunnen worden geactiveerd moeten ze bij het systeem worden aangemeld.

Met behulp van de voorkeuzetoetsen

N.B.: Deze procedure geldt alleen voor audio-units met een telefoontoetsenbord.

  1. Druk op de PHONE toets op de audio-unit.
  2. Druk op de gewenste voorkeuzetoets (gebruik voorkeuzetoetsen 1 - 6).

Met behulp van het menu op de audio-unit

N.B.: Nadat een telefoon aan het systeem is gekoppeld, wordt deze de actieve telefoon.

  1. Druk op de toets PHONE of de toets 'beantwoorden'.
  2. Druk op de MENU toets op de audio-unit.
  3. Selecteer de ACTIVE PHONE optie op de audio-unit.
  4. Rol met behulp van de zoektoetsen door de verschillende opgeslagen telefoons om de gekoppelde telefoons weer te geven.
  5. Druk op de MENU toets om de telefoon te selecteren die de actieve telefoon moet worden.

Actieve telefoon afmelden

Een actieve telefoon kan op elk gewenst moment uit het systeem worden gewist, behalve wanneer met deze telefoon een gesprek wordt gevoerd.

  1. Druk op de toets PHONE of de toets 'beantwoorden'.
  2. Druk op de MENU toets op de audio-unit.
  3. Selecteer de optie DEBOND op de audio-unit.
  4. Rol met behulp van de zoektoetsen door de verschillende telefoons om de te ontkoppelen telefoon weer te geven.
  5. Druk op de MENU toets om de telefoon te selecteren die moet worden ontkoppeld.

Een gekoppelde telefoon ontkoppelen - Sony radio

Een actieve telefoon kan op elk gewenst moment uit het systeem worden gewist, behalve wanneer met deze telefoon een gesprek wordt gevoerd.

  1. Druk op de toets PHONE.
  2. Druk op de omhoog/omlaag-pijltjestoetsen tot u de optie ONTKOPPELEN bereikt.
  3. Rol met behulp van de zoektoetsen door de verschillende telefoons om de te ontkoppelen telefoon weer te geven.
  4. Druk op de toets OK om te ontkoppelen.

GEBRUIK MAKEN VAN DE TELEFOON - AUTO'S MET NAVIGATIESYSTEEM

In dit hoofdstuk worden de telefoonfuncties van het navigatiesysteem beschreven.

N.B.: Raadpleeg de handleiding van het navigatiesysteem voor meer informatie over de bediening.

Er moet een actieve telefoon aanwezig zijn. Zelfs als uw telefoon met het navigatiesysteem is verbonden, kan deze nog steeds op normale wijze worden gebruikt.

Bellen

Een nummer kiezen

Telefoonnummers kunnen m.b.v. spraakbesturing worden gekozen. Zie Spraaksturing (bladzijde 221).

Een gesprek beëindigen

Gesprekken kunt u beëindigen door op de toets BEËINDIGEN, de toets MODE op de afstandsbediening of de toets AAN/UIT op het navigatiesysteem te drukken.

Een nummer herhalen

  1. Druk op de toets PHONE op het apparaat.
  2. Kies NUMMER HERHALEN.

Een inkomend gesprek ontvangen

Een inkomend gesprek beantwoorden

Inkomende gesprekken kunt u aannemen door op de toets 'beantwoorden', de toets MODE op de afstandsbediening of de toets PHONE op het apparaat te drukken of door de optie AANNEMEN in het menu te gebruiken.

Een inkomend gesprek weigeren

Inkomende gesprekken kunt u weigeren door op de toets 'weigeren' of de toetsen CD of AM/FM op het apparaat te drukken of door de optie WEIGEREN in het menu te gebruiken.

Een tweede oproep ontvangen

N.B.: De functie tweede inkomend gesprek op uw telefoon moet zijn geactiveerd.

Wanneer er tijdens een gesprek een tweede oproep binnenkomt, klinkt er een 'piep' en kunt u het actieve gesprek in de wachtstand plaatsen en de tweede oproep beantwoorden.

Een tweede inkomend gesprek beantwoorden

Een tweede inkomend gesprek kunt u aannemen door op de toets 'beantwoorden', de toets MODE op de afstandsbediening of de toets PHONE op het apparaat te drukken of door de optie AANNEMEN in het menu te gebruiken.

N.B.: Hierdoor wordt het actieve gesprek beëindigd.

Een tweede inkomend gesprek weigeren

Een tweede inkomend gesprek kan worden geweigerd door op de toets 'weigeren' te drukken of op een van de volgende toetsen op het apparaat: CD, AM/FM.

Microfoon dempen

Het is mogelijk om tijdens een gesprek de microfoon te dempen. Tijdens het dempen verschijnt er een bevestiging op het display.

SD-navigatie-units

Druk op de toets 'dempen' (doorgestreept microfoonsymbool). Druk nogmaals op de toets om deze functie uit te schakelen.

CD-navigatiesystemen

Druk op de toets 'microfoon dempen'. Druk nogmaals op de toets om deze functie uit te schakelen.

Van actieve telefoon veranderen

N.B.: Voordat telefoons kunnen worden geactiveerd moeten ze bij het systeem worden aangemeld.
N.B.: Nadat een telefoon aan het systeem is gekoppeld, wordt deze de actieve telefoon.

  1. Druk op de toets PHONE op het apparaat.

  2. Selecteer met behulp van de optie BT-INSTELLINGEN in het menu de actvieve telefoon in de lijst.

Actieve telefoon afmelden

Een actieve telefoon kan op elk gewenst moment uit het systeem worden gewist, behalve wanneer met deze telefoon een gesprek wordt gevoerd.

  1. Druk op de toets PHONE op het apparaat.
  2. Selecteer de optie BT-INSTELLINGEN in het menu.
  3. Selecteer de AFMELDEN optie in het menu.
  4. Selecteer de telefoon in de lijst.

WERKING

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Door gebruik van het systeem bij uitgeschakelde motor wordt de accu ontladen.

Met spraakbesturing kunt u het systeem bedienen zonder dat uw aandacht van de weg wordt afgeleid om bijvoorbeeld instellingen te veranderen of om reacties van het systeem te lezen.

Wanneer u bij geactiveerd systeem één van de gedefinieerde spraaklabels gebruikt, zet het spraakbesturingssysteem uw spraaklabel om in een bedieningssignaal voor het systeem. Uw spraaklabels nemen de vorm aan van dialogen of commando's. U wordt door mededelingen of vragen door deze dialogen geleid.

Maak uzelf vertrouwd met de functies van het systeem voordat u het spraakherkenningsysteem gaat gebruiken.

Ondersteunde commando's

Met het spraakbesturingssysteem kunt u de volgende systemen in de wagen bedienen:

  • Bluetooth telefoon
    ·radio
  • CD-speler/ CD-wisselaar
  • extern apparaat (USB)
  • extern apparaat (iPod)
  • automatische klimaatregeling
    •navigatiesysteem (raadpleeg de afzonderlijke navigatiehandleiding).

Reactie van het systeem

Wanneer u een gesproken commando geeft, antwoordt het systeem telkens met een piep wanneer het gereed is om door te gaan.

Probeer geen nieuwe commando's te geven voordat u de piep hebt gehoord. Het spraakbesturingssysteem herhaalt elk gesproken commando.

Wanneer u niet precies weet hoe u moet doorgaan, zeg dan "HELP" voor hulp of "CANCEL" wanneer u niet wilt doorgaan.

De "HELP" functie biedt u alleen een verzameling van de beschikbare commando's. Een gedetailleerde uitleg over alle mogelijke gesproken commando's kunt u op de volgende bladzijden vinden.

Gesproken commando's

Alle commando's moeten op natuurlijke wijze worden uitgesproken, alsof u tot een passagier spreekt of een telefoongesprek voert. Uw stemvolume moet afhankelijk zijn van omgevingsgeluiden in of buiten de auto, maar schreeuw niet.

Werking van het systeem

De volgorde en de inhoud van de spraaklabels zijn in de volgende lijst weergegeven. De tabel toont de volgorde van de spraaklabels van de gebruiker en de reacties van het systeem die voor iedere functie beschikbaar zijn.

<> duidt een nummer of opgeslagen spraaklabel aan, die door de gebruiker moet worden opgeslagen.

Short cuts

Er zijn een aantal gesproken woorden (short cuts) mogelijk, waarmee u enkele functies van de auto kunt regelen zonder het complete commandomenu te hoeven volgen. Dit zijn:

-telefoon: "MOBILE NAME", "DIAL NUMBER", "DIAL NAME" en "REDIAL"
- CD-speler/CD-wisselaar "DISC" en "TRACK"
- automatische klimaatregeling: "TEMPERATURE", "AUTO MODE", "DEFROSTING/DEMISTING ON" en "DEFROSTING/DEMISTING OFF"
·radio: "TUNE NAME"
- extern apparaat (USB): "TRACK"
- extern apparaat (iPod): "TRACK"
- SD-kaart: "TRACK".

Communicatie met het systeem starten

Voordat u kunt beginnen met het systeem toe te spreken moet u voor iedere handeling eerst op de VOICE of de MODE toets drukken en wachten tot het systeem met een piep antwoordt. Zie

Spraaksturing (bladzijde 30).

Druk de toets opnieuw in om de spraakbesturing uit te schakelen.

