70530 - Vaatwassers PRIVILEG - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 70530 PRIVILEG in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over 70530 PRIVILEG
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Vaatwassers in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 70530 - PRIVILEG en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 70530 van het merk PRIVILEG.
GEBRUIKSAANWIJZING 70530 PRIVILEG
Vrijstaande apparaat

Heel erg bedankt voor uw aankoop bij QUELLE. Overtuigt u zich zelf: Op onze technische apparaten kan men betrouwen.
Opdat u het apparaat gemakkelijk zou kunnen bedienen, hebben wij er een uitvoerige gebruiksaanwijzing bijgevoegd. Deze moet u helpen, snel met uw nieuwe vaatwasser vertrouwd te geraken.
Lees deze gebruiksaanwijzing alstublieft goed door vooraleer u het apparaat in gebruik neemt,
En let vooral op de veiligheidsaanwijzingen.
Wij wensen u veel plezier met uw nieuwe vaatwasser.
Uw QUELLE.

Met de waarschuwingsdriehoek en/of door signaalwoorden (Waarschuwing!, Voorzichtig!, Attentie!) geven wij aanwijzingen die belangrijk zijn voor uw veiligheid of voor het functioneren van de machine. Let goed op deze aanwijzingen.

Dit symbool of genummerde aanwijzingen voeren u stap voor stap door de bediening van het toestel.

Bij dit symbool vindt u aanvullende informatie m.b.t. bediening en praktisch gebruik van het toestel.

Het klaverblad staat voor tips en aanwijzingen m.b.t. economisch en milieuvriendelijk gebruik van het toestel.

Uw afwasautomaat heeft het nieuwe spoelsysteem "IMPULSSPOELEN".
Om een beter reinigingsresultaat te bereiken, worden bij dit spoelsysteem tijdens een programma het motortoerental en de sproeidruk gevarieerd. Daarom varieert ook het geluidsniveau van het lopende programma.
Gedrukt op milieuvriendelijk geproduceerd papier.
Wie milieubewust denkt, handelt ook zo ...
INHOUD
Gebruiksaanwijzing 5
Aanwijzingen m.b.t. de veiligheid 5
Afvalverwerking 7
Economisch en milieubewust afwassen 8
Frontaanzicht apparaat en bedieningspaneel 9
Bedieningspaneel 10
Vóór het in gebruik nemen 11
Waterontharder 12
Waterontharder instellen 13
Speciaal zout voor de waterontharder 14
Zoutdosering instellen 14
Speciaal zout doseren 15
Glansmiddel 16
Glansmiddeltoevoer in-/uitschakelen. 16
Glansmiddel doseren 17
Glansmiddeldosering instellen 18
In het dagelijks gebruik 18
Bestek en servies in de machine zetten 19
Bestek rangschikken 20
Pannen, schalen en grote borden in de machine zetten ..... 21
Kopjes, schoteltjes en glaswerk in de machine zetten 23
Bovenste korf in hoogte verstellen 24
Reinigingsmiddel doseren 25
Gebruik van "3 in 1"/ Combi-vaatwastabletten 26
Compacte reinigingsmiddelen 27
Reinigingstabletten 27
Programma kiezen (programmatabel) 28
Afwasprogramma starten 29
Afwasprogramma veranderen/onderbreken/afbreken 29
Starttijd instellen of wijzigen 30
Beladingsherkenning - sensorlogic 31
Afwasautomaat uitschakelen 32
Machine leeghalen 32
Korte gebruiksaanwijzing 33
Onderhoud en reiniging 34
Schoonmaken van de zeven 34
Roestvrijstalen delen 35
Reinigen van de vaatwasruimte, hygiène, stilstand. 35
Gebruiksaanwijzingen van de fabrikant opvolgen! 35
Onderhoud van de behuizing 35
Wat is er aan de hand, als... 36
...storingsmeldingen worden aangegeven 36
...er problemen zijn bij het gebruik van de afwasautomaat. 37
...het afwasresultaat niet bevredigend is. 37
Aanwijzingen voor testinstituten 40
Opstel- en aansluitaanwijzing 41
Opstellen van de afwasautomaat 41
Onderbouw-afwasautomaten 41
Vrijstaande apparaten 41
Aansluiten van de afwasautomaat 43
Wateraansluiting 43
Toelaatbare waterdruk 43
Toevoerslang aansluiten 43
Waterafvoer 45
Beveiliging tegen wateroverlast 46
Elektrische aansluiting 46
Aansluittechniek 47
Klantendienst 48
Waarborg-informatie 52
GEBRUIKSAANWIJZING

Aanwijzingen m.b.t. de veiligheid
De veiligheid van elektrische toestellen van QUELLE voldoet aan de Europese en Nederlandse normen. Toch zien wij ons als importeur genoodzaakt, u en uw eventuele medegebruikers op het volgende te wijzen:
Opstelling, aansluiting, in gebruik nemen
- De afwasautomaat mag alleen rechtop vervoerd worden.
- Controleer de afwasautomaat op transportschade. Een beschadigd toestel in geen geval aansluiten. Wend u in geval van schade tot de leverancier.
- Controleer vóór het in gebruik nemen of de op het typeplaatje aangegeven netspanning en stroomsoort overeenkomen met netspanning en stroomsoort op de plaats van opstelling. Op het typeplaatje vindt u ook de vereiste zekering.
- Hoe de afwasautomaat moet worden opgesteld en aangesloten, leest u in het hoofdstuk "Installatie". Meerwegstekkers, koppelingen en verlengsnoeren mogen niet gebruikt worden. Brandgevaar door oververhitting.
Veiligheid van kinderen
- Kinderen zien de gevaren niet die ontstaan door ondeskundige omgang met elektrische toestellen. Zorg daarom voor het nodige toezicht en laat kinderen niet met de machine spelen – ze zouden zichzelf of andere kinderen in de machine kunnen opsluiten (verstikkingsgevaar!).
- Houd de verpakking uit de buurt van kinderen; vooral folie en styropor kunnen gevaren opleveren. Verstikkingsgevaar!
- Reinigingsmiddelen kunnen verwondingen aan ogen, mond en keelholte veroorzaken en zelfs tot verstikking leiden! Let op de aanwijzingen op de verpakking van reinigingsmiddelen.
- Het water in de afwasautomaat is geen drinkwater. Als zich nog resten van reinigingsmiddel in de machine bevinden, bestaat verwondingsgevaar!
- Als u de afwasautomaat afdankt: stekker uit het stopcontact trekken, aansluitsnoer afsnijden en weggooien. Deurslot onbruikbaar maken, zodat de deur niet meer dicht kan.
Algemene veiligheid
- Reparaties aan elektrische toestellen mogen alleen door vakmensen worden uitgevoerd. Onvakkundige reparaties kunnen tot aanzienlijke risico's voor de gebruiker leiden. Wend u daarom altijd tot onze service-afdeling. Alleen originele QUELLE-onderdelen voldoen aan alle eisen!
- De afwasautomaat nooit in gebruik nemen, als aansluitsnoer of toe- of afvoerslang beschadigd zijn of als bedieningspaneel, bovenblad of sokkel zo beschadigd zijn, dat de binnenkant van het toestel toegan- kelijk is.
- Als het aansluitsnoer beschadigd of te kort is, moet dit door onze service-afdeling vervangen worden.
- Stekker nooit aan het snoer uit het stopcontact trekken, maar aan de stekker.
- Constructieve wijzigingen of veranderingen aan het toestel zijn uit veiligheidsoverwegingen niet toegestaan.
- Let erop dat de machinedeur, behalve bij vullen en leeghalen, altijd dicht is. Zo voorkomt u dat iemand over de open deur struikelt en zich bezeert.
- Scherpe messen en ander scherp bestek in de bovenste korf leggen of met de scherpe kant naar beneden in de bestekkorf zetten.
Gebruik volgens de voorschriften
- Gebruik de afwasautomaat alleen om huishoudservies af te wassen. Als de machine voor verkeerde doeleinden wordt gebruikt of foutief wordt bediend, wordt eventuele schade niet door de garantiebepalingen gedekt.
- Controleer vóór het gebruik van speciaal zout, reinigingsmiddel en glansmiddel, of volgens de fabrikant van deze producten gebruik ervan in huishoud-afwasautomaten toegestaan is.
- Geen oplosmiddelen in de afwasautomaat doen. Explosiegevaar!
- De beveiliging tegen wateroverlast is een betrouwbaar systeem. Aan de volgende voorwaarden moet echter voldaan worden:
- Ook als het toestel uitgeschakeld is moet het aan het net aangesloten zijn.
- De afwasautomaat moet volgens de voorschriften geïnstalleerd zijn.
-
Waterkraan altijd dichtdraaien als de afwasautomaat langere tijd niet gebruikt wordt, bijv. bij vakantie.
-
Ga niet op de open deur staan of zitten, de machine zou dan kunnen kantelen.
- In geval van storing eerst de waterkraan dichtdraaien, dan de machine uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken. Bij vaste aansluiting: zekering in de huisinstallatie uitschakelen.

