H7841N2 - Magnetron NEFF - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis H7841N2 NEFF in PDF-formaat.
| Producttype | Magnetron met grill en hetelucht |
| Model | H7841N2 |
| Merk | Neff |
| Afmetingen (B x H x D) | 59,4 cm x 38,2 cm x 38,8 cm |
| Inbouwmaten (B x H x D) | 56,0 cm x 36,0 cm x 30,0 cm |
| Gewicht | 27 kg |
| Aansluitvermogen | 3.400 W |
| Vermogen microgolven | 1.000 W |
| Grillvermogen | 1.200 W |
| Heteluchtvermogen | 1.800 W |
| Capaciteit | 45 liter |
| Soort bediening | Touchbediening met draaiknop |
| Display | TFT-scherm |
| Deurscharnier | Links |
| Binnenverlichting | LED |
| Veiligheidsslot | Kinderslot |
| Energieverbruik (microgolven) | 0,95 kWh |
| Energieverbruik (hetelucht) | 1,45 kWh |
| Kleur | Roestvrijstaal |
| Functies | Microgolf, grill, hetelucht, combi |
| Ontdooiprogramma's | 4 |
| Automatische programma's | 12 |
| Reiniging | Stoomreiniging |
| Garantie | 2 jaar |
Veelgestelde vragen - H7841N2 NEFF
Gebruikersvragen over H7841N2 NEFF
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Magnetron in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding H7841N2 - NEFF en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. H7841N2 van het merk NEFF.
GEBRUIKSAANWIJZING H7841N2 NEFF
U zult bij het koken veel plezier beleven aan dit fornuis.
Om gebruik te kunnen maken van alle technische voordelen, raden wij u aan eerst deze gebruiksaanwijzing te lezen.
Voor in de gebruiksaanwijzing vertellen wij u enkele belangrijke zaken over veiligheid. Daarna maakt u kennis met de onderdelen van het nieuwe fornuis. U krijgt informatie over de mogelijkheden ervan en hoe u het bedient.
De tabellen zijn zo samengesteld dat u het fornuis stapsgewijs kunt instellen. U vindt er een aantal gebruikelijke gerechten, het bijpassende serviesgoed, de inschuifhoogte en de optimale instelwaarden, die vanzelfsprekend allemaal zijn getest in onze kookstudio.
Om het fornuis langer mooi te houden, geven wij u een aantal tips voor onderhoud en reiniging. Mocht er storing optreden: op de laatste pagina's vindt u informatie over hoe u kleine storingen zelf kunt verhelpen.
Heeft u vragen? Kijk altijd eerst in de uitgebreide inhoudsopgave. Dan vindt u snel wat u zoekt.
Veel plezier met uw nieuwe fornuis!
Gebruiksaanwijzing