Spraaklabel

Het spraaklabel kan de telefoon, de audio-installatie en het navigatiesysteem ondersteunen door gebruik te maken van de "STORE NAME" functie (naam opslaan). U kunt spraaklabels toewijzen aan items zoals favoriete radiozenders en persoonlijke telefooncontacten. Zie

Commando's audio-unit (bladzijde 222). Zie Commando's telefoon (bladzijde 232).

- Sla maximaal 20 actieve spraaklabels per functie op.

- De gemiddelde opnametijd per spraaklabel bedraagt ongeveer 2 tot 3 seconden.

COMMANDO'S AUDIO-UNIT

CD-speler

U kunt het afspelen direct met spraakbesturing bedienen.

Overzicht

Het onderstaande overzicht toont de beschikbare gesproken commando's. De volgende lijsten bieden aanvullende informatie over het complete commandomenu aan de hand van gekozen voorbeelden.

* Kan als short cut worden gebruikt.
** Alleen beschikbaar als de CD audiogegevensbestanden bevat, zoals MP3 of WMA.

Muzieknummer

U kunt direct een muzieknummer op de CD kiezen.

Systeem antwoordtGebruiker zegt
"CD PLAYER""CD PLAYER"1
2"TRACK"*"TRACK NUMBER PLEASE"
3""**"TRACK"

* Kan als short cut worden gebruikt.
** Getallen kunnen ook als max. vier losse cijfers worden uitgesproken (bijv. "2", "4", "5" voor muzieknummer 245)

Shuffle alles

Random afspelen instellen.

Systeem antwoordtGebruiker zegt
"CD PLAYER""CD PLAYER"1
"SHUFFLE ALL"2

CD-wisselaar

Overzicht

Het onderstaande overzicht toont de beschikbare gesproken commando's. De volgende lijsten bieden aanvullende informatie over het complete commandomenu aan de hand van gekozen voorbeelden.

* Kan als short cut worden gebruikt.
** Alleen beschikbaar als de CD audiogegevensbestanden bevat, zoals MP3 of WMA.

CD

Wanneer u een CD-wisselaar hebt, kunt u het nummer van de CD kiezen

Systeem antwoordtGebruiker zegtSt
"CD CHANGER""CD CHANGER"1
2"DISC"*"DISC NUMBER PLEASE"

Spraaksturing

Systeem antwoordtGebruiker zegt
"DISC <nummer>"""<een getal tu

* Kan als short cut worden gebruikt.

Muzieknummer

U kunt direct een muzieknummer op de CD kiezen.

Systeem antwoordtGebruiker zegt
"CD CHANGER""CD CHANGER"
2"TRACK"*"TRACK NUMBER PLEASE"
3""**"TRACK"

* Kan als short cut worden gebruikt.
** Getallen kunnen ook als max. vier losse cijfers worden uitgesproken (bijv. "2", "4", "5" voor muzieknummer 245)

Shuffle CD

Random afspelen binnen de CD-inhoud instellen.

Systeem antwoordtGebruiker zegt
"CD CHANGER""CD CHANGER"
"SHUFFLE CD"2

Radio

De gesproken commando's ondersteunen de radiofuncties en u kunt met Voice Control op radiostations afstemmen.

Overzicht

Het onderstaande overzicht toont de beschikbare gesproken commando's. De volgende lijsten bieden aanvullende informatie over het complete commandomenu.

* Kan als short cut worden gebruikt.

Afstemfrequentie

Met deze functie kunt u met gesproken commando's afstemmen op radiostations.

Systeem antwoordtGebruiker zegtSt
"RADIO""RADIO"1
"AM FREQUENCY PLEASE""AM"2
"FM FREQUENCY PLEASE""FM"
3"*"TUNE"

* De frequentie kan op verschillende manieren worden ingevoerd. Raadpleeg onderstaande voor representatieve voorbeelden.

FM-golflente: 87,5 - 108,0 in stappen van 0,1

AM/MW-golflengte: 531 - 1602 in stappen van 9

AM/LW-golflengte: 153 - 281 in stappen van 1

Wanneer u op een radiostation hebt afgestemd, kunt u deze met een naam in het bestand opslaan.

Spraaksturing

Systeem antwoordtGebruiker zegt
"RADIO""RADIO"1
"STORE NAME""STORE NAME""NAME PLEASE"
"REPEAT NAME PLEASE""
"STORING NAME""4"STORED"

Afstemmen op naam

Met deze functie kunt u op een opgeslagen radiostation afstemmen.

Systeem antwoordtGebruiker zegt
"RADIO""RADIO"1
2"TUNE NAME"*"NAME PLEASE"
"TUNE<naam>"""<naam>"3

* Kan als short cut worden gebruikt.

Naam wissen

Met deze functie kunt u een opgeslagen radiostation wissen

Systeem antwoordtGebruiker zegt
"RADIO""RADIO"1
"NAME PLEASE""DELETE NAME
"DELETE<naam>"""3"CONFIRM YES OR NO"
"DELETED""YES"4
"COMMAND CANCELLED""NO"

Spraksturing

Bestand afspelen Met deze functie kunt u het systeem alle

opgeslagen radiostations laten opnoemen.

Systeem antwoordtGebruiker zegtSt
"RADIO""RADIO"1
"PLAY" "PLAY DIRECT(

Bestand wissen

Met deze functie kunt u alle opgeslagen radiostations wissen.

Systeem antwoordtGebruiker zegtSt
"RADIO""RADIO"1
"DELETE DIRECTORY""DELETE DIREC"CONFIRM YES OR NO"
"RADIO DIRECTORY DELETED""YES"3
"COMMAND CANCELLED""NO"

Afspelen

Met deze functie schakelt de audiobron over op de radiomodus.

Systeem antwoordtGebruiker zegtSt
"RADIO""RADIO"1
"PLAY"2

Auxiliary ingang

Met deze functie laat u de audiobron overschakelen op het aangesloten apparaat met auxiliary ingang.

Systeem antwoordtGebruiker zegtSt
"EXTERNAL DEVICE""EXTERNAL DEV
2"LINE IN""LINE IN"

Externe apparaten - USB

Deze gesproken commando's ondersteunen de functionaliteit van een extern USB-apparaat dat op de audiounit kan worden aangesloten.

Overzicht

Het onderstaande overzicht toont de beschikbare gesproken commando's. De volgende lijsten bieden aanvullende informatie over het complete commandomenu aan de hand van gekozen voorbeelden.

* Kan als short cut worden gebruikt.
** Aan door spraakbesturing geactiveerde afspeellijsten en mappen moeten specifieke bestandsnamen worden toegewezen. Zie Algemene informatie (bladzijde 237).

Afspelen USB

Met deze functie laat u de audiobron overschakelen op het aangesloten USB-apparaat.

Systeem antwoordtGebruiker zegt
"EXTERNAL DEVICE""EXTERNAL I
Systeem antwoordtGebruiker zegtSt
"USB""USB"2
"PLAY"3

USB-muzieknummer

U kunt direct een muzieknummer op het USB-apparaat kiezen.

Systeem antwoordtGebruiker zegtSt
"EXTERNAL DEVICE""EXTERNAL DEV
"USB""USB"2
"TRACK NUMBER PLEASE""TRACK"3
4"*"TRACK"

* Getallen kunnen ook als max. vier losse cijfers worden uitgesproken (bijv. "2", "4", "5" voor muzieknummer 245)

Externe apparaten - iPod

Deze gesproken commando's ondersteunen de functionaliteit van een iPod die op de audiounit kan worden aangesloten.

Overzicht

Het onderstaande overzicht toont de beschikbare gesproken commando's. De volgende lijsten bieden aanvullende informatie over het complete commandomenu aan de hand van gekozen voorbeelden.

* Kan als short cut worden gebruikt.

** Aan door spraakbesturing geactiveerde afspeellijsten moeten specifieke bestandsnamen worden toegewezen. Zie Algemene informatie (bladzijde 237).

iPod-muzieknummer

U kunt direct een muzieknummer op de iPod kiezen in de lijst met alle titels.

Systeem antwoordtGebruiker zegt
"EXTERNAL DEVICE""EXTERNAL I
"IPOD""IPOD"2
3"TRACK"*"TRACK NUMBER PLEASE"
4""**"TRACK

* Kan als short cut worden gebruikt.

** Getallen kunnen ook als max. vijf losse cijfers worden uitgesproken (bijv. "5", "2", "4", "5", "3" voor muzieknummer 52453) tot een grenswaarde van 65535.

iPod-afspeellijst

U kunt direct een afspeellijst in de iPod kiezen.

Systeem antwoordtGebruiker zegt
"EXTERNAL DEVICE""EXTERNAL [
"IPOD""IPOD"2
3"PLAYLIST"*"PLAYLIST NUMBER PLEASE"
"PLAYLIST"""<een getal

* Aan door spraakbesturing geactiveerde afspeellijsten moeten specifieke bestandsnamen worden toegewezen. Zie Algemene informatie (bladzijde 237).

COMMANDO'S TELEFOON

Telefoon

Met uw telefoonsysteem kunt u een extra telefoonboek aanleggen. De opgeslagen nummers kunnen met behulp van Voice Control worden gekozen.

Telefoonnummers, die met behulp van Voice Control zijn opgeslagen, worden in het systeem van de auto opgeslagen en niet in dat van uw telefoon.