Afvalverwerking
Verpakkingsmateriaal
Verpakkingen van grote apparaten kunt u bij de levering van de apparaten aan onze chauffeurs teruggeven. Deze zorgen dan voor de verdere recyclage of eventuele afvalverwerking.
Indien u daar geen gebruik van wenst te maken, bevelen wij u het volgende aan:
Alle gebruikte verpakkingsmaterialen van de afwasautomaat zijn niet milieu-onvriendelijk en kunnen hergebruikt worden.
- De kunststof delen zijn voorzien van een internationaal gebruikte codering:
- >PE< voor polyethyleen, bijv. de folieverpakking
- >PS< voor polystyreen, bijv. de hoekbeschermers (volkomen CFK-vrij)
- >POM< voor polyoxymetheen, bijv. kunststof klemmen
- Het karton is van oud papier gemaakt en wij adviseren u dit ook weer in een container voor oud papier te deponeren.
Oude machine
Als u de afwasautomaat afdankt, lever hem dan in bij uw vakhandelaar of informer bij uw gemeente naar de mogelijkheden voor afvalverwerking in uw woonplaats.

Economisch en milieubewust afwassen
- Sluit de afwasautomaat alleen aan warm water aan, als u een hiervoor geschikte warmwaterinstallatie hebt.
- Stel de waterontharder correct in.
- Spoel het servies niet onder stromend water af.
- Als u met geringe belading afwast, berekent de beladingsherkenning de benodigde hoeveelheid water en wordt de programmaduur verkort. Het meest economisch wast u altijd af met volle belading.
- Kies een programma aan de hand van soort servies en mate van verontreiniging.
- Doseer niet meer reinigingsmiddel, speciaal zout en glansmiddel dan door de fabrikant van deze middelen en in deze gebruiksaanwijzing wordt aangegeven.
Frontaanzicht apparaat en bedieningspaneel

text_image
plafondsproeier rubber afdichting voor aankoppeling van de watertoe- voer naar de sproeiarm sproeiarmen schakelaar voor waterhardheid voorraadreser- voir voor speciaal zout reservoir voor reinigingsmiddel voorraadreservoir voor glansmiddel typeplaatje zeefBedieningspaneel

text_image
functietoetsen multi- display deurgreep 1 2 3 INTERLEAP NONREAL EOUT SCO BY SPEAR SCO BY 99 LIMITED PRIVILEG 70530 programmatoetsen starttijd instellen controle- indicaties AAN/UT AAN/UIT-toetsHet bedieningsveld bestaat uit de AAN/UIT-toets en de programma-toetsen met LED-indicaties.
Functietoetsen: behalve het betreffende programma kunnen met behulp van deze toetsen de volgende functies worden ingesteld:
functietoets 1 waterontharder instellen
functietoets 2 glansmiddeltoevoer in- en uitschakelen
functietoets 3 - is niet bezet -
Het multidisplay kan aangeven,
- op welke hardheidsstand de waterontharder is ingesteld.
- of de glansmiddeltoevoer is in- of uitgeschakeld.
- welke starttijd is ingesteld.
- hoe lang een lopend programma vermoedelijk nog duurt.
- welke storing er in de afwasautomaat is opgetreden.
De controle-indicaties hebben de volgende betekenis:
ZOUT speciaal zout bijvullen
GLANSMIDDEL glansmiddel bijvullen

De controle-indicaties branden nooit tijdens een lopend programma. Opmerking: De programmatoetsen zijn aanraaktoetsen die niet indrukken. Enkel de AAN/UIT toets wordt daadwerkelijk ingedrukt.
Vóór het in gebruik nemen
Voordat u de afwasautomaat in gebruik neemt, moeten alle klemmen waarmee de korven voor het transport zijn vastgezet verwijderd worden.
Daarna gaat u als volgt te werk:
- Waterontharder instellen
- Speciaal zout voor de waterontharder doseren
- Glansmiddel doseren

Wanneer u 3-in-1 afwasmiddeltabletten gebruikt, hoeft u geen glansmiddel en afwaszout te doseren.
Waterontharder
Om kalkneerslag op servies en in de afwasautomaat te verhinderen, moet het servies met zacht, d.w.z. kalkarm water worden afgewassen. Daartoe heeft de afwasautomaat een waterontharder waarin leiding-water met een hardheid vanaf 4 (Duitse graad) met behulp van speciaal zout wordt ontkalkt.

Over de hardheid van het water in uw buurt kan het lokale waterbedrijf u nader informeren.
De waterontharder wordt mechanisch met de hardheidsschakelaar en bovendien elektronisch met de toetsen van het bedieningspaneel ingesteld
| waterhardheid | instelling van de hard-heidsstand | indicatie op het multidisplay | |||
| In ^^1 | In mmol/l^2 | bereik mechanisch elektronisch | |||
| 51 - 70 | 9,0 - 12,5 | IV | 1 | 10^3 | 10L |
| 43 - 50 | 7,6 - 8,9 | 9 | 9L | ||
| 37 - 42 | 6,5 - 7,5 | 8 | 8L | ||
| 29 - 36 | 5,1 - 6,4 | 7 | 7L | ||
| 23 - 28 | 4,0 - 5,0 | 6 | 6L | ||
| 19 - 22 | 3,3 - 3,9 | III | 5 | 5L | |
| 15 - 18 | 2,6 - 3,2 | 4* | 4L | ||
| 11 - 14 1,9 | - 2,5 II 3 | 0* | 3L | ||
| 4 - 10 0,7 | - 1,8 I/II 2 | 2L | |||
| minder dan 4 | minder dan 0,7 | I | 1 geen zout nodig | IL | |
1) (°d) Duitse graad, meeteenheid voor de waterhardheid
2) (mmol/l) millimol per liter, internationale eenheid voor waterhardheid
3) Bij deze instelling kan de looptijd van het programma in geringe mate langer worden.
*) fabrieksinstelling
Waterontharder instellen
Waterontharder volgens de tabel op de hardheid van het water van uw woongebied instellen:

De afwasautomaat moet zijn uitgeschakeld.
- Open de deur van de afwasautomaat.
- Neem de onderste korf uit de afwasautomaat.
- Draai de hardheidsschakelaar op 0 of 1 (zie tabel).
- Plaats de onderste korf weer terug.
- Druk de AAN/UIT-toets in. De LED van de AAN/UIT-toets licht op.

