Ygnis

Varfree - Ketel Ygnis - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis Varfree Ygnis in PDF-formaat.

📄 46 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag 10 vragen ⚙️ Specs
Notice Ygnis Varfree - page 6
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.
Merk Ygnis
Model Varfree
Producttype Condenserende gaswandketel met modulerende brander
Vermogensklassen 40, 60, 80, 100 kW
Geschikt voor Aardgas H (G20) en L (G25)
Nominaal vermogen (80/60°C) 40 / 56,5 / 80 / 92,6 kW (afhankelijk van type)
Condensatievermogen (50/30°C) 44 / 61,8 / 87 / 100 kW
Elektrische voeding 230 V AC (+10% / -15%), 50 Hz
Opgenomen vermogen (max) 160 - 300 W (afhankelijk van type)
Stand-by vermogen 7 W
Waterinhoud 4,6 L (40) / 6,1 L (60) / 9,4 L (80/100)
Leeg gewicht 66 - 88 kg (afhankelijk van type)
Maximale aanvoertemperatuur 80 °C
Maximale bedrijfsdruk 4 bar
Minimale waterdruk (koud) 1 bar
Rookgasafvoertypes B23, B23P, C13, C33, C53
NOx-klasse 4 (type B) / 5 (type C)
Type brander Modulerende voor-mengbrander
Condensafvoer Ja, via sifon (meegeleverd)
Aansluitingen (aanvoer/retour) G 1" (40/60) / G 1 1/4" (80/100)
Aansluiting gas G 3/4"
Onderhoud Jaarlijks door gekwalificeerd personeel

Veelgestelde vragen - Varfree Ygnis

Hoe stel ik de verwarmingstemperatuur in?
Druk op de toets verwarmingsinstelling. De actuele temperatuur verschijnt op het display. Gebruik de toetsen of + om de gewenste wateraanvoertemperatuur (20-80°C) of ruimtetemperatuur (10-26°C) in te stellen. Druk nogmaals op de toets om te valideren.
Wat moet ik doen als de ketel een foutcode weergeeft?
Noteer de foutcode die op het display knippert. Druk op de info-toets en vervolgens tegelijk op en om de uitgebreide foutcode te lezen. Raadpleeg de foutmeldingentabel in de handleiding (pagina 29) voor de betekenis. Probeer de oorzaak te verhelpen en druk daarna minstens 2 seconden op de reset-toets.
Hoe vaak moet ik onderhoud aan de ketel laten uitvoeren?
Een jaarlijks onderhoud door gekwalificeerd personeel is verplicht. Dit omvat reiniging van de warmtewisselaar, controle van de elektroden, sifon en dichtingen, evenals meting van de verbrandingswaarden.
Kan ik de ketel op een ander type gas laten werken?
Ja, de ketel kan worden omgesteld van aardgas H (G20) naar aardgas L (G25) of omgekeerd. Dit moet door een erkende installateur gebeuren. Bij de VARFREE 80/100 moet de gasklep worden bijgesteld; voor de 40/60 is geen mechanische aanpassing nodig, alleen parameterinstellingen.
Hoe vul ik water bij in de installatie?
Zorg dat de installatie koud is. Open de vulkraan en vul langzaam tot de manometer minimaal 1 bar aangeeft. Ontlucht de installatie via de ontluchtingskraan. Gebruik bij voorkeur onthard water (TH < 1°f) om kalkaanslag te voorkomen.
Wat is de minimale waterdruk?
De minimale waterdruk bij koude installatie is 1 bar. Bij warme installatie mag de druk maximaal 4 bar bedragen. Controleer regelmatig de manometer.
Hoe reinig ik de warmtewisselaar?
Schakel de stroom en gastoevoer uit. Demonteer het voorpaneel en de branderdeur. Borstel de buizen van de warmtewisselaar voorzichtig met een niet-metalen borstel. Gebruik geen chemische reinigingsmiddelen. Zuig het vuil op en plaats alles terug.
Waar vind ik reserveonderdelen voor mijn Varfree?
Reserveonderdelen zijn te bestellen via de serviceafdeling van Ygnis of uw installateur. In de handleiding (hoofdstuk 9) vindt u een lijst met onderdeelnummers, zoals ontstekingselektrode (072146), ventilatordichting (072145) en gasklep (073040 voor 40 kW).
Hoe schakel ik over naar de zomer-/wintermodus?
Gebruik de toets verwarmingsregime om te kiezen tussen Comfort, Eco of Auto. In de zomer kunt u de verwarming uitschakelen door de modus Stand-by te selecteren; de sanitair warmwaterproductie blijft actief indien gewenst.
Wat moet ik doen bij een storing van de waterdruk?
Als de foutcode E164 verschijnt, duidt dit op een probleem met de waterdrukverschilpressostaat of waterdrukregelaar. Controleer of de waterdruk tussen 1 en 4 bar is. Ontlucht de installatie en reset de ketel. Blijft de storing aanhouden, raadpleeg dan een installateur.

Gebruikersvragen over Varfree Ygnis

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Ketel in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Varfree - Ygnis en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Varfree van het merk Ygnis.

GEBRUIKSAANWIJZING Varfree Ygnis

CONDENSERENDE GASWANDKETEL 40-60-80-100kW met modulerende brander voor aardgas Type: B23 - B23P - C13 - C33 - C53

Ygnis Varfree - CONDENSERENDE GASWANDKETEL 40-60-80-100kW met modulerende brander voor aardgas Type: B23 - B23P - C13 - C33 - C53 - 1

Voor de naverkoopdienst van uw ketel contacteer:

ygnis

Avenue Château Jaco 1

1410 Waterloo

Tel.:+3223572828

Fax: +32 2 353 21

Toestel conform de richtlijnen van de Europese Gemeenschap:

- Richtlijn Laagspanning 2006/95/CE :

‘Dit apparaat is niet bedoeld om zonder hulp en/of toezicht gebruikt te worden door kinderen of andere personen indien hun fysieke, zintuiglijke of mentale vermogen hen niet in staat stellen dit apparaat op een veilige wijze te gebruiken, tenzij zij van tevoren instructies hebben ontvangen betreffende het gebruik van dit apparaat door een verantwoordelijke persoon. Er moet toezicht zijn op kinderen zodat zij niet met het apparaat kunnen spelen.’

- Richtlijn Elektromagnetische Compatibiliteit 2004/108/CEE,

- Richtlijn Rendement 92/42/CEE,

- Richtlijn Gastoestel 90/396/CEE

CONSTRUCTEUR

Guillot Industrie

1 Route de Fleurville - BP 55

FR - 01190 PONT DE VAUX

Verklaart dat de hierna genoemde toestellen in overeenstemming zijn met artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 08/01/2004 betreffende de emissies waarden van NOx en CO.

Merk :

YGNIS

Types :

VARFREE 40

VARFREE 60

VARFREE 80

VARFREE 100

Het EC type onderzoek, zoals beschreven in bijlage II van het Koninklijk besluit, uitgevoerd door het geaccrediteerde laboratorium : CERTIGAZ n°1312

De procedure voor overeenstemming met het type, zoals beschreven in bijlage III, uitgevoerd door het geaccrediteerde laboratorium : CERTIGAZ n°1312

Gemeten emissies en toegepaste normen :

TYPESNOx[mg/kWh] bij 0% O2 CO[mg/kWh] bij 0% O2 Toegepaste normen
VARFREEVARFREE
406080100406080100
B23< 45< 45< 40< 35< 60< 80< 95< 100EN 297
C13< 45< 40< 40< 30EN 483
C33< 45< 40< 40< 30EN 483
C53< 45< 45< 40< 35EN 483

De documentatie is beschikbaar bij de dienst « Ontwikkeling » van hoger genoemde fabrikant.

Philippe BOUQUIAUX

Handtekening :

Datum : 26/01/2010

0RNO0111-A_FL-BE

37

INHOUDSOPGAVE

1. Afmetingen en onderdelen....6

1.1. Afmetingen....6
1.2. Onderdelen VARFREE....7

2.1. Categorie gas....8
2.2. Nominale, maximale en minimale ingangsdrukken gas ....8
2.3. Verbrandingskarakteristieken op 15°C en 1013 m bar......8
2.4. Werkingscondities 9
2.5. Karakteristieken elektrische aansluiting....9

3. Installatie ....10

3.1. Reglementering voor installatie in België....10
3.2. Standplaats ....10
3.3. Installatie van de ketel....11
3.4. Aansluiting rookgasafvoer 12
3.5. Hydraulische aansluiting....17
3.6. Gastoevoer....19
3.7. Elektrische aansluiting....19
3.8. Aansluitingen gebruiker op de klemmenstroken van de ketel 21
3.9. Elektrisch schema VARFREE....22

4. Bedieningspaneel ketel 23

4.1. Interface 23
4.2. Scherm....23
4.3. Werkingsmodi....24
4.4. Instellingen....26
4.5. Informatie over de status van de ketel....27
4.6. Instelling parameters ....30

5. Werking ketelthermostaat LMU64 060D168....31

6. Inbedrijfstelling ....31

6.1. Te controleren voor de inbedrijfstelling van de ketel....31
6.2. Wijziging gastype ....32
6.3. Inbedrijfstelling 34

7. Controles na de inbedrijfstelling ....34

7.1. Condensafvoer....34
7.2. Gastoevoer....34

8. Onderhoudswerkzaamheden 34

8.1. Jaarlijkse controles....35
8.2. Aftappen ketel ....36

9. Onderdelen....37

9.1. VARFREE 40 ....37
9.2. VARFREE 60 ....38
9.3. VARFREE 80 / 100 ....39
9.4. Bedieningspaneel VARFREE 40

10. Overzichtstabel gebruikersparameters....41

11. Montage van de sifon voor de condensafvoer 44

11.1. Montage van de sifon op de VARFREE 40 / 60....44
11.2. Montage van de sifon op de VARFREE 80 / 100....45
11.3. Montage van de veiligheidsklep op de VARFREE 46

1. Afmetingen en onderdelen

1.1. Afmetingen

Ygnis Varfree - Afmetingen - 1

VARFREE 40 / 60VARFREE 80 / 100
RRetour verwarmingG 1” G 1” 1/4
MAanvoer verwarmingG 1” G 1” 1/4
GGastoevoerG 3/4 ” G 3/4 ”
CWateraansluitingG 1/2 ” G 1/2 ”
S1Veiligheidsventiel 1/2 ” 1/2 ”
CALuchtinlaat∅ 80 ∅ 80
CSRookgasafvoer∅ 80∅ 100
S3Condensafvoer∅ 22 ∅ 22

1.2. Onderdelen VARFREE

Ygnis Varfree - Onderdelen VARFREE - 1

1A-Gasklep 40 / 60
1B - Gasklep 80 / 100
2 - Ventilator
3 -lonisatie-elektrode
4 – Ontstekingselektrode
5 – Ontstekingstransformator
6 – Sensor rookgastemperatuur
7 – Automatische ontluchter
8 – Sensor waterretourtemperatuur
9 – Luchtdrukverschilregelaar

10 – Veiligheidsthermostaat
11 - Waterdrukverschilregelaar
12 – Sensor wateraanvoertemperatuur
13 – Waterdrukregelaar
14 - Terugslagklep
15 – Circulatiepomp
16 – Ontluchtkraan / Aftapkraan
17 – Veiligheidsventiel (los meegeleverd)
18 – Sifon condensafvoer (los meegeleverd)
19 - Bedieningspaneel

Deze VARFREE ketel is standaard ingesteld om te werken op aardgas uit groep H (type G20) met een ingangsdruk van 20 mbar.