Overzicht

Het onderstaande overzicht toont de beschikbare gesproken commando's. De volgende lijsten bieden aanvullende informatie over het complete commandomenu aan de hand van gekozen voorbeelden.

* Kan als short cut worden gebruikt.

Telefoonfuncties

Nummer kiezen

Nadat het spraaklabel is uitgesproken kunnen telefoonnummers worden gekozen.

Systeem antwoordtGebruiker zegtSt
"TELEFOON""TELEFOON"1

Spraaksturing

Systeem antwoordtGebruiker zegt
2"DIAL NUMBER"*"NUMBER PLEASE"
"<telefoonnummer>""<telefoonnu CONTINUE?"
"DIALLING""DIAL"4
"CORRECTION""<laatste deel van nummer herhalen>CONTINUE?"

* Kan als short cut worden gebruikt.

Naam kiezen

Nadat het spraaklabel is uitgesproken kunnen telefoonnummers worden gekozen.

Systeem antwoordtGebruiker zegt
"TELEFOON""TELEFOON"1
2"DIAL NAME"*"NAME PLEASE"
"DIAL<naam>"""3"CONFIRM YES OR NO"
"DIALLING""YES"4
"COMMAND CANCELLED""NO"

* Kan als short cut worden gebruikt.

Nummer herhalen

Deze functie maakt het mogelijk het laatst gekozen nummer te herhalen.

Systeem antwoordtGebruiker zegt
"TELEFOON""TELEFOON"1
2"REDIAL"*"REDIAL" "CONFIRM YES OR NO"
"DIALLING""YES"3
Systeem antwoordtGebruiker zegtSt
"COMMAND CANCELLED""NO"

* Kan als short cut worden gebruikt.

Naam mobiele telefoon

Met deze functie kunt u met een spraaklabel toegang krijgen tot de in uw mobiele telefoon opgeslagen telefoonnummers.

Systeem antwoordtGebruiker zegtSt
"TELEFOON""TELEFOON"1
2"MOBILE NAME"*"MOBILE NAME""

* Kan als short cut worden gebruikt.

DTMF ('Tone' instelling)

Met deze functie worden gesproken getallen in DTMF-tonen omgezet. Voor bijvoorbeeld het op afstand bedienen van het antwoordapparaat bij u thuis of voor het invoeren van PIN-nummer, enz.

N.B.: DTMF kan alleen worden gebruikt tijdens een telefoongesprek. Bedien de toets VOICE en wacht op de systeemprompt.

Kan alleen worden gebruikt op auto's met een aparte toets VOICE.

Systeem antwoordtGebruiker zegtSt
"NUMBER PLEASE"1
2"<cijfers 1 tot en met 9, nul, hekje, sterretje>"

Een telefoonboek aanleggen

Naam opslaan

Nieuwe spraaklabels kunnen worden opgeslagen met het commando "STORE NAME". Deze functie kan worden gebruikt voor het kiezen van een nummer door de naam in plaats van het complete telefoonnummer uit te spreken.

Spraaksturing

Systeem antwoordtGebruiker zegt
"TELEFOON""TELEFOON"1
"STORE NAME""STORE NAME""NAME PLEASE"
"REPEAT NAME PLEASE""
"STORING NAME""4"STORED"NUMBER PLEASE"
""
"STORING NUMBER""STORE"6""NUMBER STORED"

Naam wissen

Opgeslagen namen kunnen ook uit het bestand worden gewist.

Systeem antwoordtGebruiker zegl
"TELEFOON""TELEFOON"1
"NAME PLEASE""DELETE NAME
""3"DELETE" "CONFIRM YES OR NO"
4 ""DELETED""YES"
"COMMAND CANCELLED""NO"

Bestand afspelen

Gebruik deze functie om het systeem alle opgeslagen namen en nummers te laten opnoemen.

Systeem antwoordtGebruiker zegt
"TELEFOON""TELEFOON"1
2"PLAY DIRECTORY""PLAY DIRECTORY"

Spraksturing

Bestand wissen Met deze functie kunt u alle ingevoerde

gegevens in één keer wissen.

Systeem antwoordtGebruiker zegtSt
"TELEFOON""TELEFOON"1
"DELETE DIRECTORY""DELETE DIRECT"CONFIRM YES OR NO"
"DIRECTORY DELETED""YES"3
"COMMAND CANCELLED""NO"

Hoofdinstellingen

Oproepen weigeren

Oproepen kunnen zo worden ingesteld dat ze met spraakbesturing automatisch worden geweigerd.

Systeem antwoordtGebruiker zegtSt
"TELEFOON""TELEFOON"1
"REJECT CALLS""REJECT CALLS"2
"ACCEPT CALLS"*"ACCEPT CALLS"

* schakel met dit commando de modus 'weigeren' uit

ALGEMENE INFORMATIE

LET OP

Ga voorzichtig te werk bij het omgaan met externe apparaten met blootliggende stekkers (zoals de USB-plug). Vervang altijd de beschermkap/beschermplaat (indien mogelijk). Er bestaat kans op elektrostatische ontlading, wat tot schade aan het apparaat kan leiden.
Raak de USB-aansluiting in de auto niet aan of voer er geen werkzaamheden aan uit. Dek de aansluiting af wanneer deze niet wordt gebruikt.
Maak alleen gebruik van USB-massaopslagapparaten.
Zet de audio-unit altijd op een andere bron (bijvoorbeeld de radio) alvorens het USB-apparaat te ontkoppelen.
! Breng geen USB-hubs of -splitters aan.

N.B.: Het systeem is alleen ontworpen voor het herkennen en lezen van geschikte audiobestanden van een USB-apparaat dat voldoet aan de klasse voor USB-massaopslagapparaten of een iPod. Er kan niet worden gegarandeerd dat alle beschikbare USB-apparaten met het systeem kunnen worden gecombineerd.

N.B.: Er kan gebruik worden gemaakt van compatibele apparaten met een USB-adapterkabel en apparaten die rechtstreeks kunnen worden aangesloten op de USB-aansluiting van de auto (bijvoorbeeld USB-geheugensticks en Pen Drives).

N.B.: Het kan voorkomen dat sommige USB-apparaten met een hoger stroomverbruik incompatibel zijn (bijvoorbeeld sommige grotere harde schijven).

N.B.: De toegangstijd voor het lezen van de bestanden van het externe apparaat variëren afhankelijk van factoren zoals de bestandsstructuur, de grootte van het bestand en de inhoud van het apparaat.

Het systeem ondersteunt een aantal externe apparaten voor een volledige integratie met de audio-unit via de USB-aansluitingen en extra aansluitingen. Eenmaal aangesloten kan het externe apparaat worden aangestuurd via de audio-unit.

Hieronder staat een lijst met veel voorkomende compatibele apparaten:

•USB-geheugensticks
•USB-draagbare harde schijven
- Enkele MP3-spelers met USB-aansluiting

-iPod mediaspelers (ga naar www.ford-mobile-connectivity.com voor de nieuwste compatibiliteitslijst).

Het systeem is USB 2.0 Full Speed compatibel, USB 1.1 Host Compliant en ondersteunt FAT 16/32 bestandssystemen.

Informatie over audiobestands-structuren voor externe apparaten

USB

Maak alleen een enkele partitie op het USB-apparaat.

Als afspeellijsten worden gemaakt, dan dienen deze de correcte bestandspaden gerefereerd aan het USB-apparaat te bevatten. Er wordt aanbevolen de afspeellijst te maken nadat de audiobestanden zijn overgedragen naar het USB-apparaat.

Afspeellijsten moeten worden gemaakt in .m3u formaat.

Audiobestanden moeten worden gemaakt in .mp3 formaat.

Houd u aan het volgende:

-1000 items per map (bestanden, mappen en afspeellijsten)
-5000 mappen met USB-apparaat (inclusief afspeellijsten)
-8 submapniveau's.

Volg de onderstaande procedure voor het inschakelen van spraakregeling voor aangepaste afspeellijsten en mappen:

•Maak mappen met de naam
"Ford<*>", waar <*> een cijfer tussen 1 en 10 is. Bijvoorbeeld "Ford3" zonder extensie.

  • Maak afspeellijsten met de naam
    "Ford<*>.m3u", waar <*> een cijfer tussen 1 en 10 is. Bijvoorbeed "Ford5.m3u" zonder spatie tussen "Ford" en het cijfer.

Hierna kunnen aangepaste mappen en afspeellijsten worden geselecteerd met behulp van spraakregeling. Zie Commando's audio-unit (bladzijde 222).

iPod

Maak afspeellijsten met de naam "Ford<*>", waar <*> een cijfer tussen 1 en 10 is voor het inschakelen van spraakregeling voor aangepaste afspeellijsten. Bijvoorbeed "Ford7" zonder spatie tussen "Ford" en het cijfer.

Hierna kunnen aangepaste afspeellijsten worden geselecteerd met behulp van spraakregeling. Zie Commando's audio-unit (bladzijde 222).

Zorg dat het externe apparaat stevig in de auto is bevestigd en dat bijbehorende aansluitingen de bedieningselementen voor het rijden niet blokkeren.

Externe apparaten kunnen worden aangesloten met behulp van de extra ingangsaansluiting en de USB-poort. Zie Aansluiting Auxiliary ingang (AUX IN) (bladzijde 82). Zie USB-poort (bladzijde 82).