Aanwijzingen voor de afvoer 4......
Zo kunt u energie sparen 4......
Voordat het nieuwe apparaat wordt aangesloten 5
Opstellen en aansluiten 5......
Hierop moet u letten 6......
Veiligheidsvoorschriften 6
Veiligheidsvoorschriften voor de magnetron ..... 7
Zokunt u schade aan het apparaat voorkomen ... 9
Het bedieningspaneel 10
De verwarmingsmethoden 11
Oven en toebehoren 12
Voor het eerste gebruik 14
Klok instellen 14
Oven verwarmen 15
De magnetron 16
Serviesgoed 17
Magnetronvermogensstanden 18
Zo stelt u in 18
Tabellen 19
Ontdooien 19
Gerechten met de magnetron bereiden 20
Tips voor de magnetron 23
Testgerechten volgens EN 60705 24
Oven zonder magnetron 25
Inhoudsopgave
Zo stelt u de oven in 25
...als de oven zichzelf automatisch moet uitschakelen 26......
Oven en magnetron gecombineerd 27......
Zo stelt u in 27......
Vlees, gevogelte, vis 29......
Tips voor het braden en grillen 34
Cake en gebak 35
Ovenschotels, gegratineerde gerechten, toast . 38
Kant-en-klaar diepvriesproducten 39
Tips voor het bakken 40
Memory 41
Gerecht programmeren 41
Memory starten 43
De wekker 44
Zosteltuin 44......
Signaalduur wijzigen 45
Onderhoud en reiniging 46
Buitenzijde apparaat 46
Toebehoren 46
Oven 47
Wat te doen bij storingen? 48
Klantenservice 50
Milieubescherming
Aanwijzingen voor de afvoer
Uw nieuwe apparaat wordt beschermd door de verpakking wanneer het naar u wordt vervoerd. Alle gebruikte materialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt. Lever uw bijdrage door de verpakking milieuvriendelijk af te voeren.
Oude apparaten zijn geen waardeloze afval. Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen de grondstoffen worden gerecycled.
Maak het oude apparaat onbruikbaar of plak er een briefje op met de tekst "Attentie: dit apparaat is defect!" voordat u het wegdoet.
Bij uw vakhandel of uw gemeente kunt u informatie vragen over de meest geschikte wijze van afvoer.
Zo kunt u energie sparen
Verwarm de oven uitsluitend voor, indien dit is aangegeven in het recept of in de tabel van de gebruiksaanwijzing.
Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen. Deze nemen de hitte bijzonder goed op.
Meerdere cakes kunt u het beste na elkaar bakken. De oven is nog warm. Hierdoor is de baktijd voor de tweede cake korter.
Bij langere bereidingstijden kunt u de oven 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd uitschakelen en de restwarmte gebruiken om het gerecht gaar te laten worden.
Gebruik de magnetron gecombineerd met een ovenstand. Het gaat sneller en u bespaart energie.
Voordat het nieuwe apparaat wordt aangesloten
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door voordat u het nieuwe apparaat in gebruik neemt. Deze bevat belangrijke aanwijzingen over het gebruiken en het onderhoud van het apparaat.
Bewaar de gebruiksaanwijzing en het montagevoorschrift zorgvuldig. Geef ook de gebruiksaanwijzing en het montagevoorschrift wanneer u het apparaat verkoopt.
Neem het apparaat niet in gebruik als u transportschade hebt geconstateerd.
Opstellen en aansluiten
Neem het speciale montagevoorschrift in acht.
Het apparaat is aansluitklaar en mag alleen worden aangesloten op een volgens de voorschriften geïnstalleerd geaard stopcontact. Er moet een zekering van 16 ampère worden gebruikt (L- of B-automaat). De netspanning moet overeenkomen met de spanning die op het typeplaatje is aangegeven.
Laat het installeren van het stopcontact of het vervangen van de aansluitkabel alleen door een elektricien uitvoeren. Wanneer de stekker na het inbouwen niet meer toegankelijk is, moet een schakelaar met een contactafstand van minstens 3 mm worden geïnstalleerd.
□ Multistekkers, stopcontactdozen en verlengkabels mogen niet gebruikt worden. Bij overbelasting bestaat brandgevaar.
Hierop moet u letten
Veiligheidsvoorschriften
☐ Deze apparaten voldoen aan de veiligheidsvoorschriften voor elektro-apparatuur. Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de fabrikant. Ondeskundige reparaties kunnen leiden tot aanzienlijke gevaren voor u. ☐ De oppervlakken van verwarmings- en kookapparatuur worden bij gebruik heet. De binnenzijde van de oven en de verwarmingselementen worden zeer heet. Houd kinderen uit de buurt. Verbrandingsgevaar! ☐ Aansluitkabels van elektrische apparaten mogen niet tussen de hete ovendeur worden geklemd. De isolatie kan beschadigd raken. Kortsluiting, elektrische schokken! Als de ovendeur of de deurdichting is beschadigd, mag u de oven pas weer gebruiken wanneer deze is gerepareerd door een technicus van de klantenservice. Er zou magnetronenergie kunnen vrijkomen. □ Bewaar geen brandbare voorwerpen in de oven. Deze kunnen in brand vliegen wanneer de oven wordt geschakeld. Verbrandingsgevaar! □ Wanneer het apparaat defect is, trekt u de stekker uit het stopcontact of draait u de zekering in de meterkast uit. Neem contact op met de klantenservice. ☐ Gebruik het apparaat uitsluitend voor het bereiden van gerechten.
Veiligheidsvoorschriften voor de magnetron
□ De magnetron mag niet zonder gerechten ingeschakeld worden.
□ Verwarm met de magnetron in principe alleen gerechten en dranken. Andere toepassingen kunnen gevaarlijk zijn en schade veroorzaken. Verwarmde granen of zaadjes kunnen bijvoorbeeld vlam vatten.
□ Verbrandingsgevaar!
Plaats bij het verwarmen van vloeistoffen altijd een theelepel in het glas om kookvertraging te voorkomen. Kookvertraging wil zeggen dat de kooktemperatuur wordt bereikt zonder dat er bellen opstijgen. Hierbij kan zelfs een geringe beweging van het glas ertoe leiden dat de vloeistof heftig overkookt of gaat spatten. Dit kan (brand)wonden tot gevolg hebben.