Als er meerdere indicaties oplichten, dan is een afwasprogramma geactiveerd. Het afwasprogramma moet worden afgebroken (RESET). Functietoetsen 2 en 3 ca. 2 seconden gelijktijdig indrukken. Alle andere indicaties gaan uit.
- Druk de functietoetsen 2 en 3 gelijktijdig in en houd ze ingedrukt. De LED-indicaties van de functietoetsen 1 tot 3 knipperen.
- Druk de functietoets 1 in. De LED-indicatie van de functietoets 1 knippert. Het multidisplay toont de ingestelde hardheidsstand.
- Door indrukken van functietoets 1 wordt de hardheidsstand met 1 verhoogd. (uitzondering: na hardheidsstand 10 volgt hardheidsstand 1).
- Als de hardheidsstand juist is ingesteld, de AAN/UIT-toets indrukken. De hardheidsstand wordt dan opgeslagen.
Speciaal zout voor de waterontharder

Als de hardheid van het water in uw omgeving lager is dan 4 °d, dan hoeft u het water in uw afwasautomaat niet te ontharden en heeft u geen afwaszout of zoutvervanger nodig.
U kunt het water op 2 manieren ontharden:
- Als u een reinigingsmiddel gebruikt, dat al zoutvervanger bevat, vult u het reservoir voor reinigingsmiddel uitsluitend met dit reinigings-middel.
- In dit geval moet de waterontharder mechanisch op 0 en elektronisch op 1 zijn ingesteld, zodat er geen afwaszout wordt toegevoegd.
- Als u apart reinigingsmiddel en speciaal zout gebruikt, doseer dan het zout in het voorraadreservoir voor zout.
- In dit geval moet de waterontharder mechanisch op 0 of 1 en elektronisch tussen 2 en 10 (afhankelijk van de hardheid van het water in uw buurt) zijn ingesteld, zodat het zout uit het voor-raadreservoir wordt gedoseerd.

Gebruik voor uw afwasautomaat uitsluitend speciaal zout. Doe nooit andere soorten zout (bijv. keukenzout) of een reinigingsmiddel voor afwasautomaten in het voorraadreservoir. Daarmee ontregelt u de waterontharder.
Verzeker uzelf ervan dat u, op het moment van het bijvullen met zout, inderdaad een pak speciaal zout in uw handen heeft.
Zoutdosering instellen

- Stel de waterontharder mechanisch en elektronisch in op de gewenste hardheid:
| Mechanische instelling: | Elektronische instelling: | Indicatie multidisplay | Zoutdosering |
| 0 | 1 | IL | Geen afwaszout doseren. |
| 0 - 1 2-10 | 2L tot 10L | Zoutdosering via zoutreservoir (fabrieksinstelling) |

Indien voor de toepassing van reinigingsmiddel incl. zout de wateront-harder elektronisch op '1' wordt ingesteld, dan wordt daarmee de controle-indicatie voor speciaal zout uitgeschakeld.
Speciaal zout doseren
Als u apart reinigingsmiddel en speciaal zout gebruikt, doseert u zout:
- voor het eerste gebruik van de afwasautomaat,
-
als op het bedieningspaneel de controle-indicatie voor speciaal zout ZOUT oplicht.
-
Deur openen, onderste korf uit de machine nemen.
-
Dop van het zoutreservoir linksom losdraaien.
- Alleen de eerste keer dat u de machine in gebruik neemt:
zoutreservoir met water vullen.
- Meegeleverde trechter op de opening van het zoutreservoir zetten.
Speciaal zout via de trechter in het zoutreservoir gieten. Inhoud afhankelijk van de korrelgrootte 1,0-1,5 kg.
Doe niet te veel speciaal zout in het reservoir.

text_image
SALE SALT SALZ SELHet bij het vullen verplaatste water loopt uit het zoutreservoir naar de bodem van de kuip. Dit kan geen kwaad, omdat het water bij de start van het volgende programma weggepompt wordt.
- Zoutresten van de opening van het zoutreservoir wegvegen.
- Dop rechtsom zo ver mogelijk vastdraaien, omdat er anders zout in het spoelwater terechtkomt. Glaswerk kan daardoor dof worden. Daarom na het doseren van zout een programma laten lopen. Daardoor worden overgelopen zout water en zoutkorreltjes weggespoeld.
i Afhankelijk van de korrelgrootte van het zout kan het enkele uren duren, voordat het zout in het water is opgelost en de indicatie ZOUT weer uitgaat.
De instelling van de waterontharder en daarmee het zoutverbruik zijn afhankelijk van de plaatselijke waterhardheid.
Glansmiddel
Het glansmiddel zorgt voor vlekkenvrij, glanzend vaatwerk en helder glaswerk.
Glansmiddel kan op twee manieren worden gedoseerd:
- Als u een reinigingsmiddel gebruikt, dat al glansmiddel bevat, dan wordt het reinigingsmiddel incl. glansmiddel in het reservoir voor reinigingsmiddel gedoseerd.
- In dit geval moet de afgifte van glansmiddel uit het voorraadreservoir zijn uitgeschakeld om een dubbele dosering te vermijden.
- Als u apart reinigingsmiddel en glansmiddel gebruikt, doseer dan het glansmiddel in het voorraadreservoir voor glansmiddel.
- In dit geval moet de afgifte van glansmiddel uit het voorraadreservoir zijn ingeschakeld.
- De dosering van het glansmiddel moet worden ingesteld.

Gebruik voor uw afwasautomaat uitsluitend glansmiddel van een bekend merk. Doe nooit andere middelen (bijv. azijn) of een reinigingsmiddel voor afwasautomaten in het voorraadreservoir. Hierdoor kan het apparaat beschadigen.
Glansmiddeltoevoer in-/uitschakelen.

- AAN/UIT-toets indrukken.
De LED van de AAN/UIT-toets licht op.

Als er meerdere indicaties oplichten, dan is een afwasprogramma geactiveerd. Het programma moet worden afgebroken (RESET): Functietoetsen 2 en 3 ca. 2 seconden gelijktijdig indrukken.
Alle andere indicaties gaan uit.
- Functietoetsen 2 en 3 gelijktijdig indrukken en ingedrukt houden. De LED-indicaties van de functietoetsen 1 tot 3 knipperen.
- Functietoets 2 indrukken. De LED-indicatie van de functietoets 2 knippert. Het multidisplay laat de instelling van het moment zien:
| 0d | Glansmiddeltoevoer uitgeschakeld |
| 1d | Glansmiddeltoevoer ingeschakeld (fabrieksinstelling) |
-
Indrukken van functietoets 2 wijzigt de instelling.
-
Als het multidisplay de gewenste instelling aangeeft, AAN/UIT-toets indrukken.
De instelling wordt dan opgeslagen.
Glansmiddel doseren
Als u apart reinigingsmiddel en glansmiddel gebruikt, doseert u glans-middel:
- Voor het eerste gebruik van de afwasautomaat, - als op het bedieningspaneel de indicatie GLANSMIDDEL oplicht.
Het reservoir voor glansmiddel bevindt zich aan de binnenzijde van de machinedeur.
-
Deur openen.
-
Met uw vinger de ontgrendelings-knop van het voorraadreservoir indrukken.
-
Deksel van het voorraadreservoir helemaal openklappen.

-
Glansmiddel precies tot aan de stip-pellijn "max" doseren; dat komt over-een met ca. 140 ml.
-
Deksel terugklappen en dichtdrukken, tot het dichtklikt.
-
Eventueel gemorst glansmiddel met een doekje wegvegen. Anders wordt tijdens het afwassen te veel schuim gevormd.

Glansmiddeldosering instellen

Bij het afwassen wordt uit het voorraadreservoir glansmiddel in het spoelwater gespoeld. De dosering kunt u van 1-6 instellen. In de fabriek is de dosering op "4" ingesteld. Dosering alleen veranderen als op glazen en servies vegen, melkachtige vlekken of opgedroogde waterdruppels te zien zijn.
(zie onder "Wat is er aan de hand als ...").

-
Machinedeur openen.
-
Met uw vinger de ontgrendelings-knop van het voorraadreservoir indrukken.
-
Deksel van het voorraadreservoir helemaal openklappen.
-
Dosering instellen.
-
Deksel terugklappen en dichtdrukken, tot het dichtklikt.
-
Eventueel gemorst glansmiddel met een doekje wegvegen.