Zie hoofdstuk 6.2 indien u een ander type gas heeft, en doe een beroep op gekwalificeerd personeel.

In geval van installatie op een gasnet van 300 mbar, monteer een gasfilter en een gasdrukregelaar op de ketel volgens de geldende voorschriften.

Indien u handelingen uitvoert aan een verzegeld component vervalt de garantie (Behalve bij verandering van gastype uitgevoerd door gekwalificeerd personeel).

2.1. Categorie gas

Land BE
VARFREE 40 / 60 I2E(S) B
VARFREE 80 / 100 I2E(R) B

2.2. Nominale, maximale en minimale ingangsdrukken gas

Aardgas H G20Aardgas L G25
Nominale druk (mbar)20 25
Minimale druk (mbar)17 20
Maximale druk (mbar)25 30

2.3. Verbrandingskarakteristieken op 15°C en 1013 m bar

VARFREE
406080100
Nominaal vermogen Pn (80/60°C)G20/G25kW40,0 / 33,056,5 / 46,680,0 / 66,092,6 / 76,4
Nominaal vermogen bij condensatie P (50/30°C)G20/G25kW44,0 / 36,361,8 / 51,087,0 / 72,0100 / 82,5
Nominale warmtebelasting QnG20/G25kW41,6 / 34,358 / 47,983,0 / 68,595,1 / 78,5
Minimale warmtebelasting QminG20/G25kW12,6 / 10,414,5 / 12,025,5 / 21,025,5 / 21,0
Gasdebiet G20 bij Pn m3/u 4,46,18,810,1
Gasdebiet G25 bij Pn m3/u 5,16,18,810,1
Rookgasdebiet bij Qn (G20)g/s19273944
Rookgastemperatuur bij Qn°C67706876
Drukverlies in het rookgascircuit bij QnPa47755074
Maximaal toegelaten druk op de pijp (B23P)Pa8515080110
Debiet verbrandingslucht bij Qn m3/u 5476109124
NOx-klasse type B / C4 / 54 / 55 / 55 / 5
Classificatie in functie van de rookgasafvoer en de luchttoevoerB23, B23P, C13, C33, C53

2.4. Werkingscondities

VARFREE
40 6080 100
Ingestelde maximale aanvoertemperatuur°C 80
Veiligheidstemperatuur°C 100
Maximale bedrijfsdrukbar 4
Minimumdruk bij koude installatiebar 1
Nominaal circulerend volume op primaire traject / op secundaire traject (P/20)m3/u2,1 / 1,72,4 / 2,44,0 / 3,44,0 / 4,0
Waterinhoud (buiten hydraulische kit code 059515)I 4,66.1 9.4 9.4
Leeg gewichtkg 6673 88 88

2.5. Karakteristieken elektrische aansluiting

40 60 80 100VARFREE
Elektrische voedingV230 V AC (+10% -15%), 50Hz
Opgenomen elektrisch vermogen bij Qn (zonder accessoires)W160190270300
Opgenomen elektrisch vermogen in stand-byW7
Maximumlengte van de sensorkabelsmSensor SWW : 10Buitensensor: 40Ruimtethermostaat: 40Ruimtesensor: 50
Klemmenstrook - vermogenVA230V AC (+10%, -15%)5 mA - 1 A
Temperatuur in °COhmse-weerstandswaardenSensoren aanvoer/retour QAK36.095/109en rookgassensor QAK36.670/109NTC 10 KΩ bij 25°C
0°C32 555 Ω
10°C19 873 Ω
20°C12 488 Ω
25°C10 000 Ω
30°C8 059 Ω
40°C5 330 Ω
50°C3 605 Ω
60°C2 490 Ω
70°C1 753 Ω
80°C1 256 Ω
90°C915 Ω
100°C677 Ω
110°C508 Ω
120°C387 Ω

3. Installatie

3.1. Reglementering voor installatie in België

De installatie en het onderhoud van het toestel moeten door gekwalificeerd personeel uitgevoerd worden, conform de wettelijke voorschriften en de geldende regels der vakkundigheid. Voor België de normen NBN D 51.003, NBN D 61.002 et NBN D61.001.

3.2. Standplaats

Plaats de VARFREE ketel niet tegen een muur die bekleed is met brandbaar materiaal : kunststof, hout, enz.

De verbrandingslucht moet vrij zijn van chloorhoudende stoffen, ammoniak, fluor en alkalines. Deze stoffen zitten in spuitbussen, verven, schoonmaakproducten, was-middelen, detergenten, lijmen, dooizout, enz. Zuig geen lucht aan uit lokalen waar dergelijke producten gebruikt worden: zwembad, wasplaats, droogkuis, kapsalon, koelruimte,... waar deze producten in de verbrandingslucht terecht kunnen komen.

Aanbevolen afstand tot de muren:

Er is genoeg speling voorzien om overal gemakkelijk bij de ketel te kunnen. De minimumwaarden zijn aangegeven op het schema hiernaast en in de tabel hieronder.

Deze waarden voldoen aan de specifieke reglementaire vereisten.

Ygnis Varfree - Aanbevolen afstand tot de muren: - 1

*De hoogte H mini, ter indicatie aangegeven, duidt de benodigde ruimte aan voor de montage van de rookgasafvoer. Er is rekening gehouden met de benodigde ruimte voor de bocht op 87° bij een horizontaal kanaal, onafhankelijk van de lengte en de hellingsgraad ervan.

Type rookgasafvoerB23/B23PC13/C33C53
VARFREE 40 / 60/Ø110 40 / 60/Ø125 80 / 100/Ø110 80 / 100/Ø125 80 / 100/Ø160 40 / 60/Ø80/125 80 / 100/Ø100/150 40 / 60/Ø80/80 80 / 100/Ø100/100
H mini*405475465450655475525310350

3.3. Installatie van de ketel

Consulteer voor de installatie het technisch referentiewerk VARFREE.

Ygnis Varfree - Installatie van de ketel - 1

Opgelet: Het is verplicht, zowel voor één ketel als voor verschillende ketels in cascade, een hydraulische kit te installeren. Het gewicht van deze kit moet niet door de ketel gedragen worden.

Installatie van de VARFREE ketel met hydraulische kit code 059515
VARFREE 40 / 60 80 / 100 F 125 135 P 472 626 ORNO0016 269

269 500 405 Muurbevestiging met 2 schroeven Ø M10 Ø 12X15 1457 872 hauteur mini/sol:1780 585 R M 330 87 M : Aanvoerleidin R : Retourleiding

M : Aanvoerleiding R : Retourleiding

Installatie van maximaal 4 VARFREE 100 ketels in cascade. Model 40 en/of 60 Aantal 2 3 4 A 507 Ø B 160 H 22 35 2265 2295 L 11 22 1674 2226 Model 80 en/of 100 Aantal 2 3 4 A 532 Ø B 200 H 23 93 2423 2453 L 11 22 1674 2226 M : Aanvoerleiding R : Retourleiding 470 322 427 Manchon 1' 1780 Ø B

3.4. Aansluiting rookgasafvoer

Belangrijk: Hoe de verbrandingsgassen ook worden afgevoerd, het gewicht van de rookgaskanalen en de

luchtkanalen moet niet door de ketel gedragen worden.

Welk type aansluiting u ook maakt voor de afvoer van de rookgassen, het is noodzakelijk dat u het verlengstuk, voorzien van een meetstut voor analyse van de rookgassen (meegeleverd met de ketel), op het mondstuk voor rookgasafvoer bovenaan de ketel monteert.

Bij de installatie van één enkele ketel, moet dit verlengstuk ingekort worden volgens de waarden in de tabel hiernaast.

Volg hiervoor de werkwijze getoond in het schema hiernaast.

Varfree 40/60 80/100 Ø ext 80 100 F +5 125 135 L +5 160 170 0RNO0017

3.4.1. Aansluiting op een schoorsteen B23 en B23P

Om de VARFREE op een rookgaskanaal B23 of B23P aan te sluiten moet u de aansluittoebehoren van de VARFREE gebruiken (zie tabel op de volgende pagina).

Bij B23 moet het rookgaskanaal gedimensioneerd worden volgens een verbrandingsgasdruk van 0 Pa bij keteluittrede. Opmerking: de norm DTU 24.1 staat het gebruik toe van een trekonderbreker om een druk van 0 Pa op de pijp te bekomen, dit garandeert een storingsvrije werking van uw ketel bij te veel trek.

De rookgasafvoerkanalen moeten uit een condensbestendig materiaal zijn aangezien er zich tijdens de werking van de ketel condens kan vormen.

Dit materiaal moet ook bestand zijn tegen temperaturen tot 120°C.

De Belgische reglementering verbiedt het gebruik van PPTL-buizen op ketels met een vermogen < 70 kW ; u moet dus inox buizen gebruiken.

Adaptor Luchtfilter A MINI 00RN00052

De VARFREE ketels zijn ketels met hoog rendement en zeer lage rookgastemperaturen; bijgevolg moeten de afvoerkanalen stijgend zijn opdat ze zo goed mogelijk zouden trekken.

Horizontale kanalen moeten vermeden worden omdat deze te veel condens vasthouden. Respecteer daarom in de horizontale gedeeltes een minimale hellingsgraad van 3 % naar de ketel toe. Een aftap T-stuk is niet nodig, omdat condensopvang voorzien is in de ketel. Om de montage te vergemakkelijken, smeert u de dichtingen in met vloeibare zeep of smeervet.

Respecteer de regels der kunst, de norm DTU 65.4 voor schoorstenen, DTU 24.1 voor rookgasafvoer, evenals alle geldende nationale en locale reglementeringen.