Aansluiting

Sluit het apparaat aan en bevestig het indien nodig om bewegen in de auto te voorkomen.

Een iPod aansluiten

Voor een optimaal gebruiksgemak en een optimale audiokwaliteit wordt aangeraden een bijpassende eenpolige kabel aan te schaffen bij uw dealer.

De iPod kan tevens worden aangesloten met behulp van de standaard iPod USB-kabel en een aparte 3,5 mm audiokabel. Wanneer gebruik wordt gemaakt van deze methode moet het volume van de iPod op maximum worden gezet en de equalizerinstellingen worden uitgeschakeld alvorens de aansluitingen te maken:

  • Sluit de hoofdtelefoonuitgang van de iPod aan op de AUX IN aansluiting.
  • Sluit de USB-kabel van de iPod aan op de USB-aansluiting van de auto.

EXTERN APPARAAT AANSLUITEN - AUTO'S MET BLUETOOTH

Bluetooth audio-apparaat aansluiten

LET OP

Pelgrim KK 7174 - LET OP - 1

Omdat er verschillende standaarden bestaan, kunnen fabrikanten een groot aantal profielen in hun Bluetooth apparaten implementeren. Hierdoor kan incompatibiliteit ontstaan tussen het Bluetooth apparaat en het systeem, wat in sommige gevallen de systeemfunctionaliteit kan beperken. Om dit te voorkomen moeten alleen aanbevolen apparaten worden gebruikt.

Bezoek de website

www.ford-mobile-connectivity.com

voor volledige gegevens.

Apparaat aansluiten op (voertuig)systeem

N.B.: Sommige audio- en navigatie-units beschikken over een afzonderlijk Bluetooth audio-menu. Dit menu kan worden gebruikt voor toegang tot de setup en de bediening.

Volg voor het aansluiten van het apparaat op het systeem dezelfde procedure als voor Bluetooth handsfree telefoons. Zie Setup Bluetooth (bladzijde 214).

Het apparaat bedienen

Selecteer Bluetooth audio als de actieve bron.

Toegang tot nummers kan worden verkregen door vooruit en achteruit te navigeren met behulp van de knoppen op het stuur of rechtstreeks via de knoppen van de audio-unit.

USB-APPARAAT GEBRUIKEN

Verschillende pictogrammen worden gebruikt voor het herkennen van verschillende audiobestanden, mappen enz.

Pelgrim KK 7174 - USB-APPARAAT GEBRUIKEN - 1

USB-apparaat is de actieve bron

Pelgrim KK 7174 - USB-APPARAAT GEBRUIKEN - 2

Map

Pelgrim KK 7174 - USB-APPARAAT GEBRUIKEN - 3

Afspeellijst

Pelgrim KK 7174 - USB-APPARAAT GEBRUIKEN - 4

Album

Pelgrim KK 7174 - USB-APPARAAT GEBRUIKEN - 5

Artiest

Pelgrim KK 7174 - USB-APPARAAT GEBRUIKEN - 6

Bestandsnaam

Pelgrim KK 7174 - USB-APPARAAT GEBRUIKEN - 7

Titel van nummer

Pelgrim KK 7174 - USB-APPARAAT GEBRUIKEN - 8

Informatie niet beschikbaar

Sony radio

Bediening

Selecteer het USB-apparaat als de audiobron door herhaaldelijk op de CD/AUX toets te drukken tot "USB" in de display verschijnt. Nadat het USB-apparaat is aangesloten, wordt het eerste nummer van de eerste map automatisch afgespeeld. Vervolgens wordt na het wijzigen van de audiobron de afspeelpositie op het USB-apparaat onthouden.

Druk eenmaal op de pijltjestoets omhoog/omlaag of de OK toets om door de inhoud van het apparaat te bladeren.

De display toont de nummerinformatie en de volgende andere belangrijke informatie:

  • Een verticale schuifbalk aan de rechterzijde van de display geeft de huidige positie van het mapoverzicht aan.
    -">" na een ingang geeft aan dat een niveau lager leesbaar is (bijvoorbeeld een map vernoemd naar een album met afzonderlijke albumnummers in de betreffende map).
  • "<" voor de lijst geeft aan dat een niveau hoger leesbaar is.
  • Pictogrammen aan de linkerzijde van de nummer-/maptekst geven het type bestand/map aan. Raadpleeg de lijst voor een uitleg van deze pictogrammen.

Gebruik voor het navigeren door de inhoud van het USB-apparaat de pijltjestoets omhoog/omlaag om door de lijsten te bladeren en de pijltjestoets links/rechts om binnen de mapstructuur omhoog of omlaag te bladeren. Druk op de OK toets om afspelen te selecteren nadat het gewenste nummer of de gewenste afspeellijst of map is gemarkeerd.

N.B.: Houd de pijltjestoets naar links ingedrukt als u naar het bovenste niveau van de inhoud van het USB-apparaat wilt navigeren.

Bediening van de audio-installatie

Druk op de pijltjestoets naar links en naar rechts om achteruit en vooruit door de nummers te gaan.

Houd de pijltjestoetsen naar links/rechts ingedrukt om snel achteruit/vooruit door een nummer te gaan.

Druk op de pijltjestoets omhoog/omlaag of de OK toets om door de inhoud van het apparaat te bladeren.

Druk op de MENU toets voor toegang tot het USB-menu. De functies willekeurig afspelen (shuffle) en herhaald afspelen (repeat) kunnen worden ingeschakeld voor wat betreft de mappen en afspeellijsten.

Druk op de SCAN toets om het gehele apparaat, de huidige map of een afspeellijst te scannen (indien actief).

Druk op de INFO toets om het volgende weer te geven:

  • bestandsnaam
    -titel
    ·artiest
    -album
  • nummer en speelduur.

Door herhaaldelijk op een toets te drukken, kan door deze displays worden genavigeerd.

CD-navigatie-units

Bediening

Selecteer het USB-apparaat als de audiobron door op de CD/AUX toets te drukken tot "DEVICES" in de display verschijnt. Selecteer DEVICES en selecteer vervolgens USB uit de beschikbare apparatenlijst. Nadat het USB-apparaat is aangesloten, wordt het eerste nummer van de eerste map automatisch afgespeeld. Vervolgens wordt na het wijzigen van de audiobron de afspeelpositie op het USB-apparaat onthouden.

Druk eenmaal op de SELECT toets om door de inhoud van het apparaat te bladeren.

De display toont de nummerinformatie en de volgende andere belangrijke informatie:

  • Een verticale schuifbalk aan de rechterzijde van de display geeft de huidige positie van het mapoverzicht aan.
    -">" na een ingang geeft aan dat een niveau lager leesbaar is (bijvoorbeeld een map vernoemd naar een album met afzonderlijke albumnummers in de betreffende map).
  • "<" links van de display geeft aan dat een niveau hoger leesbaar is.
  • Pictogrammen aan de linkerzijde van de nummer-/maptekst geven het type bestand/map aan. Raadpleeg de lijst voor een uitleg van deze pictogrammen.

Gebruik voor het navigeren door de inhoud van het USB-apparaat de draaiknop voor scrollen/selecteren om door lijsten te bladeren. Druk op de toets om de inhoud uit te breiden binnen de gemarkeerde afspeellijst of map of om afspelen van een bepaald nummer te starten. Druk op ESC om één niveau vooruit te gaan.

Bediening van de audio-installatie

Druk op de SEEK toets omhoog/omlaag om achteruit en vooruit door de nummers te gaan.

Houd de SEEK toetsen ingedrukt om snel achteruit/vooruit door een nummer te gaan.

Draai aan de SELECT toets of druk deze in om door de inhoud van het apparaat te bladeren.

Druk op de SHUFFLE of REPEAT toets om de functies willekeurig afspelen en herhaald afspelen in te schakelen voor wat betreft mappen en afspeellijsten. Er kunnen verschillende opties worden weergegeven, afhankelijk van het feit of een afspeellijst al dan niet actief is.

Druk op de SCAN toets om de huidige (actieve) afspeellijst of het gehele USB-apparaat of de map te scannen.

Druk op de INFO toets om het volgende weer te geven:

  • bestandsnaam
    -titel
    ·artiest
    -album
  • nummer en speelduur.

SD-navigatie-units

Bediening

Selecteer het USB-apparaat als de audiobron door op de CD/AUX toets te drukken tot de USB-toets aan de linkerzijde van de display verschijnt. Selecteer USB uit de beschikbare apparatenlijst.

N.B.: Sommige apparaten worden getoond, maar kunnen niet worden geselecteerd (afhankelijk van het feit of het apparaat al dan niet is aangesloten).

Nadat het USB-apparaat is aangesloten, wordt het eerste nummer van de eerste map automatisch afgespeeld. Vervolgens wordt na het wijzigen van de audiobron de afspeelpositie op het USB-apparaat onthouden.

Druk op de pijltjestoets omhoog/omlaag scrollen om door de inhoud van het apparaat te bladeren.

De display toont de nummerinformatie en de volgende andere belangrijke informatie:

- Een verticale schuifbalk aan de rechterzijde van de display geeft de huidige positie van het mapoverzicht aan.

-">" na een ingang geeft aan dat een niveau lager leesbaar is (bijvoorbeeld een map vernoemd naar een album met afzonderlijke albumnummers in de betreffende map).