In het dagelijks gebruik
- Moet speciaal zout of glansmiddel worden bijgevuld?
- Bestek en servies in de machine zetten
- Reinigingsmiddel doseren
• Geschikt programma kiezen
- Afwasprogramma starten
Bestek en servies in de machine zetten

Sponzen, vaatdoekjes en alle voorwerpen die zich met water kunnen volzuigen, mogen niet in de afwasautomaat gereinigd worden.
| Voor machinaal afwassen is het volgende bestek/servies | |
| niet geschikt: beperkt geschikt: | |
| bestek met heften van hout, hoorn, porselein of parelmoerniet hittebestendige kunststofouder bestek met temperatuurgevoelige li Jamaica gelijmd servies of bestektin en koperkrist almetaal dat kan roestenhouten plankenkunstnijverheidsartikelen | Aardewerk alleen in de machine afwassen, als het van de aanduiding "geschikt voor de afwasautomaat" voorzien is.Versieringen die op het glazuur zijn aangebracht kunnen door zeer vaak machinaal afwassen verbleken.Zilver en aluminium kunnen bij machinaal afwassen verkleuren. Etensresten als eiwit, eigeel en mosterd veroorzaken vaak verkleuringen of vlekken op zilver. Zilver daarom altijd goed schoon spoelen, als het niet direct na gebruik wordt afgewassen.Sommige glassoorten kunnen na vele malen machinaal afwassen dof worden. |
- Voordat u het servies in de machine zet, moet u:
- grove etensresten verwijderen.
- pannen met ingebrande etensresten weken.
- Let bij het in de machine zetten van servies en bestek op het volgende:
- servies en bestek mogen de sproeiarmen niet blokkeren.
- hol serviesgoed zoals kopjes, glazen, pannen enz. met de opening naar beneden neerzetten, zodat zich in de openingen geen water kan verzamelen
– servies en bestek mogen niet in elkaar liggen of elkaar afdekken
- om beschadiging te voorkomen mogen glazen elkaar niet raken
- kleine voorwerpen (bijv. deksels) in de bestekkorf leggen
Bestek rangschikken

Lange, scherpe bestekdelen die in de bestekkorf staan, kunnen vooral voor kinderen gevaarlijk zijn (zie Aanwijzingen m.b.t. de veiligheid).
Om ervoor te zorgen dat het water alle bestekdelen bereikt, moet u

-
het roostertje op de bestekkorf zetten
-
korte messen, vorken en lepels met het heft naar beneden in het roostertje van de bestekkorf zetten.
- voor grotere bestekdelen, bijv. een garde, één helft van het roostertje weglaten.

Om ervoor te zorgen dat de bestekkorf bij het uit de machine nemen niet kan openklappen, moet u hem bij de tweedelige greep pakken.

- Bestekkorf op tafel of aanrechtblad zetten.
- De twee delen van de greep open-klappen.
- Bestek eruitnemen.
- De twee delen van de greep weer dichtklappen.

Groot en sterk verontreinigd servies in de onderste korf zetten (maximale diameter van borden 29 cm).

Uw afwasautomaat beschikt over een van de volgende vier onderste korven:
Variant 1: Alle bordenrekken van de onderste korf zijn vast
Variant 2: De rechterbordenrekken van de onderste korf kunnen naar links worden neergeklapt
Om groter servies makkelijk in te kunnen ruimen, kunnen de beide rechterbordenrekken van de onderste korf naar links worden neergeklapt:
- Rechter bordenrek aan de achterkant iets optillen.

- Bordenrek naar links neerklappen.

Variant 3: De rechterbordenrekken van de onderste korf kunnen kruislings worden neergeklapt

Om groter servies makkelijk in te kunnen ruimen, kunnen de beide rechterbordenrekken van de onderste korf kruislings worden neergeklapt.

Variant 4: De beide achterste bordenrekken van de onderste korf kunnen kruislings worden neergeklapt

Om groter servies makkelijk in te kunnen ruimen, kunnen de beide achterste bordenrekken van de onderste korf kruislings worden neergeklapt

Kopjes, schoteltjes en glas- werk in de machine zetten
Klein, teer serviesgoed en lange, scherpe bestekdelen in de bovenste korf plaatsen.

- Servies op en onder de uitklapbare kopjesrekken versprongen neerzetten, zodat het water overal goed kan komen.
- U kunt de kopjesrekken omhoogklappen om hoog servies neer te zetten.
- Wijn-, champagne- en cognacglazen kunt u in de uitsparingen van de kopjesrekken zetten resp. han-gen.
- Glazen, bekers enz. kunnen ook op de twee rijen spijltjes links in de bovenste korf worden gezet.

Bovenste korf in hoogte verstellen
| Maximale hoogte van het servies in de bovenste korf onderste korf | ||
| als de bovenste korf op de hoogste stand staat | 22 cm 31 cm | |
| als de bovenste korf op de laagste stand staat | 24 cm 29 cm | |

De hoogte kan ook versteld worden als de korven gevuld zijn.
Lager plaatsen van de bovenste korf:

-
Bovenste korf helemaal naar buiten trekken.
-
Bovenste korf zo ver mogelijk optillen en loodrecht laten zakken. De bovenste korf valt nu in de laagste stand.
Hoger plaatsen van de bovenste korf:

-
Bovenste korf helemaal naar buiten trekken.
-
Bovenste korf zo ver mogelijk optillen en loodrecht laten zakken. De bovenste korf valt nu in de hoogste stand.

Reinigingsmiddel doseren

Gebruik alleen reinigingsmiddelen voor afwasautomaten.
Doseer reinigingsmiddel:
- Vóór het begin van een programma (niet bij het programma voorspoelen). Reinigingsmiddel wordt tijdens het programma automatisch ingespoeld.

Let op de aanwijzingen m.b.t. doseren en bewaren op de verpakking van het reinigingsmiddel.
Het reservoir voor reinigingsmiddel bevindt zich aan de binnenzijde van de deur.

- Als het deksel gesloten is: ontgrendelingsknop (1) indrukken. Het deksel springt open.

- Reinigingsmiddel in het reservoir voor reinigingsmiddel doen. Als doseerhulpje dienen de markeringslijnen:
"20" komt overeen met ca. 20 ml reinigingsmiddel, "30" komt overeen met ca. 30 ml reinigingsmiddel.
- Deksel terugklappen en dichtdrukken, tot het dichtklikt.

Bij zeer sterk verontreinigd servies bovendien reinigingsmiddel in het extra vakje (2) doseren. Dit reini-gingsmiddel werkt al tijdens het voorspoelen.

Gebruik van "3 in 1"/ Combi-vaatwastabletten
Algemene aanwijzingen
Dit product bestaat uit tabletten die tegelijkertijd fungeren als vaat-wasmiddel, spoelhulp en zoutdosering.
- Controleer voordat u deze producten gebruikt eerst of de hardheid van uw watertoevoer compatibel is met het gebruik van deze producten, zoals aangegeven op de gebruiksinstructies van de fabrikant van het vaatwasmiddel (op de productverpakking.
- Deze producten moeten beslist gebruikt worden overeenkomstig de instructies van de fabrikant van het vaatwasmiddel.
Leg de tabletten niet in de vaatwasbak of het vaatwasrek, u verkrijgt dan een slechter wasresultaat. Leg de tabletten in het doseerbakje voor het vaatwasmiddel.
- Als het eerste gebruik van "3-in 1" producten problemen geeft, neem dan contact op met de helplijn van de fabrikant van het vaatwasmiddel (het telefoonnummer staat vermeld op de productverpakking).
Speciaal advies
Bij het gebruik van combinatieproducten zijn de spoelhulp en zoutdosering niet langer van nut. Daarom kan het verstandig zijn om de spoelhulp uit te schakelen - denk eraan dat alleen sommige vaatwasmachines met deze functie zijn uitgerust - en de allerlaagste instelling voor waterhardheid te selecteren.
Raadpleeg voor meer informatie uw handleiding.
Als u besluit om over te gaan op het gebruik van een standaard vaatreinigingssysteem adviseren wij u om:
- zowel de zout- als de spoelhulpvakjes weer te vullen.
- de hoogste instelling voor waterhardheid te selecteren en drie normale wasbeurten zonder vaat te draaien.
- opnieuw de instelling voor waterhardheid te selecteren volgens de omstandigheden in uw woonplaats (zoals aangegeven in de gebruikershandleiding).
Compacte reinigingsmiddelen
Reinigingsmiddelen voor afwasmachines kunnen aan de hand van hun chemische samenstelling in twee types verdeeld worden:
- traditionele, alkalische reinigingsmiddelen met bijtende bestandde- len
- laagalkalische compacte reinigingsmiddelen met natuurlijke enzymen.