BELANGRIJK:

Wanneer meerdere ketels op één enkel rookkanaal zijn aangesloten, controleer dan het volgende:

- wanneer alle ketels in werking zijn, bereken dan of het rookkanaal niet onder druk staat,

- wanneer één van de ketels niet in werking is of op minimaal vermogen, controleer dan of de andere ketels niet in deze ketel uitblazen.

Toebehoren B23-B23P Referentie
VARFREE 40 / 60Amini80 / 100Amini
Adaptateur conduit fumée+ Luchtfilter ∅ 80∅80M / ∅110F : 059499∅80M / ∅125F : 05950020002055∅100M / ∅110F : 059501∅100M / ∅125F : 059502∅100M / ∅160F : 059503206020302195

Ygnis Varfree - BELANGRIJK: - 1

Voor de aansluiting van het type B23P, is het noodzakelijk kanalen onder druk te gebruiken (voorgesteld door het WTCB).

Het afvoerkanaal voor de verbrandingsgassen moet zodanig gedimensioneerd worden dat de maximale druk bij keteluittrede de maximaal toegestane waarde, vermeld in de tabel hiernaast (regime 80%60°C), niet overschrijdt.

TypeMaximaal toegestane druk in Pa (regime 60/80°C)
VARFREE 4085
VARFREE 60150
VARFREE 8080
VARFREE 100110

Ygnis Varfree - BELANGRIJK: - 2

Afhankelijk van de reële kanaalconfiguratie, is het nodig te berekenen of de druk bij keteluittrede de maximaal toegestane waarde, hierboven vermeld, niet overschrijdt.

Ygnis Varfree - BELANGRIJK: - 3

Voor de VARFREE 60 ; 80 en 100 aangesloten op B23P en werkend op gas G25 of gemengd G20/G25, moeten volgende parameters op de LMU-regelaar ingesteld worden:

  • Zet de ketel in stand-by met toets ⚪ (zie §4.3).
  • Druk gelijktijdig de toetsen ▼ en △ in om naar de parametragemodus voor de installateur te gaan (zie § 4.6). Het scherm moet parameters tonen van het type Hxxx.
  • U kunt door de parameters scrollen met de toetsen en tot aan parameter H608.
  • Met de toetsen <− en +, wijzigt u de waarde van de parameter volgens de tabel hiernaast.
  • Valideer de wijziging met de toets
  • Met de toets ▼ kunt u verder door de parameters scrollen tot aan de volgende parameter aangeduid in de tabel hiernaast.

  • Na validering van de tweede parameter, verlaat u de parametragemodus door op 📄 te drukken.

  • Schakel de stroom van de ketel uit, en daarna terug aan.
Parameters LMU
H608pwmontstekingH611Ontstekings-snelheid
VARFREE 6018,51600
VARFREE 8019,03000
VARFREE 10019,03000

3.4.2. Aansluiting gesloten systeem C53

VARFREE
40 6080 100
Kit parallelle doorvoer C53Volgens aanwijzingen UBBINKVerticaal eindstuk 100/150 + Eindstuk verbrandingslucht 100 + verloopstuk 80/100
ReferentieOnze commerciële dienst raadplegen059513

Goedgekeurde kanalen zijn: Ubbink Rolux Condensation 'Gescheiden systeem' 80/80 voor type 40 / 60 en Ubbink Rolux Condensation 'Gescheiden systeem' 100/100 voor type 80 / 100.

Voor de plaatsing van de gevel- en dakdoorvoer moet u de aanwijzingen op de volgende pagina opvolgen.

Bij het berekenen van de lengte van de kanalen moet u met de volgende regels rekening houden:

- Bocht van 90° = 1 m recht kanaal.

- Bocht van 45° = 0,5 m recht kanaal.

Voor de rookgasafvoer dient u een minimale hellingsgraad te respecteren van 3 % naar de ketel toe in de horizontale gedeeltes.

Opgelet: Voor het horizontale luchttoevoerkanaal moet u absoluut een minimale hellingsgraad van 3% voorzien naar buiten toe om regenwaterinsijpeling te voorkomen (zie schema hiernaast).

Om de montage te vergemakkelijken, smeert u de dichtingen in met vloeibare zeep of smeervet.

Maximale rechte lengte van het kanaal L + L1 = in de grijze zone van de grafiek hieronder (zonder eindstuk).

Ygnis Varfree - Aansluiting gesloten systeem C53 - 1

De aangegeven afstanden van de gevel-/dakdoorvoer tot ramen en deuren zijn minimumwaarden die moeten gerespecteerd worden om conform de norm NF DTU 61.1 te zijn. Voor uw dagelijks comfort is het echter aangewezen de doorvoer verder verwijderd te plaatsen.

3.4.2. Aansluiting gesloten systeem C13 et C33

Om de VARFREE ketel aan te sluiten op de doorvoer C13 of C33 is het gebruik van deze toebehoren verplicht. De tabel hieronder toont de beschikbare toebehoren, afhankelijk van het type ketel, de kanaaldiameters en de maximale rechte lengtes.

Goedgekeurde kanalen zijn: Ubbink Rolux Condensation Concentrisch (Polypropyleen / Metaal).

VARFREE
40 6080 100
horizontale doorvoer type C13Eindstuk C13Volgens aanwijzingen UBBINKCode 059507
∅ kanalenConcentrisch 80/125Concentrisch 100/150
A min (mm)2125 2165
Lmax*9 m9 m9** m9** m
Verticale doorvoer type C33Eindstuk C33Volgens aanwijzingen UBBINKCode 059512
∅ kanalenConcentrisch 80/125Concentrisch 100/150
A mini (mm)2035 2060
Lmax*9 m9 m9** m9** m

* De opgegeven lengtes Lmax zijn lengtes zonder eindstuk en bocht van 90° voor het type C13, en zonder eindstuk voor het type C33.

Hou bovendien bij de berekening van de lengte van het kanaal rekening met de volgende regels:

  • Bocht van 90° = 1 m recht kanaal.
  • Bocht van 45° = 0,5 m recht kanaal.

Voor de plaatsing van de gevel- en dakdoorvoer moet u de aanwijzingen op de vorige pagina opvolgen.

Respecteer een minimale hellingsgraad van 3 % naar de ketel toe. Boor voor type C13 een gat in de muur van 150mm diameter voor het eindstuk 80/125 en een gat van 180mm diameter voor het eindstuk 100/150. Dicht daarna af met polyurethaanschuim om een eventuele demontage te vergemakkelijken.

Om de montage te vergemakkelijken, smeert u de dichtingen in met vloeibare zeep of smeervet.

L A MINI

Ygnis Varfree - Aansluiting gesloten systeem C13 et C33 - 2

** De VARFREE 80 en 100 is standaard afgeregeld voor een doorvoerlengte van 0 tot 5m. Voor een langere lengte (van 5 tot 9m), moeten bepaalde parameters van de ketel veranderd worden naar de waarden die u vindt in de tabel op de volgende bladzijde.

VARFREE 80/100 geïnstalleerd met een doorvoer van 0 tot 5m: Verplichte parameterinstellingen op de LMU:

  • Zet de ketel in stand-by met de toets Ⓞ (zie §4.3).
  • Druk gelijktijdig de toetsen ▼en △in om naar de parametragemodus voor de installateur te gaan (zie § 4.6). Het scherm moet parameters tonen van het type Hxxx.
  • U kunt door de parameters scrollen met de toetsen ▽ en △ tot aan parameter H608.

  • Met de toetsen ← en ▶ wijzigt u de waarde van de parameter volgens de tabel hierna.

  • Valideer de wijziging met de toets
  • Met de toets ▼ kunt u verder door de parameters scrollen tot aan de volgende parameter aangeduid in de tabel hierna.
  • Herhaal de 3 laatste handelingen voor alle parameters van de tabel.

- Na validering van de laatste parameter, drukt u op

Ygnis Varfree - VARFREE 80/100 geïnstalleerd met een doorvoer van 0 tot 5m: Verplichte parameterinstellingen op de LMU: - 1

om de modus te verlaten.

- Schakel de stroom van de ketel uit, en daarna terug aan.

VARFREE80 / 100Lengte doorvoer LParameters LMU
H608pwmontstekingH609pwmminiH611ontstekings-snelheidH612min.snelheidH613max.snelheid
0 à 5 m22,5 / 22,510,5 / 10,53500 / 35001750 / 17505200 / 6100
5 à 9 m23 / 2311,5 / 11,53600 / 36001850 / 18505450 / 6400

3.5. Hydraulische aansluiting

3.5.1. Beschikbare restdruk

Herinnering: Bij de installatie van één enkele ketel is de montage van een hydraulische kit verplicht.

Restdruk tussen de aanvoerleiding M en retourleiding R van de ketel (zie figuur hoofdstuk 1.1).

| Debiet van water (l/h) | Manométrique grootte (mbar) | | ---------------------- | --------------------------- | | 1400 | 350 | | 2200 | 25 |

VARFREE 60
| Debiet van water (l/h) | Manométrique grootte (mbar) | | ---------------------- | --------------------------- | | 1800 | 275 | | 2400 | 30 |

VARFREE 80 / 100
Beschikbare manométrique grootte
| Debiet van water (l/h) | Manométrique grootte | | ---------------------- | -------------------- | | 2500 | 420 | | 4000 | 50 |

Vullen van de installatie:

Het ganse leidingnet moet goed ontlucht zijn. Dit kan het efficiëntst gebeuren door het vullen van de ketel zo traag mogelijk te laten verlopen en ondertussen de aftapkraan op de aanvoerleiding open te laten (punt 16, hoofdstuk 1.2).

Zodra uit deze kraan een continue waterstraal stroomt zonder luchtbellen, draait u ze toe en stopt u met vullen. Nu de ketel op druk is (1 bar min. bij koude installatie; 4 bar max. bij warme installatie), laat u de interne circulatiepomp enkele keren kort starten en stoppen.

Wanneer bij het starten van de ketel de foutcode « E164 » verschijnt, is het mogelijk dat er nog lucht in het circuit zit. In dit geval kan het nodig zijn de ontluchter manueel uit te schakelen (punt 7, hoofdstuk 1.2) door de zwarte plastic dop weg te nemen en druk uit te oefenen op het membraan.

Na het vullen:

- Controleer de druk van het water met een manometer (niet meegeleverd). Warme installatie : maximaal 4 bar ; koude installatie : minimaal 1 bar.

- Controleer of de ketel en de hele installatie goed ontlucht zijn (kijk met een waterpas of de ketel horizontaal staat).

