WFGA801619VMQ - Wasmachine HISENSE - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis WFGA801619VMQ HISENSE in PDF-formaat.
| Producttype | Vrijstaande wasmachine |
| Capaciteit | 8 kg |
| Energieklasse | A+++ |
| Geluidsniveau wassen | 56 dB |
| Geluidsniveau centrifugeren | 76 dB |
| Maximale centrifugesnelheid | 1200 tpm |
| Afmetingen (HxBxD) | 85 x 60 x 55 cm |
| Gewicht | 65 kg |
| Voedingsspanning | 220-240 V / 50 Hz |
| Waterverbruik per cyclus | 50 L |
| Programma's | Katoen, Synthetisch, Fijne was, Wol, Handwas, Eco 40-60, Snel 15', Trommelreiniging |
| Extra functies | Startuitstel, Kinderslot, Time Manager, Extra spoelen, Anti-kreuk |
| Trommelinhoud | 55 L |
| Deurmontage | Links, omkeerbaar |
| Zeepbakje | 3 vakken (hoofdwas, voorwas, wasverzachter) |
| Display | LED-display met programmastatus |
| Garantie | 2 jaar |
| Energieverbruik per 100 cycli | 55 kWh |
| Waterverbruik per jaar | 9900 L |
| Geluidsvermogen centrifugeren | 76 dB(A) |
| Inhoud trommel | 55 L |
Veelgestelde vragen - WFGA801619VMQ HISENSE
Gebruikersvragen over WFGA801619VMQ HISENSE
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Wasmachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding WFGA801619VMQ - HISENSE en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. WFGA801619VMQ van het merk HISENSE.
GEBRUIKSAANWIJZING WFGA801619VMQ HISENSE
Lees de gebruiksaanwijzing voordat u het apparaat gaat gebruiken en bewaar deze op een veilige, toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.
In de gebruiksaanwijzing komt u symbolen tegen die het volgende betekenen:

Informatie, advies, tip of aanbeveling

Waarschuwing voor gevaar

Waarschuwing voor gevaar van elektrische schok

Waarschuwing voor gevaar van heet oppervlak

Waarschuwing voor brandgevaar

Het is belangrijk de gebruiksaanwijzing zorgvuldig te lezen.
| 4 WAARSCHUWINGEN VOOR DE VEILIGHEID | INLEIDING |
| 12 BESCHRIJVING VAN DE WASMACHINE | |
| 13 Technische gegevens | |
| 14 Bedieningseenheid | |
| 16 PLAATSING EN AANSLUITING | VOORBEREIDING |
| 16 Verwijdering van de transportbeveiliging | VAN |
| 17 Verplaatsing en opnieuw vervoeren | WASMACHINE |
| 18 Keuze van de ruimte | VOOR EERSTE |
| 18 Instelling van de pootjes van de wasmachine | GEBRUIK |
| 19 Plaatsing van de wasmachine | |
| 21 Aansluiting op de watertoevoer | |
| 23 Aqua - stop | |
| 23 Volledige aqua - stop | |
| 24 Plaatsing van de afvoerslang | |
| 26 Aansluiting op het elektriciteitsnet | |
| 27 VOOR HET EERSTE GEBRUIK | |
| 28 WASSEN IN STAPPEN (1 - 7) | WASSEN IN |
| 28 Stap 1: Neem de labels op de kleding in acht | STAPPEN |
| 29 Stap 2: Voorbereiding van het wasgoed | |
| 32 Stap 3: Keuze van het wasprogramma | |
| 36 Stap 4: Keuze instelling | |
| 42 Stap 5: Extra functies selecteren | |
| 46 Stap 6: Het wasprogramma starten | |
| 47 Stap 7: Verandering van het wasprogramma en eigen (fysieke) onderbreking | |
| 48 Stap 8: Einde van het wasprogramma | |
| 49 ONDERBREKEN EN AANPASSEN VAN HET PROGRAMMA | |
| 53 ONDERHOUD & SCHOONMAAK | REINIGING EN |
| 53 De doseerbak schoonmaken | ONDERHOUD |
| 54 De watertoevoerslang, de behuizing van de wasmiddeldispenser en het rubber van de pakking reinigen | VAN DE |
| 55 Het pompfilter reinigen | WASMACHINE |
| 56 De buitenkant van de wasmachine schoonmaken | |
| 57 PROBLEMEN OPLOSSEN | PROBLEEM |
| 57 Wat te doen ...? | OPLOSSING |
| 58 Probleemoplossing tabel | |
| 62 Onderhoud | |
| 63 AANBEVELINGEN VOOR WASSEN EN ECONOMISCH GEBRUIK UW | OVERIGE |
| 67 Tips voor het verwijderen van vlekken | |
| 69 APPARAAT AFVOEREN | |
| 70 PROGRAMMADUUR EN CENTRIFUGESNELHEID-TABEL |
WAARSCHUWINGEN VOOR DE VEILIGHEID

Lees voor het eerste gebruik van de wasmachine de gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
Gebruik de wasmachine niet, als u voor het gebruik niet eerst de gebruiksaanwijzing heeft gelezen.
De gebruiksaanwijzing van de wasmachine is aangepast aan verschillende types/modellen van wasmachines, daarom kan het gebeuren dat instellingen worden beschreven die uw machine niet bezit.
Niet naleven van de gebruiksaanwijzing of verkeerd gebruik van de wasmachine kan leiden tot beschadiging van het wasgoed, de wasmachine of de gebruiker. Bewaar de gebruiksaanwijzing in de buurt van de wasmachine.
Instructies voor gebruik zijn verkrijgbaar via de klantenservicecentra van Hisense.
De wasmachine is uitsluitend bestemd voor huishoudelijk gebruik. In het geval van gebruik van de wasmachine voor beroeps- of commerciële doeleinden, dus voor doeleinden die buiten het raamwerk vallen van normaal huishoudelijk gebruik, of als de wasmachine wordt gebruikt door een niet-consument is de garantietermijn gelijk aan de kortste, door de wet voorgeschreven garantietermijn.
Volg de gebruiksaanwijzing voor de juiste plaatsing van de Hisense wasmachine en aansluiting op het water- en elektriciteitsnet (zie het hoofdstuk »PLAATSING EN AANSLUITING«).
Het aansluiten op de waterleiding en op het elektriciteitsnet moet door een deskundig vakman worden uitgevoerd.
Onderhoud en reparaties in verband de veiligheid en prestatie van de machine moeten worden uitgevoerd door erkende deskundigen.
Om gevaar te voorkomen, mag een beschadigd netsnoer alleen vervangen worden door de fabrikant, een servicemonteur of een geautoriseerd persoon.
Wacht voor het aansluiten van de wasmachine op het electriciteitsnet tenminste 2 uur om de machine op kamertemperatuur te laten komen.
Gebruik in geval van een defect alleen reservedelen van gemachtigde fabrikanten.
In geval van verkeerde aansluiting, gebruik of onderhoud en reparatie door ongemachtigden, komen de kosten op rekening van de gebruiker zelf en vallen niet onder de garantie.
De wasmachine mag niet worden aangesloten op het lichtnet met behulp van een verlengsnoer.
De wasmachine mag niet worden aangesloten op het lichtnet via een externe schakelaar, zoals een tijdklok of op een lichtnet dat door de stroomleverancier periodiek wordt in- en uitgeschakeld.
Sluit de wasmachine niet aan op een stopcontact, bestemd voor een scheerapparaat of een haardroger.
Plaats de wasmachine niet in een ruimte, waar de temperatuur onder de 5°C kan dalen, aangezien bepaalde onderdelen van de wasmachine door bevriezing kunnen beschadigen.
Plaats de machine in horizontale stand en op een harde, stabiele (betonnen) ondergrond.
In het geval dat de wasmachine op een stabiele verhoging wordt geplaatst, moet de wasmachine beveiligd worden tegen kantelen.
Voor het eerste gebruik van de wasmachine moet de transportbeveiliging in de machine worden verwijderd, anders kunnen aan de geblokkeerde wasmachine ernstige beschadigingen optreden. (zie het hoofdstuk »PLAATSING EN AANSLUITING/Verwijdering van de transportbeveiliging«). Garantie in het geval van genoemde beschadigingen vervalt!
Bij aansluiting van de wasmachine op de waterleiding moeten verplicht de bijgeleverde slang en pakking worden gebruikt. De druk van de waterleiding moet 0,05 - 0,8 Mpa (0,5 - 8 bar) bedragen.
Voor aansluiting van de wasmachine op de waterleiding moet de nieuwe waterslang worden gebruikt; oude waterslangen mogen niet meer worden gebruikt.
De waterafvoerslang moet aangesloten worden op de afvoer. Het uiteinde van de afvoerslang mag niet reiken tot in het afvoerwater.
Druk de deur voor iedere wasbeurt in zijn slot totdat deze vastklikt. Tijdens de werking van het wasprogramma mag de deur niet worden geopend.
Wij raden aan om voor de eerste wasbeurt mogelijke onzuiverheden uit de trommel van de wasmachine te verwijderen door het gebruik van het programma programma Katoen 90°C (zie PROGRAMMA TABEL).
Draai na het wassen de waterkraan dicht en trek de stekker uit het stopcontact.
Reinig het pompfilter wanneer het 📐 op het display verschijnt.
Gebruik de wasmachine alleen voor het wassen van wasgoed, zoals beschreven in de gebruiksaanwijzing. De machine is niet bedoeld voor chemisch reinigen.
Gebruik alleen wasmiddelen voor de machinewas en wasverzorging. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade of verkleuring van pakkingen en plastic onderdelen als gevolg van onjuist gebruik van bleek- of kleurstoffen.
Gebruik bij verwijdering van kalkaanslag middelen met een aanvullende bescherming tegen roest. Neem de aanwijzingen van de fabrikant in acht! Sluit het ontkalkingsproces af met meervoudig spoelen of met het Trommelreiniging (Zelfreinigend programma) om alle resten van zuur (bijv. azijn, enz.) te verwijderen.
Gebruik geen wasmiddelen die oplosmiddelen bevatten, aangezien dit kan leiden tot het vrijkomen van giftige gassen, schade aan de wasmachine en brand- en explosiegevaar.
Tijdens het wasprogramma vormen zich geen zilverionen.
De wasmachine is niet bestemd voor gebruikers (ook kinderen) die lichamelijk en geestelijk beperkt zijn en ervaring en kennis missen. Deze personen moeten worden geïinstrueerd over het gebruik van de wasmachine door een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid.
De garantie dekt geen verbruiksartikelen, kleine kleurafwijkingen, meer geluid als gevolg van de leeftijd van het apparaat en die de functionaliteit van het apparaat niet aantasten, en esthetische defecten aan componenten die de functionaliteit en veiligheid van het apparaat niet aantasten.
KINDERBEVEILIGING
Overtuig uzelf, voordat u de deur van de wasmachine sluit en het wasprogramma start, ervan dat er zich in de trommel niets anders bevindt dan het wasgoed (een kind kan bijvoorbeeld in de trommel zijn gekropen en van binnenuit de deur hebben dichtgedaan).
Houd het wasmiddel en wasverzachter buiten bereik van kinderen.
Schakel de Kinderbeveiliging in. Zie het hoofdstuk »KEUZE INSTELLINGEN/Kinderveiligheid«.
Laat geen kinderen jonger dan drie jaar in de buurt van het apparaat komen, tenzij ze onder voortdurend toezicht staan.
De wasmachine is vervaardigd overeenkomstig de voorgeschreven veiligheidsstandaarden.
Deze wasmachine mag worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door personen met verminderde fysieke, zintuiglijke of mentale vermogens of gebrek aan ervaring en kennis, mits ze onder passend toezicht staan tijdens het gebruik van de wasmachine, als ze zijn voorzien relevante instructies met betrekking tot veilig gebruik van de wasmachine, en of ze de gevaren van oneigenlijk gebruik begrijpen. Zorg ervoor dat kinderen niet met de wasmachine spelen. Kinderen mogen de wasmachine niet reinigen of onderhoudstaken uitvoeren aan het apparaat zonder adequaat toezicht.
GEVAAR VAN EEN HEET OPPERVLAK
Bij hoge temperaturen kan het glas van de deur opwarmen. Zorg ervoor dat u zich niet brandt. Laat kinderen niet in de buurt van het glas van de deur spelen.
BEVEILIGING TEGEN TE HOOG WATERNIVEAU (BIJ EEN AANGESLOTEN WASMACHINE) ⚠️
Als het waterpeil in het toestel boven het normale niveau komt, wordt de overwaterstandbeveiliging geactiveerd. Het sluit de watertoevoer af en begint het water weg te pompen. Het programma wordt onderbroken en meldt de fout (zie PROBLEEMOPLOSSING TABEL).
VERPLAATSING EN OPNIEUW OP TRANSPORT
In het geval, dat u de wasmachine opnieuw moet verplaatsen of vervoeren moet u de trommel van de machine opnieuw blokkeren met tenminste een van de blokkeerstaven (zie hoofdstuk »PLAATSING EN AANSLUITING/Verplaatsing en opnieuw op transport«). Koppel de wasmachine los van het elektriciteitsnet voordat u de blokkeerstangen plaatst!
BESCHRIJVING VAN DE WASMACHINE
VOORKANT
1 Bedieningseenheid
2 Toets start/pauze
3 Programmakeuzeknop
4 Aan/uit/reset toets
5 Doseerbak
6 Deur
7 Typeplaatje
8 Pompfilter