50 °C-programma's in combinatie met compacte reinigingsmiddelen ontzien het milieu en uw servies, want deze programma's zijn speciaal afgestemd op de vuil oplossende eigenschappen van de enzymen in compacte reinigingsmiddelen. Daarom bereiken 50 °C-programma's in combinatie met compacte reinigingsmiddelen dezelfde reinigingsresultaten die anders alleen met 65 °C-programma's bereikt worden.
Reinigingstabletten

Reinigingstabletten van verschillende fabrikanten lossen niet even snel op. Daarom kunnen sommige reinigingstabletten in korte programma's niet hun volle reinigingswerking bereiken. Gebruik daarom bij reinigingstabletten programma's met voorspoelen.
Programma kiezen (programmatabel)
Kies aan de hand van deze tabel het geschikte programma:
| Soort servies | Groot servies en pannen | Groot servies en pannen | Servies zonder pannen | Groot servies en pannen | Klein servies |
| bovendien | --- met temperatuurgevoelig servies | ||||
| Soort verontreiniging | sterk verontreinigdaangeketensresten, vooral eiwit en zetmeel | normaaverontreinigdaangeketenstesten | net gebruikt normaal tot licht te verontreinigd | normaal verontreinigd | normaal tot licht verontreinigd |
| bijzonder geschikt bij gebruik van compacte reinigingsmiddelen. | |||||
| Geschikt programma: | INTENSIEF 70° | NORMAAL 65° | KORT ^1 50° | ECO 50° | SPAAR ECO 50° ^2 |
| Program-maverloop ^3 | voorspoelen reinigen 2x spoelen naspoelen drogen | voorspoelen reinigen spoelen naspoelen drogen | -reinigen-naspoelen- | voorspoelen reinigen spoelen naspoelen drogen | voorspoelen reinigen spoelen naspoelen drogen |
| Verbruiks-waarden: ^4 | ↓ | ↓ | ↓ | ↓ | ↓ |
| Duur ^5 | 110 -120 min. | 90 – 100 min. | 30 min. | 85 – 95 min. | 130 -150 min. |
| Energie | 1,75 -1,95 kWh | 1,15 – 1,35 kWh | 0,8 kWh | 1,10 – 1,20 kWh | 0,95 – 1,05 kWh |
| Water | 20 – 22 liter | 17 – 19 liter | 9 liter | 15 – 17 liter | 13 – 15 liter |
1) Dit programma is niet geschikt voor servies met aangekoekte etensresten.
2) Testprogramma voor testinstituten.
3) De verschillende programma-onderdelen klinken niet allemaal hetzelfde, omdat bij sommige onderdelen voor een beter reinigingsresultaat korte tijd krachtiger wordt afgewassen.
4) De verbruikswaarden zijn onder normomstandigheden bepaald. Ze zijn afhankelijk van de belading van de servieskorven. Afwijkingen zijn daarom in de praktijk mogelijk.
5) Is de hardheidsgraad Elektronisch 10 ingesteld, kan het programma iets langer duren.
Afwasprogramma starten
- Controleer of het servies en het bestek zodanig zijn geplaatst, dat de sproeiarmen vrij kunnen draaien.
- Draai de kraan helemaal open.
- Sluit de deur.
- Druk de AAN/UIT-toets in. De indicatie van de AAN/UIT-toets licht op.
- Druk de toets voor het gewenste programma in (zie "Programmatabel"). De programma-indicatie licht op. In het multidisplay wordt de te verwachten resterende looptijd voor het programma zichtbaar. Na ongeveer 3 seconden begint het gekozen afwasprogramma.
De nog resterende looptijd in het multidisplay wordt tijdens het afwasprogramma aangepast aan de hoeveelheid afwas, de vervuilingsgraad, enz.
Indien na de programmastart in het multidisplay storingsmeldingen worden getoond, zie dan hoofdstuk "Wat te doen, als...".
Afwasprogramma veranderen/onderbreken/afbreken
Verander of onderbreek een lopend afwasprogramma alleen als dat echt nodig is. Na het weer sluiten van het apparaat wordt de binnenge-stroomde lucht sterk verhit en zet uit. Daardoor kan water in de kuip dringen en eventueel de beveiliging tegen wateroverlast in werking stellen.
Afwasprogramma veranderen
Wilt u binnen de eerste 3 seconden na de programmakeuze het afwasprogramma veranderen, druk dan kort de toets van het nieuwe afwasprogramma in.
Wilt u op een later tijdstip het afwasprogramma veranderen, ga dan als volgt te werk:
- Druk de toets van het nieuwe afwasprogramma in en houd hem ingedrukt.
Eerst licht de indicatie van het lopende afwasprogramma op. Na enkele seconden licht alleen nog maar de indicatie van het nieuwe afwasprogramma op.
- Laat de programmatoets los. Het nieuw gekozen afwasprogramma start.
Afwasprogramma onderbreken door het openen van de machine-deur

Tijdens het openen van de deur kan hete stoom ontsnappen. Verbrandingsgevaar! Doe de deur voorzichtig open.

Het afwasprogramma stopt.
- Sluit de deur.
Het afwasprogramma gaat verder.
Afwasprogramma afbreken (RESET)

- Druk de functietoetsen 2 en 3 gelijktijdig in en houd ze ingedrukt.
De programma-indicatie van het lopende afwasprogramma knippert enkele seconden en gaat dan uit.
- Laat de functietoetsen los.
Het afwasprogramma is afgebroken.

Door het uitschakelen van de afwasautomaat wordt het gekozen programma alleen maar onderbroken, niet afgebroken. Na het weer inschakelen gaat het afwasprogramma door.
Starttijd instellen of wijzigen
Met de starttijdkeuze kunt u bepalen, wanneer een programma binnen de volgende 19 uur dient te starten.
Starttijdkeuze instellen:

- AAN/UIT-toets indrukken.
- De toets STARTTIJDKEUZE zo vaak indrukken, totdat op het multidisplay het aantal uren knippert, waarna het programma beginnen moet.
- Toets van het gewenste programma indrukken.
Op het multidisplay knippert kort de tijdsduur van het geselecteerde programma en vervolgens weer de gekozen starttijd.
Zodra het aantal uren permanent oplicht, is de starttijdinstelling geactiveerd.
Na het verstrijken van het aantal ingestelde uren start het programma automatisch.
Starttijdkeuze wijzigen:
Zolang het programma nog niet gestart is, kunt u door indrukken van toets STARTTIJDKEUZE de ingestelde starttijd nog wijzigen.
Starttijdkeuze wissen:
Zolang het programma nog niet gestart is, kunt u de starttijdinstelling wissen. De toets STARTTIJDKEUZE zo vaak indrukken, totdat op het multidisplay de tijdsduur van het geselecteerde programma verschijnt. Het geselecteerde programma start nu onmiddellijk.
Programma wijzigen na het instellen van de starttijd:
Zolang het programma nog niet gestart is, kunt u door indrukken van een programmatoets een ander programma selecteren.
- Toets van het nieuwe programma indrukken en ingedrukt houden. Eerst knippert de indicatie van het eerder geselecteerde programma. Na enkele seconden licht alleen nog maar de indicatie van het nieuwe programma op.
- Laat de programmatoets los. Het nieuw geselecteerde programma start automatisch na het verstrijken van het aantal ingestelde uren.
Als u een programma start, terwijl er in de bovenste en/of onderste korf maar weinig servies staat, past een intelligente elektronica de hoeveelheid water en de duur van het programma aan de hoeveelheid servies aan. Daardoor kunt u ook weinig servies snel en economisch afwassen. Bij halve belading (6 standaardcouverts) bespaart u zo'n 2 liter water en 0,2 kWh stroom.
Afwasautomaat uitschakelen
Machine pas uitschakelen als het multidisplay "0" als resterende loop- tijd van het programma aangeeft.
- Toets AAN/UIT indrukken. De indicatie van de toets gaat uit.
Bij het openen van de deur, direct na beëindiging van het programma, kan hete stoom naar buiten komen. Daarom:
- Deur voorzichtig openen.
Machine leeghalen
- Heet servies is zeer gevoelig. Daarom vóór het leeghalen laten afkoelen.
- Laat na beëindiging van het programma het servies nog ca. 15 minuten in de machine staan. Het droogt dan beter.
- Eerst de onderste korf leeghalen, dan de bovenste korf. Zo voorkomt u dat restwater van de bovenste korf op het servies in de onderste korf druppelt en watervlekken achterlaat.
Korte gebruiksaanwijzing
De belangrijkste stappen bij de ingebruikname van het apparaat zijn de volgende:
- Watertoevoerslang en waterafvoerslang aansluiten.
- Netstekker in het stopcontact steken
- Kraan van het leidingwater open draaien
- Waterhardheidsgraad instellen
- Spoelmiddel en ontkalkingszout toevoegen
- Spoelkorven vullen en weer naar binnen schuiven
- Het vaatwasmiddel doseren
- De deur sluiten
- AAN/UIT-toets indrukken
- Indien gewenst, vooraf de starttijd kiezen
- Op de programmatoets drukken. Het vaatwasprogramma start (indien geen starttijd werd ingesteld).
Op de multidisplay wordt de berekende looptijd van het programma getoond. - Wanneer op de multidisplay "0" als resterende looptijd wordt getoond, is het programma klaar. Druk nu op de AAN/UIT-toets. De meldingen op het bedieningsscherm doven uit.
- De deur openen en enkele minuten op een kier geopend laten staan. Eerst de onderste korf leegmaken.
De deur nog even open laten, tot alle vochtigheid verdwenen is. - De grof/fijn zeef, microfilter en de oppervlaktezeef controleren en eventueel reinigen.
Onderhoud en reiniging
Schoonmaken van de zeven
De zeven in de kuipbodem zijn in hoge mate zelfreinigend.
Toch moet u de zeven af en toe controleren en eventueel schoonmaken. Verontreinigde zeven hebben een nadelige invloed op het afwasresultaat.
-
Deur openen, onderste korf uit de machine nemen.
-
Het zeefsysteem van de afwasauto-maat bestaat uit een grove/fijne zeef, microfilter en vlakke zeef. M.b.v. de greep van het microfilter het zeefsysteem ontgrendelen en uit de machine nemen.

-
Greep ongeveer een kwart slag linksom draaien en uitnemen.
-
Grove/fijne zeef (1/2) aan het oogje pakken en uit het microfilter (3) trekken.
-
Alle zeven onder stromend water grondig schoonmaken.
-
Vlakke zeef (4) uit de kuipbodem nemen en aan beide kanten grondig schoonmaken.

-
Vlakke zeef weer in de kuipbodem zetten.
-
Grove/fijne zeef in het microfilter zetten en in elkaar drukken.
-
Zeefcombinatie weer inzetten en door rechtsom draaien van de greep vergrendelen. Let erop dat de vlakke zeef niet boven de kuipbodem uitsteekt.
Zonder zeven mag de machine in geen geval gebruikt worden.

Roestvrijstalen delen
De kuip en het binnendeurgedeelte zijn uit roestvrij staal vervaardigd. Eventuele roestaanslag is te vehalen op ijzerhoudend water: Ook bij roestvrij staal is "vreemdroest" mogelijk. U kunt dit met fijnkorrelig poetsmiddel verwijderen. Gebruik geen chloorhoudende of ijzerhoudende schuurmiddelen.
Reinigen van de vaatwasruimte, hygiëne, stilstand.
- Wanneer de deurdichting en haar omgeving bevuild is,
- wanneer in de vaatwasser vuilresten achtergebleven zijn, of zich aanslag heeft gevormd,
- wanneer in de vaatwasser een vieze geur hangt,
dan moet men, om deze problemen aan te pakken, een in de handel te verkrijgen machinereiniger, die speciaal voor huishoudelijke vaatwassers werd ontwikkeld, gebruiken. Zo hebt u steeds een hygiënische en zuivere vaatwasser.
Gebruiksaanwijzingen van de fabrikant opvolgen!
Ook wanneer u de vaatwasser voor langere tijd niet zou gebruiken, dan moet een wasprogramma met "machineverzorger", echter zonder vaatwerk, gedraaid worden. De zeven kunnen, zoals op vorige pagina's beschreven, uit het apparaat worden genomen en gereinigd worden.
Eventueel restwater moet u zorgvuldig wegvegen.
Na een geslaagde reiniging, draait u de leidingwaterkraan dicht en trekt u de stekker uit het stopcontact. Nu kan de vaatwasser voor langere tijd buiten gebruik staan.
Onderhoud van de behuizing
De gelakte behuizing bespaart u een speciaal onderhoud.
Het is voldoende, na gebruik, het apparaat met een vochtige doek schoon te wrijven.
Gebruik om te reinigen geen schuur- of oplosmiddelen.
Wat is er aan de hand, als...
Aan de hand van onderstaande aanwijzingen kunt u kleine storingen aan het toestel zelf opheffen. Als u toch voor één van de hier vermelde storingen of vanwege foutieve bediening onze service-afdeling inschakelt, wordt dit bezoek ook tijdens de garantietermijn niet door onze garantiebepalingen gedekt.
...storingsmeldingen worden aangegeven
Als op het bedieningspaneel indicaties, die in de navolgende tabel zijn beschreven, knipperen of oplichten, dan kunt u de storingen misschien zelf verhelpen.
| Storing Mogelijke | oorzaken Oplossing | |
| De programma-indicatie van het gekozen afwasprogramma knippert, Het multidisplay toont de storingscode ,10: er stroomt geen water in de afwasautomaat. | De kraan is verstopt of ver-kalkt. | Kraan reinigen. |
| De kraan is dicht. Kraan openen. | ||
| Zeef (indien aanwezig) in de slangverbinding van de kraan is verstopt. | Zeef in de slangverbin-ding reinigen. | |
| Zeven in de bodem van de spoelruimte zijn verstopt. | Druk de toets van het begonnen programma in. Breek aansluitend het programma af met RESET (zie hoofdstuk: Afwasprogramma starten); reinig de zeven (zie hoofdstuk Zeven reini-gen). | |
| Watertoevoerslang ligt niet goed. | Ligging van de slang controleren. | |
| De programma-indicatie van het gekozen afwaspro-gramma knippert, het mul-tidisplay toont storingscode ,20. | De sifon is verstopt. Sifon reinigen. | |
| Waterafvoerslang ligt niet goed. | Ligging van de slang controleren. | |
| Het multidisplay toont de storingscode ,30. | De beveiliging tegen wateroverlast is in werking getreden. | Kraan sluiten en service-dienst waarschuwen. |
Na het verhelpen van de storing, 10 of, 20 de toets van het begonnen afwasprogramma indrukken. Het afwasprogramma gaat verder. Wordt de storing weer getoond, waarschuw dan de servicedienst.