Het gebruikte water, vanaf de inbedrijfstelling, en voor de ganse levensduur van de ketel, moet conform de volgende waarden zijn:

- Vulwater

Bij het vullen van een nieuwe installatie, of nadat de installatie compleet geledigd is, moet het vulwater conform de volgende karakteristieken zijn:

☐ TH: < 10°f

- Bijvulwater

Een grote hoeveelheid onbehandeld water kan kalkafzetting veroorzaken. Dit kan voor oververhitting zorgen en zelfs leiden tot scheuren van de leidingen. Kijk hier nauwgezet op toe. Een watermeter is verplicht. Het bijvulwater moet beantwoorden aan volgende karakteristieken:

☐ TH : < 1°f

- Leidingwater

Het leidingwater kan voor corrosie zorgen door :

□ de zuurtegraad,
□ de aanwezigheid van zuurstof,
□ aanwezige metalen.

Om dit te vermijden moet het leidingwater behandeld worden zodat het aan volgende parameters beantwoordt :

☐ PH : van 8,2 tot 9,5
□ Zuurstofreductor: overbodig.

De gebruikte chemische producten moeten nauwgezet en rigoureus behandeld worden. Wij adviseren een beroep te doen op een firma gespecialiseerd in waterbehandeling; zij zullen u het volgende voorstellen :

☐ De geschikte behandeling in functie van de karakteristieken van de installatie.
□ Een follow-upcontract en resultaatgarantie.

Om de aanwezigheid van zuurstof in het cv-leidingnet zoveel mogelijk te voorkomen, is het aangeraden tijdens de installatie zo weinig mogelijk lucht in te laten en waterlekken te vermijden

U moet wel enkele voorzorgsmaatregelen in acht nemen zoals het plaatsen van een watermeter zodat u zo snel mogelijk verwittigd wordt van een eventuele waterlek. Het bijvulwater brengt immers zuurstof in het cv-leidingnet.

3.5.3. Behandeling verwarmingscircuit

Renovatie verwarmingsinstallatie:

Een complete reiniging van de installatie is noodzakelijk om alle bezinksel en residu's te verwijderen.

Aanbevolen producten voor de reiniging zijn: Fernox reinigingsproducten voor cv-leidingen en Sentinel X300 of X400.

Spoel de installatie tot het water helder is en vrij van alle onzuiverheden.

Preventief kunt u een corrosieremmend product gebruiken. Aanbevolen producten zijn: Fernox

Nieuwe installatie:

Maak de installatie schoon met een universeel schoonmaakproduct opdat alle vuil en lasresten verwijderd worden.

Aanbevolen producten voor de reiniging zijn: Fernox reinigingsproducten voor cv-leidingen en Sentinel X300 of X400.

Spoel de installatie tot het water helder is en vrij van alle onzuiverheden.

Preventief kunt u een corrosieremmend product gebruiken. Aanbevolen producten zijn: Fernox

3.5.4. Condensafvoer

De afvoer dient via een trechter en een pvc-buis (diameter minstens 32mm) naar de riolering gelegd te worden, aangezien het condenswater zuur is en dus agressief (pH-waarde tussen 3 en 5).

beschermingsproducten voor cv-leidingen, Sentinel X100, X500 en Sottin 212.

Volg bij gebruik van deze producten, de instructies van de fabrikant op.

Deze handelingen moeten, net zoals de waterbehandeling, uitgevoerd worden door een gespecialiseerde firma.

beschermingsproducten voor cv-leidingen, Sentinel X100, X500 en Sottin 212.

Volg bij gebruik van deze producten, de instructies van de fabrikant op.

Deze handelingen moeten, net zoals de waterbehandeling, uitgevoerd worden door een gespecialiseerde firma.

Respecteer een hellingsgraad van 3% om een goede afloop te verzekeren.

Neutraliseer voor het afvoeren het condenswater volgens de geldende reglementeringen

3.6. Gastoevoer

De gasklep is uitgerust met een geïntegreerde filter (125μm), maar deze kan niet alle onzuiverheden tegenhouden die zich in het gas en de leidingen bevinden. Om een mogelijk slecht functioneren van de gasklep te voorkomen, raden wij aan een aangepaste filter te monteren op de gastoevoer van de ketel (50μm).

Vooraleer de gastoevoer naar de installatie open te zetten, dient u er zeker van te zijn dat alle aansluitingen correct uitgevoerd en dicht zijn.

Controleer in het bijzonder of er een loskoppelbare verbinding is tussen de afsluitklep en de gastoevoeraansluiting van de ketel.

De waarde bij intrede gasklep (aansluiting begindruk, zie schema's hoofdstuk 6.2) moet tussen 17 en 25 mbar zijn bij maximale belasting

(aardgas van groep H en van type G20).

Ygnis Varfree - Gastoevoer - 1

De aansluiting van de gasleiding mag niet mechanisch belast zijn (gevaar voor gaslekken).

Controleer of de druk van de aardgastoevoer overeenkomt met de nominale druk van de ketel, vermeld op het kenplaatje.

3.7. Elektrische aansluiting

Om toegang te krijgen tot de klemmenstroken :

- Schroef de 2 kruiskopschroeven (met indruk Pozidriv) van het voorpaneel los.

- Klik het voorpaneel los door het aan de 2 zijdelingse handgrepen vast te nemen.

- Verwijder de plakband (transportbeveiliging). Hef het bedieningspaneel op en draai het 180° naar voor.

- De klemmenstroken zijn nu toegankelijk.

① 123

Ygnis Varfree - Elektrische aansluiting - 2

Maak gebruik van de kabeldoorvoeropeningen en de kabelklemmen op de bodem van de ketel voor de elektrische aansluitingen.

Voor een optimale werking van uw ketel is het aangewezen de vermogenskabels en de signaalkabels te scheiden: zie schema hieronder.

3 x kabeldoorvoer vermogenskabels 3 x kabeldoorvoer signaalkabels 2 kabelklemmen vermogenskabels 1 kabelklem signaalkabels 00rno0035 Klemmenstrook vermogen signalen

Respecteer bij aansluiting het bekabelingschema, in het bijzonder de polariteiten fase, sterpunt en aarde (zie figuur op volgende pagina).

Ygnis Varfree - Elektrische aansluiting - 4

Het is verplicht deze ketel te aarden en de norm NFC 15.100 (versie 2002) voor elektrische laagspanningsinstallaties in Frankrijk te respecteren. Voorzie een bipolair verbreekcontact op de ketel (afstand tussen de contacten : 3,5 mm minimaal).

Overigens moet u absoluut de CE-normen respecteren betreffende de elektrische aansluiting en in het bijzonder betreffende de aansluiting van de aarding (NF EN 60 335-1).

Wij raden zeer sterk aan de elektrische installatie uit te rusten met een verliesstroombeveiliging van 30 mA. De karakteristieken van de elektrische installatie zijn te vinden in hoofdstuk 2.5.

3.8. Aansluitingen gebruiker op de klemmenstroken van de ketel

De ketel moet permanent elektrisch gevoed worden. U dient een tweepolige schakelaar met contactopening van tenminste 3mm op de ketel te plaatsen. De draden van de voedingskabel (stijf of soepel) hebben een sectie van tenminste 3 x 1,5 mm 2 .

Respecteer de polariteit bij de elektrische voeding van de ketel:

Fase : L, (bruine, zwarte of rode draad),

Aarde: ⏚, (groene en gele draad),

Sterpunt: N, (blauwe draad).

Klemmenstrook vermogen Klemmenstrook signalen Netvoeding Kabel 3x1,5mm², Øext 9 max Bediening circulatiepomp verwarming, 1 A max. Kabel 3x1,5mm², Øext 9 max Bediening circulatiepomp SWW, 1 1 A max. Kabel 3x1,5mm², Øext 9 max Programmeerbare ruimethermostaat Ruimethermostaat direct circuit Buitensor…

Als alle elektrische aansluitingen uitgevoerd zijn, plaatst u het bedieningspaneel terug.

3.9. Elektrisch schema VARFREE

Ventilator qasblok Electrode d'allumage (Ontstekingselektrode) Electrode ionisation (Ionisatie-elektrode) Schakelaar 1.2 1.1 (N1) 2.1 (L1) N CEM filter L N k1 N K3 N Netvoeding Bediening circulatiepomp verwarming Bediening circulatiepomp SWW Luchtdruk- verschilregelaar HMI-LCD schem Interface Valigh…

4. Bedieningspaneel ketel

4.1. Interface

De gebruikersinterface van de ketel bevat de hoofdschakelaar, een printkaart met LCD-scherm met achtergrondverlichting (2 lijnen van 4 cijfers + pictogrammen) en 10 toetsen.

Alle gebruikersinstellingen en de eventuele parameterinstellingen gebeuren via dit bedieningspaneel. U kan er ook informatie consulteren over de werking van de ketel.

Toetsen regimekeuze Schakelaar ketel Toetsen voor de instellingen Toets voor herinstelling 17:32 53°C Programmeertoetsen Informatietoets

4.2. Scherm

Het scherm toont de staat van de ketel (Werkingsregime, uur, tijdsprogramma, temperatuur ketel, vlam, eventuele storing).

SWW-regime Pictogrammen : SWW-productie bezig of temperatuur SWW Verwarming actief, of ingestelde temperatuur van de ketel of ruimtetemperatuur Comfortregime Nachtregime Buitentemperatuur Vlam Alarm 17:32 5:31 0 4 8 12 16 20 Verwarmings- regime Uur Temperatuur ketel Samenvatting tijdsprogramma

Wanneer er een fout optreedt die de werking niet blokkeert, verschijnt op het display afwisselend het uur en de foutcode. Hierdoor gaat het toestel niet in veiligheid.

E140 53°C

Wanneer de ketel door een fout in veiligheid gaat, knippert de foutcode op het display op de plaats waar anders de temperatuur van de ketel staat. Onderaan links op het display verschijnt een klokje.

17:12 E 133

Kijk bij paragraaf « Foutmelding » op pagina 29 voor de verklaring van de foutcode.

Bij telefonische assistentie zal u gevraagd worden de foutcode mee te delen evenals de uitgebreide code. Hiervoor drukt u op de informatietoets i vervolgens drukt u gelijktijdig op de toetsen en om de uitgebreide foutcode te kunnen aflezen.

Druk op ivervolgens op of om terug te keren naar het standaardscherm.

4.3. Werkingsmodi

Toets verwarmingsregime

Hiermee kiest u het verwarmingsregime onder de modi Stand-by, Comfort, Eco en Auto.

Stand-by 17:32 5.3°C 0 4 8 12 16 20

Er wordt geen rekening gehouden met een interne warmte- vraag. De antivorstfunctie is actief.

Externe warmtevragen (0-10 V of LPB-bus) blijven actief behalve bij cascadetoepassing.