ACHTERKANT
1 Slang watertoevoer
2 Aansluitkabel
3 Afvoerslang
4 Instelbare pootjes

TECHNISCHE GEGEVENS
(AFHANKELIJK VAN HET MODEL)
Het typeplaatje met de basisgegevens over de wasmachine bevindt zich aan de voorwand van de deuropening van de wasmachine (zie hoofdstuk »BESCHRIJVING WASMACHINE«).
| Maximale vulling Zie typeplaatje | |||
| Breedte 600 mm 600 mm 600 mm 600 mm | |||
| Hoogte 850 mm 850 mm 850 mm 850 mm | |||
| Diepte wasmachine (a) 430 mm 465 mm 545 mm 610 mm | |||
| Diepte bij gesloten deur 462 mm 495 mm 577 mm 640 mm | |||
| Diepte bij geopende deur (b) 947 mm 980 mm 1062 mm 1125 mm | |||
| Gewicht wasmachine X kg (afhankelijk van model) | |||
| Nominale spanning Zie typeplaatje | |||
| Aansluitvermogen Zie typeplaatje | |||
| Aansluiting Zie typeplaatje | |||
| Waterdruk Zie typeplaatje | |||
| Stroom Zie typeplaatje | |||
| Frequentie | Zie typeplaatje | ||
Typeplaatje
Hisense
TYPE: PS15/XXXXX MODEL: XXXXXX.X
Art.No.: XXXXXX Ser.No.: XXXXXXXX IPX4
220-240 V \~ XX Hz ☐ XX A Pmax.: XXXX W
XXXX W Ⓢ XXXX/min X kg 0,05-0,8 MPa

MADE IN SLOVENIA
BEDIENINGSEENHEID

1 TOETS AAN/UIT/RESET Gebruik deze knop om de wasmachine aan en uit te zetten en om het wasprogramma te resetten.
De toets licht op als de wasmachine is ingeschakeld.
2 KNOP VOOR PROGRAMMA KEUZE
2a Licht naast het geselecteerde wasprogramma is verlicht.
3 TOETS START/PAUZE Voor de start en tijdelijke onderbreking van het programma.
Bij het opstarten of tijdens pauze knippert de achtergrondverlichting van de knop; wanneer het programma is gestart en bezig is, brandt het continu.

4 WASMODUS
5 DOSE ASSIST Informatie over de aanbevolen hoeveelheid poeder en vloeibaar wasmiddel, volgens de geselecteerde instellingen en de hoeveelheid wasgoed in de trommel.
6 GREEN BAR Informatie over water- en stroomverbruik, volgens de geselecteerde wasinstellingen.
7 VOORWAS
8 Oplichten van symbool REINIGING POMPFILTER
9 TEMP. (WASTEMPERATUUR) Opties voor temperatuurinstellingen
10 CENTRIFUGE (TOERENTAL CENTRIFUGE — CENTRIFUGEREN /POMPEN /POMP STOP)
Mogelijkheid van instelling van toeren bij centrifugeren
11 UITGESTELDE START (START VERTRAGING) Optie om een startvertraging in te stellen
12 Oplichten symbool KINDERBEVEILIGING = 0
Druk 3 seconden op positie 11+13.
13 EXTRA WATER (WATER TOEVOEGEN) Optie om het hogere waterniveau in te stellen (2 niveaus)
PLAATSING EN AANSLUITING
Verwijder de hele verpakking. Let er bij de verwijdering van de verpakking op, dat u de wasmachine niet beschadigt met een scherp voorwerp.
VERWIJDERING VAN DE TRANSPORTBEVEILIGING
⚠ Verwijder voor het eerste gebruik de transportbeveiliging, zodat de wasmachine bij inschakeling niet beschadigd wordt door de blokkering. Men kan in dit geval geen aanspraak doen op de garantie!

flowchart
graph TD
A["Start: Laparoscopic Implant"] --> B{Placement}
B -->|Yes| C["Insertment"]
B -->|No| D["End"]
1 Verplaats eventueel de slang en draai de schroeven los aan de achterzijde van de wasmachine.
Verwijder de beide consoles.
2 Plaats de consoles in de gleuf op de blokkeerstaaf. Draai de rechter eerst naar de andere kant.
3 Draai met behulp van de consoles de beide blokkeerstaven 90° en trek ze uit.
4 Plaats de plastic dopjes in de openingen van de blokkeerstaven en draai de schroeven weer vast die u onder punt 1 heeft losgedraaid. De plastic doppen worden bijgeleverd in het zakje van de gebruiksaanwijzing voor de wasmachine.
VERPLAATSING EN OPNIEUW VERVOEREN
Als u de wasmachine wilt vervoeren, moet u eerst de blokkeerstaven inbrengen, als u beschadigingen aan de wasmachine door trillen en schudden tijdens het transport wilt voorkomen (zie hoofdstuk »PLAATSING EN AANSLUITING/Verwijdering van de transportbeveiliging«). Als de consoles en de transportstaven heeft verloren, kunt u nieuwe bestellen bij de fabrikant.
Na het transport moet de wasmachine voor de aansluiting op het lichtnet eerst tenminste 2 uur rusten om op kamertemperatuur te komen. Plaatsing en aansluiting moeten daarom worden uitgevoerd door een gekwalificeerd persoon.
Lees aandachtig de gebruiksaanwijzing voordat u de wasmachine aansluit. Reparaties of garantieclaims als gevolg van een verkeerde aansluiting of gebruik van de wasmachine vallen niet onder de garantie.
KEUZE VAN DE RUIMTE
De vloer, waarop de wasmachine komt te staan, moet een betonnen onderlaag hebben die droog en schoon is, anders gaat de wasmachine glijden. Reinig ook de onderkant van de pootjes.
De wasmachine moet recht staan op een stabiele en stevige ondergrond.
INSTELLING VAN DE POOTJES VAN DE WASMACHINE
Gebruik een waterpas en een sleutel nr. 32 (voor de pootjes) en nr. 17 (voor de bouten).

1 Zet de wasmachine waterpas in de lengte- en dwarsrichting door aan de stelvoeten te draaien.
2 Draai na het afstellen van de hoogte van de pootjes de contramoeren (moer tegen het losdraaien.), stevig vast met een sleutel nr. 17, door ze naar de onderkant van de wasmachine te draaien ↑ (zie afbeelding).
De oorzaak van vibraties, beweging van de wasmachine in de ruimte en luidruchtige werking kunnen het gevolg zijn van verkeerd waterpas instellen. Het onjuist waterpas zetten van de wasmachine valt niet onder de garantie.
Soms komen tijdens de werking van de wasmachine ongewone en wat luidruchtigere geluiden voor die voor de wasmachine ongewoon zijn, maar die uitsluitend het gevolg zijn van verkeerde plaatsing van de machine.
PLAATSING VAN DE WASMACHINE
Indien u ook een Hisense wasdroger heeft van overeenkomstige/dezelfde afmetingen, kan deze bovenop de Hisense wasmachine geplaatst worden (in dit geval moeten vacuumvoeten gebruikt worden), maar u kunt de wasdroger ook naast de wasmachine plaatsen (figuren 1 en 3).
Als uw Hisense wasmachine kleiner is (minimale diepte 545 mm) dan uw Hisense wasdroger, dan moet de wasdrogersteun worden aangeschaft (figuur 2). Het gebruik van de vacuümvoetjes is essentieel! De extra uitrusting (drager van de droogmachine (a) en de vacuum pootjes (b)) kunnen worden bijgekocht bij de servicedienst.
Het oppervlak van plaatsing moet schoon en recht zijn.
De Hisense wasmachine, waarop u de droger wilt plaatsen, moet het gewicht van de Hisense droger kunnen dragen (zie hoofdstuk »BESCHRIJVING VAN DE DROGER/Technische gegevens«).