Verwarm babyvoeding altijd in een glas of fles zonder deksel of speen. De babyvoeding na het opwarmen goed omroeren of schudden, zodat de warmte gelijkmatig wordt verdeeld. Controleer altijd de temperatuur voordat u het kind voedt. Verbrandingsgevaar!
□ Verwarm geen voedsel of dranken in dicht afgesloten recipiënten. Explosiegevaar!
□ Alcoholische dranken mogen niet te heet worden. Explosiegevaar!
□ Warm geen gerechten in warmhoudverpakkingen op. Deze verpakkingen kunnen gaan branden. Levensmiddelen in bakjes van kunststof, papier of andere brandbare materialen moet u tijdens het opwarmen in de gaten houden. De verpakking van luchtdicht verpakte levensmiddelen kan barsten.
□ Als u rook ziet in de oven, dan mag u de ovendeur niet openen. Schakel het apparaat en de fornuiszekering in de meterkast uit.
□ Kook geen eieren in de dop en verwarm ook geen hardgekookte eieren. Deze kunnen exploderen. Dit geldt ook voor schaal- en schelpdieren. Bij spiegeleieren of eieren in een glas prikt u eerst de dooier door.
□ Bij levensmiddelen met een vaste schil of pel, bijvoorbeeld appels, tomaten, aardappelen, worstjes, kan de schil knappen. Prik daarom voor het verwarmen de schil door.
□ Als u levensmiddelen zoals kruiden, groenten of paddestoelen droogt of als u levensmiddelen met een laag watergehalte zoals b.v. brood ontdooit of opwarmt, dan moet u de magnetron in het oog houden. Als deze levensmiddelen te droog worden, bestaat er brandgevaar.
□ Verwarm geen olie in de magnetron. De olie kan in brand vliegen.
□ Serviesgoed van porselein en keramiek kan kleine gaatjes hebben in de handgrepen en deksels. Achter deze gaatjes bevindt zich een lege ruimte. Als er vocht in deze ruimte komt, kan dit barsten veroorzaken.
□ Gebruik altijd de in de gebruiksaanwijzing vermelde magnetronstanden en tijden. Als u een veel te hoge magnetronstand of een veel te lage tijd instelt, kunnen de levensmiddelen in brand vliegen en kan het apparaat beschadigd worden.
☐ Schakel de magnetron uitsluitend in als deze gerechten bevat. Zonder gerechten zou het apparaat overbelast kunnen raken. Een uitzondering hierop is de korte serviestest (zie "Aanwijzingen over serviesgoed"). ☐ Kinderen mogen een magnetron alleen bedienen als ze hierover instructies hebben ontvangen. Kinderen moeten het apparaat goed kunnen bedienen en begrijpen wat de gevaren zijn waarop wordt gewezen in de gebruiksaanwijzing. □ Verwarmde gerechten geven hitte af. De schaal kan heet worden. Gebruik pannenlappen om de schaal uit de oven te halen. □ Stel de magnetron niet bloot aan intensieve hitte of vocht.
Zo kunt u schade aan het apparaat voorkomen
Leg geen bakplaat op de ovenbodem en bedek de bodem niet met aluminiumfolie, anders ontstaat er een opeenhoping van warmte. De bak- en braadtijden kloppen dan niet meer en het email raakt beschadigd. ☐ Giet geen water in de hete oven. Hierdoor kan het email beschadigd raken. □ Van de bakplaat lekkend vruchtensap laat vlekken achter die niet meer verwijderd kunnen worden. Wanneer u zeer vochtig fruit bakt, kunt u daarom het best de diepe glazen schaal gebruiken. ☐ De ovendeur moet goed sluiten. Zorg ervoor dat de deurdichtingen schoon zijn.
Het bedieningspaneel

*Het toestel is afgesteld volgens de veiligheidsnorm EN60335.
De verwarmingsmethoden
Voor de oven zijn verschillende verwarmingsmethoden beschikbaar. Zo kunt u voor elk gerecht de beste bereidingswijze kiezen.
Magnetron
Deze worden bij levensmiddelen omgezet in warmte. De magnetron is geschikt voor snel ontdooien, opwarmen, smelten en koken.
Magnetronvermogensstanden:
800W voor het verwarmen van vloeistof. 600W voor het verwarmen en bereiden van gerechten. 360W voor het bereiden van vlees en het opwarmen van gevoelige gerechten. 180W voor het ontdooien en doorkoken. 90W voor het ontdooien van gevoelige gerechten.
Magnetron in combinatie met een verwarmingsmethode
Hierbij wordt de magnetron gebruikt in combinatie met een verwarmingsmethode. De gerechten worden even krokant en bruin als gebruikelijk, maar het gaat veel sneller en u spaart energie. Magnetron in combinatie met een verwarmingsmethode is alleen geschikt voor het bereiden op 1 niveau.
Boven- en onderwarmte
Hierbij wordt het gebak of vlees gelijkmatig van boven en onder verhit.
Brood, gebak met biscuit, kwarktaart en vruchtengebak op één niveau lukken zo het best. Boven- en onderwarmte is ook geschikt voor mager rund- en kalfsvlees en wild in open of gesloten serviesgoed.
Hetelucht
Een ventilator in de achterwand van de oven verdeelt de boven- en onderwarmte gelijkmatig in de oven. Met hetelucht kunt u gelijktijdig op twee niveaus bakken. Ook cake in bakvormen en soesjes lukken met deze verwarmingsmethode het best. Kies een oventemperatuur die 20 tot 30°C lager is dan bij boven- en onderwarmte.

Het grillelement en de ventilator worden afwisselend in- en uitgeschakeld. Tijdens de verwarmingspauze blaast de ventilator de door de grill verwarmde lucht langs het gerecht. Zo wordt het vlees aan alle kanten knapperig bruin en blijft de oven schoner dan bij boven- en onderwarmte.

Het gehele vlak onder het grillelement wordt heet. U kunt daardoor meerdere biefstukken, worstjes, vis of toast grillen.
Oven en toebehoren

U hebt vijf verschillende hoogten voor het toebehoren.

Rooster voor schalen, bakvormen, braad- en grillvlees. Het rooster kan met de haken naar boven—of naar beneden—worden gebruikt.

Glazen schaal voor grote stukken braadvlees, vochtig gebak, soufflés en gratins. Deze wordt ook als spatbescherming gebruikt wanneer vlees rechtstreeks op het rooster wordt gegrild. Daarvoor schuift u de glazen schaal op hoogte 1 in de oven.

Aluminium bakplaat voor cake en koekjes. De bakplaat tot aan de aanslag in de oven schuiven met de schuine kant naar de ovendeur.

Braadslede (speciaal toebehoren) voor grote stukken braadvlees, vochtig gebak, soufflés en gratin. Deze wordt ook als spatbescherming gebruikt wanneer vlees rechtstreeks op het rooster wordt gegrild. Daarvoor plaatst u de braadslede op hoogte 1 in de oven.
Toebehoren is verkrijgbaar bij de vakhandel. Vermeld a.u.b. het E-nr. en het FD-nr.
Voor het eerste gebruik
Klok instellen
Nadat het apparaat is aangesloten of nadat de stroom is uitgevallen, knipperen drie nullen in de tijdsindicatie.
Stel de tijd in.