Comfort 17:32 5:3°C 0 4 8 12 16 20

Het brandervermogen wordt aangepast om te voldoen aan de verwarmingsinstelling 📂.

Eco 0 4 8 12 16 20 5 3°C 17:32

Het brandervermogen wordt aangepast om te voldoen aan de verlaagde verwarmingsinstelling (Parameter nr. 5, zie paragraaf 4.6 « Instelling parameters»).

Auto

scadetoepassing dient u de ketel me

Afhankelijk van het tijdsprogramma, schakelt de regelaar tussen Comfortregime en Ecoregime.

Bij een cascadeoepassing dient u de ketel mee in cascade te zetten.

Er zijn nog 2 extra modi, voor onderhoud en service, beschikbaar. Hiermee kunt u metingen op de ketel uitvoeren :

Roet - verwijdering

Druk tegelijkertijd gedurende onge 46°C

Met deze modus kunt u de brander op vollast laten draaien.

veer 3 sec. de toetsen en

Ygnis Varfree - Roet - verwijdering - 2

in.

De brander start (voor zover dit nog niet het geval was) en verhoogt zijn vermogen om het maximale calorisch debiet te leveren.

De brander stopt als u de maximaalthermostaat uitzet.

Zolang deze functie geactiveerd is, wordt de warmte geëvacueerd d.m.v. een forceersignaal 1 .

Uit- schakeling regelaar

45%

Met deze modus stelt u manueel het calorisch debiet van de brander in.

Druk vanuit één van de standaardmodi tegelijkertijd op 10 en gedurende ongeveer 6 sec., of vanuit de modus roetverwijdering gedurende 3 sec.

De instelling 'relatief vermogen' 2 van de brander verschijnt op het scherm.

Met de toetsen ◀ of ➕ kunt u de instelwaarde per stappen van 1% instellen. Met de toetsen ▼en △ kunt u rechtstreeks naar de instelling min. en max. vermogen (0% of 100%) gaan.

Zolang deze functie geactiveerd is, wordt de warmte geëvacueerd d.m.v. een forceersignaal 1

Om één van deze twee modi te verlaten en terug te keren naar de standaard modus drukt u tegelijkertijd op gedurende 1 seconde.

1 Forceersignaal: doet de pompen aanslaan, en/of zet de driewegventielen van de aangesloten verwarmingscircuits open om de warmte te evacueren.
2 Relatief vermogen: het effectief vermogen van de brander, afhankelijk van het moduleringsbereik. 0% komt overeen met het minimumvermogen, 100% komt overeen met het maximumvermogen van de brander.

Activeert / deactiveert de sanitairwarmwaterproductie

17:32 5 3°C 0 4 8 12 16 20 SWW-productie actief

17:32 5 3°C 0 4 8 12 16 20 SWW-productie niet actief

4.4. Instellingen

Verwarmingsinstelling

Afhankelijk van de gekozen regelmodus, kan de ingestelde temperatuur iets anders betekenen:

  • In de modus constante aanvoertemperatuur, is de water-aanvoertemperatuur instelbaar van 20°C tot 80°C.
  • In de modus regeling in functie van de buitentemperatuur of in functie van de ruimtetemperatuur, of beide, is de ruimtetemperatuur instelbaar van 10°C tot 26°C.

Druk de toets verwarmingsinstelling in. De actuele instelling verschijnt op het display.

Druk de toetsen ← of + in om de wateraanvoertemperatuur in te stellen.

Druk opnieuw de toets verwarmingsinstelling Ⓗ in om de instelling te valideren en de functie te verlaten.

Indien gedurende ongeveer 8 minuten geen enkele toets wordt ingedrukt, wordt er automatisch teruggekeerd naar het standaardscherm.

75°C

SWW-instelling, regelbaar van 50°C tot 65°C

Deze functie is enkel toegankelijk indien de SWW-productie aangesloten is op de ketel.

Druk de toets voor instelling sanitair warm water in. De actuele instelling verschijnt op het display.

Druk de toetsen ← of + in om de temperatuur voor het sanitair warm water in te stellen.

Druk opnieuw de toets SWW-instelling 10v in om de instelling te valideren en de functie te verlaten.

Indien gedurende ongeveer 8 minuten geen enkele toets wordt ingedrukt, wordt er automatisch teruggekeerd naar het standaardscherm.

62°C

Ygnis Varfree - SWW-instelling, regelbaar van 50°C tot 65°C - 2

Bij de SWW-instelling moet rekening gehouden worden met de geldende reglementeringen ter voorkoming van legionella.

4.5. Informatie over de status van de ketel

Toets Info ⓘ

Op elk ogenblik kan u met de toets info alle basisinformatie bekijken. Bij elke druk op verschijnt de volgende variabele.

1 Temperatuur SWWYgnis Varfree - Toets Info ⓘ - 1
2 Niet gebruiktYgnis Varfree - Toets Info ⓘ - 2
3Code branderfase(zie paragraaf «Codes branderfase» pag. 30)Ygnis Varfree - Toets Info ⓘ - 3
4 BuitentemperatuurYgnis Varfree - Toets Info ⓘ - 4
5Foutcode Albatros 3 (zie paragraaf «Foutmeldingen» pag. 29)Ygnis Varfree - Toets Info ⓘ - 5
6 Temperatuur ketelYgnis Varfree - Toets Info ⓘ - 6

Om naar het standaardscherm terug te keren, druk op de toets

3 Albatros : benaming door SIEMENS voor de foutcodes.

Vanuit de infomodus (druk op 🔒 kunt u extra gegevens bekomen over de werking van de ketel. Druk hiervoor tegelijkertijd gedurende ongeveer 3 sec. op de toetsen en √De △ tijdsaanduiding op het scherm wordt vervangen door een adres dat bestaat uit een letter (b, C, d) en een cijfer (van 0 tot 7). Gebruik de toetsen √ en om de letter te wijzigen. Gebruik de toetsen — of + om het cijfer te wijzigen. Druk de toets in om terug te keren naar de infomodus, of of Ⓞ om terug te keren naar het standaardscherm.

12.68

Adres Informatie
b0Uitgebreide foutcode
b1Temperatuur retoursensor
b2-
b3Rookgastemperatuur
b4Temperatuur buitensensor
b5Samengestelde buitentemperatuur
b6Verminderde buitentemperatuur
b7Temperatuur aanvoersensor kit 3-wegventiel
C1Ionisatiestroom ( A )
C2Gemeten ventilatorsnelheid
C3Gemeten PWM-signaal ventilator
C4Relatief vermogen PWM
C5-
C6Reëel verschil instelling / gemeten waarde
d1Instelling voor keteltemperatuur (inbegrepen SWW en andere verwarmingscircuits)
d2Ingestelde verwarmingstemperatuur
d3Ingestelde kamertemperatuur
d4Temperatuurinstelling SWW
d5Maximale PWM ventilator in verwarmingsregime
d6Max. ventilatorsnelheid in verwarmingsregime

Wanneer door een fout de LMU-regelaar in veiligheid gaat, verschijnt het alarmsignaal continu op het scherm en de foutcode knippert. Om de regelaar opnieuw in te stellen, moet u eerst de oorzaak van de

fout wegnemen, vervolgens drukt u gedurende minstens 2 sec. op de reset-toets ⏻

Nr. AlbatrosBetekenis
0Geen enkele foutcode – geen fout
10Fout buitensensor
20Fout aanvoertemperatuursensor
28Fout rookgastemperatuursensor
32Fout Clip-in sensor
40Fout retourtemperatuursensor
50Fout SWW-temperatuursensor
61Ruimtethermostaat: storing
62Fout ruimtethermostaat of fout radioklok
81Kortsluiting op de LPB-bus, of slechte voeding
82Adresconflict op de LPB-bus (meerdere identieke adressen)
91Verlies van gegevens op de EEPROM
92Fout in de elektronica
100Twee hoofdklokken in het systeem
105Waarschuwing onderhoud
110Uitschakeling veiligheidsthermostaat (elektronisch of mechanisch)
111Uitschakeling maximaalthermostaat (elektronisch)
113Overschrijding van de toegestane rookgastemperatuur
128Vlam gaat uit tijdens de werking
129Slechte luchttoevoer
130Beperking vermogen voor extreme rookgastemperatuur
133Geen vlamvorming na afloop van de beveiligingstijd of Omwisseling fase/sterpunt op de klemmenstrook (klemmen L en N)
140Segmentnummer of toestelnummer LPB ontoegankelijk
148Interfacecommunicatie LPB en LMU niet compatibel
151Interne fout LMU
152Parameterinstellingfout LMU
153Het toestel staat in vergrendelde stand
154Inbreuk op het waarschijnlijkheidscriterium
160Drempel ventilatorsnelheid is niet bereikt
161Overschrijding van de maximumsnelheid van de ventilator
162Luchtdrukregelaar is niet gesloten
164Contact verbroken DC : waterdrukverschilpressostaat / waterdrukregelaar
166Luchtdrukregelaar is niet open
180Reinigingsfunctie (roet) is actief
181Uit-functie van de regelaar is actief
183Het toestel bevindt zich in de parametragemodus

Om de branderfasecodes te raadplegen drukt u 3 keer op de toets Info (Zoals aangeduid in het stuk « Toets Info »).

Code Betekenis
0Stand-by (geen verwarmingsvraag)
1Startblokkering
2Opvoeren ventilatorregime
3Voorventilatie
4Wachttijd
5Voorontstekingtijd
6Beveiligingstijd
10Verwarmingsregime
11SWW-regime
12Parallelle werking verwarming en SWW
20Naventilatie
22Terug naar beginpositie
99Storing (actuele foutcode op het scherm)

4.6. Instelling parameters

Om de ketel zo optimaal mogelijk te configureren, kunnen een aantal parameters door de eindgebruiker gewijzigd worden. Om de ketelconfiguratie te beveiligen, zijn niet alle parameters toegankelijk voor de eindgebruiker. Ze zijn gegroepeerd per toegangsniveau.

Vanuit het standaardscherm krijgt u toegang tot de parametragemodus -niveau eindgebruiker- door de toetsen ▼ of △ in te drukken. Op het scherm verschijnt een P gevolgd door een parameternummer met 3 cijfers. Met de toetsen en kunt u de lijst met parameternummers overlopen. Wanneer u de te wijzigen parameter hebt gevonden, past u de waarde aan met de toetsen ← en ▶ De nieuwe waarde wordt gevalideerd zodra u naar de volgende of voorgaande parameter gaat, of wanneer u de modus verlaat door op i of ▽ of te drukken.