Waarschuw bij alle andere getoonde storingen de servicedienst en geef de storingscode door. (zie hoofdstuk: Servicedienst)
...er problemen zijn bij het gebruik van de afwasautomaat.
| Storing Mogelijke oorzaak Oplossing | ||
| Het programma begint niet. | De machinedeur is niet goed gesloten. | Deur sluiten. |
| De stekker zit niet in het stopcontact. | Stekker in het stopcontact steken. | |
| Zekering in de huisinstallatie is niet in orde. | Zekering vervangen. | |
| Bij modellen met starttijd-keuze:U hebt een starttijd gekozen. | Als het servies direct moet worden afgewassen, starttijd annuleren. | |
| In de kuip zijn roest-vlekken zichtbaar. | De kuip is van roestvrij staal.Roestvlekken zijn een gevolg van vreemd roest (roestdeel-tjes uit de waterleiding, van pannen, bestek enz.). Verwijder zulke vlekken met een speciaal reinigingsmiddel. | Alleen geschikt bestek en servies afwassen. |
| Deksel van het zoutreservoir stevig vastdraaien. | ||
| Fluitend geluid bij het afwassen. | Het fluiten kan geen kwaad. | Ander merk reinigingsmiddel gebruiken. |
...het afwasresultaat niet bevredigend is.
Het servies wordt niet schoon.
- U hebt niet het juiste programma gekozen.
- Het servies is zodanig neergezet, dat het water niet overal kon komen. De servieskorven mogen niet overbeladen zijn.
- De zeven in de kuipbodem zijn niet schoon of verkeerd in de machine geplaatst.
-
U hebt geen goed reinigingsmiddel gebruikt of te weinig gedoseerd.
-
Bij kalkaanslag op het servies: het zoutreservoir is leeg of de water-onthardingsinstallatie is verkeerd ingesteld.
- De afvoerslang ligt niet goed.
Het servies is niet droog en glanst niet.
- U hebt geen goed glansmiddel gebruikt.
- Het glansmiddelreservoir is leeg.
Op glazen en servies zijn vegen, strepen, melkachtige vlekken of blauwachtige aanslag te zien.
- Glansmiddeldosering lager instellen.
Op glazen en servies zijn opgedroogde waterdruppels te zien.
- Glansmiddeldosering hoger instellen.
- Het reinigingsmiddel kan de oorzaak zijn. Neem contact op met de fabrikant van het reinigingsmiddel.
Technische gegevens
| capaciteit: 12 standaardcouverts inclusief dienbestek | |
| toelaatbare waterdruk: | 1-10 bar (=10-100 N/cm2 = 0.1-1.0 MPa) |
| elektrische aansluiting: Gegevens over de elektrische aansluiting vindt u op het typeplaatje aan de rechter binnenrand van de deur. | |
| Afwasautomaten: vrijstaande toestellen | |
| afmetingen: 850 x 600 x 600 (h x b x d in mm) | |
| max. gewicht: 54 kg | |
| Geïntegreerde en onderbouwtoestellen | |
| afmetingen: 820 - 880 x 596 x 570 (h x b x d in mm) | |
| max. gewicht: 50 kg | |
| Volledig geïntegreerde toestellen | |
| afmetingen: 820 - 880 x 596 x 546 - 550 (h x b x d in mm) | |
| max. gewicht: 50 kg | |
Doorstroomverwarmer 2035 watt
Afvoerpomp 30 watt
Circulatiepomp 150 watt
Netstroomspanning 220-230 volt 50Hz
Zekering, HLS-aautomaat 10 ampere
Totaalverbruik 2200 watt
Energieefficiëntie klasse A
Reinigingswerking A
Droogwerking A
C€ Dit toestel voldoet aan de volgende EU-richtlijnen:
- 73/23/EEG van 19.02.1973 - laagspanningsrichtlijn
- 89/336/EEG van 03.05.1989
(incl. wijzigingsrichtlijn 92/31/EEG) – EMC-richtlijn
Aanwijzingen voor testinstituten
De test volgens EN 60704 moet bij volle belading met het testprogramma (zie programmatabel) worden uitgevoerd.
De tests volgens EN 50242 moeten met vol zoutreservoir van de waterontharder, met vol voorraadreservoir voor glansmiddel en met het testprogramma (zie programmatabel) worden uitgevoerd.
| Volle belading:12 standaardcouvertsincl. dienbestek | Halve belading:6 standaardcouverts incl. dienbestek,elke tweede plek vrijlaten | |
| Dosering reinigingsmiddel: 5 g + 25 g (type B) 20 g (type B) | ||
| Glansmiddelinstelling: 4 (type III) 4 (type III) | ||
Beladingsvoorbeelden:
bovenste korf *

* Verplaats het rek voor kopjes zo nodig van rechts naar links. Let er daarbij op dat u het rek op dezelfde hoogte inhangt!
onderste korf met bestekkorf bestekkorf

OPSTEL- EN AANSLUITAANWIJZING
Opstellen van de afwasautomaat
- De afwasautomaat moet stabiel en waterpas op een vlakke vloer worden opgesteld.
- Schroefvoeten met de schroefsleutel uitdraaien om oneffenheden in de vloer te compenseren en de hoogte van het apparaat aan andere meubelen aan te passen : - met een schroevendraaier

- Bij onderbouw-afwasautomaten moeten de voeten met een schroevendraaier vooraan aan het toestel afgesteld worden.
- Afvoerslang, toevoerslang en aansluitsnoer moeten binnen de sokkeluitsparing achter vrij beweeglijk liggen, opdat de slangen en het snoer niet geknikt of platgedrukt worden.
Onderbouw-afwasautomaten
(zie meegeleverde montage-aanwijzing)
Vrijstaande apparaten
kunnen zonder extra bevestiging worden opgesteld.

Als de afwasautomaat direct naast een gas- of kolenfornuis wordt opgesteld, moet tussen fornuis en afwasautomaat een warmte-isole- rende, niet brandbare plaat vlak tegen de bovenkant van het werkblad (diepte 57,5 cm) worden aangebracht. Deze plaat moet aan de kant van het fornuis van aluminiumfolie voorzien zijn.
Als de afwasautomaat onder een werkblad moet worden ingebouwd, moet het originele bovenblad van het apparaat als volgt worden verwijderd:
- Schroeven uit de hoekstukken aan de achterzijde draaien (1).

- Bovenblad van het apparaat ca. 1 cm naar achteren schuiven (2).

- Bovenblad aan de voorkant iets opti- len (3) en wegnemen.

Als de afwasautomaat later weer als vrijstaand apparaat wordt gebruikt, moet het originele bovenblad van het apparaat weer worden aangebracht.
i De sokkel van vrijstaande apparaten is niet verstelbaar.
Aanwijzing:
Bij het inbouwen van dergelijke op de bodem staande apparaten moet ter bescherming van het keukenwerkblad een damp- en vochtwerende plaat gemonteerd worden.
Deze vochtwerende plaat is bij onze klantendienst als toebehoren verkrijgbaar.
Aansluiten van de afwasautomaat
Wateraansluiting
De machine is uitgerust met veiligheidsvoorzieningen die verhinderen dat spoelwater in het drinkwaternet kan terugstromen en voldoen aan de betreffende watertechnische veiligheidsvoorschriften.
- De afwasautomaat kan aan koud water en aan warm water tot max. 60 °C worden aangesloten.
- De afwasautomaat mag niet aan open heetwatertoestellen en door-stroomtoestellen worden aangesloten.
Toelaatbare waterdruk
| Minimaal toelaatbare waterdruk:1 bar (=10 N/cm2 =100 kPa) | Als de waterdruk lager dan 1 bar is, dient u uw installateur te raadplegen. |
| Maximaal toelaatbare waterdruk:10 bar (=100 N/cm2 =1 MPa) | Bij meer dan 10 bar waterdruk moet een reduceerventiel worden geïnstalleerd (verkrijgbaar bij de vakhandel) |
Toevoerslang aansluiten

De toevoerslang mag bij het aansluiten niet geknikt, platgedrukt of ineengestrengeld zijn.

Toevoerslang met de slangkoppeling (ISO 228-1:2000) aan een water- kraan met buitenschroefdraad (3/4") aansluiten. De moer van de slang- koppeling alleen met de hand aandraaien.