- Toets tijd indrukken.

- Met de draaiknop de tijd instellen.

- Toets tijd ♔ nogmaals indrukken.
Wijzigen van de tijd, bijv. van zomer- naar wintertijd
Stel in volgens de beschrijving bij punt 1 tot 3.
Tijd niet meer weergeven
U kunt de weergave van de tijd uitschakelen, dan loopt deze op de achtergrond verder. Het display is donker.
- Toets tijd indrukken.
- Toets stop indrukken.
De tijd loopt nu op de achtergrond.
Wilt u de tijd even zien, druk dan nog eenmaal op de toets tijd.
De tijd weer weergeven
Om de tijd weer zichtbaar te maken, driemaal op de toets tijd drukken.
Oven verwarmen
Om bij een nieuwe oven ongewenste geuren te verwijderen, verwarmt u de gesloten en lege oven 60 minuten.
☐ De functiekeuzeknop op ☐ zetten.
□ Zet de temperatuurkeuzeknop op 250°C.
Magnetron niet inschakelen.
Schakel na 60 minuten de functiekeuzeknop en de temperatuurkeuzeknop uit.
Vanwege de geur die ontstaat, kunt u daarbij de keuken het best luchten.

Het apparaat is voorzien van een koelventilator. De ventilator kan nog doorlopen wanneer de oven reeds is uitgeschakeld. Zolang de ventilator loopt, brandt de ovenlamp en de antenne achter de glazen afscherming draait. De magnetron is uitgeschakeld.
De ventilator loopt door om het vocht te drogen en voor koeling te zorgen zodat inbouwkasten niet beschadigd worden.
De magnetron
U kunt de magnetron afzonderlijk of in combinatie met een verwarmingsmethode gebruiken.
Probeer de magnetron eens uit. Verwarm bijvoorbeeld een kopje water voor thee.
Neem een flinke theekop zonder goud- of zilverdecor en zet er een theelepel in. Plaats het rooster op hoogte 1 in de oven. Zet de theekop op midden op het rooster.
- Druk op de toets magnetronvermogen 800 watt.
- Met de draaiknop 1 minuut en 30 seconden instellen.
- Starttoets indrukken.
Na 1 minuut en 30 seconden klinkt een signaal. U kunt het eerder uitschakelen door op de toets stop te drukken.
Lees bij uw kopje thee de veiligheidsvoorschriften voor de magnetron aan het begin van de gebruiksaanwijzing nog eens door. Deze zijn heel belangrijk.
Serviesgoed
Gebruik serviesgoed van glas, porselein, keramiek of temperatuurvaste kunststof. Deze materialen laten microgolven door.
Metalen serviesgoed laat geen microgolven door.
Daarom blijven gerechten in gesloten metalen pannen koud. Platte, open metalen schalen, bijv. van aluminium, kunt u wel gebruiken.
Zorg ervoor dat metaal niet te dicht bij de ovenwand komt. Er kunnen vonken overspringen. Bij oventoebehoren van metaal kunnen geen vonken overspringen indien u het gebruikt volgens de instructies in de tabel. Plaats het serviesgoed op het rooster. Uitzondering: melkflesjes warm maken. Veeg de bodem van de bakvorm af met een vochtige doek als er toch vonken overspringen tussen metalen bakvormen en het rooster.
In veel gevallen kunt u het gerecht serveren in het serviesgoed dat u voor de bereiding hebt gebruikt. Dit spaart tijd en moeite en u hebt veel minder afwas. Als uw serviesgoed een decor van goud of zilver heeft, mag u dit uitsluitend gebruiken indien de fabrikant garandeert dat het geschikt is voor de magnetron.
Serviestest:
De magnetron mag niet zonder gerechten worden ingeschakeld. De enige uitzondering is de volgende serviestest:
Als u niet zeker weet of uw serviesgoed geschikt is voor de magnetron, kunt u deze test uitvoeren:
Plaats het lege serviesgoed gedurende 1/2 tot 1 minuut met 800 W magnetronvermogen in de oven.
Controleer tussentijds de temperatuur. Het serviesgoed moet koud of handwarm zijn. Als het heet wordt of als er vonken ontstaan, dan is het niet geschikt.
Magnetron-vermogensstanden
800 Watt: Voor het verwarmen van vloeistof 600 Watt: Voor het verwarmen en bereiden van gerechten 360 Watt: Voor het bereiden van vlees en het opwarmen van gevoelige gerechten 180 Watt: Voor het ontdooien en doorkoken 90 Watt: Voor het ontdooien van gevoelige gerechten
Het magnetronvermogen van 800 W kunt u max. 30 minuten instellen, 600 W max. een uur, de overige magnetronvermogens max. 1 uur en 30 minuten. U kunt maximaal 3 magnetronvermogens en -tijden na elkaar invoeren.
Zo stelt u in

- Toets voor het benodigde magnetronvermogen indrukken. Als voorgestelde tijd wordt 1 minuut weergegeven.

- Stel met de draaiknop de gewenste tijdsduur in. U kunt nu andere vermogens en tijden invoeren zoals in 1. en 2. beschreven.