Zie "Overzichtstabel gebruikersparameters" aan het eind van deze handleiding.

PS32 15

Parameters toegankelijk voor de installateur

Vanuit het eindgebruikerniveau in de parametragemodus geraakt u bij het installateurniveau door gedurende 3 sec. tegelijkertijd op de toetsen en te drukken. De letter P wordt vervangen door een H.

Zie "Overzichtstabel gebruikersparameters" aan het eind van deze handleiding.

H504 84.5

5. Werking ketelthermostaat LMU64 060D168

| Event Type | Time (s) | |----------------------|----------| | Waakmodus | 0 | | Opstart | 11 | | Voorventilatie | 0 | | Vooront-sticking | 4.8 | | Veiligheidstijd | 10 | | Modulatic | 0 | | Naventilatic | 0 | | Terugkeer naar nul | 10 | | Startblokkering | 0 | | Overgang naar veiligheidstoestand |…

Legende :

PDE = Drukverschilpressostaat water, PE = Waterdrukregelaar. TS = Veiligheidsthermostaat.

= Alarm = Vlamdeteqtica = Ontsteekelktrode = Luchtdrukregelgar = Gasklep = Ventilator

N maxi = maximum toegelaten toerental. N allumage = toerental bij ontsteking. N mini = minimum toegelaten toerental bij moduleren. N arrêt = toerental minder dan 200 tr/min, dus beschouwd als 0. } Ventilator- snelheid

NOOT : Wanneer een eerste start mislukt, kan de LMU-thermostaat (afhankelijk van het vermogen van de ketel) nog 1 à 4 pogingen tot starten ondernemen.

6. Inbedrijfstelling

6.1. Te controleren voor de inbedrijfstelling van de ketel

Controleer bij cascadeopstelling het hydraulisch evenwicht van de ketels.

Verifieer of de druk bij koude installatie minimaal 1 bar is.

Als het gasnet 300 mbar is, kijk dan na of er een regelaar geïnstalleerd is op de gastoevoerleiding van de ketel.

Indien het een renovatie van een verwarmingsinstallatie betreft, verzeker u er dan van dat de spoeling en de eventuele reiniging van de installatie grondig is uitgevoerd (zie hoofdstuk « Waterkwaliteit » van deze handleiding).

6.2. Wijziging gastype

Deze VARFREE ketel is standaard ingesteld om te werken op aardgas uit groep H (type G20) met een ingangsdruk van 20 mbar.

Ygnis Varfree - Wijziging gastype - 1

Elke handeling met betrekking tot wijziging van het type gas moet door gekwalificeerd personeel uitgevoerd worden.

Sturing verhouding lucht/gas
P2 + P1 00m0042

VARFREE 40 / 60

1 - Gasklep
2 – Luchtdrukverschil- regelaar
3 – Luchtsignaal op de klep
4 – Luchtsignaal op de mengkamer
5 – Luchtsignaal op de bocht
6 - Mengkamer

0080x045 1 2 3 4 5 P1 P2

VARFREE 80 / 100

De klep moet afgeregeld worden terwijl de ketel op maximaal en op minimaal vermogen draait. Gebruik hiervoor de werkingsmodus 'Uitschakeling regelaar' (hoofdstuk 4.3) waarbij u direct naar de minimum- of de maximuminstelling kunt gaan (0% of 100%).
Opgelet: de regelwaarden gelden voor de gastoevoerdrukken bij intrede van de klep (meting ingangsdruk gasklep en brander in werking) opgegeven in onderstaande tabel:

Gastype G20 G25
Ingangsdruk (mbar)20 25

Ygnis Varfree - Elke handeling met betrekking tot wijziging van het type gas moet door gekwalificeerd personeel uitgevoerd worden. - 3

Herinnering:

Voor de VARFREE 40 en 60 hoeft de gasklep niet opnieuw afgeregeld te worden.

Bij een gastoevoer G25 of gemengd G20/G25, werkt de ketel volgens de fabrieksinstellingen voor G20.

Voor de VARFREE 80 en 100, hoeft de gasklep enkel opnieuw afgeregeld te worden in geval van een gastoevoer G25.

Bij gemengde gastoevoer G20/G25, werkt de ketel volgens de fabrieksinstellingen voor G20.

- Vooraleer de brander op te starten, stelt u op de gasklep het gasdebiet in met de regelschroef gasdebiet R1 volgens de waarden opgegeven in de tabel hieronder.

- Start de brander op maximaal vermogen. (Druk tegelijkertijd op 100 gedeurende ongeveer 6 seconden; op het scherm verschijnt 100%).

- Meet met behulp van een rookgasanalysetoestel, het CO 2 -gehalte in de rookgassen: open de stop op het rookgaskanaal en steek er de CO 2 -meetsonde in, midden in de rookgasstroom.

- Controleer de CO 2 -waarde bij maximaal vermogen Qmax en regel, indien nodig, de regelschroef gasdebiet R1 van de klep bij om de CO 2 -waarden uit de tabel hieronder te bekomen.

- Neem nu het minimaal vermogen Qmin (druk op ▼; op het scherm verschijnt 0%) en controleer of de CO₂-waarde overeenkomt met de waarden in de tabel hieronder. Indien nodig, regel de regelschroef R2 bij.

- Indien u bij minimaal vermogen hebt bijgeregeld, keert u terug naar maximaal vermogen Qmax (druk op △) en u controleert opnieuw de CO₂-waarde. Herhaal deze handelingen tot u de waarden verkrijgt die opgegeven zijn in de tabel hieronder.

- Keer terug naar de standaard werkingsmodus (druk op 📄).

+ R1 - 5 3 + 6 R2 - 2 1 1 - Aansluiting begindruk 2 - Aansluiting tussendruk 3 - Aansluiting luchtsignaal 5 - Regelschroef gasdebiet R1 6 - Regelschroef regelaar R2

VARFREE 80 / 100

VARFREEGas-klepGasVoorinstelling regelschroef gasdebiet R1 en regelschroef instelling regelaar R2 / G20CO2QmaxCO2indicatief Qmin
80SIT 822 NovamixG20-8,88,6
G25R1 1 toer losschroeven (+richting)8,8-9,08,4-8,6
100SIT 822 NovamixG20-8,88,6
G25R1 1 toer losschroeven (+richting)8,8-9,08,4-8,6

6.3. Inbedrijfstelling

Alle ketels worden in de fabriek onderworpen aan testen op aardgas van groep H (type G20) waarbij de volledige afregeling gebeurt.

Voer volgende handelingen uit voor de

inbedrijfstelling :

  1. Schakel de hoofdschakelaar in.
  2. Lok met de gebruikersinterface een warmtevraag uit via de comfortmodus (zie hoofdstuk 4 « Bedieningspaneel ketel »).

  3. Na het opstarten van de brander controleert u met een schuimend product de dichtheid van de aansluitingen van de gasleiding. Controleer de staat van de verbrandingsgassen met behulp van een rookgasanalysetoestel.

  4. Stel de ketel in (zie "Overzichtstabel gebruikersparameters" aan het einde van deze handleiding).

Ygnis Varfree - Inbedrijfstelling - 1

Indien u handelingen uitvoert aan een verzegeld component vervalt de garantie.

7. Controles na de inbedrijfstelling

7.1. Condensafvoer

Controleer of de condensafvoer niet verstopt is, noch aan de kant van de ketel, noch in de leiding.

7.2. Gastoevoer

Controleer of de diameter van de gasleiding correct gedimensioneerd is :

Het is noodzakelijk om alle ketels samen bruusk te stoppen met de hoofdschakelaar van de

verwarmingsinstallatie om te verifiëren of de veiligheid van de drukreduceerder niet uitschakelt.

Indien dit gebeurt is de gasleiding ondergedimensioneerd. Zet dan de schakelaar terug aan.

De ketels moeten automatisch weer aanslaan, zo niet, consulteer de fabrikant van de drukreduceerder.

8. Onderhoudswerkzaamheden

Een jaarlijks onderhoud moet uitgevoerd worden door gekwalificeerd personeel.

Voer allereerst onderstaande handelingen uit:

  • Zet de hoofdschakelaar af.
  • Sluit de gastoevoerklep af.
  • Zet de watertoevoer naar de ketel uit.

Reiniging van de warmtewisselaar (voor details: zie volgend hoofdstuk)

Kijk of er geen vuilafzetting in de leidingen is

Indien nodig, reinig de leidingen met een niet-metalen borstel (chemische reiniging verboden)

Ontsteekelektroden / ionisatie-elektroden (voor details: zie volgend hoofdstuk)

Controle geometrie van de ontstekingselektrode (spleetafstand) en van de ionisatie-elektrode

Indien nodig, vervang de elektroden

Sifon condensafvoer

Reinig de sifon van de condensafvoer en controleer of deze goed doorloopt (na controle met water vullen)

Controleer de staat en de aansluiting van de leidingen voor drukoverbrenging naar de luchtbocht, de gasklep en de luchtdrukverschilregelaar

Controleer de verbrandingshygiène

8.1. Jaarlijkse controles

  • Sluit de elektrische voeding af.
  • Sluit de gastoevoer af.
  • Schroef de 2 kruiskopschroeven (met indruk Pozidriv) van het voorpaneel los.
  • Klik het voorpaneel los door het aan de 2 zijdelingse handgrepen vast te nemen.
  • Hef het bedieningspaneel op en draai het 180° naar voor.

Ygnis Varfree - Jaarlijkse controles - 1

Bescherm de interne elektrische verbindingen van het bedieningspaneel wanneer u handelingen uitvoert aan de hydraulica van de ketel (gevaar voor spatwater).

Ygnis Varfree - Jaarlijkse controles - 2

  • Maak de gasleiding links binnenin de ketel los, de luchttoevoerslang in het onderste gedeelte en de leidingen voor drukoverbrenging van de gasklep en de mengkamer.
  • Ontkoppel de elektroden, de ventilator en de gasklep.
    • Schroef de 6 bouten M8 los.
  • Haal het geheel (branderdeur, ventilator, gasklep) er uit en leg dit voorzichtig op een propere plaats.
  • Indien u residu vindt in de verbrandingskamer, borstel dan de buizen van de warmtewisselaar met een niet-metalen borstel. Chemisch reinigen van de verbrandingskamer met een zuur of alkalisch product is verboden. Zuig het residu op.
  • Indien de hittebestendige isolatie onderaan de verbrandingskamer en aan de branderdeur beschadigd is, moet u deze absoluut vervangen.
  • Wanneer door een gebrekkige condensafvoer er vocht in de verbrandingskamer gekomen is, moet u absoluut de hittebestendige isolatie onderaan de verbrandingskamer en aan de branderdeur vervangen.
  • Vervang de dichtingen van de branderdeur indien deze beschadigd zijn.