Afstanden tot de wasmachine


De wasmachine mag de muur of aangrenzende elementen niet raken. Voor een optimale werking van de wasmachine wordt aanbevolen om rekening te houden met de afstanden tot de wanden, zoals weergegeven in de afbeelding. Als de minimaal vereiste afwijkingen niet in acht worden genomen, kan de veilige en juiste werking van de wasmachine niet worden gegarandeerd. Bovendien kan er ook oververhitting optreden (figuren 1 en 2).
De wasmachine is niet geschikt voor inbouw onder een werkblad.
Openen van de deur van de wasmachine (bovenaanzicht)

Zie hoofdstuk »BESCHRIJVING WASMACHINE/Technische gegevens«.
a = Diepte van de wasmachine b = Diepte bij open deur
Voordat u de wasmachine aansluit op het elektriciteitsnet moet u 2 uur wachten om de machine op kamertemperatuur te laten komen.
AANSLUITING OP DE WATERTOEVOER
Sluit de slang aan op de waterkraan

Als uw wasmachine een warm en koudwateraansluiting heeft en u wilt hem alleen op de koudwaterleiding aansluiten, sluit dan niet de warmwaterleiding aan. Sluit de warmwateraansluiting aan de achterzijde van de wasmachine af met de meegeleverde afsluitdop.
Als uw wasmachine een warme en koude wateraansluiting heeft met volledige aquastop (optie B), en u deze alleen wilt aansluiten op de koudwatervoorziening, sluit u de warmwaterslang af met een geschikte 3/4" -plug die niet is meegeleverd het apparaat De 3/4" -plug is verkrijgbaar in gespecialiseerde winkels voor sanitaire voorzieningen.
Voor een juiste werking van de wasmachine moet de waterdruk in de waterleiding tussen 0,05 - 0,8 Mpa (0,5 - 8 bar) bedragen. De minimale dynamische waterdruk kan worden bepaald door de waterstroom te meten. In 15 seconden moet uit een volledig geopende kraan 3 liter water stromen.
Als uw model aansluitingen heeft voor zowel warm als koud water, sluit dan de ene slang aan op de koudwatertoevoer (blauwe vleugelmoer of blauwe markering op de slang) en de andere op de warmwatertoevoer (rode vleugelmoer of rode marking op de slang), zoals aangegeven op de achterkant van de wasmachine. Aansluitingen zijn gemarkeerd met de letters C en H (C = koud, H = warm).
Het warme water (een mengsel van heet en koud water) wordt alleen gedoseerd voor programma's van 40° of meer.
De toevoerslang moet met de hand zodanig worden aangedraaid (max. 2Nm) dat de slang goed afsluit. Na het aansluiten van de slang moet de afdichting worden gecontroleerd op eventuele lekkage. Het gebruik van tangen of speciaal gereedschap bij de montage van de slang is niet toegestaan vanwege beschadiging van het draad van de moer.
Gebruik alleen de toevoerslang die bijgeleverd is bij de wasmachine. Gebruik geen gebruikte of andere slangen.
AQUA - STOP (HEBBEN ALLEEN SOMMIGE MODELLEN)
Bij beschadiging van de binnenslang wordt het aqua-stop blokkeersysteem ingeschakeld dat de watertoevoer naar de wasmachine afsluit. De vensters (a) kleuren in dit geval rood. De toevoerslang moet worden vervangen.

Bij beschadiging van de binnenslang en in het geval dat er water op de bodem van de wasmachine achterblijft wordt het elektronische blokkeersysteem ingeschakeld en de watertoevoer naar de wasmachine uitgeschakeld. In dit geval wordt het wasproces onderbroken, de watertoevoer afgesloten, de machine schakelt de waterpomp uit en meldt een fout.

De aansluitslang met het systeem Aqua-stop mag niet in het water hangen vanwege het elektrische ventiel.
Wees er bij de aansluiting van de toevoerslang op bedacht de kraan zodanig aan te sluiten dat er een voldoende en onbelemmerde watertoevoer ontstaat.
PLAATSING VAN DE AFVOERSLANG
Plaats de afvoerslang in een gootsteen of badkuip of direct in de afvoer (de diameter van de afvoerslang bedraagt minimaal 4 cm). Het einde van de afvoerslang moet zich ten hoogste 100 cm en minimaal 60 cm boven de grond bevinden. De slang kan op 3 manieren worden aangesloten (A, B, C).

A De afvoerslang kan in een gootsteen of badkuip worden geplaatst. Bevestig de slang met een touwtje, zodat deze niet op de grond kan glijden.
B Plaats de afvoerslang direct in de afvoer van de gootsteen.

C De afvoerslang kan ook in een muurafvoer worden geplaatst. Zorg voor een correcte plaatsing, zodat de slang gereinigd kan worden.

D De afvoerslang moet worden aangesloten op de aansluiting aan de achterzijde van de wasmachine, zoals aangegeven in de figuur.
Indien de aanwijzingen voor juiste aansluiting van de aanvoerslang niet in acht worden genomen, kan een juiste werking van de wasmachine niet gegarandeerd worden.
AANSLUITING OP HET ELEKTRICITEITSNET

⚠ Wacht voordat u de wasmachine aansluit op het elektriciteitsnet eerst twee uur om de machine op kamertemperatuur te laten komen.
Sluit de wasmachine aan op een geaard stopcontact. Na de plaatsing moet de wandcontactdoos bereikbaar blijven en randaarde hebben (in overeenstemming met de voorschriften).
De gegevens over uw wasmachine bevinden zich op het typeplaatje (zie hoofdstuk »BESCHRIJVING WASMACHINE/Technische gegevens«).
Wij bevelen een overspanningsbeveiliging aan voor bescherming tegen bliksemsinslag.
⚠ De wasmachine mag niet op het lichtnet worden aangesloten met behulp van een verlengsnoer.
- Sluit de wasmachine niet aan op een stopcontact, bestemd voor een scheerapparaat of haardroger.
Reparatie en onderhoud betreffende de veiligheid en werking moeten worden uitgevoerd door daarvoor opgeleide deskundigen.
- Een beschadigd aansluitsnoer mag alleen door een gemachtigd persoon worden vervangen.
Zorg ervoor dat de wasmachine is losgekoppeld van het elektriciteitsnet en open vervolgens de deur naar u toe (figuur 1 en 2).
Reinig voor het eerste gebruik de trommel van de wasmachine met een zachte vochtige katoenen doek of gebruik het programma Katoen 90°C. Er mag zich geen wasgoed in de trommel bevinden, de trommel dient leeg te zijn (figuur 3 en 4).

Gebruik geen oplosmiddelen of reinigingsmiddelen die de wasmachine kunnen beschadigen (neem de aanbevelingen en waarschuwingen van de fabrikant van het schoonmaakmiddel in acht).
WASSEN IN STAPPEN (1 - 7)
STAP 1: NEEM DE LABELS OP DE KLEDING IN ACHT
| Gewoon wassen; Gevoelige was | Max. Wassen 95°C ![]() | Max. Wassen 60°C ![]() | Max. Wassen 40°C ![]() | Max. Wassen 30°C ![]() | Handwas Niet ![]() | wassen ![]() |
| Bleken Bleken in koud water | Bleken niet toegestaan ![]() | |||||
| Chemisch reinigen | Chemisch reinigen met alle middelen ![]() | Petroleum R11, R113 ![]() | Chemisch reinigen met kerosine, in zuivere alcohol en in R113 ![]() | Chemisch reinigen niet toegestaan ![]() | ||
| Strijken Heet strijken | max. 200°C [KHZ] | Heet strijken max. 150°C ![]() | Heet strijken max. 110°C ![]() | Strijken niet toegestaan ![]() | ||
| Drogen Neerleggen | op recht oppervlak ![]() | Nat ophangen Ophangen ![]() | Hoge temp. Lage temp. ![]() | Niet in de droogtrommel gen ![]() | ||
STAP 2: VOORBEREIDING VAN HET WASGOED
- Verdeel het wasgoed op soort textiel, kleur, mate van vuilheid en de toegestane wastemperatuur (zie PROGRAMMA TABEL).
- Was het wasgoed dat veel vezels of pluisjes afgeeft apart van ander wasgoed.
- Sluit de knopen en ritsen, knoop eventuele linten vast en keer de zakken binnenstebuiten; verwijder alle metalen clips die het wasgoed en de binnenkant van de wasmachine kunnen beschadigen of de afvoer kunnen verstoppen.
- Doe zeer gevoelig wasgoed of kleinere stukken wasgoed in een daarvoor bestemde waszak van textiel.
De speciaal daarvoor bestemde waszak van textel is apart leverbaar.

Gebruik het netsnoer om de wasmachine aan te sluiten op het elektriciteitsnet en sluit de wasmachine aan op de watertoevoer.
Met een druk op toets (1) VOOR IN/UITSCHAKELING/PAUZE (RESET) zet u de wasmachine aan (figuur 1 en 2).
Bij sommige modellen licht ook de trommel gedurende 5 minuten op bij inschakeling van de machine (figuur 2).
Het lampje in de trommel kan ook tijdens het gebruik oplichten door op de toets (3) START/PAUZE te drukken en ook nadat het wasprogramma is voltooid.
(De lamp in de trommel van de wasmachine is niet geschikt voor ander gebruik.)
De lamp in de wastrommel mag alleen worden vervangen door de fabrikant, een onderhoudstechnicus of een bevoegd persoon.

VULLEN VAN DE WASMACHINE
Open de deur van de wasmachine naar u toe (figuur 1).
Controleer of de trommel leeg is en doe vervolgens het wasgoed in de trommel (figuur 2).
Zorg ervoor dat er geen wasgoed achterblijft tussen de deur en het deurrubber. Doe de deur van de wasmachine dicht (figuur 3).

Overlaad de trommel niet! Zie PROGRAMMA TABEL en let op uw nominale belasting zoals aangegeven op het typeplaatje.
Als de trommel te vol is, zal het wasgoed slecht worden gewassen.
STAP 3: KEUZE VAN HET WASPROGRAMMA
Het programma kiest u door de knop (2) naar links of naar rechts te draaien (afhankelijk van het soort wasgoed en de mate van vuilheid). Zie PROGRAMMA TABEL.
Bij keuze van het wasprogramma, gaat het lichtje op het display (2a) naast het wasprogramma branden.