  • "<" links van de display geeft aan dat een niveau hoger leesbaar is.
  • Pictogrammen aan de linkerzijde van de nummer-/maptekst geven het type bestand/map aan. Raadpleeg de lijst voor een uitleg van deze pictogrammen.

Gebruik voor het navigeren door de inhoud van het USB-apparaat de scroll-toetsen om door lijsten te bladeren. Druk op de toets om de inhoud uit te breiden binnen de gemarkeerde afspeellijst of map of om afspelen van een bepaald nummer te starten. Druk op de pijltjestoets naar links om één niveau vooruit te gaan.

Bediening van de audio-installatie

Druk op de SEEK toets omhoog/omlaag om achteruit en vooruit door de nummers te gaan.

Houd de SEEK toetsen ingedrukt om snel achteruit/vooruit door een nummer te gaan.

Druk op de pijltjestoetsen van de schuifbalk om door de inhoud van het apparaat te bladeren.

Druk op de SHUFFLE of REPEAT toets om de functies willekeurig afspelen en herhaald afspelen in te schakelen voor wat betreft mappen en afspeellijsten.

Druk op de SCAN toets om de huidige (actieve) afspeellijst of het gehele USB-apparaat of de map te scannen.

Druk op de INFO toets om het volgende weer te geven:

  • bestandsnaam
    -titel
    ·artiest
    -album
  • nummer en speelduur.

IPOD GEBRUIKEN

Verschillende pictogrammen worden gebruikt voor het herkennen van verschillende audiobestanden, mappen enz.

Pelgrim KK 7174 - IPOD GEBRUIKEN - 1

iPod is de actieve bron

Pelgrim KK 7174 - IPOD GEBRUIKEN - 2

Afspeellijst iPod

Pelgrim KK 7174 - IPOD GEBRUIKEN - 3

Artiest iPod

Pelgrim KK 7174 - IPOD GEBRUIKEN - 4

Album iPod

Pelgrim KK 7174 - IPOD GEBRUIKEN - 5

Genre iPod

Pelgrim KK 7174 - IPOD GEBRUIKEN - 6

Nummer iPod

Pelgrim KK 7174 - IPOD GEBRUIKEN - 7

Algemene categorie iPod

Pelgrim KK 7174 - IPOD GEBRUIKEN - 8

Algemeen mediabestand iPod

Sony radio

Bediening

Sluit de iPod aan. Zie Extern apparaat aansluiten (bladzijde 238).

Selecteer de iPod als de audiobron door herhaaldelijk op de CD/AUX toets te drukken tot "iPod" in de display verschijnt.

De iPod-menulijst voor het bladeren door de inhoud is beschikbaar via de radiodisplay. Bladeren door de inhoud is gebaseerd op hetzelfde principe als voor het gebruik van een stand-alone iPod (bijvoorbeeld zoeken op artiest, titel enz.). Druk eenmaal op de pijltjestoets omhoog/omlaag of de OK toets om door de inhoud van de iPod te bladeren.

De display toont de nummerinformatie en de volgende andere belangrijke informatie:

  • Een verticale schuifbalk aan de rechterzijde van de display geeft de huidige positie van het lijstoverzicht aan.
    -">" na een ingang geeft aan dat een niveau omlaag leesbaar is (bijvoorbeeld alle albums van een bepaalde artiest).
  • "<" voor de lijst geeft aan dat een niveau hoger leesbaar is.
  • Een pictogram aan de linkerzijde geeft het type van de op dit moment weergegeven lijst aan (bijvoorbeeld een albumlijst). Raadpleeg de lijst voor een uitleg van deze pictogrammen.

Gebruik voor het navigeren door de inhoud van de iPod de pijltjestoets omhoog/omlaag om door de lijsten te bladeren en de pijltjestoets links/rechts om binnen de structuur omhoog of omlaag te bladeren. Druk op de OK toets om afspelen te selecteren nadat het gewenste nummer, album, genre of de gewenste afspeellijst of artiest is gemarkeerd.

N.B.: Houd de pijltjestoets naar links ingedrukt als u naar het bovenste niveau van de inhoud van de iPod wilt navigeren.

Bediening van de audio-installatie

Druk op de pijltjestoets naar links en naar rechts om achteruit en vooruit door de nummers te gaan.

Houd de pijltjestoetsen naar links/rechts ingedrukt om snel achteruit/vooruit door een nummer te gaan.

Druk op de pijltjestoets omhoog/omlaag of de OK toets om door de inhoud van de iPod te bladeren.

Druk op de MENU toets voor toegang tot het iPod-menu. De functies voor willekeurig en herhaaldelijk afspelen kunnen worden ingeschakeld. De optie "Shuffle songs" van de iPod kan rechtstreeks vanuit het bovenste niveau worden ingeschakeld.

Druk op de SCAN toets om de op dit moment geselecteerde nummers te scannen.

Druk op de INFO toets om het volgende weer te geven:

-titel
·artiest
- nummer en speelduur.

Door herhaaldelijk op een toets te drukken, kan door deze displays worden genavigeerd.

CD-navigatie-units

Bediening

Sluit de iPod aan. Zie Extern apparaat aansluiten (bladzijde 238).

Selecteer de iPod als de audiobron door op de CD/AUX toets te drukken tot "DEVICES" in de display verschijnt. Selecteer DEVICES en selecteer vervolgens iPod uit de beschikbare apparatenlijst.

De iPod-menulijst voor het bladeren door de inhoud is beschikbaar via de display. Bladeren door de inhoud is gebaseerd op hetzelfde principe als voor het gebruik van een stand-alone iPod (bijvoorbeeld zoeken op artiest, titel enz.). Druk eenmaal op de SELECT toets om door de inhoud van de iPod te bladeren.

De display toont de nummerinformatie en de volgende andere belangrijke informatie:

  • Een verticale schuifbalk aan de rechterzijde van de display geeft de huidige positie van het lijstoverzicht aan.
    -">" na een ingang geeft aan dat een niveau omlaag leesbaar is (bijvoorbeeld alle albums van een bepaalde artiest).
  • "<" voor de lijst geeft aan dat een niveau hoger leesbaar is.
  • Een pictogram aan de linkerzijde geeft het type van de op dit moment weergegeven lijst aan (bijvoorbeeld een albumlijst). Raadpleeg de lijst voor een uitleg van deze pictogrammen.

Gebruik voor het navigeren door de inhoud van de iPod de draaiknop voor scrollen/selecteren om door lijsten te bladeren. Druk op de toets om de inhoud uit te breiden binnen de gemarkeerde afspeellijst of artiest, het gemarkeerde album of genre of om afspelen van een bepaald nummer te starten. Druk op ESC om één niveau vooruit te gaan.

Bediening van de audio-installatie

Druk op de SEEK toets omhoog/omlaag om achteruit en vooruit door de nummers te gaan.

Houd de SEEK toetsen ingedrukt om snel achteruit/vooruit door een nummer te gaan.

Draai aan de SELECT toets of druk deze in om door de inhoud van de iPod te bladeren.

Druk op de MENU toets voor toegang tot het iPod-menu. De functies voor willekeurig en herhaaldelijk afspelen kunnen worden ingeschakeld. De optie "Shuffle songs" van de iPod kan rechtstreeks vanuit het bovenste niveau worden ingeschakeld.

Druk op de SCAN toets om de op dit moment geselecteerde nummers te scannen.

Druk op de INFO toets om het volgende weer te geven:

-titel

·artiest

- nummer en speelduur.

SD-navigatie-units

Bediening

Sluit de iPod aan. Zie Extern apparaat aansluiten (bladzijde 238).

Selecteer de iPod als de audiobron door op de CD/AUX toets te drukken tot de iPod-toets aan de linkerzijde van de display verschijnt. Selecteer iPod uit de beschikbare apparatenlijst.

N.B.: Sommige apparaten worden getoond, maar kunnen niet worden geselecteerd (afhankelijk van het feit of het apparaat al dan niet is aangesloten).

De iPod-menulijst voor het bladeren door de inhoud is beschikbaar via de display. Bladeren door de inhoud is gebaseerd op hetzelfde principe als voor het gebruik van een stand-alone iPod (bijvoorbeeld zoeken op artiest, titel enz.). Druk op de pijltjestoets omhoog/omlaag scrollen om door de inhoud van de iPod te bladeren.

De display toont de nummerinformatie en de volgende andere belangrijke informatie:

- Een verticale schuifbalk aan de rechterzijde van de display geeft de huidige positie van het lijstoverzicht aan.

-">" na een ingang geeft aan dat een niveau omlaag leesbaar is (bijvoorbeeld alle albums van een bepaalde artiest).

  • "<" voor de lijst geeft aan dat een niveau hoger leesbaar is.
  • Een pictogram aan de linkerzijde geeft het type van de op dit moment weergegeven lijst aan (bijvoorbeeld een albumlijst). Raadpleeg de lijst voor een uitleg van deze pictogrammen.

Gebruik voor het navigeren door de inhoud van de iPod de scroll-toetsen om door lijsten te bladeren. Druk op de toets om de inhoud uit te breiden binnen de gemarkeerde afspeellijst of artiest, het gemarkeerde album of genre of om afspelen van een bepaald nummer te starten. Druk op de pijltjestoets naar links om één niveau vooruit te gaan.