3. Starttoets indrukken.
De magnetron loopt af.
Snelstart
- Toets voor het benodigde magnetronvermogen indrukken. 1 minuut wordt weergegeven. Elke keer wanneer u de toets indrukt, wordt de tijdsduur met 1 minuut verhoogd. 2. Starttoets indrukken.
| Nahetverstrijkenvandetijdklinkteensignaalenin detijdsaanduidingwordt0.00weergegeven.Drukop detoetsstop.Detijdwordtweerweergegeven. | |
| Corrigeren | Wanneeralleeneenmagnetronvermogenisingesteld, kandetijdsduuropelkmomentgewijzigdworden.Wanneerverschillendemagnetronvermogensen -tijdeningesteldzijn,kandetijdsduuralleenvoorde startgewijzigdworden. |
| Wissen | Toetsstoptweemaalindrukkenofdeuropenen toetsstopeenmaalindrukken. |
| Aanwijzingen | □Wanneerudeovendeuropent,wordtde magnetronfunctieonderbroken.Nahetsluiten looptdemagnetronverder. |
| Tabellen | Indevolgendetabellenvindtudiversemogelijkheden eninstelwaardenvandemagnetron.Detijdenindetabellenzijnrichtwaarden.Zezijn afhankelijkvandekwaliteitendetoestandvanhet levensmiddel.Indetabellenzijnvaakbereikenaangegeven.Stel eerstdekortstetijdinverlengdetijdwanneerdit nodigis.Hetismogelijkdatuanderehoeveelhedenwilt gebruikendandehoeveelhedenindetabellen.Hiervoorbestaatdevolgendevuistregel: dubbelehoeveelheid-dubbeletijd, halvehoeveelheid-halvetijd.Plaatsdeschaalaltijdophetroosterophoogte 1. |
| Ontdooien | Diepvriesproductenwordenineenliefstzoplat mogelijkeschaalofopeenbordgelegd.Kwetsbaredelenalspotenofvleugelsvankippen of vetterandenvanvleeskuntumetkleinestukjes aluminiumfolieafdekken.Defoliemagdeoven- wandennietaanraken.Nadehelftvandeontdooitijd kuntudealuminiumfolieverwijderen.Keerdelevensmiddelennadehalveontdooitijd. Grote stukkenmoetumeermalskeren. |
Laat het ontdooide product nog ca. 10 minuten rusten, zodat de temperatuur gelijkmatig wordt verdeeld.
Druk na het instellen altijd op de toets start.
| Ontdooien,roosterophoogte1 | HoeveelheidMagnetronvermogenkiezen,W Duurinstellen,minuten | |
| 1kip1kg180W,10min.+90W,15 -20 min. | ||
| 2kipper1kg180W,20min.+90W,15 -25 min. | ||
| 1eend2kg180W,20min.+90W,20 -30 min. | ||
| Vlees(compactestukken)750g | 1kg | 180W,5min.+90W,25-35min. 180W,10min.+90W,25 - 35min. |
| Tweesteaks600g180W,5min.+90W,10- | 15 min. | |
| Vis500g180W,5min.+90W,10- 15 min. | ||
| Boter250g180W,2min.+90W,3-5 min. | ||
| Brood1kg180W,10min.+90W,8-12 min. | ||
| Broodjes | 4stuks | 90W,3-5min. |
| Gebak | 500g180W,7-11min. | |
| Bessen/vruchtenmetpit | 250g180W,6-8min. | |
Slagroom-encrèmetaarten worden ontdooid zonder gebruik van de magnetron. U kunt deze het best ontdooien zonder temperatuurinstellingen met de verwarmingsmethode hetelucht. De taart op hoogte 1 plaatsen. Op de starttoets drukken.
De ventilator brengt de lucht in de oven in beweging. Hierdoor ontdooit het gerecht sneller.
Gerechten met de magnetron bereiden
Dek de gerechten altijd af.
Neem kant-en-klaargerechten uit de aluminium-verpakkingen en bereid deze in een schaal die geschikt is voor gebruik in de magnetron. Zo worden ze sneller en gelijkmatiger warm.
Wanneer u verschillende gerechten tegelijkertijd verhit, kan het ene gerecht sneller warm worden dan het andere.
De gerechten tussendoor omroeren of omkeren. Daardoor worden ze sneller en gelijkmatiger warm.
Laat de gerechten na het verhitten nog 1 à 2 minuten rusten om de temperatuur gelijkmatig te verdelen.
Druk na het instellen altijd op de toets start.
| Gerechtenmetdemagnetron bereiden,roosterophoogte1 | HoeveelheidMagnetronvermogenkiezen,W Duurinstellen,minuten | ||
| Groente eenbeetjevloeistoftoevoegen | |||
| Champignons,versBereiden250g600W,6-8min. | |||
| Look/prei,versBereiden500g600W,5-7min. | |||
| Paprika,versBereiden500g600W,8-10min. | |||
| Groentenmix,diepvriesBereiden450g600W,10-12min. | |||
| Groente,koelkasttemperatuurOpwarmen150g600W,2-3min. | |||
| Bijgerechten | |||
| Aardappels, eenbeetjevloeistoftoevoegen | Koken250g | 500g | 600W,6-8min. 600W,8min.+180W,6-8min. |
| Rijst(dubbelehoeveelheid vloeistoftoevoegen) | Bereiden125g | 250g | 600W,5min.+180W,15-17min. 600W,8min.+180W,15 - 17min. |
| Bijlagen, Koelkasttemperatuur | Opwarmen250g600W,2-3min. | ||
| Grofgemalengraan*,driekeer zoveelvloeistoftoevoegen | Bereiden100g600W,8min.+90W,15-20 min. | ||