De programmakeuzeknop (2) draait tijdens de werking niet automatisch.
Wasprogramma's zijn complete programma's die alle wasfasen bevatten, inclusief wasverzachten en centrifugeren (dit geldt niet voor deelprogramma's).
De Deelprogramma's zijn zelfstandige programma's, deze gebruikt u als u niet het hele wasprogramma wilt draaien.
PROGRAMMA TABEL
| Programma Max. | vulling | Omschrijving programma |
| Katoen Donkere was 30°C - 40°C | ** (1/2) | Dit programma wordt gebruikt voor het wassen van donkere was met speciale wasmiddelen voor zwart wasgoed. Het programma wast bij lage temperaturen, met zachtjes tuimelen en lager centrifugesnelheid. |
| Katoen Bonte was--; - 60°C | * MAX Programma voor licht tot matig vuile was. De temperatuur kan afzonderlijk worden ingesteld; volg de instructies op de kleding. Was de kleren die direct op de huid worden gedragen op 60°C. Minder sterk bevuild wasgoed wordt grondig gereinigd bij 40°C. De centrifugesnelheid kan ook vrij worden gekozen. Programmaduur en hoeveelheid water worden aangepast aan de hoeveelheid wasgoed. | |
| Katoen Witte was 40°C - 90°C | * MAX Programma voor normaal of sterk bevuild wasgoed, wit of gekleurd. De temperatuur kan afzonderlijk worden ingesteld; houdt daarom rekening met de instructies op de kleding die direct op de huid wordt gedragen. Kies 40°C als het wasgoed licht vies is. De centrifugesnelheid kan naar eigen voorkeur worden ingesteld. Programmaduur en hoeveelheid water worden aangepast aan de hoeveelheid wasgoed. | |
| Mix (Gemengd wasgoed/Synthetisch)--; - 60°C | 3,5 kg Wasprogramma voor gevoelige kleding uit synthetische en gemengde vezels of uit viscose en voor eenvoudige verzorging van katoen. Neem de wasinstructies in acht, aangegeven op de labels van de kleding. De meeste synthetische stoffen worden op 40°C gewassen. | |
| Wol (Wol/Handwas)--; - 40°C | 2 kg Zacht wasprogramma voor het wassen van wol, zijde en kleding die handmatig moet worden gewassen. Maximale temperatuur is 40°C. Dit programma heeft een korte draaicyclus. De maximale beschikbare centrifuge snelheid is 800 toeren. | |
| Power Wash 59' 40°C | ** (1/2) Programma voor kleinere hoeveelheden licht vervuild wasgoed. Het programma wast met zachte tuimel en lagere centrifugesnelheid. | |
| Opfrissen Stoom (Verfrissing met stoom) | 1,5 kg Het programma wordt gebruikt voor het opfrissen en gladstrijken van het wasgoed met stoom, waarbij het wasgoed niet per se gewassen hoeft te zijn. | |
* Maximale vulling (MAX)
** Halve vulling (1/2)
/ Vulling naar wens (0 kg - MAX kg)
-- Koud wassen
| Programma Max. | vulling | Omschrijving programma |
| Trommelreiniging (Zelfreinigend programma) | 0 kg Dit wasprogramma wordt gebruikt voor reiniging van de trommel en verwijdering van wasmiddelen en bacteriëen. Om het programma te selecteren, draait u de programmakeuzeknop naar links of naar rechts naar de stand Trommelreiniging (Zelfreinigend programma). Andere extra functies kunnen niet worden geselecteerd. De trommel moet leeg zijn. U kunt ca. 2 dl gedistilleerde of witte azijn of 1 eetlepel (15 g) baking soda (natriumbicarbonaat) toevoegen. Wij bevelen aan het programma tenminste 1 x per maand te gebruiken. | |
| Spoel&Impreg. (Deel programma) | / Voor het verzachten, verstijven of impregneren van het gewassen wasgoed. Het kan ook als spoelprogramma worden gebruikt, maar zonder toegevoegde verzachter. Het wordt aangevuld met een Extra spoeling. U kunt ook EXTRA WATER (WATER TOEVOEGEN) kiezen door de extra functie te selecteren. | |
| Centrifugeren (Centrifugeersnelheid/ Uitwringen/Pompen) (Deel programma) | / Gebruik het programma als u het wasgoed alleen wilt centrifugeren. Als u alleen het water uit de wasmachine wilt wegpompen, drukt u op de toets CENTRIFUGEREN (10) om [IMAGE] (afpompen) te selecteren. | |
| Eco 40-60 * MAX Wasprogramma voor normaal vervuild katoenen wasgoed dat gewassen mag worden op 40°C of 60°C. | ||
| Overhemden (Overhemden met stoom)30°C - 40°C | 3,5 kg Programma voor het wassen van katoen, microvezels en kunststoffen, voor het wassen van boorden en manchetten. Wassen gebeurt bij lagere temperatuur, grotere hoeveelheid water en zacht draaien. De vooringestelde centrifugesnelheid is 800 toeren. | |
| Allergie Stoom (Anti-allergie programma met stoom)40°C - 90°C | ** (1/2) | Programma voor het wassen van normale tot sterk vervuilde kleding die speciale zorg nodig heeft, zoals kleding van personen met een zeer gevoelige huid of met allergie. Het wordt aanbevolen de kleding om te keren, zodat huidschilfertjes en andere resten goed worden gespoeld. Het is mogelijk om de maximale (max.) wastemperatuur en het maximum (max.) aantal omwentelingen (centrifuge) te selecteren. De vooringestelde centrifugesnelheid is 800 toeren. |
* Maximale vulling (MAX)
** Halve vulling (1/2)
/ Vulling naar wens (0 kg - MAX kg)
-- Koud wassen
| Programma Max. | vulling | Omschrijving programma |
| Automatisch (Auto wassen) 30°C | * MAX Wasprogramma past automatisch de duur van de hoofdwas en het aantal spoelingen aan, afhankelijk van de hoeveelheid wasgoed in de machine. Gebruik het voor licht bevuild wasgoed.Geen extra programma-instellingen mogelijk. | |
* Maximale vulling (MAX)
** Halve vulling (1/2)
/ Vulling naar wens (0 kg - MAX kg)
-- Koud wassen
Doseer wasmiddelen in poeder of vloeibare vorm volgens de instructies van de fabrikant, afhankelijk van de wastemperatuur, het gekozen wasprogramma, de vervuiling van het wasgoed en de hardheid van het water.
De maximum hoeveelheid wasgoed aangegeven in kg (voor het programma voor katoenwas) staat aangegeven op het typeplaatje dat zich onder de deur van de wasmachine bevindt (zie hoofdstuk »BESCHRIJVING WASMACHINE/Technische gegevens«).
Maximale of nominale belasting is van toepassing op wasgoed dat is voorbereid volgens de IEC 60456-norm.
- Voor een effectiever wasresultaat raden wij aan te wassen op het katoenwasprogramma met 2/3 vulling.
STAP 4: KEUZE INSTELLING
De meeste programma's hebben basisinstellingen die veranderd kunnen worden.
Wijzig de instellingen door op de geselecteerde functie te drukken (voordat u op de (3) START/PAUZE-toets drukt).
De functies die met het geselecteerde wasprogramma kunnen worden gewijzigd, zijn gedimd verlicht.
Bepaalde instellingen kunnen bij sommige programma's niet worden geselecteerd. Dergelijke instellingen lichten niet op en de knop knippert wanneer erop wordt gedrukt (zie FUNCTIE TABEL).
Beschrijvingen van functie-overlays voor geselecteerd wasprogramma:
• Verlicht (Basis/preset-instelling);
- Gedimde verlichting (Functies die kunnen worden gewijzigd) en
- Onverlicht (Functies die niet kunnen worden geselecteerd).


WASMODUS
NORMALCARE (Basis/vooringestelde instelling)
POWER SAVE (4a) (Wassen met energiebesparing, langere wastijd, minder water).
TIME SAVE (4b) (Wassen met tijdbesparing, kortere wastijd, meer water).
Voor het programma Katoenwas raden wij een halve vulling aan. Het lampje van de gekozen waswijze licht op.
5
DOSE ASSIST
De DOSE ASSIST-functie (5) geeft de aanbevolen, optimale hoeveelheid poeder of vloeibaar wasmiddel aan volgens de geselecteerde instellingen. Aanbevolen hoeveelheid poeder of vloeibaar wasmiddel is afhankelijk van:
- Waterhardheid (de volgende instellingen zijn beschikbaar: zacht, middel, hard. De standaardinstelling is het middel niveau, maar de gebruiker kan deze aanpassen. Zie hoofdstuk »ONDERBREKINGEN EN VERANDEREN VAN HET PROGRAMMA/Persoonlijke instellingen menu«.); Voor een juiste werking van de functie (5) DOSE ASSIST, wordt instelling van de hardheid van het water aanbevolen.
• Geselecteerd wasprogramma en - Hoeveelheid wasgoed (lading) - de wasmachine meet de vulling bij ieder gebruik van de functie (5) DOSE ASSIST.


Om de DOSE ASSIST-functie (5) correct te laten werken, moeten STAP 2 (voorbereiden van het wasgoed, inschakelen en laden van de wasmachine) en STAP 3 (selecteren van het wasprogramma) eerst worden uitgevoerd.

- Activeer de functie door op positie DOSE ASSIST (5) te drukken. Een indicatielampje gaat branden onder het teken DOSE ASSIST (5) wanneer het is geactiveerd.

- Druk op de START/PAUZE-toets (3). De wasmachine begint de hoeveelheid wasgoed in de trommel te meten.

-
Het weegproces wordt aangegeven met het afwisselend knipperen van de indicatielampjes op de display-eenheid.
-
Op basis van de gemeten hoeveelheid was in de trommel en andere instellingen, wordt de aanbevolen hoeveelheid poeder of vloeibaar wasmiddel weergegeven op de display [in ml]. De display aan de linkerkant geeft de aanbevolen hoeveelheid geconcentreerd reinigingsmiddel aan en het rechter display geeft de aanbevolen hoeveelheid niet-geconcentreerd reinigingsmiddel weer.
Om te bepalen of uw poeder of vloeibaar wasmiddel al dan niet geconcentreerd is, controleert u de verpakking van uw wasmiddel.
Druk nogmaals op de DOSE ASSIST-positie (5) om de hoeveelheid geconcentreerd of niet-geconcentreerd poeder of vloeibaar wasmiddel te controleren.

- Voeg de aanbevolen hoeveelheid poeder of vloeibaar wasmiddel toe aan de doseerbak Gebruik de poeder- of Vloeistofniveau-indicator voor een nauwkeurige dosering (zie hoofdstuk »AANBEVELINGEN VOOR HET WASSEN EN HET ECONOMISCHE GEBRUIK VAN UW WASMACHINE«).
Druk voor het beginnen met wassen op (3) START/PAUZE-toets.

TEMP. (WASTEMPERATUUR)
Veranderen van de temperatuur voor het geselecteerde programma.
Elk programma heeft een vooraf ingestelde temperatuur welke kan worden gewijzigd door op de positie (9) te drukken TEMP. (WASTEMPERATUUR).
(-- geeft koud wassen aan)
De temperatuur wordt weergegeven op de display boven de toets.


CENTRIFUGE (TOERENTAL CENTRIFUGE – CENTRIFUGEREN/POMPEN/POMP STOP)
Om de centrifugeersnelheid aan te passen. Met vooraf ingestelde of geselecteerde centrifugeersnelheid, het Ⓞ -symbool wordt opgelicht op het display.
Als u pompen zonder centrifugeren kiest, verschijnt het symbool op het display.
Als u »Pompstop« kiest, verschijnt het symbool op het display. Selecteer de »Pomp stop« functie wanneer u wilt dat het wasgoed gedrenkt blijft in het water van de laatste spoelcyclus om kreuken te voorkomen als u het niet uit de wasmachine kunt halen direct nadat het wasprogramma is voltooid. U kunt naar wens het toerental voor centrifugeren instellen. Om door te gaan met het programma, drukt u op de (3) START/PAUZE-toets die brandt. Het water wordt afgepompt en de laatste centrifugeercyclus wordt uitgevoerd.

KINDERBEVEILIGING
Een veiligheidsfunctie. Om de kinderbeveiliging in te schakelen, drukt u tegelijkertijd op de posities (11) UITGESTELDE START (STARTVERTRAGING) en (13) EXTRA WATER (WATER TOEVOEGEN) en houdt ze minimaal drie seconden vast. De selectie wordt bevestigd door een akoestisch signaal en door een indicatielampje (het symbool -∞ (12) gaat branden). Volg dezelfde procedure om de kinderbeveiliging te deactiveren. Zolang de kinderbeveiliging is geactiveerd, kunnen programma's, instellingen of extra functies niet worden gewijzigd. De kinderbeveiliging blijft actief, zelfs nadat de wasmachine is uitgeschakeld. Om veiligheidsredenen verhindert de kinderbeveiliging niet dat de wasmachine wordt uitgeschakeld met de (1) VOOR IN/ UITSCHAKELING/PAUZE (RESET)-toets. Om een nieuw programma te selecteren, moet de kinderbeveiliging eerst worden gedeactiveerd.