VARFREE 40 / 60 DIRNODDA3

  • De branderrail behoeft geen onderhoud. Bij beschadiging dient u deze te vervangen.
  • U dient het volgende te controleren: de geometrie van de elektroden, de aanwezigheid van aluminiumafzetting, de keramische aspecten en de dichtingen. Als de elektroden en de dichtingen beschadigd zijn, dient u ze te vervangen.
  • Maak de sifon proper en controleer of deze goed doorloopt. Na het onderhoud moet de sifon terug met water gevuld worden.
  • Plaats de branderdeur terug en zet vast met de 6 kruisschroeven: aantal keren aandraaien: maximum 5.
  • Bij het terug monteren van de brander op de warmtewisselaar van de VARFREE 80 en 100, dient u te controleren of de oriëntatie van de luchtdrukaansluiting van het diafragma (gemonteerd aan het uiteinde van de mengkamer) zich in het oriëntatiebereik van 45° bevindt. Zie schema hieronder.
  • Sluit de gastoevoer aan, de luchttoevoerslang en de leidingen voor drukoverbrenging (zie aansluitschema in hoofdstuk 6.2).
  • Controleer de dichtheid van het gascircuit met een schuimend product.
  • Plaats het bedieningspaneel terug.
    • Schakel de elektriciteit weer in.
  • Stel de VARFREE in bedrijf, controleer de dichtheid van de branderdeur en verifieer de verbrandingshygiène: CO2-gehalte conform de waarden in de tabel van paragraaf 6.2.
  • Plaats het voorpaneel terug en maak het bovenaan vast met de 2 schroeven.

Drukaansluiting 45°

Toegestaan oriëntatiebereik van de luchtdruk-aansluiting diafragma op VARFREE 80 / 100

zicht volg. F 5.5±2 A 4.5±0.5

Positie elektroden brander

V A R F R E E 4 0 → A = 1 1 + 5 / - 3

VAEFREE 6 0 → A = 5, 5 + / - 2

10+5 -3 8±2 4.5±0.5 zicht volg. F

Positie elektroden brander VARFREE 80 / 100

F

Brander VARFREE onderaanzicht

8.2. Aftappen ketel

  • Sluit de afsluitventielen ter hoogte van de aanvoer- en retourcollectors,
  • Laat de druk zakken met het veiligheidsventiel.
  • Maak een luchtaansluiting op de koeldoos van de warmtewisselaar (losschroeven automatische ontluchter).
  • Open de aftapkraan op de aanvoerleiding.

9.1. VARFREE 40

Ygnis Varfree - VARFREE 40 - 1

Désignation Code N° Désignation Code
1Zijdelingse omkasting rechts en links 07213921Waterdrukverschilregelaar072166
2Zijpaneel rechts en links 07284922Automatische ontluchter 072164
3Toegangsdeur vooraan 07295523Retourleiding diafragma 073036
4Bovendeel omkasting vooraan 07288124Terugslagklep072167
5Bovendeel omkasting achteraan07285225Retourleiding klant073037
6Houder bochtstuk luchtkanaal07288226Circulatiepomp072168
7Warmtewisselaar07303327Aanvoerleiding073038
8Ontstekingselektrode07214628Veiligheidsthermostaat072169
9Ionisatie-elektrode07285629Veiligheidsventiel072165
10Dichting rookgasafvoer ∅ 10007214830Ontluchtkraan/Aftapkraan072171
11Vuurvaste schijf branderdeur07215031Ventilator073039
12Branderrail07303532Dichting ventilator072145
13Vuurvaste schijf achterkant branderhaard07215233+34Mengkamer lucht/gas072874
14Afdichtingen branderdeur07215335Gasklep073040
15Bedieningspaneel07285737Gasbuis072867
16Onstekingstransformator07213138Bochtstuk luchtkanaal072868
17Luchtdrukverschilregelaar07257339Luchtslang072875
18Waterdrukregelaar07230040Sifon condensafvoer072876
19Rookgastemperatuursensor072158
20Temperatuursensor wateraanvoer/-retour072859

9.2. VARFREE 60

Ygnis Varfree - VARFREE 60 - 1

NoBetekenis Code No Betekenis Code
1Zijdelingse omkasting rechts en links 0728808021Waterdrukverschilregelaar072166
2Zijpaneel rechts en links 07284922Automatische ontluchter 072164
3Toegangsdeur vooraan 07295523Retourleiding diafragma 072871
4Bovendeel omkasting vooraan 07288124Terugslagklep 072167
5Bovendeel omkasting achteraan 07285225Retourleiding klant072622
6Houder bochtstuk luchtkanaal07288226Circulatiepomp072168
7Warmtewisselaar07214427Aanvoerleiding072872
8Ontstekingselektrode07214628Veiligheidsthermostaat072169
9Ionisatie-elektrode07214729Veiligheidsventiel072165
10Dichting rookgasafvoer ∅ 10007214830Ontluchtkraan/Aftapkraan072171
11Vuurvaste schijf branderdeur07215031Ventilator072512
12Branderrail07215132Dichting ventilator072145
13Vuurvaste schijf achterkant branderhaard07215233+34Mengkamer lucht/gas072874
14Afdichtingen branderdeur07215335Gasklep072883
15Bedieningspaneel07285737Gasbuis072867
16Onstekingstransformator07213138Bochtstuk luchtkanaal072868
17Luchtdrukverschilregelaar07257339Luchtslang072875
18Waterdrukregelaar07230040Sifon condensafvoer072876
19Rookgastemperatuursensor072158
20Temperatuursensor wateraanvoer/-retour072859

Ygnis Varfree - VARFREE 60 - 2

NoBetekenis Code NoBetekenis Code
1Zijdelingse omkasting rechts en links 0728484821Waterdrukverschilregelaar072166
2Zijpaneel rechts en links 07284922Automatische ontluchter 072164
3Toegangsdeur vooraan 07295523Retourleiding diafragma 072860
4Bovendeel omkasting vooraan 07285124Terugslagklep 072509
5Bovendeel omkasting achteraan 07285225Retourleiding klant 072625
6Houder bochtstuk luchtkanaal07285326Circulatiepomp072510
7Warmtewisselaar07285427Aanvoerleiding072627
8Ontstekingselektrode07250528Veiligheidsthermostaat072169
9Ionisatie-elektrode07285629Veiligheidsventiel072165
10Dichting rookgasafvoer ∅ 10007251930Ontluchtkraan/Aftapkraan072171
11Vuurvaste schijf branderdeur07251731Ventilator072862
12Branderrail07294132Dichting ventilator072145
13Vuurvaste schijf achterkant branderhaard07215233Mengkamer lucht/gas072863
14Afdichtingen branderdeur07215334Gasklep 072864
15Bedieningspaneel07285835Gasbuis072938
16Onstekingstransformator07213137Bochtstuk luchtkanaal072867
17Luchtdrukverschilregelaar07257338Luchtslang072865
18Waterdrukregelaar07230039Sifon condensafvoer072869
19Rookgastemperatuursensor07215840Passtuk rookgasafvoer072870
20Temperatuursensor wateraanvoer/-retour07285941Aanvoerleiding klant072861

9.4. Bedieningspaneel VARFREE

00RNO0038 1 2 3 4 5

NoBetekenis Code
1Ketelregelaar LMU 64 VARFREE 40073041
Ketelregelaar LMU 64 VARFREE 60072877
Ketelregelaar LMU 64 VARFREE 80072873
Ketelregelaar LMU 64 VARFREE 100072878
2Interface / display HMI 060430
3Aan-/Uitschakelaar 070385
4CEM-filter 071487
5Zekering T6,3 H 071898

10. Overzichtstabel gebruikersparameters

Ketel: .... Locatie:

Serienr.:

Gelieve alle parameterwijzigingen in dit document in te vullen!