Bediening van de audio-installatie

Druk op de SEEK toets omhoog/omlaag om achteruit en vooruit door de nummers te gaan.

Houd de SEEK toetsen ingedrukt om snel achteruit/vooruit door een nummer te gaan.

Druk op de pijltjestoetsen van de schuifbalk om door de inhoud van de iPod te bladeren.

Druk op de MENU toets voor toegang tot het iPod-menu. De functies voor willekeurig en herhaaldelijk afspelen kunnen worden ingeschakeld. De optie "Shuffle songs" van de iPod kan rechtstreeks vanuit het bovenste niveau worden ingeschakeld.

Druk op de SCAN toets om de op dit moment geselecteerde nummers te scannen.

Druk op de INFO toets om het volgende weer te geven:

-titel
·artiest
- nummer en speelduur.

TYPEGOEDKEURINGEN

FCC/INDUSTRYCANADANOTICE

Het apparaat voldoet aan Deel 15 van de FCC-regelgeving. Bediening is onderhevig aan de volgende twee voorwaarden: (1) dit apparaat mag geen schadelijke interferentie veroorzaken en (2) dit apparaat moet ontvangen interferentie accepteren (inclusief interferentie die kan leiden tot ongewenste bediening).

FCC ID: WJLRX-42

IC: 7847A-RX42

Het uitvoeren van wijzigingen of modificaties aan het apparaat zonder nadrukkelijke toestemming van de verantwoordelijke partij kan leiden tot vervallen van het recht op bediening van het apparaat.

RX-42 - Conformiteitsverklaring

Wij, de partij verantwoordelijk voor naleving, verklaren onder volledige verantwoordelijkheid dat het product Handset Integration RX-42 voldoet aan de vereisten van Council Directive 1999/5/EC. Een kopie van de Conformiteitsverklaring kunt u vinden op:

www.novero.com/declaration_of_conformity Het woord, het merk en de logo's Bluetooth zijn eigendom van Bluetooth SIG Inc. en de Ford Motor Company mag dergelijke merktekens onder licentie gebruiken. Namen van andere producten en bedrijven kunnen handelsmerken of handelsnamen van de respectieve eigenaren zijn.

Uw auto is getest en gecertificeerd volgens de wetgeving betreffende elektromagnetische comptabiliteit (72/245/EEC, UN ECE Regeling 10 of andere geldende lokale vereisten). U dient ervoor te zorgen dat apparatuur die u heeft gemonteerd voldoet aan de betreffende lokale wetgeving. Laat apparatuur door goed geschoolde monteurs monteren.

Radiofrequentie (RF) zenders (bijv. mobiele telefoons, amateur radiozenders, enz.) mogen alleen in uw auto worden gemonteerd, wanneer deze volledig voldoen aan de parameters die in de onderstaande tabel zijn weergegeven. Er zijn geen bijzondere voorzieningen of voorwaarden voor het monteren of gebruik.

Monteer geen zender/ontvangers, microfoons, luidsprekers en dergelijke in de ontvouwruimte van de airbags.

Bevestig geen antennekabels aan de originele bedrading, brandstofleidingen en remleidingen van de auto.

Houd antennekabels en stroomdraden minimaal 100 mm weg van elektronische modules en airbags.

N.B.: Breng alleen antennes op het dak aan op de aangegeven posities.

Bijlagen

Pelgrim KK 7174 - Bijlagen - 1

text_image 1 2 3

E100566

Frequentieband MHzwatt (piek RMS)AntenneplaatsenMaximum uitg
1. 2. 350 W1 – 30
1. 2. 350 W30 – 54
1. 2. 350 W68 – 87,5
1. 2. 350 W142 – 176
1. 2. 350 W380 – 512
1. 2. 310 W806 – 940
1. 2. 310 W1200 – 1400
1. 2. 310 W1710 – 1885
1. 2. 310 W1885 – 2025

N.B.: Controleer na het monteren van een RF zender of deze niet de overige elektrische uitrusting in de auto stoort, zowel in de standby- als in de zendmodus.

Controleer alle elektrische uitrusting:

·met het contact AAN

• bij draaiende motor

•tijdens een proefrit bij verschillende snelheden.

Controleer of de elektromagnetische velden die door de gemonteerde zender binnen het passagierscompartiment worden opgewekt niet de grenzen overschrijdt waaraan het menselijk lichaam mag worden blootgesteld.