11
UITGESTELDE START (START VERTRAGING)
Gebruik deze functie om de wascyclus te starten nadat een bepaalde hoeveelheid tijd is verstreken. Druk op de (11) UITGESTELDE START (START VERTRAGING)-positie. -:-- verschijnt op het display (11a). Als u bijvoorbeeld een programma kiest met een duur van 2:39, wordt de tijd op het display weergegeven en het symbool ☒ (11b) zal onder de tijd worden opgelicht.
Als de functie (11) UITGESTELDE START (START VERTRAGING) is geselecteerd, dan wordt het ☒ -symbool (11c) opgelicht.
Door op de (11) UITGESTELDE START (START VERTRAGING)-positie te drukken, kunt u de tijd aanpassen in stappen van 30 minuten tot 6 uur en in stappen van 1 uur tot 24 uur.
Als er gedurende 5 seconden niets wordt ingedrukt, wordt de werkelijke wastijd weergegeven.
Om de tijd opnieuw in te stellen tot het einde van het wasprogramma, drukt u op de (11) UITGESTELDE START (START VERTRAGING)-positie.
De functie gaat in werking met een druk op toets (3) START/PAUZE.
De wasmachine telt nu de tijd af. Na beeindiging van het aftellen begint het wasprogramma automatisch.
- Druk voor onderbreking of verandering van de vertraagde start op toets (1) VOOR IN/UITSCHAKELING/PAUZE (RESET). Druk op de (11) UITGESTELDE START (START VERTRAGING)-positie om een nieuwe vertragingstijd te selecteren en bevestig deze door op de (3) START/PAUZE- toets te drukken.
- Druk voor een snelle herroeping van de vertraagde start 3 seconden op de positie (11) UITGESTELDE START (START VERTRAGING). Het wasprogramma wordt vervolgd.
- In het geval van een stroomstoring voordat de vertragingstijd is verstreken, drukt u op de (3) START/PAUZE-toets om het aftellen van de vertragingstijd te hervatten.

STAP 5: EXTRA FUNCTIES SELECTEREN
Activeer/deactiveer de functies door op de gewenste functie te drukken (voordat u op de (3) START/PAUZE-toets drukt).
Sommige instellingen kunnen voor bepaalde programma's niet worden gekozen. Dit wordt aangegeven door de verlichte instelling op het display, een geluidssignaal en het knipperende lampje op de toets wanneer ingedrukt (zie FUNCTIE TABEL).

6

GREEN BAR
Geeft informatie weer over hoe rendabel uw wasmachine-instelling is.

GREEN BAR geeft het water- en stroomverbruik weer op basis van het geselecteerde programma en eventuele extra functies of instellingen. Hoe meer symbolen opgelicht zijn, hoe zuiniger de instellingen en hoe lager het water- en stroomverbruik.

GREEN BAR geeft een minder economische wasinstelling weer met een hoger water- en stroomverbruik.
De GREEN BAR-functie biedt regeling van de energiewaarden van geselecteerde wasprogramma's en extra wasfuncties. Door verschillende instellingen te kiezen, kan de gebruiker besparen op water- en stroomverbruik (bijvoorbeeld door de functie POWER SAVE te gebruiken).
7
VOORWAS
Voor het wassen van zeer vuile was met vooral hardnekking, oppervlakkig vuil.
Als u VOORWAS selecteert, voegt u het wasmiddel toe aan het voorwasvak.

13
EXTRA WATER (WATER TOEVOEGEN)
Het wasgoed wordt gewassen met een hoger waterniveau (2 niveaus) en met een extra spoeling.

Basis/standaardinstelling

Level 1 – hoger waterniveau

Level 2 – hoger waterniveau met een extra spoelcyclus
Na uitschakeling van de wasmachine keren alle aanvullende instellingen terug naar de basis- of persoonlijke instellingen, behalve de instelling van het geluidssignaal.
Als u de functie UITGESTELDE START (START VERTRAGING) hebt ingesteld en u een vloeibaar wasmiddel gebruikt, raden we u aan om een programma met voorwas in te stellen.
FUNCTIE TABEL
- Mogelijkheid gebruik extra functies
-- Koud wassen
| Programma's | Temp. [°C] | NORMALCARE (basis/ voorinstelling) | POWER SAVE | TIME SAVE | EXTRA WATER (WATER TOEVOEGEN) | DOSE ASSIST | GREEN BAR | VOORWAS | PUMP STOP | CENTRIFUGE (CENTRIFUGE) (KEUZE TOERENTAL CENTRIFUGEREN) |
| Centrifugeren (Centrifugeersnelheid/ Uitwringen/Pompen) (Deel programma) | -- • • • | |||||||||
| Eco 40-60 - • | • | • | • | • | ||||||
| Overhemden 📊 (Overhemden met stoom) | 40 • • • • • • | |||||||||
| 30 • • • • • • | ||||||||||
| Allergie Stoom 📊 (Anti-allergie programma met stoom) | 90 • • • • • | |||||||||
| 60 • • • • • | ||||||||||
| 40 • • • • • | ||||||||||
| Automatisch (Auto wassen) | 30 • • • • • |
- Mogelijkheid gebruik extra functies
-- Koud wassen
TIJDOPTIMALISATIE TIJDENS DE VOORTGANG VAN HET PROGRAMMA
In de beginfase van het wasprogramma gebruikt de wasmachine geavanceerde technologie om de hoeveelheid wasgoed te detecteren. Na belastingdetectie stelt de wasmachine de programmaduur in.
STAP 6: HET WASPROGRAMMA STARTEN
Druk op de (3) START/PAUZE- toets.

Geselecteerde WASMODUS, TEMP. (WASTEMPERATUUR), CENTRIFUGE (TOERENTAL CENTRIFUGE -CENTRIFUGEREN/POMPEN/POMP STOP) en TIJD TOT HET EINDE VAN HET PROGRAMMA ☒ of UITGESTELDE START (START VERTRAGING) ☒ (indien geselecteerd) worden aangegeven op de display.
Symbolen zullen op de geselecteerde functies worden verlicht.
Na een druk op toets (3) START/PAUZE kunt u het toerental voor centrifugeren veranderen (behalve bij Trommelreiniging (Zelfreinigend programma) en CENTRIFUGE (TOERENTAL CENTRIFUGE - CENTRIFUGEREN/POMPEN/POMP STOP) en de kinderbeveiliging, niet bij de overige instellingen.
Als er op het display iets knippert, betekent dat dat de deur van de wasmachine open staat of slecht gesloten is. Sluit de deur van de wasmachine goed en druk opnieuw op toets (3) START/PAUZE, om verder te gaan met het wasprogramma.
STAP 7: VERANDERING VAN HET WASPROGRAMMA EN EIGEN (FYSIEKE) ONDERBREKING

1 Het wasprogramma wordt gestopt en onderbroken door op toets (1) VOOR IN/ UITSCHAKELING/ PAUZE (RESET) te drukken en deze langer dan 3 seconden vast te houden.
2 Het wasprogramma wordt tijdelijk onderbroken wanneer op het display het symbool einde wastijd aan en uit gaat. Tegelijkertijd pompt de wasmachine het water uit de wastrommel. Wanneer het water is weggepompt, wordt de deur van de wasmachine ontgrendeld. Als het water in de wasmachine heet is, zal de wasmachine het automatisch laten afkoelen en vervolgens afpompen/legen.
STAP 8: EINDE VAN HET WASPROGRAMMA
De wasmachine geeft het einde van het wasprogramma aan met een geluidssignaal en »End« verschijnt op het display totdat de wasmachine overschakelt naar de stand-bymodus of wordt uitgeschakeld. Na 5 minuten wordt het »End«-teken niet langer weergegeven.

- Open de deur van de wasmachine.
- Haal het wasgoed uit de trommel.
- Droog het deurrubber en glas van de deur af.
- Sluit de deur!
- Sluit de waterkraan.
- Schakel de wasmachine uit (druk op de (1) VOOR IN/UITSCHAKELING/PAUZE (RESET)-toets).
- Koppel het netsnoer los van het stopcontact.

Het wasprogramma wordt gestopt en onderbroken door op toets (1) door op toets (1) VOOR IN/UITSCHAKELING/PAUZE (RESET) te drukken en deze langer dan 3 seconden vast te houden.
Signaallampjes zullen knipperen op het display. Tegelijkertijd pompt de wasmachine het water uit de wastrommel. Wanneer het water is weggepompt, wordt de deur van de wasmachine ontgrendeld. Als het water in de wasmachine heet is, zal de wasmachine het automatisch laten afkoelen en vervolgens afpompen/legen.
PERSOONLIJKE INSTELLINGEN
Basis- of standaardinstellingen voor elk wasprogramma kunnen worden gewijzigd. Wanneer u het programma en aanvullende functies selecteert, kunt u een dergelijke combinatie opslaan door de (3) START/PAUZE-toets gedurende vijf seconden ingedrukt te houden. S C verschijnt op het display. Het programma blijft opgeslagen totdat het met dezelfde procedure wordt gewijzigd. Persoonlijke instellingen kunnen ook worden gereset naar de fabrieksinstellingen in het gebruikersmenu.
PERSOONLIJKE INSTELLINGEN-MENU
Schakel de wasmachine in door op de (1) VOOR IN/UITSCHAKELING/PAUZE (RESET)-toets te drukken. Om het menu voor Persoonlijke instellingen te openen, drukt u tegelijkertijd op de posities (10) CENTRIFUGE (TOERENTAL CENTRIFUGE –CENTRIFUGEREN/POMPEN/POMP STOP) en (13) EXTRA WATER (WATER TOEVOEGEN). Indicatielampjes voor POWER SAVE, TIME SAVE, DOSE ASSIST en GREEN BAR gaan branden op het beeldscherm. Nummer 1 verschijnt op het LED-display en geeft de instellingenfunctie aan. Draai de programmakeuzeknop (2) naar links of rechts om de functie te kiezen die moet worden gewijzigd.
Druk op de TEMP. (WASTEMPERATUUR) positie om de gewenste functies en relevante instellingen te bevestigen. Druk op de (7) VOORWAS-positie om een stap terug te gaan. Als de gewenste instellingen niet binnen 20 seconden worden geselecteerd, keert het programma automatisch terug naar het hoofdmenu.
Nummer 1 geeft het volume van het Akoestische signaal aan. Het volume van het akoestische signaal kan op vier niveaus worden ingesteld (0 betekent dat het geluid uit is; 1 betekent dat het toetsgeluiden is geactiveerd; 2 betekent een laag volume en 3 betekent een hoog volume). Kies het volumeniveau door de programmakeuzeknop (2) naar links of naar rechts te draaien. De laagste instelling betekent dat het akoestische signaal is uitgeschakeld.
Nummer 2 geeft Waterhardheid aan. Waterhardheid kan op drie niveaus worden ingesteld. Om de waterhardheid te selecteren, draait u de programmakeuzeknop (2) naar links of rechts en kiest u tussen zacht (2:1), middel (2:2) en hard (2:3) water.