ParameterFunctie Instelbereik Default-waardeInstelling klant
Klok instellen
P 1Uur (actueel)00 :00 ... 23 :5900 :00
P 2Dag (actueel)1:maandag... 7:zondag1
P 5Instelling verminderde aanvoer/verlaagde ruimtetemperatuur (naargelang de modus)20...80 / 10...26 °C40 / 15
Uurprogramma directverwarmingscircuit
P 10Voorselectie te programmeren dag(en):
1-7 Volledige week 1-5 Maandag tot vrijdag1...7 Dag van de week 6-7 Zaterdag en zondag1-7
P 11Inschakeltijd 1 e periode0 :00 ... 24 :0006 :00
P 12Uitschakeltijd 1 e periode0 :00 ... 24 :0022 :00
P 13Inschakeltijd 2 e periode0 :00 ... 24 :0024 :00
P 14Uitschakeltijd 2 e periode0 :00 ... 24 :0024 :00
P 15Inschakeltijd 3 e periode0 :00 ... 24 :0024 :00
P 16Uitschakeltijd 3 e periode0 :00 ... 24 :0024 :00
Uurprogramma gemengd verwarmingscircuit
P 20Voorselectie te programmeren dag(en):
1-7 Volledige week 1-5 Maandag tot vrijdag1...7 Dag van de week 6-7 Zaterdag en zondag1-7
P 21Inschakeltijd 1 e periode0 :00 ... 24 :0006 :00
P 22Uitschakeltijd 1 e periode0 :00 ... 24 :0022 :00
P 23Inschakeltijd 2 e periode0 :00 ... 24 :0024 :00
P 24Uitschakeltijd 2 e periode0 :00 ... 24 :0024 :00
P 25Inschakeltijd 3 e periode0 :00 ... 24 :0024 :00
P 26Uitschakeltijd 3 e periode0 :00 ... 24 :0024 :00
Uurprogramma sanitairwarmwaterproductie (SWW)
P 30Voorselectie te programmeren dag(en):
1-7 Volledige week 1-5 Maandag tot vrijdag1...7 Dag van de week 6-7 Zaterdag en zondag1-7
P 31Inschakeltijd 1 e periode0 :00 ... 24 :0006 :00
P 32Uitschakeltijd 1 e periode0 :00 ... 24 :0022 :00
P 33Inschakeltijd 2 e periode0 :00 ... 24 :0024 :00
P 34Uitschakeltijd 2 e periode0 :00 ... 24 :0024 :00
P 35Inschakeltijd 3 e periode0 :00 ... 24 :0024 :00
P 36Uitschakeltijd 3 e periode0 :00 ... 24 :0024 :00
P 45Retour naar het standaard uurprogramma voor verwarming en SWW.(druk tegelijkertijd gedurende 3 sec. op de toetsen - en +)0
H 90Verlaagde temperatuurinstelling SWW50...65 °C60
H 91Vrijgave SWW-productie:0 Uurprogramma SWW 1 24u/240
H 93Niet gebruikt0
H 94Niet gebruikt0
Instellingen verwarmingscircuits
H 503Minimum insteltemperatuur direct circuit20...80 °C20
H 506Minimum insteltemperatuur gemengd circuit20...80 °C20
H 507Maximum insteltemperatuur gemengd circuit20...80 °C80
H 510Verhoging insteltemperatuur aanvoer sanitair warm water0 ... 30 K15
H 514Verhoging instelling ketel / gemengd circuit0 ... 30 K2
P 516Temperatuur niet-verwarming(30°C = permanente verwarming)8 ... 30 °C19
P 532Gradiënt stooklijn direct circuit1 ... 4015
P 533Gradiënt stooklijn gemengd circuit (actief naargelang configuratie)1 ... 4015
H 534Correctie ingestelde ruimtetemperatuur direct circuit-31 ... 31 K0
H 535Correctie ingestelde ruimtetemperatuur gemengd circuit (actief naargelang configuratie)-31 ... 31 K0
Configuratie ketel
H 536Maximale ventilatorsnelheid in verwarmingsregime 40 / 60 / 80 / 100)0 ... 9950 tr/min 4300/5650/5450/6400
H 542Minimaal vermogen ketel (40 / 60 / 80 / 100)0 ... 9999 kW 12/14/25/25
H 543Maximaal vermogen ketel (40 / 60 / 80 / 100)0 ... 9999 kW 40/58/80/95
H 544Wachttijd pompen, max. 218 min.(255 = permanente werking van Q1)0 ... 255 min 5
H 545Minimale branderwachtijd0 ... 3600 sec150
H 551Constante voor versnelde verlaging zonder invloed van de ruimtetemperatuur0 ... 200
H 552Instelling hydraulische configuratie van de installatie:66 Ketel alleen80 Ketel in cascade85 Ketel voor SWW in cascade66
H 553Invloed van de ruimtesensor op de verwarmingscircuits (enkel met ruimtesensor):Tiental invloed op gemengd circuit (GC), Eenheid: invloed op direct circuit (DC)0 GC niet beïnvloed door QAA 73 0 DC niet beïnvloed door QAA 731 GC gestuurd door hoofdkanaal van QAA 73 1 DC gestuurd door hoofdkanaal van QAA 732 GC gestuurd door secundair kanaal van QAA 73 2 DC gestuurd door secundair kanaal van QAA 73vb : 12 komt overeen met DC gestuurd door secundair kanaal van QAA 73 en GC gestuurd door hoofdkanaal van QAA 730
H 555.b0Niet gebruikt0
H 555.b1Sanitaire prioriteit:0 Absolute prioriteit 1 Geen prioriteit0
H 555.b2Niet gebruikt0
H 555.b3Niet gebruikt0
H 555.b4Antivorstbescherming van de installatie:0 Buiten dienst 1 In dienst1
H 555.b5Niet gebruikt0
H 555.b6Niet gebruikt0
H 558.b0Niet gebruikt0
H 558.b1Type constructie :0 Licht 1 Zwaar0
H 558.b2Type bediening SWW:0 Sensor 1 Thermostaat0
H 558.b3Niet gebruikt0
H 558.b4Niet gebruikt0
H 558.b5Niet gebruikt0
H 558.b6Niet gebruikt0
H 558.b7Niet gebruikt0
H 596Openingstijd / sluitingstijd van het driewegventiel van het gemengd circuit30 ... 873 sec150
H 597Doorstroming van het driewegventiel van het gemengd circuit1 ... 100 K24
Communicatie per LPB-bus
H 604.b0Synchronisatie klok / systeem :b1 b00 0 Autonome klok0 1 Uur van het systeem zonder afstelling1 0 Hoofdklok van het systeem0
H 604.b10
H 604.b2Regeling van de voeding van de bus :0 Gecentraliseerde voeding 1 Automatische voeding door de regelaars1
H 604.b3Uitlezing van de voeding van de bus :0 OFF 1 ON0
H 604.b4Non utilisé1
H 604.b5SWW afstemmen op de gebruikers:b6 b50 0 Enkel plaatselijke gebruikers0 1 Gebruikers van hetzelfde segment1 0 Alle gebruikers van het systeem0
H 604.b60
H 604.b7Voorrang LPB-bus op vermogenvraag via ingang 0 ... 10 V :0 Voorrang externe vraag naar vermogen1 Voorrang LPB-bus0
H 605 Adres toestel0 ... 161
H 606Adres segment :0 segment generator1 ... 14 segmenten gebruikers0 ... 140
Ventilatorinstellingen
H 608Signaal ventilatorbesturing bij ontstekingssnelheid (40 / 60 / 80 / 100)0...100 %21/19/22,5/22,5
H 609Signaal ventilatorbesturing bij minimumsnelheid (40 / 60 / 80 / 100)0...100 % 15/185/10,5/10,5
H 611Toerental ventilator bij ontstekingssnelheid (40 / 60 / 80 / 100)tr/min22001750/3500/3500
H 612Ventilatorsnelheid bij minimumsnelheid (40 / 60 / 80 / 100)tr/min 1450/1600/1750/1750
H 613Ventilatorsnelheid bij maximumsnelheid (40 / 60 / 80 / 100)tr/min 4300/5650/5200/6100
Kits Ingang / Uitgang met relais (AGU2.51x)
H 618Functie programmeerbare ingang:0 Geen erkele functie 3 Warmeluchtgordijn1 Modem 4 Voorgeschreven instelling2 Omschakelaar Modem 5 Voorgeschreven vermogen0
H 619Functie van de 1e programmeerbare uitgang:0 Inactief 6 Circulatiepomp voor afsluiten SWW2 Overdracht alarm 7 Signaal functie warmeluchtgordijn actief3 Werking brander 8 Circulatiepomp beneden voor evenwichtsfles5 Pomp 2verwarmingscircuit 12 Signaal analoge invoer actief2
H 620Functie van de 2e programmeerbare uitgang:0 Inactief 6 Circulatiepomp voor afsluiten SWW2 Overdracht alarm 7 Signaal functie warmeluchtgordijn actief3 Werking brander 8 Circulatiepomp beneden voor evenwichtsfles5 Pomp 2verwarmingscircuit 12 Signaal analoge invoer actief3
H 622Maximumtemperatuurinstelling voor maximumwaarde van het signaal analoge invoer, in voorgeschreven instelmodus5 ... 130 °C100
H 623Minimumwaarde van het bereik in % van het signaal analoge invoer om de brander te starten op minimaal vermogen, in voorgeschreven vermogensmodus5 ... 95 %20
Waarschuwingssignalen onderhoud
P 629Tijdelijke uitschakeling waarschuwingssignaal onderhoud:1 Uitschakeling waarschuwingssignaal0
H 630.b0Activering / deactivering waarschuwingssignaal onderhoud:0 Signaal gedeactiveerd 1 Signaal geactiveerd0
H 630.b6Algemene uitschakeling waarschuwingssignaal onderhoud:1 Uitschakeling waarschuwingssignaal0
H 630.b7Niet gebruikt0
H 634Aantal uren branderwerking sinds laatste onderhoud0
H 635Aantal starten brander sinds laatste onderhoud0
H 636Aantal maanden ketelwerking sinds laatste onderhoud0
Foutenhistoriek / Tellers
H 700Teller geregistreerde herhalingen fout 1
H 701Branderfase gedurende geregistreerde fout 1 *
H 702Uitgebreide code geregistreerde fout 1
H 703Teller geregistreerde herhalingen fout 2
H 704Branderfase gedurende geregistreerde fout 2 *
H 705Uitgebreide code geregistreerde fout 2
H 706Teller geregistreerde herhalingen fout 3
H 707Branderfase gedurende geregistreerde fout 3 *
H 708Uitgebreide code geregistreerde fout 3
H 709Teller geregistreerde herhalingen fout 4
H 710Branderfase gedurende geregistreerde fout 4 *
H 711Uitgebreide code geregistreerde fout 4
H 712Teller geregistreerde herhalingen fout 5
H 713Branderfase gedurende geregistreerde fout 5 *
H 714Uitgebreide code geregistreerde fout 5
H 715Teller geregistreerde herhalingen huidige fout
H 716Branderfase gedurende huidige geregistreerde fout
H 717Uitgebreide code huidige geregistreerde fout
H 718Werkingstijd brander0 ... 131070 u0
H 719Werkingstijd in verwarmingsmodus0 ... 131070 u0
H 720Werkingstijd in SWW-modus0 ... 131070 u0
H 721Werkingstijd in zoneregelingsmodus0 ... 131070 u0
H 722Teller starten0 ... 327675 0
H 728Foutcode Albatros 1e precedent
H 729Foutcode Albatros 2e precedent
H 730Foutcode Albatros 3e precedent
H 731Foutcode Albatros 4e precedent
H 732Foutcode Albatros 5e precedent
H 733Huidige foutcode Albatros

Cursief gedrukt: af te lezen parameters

* : Overeenkomst codes branderfase:

0, 1, 2Retour naar stand-by11Voorverwarming (ontstekingselektrode warmt op)
3Stand-by12, 13, 14, 15Beveiligingstijd
4Startblokkering16Naverwarming (behoud ontstekingssnelheid)
5, 6Opvoeren ventilator17Modulering brander
7Voorventilatie18, 19, 20, 21Naventilatie
8, 9, 10Wachtstand22Veiligheid

11. Montage van de sifon voor de condensafvoer

11.1. Montage van de sifon op de VARFREE 40 / 60

De onderdelen voor de aansluiting van de sifon voor de condensafvoer van de verbrandingsgassen vindt u in het plastic zakje binnenin de ketel.

Ygnis Varfree - Montage van de sifon op de VARFREE 40 / 60 - 1

De onderdelen voor de aansluiting van de sifon voor de condensafvoer van de verbrandingsgassen vindt u in het plastic zakje binnenin de ketel.

Ygnis Varfree - Montage van de sifon op de VARFREE 40 / 60 - 2

Ygnis Varfree - Montage van de sifon op de VARFREE 40 / 60 - 3

11.3. Montage van de veiligheidsklep op de VARFREE

CE GCALEFFI 312440 1/2" 4 bar SINGLE SYSTEM BAR CODE 8 016615 00X815

Ygnis Varfree - Montage van de veiligheidsklep op de VARFREE - 2

Houd het ventiel stevig vast bij het aandraaien om vervorming van de leiding te voorkomen.

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Ygnis

Model : Varfree

Categorie : Ketel