- Om de mogelijkheden om in de keuken water te tappen niet te beperken, adviseren wij u een extra waterkraan te installeren of aan de aanwezige kraan een aftakking te bouwen.
- Als u een langere toevoerslang nodig hebt, moet u bij onze klanten-service verkrijgbare VDE-goedgekeurde complete slangsets gebruiken.

Het volgende hoofdstuk geldt alleen voor afwasautomaten die op de slangkoppeling naar de waterkraan een veiligheidsventiel hebben:
Toevoerslang met veiligheidsventiel
Na het aansluiten van de dubbelwandige toevoerslang bevindt het veiligheidsventiel zich direct bij de waterkraan. Daarom staat de toevoerslang alleen gedurende de watertoevoer onder druk. Gaat de toevoerslang daarbij lekken, dan onderbreekt het veiligheidsventiel de watertoevoer en schakelt de afvoerpomp van de afwasautomaat in.

Let bij het aanleggen van de toevoerslang op de volgende punten:
- de afstand tussen de onderkant van het veiligheidsventiel en het standvlak van de afwasautomaat moet ten minste 30 cm bedragen;
- in de dubbelwandige toevoerslang zit de elektrische leiding voor het veiligheidsventiel. Toevoerslang of veiligheidsventiel niet onder water dompelen;
- wanneer de toevoerslang of het veiligheidsventiel is beschadigd, onmiddellijk de stekker uit het stopcontact trekken;
- toevoerslang met veiligheidsventiel mag uitsluitend door een vakman/klantenservice worden vervangen;
- toevoerslang zodanig aanleggen dat deze niet hoger ligt dan de onderkant van het veiligheidsventiel.

text_image
min 30cm
De afvoerslang mag niet geknikt, platgedrukt of ineengestrengeld zijn.
• Aansluiting van de afvoerslang:
- maximaal toelaatbare hoogte: 1 meter.
- minimaal vereiste hoogte 40 cm boven de onderkant van de machine.
Verlengslangen
- Verlengslangen zijn verkrijgbaar bij de vakhandel of onze service-afdeling. De binnendiameter van de verlengslangen moet 19 mm bedragen, opdat het functioneren van de machine niet gestoord wordt.
- Verlengslangen mogen maximaal 3 meter horizontaal liggen en de maximaal toelaatbare hoogte voor de aansluiting van de afvoerslang bedraagt dan 85 cm.

text_image
85 cm ≥40 cm 300 cmSifonaansluiting
- De tuit van de afvoerslang (∅ 19 mm) past op alle gangbare types sifons. De buitendiameter van de sifonaansluiting moet minimaal 15 mm zijn.
- De afvoerslang moet met de meegeleverde slangklem aan de sifonaansluiting worden bevestigd.
Waterafvoer in een gootsteen (alleen mogelijk bij vrijstaande toestellen)
Als u de afvoerslang in een gootsteen wilt hangen, moet u de slanghouder gebruiken.

- Slanghouder op de afvoerslang steken.
- Zorg ervoor dat de afvoerslang niet van de gootsteenrand kan wegglijden. Als u een koord door het gat trekt, kunt u de houder aan de muur of aan de waterkraan bevestigen.
Beveiliging tegen wateroverlast
Ter voorkoming van schade door wateroverlast is de afwasautomaat uitgerust met een beveiliging tegen wateroverlast.
Bij storingen onderbreekt het veiligheidsventiel in het apparaat direct de watertoevoer en wordt de afvoerpomp ingeschakeld. Hierdoor kan het water niet naar buiten stromen of overlopen. Restwater dat zich in het apparaat bevindt wordt automatisch weggepompt.

De beveiliging tegen wateroverlast functioneert ook wanneer het apparaat is uitgeschakeld. Het apparaat moet echter wel zijn aangesloten op het elektriciteitsnet.
Elektrische aansluiting

Volgens de voorwaarden van de elektriciteitsbedrijven mag een vaste aansluiting aan het elektriciteitsnet alleen door een erkend elektro-installateur worden uitgevoerd.
Bij de aansluiting moet aan de algemeen en plaatselijk geldende voorschriften van het elektriciteitsbedrijf strikt de hand worden gehouden. Na de inbouw mogen volgens EN 60335/DIN VDE 0700 spanning voerende onderdelen en geïsoleerde leidingen niet aanraakbaar zijn.
Gegevens voor de elektrische aansluiting vindt u op het typeplaatje op de rechter binnenrand van de deur. Als het toestel omschakelbaar is uitgevoerd, dient u zich bovendien aan de aanwijzingen op het omschakelschema te houden dat zich in de snoeraansluitdoos bevindt.
Controleer vóór het aansluiten, of de op het typeplaatje aangegeven netspanning en stroomsoort overeenkomen met netspanning en stroomsoort op de plaats van opstelling. Op het typeplaatje vindt u ook de vereiste zekering.
Om de afwasautomaat van het net te scheiden, stekker uit het stopcontact trekken.
Attentie: de stekker moet na opstelling van het apparaat bereikbaar blijven.
Is het toestel d.m.v. een vaste aansluiting met het net ver-bonden, dan moet het door maatregelen in de installatie met een inrichting die alle polen (N, L1) onderbreekt (bijv. aardlekschakelaar) met een contactopening van > 3 mm van het net worden gescheiden.
Aansluittechniek
Toevoer- en afvoerslang en aansluitsnoer moeten aan de zijkant van de machine worden aangesloten, omdat daarvoor achter het toestel geen plaats is.
Het hier gegeven voorbeeld van water- en elektrische installatie is slechts een richtlijn, omdat de situatie ter plaatse van opstelling (aanwezige aansluitingen, plaatselijke en algemeen geldende aansluitvoorschriften) maatgevend is.

text_image
2 aansluitstukken 45° of recht, uitwendig Ø 19 mm, lengte 30 mm dubbele waterkraan waterafvoer watertoevoer water- toevoer aansluit- snoer water- afvoer elektrische aansluiting aansluit- snoerKLANTENDIENST
Belangrijk!
Indien een storing optreedt, gelieve eerst na te gaan of u alle opmerkingen en aanwijzingen van deze gebruiksaanwijzing hebt uitgevoerd, vooraleer u de klantendienst belt.
Storing
Wanneer u voor een storing geen aanwijzing in de gebruiksaanwijzing vindt, verwittig dan onze technische klantendienst. De service-hotline is de directe verbinding naar alle klantendiensten in Nederland:
0115 62 64 66
Storingsmelding
Te melden bij een storing:
- het volledige adres
- telefoonnummer met zonenummer
- het productnummer
- het PRIVILEG-nummer
Het productnummer en het PRIVILEG-nummer vindt u op het type-schild van het apparaat, aan de rechterzijkant van de binnendeur. (zie pagina 8)
De opgave van deze beide nummers laat onze klantendienst toe, de juiste vervangstukken voorhanden te hebben.
Schrijf daarom de nummers van het typeschild gelijk over in deze handleiding.
Productnummer : ....
PRIVILEG-nummer : ....
Opgelet!
Reparaties aan elektrische toestellen mogen alleen door vakmensen worden uitgevoerd. Onvakkundige reparaties kunnen tot aanzienlijke risico's voor de gebruiker leiden. Wend u daarom altijd tot onze sevice-afdeling. Alleen originele QUELLE-onderdelen voldoen aan alle eisen!
WAARBORG-INFORMATIE
Voor onze technische apparaten en voertuigen bieden wij, in het kader van onze waarborgvoorwaarden, de waarborg tot een onberispelijke kwaliteit.
De waarborgtijd begint met de aankoop. Het tijdstip van aankoop bewijst u via het verkoopsdocument. (factuur, leveringsbon, e.a.) Bewaar deze documenten zorgvuldig. Onze waarborgvoorwaarden zijn steeds in de geldende hoofdcatalogi afgedrukt.
Voor gewaarborgde en andere herstellingen vragen wij u, zich tot de dichtstbijzijnde klantendienst te wenden.
Quelle B.V.
De Verrekijker 1
4564 DB St. Jansteen
Afwasautomaat 70530
Vrijstaande apparaat 62 01 899