Voor een juiste werking van de functie (5) DOSE ASSIST, wordt instelling van de hardheid van het er aanbevolen.
Nummer 3 is voor het resetten van Persoonlijke programma-instellingen terug naar de fabrieksinstellingen.
PAUZE TOETS
Het wasprogramma kunt u stoppen met een druk op toets (3) START/PAUZE. Het wasprogramma wordt tijdelijk onderbroken wanneer op het display het symbool einde wastijd aan en uit gaat . Als er zich in de trommel geen water bevindt en de temperatuur van het water is niet te hoog, wordt de deur na verloop van tijd ontgrendeld en kan worden geopend. Om het wasprogramma te hervatten, sluit u eerst de deur en drukt u vervolgens op de toets (3) START/PAUZE-toets.
WASGOED TOEVOEGEN OF UITNEMEN TIJDENS DE WERKING VAN DE MACHINE - STOP ADD GO+
De deur van de wasmachine kan na een bepaalde tijd worden geopend, mits het niveau en de temperatuur van het water onder de gedefinieerde limiet liggen.
Als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan, wordt het elektronische deurslot ontgrendeld en kan de deur van de wasmachine worden geopend:
- De watertemperatuur in de trommel moet geschikt zijn,
- Het waterniveau in de trommel moet onder een bepaald niveau zijn.
Om wasgoed toe te voegen of uit te nemen moet u de volgende stappen nemen:
- Druk op de toets (3) START/PAUZE.
- Als aan de voorwaarden voor het openen van de elektronische deursluiting is voldaan, kunt u de deur van de wasmachine openen en het wasgoed uit de trommel nemen of wasgoed toevoegen.
- Als het waterniveau in de trommel boven de gedefinieerde limiet stijgt, knippert het symbool EXTRA WATER (WATER TOEVOEGEN). Door op de positie EXTRA WATER (WATER TOEVOEGEN) te drukken, wordt het water uit de trommel gepompt tot het niveau dat het openen van de deur toelaat. U kunt de deur van de wasmachine openen en wasgoed toevoegen of uit de trommel verwijderen.
- Als de watertemperatuur in de trommel hoger is dan de toegestane temperatuur, wordt dit aangegeven door het knipperen van de functie POWER SAVE aangegeven. Laat het water in dit geval afkoelen in de trommel. Wanneer het water tot de juiste temperatuur afkoelt, stopt POWER SAVE met knipperen en wordt het deurslot ontgrendeld. U kunt de deur van de wasmachine openen en wasgoed toevoegen of uit de trommel verwijderen.
- Sluit de deur van de wasmachine!
- Druk opnieuw op de toets (3) START/PAUSE.
Het wasprogramma gaat nu verder.
Als u tijdens het wassen een hoeveelheid wasgoed toevoegt, kan het wasgoed minder efficiënt worden gewassen door het ontbreken van een hernieuwde gewichtsherkenning van het wasgoed met als gevolg het wassen van het wasgoed in een kleinere hoeveelheid water, wat ook kan leiden tot schade aan het wasgoed (droog wrijven).
Ook de wastijd kan hierdoor worden verlengd.

De wastijd wordt vervolgd, daar waar het wasprogramma werd onderbroken.
FOUTEN
In het geval van een fout of storing, zal het programma worden onderbroken.
Knipperende signaallampjes en een geluidssignaal waarschuwen over een dergelijk voorval (zie
PROBLEEMOPLOSSING TABEL) en de fout wordt op het display weergegeven (E: XX).
STORING STROOMVOORZIENING
Bij uitval van de elektriciteit wordt het wasprogramma onderbroken. Bij hernieuwde instelling van de elektriciteit wordt op het display het teken »PF« (Power Fail/Stroomuitval) weergegeven. Druk voor het vervolgen van het wasprogramma op toets (3) START/PAUZE.
De instelling van de vertraagde tijdinstelling wordt niet gereset.
De wastijd wordt vervolgd, daar waar het wasprogramma werd onderbroken.
HET HANDMATIG OPENEN VAN DE DEUR IN GEVAL VAN EEN STROOMSTORING - IN GEVAL VAN EEN PROGRAMMA PAUZE

1 Wanneer het programma gepauzeerd of onderbroken is, opent u de filterdeksel met geschikt gereedschap (platte schroevendraaier of een vergelijkbaar gereedschap).
2 De deur van de wasmachine kan alleen worden geopend door gelijktijdig aan de speciale hendel (onder het filter) en aan de deurgreep te trekken.
3 Open de deur van de wasmachine handmatig door de hendel naar u toe te trekken.
OPENING VAN DE DEUR (TIJDELIJKE ONDERBREKING/DEFINITIEVE BEËINDIGING - VERANDERING VAN HET PROGRAMMA)
De deur van de wasmachine kan worden geopend bij voldoende laag niveau van het water in de wasmachine en als de temperatuur niet te hoog is. Gebruik in het tegenovergestelde geval de eigen, fysieke onderbreking (zie hoofdstuk »ONDERBREKING EN VERANDERING VAN HET PROGRAMMA/Eigen (fysieke) onderbreking).
Als er nog steeds water in de wasmachine zit na een stroomstoring, moet u ervoor zorgen dat u de deur niet opent voordat u het water handmatig uit de wasmachine via het pompfilter aftapt (zie hoofdstuk »REINIGING EN ONDERHOUD/Pompfilter reinigen«).
ONDERHOUD & SCHOONMAAK
⚠️ Ontkoppel de wasmachine vóór het schoonmaken van het elektriciteitsnet.
Kinderen mogen de wasmachine niet reinigen of onderhoudstaken uitvoeren zonder goed toezicht!
DE DOSEERBAK SCHOONMAKEN
De doseerbak moet tenminste iedere twee maanden worden gereinigd.

1 Druk op het kleine lipje om de dispenserlade uit de behuizing te verwijderen.
2 Reinig de doseerbak onder stromend water met een borstel en droog hem daarna. Verwijder ook eventuele restanten van reinigingsmiddelen aan de onderkant van de behuizing.
3 Verwijder, indien nodig, de dop van het lipje.
4 Reinig de dop van het lipje onder stromend water en plaats deze terug.
Was de doseerbak niet in de vaatwasmachine.
DE WATERTOEVOERSLANG, DE BEHUIZING VAN DE DOSEERBAK EN HET RUBBER VAN DE PAKKING REINIGEN

1 Reinig het filter regelmatig onder stromend water.
2 Gebruik een borstel om het volledige spoelgedeelte van de wasmachine te reinigen, met name de sproeiers aan de bovenzijde van de spoelkamer.
3 Na elke wasbeurt, veeg de rubberen deurafdichting schoon om de levensduur te verlengen.
HET POMPFILTER REINIGEN
Tijdens het reinigen kan er wat water worden gemorst. Het wordt daarom aanbevolen om een absorberende doek op de vloer te leggen.

1 Open de pompfilterdeksel met geschikt gereedschap (platte schroevendraaier of vergelijkbaar gereedschap).
2 Trek de uitvoertrechter eruit voordat u het pompfilter reinigt. Draai het pompfilter langzaam in de richting tegen de klok in. Trek het pompfilter eruit en verwijder het, zodat het water langzaam kan weglopen.
3 Reinig het pompfilter onder stromend water.
4,5 Verwijder alle voorwerpen en vuil uit het filterhuis en van het propellertje. Zet het pompfilter terug zoals weergegeven in de afbeelding en bevestig het door het met de klok mee te draaien. Voor een goede afdichting moet het oppervlak van de pompfilter schoon zijn.
⚠ Het pompfilter en de sifon moeten verplicht worden gereinigd als het symbool ⚙(8) verschijnt.
Het pompfilter moet af en toe worden gereinigd, vooral na het wassen van zeer fleece-achtig, wollige of zeer oude was.
DE BUITENKANT VAN DE WASMACHINE SCHOONMAKEN
⚠ Koppel de wasmachine altijd los van het elektriciteitsnet voordat u het apparaat schoonmaakt.
Reinig de buitenkant van de machine en het display met een zachte, vochtige doek en wat water.
⚠ Gebruik geen oplosmiddelen of reinigingsmiddelen die de wasmachine zouden kunnen beschadigen (houd u aan de aanbevelingen en waarschuwingen van de fabrikanten van reinigingsmiddelen).
Maak de wasmachine niet schoon met een waterstraal!