| Graankorrels*, bijvoorbeeld tarwe,spelt,haver,gerst. Dubbelehoeveelheidvloeistof toevoegen | Bereiden100g600W,5min.+90W,20-25 min. | ||
| * Voor graankorrels en grof gemalen graan is afhankelijk van het soort graan een inweektijd van maximaal30minutennodig. | |||
| Soepenensausen | |||
| Eenpansgerecht, diepvries | Opwarmen | 500 g | 600 W, 13 - 17 min. |
| Eenpansgerecht, koelkasttemperatuur | Opwarmen500g600W,5-7min. | ||
| Bouillon,bevroren | Opwarmen400g800W,7-10min. | ||
| Gerechtenmetdemagnetron bereiden,roosterophoogte1 | Hoeveelheid | Magnetronvermogenkiezen,W Duurinstellen,minuten | |
| Gehaktsaus,diepvriesOpwarmen300g600W,8-11min. | |||
| Gehaktsaus,koelkasttemperatuur | Opwarmen600g600W,13-16min. | ||
| Bordgerechten | |||
| Gerechtopbord,diepvriesOpwarmen350-400g600W,6min.+360W,5-10 min. | |||
| Gerechtopbord,koelkasttemperatuur | Opwarmen350-400g600W,6-10min. | ||
| Kant-en-klaargerecht,gesteriliseerd | Opwarmen350-400g600W,4-6min. | ||
| Zoetegerechten | |||
| PuddingBereiden500g600W,6-8min. | |||
| CompoteBereiden250g | 500g | 600W,5-7min.600W,8-11min. | |
| Babyvoedinginopenschaaltjeopwarmen,roerenentemperatuurcontroleren. | |||
| ineenglasOpwarmen200g360W,2min.-2min.30sec. | |||
| MelkflesjesOpwarmen200ml800W,30-45sec. | |||
| Hetflesjedirectopdebodeminhetmiddenvandemagnetronzetteneneenlepelinhetflesjedoen. | |||
| Overige | |||
| Boter,koelkasttemperatuur | Smeerbaar maken | 250g90W,1-3min. | |
| Honing,gekristalliseerd | Smelten | 200 g | 180 W,1 - 2 min. |
| Gebakglazuur(uitdeverpakkingnemen) | Smelten | 150g600W,4-5min. | |
| Boter,koelkasttemperatuur | Smelten | 50 g | 180 W,4 - 5 min. |
| DrankenPlaatseenlepelindebekerofhetkopje | |||
| Koffie,thee,melkafhankelijkvan degewenste temperatuur. | Opwarmen150ml | 300ml | 800W,1-2min.800W,2-3min.800W,3-4min.800W,7-8min. |
| 500ml | |||
| 1 l | |||
Tips voor de magnetron
U heeft geen instelwaarden gevonden voor de voorbereide hoeveelheid van het gerecht.
Het gerecht is te droog geworden.
Het gerecht is na afloop van de tijd nog niet ontdooid, heet of gaar.
Na afloop van de bereidingstijd is het gerecht aan de rand oververhit, maar nog niet gaar in het midden.
Na het ontdooien is het gevogelte of vlees van buiten licht gaar, maar in het midden nog niet ontdooid.
Maak de kooktijden langer of korter aan de hand van de volgende vuistregel: dubbele hoeveelheid = dubbele tijd, halve hoeveelheid = halve tijd.
Stel een kortere kooktijd in of kies een lager magnetronvermogen. Dek het gerecht af en voeg meer vloeistof toe.
Stel een langere tijd in. Kies een hoger magnetronvermogen dan aangegeven. Grote hoeveelheden hebben meer tijd nodig. Houd rekening met de hoogte van het gerecht. Hoge gerechten hebben meer tijd nodig.
Roer het gerecht tussentijds om en kies de volgende keer een lager vermogen en een langere tijd.
Kies een kleiner magnetronvermogen. Schakel hetelucht zonder temperatuur in. Keer het te ontdooien product bij grote hoeveelheden meermaals.
Testgerechten volgens EN 60705
De kwaliteiten en werking van magnetrons worden aan de hand van deze gerechten getest door keuringsdiensten. Meting van het uitgangsvermogen met het rooster op inschuifniveau 2.
Het toestel is afgesteld volgens de veiligheidsnorm EN 60335.
Bereiden met magnetron solo
| Gerecht | ServiesgoedHoogteMagnetronvermogen,W,duurinminuten | |
| VlaRooster1360Wca.16min.+180Wca.17min. | ||
| BeschuitRooster1600Wca.7min. | ||
| GehaktRooster1360Wca.34min. | ||
Ontdooien met magnetron solo
| Gerecht | ServiesgoedHoogteMagnetronvermogen,W,duurinminuten |
| VleesRooster2 | 180Wca.6min.+10Wca.17min. |
Bereiden gecombineerd met magnetron
| Gerecht | Servies-goed | Hoogte | Verwarmings-methode | Temperatuur °C | Magnetronvermogen,W, duurinminuten |
| Gegratineerde aardappels | Rooster | 1 | 160 | 600 W ca. 30 min. | |
| Gebak | Rooster | 2 | 180 | 90 W ca. 15 min. | |
| Kip* | Roosteren braadslede | 21 | 230 | 360Wca.30min. |
* Keer kippen halverwege de bereidingstijd om.
Oven zonder magnetron
Zo stelt u de oven in
De oven stelt u in met de functiekeuzeknop en de temperatuurkeuzeknop. U kunt in willekeurige volgorde instellen.