A

A/C

Zie: Klimaatregeling....66

Aan/uit toets....193

Aandrijfregeling....99

Werking....99

Aandrijving op alle wielen....95

Automatische functie....95

Handmatige modus....95

Aanhangers trekken....114

Aansluiting Auxiliary ingang (AUX IN) 82

Aansluitpunten van de accu 147

Aansteker....79

ABS

Zie: Remmen....96

Accessoires

Zie: Onderdelen en accessoires....7

Accu van de auto....146

Accu vervangen....147

Achterbank....76

Complete rugleuning naar voren kantelen....76

Een rugleuningdeel naar voren kantelen....76

Zittingen van achterbanken verwijderen....77

Achterruitwissers en -sproeiers....32

Ruitensproeier, achter....33

Wissen met intervallen....32

Wissen tijdens achteruitrijden....32

Achterste zijruiten....50

Achteruitkijkcamera....104

Werking....104

Achteruitkijkcamera gebruiken......104

Achteruitkijkcamera activeren....105

Achteruitkijkcamera deactiveren......107

Achteruitkijkcamera in- en uitschakelen....107

Display gebruiken....105

Afspelen CD beëindigen....208

6000CD en 6006CDC....208

Sony CD....209

Afstandsbediening programmeren

Zie: Programmeren van de afstandsbediening....20

Airconditioning

Zie: Klimaatregeling....66

Akoestische waarschuwingssignalen en -indicaties....57

Informatiecentrum....57

Waarschuwing portier open....57

Alarm....27

Werking....27

Alarm inschakelen....28

Categorie 1 alarm....28

Perimeter alarminstallatie....28

Alarm uitschakelen....28

Categorie 1 alarm....28

Perimeter alarminstallatie....28

Algemene informatie over radiofrequencies....20

Alternatieve frequenties....201

6000CD en 6006CDC....201

Sony CD....201

Asbak....80

ASL

Zie: Automatische snelheidsbegrenzer (ASL)....110

Seek (zoekfunctie)....29

Volume....29

Audiodisplays met tijd- en datumaanduiding....191

Automatische snelheidsbegrenzer (ASL)....110

Werking....110

Automatische volumeregeling......200

6000CD en 6006CDC....200

Sony CD....200

Automatisch in- en uitschakelende ruitenwissers....31

Automatisch wissen....31

Automatisch in- en uitschakelende verlichting....36

Auto's met dagrijlicht....36

Auto's zonder dagrijlicht....36

Auto op vier wielen slepen....129

Alle uitvoeringen....129

Wagens met automatische transmissie....129

Auto op vier wielen slepen - AWD......130

Autostore toets....196

6000CD en 6006CDC....196

Sony CD....196

AWD

Zie: Aandrijving op alle wielen....95

B

Balance/fade (balans links/rechts, voor/achter) regeling....193

6000CD en 6006CDC....193

Sony CD....193

Bandenreparatieset....162

Algemene informatie....162

Bandenreparatieset gebruiken....163

Bandenspanning controlleren....165

Bediening van de audio-installatie......194

Sony CD met Bluetooth....195

Bekerhouders....80

Belangrijke audio-informatie......185

CD etiketten....185

Labels op het audiotoestel....185

Bergen van de auto....129

Bescherming van inzittenden....15

Werking....15

Beveiligingscode....190

Beveiligingscode invoeren....190

6000CD en 6006CDC....190

Sony CD....190

Beveiligingscode vergeten....190

Beveiliging van uw

audio-installatie....190

Bevestigingspunten voor lading......111

Extra steunen....113

Lading bevestigen....112

Bijlagen....246

Brandstof en tanken....88

Technische specificatie....90

Brandstofkwaliteit - Benzine......88

Brandstofkwaliteit - Diesel....88

Opslaan voor de lange termijn....88

Brandstofverbruik....90

Brandstofverbruik

Zie: Technische specificatie....90

Buitenspiegels....49

Handmatig inklapbare spiegels......49

C

CD's aanbrengen....204

6000CD....204

6006CDC....204

Sony CD....204

CD's uitwerpen....207

6000CD....207

6006CDC....207

Sony CD....207

CD afspelen....205

6000CD en 6006CDC....205

Sony CD....205

CD-nummers comprimeren....206

6000CD en 6006CDC....206

Sony CD....206

CD-nummers herhalen....207

6000CD....207

6006CDC....207

Sony CD....207

CD-nummers scannen....207

6000CD en 6006CDC....207

Sony CD....207

CD selecteren....205

6006CDC....205

CD-speler....204

Een telefoonboek aanleggen....234

Hoofdinstellingen....236

Telefoon....232

Telefoonfuncties....232

Contactslot....83

Contactslot

Zie: Contactslot....83

Controle koelvloeistofpeil

Zie: Motorkoelvloeistof controleren......137

Controle oliepeil

Zie: Motorolie controleren....137

Controle vloeistofpeil koppeling en

remsysteem....138

Cruise Control

Zie: Snelheidsregeling (Cruise Control).....108

D

Dagrijlicht....36

Dakrekken en bagagedragers....113

Imperiaal....113

Uitvoeringen met een nooduitgang......113

De juiste zitpositie innemen....74

De motorkap openen en sluiten......132

Motorkap openen....132

Motorkap sluiten....132

Dieselroetfilter......85

Regeneratie....85

Digitale signaalverwerking (DSP)......200

DSP-equalizer....200

DSP-instellingen wijzigen......200

DSP voor bezette zitplaatsen......200

DPF

Zie: Dieselroetfilter....85

DRL

Zie: Dagrijlicht....36

E

Een benzinemotor starten....83

Koude of warme motor....83

Stationair toerental na het starten....84

Verzopen motor....84

Een dieselmotor starten....84

Koude of warme motor....84

Een wiel vervangen....155

Boordkrik....156

Kriksteunpunten, achter....158

Reservewiel....155

Voorste kriksteunpunten....157

Wiel aanbrengen....161

Wiel opbergen....162

Wielslotmoeren....155

Wiel verwijderen....160

Een zekering vervangen....120

Eerstehulpset....116

Bus....116

Gesloten bestelwagen, Kombi, Chassis Cabine, uitvoering met open laadbak....116

Ruit van bestuurdersportier automatisch openen....49

Elektrische portiersloten

Zie: Vergrendelen en ontgrendelen......21

Elektrisch verstelbare buitenspiegels......49

Elektromagnetische compatibiliteit....246

Extern apparaat aansluiten - Auto's met Bluetooth....239

Bluetooth audio-apparaat aansluiten....239

Extern apparaat aansluiten ....238

Aansluiting....238

Extra verwarming....69

Algemene informatie....69

Werkingsprincipe....70

Extra voedingsaansluitingen 80

F

Flessenhouder....81

G

Gebruik maken van aandrijfregeling.....99

Gebruik maken van de parkeerhulp....102

Gebruik maken van de telefoon - Auto's met Navigatiesysteem ....218

Actieve telefoon afmelden....220

Bellen....218

Een inkomend gesprek ontvangen......219

Een tweede oproep ontvangen......219

Microfoon dempen....219

Van actieve telefoon veranderen......219

Gebruik maken van de telefoon - Auto's zonder Navigatiesysteem ....215

Actieve telefoon afmelden....218

Bellen....215

Een gekoppelde telefoon ontkoppelen - Sony radio....218

Een inkomend gesprek ontvangen......217

Een tweede oproep ontvangen......217

Microfoon dempen....217

Van actieve telefoon veranderen......217

Gebruik maken van snelheidsregeling....108

Cruise control inschakelen....108

Cruise control uitschakelen....109

Ingestelde snelheid opnieuw inschakelen....109

Ingestelde snelheid uitschakelen......109

Ingestelde snelheid veranderen....108

Snelheid instellen....108

Gebruik maken van stabiliteitsregeling....97

Gebruik van sneeuwkettingen......166

Alle uitvoeringen....166

Auto's met achterwielaandrijving......167

Auto's met vierwielaandrijving (AWD)....167

Uitvoeringen met stabiliteitsregeling (ESP)....167

Uitvoeringen met voorwielaandrijving......167

Gebruik van veiligheidsgordels tijdens zwangerschap....18

Gebruik van winterbanden....166

Gecodeerde sleutels....26

Gemaksfuncties....79

Gereduceerd motorvermogen......115

Gevarendriehoek....116

Gloeilampentabel....48

Gloeilampen vervangen....39

Achterlichten....45

Achterlichtunits....43

Binnenverlichting achterin....47

Binnenverlichting voorin....46

Een koplamp verwijderen....40

Kentekenplaatverlichting....45

Leeslampen, voor......47

Markeringslichten op het dak....45

Richtingaanwijzers voor......41

Stadslichten....41

Tredeverlichting....47

Voormistlichten....41

Zijknipperlichten....42

Zijmarkeringslampen....42

Gloeilampen vervangen

Zie: Gloeilampen vervangen....39

Golfband toets....196

6000CD en 6006CDC....196

Sony CD....196

H

Handgeschakelde versnellingsbak......95

Handmatige klimaatregeling......67

Aanjager....67

Gerecirculeerde lucht....67

Interieur snel verwarmen....67

Luchtverdeelknop....67

Temperatuurregelknop....67

Ventilatie....68

Voorruit snel ontdooien en ontwasemen....67

Handrem

Zie: Parkeerrem....96

Zie: Regeling voor bergop rijden gebruiken....100

HLA

Zie: Regeling voor bergop rijden....100

HLA

Zie: Regeling voor bergop rijden gebruiken....100

Hoofdsteunen....77

Hoofdsteun instellen....77

Hoofdsteun verwijderen....78

Hoogte van veiligheidsgordels afstellen....17

Veiligheidsgordel, achter....17

Veiligheidsgordel, voor......17

Hulpstartkabels Zie: Starten met hulpstartkabels .....146

|

Immobilisatiesysteem inschakelen......26

Immobilisatiesysteem Zie: Motorstartblokkering....26

Immobilisatiesysteem üitschakelen.....26

In één oogopslag ....8 ....13

Extra voedingsaansluitingen....13

Handgeschakelde versnellingsbak....13

Informatiedisplays....11

Overzicht instrumentepaneel - wagens met links stuur....8

Overzicht instrumentepaneel - wagens met rechts stuur....9

Roetfilter (DPF) dieselmotor....14

Stationair toerental na het starten....13

Vergrendelen en ontgrendelen....12

Waarschuwings- en controlelampen......11

Infoberichten....60

Waarschuwingsberichten....60

Infodisplays....58

Algemene informatie....58

Informatiecentrum Zie: Infodisplays....58

Ingangsaansluiting (AUX IN)......210

Inhouden en specificaties ....177 Technische specificatie....177

Inleiding audio-installatie....185

Inleiding....7

Inrijden....115

Banden....115

Motor....115

Remmen en koppeling....115

Instrumentenpaneel....51

Interieurverlichting....38

Leeslampen....39

Leeslampen - uitvoeringen met interieursensoren....39

Leeslampen - uitvoeringen zonder interieursensoren....38

Uitvoeringen met dubbele vergrendeling....38

iPod-aansluiting Zie: Extern apparaat aansluiten ....238

Zie: Extern apparaat aansluiten - Auto's met Bluetooth....239

iPod gebruiken 242

CD-navigatie-units....243

SD-navigatie-units....244

Sony radio....242

iPod Zie: iPod gebruiken ....242

ISOFIX verankeringspunten....153

Een kinderzitje met een veiligheidsgordel aan de bovenzijde bevestigen....153

K

Kaartjeshouders....79

Katalysator....89

Rijden met een auto met katalysator......89

Kindersloten....153

Linkerzijde....154

Rechterzijde....154

Kinderzitjes....149

Kinderzitjes voor verschillende gewichtsgroepen....149

Kleine lakschade repareren....145

Klimaatregeling......66

Werking....66

Klok....79

Auto's met klok in de audio- of navigatie-unit....79

Uitvoeringen met een instrumentengroep van het hoge uitrustingsniveau....79

Uitvoeringen met een instrumentengroep van het lage uitrustingsniveau....79

Koplamphoogte afstellen....37

L

Ladingsteunen

Zie: Dakrekken en bagagedragers......113

Luchtroosters

Zie: Ventilatieroosters....66

M

Meerdere CD's uitwerpen....209

6006CD....209

Menu's audio-installatie....200

Meters....51

Brandstofmeter....53

Instrumentengroep - hoog uitrustingsniveau....52

Instrumentengroep - laag uitrustingsniveau....51

Kilometerteller, dagteller en klok....53

Koelvloeistoftemperatuurmeter....53

Mistachterlichten....37

Mistlampen - Achter Zie: Mistachterlichten....37

Mistlampen - Voor Zie: Voorste mistlampen....36

Motorkapslot Zie: De motorkap openen en sluiten......132

Motorkoelvloeistof controleren......137

Bijvullen....138

Koelvloeistofpeil controleren....137

Motorolie controleren....137

Bijvullen....137

Het oliepeil controleren....137

Motorstartblokkering......26

Werking....26

Motor starten en stoppen 83

Algemene informatie....83

Motor uitschakelen....85

Auto's met turbocompressor....85

MP3-aansluiting Zie: Extern apparaat aansluiten ....238

Zie: Extern apparaat aansluiten - Auto's met Bluetooth....239

MP3-bestand afspelen....208

Een multi session CD afspelen....208

MP3 weergave-opties....208

Opties weergave CD tekst......208

N

Nieuwsberichten....202

6000CD en 6006CDC....202

Sony CD....202

Nooduitgang....116

Onderbrekingsschakelaar brandstoftoevoer....117

Schakelaar terugstellen....117

Toegang tot de schakelaar....117

Onderdelen en accessoires....7

Onderhoud....131

Algemene informatie....131

Technische specificatie....140

Onderhoud van de accu....147

Onjuiste beveiligingscode....190

Opbergruimtes....81

Opbergruimte boven de voorruit....81

Opbergvak op dashboard....81

Over deze handleiding 7

Overzicht audio-installatie....186

Overzicht motorruimte - 2,2 l Duratorq-TDCi (Puma) diesel /2,4 l Duratorq-TDCi (Puma) diesel /3.2 l Duratorq-TDCi (Puma) diesel......135