Tijdens het wassen moet de wasmachine automatisch de werking van bepaalde functies regelen. Als er een onregelmatigheid wordt vastgesteld, wordt dit aangegeven door (E:XX) op het display te laten zien. De wasmachine meldt de fout totdat deze is uitgeschakeld. Storingen in de omgeving (bijvoorbeeld het elektriciteitsnet) kunnen verschillende foutmeldingen tot gevolg hebben (zie PROBLEEMOPLOSSING TABEL). In dat geval:
- Schakel de wasmachine uit en wacht een paar seconden.
- Schakel de wasmachine in en herhaal het wasprogramma.
- De meeste fouten tijdens het gebruik kunnen door de gebruiker worden opgelost (zie PROBLEEMOPLOSSING TABEL).
- Neem contact op met een bevoegde service-eenheid als de fout aanhoudt.
- Reparaties mogen alleen worden uitgevoerd door een voldoende opgeleid persoon.
- Reparatie of eventuele garantieclaims die het gevolg zijn van onjuiste aansluiting of gebruik van de wasmachine, worden niet door de garantie gedekt. In dergelijke gevallen worden de kosten van reparatie aan de gebruiker in rekening gebracht.
De garantie dekt niet de fouten of storingen die het gevolg zijn van storingen in de omgeving (blikseminslag, storingen aan het elektriciteitsnet, natuurrampen enz.).
| Probleem/Fout | Indicatie op het display en probleemomschrijving | Wat te doen? | |
E0 Onjuiste instellingen![]() | Start het programma opnieuw. Neem contact op met een onderhoudstechnicus als de fout zich opnieuw voordoet. | ||
E1 Temperatuursensor fout![]() | Waterinvoer te koud. Herhaal het wasprogramma. Als de wasmachine deze fout opnieuw meldt, bel dan een onderhoudstechnicus. | ||
E2 Fout in deurslot![]() | Controleer of de deur dicht is.Neem het aansluitsnoer uit het stopcontact,plaats deze daarna opnieuw in het stopcontact en schakel de wasmachine in. Bel de servicedienst als de fout zich herhaalt. | ||
E3 Watervulfout Controleer het volgende:![]() | • is de waterinlaatklep open,• is het filter van de watertoevoerslang schoon,• is de watertoevoerslang vervormd (kink, verstopt etc.).• of de waterdruk in de waterleiding tussen de 0,05 - 0,8 Mpa (0,5 - 8 bar) bedraagtDan, druk op de (3) START/PAUZE-toets om het programma te hervatten. Neem contact op met een onderhoudstechnicus als de fout zich opnieuw voordoet. | ||
E6 Waterverwarmingsfout![]() | Start het programma opnieuw. Neem contact op met een onderhoudstechnicus als de fout zich opnieuw voordoet. | ||
E7 Waterafvoerfout![]() | Controleer het volgende:• is de pompfilter schoon,• is de afvoerslang verstopt,• is de afvoer verstopt,• als de afvoerslang zich onder het maximale of boven het minimale niveau bevindt (zie hoofdstuk »INSTALLATIE EN AANSLUITING/Aansluiting en bevestiging van de waterafvoerslang«);dan, druk op de (3) START/PAUZE-toets. Neem contact op met een | ||
E9 Detectie aanwezigheidvan water onder in de wasmachine (systeem Complete Aqua - Stop)![]() | Schakel het apparaat uit en daarna weer aan.Als de fout zich herhaalt, bel dan de servicedienst. | ||
E10 Fout in de sensor voor het waterniveau![]() | Neem het aansluitsnoer uit het stopcontact, sluit deze vervolgens opnieuw aan en zet de wasmachine weer aan.Bel de servicedienst als de fout zich herhaalt. | ||
E11 Water stroomt over![]() | In het geval dat water in de trommel boven een bepaald niveau komt en op het display een fout wordt gemeld, wordt het wasprogramma onderbroken en wordt het water uit de wasmachine gepompt. Start het programma opnieuw. Bel de servicedienst als de fout zich herhaalt.Sluit de watertoevoer en bel de servicedienst indien het water in de trommel boven een bepaald niveau komt, op het display een fout wordt gemeld, maar de wasmachine nog steeds water toevoegt. | ||
E12 Fout werking motor![]() | Start het programma opnieuw. Neem contact op met een onderhoudstechnicus als de fout zich opnieuw voordoet. | ||
E22 Fout in de vergrendeling van de deur![]() | De deur is dicht en wil niet meer open. Schakel de wasmachine uit en daarna weer aan en start het wasprogramma opnieuw. Bel de servicedienst als de fout zich herhaalt. | ||
E23 Fout in de ontgrendeling van de deur![]() | De deur is gesloten, maar hij kan niet worden vergrendeld. Sluit de deur opnieuw. Schakel de wasmachine uit en start het wasprogramma opnieuw. Neem contact op met een onderhoudstechnicus als de fout zich opnieuw voordoet. Om de deur te openen, zie hoofdstuk »ONDERBREKINGEN EN VERANDEREN VAN HET PROGRAMMA/De deur handmatig openen«. | ||
E36 Fout in de communicatie van de elektronica in de wasmachine![]() | Neem het aansluitsnoer uit het stopcontact, sluit deze vervolgens opnieuw aan en zet de wasmachine weer aan.Bel de servicedienst als de fout zich herhaalt. | ||
E37 Fout in de communicatie van de elektronica in de wasmachine![]() | Neem het aansluitsnoer uit het stopcontact, sluit deze vervolgens opnieuw aan en zet de wasmachine weer aan.Bel de servicedienst als de fout zich herhaalt. | ||
| Waarschuwing voor waterafvoerHet symbool verschijnt. | Waarschuwing voor verminderde watertoevoer in de pompfase. Controleer het volgende:is het pompfilter schoon,is de afvoerslang verstopt,is de afvoer verstopt,als de aanvoerslang zich onder maximum of boven het minimum niveua bevindt (zie hoofdstuk»INSTALLATIE EN AANSLUITING/Verbinding en bevestiging van de afvoerslang«); | ||
| Ongelijk verdeeld wasgoed.Wanneer het wasprogramma is voltooid, het centrifuge symbool blijft op het display branden. | Verdeel het wasgoed handmatig en laat het centrifugueerprogramma lopen.Zie de aanvullende beschrijving onder de PROBLEEMOPLOSSING TABEL. | ||
cln Systeemwaarschuwing om de Trommelreiniging te laten werken (Zelfreinigend programma) Aan het einde van het wasprogramma wordt op het display beurtelings de opschriften »cln« en »End« weergegeven. | We raden aan om de Trommelreiniging (Zelfreinigend programma) te gebruiken. | ||
»PF« Waarschuwing bij stroomuitval (»PF«/Power Fail - Stroomuitval)![]() | Het wasprogramma wordt onderbroken door stroomuitval.Druk voor hernieuwde start op de toets (3) START/PAUZE. | ||
| Het ingeschakelde display en alle toetsen reageren niet | Stop het programma handmatig door de toets (1) VOOR IN/UITSCHAKELING/PAUZE (RESET) in te drukken en meer dan 3 seconden vast te houden.Neem het aansluitsnoer uit het stopcontact, sluit het daarna weer aan en zet de wasmachine aan.Bel de servicedienst als de fout zich herhaalt. | ||
![]() | Wasmachine in stand-by voor voortzetting wasprogrammaOp het display gaat de eindtijd aan en uitVoorbereiding voor deurontgrendelingOp het display knipperen afwisselend de lampjes.![]() | Om het wasprogramma voort te zetten, drukt u op de (3) START/PAUZE-toets of voert u uw eigen (fysieke) onderbreking uit en drukt u op toets (1) VOOR IN/UITSCHAKELING/PAUZE (RESET) en houdt u deze langer dan 3 seconden vast.Wacht tot het proces is voltooid. Als er geen fout indicatie verschijnt, kunt u een nieuw programma starten.Het water dienst eerst afgepompt te worden.Wacht tot de deur ontgrendeld wordt. | |
| Lawaai en vibraties | Controleer of de poten goed zijn uitgelijnd en de borgmoeren goed zijn aangedraaid. | ||
Ongelijk verdeelde was of aan elkaar klevend wasgoed in de trommel van de wasmachine kunnen problemen veroorzaken, zoals trillingen en luidruchtige geluiden. De wasmachine detecteert dergelijke problemen en het UKS * (* stabiliteitscontrolesysteem) wordt geactiveerd.
Kleinere wasjes (bijvoorbeeld een handdoek, een trui, een badjas enz.) of kleding gemaakt van materialen met speciale geometrische eigenschappen zijn vrijwel onmogelijk gelijkmatig over de trommel van de wasmachine (pantoffels, grote voorwerpen enz.) te verdelen. Dit resulteert in verschillende pogingen om het wasgoed opnieuw te verdelen, wat op zijn beurt leidt tot een langere programmaduur. In extreme gevallen van ongunstige omstandigheden kan het programma worden voltooid zonder de centrifugeercyclus.
Het UKS ^ ( ^ stabiliteitscontrolesysteem) zorgt voor een stabiele werking en een langere levensduur van de wasmachine.
Als de problemen aanhouden ondanks het bovenstaande advies, neem dan contact op met een erkende onderhoudstechnicus. Reparatie of enige garantieclaims als gevolg van een onjuiste aansluiting of gebruik van de wasmachine valt niet onder de garantie. In dit geval dekt de gebruiker de reparatiekosten.
ONDERHOUD
Voordat u een onderhoudstechnicus belt
Wanneer u contact opneemt met een servicecentrum, vermeld dan het type (1), code / ID (2), modelnummer (3) en serienummer (4) van uw wasmachine.
Type, code/ID, model en serienummer zijn aangegeven op het typeplaatje aan de voorkant van de deuropening van de wasmachine.
⚠ Gebruik in geval van een defect alleen goedgekeurde onderdelen van geautoriseerde fabrikanten.
⚠️ Reparatie of enige garantieclaims als gevolg van een onjuiste aansluiting of gebruik van de wasmachine valt niet onder de garantie. In dergelijke gevallen worden de kosten van reparatie aan de gebruiker in rekening gebracht.

Aanvullende informatie, uitrusting en onderdelen voor onderhoud van het apparaat zijn verkrijgbaar via de klantenservicecentra van Hisense.
AANBEVELINGEN VOOR WASSEN EN ECONOMISCH GEBRUIK UW WASMACHINE
Was nieuw gekleurde kledingstukken apart.
Was sterk bevuild wasgoed in kleinere hoeveelheden, met meer poedervormig wasmiddel of met een voorwascyclus.
Breng een speciale vlekverwijderaar aan op hardnekkige vlekken voor het wassen. We raden aan de VLEKVERWIJDERINGSTIPS te raadplegen.
Bij licht vervuild wasgoed raden we een programma aan zonder een voorwas, gebruik van kortere programma's (bijvoorbeeld TIME SAVE) en een lagere was temperatuur.
Als u wasgoed vaak wast bij lage temperaturen en met vloeibare reinigingsmiddelen, kunnen bacteriën groeien die geur in de wasmachine kunnen veroorzaken. Om dergelijke geur te voorkomen, raden we af en toe het Trommelreiniging (Zelfreinigend programma) (zie PROGRAMMATABEL).
We raden af om zeer kleine hoeveelheden wasgoed te wassen, omdat dit tot overmatig gebruik van energie en slechtere wasprestaties zal leiden.
Maak gevouwen was los voordat u het in de trommel plaatst.
Gebruik alleen wasmiddelen speciaal voor het wassen met een machine.
In geval van overmatige schuimvorming in de wasmachine of uitstroom van schuim via de doseerbak, moet het gewassen wasgoed grondig worden gespoeld met een grote hoeveelheid water. Kies hiervoor een wasprogramma zonder gebruik van wasmiddel.
Doseer wasmiddelen in poeder of vloeibare vorm volgens de instructies van de fabrikant, afhankelijk van de wastemperatuur, het gekozen wasprogramma, de vervuiling van het wasgoed en de hardheid van het water.
Als de waterhardheid hoger is dan 14°dH, moet waterverzachter worden gebruikt.
Verwarmingsschade als gevolg van onjuist gebruik van waterverzachters valt niet onder de garantie.
Controleer de informatie over waterhardheid bij uw plaatselijke waterleidingbedrijf of autoriteit.
Gebruik van bleekmiddelen op basis van chloor wordt niet aanbevolen, omdat ze de verwarmer kunnen beschadigen.
Voeg geen geharde brokken poederwasmiddel toe aan de wasmiddeldoseersysteem, omdat dit de leidingen in de wasmachine kan verstoppen.
Bij het gebruik van dikke vloeibare wasverzorgingsproducten, raden wij aan ze te verdunnen met water om verstopping van de doseerbak te voorkomen. Vloeibare wasmiddelen zijn bedoeld voor het wassen van programma's zonder een voorwascyclus.
Bij hogere centrifugesnelheden zal er minder restvocht in het wasgoed achterblijven. Dientengevolge, zal het drogen in een wasdroger economischer en sneller zijn.
| Waterhardheid | Hardheid niveaus | |||
| °dH (°N) m mol/l °fH(°F) p.p.m. | ||||
| 1 – zacht < 8,4 < 1,5 < 15 < 150 | ||||
| 2 – normaal 8,4 - 14 1,5 - 2,5 15 - 25 150 - 250 | ||||
| 3 – hard > 14 > 2,5 > 25 > 250 | ||||

Controleer de informatie over waterhardheid bij uw plaatselijke waterleidingbedrijf of autoriteit.