- Met de functiekeuzeknop de gewenste verwarmingsmethode instellen.
- Met de temperatuurkeuze-knop de temperatuur of de grillstand instellen.
Wanneer het gerecht klaar is, schakelt u de oven met de functiekeuzeknop en de temperatuurknop uit.
...als de oven zichzelf automatisch moet uitschakelen
Om de oven automatisch te laten uitschakelen, moet u nog een tijdsduur intoetsen. Stel in zoals in punt 1 en 2 beschreven.

- Druk op de toets Oventijdsduur.

- Stel met de draaiknop de gewenste tijdsduur in.

- Toets start indrukken.
Als het gerecht klaar is, klinkt een signaal. Druk op de toets Stop.
Schakel de functiekeuzeknop en de temperatuurkeuzeknop uit.
Corrigeren
De tijdsduur kunt u op elk moment met de draaiknop veranderen.
Wissen
Druk tweemaal op de toets Stop.
Aanhouden
Druk op de toets Stop. Ook wanneer u de oven opent, wordt de werking stopgezet.
Aanwijzingen
□ Wanneer u vergeet de toets Start in te drukken, herinnert een kort signaal u daaraan. Wanneer de oven niet wordt gestart, blijft de instelling in de indicatie staan, totdat deze met de toets Stop gewist wordt.
□ U kunt in willekeurige volgorde instellen, bijvoorbeeld eerst de tijdsduur, vervolgens de temperatuur en daarna de ovenstand.
Oven en magnetron gecombineerd
Hierbij zijn tegelijkertijd een verwarmingsmethode en de magnetron in gebruik.
U kunt eerst de magnetron en vervolgens de oven instellen, of omgekeerd.
Zo stelt u in. Magnetron en oven worden tegelijkertijd uitgeschakeld.
- Toets voor het gewenste magnetronvermogen indrukken.

- Stel met de draaiknop de tijdsduur in. U kunt nu andere magnetron-vermogens en -tijden instellen zoals in punt 1 en 2 beschreven.

- Druk op de toetscombinatie. In de tijdindicatie wordt het symbool voor de combinatiefunctie weergegeven.

- Met de functiekeuzeknop de gewenste verwarmingsmethode instellen.

- Met de temperatuurkeuze-knop de temperatuur of de grillstand instellen.

- Toets start indrukken.
Wijzigen van de tijdsduur
Magnetronovens worden na 25 minuten automatisch uitgeschakeld. Er klinkt een signaal. Druk op de toets stop.
Wanneer u vergeet de toets start in te drukken, herinnert een kort signaal u daaraan.
Wanneer de oven niet wordt gestart, blijft de instelling in de indicatie staan, tot deze met de toets Stop gewist wordt.
□ Wanneer u een aantal magnetronvermogens en -tijden heeft ingesteld, kunt u de tijdsduur alleen voor de start wijzigen. Daarna moet u de invoer wissen en opnieuw instellen. □ Wanneer u slechts één magnetroncapaciteit en -tijd heeft ingesteld, kunt u de tijdsduur op elk moment wijzigen.
Wissen
Druk tweemaal op de toets stop. Alle instellingen worden gewist.
Vlees, gevogelte, vis
Serviesgoed
U kunt hittebestendig serviesgoed gebruiken dat geschikt is voor de magnetron. Ook de glazen schaal is geschikt voor grote stukken vlees. Andere braadpannen van metaal kunt u alleen gebruiken voor het braden zonder magnetron.
Wanneer u het vlees rechtstreeks op het rooster legt, kunt u het best ook de glazen schaal in de oven plaatsen als bescherming tegen spatten.
Zet het hete serviesgoed van glas op een droge keukendoek. Als u het op een natte of koude ondergrond zet, kan het glas knappen.
De schaal kan zeer heet worden. Gebruik pannenlappen om de schaal uit de oven te nemen.
Zet het serviesgoed altijd midden op het rooster.
Aanwijzingen voor het braden
Het braadresultaat is afhankelijk van het soort en de kwaliteit van het vlees.