Overzicht motorruimte - 2,2 l Duratorq-TDCi (Puma) diesel .....134

Overzicht motorruimte - 2,3 l Duratec-HE (MI4)....133

Overzicht van symbolen....7

Symbolen in dit instructieboekje......7

Symbolen op uw auto....7

P

Parkeerhulp 102

Werking....102

Parkeerrem....96

Passagiersairbag uitschakelen....18

Airbag aan passagierszijde inschakelen....19

Airbag aan passagierszijde uitschakelen....18

Persoonlijke instellingen....63

Eenheden....64

Gongsignalen bij berichten....64

Menu Persoonlijke instellingen....63

Menu Persoonlijke instellingen – Exit......65

Overzicht van de schermen van het hoofdmenu....63

Taal instellen....63

Tijd instellen....63

Weergave klok....64

Wekker instellen....64

Plaatsen zekeringenhouders......118

Aansluitkast aan passagierszijde......119

Aansluitkast in motorcompartiment......119

Standaard relaiskast....118

Voorschakel-zekeringkast......118

Plaatsing van kinderzitjes....150

Programmeren van de afstandsbediening....20

R

Reductie geluidsvervorming

(CLIP)....200

6000CD en 6006CDC....200

Sony CD....201

Regeling functie

verkeersinformatie....196

Instellen van het voorgeprogrammeerde volume....197

Lokale of algemene verkeersinformatie....197

Verkeersberichten beëindigen....197

Verkeersberichten inschakelen....196

Volume van de verkeersberichten......197

[Non-Text]

[Non-Text]

[Non-Text]

[Non-Text]

[Non-Text]

[Non-Text]

[Non-Text]

[Non-Text]

[Non-Text]

Regeling voor bergop rijden

gebruiken....100

Het systeem activeren....100

Het systeem deactiveren....101

Het systeem uitschakelen....101

Regeling voor bergop rijden......100

Werking....100

Regionale modus (REG)......202

6000CD en 6006CDC....202

Sony CD....202

Reinigen van binnenzijde auto....145

Achterruiten....145

Instrumentenpaneelschermen, LCD-schermen, radioschermen......145

Veiligheidsgordels....145

Reinigen van buitenzijde auto....144

Achterruit reinigen....144

Chromen onderdelen reinigen....144

Koplampen reinigen....144

Onderhoud van de lak....144

Remmen....96

Werking....96

Richtingaanwijzers....37

Ruiten en spiegels....49

Ruitensproeiers

Zie: Ruitenwissers en ruitensproeiers......31

Ruitensproeiervloeistof controleren....140

Ruitenwisserbladen controleren....33

Ruitenwisserbladen vervangen....33

Ruitenwissers en ruitensproeiers......31

S

Schuifruiten....50

Setup Bluetooth....214

Eisen voor een Bluetooth verbinding......214

Telefoons bedienen....214

Setup telefoon....213

Een andere Bluetooth telefoon aanmelden....214

Telefoonboek......213

Telefoonboekcategorieën......213

Van een telefoon een actieve telefoon maken....214

[Non-Text]

[Non-Text]

[Non-Text]

[Non-Text]

[Non-Text]

[Non-Text]

Sleutels en afstandsbediening....20

Sloten....21

Sneeuwkettingen

Zie: Gebruik van sneeuwkettingen......166

Snelheidsregeling (Cruise Control)

Zie: Gebruik maken van snelheidsregeling....108

Snelheidsregeling (Cruise Control)......108

Werking....108

Speciale notificaties 7

Specificatie-overzicht zekeringen......120

Aansluitkast aan passagierszijde......127

Aansluitkast in motorcompartiment......121

Extra zekeringen....128

Standaard relaiskast....124

Voorschakel-zekeringkast......120

Spiegels

Zie: Ruiten en spiegels....49

Zie: Verwarmde ruiten en spiegels......69

Spraakgestuurd regelsysteem

gebruiken....221

Spraaklabel....222

Werking van het systeem....221

Spraaksturing....30

Werking....221

Staat na een aanrijding....117

Stabiliteitsregeling....97

Werking....97

Standverwarming

Zie: Extra verwarming....69

Start/stop knop gebruiken......86

Het systeem in- en uitschakelen....87

Motor afzetten....87

Motor starten....87

Start/stop knop....86

Werking....86

Starten met hulpstartkabels

Zie: Starten met hulpstartkabels .....146

Starten met hulpstartkabels ......146

Hulpstartkabels aansluiten....146

Motor starten....146

Station afstemtoetsen....198

DAB-service linking....198

Handmatig afstemmen....198

Scanfunctie....198

Zoeken....198

Stoelen....74

Stoelverhogers ....152

Kinderzitje (Groep 2)....152

Zitverhoger (Groep 3)....152

Storingen verhelpen audio-installatie....211

Stuurbekrachtigingsvloeistof

controleren....139

Bijvullen....139

Stuurwiel....29

T

Tanken....90

Tankklep....89

Technische specificaties Zie: Inhouden en specificaties ....177

Telefoon

Zie: Gebruik maken van de telefoon - Auto's met Navigatiesysteem ....218

Zie: Gebruik maken van de telefoon - Auto's zonder Navigatiesysteem ....215

Telefoon....213

Algemene informatie....213

Tijd en datum van de audio-installatie instellen....191

6000CD en 6006CDC....191

Sony CD....191

Tips voor het rijden met ABS

Zie: Tips voor rijden met ABS 96

Tips voor het rijden....115

Tips voor rijden met ABS 96

Transport....111

Algemene informatie....111

Tredeverlichting....39

Trekken van een aanhanger....114

Typegoedkeuringen....246

FCC/INDUSTRY CANADA NOTICE......246

RX-42 - Conformiteitsverklaring......246

U

USB-apparaat gebruiken ....239

CD-navigatie-units....240

SD-navigatie-units....241

Sony radio....239

USB-poort....82

USB

Zie: USB-apparaat gebruiken ....239

V

Veiligheidsgordels vastmaken....16

Veiligheidsgordels

Zie: Veiligheidsgordels vastmaken......16

Veiligheidsmaatregelen....88

Veiligheidsuitrusting voor kinderen.....149

Velgen en banden....155

Algemene informatie....155

Technische specificatie....167

Ventilatie

Zie: Klimaatregeling....66

Ventilatieroosters....66

Verbinding......237

Algemene informatie......237

Vergrendelen en ontgrendelen....21

Automatisch opnieuw vergrendelen......24

Automatisch vergrendelen....23

Dubbele vergrendeling....21

Een fase ontgrendeling....24

Portieren met de afstandsbediening vergrendelen en ontgrendelen....22

Portieren met de hendels vergrendelen en ontgrendelen....22

Portieren met de sleutel vergrendelen en ontgrendelen....21

Programmeerbaar ontgrendelingssysteem......25

Slagvergrendeling....23

Twee fasen ontgrendeling....24

Zone opnieuw vergrendelen....24

Verlichtingsbediening....35

Dagrijlichten....35

Standen van de lichtschakelaar....35

Verlichting....35

Versneld vooruit/achteruit......205

6000CD en 6006CDC....205

Sony CD....206

Versnellingsbak/transmissie....95

Versnellingsbak

Zie: Versnellingsbak/transmissie....95

Verwarmde ruiten en spiegels......69

Verwarmbare buitenspiegels....69

Verwarmbare ruiten....69

Verwarmde stoelen....78

Verwarming

Zie: Klimaatregeling....66

Verzorging van banden....166

Verzorging van de auto....144

VIN

Zie: Voertuigidentificatienummer....176

Vloermatten....82

Voertuigidentificatienummer....176

Voertuigidentificatieplaatje......176

Voertuigidentificatie....176

Voorkeuzetoetsen....195

Voorruitsproeiers....32

Voorruitwissers....31

Wissen met intervallen....31

Voorste mistlampen....36

Voorstoelen....74

Armsteun instellen....75

Hellingshoek van de rugleuning verstellen....75

Hellingshoek van de zitting verstellen......75

Lendensteun afstellen....75

Stoel draaien....76

Stoelen naar voren en achteren schuiven....74

Voorzorgsmaatregelen voor koude weersomstandigheden......115

W

Waarschuwings- en

indicatielampen....53

Berichtenindicator....56

Controlelamp ABS....54

Controlelamp airbag....54

Controlelamp automatische snelheidsregeling....55

Controlelampen motor....55

Controlelamp onderhoudsbeurt......57

Controlelamp portier niet goed gesloten....55

Controlelamp remblokslijtage....54

Controlelamp schakeling....57

Controlelamp stabiliteitsregeling (ESP) en tractieregeling....57

Controlelamp voorgloeien....56

Instrumentengroep, hoog uitrustingsniveau....54

Instrumentengroep, laag uitrustingsniveau....53

Lamp remsysteem....54

Richtingaanwijzer....55

Start/stop-indicatielamp....57

Waarschuwingsknipperlichten....37

Wagen wassen

Zie: Reinigen van buitenzijde auto......144

Wassen

Zie: Reinigen van buitenzijde auto....144

Uitvoeringen met een dieselmotor......139

Wat te doen bij pech ....116

Werking van de audio-installatie......193

Winterbanden

Zie: Gebruik van winterbanden....166

Z

Zekeringen....118

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Pelgrim

Model : KK 7174

Categorie : Koelkast