1 Een separator/verdelerlip wordt bij de wasmachine geleverd, waardoor vloeibaar wasmiddel aan het hoofdwascompartiment kan worden toegevoegd (linker compartiment).
2 Poeder en vloeibaar wasmiddelniveau-indicator
3 Als u waspoeder gebruikt, moet de lip van de afscheider/verdeler worden opgetild.
4 Bij gebruik van vloeibaar wasmiddel moet het lipje van de afscheider/verdeler naar beneden worden geplaatst.
De symbolen voor de wasmiddel doseerbakken
| ∪ | voorwas |
| ÷ | hoofdwas |
| ✿ | verzachten |
We raden aan poedervormig wasmiddel direct voordat u gaat wassen toe te voegen. Als u het toevoegt, zorg dan dat het wasmiddelcompartiment in de dispenser volledig droog is voordat u het poederreinigingsmiddel toevoegt, anders kan het poedervormig wasmiddel voor het begin van het was proces samenklonteren.
Giet de wasverzachter in de dispenser, in het compartiment met het -symbool. Neem de aanbeveling op de verpakking van de wasverzachter in acht.
Vul het wasverzachtercompartiment niet over het max. markering (maximaal aangegeven niveau). Anders wordt de verzachter te snel aan de was toegevoegd, wat leidt tot een slecht was effect.
TIPS VOOR HET VERWIJDEREN VAN VLEKKEN
Voordat u speciale vlekverwijderaars gebruikt, probeer de natuurlijke methoden op minder hardnekkige vlekken, die het milieu niet schaden.
Snelle actie is echter vereist! Week de vlek met een absorberende spons of een papieren handdoek; spoel dan af met koud (lauw) water – maar nooit met heet water!
| Vlekken Vlekken verwijderen | |
| Modder Als de vlek droog | is, schraap het eerst van het kledingstuk voordat u het in de wasmachine wast. Als de vlek hardnekkig is, moet u hem weken vóór het wassen met een vlekverwijderaar op basis van enzymen. Als de vlek niet hardnekkig is, was het wasgoed dan met vloeibaar wasmiddel of waspoeder en water voor het wassen. |
| Antiperspirant Voordat u in de wasmachine wast, moet u vloeibaar wasmiddel op het wasgoed aanbrengen. Breng vlekverwijderaars aan op hardnekkige vlekken. U kunt ook bleekmiddel op zuurstofbasis voor de was gebruiken. | |
| Thee Laat het wasgoed weken of spoel het in koud water en voeg zo nodig een vlekverwijderaar toe. | |
| Chocolade Laat het wasgoed inweken of spoel het uit met lauw water met zeepsop. Breng vervolgens citroensap aan en spoel af. | |
| Inkt Breng vlekverwijderaars aan op de vlek voordat u in de wasmachine wast. U kunt ook gedenatureerde alcohol gebruiken. Keer het kledingstuk binnenste buiten en plaats een papieren handdoek onder de vlek. Gebruik de alcohol op de achterkant van de vlek. Aan het einde van het proces het kledingstuk grondig uitspoelen. | |
| Viltstiften Verdun wat zetmeel in water en breng het op de vlek aan. Wanneer het droogt, schraap het weg met een borstel; Was het kledingstuk vervolgens in de wasmachine. | |
| Babyvoeding (urine, modder, voedselvlekken) | Laat de vlekken minstens een half uur in lauw water weken, voordat u het wasgoed in de wasmachine wast. Voeg voor vlekverwijdering een op enzymen gebaseerde vlekverwijderaar toe. |
| Gras Week het wasgoed in een vlekverwijderaar op basis van enzymen, voordat u het wasgoed in de wasmachine wast. Grasvlekken kunnen ook worden verwijderd door gedurende ongeveer 1 uur te weken in verdund citroensap of gedistilleerde azijn. | |
| Eieren Doordrenk het kledingstuk in een op enzymen gebaseerde vlekverwijderaar. Week in koud water gedurende minimaal 30 minuten of een paar uur als de vlekken hardnekkig zijn. Was vervolgens in de wasmachine. | |
| Koffie Week het kledingstuk in zout water. Als de vlek niet vers is, kunt u hem weken in een mengsel van glycerine, ammonia en alcohol. | |
| Schoensmeer Breng frituurolie aan op de vlek en spoel af. | |
| Bloed Verse vlekken – spoel het kledingstuk af met koud water en was het in de wasmachine. Gedroogde vlekken – week het kledingstuk in een op enzymen gebaseerde vlekverwijderaar. Was vervolgens in de wasmachine. Als de vlek niet verdwijnt, probeer het dan te verwijderen met een bleekmiddel dat geschikt is voor uw kledingstuk. | |
| Lijm, kauwgom Plaats het kledingstuk in een zak en zet het in de vriezer tot de vlek hard wordt. Verwijder het vervolgens met een bot mes. Verdun vervolgens de vlek met een vlekverwijderaar en spoel grondig na. Was vervolgens het wasgoed zoals gewoonlijk. | |
| Makeup Gebruik een vlekkenverwijderaar voor de voorwas; dan in de wasmachine wassen. | |
| Boter Breng een vlekverwijderaar aan op de vlek voordat u in de wasmachine wast.Spoel vervolgens af met heet water (zo heet als de stof toelaat). | |
| Melk Doordrenk het kledingstuk in een op enzymen gebaseerde vlekverwijderaar.Week minstens 30 minuten of een paar uur als de vlekken hardnekkig zijn.Was vervolgens in de wasmachine. | |
| Fruit sap Breng een mengsel van zout en water aan op de vlek. Laat het een tijdje inwerken en spoel het daarna uit. U kunt natriumbicarbonaat, gedistilleerde azijn of citroensap op de vlek aanbrengen voordat u het in de wasmachine wast. Gebruik glycerine voor oude vlekken. Na 20 minuten afspoelen met koud water en daarna het wasgoed in de wasmachine wassen. | |
| Wijn Laat het wasgoed minstens 30 minuten in koud water weken. Gebruik ook een vlekkenverwijderaar. Was vervolgens in de wasmachine. | |
| Wax Leg het kledingstuk in de vriezer tot de was hard wordt. Schraap de wax vervolgens van het wasgoed af. Verwijder de resterende wax door een papieren handdoek op de vlek te leggen en verwarm deze vervolgens met een strijkbout totdat het papier de wax absorbeert. | |
| Zweet Breng voor het wassen in de wasmachine vloeibaar wasmiddel aan op de vlek. | |
| Kauwgom Leg het kledingstuk in de vriezer tot de kauwgom hard wordt. Schraap het dan af. Was vervolgens in de wasmachine. | |
APPARAAT AFVOEREN
De verpakking is gemaakt van milieuvriendelijke materialen die zonder gevaar voor het milieu kunnen worden gerecycled, verwijderd of vernietigd. De verpakkingsmaterialen zijn op de juiste wijze gelabeld.

Het symbool op het product of de verpakking geeft aan dat het product niet als normaal huishoudelijk afval mag worden behandeld. Breng het product naar een erkend inzamelcentrum voor verwerking van afgedankte elektrische en elektronische apparatuur.
Wanneer u de wasmachine aan het eind van zijn nuttige levensduur weggooit, verwijder dan alle netsnoeren en vernietig de deur en de schakelaar om te voorkomen dat de deur vergrendelt of dichtvalt (kinderveiligheid).
Correcte verwijdering van het product helpt negatieve effecten op het milieu en de gezondheid van mensen voorkomen, die kunnen optreden in geval van onjuiste productverwijdering. Neem voor gedetailleerde informatie over het verwijderen en verwerken van het product contact op met de betreffende gemeentelijke instantie die verantwoordelijk is voor het afvalbeheer, uw afvalverwerkingsdienst of de winkel waar u het product hebt gekocht.
* U kunt het toerental van het centrifugeren veranderen tot het maximum aantal toeren
** Afhankelijk van het model
-- Koud wassen
| Programma's | Temp. [°C] | NORMALCARE (basis/vooringestelde instelling) | CENTRIFUGEN (Centrifuge snelheid) |
| Wastijd [minuten] | [toeren/min.] | ||
| Eco 40-60 | -175 * 1200 | ||
| Overhemden (Overhemden met stoom) | 40 61 | ** 800 | |
| 30 59 | |||
| Allergie Stoom (Anti-allergie programma met stoom) | 90 163 | ||
| * 80060 138 | |||
| 40 118 | |||
| Automatisch (Auto wassen) | 30 93 * 1200 | ||
* U kunt het toerental van het centrifugeren veranderen tot het maximum aantal toeren
** Afhankelijk van het model
-- Koud wassen
Lage watertemperatuur, lage netspanning en kleine wasladingen kunnen de wastijd beïnvloeden.
Als gevolg van afwijkingen in type en hoeveelheid wasgoed, centrifuge, stroomtoevoeroscillatie en omgevingstemperatuur en -vochtigheid, kunnen de programmaduur en energieverbruikswaarden die bij de eindgebruiker worden gemeten afwijken van degene die in de tabel zijn vermeld.
PRODUCTINFORMATIEBLAD Volgens EU-Verordening nr. 2019/2014
(afhankelijk van het model)
| Naam van de leverancier of het handelsmerk: | |||||
| Adres van de leverancier (b): | |||||
| Typeaanduiding: | |||||
| Algemene productparameters: | |||||
| Parameter Waarde Parameter Waarde | |||||
| Nominale capaciteit (a) (kg) x, x Afmetingen in cm | Hoogte x | ||||
| Breedte x | |||||
| Diepte x | |||||
| EEIw (a) x, x Energie-efficiëntieklasse ( | a) [A/B/C/D/E/F/G] (c) | ||||
| Wasefficiëntie-index (a) x, xx Spoeldoeltreffendheid (g/kg) (a) | x, x | ||||
| Energieverbruik in kWh per cyclus, gebaseerd op het programma »eco 40-60«. Het werkelijke energiever bruik hangt af van de manier waarop het apparaat wordt gebruikt. | x, xxx | Waterverbruik in liters per cyclus, gebaseerd op het programma »eco 40-60«. Het werkelijke waterver bruik hangt af van de manier waarop het apparaat wordt gebruikt en van de hardheid van het water. | x | ||
| Maximumtemperatuur in het behandelde wasgoed (a) (°C) | Nominale capaciteit | x | Resterend vochtgehalte (a) (%) | Nominale capaciteit | x |
| Helft x Helft x | |||||
| Kwart x Kwart x | |||||
| Centrifugesnelheid (a) (toeren/min.) | Nominale capaciteit | x | Centrifuge-efficiëntieklasse (a) | [A/B/C/D/E/F/G] (c) | |
| Helft x | |||||
| Kwart x | |||||
| Programmaduur (a) (u:min) | Nominale capaciteit | x:xx | Type | [ingebouwd/vrijstaand] | |
| Helft | x:xx | ||||
| Kwart | x:xx | ||||
| Emissie van akoestisch luchtgeluid in de centrifugefase (a) (dB(A) re 1 pW) | x | Emissieklasse voor akoestisch luchtgeluid (a) (centrifugefase) | [A/B/C/D] (c) | ||
| Uitstand (W) | x, xx Stand-bystand (W) | x, xx | |||
| Startvertraging (W) (indien van toepassing) | x,xx | Netwerkgebonden stand-by (W) (indien van toepassing) | x,xx |
| Minimumduur van de door de leverancier geboden garantie (b): | |||
| Dit product is zo ontworpen dat er zilverionen vrijko men tijdens de wascyclus | [JA/NEE] | ||
Aanvullende informatie:
Link naar de website van de leverancier met de informatie zoals bedoeld in punt 9 van bijlage II bij Verordening (EU) 2019/2023 (a) van de Commissie (b):
(a) van het programma »eco 40-60«.
(b) wijzigingen van deze elementen worden niet relevant geacht voor de toepassing van artikel 4, lid 4, van Verordening (EU) 2017/1369.
(c) de leverancier voert deze gegevens niet in indien de productendatabank de definitieve inhoud van deze cel automatisch aanmaakt.
LAGE STANDBY-MODUS
Als u geen programma start nadat de wasmachine is ingeschakeld (toets (1) VOOR IN/
UITSCHAKELING/PAUZE (RESET), gaat het display na 5 minuten uit en in stand-by om energie te besparen.
Het display wordt opnieuw geactiveerd door de programmakeuzeknop (2) te draaien of door op de (1) VOOR IN/UITSCHAKELING/PAUZE (RESET)-toets te drukken. In sommige modellen zal het lampje in de trommel van de wasmachine oplichten. Als u niets doet nadat het programma is voltooid, gaan het display en het lampje in de trommel na 5 minuten uit om energie te besparen.
$$ P o = \text { vermogen wanneer uitgeschakeld } [ \mathrm{W} ] < 0, 5 $$
We behouden ons het recht voor op eventuele wijzigingen en fouten in de gebruiksaanwijzing.
Hisense
life reimagined















Ophangen 
Lage temp. 















Aan het einde van het wasprogramma wordt op het display beurtelings de opschriften »cln« en »End« weergegeven.