De gegevens op de volgende pagina's gelden voor vlees dat in hoge, open schalen wordt bereid. Het vlees wordt hierbij krokant en bruin.
Voeg 2 of 3 eetlepels vloeistof toe bij mager vlees en 8 tot 10 eetlepels bij stoofvlees, afhankelijk van de grootte.
Keer het vlees na de helft van de tijd. Wanneer het vlees klaar is, dient u het nog 10 minuten in de uitgeschakelde en gesloten oven te laten staan. Het vocht kan zich dan beter door het vlees verdelen.
In een gesloten schaal wordt het vlees malser en de oven blijft schoner. U dient de temperatuur echter 10 tot 20 °C hoger in te stellen.
Aanwijzingen voor het grillen
Grill altijd in een gesloten oven.
Gebruik voor het grillen zo mogelijk even dikke stukken vlees, ca. 2 tot 3 cm dik. Zo worden ze gelijkmatig bruin en blijven ze lekker mals. Biefstuk pas in zouten na het grillen.
Leg de stukken grillvlees rechtstreeks op het rooster. Een enkel stuk vlees lukt het best wanneer u het midden op het rooster legt. Plaats ook de glazen schaal op hoogte 1 in de oven. Het vleessap wordt opgevangen en de oven blijft schoner.
Het rooster kan met de kromming naar boven of naar onderen in de oven worden geschoven. Hierdoor kunt u de afstand tot het grillelement wijzigen. Keer het te grillen vlees na twee derde van de aangegeven tijd.
Overigens: het grillelement schakelt zichzelf voortdurend in en uit. Dit is normaal. Hoe vaak dit gebeurt, is afhankelijk van de ingestelde grillstand.
Vlees
De tabel geldt voor gerechten die in de koude oven worden geplaatst. De tijden in de tabellen zijn richtwaarden. Ze zijn afhankelijk van de kwaliteit en de toestand van het vlees.
Diepvriesvlees moet geheel zijn ontdooid.
Druk na het instellen altijd op de toets start.
| Vlees | ServiesgoedHoogteVerwar-mings-methode | Temperatuur°C, grill | Combi-toets | Magnetron,W Duur,min. | Totale duur,min. | ||
| Runder-rollade(b.v.klapstuk) | 1kg | gesloten1 | 200-210 | 360W,10+180W,40-50 | 50-60 | ||
| 1,5kg | 1 | 190-200 | 360W,10+180W,55-65 | 65-75 | |||
| 2kg | 1 | 180-190 | 360W,20+180W,65-75 | 85-95 | |||
| Runderlende1kg | open1 | 210-230 | 80 | ||||
| 1,5kg | 1 | 200-220 | 100 | ||||
| 2kg | 1 | 190-210 | 120 | ||||
| Rosbief, rosé* | 1kgopen1 | 200-210 | 180W,20 | 30-35 | |||
| Vlees | Hoogte | Kemwogoed mings-methode | Temperatuur°C, grill | Combi-toets | Magnetron,W Duur,min. | Totale duur,min. | ||
| Biefstuk, doorbakken | Rooster— | 5 | Stand3 | - | - | 22-25 | ||
| Biefstuk, rosé | Rooster— | 5 | Stand3 | - | - | 18-20 | ||
| Varkensvlees zonder zwoerd (b.v. halsstuk) | 1kg | open1 | 190-200 | 90W,65-75 | 65-75 | |||
| 1,5kg | 1 | 180-190 | 180W,35 +90W,60-70 | 95-105 | ||||
| 2kg | 1 | 170-180 | 180W,40 +90W,65-75 | 105-115 | ||||
| Varkensvlees met zwoerd** (b.v. schouder-stuk) | 1kg | open1 | 190-210 | - | - | 110-120 | ||
| 1,5kg | 1 | 180-200 | - | - | 140-150 | |||
| 2kg | 1 | 170-190 | - | - | 160-170 | |||
| Casselerrib metbeen | 1kgopen2---360W,35-4535-45 | |||||||
| Gehakt750gopen1 Stand1 600W,20-3020-30 | ||||||||
| Worstjesca. | 750 g | Roosteren glazenschaal | 4 Stand3-- | 12-17 | ||||
| Kalfsvlees | 1kg | open1 | 170-180 | 180W,25 +90W,25-35 | 50-60 | |||
| 2kg | 1 | 160-170 | 180W,45 +90W,35-45 | 80-90 | ||||
| Lamsbout zonderbeen | 1,5 kg | open | 1 | 190 - 200 | 180 W, 10 +90W,40-50 | 50-60 | ||
* Keer rosbief halverwege de bereidingstijd om. Wikkel het na de bereiding in aluminiumfolie en laat het 10 minuten in de oven nagaren.
** Snijd het zwoerd van het varkensvlees in. Leg het vlees eerst met de zwoerd naar onderen in de schaal als het moet worden omgekeerd.
Gevogelte
De tabel geldt voor producten die in de koude oven worden geplaatst.
Diepvriesgevogelte moet volledig ontdooid zijn.
Wanneer u rechtstreeks op het rooster grilt, schuift u de glazen schaal op hoogte 2 in de oven.
Steek bij een dof of gans het vel onder de vleugels vast, dan kan het vet weglopen.
Grote stukken gevogelte dienen twee derde van de grilltijd te keren.
Gevogelte wordt vooral krokant en bruin wanneer u het tegen het einde van de braadtijd bestrijkt met boter, zout water, afgedropen vet of sinaasappelsap.
Druk na het instellen altijd op de toets start.
| Gevogelte | HoogteVerwar-mings-methode | Tempera-tuur°C, grill | Combi-toets | Magnetron,W Duur,min. | Totale duur,min. | ||
| 2halvekip | per 400 g | Roosteren glazen schaal | 3 Stand1 360W,20-3020-30 | ||||
| Kipin stukken | 500gRoosteren glazen schaal | 3 Stand2 360W,15-2015-20 | |||||
| 1helekip | 1kg à1kg | open2 | 2 | 230-240 | 360W,25-35 | 25-30 | |
| 2helekippen | 230-240 | 360W,30-40 | 35-40 | ||||
| Eend1,7kgopen1 220-230 180W,15 | +90W,35-45 | 50-60 | |||||
| Gans3kg | Roosteren glazen schaal | 1 200-210 180W,20 | +90W,50-60 | 70-80 | |||
Vis
De tabel geldt voor producten die in de koude oven worden geplaatst.

Druk na het instellen altijd op de toets start.
| Vis | HoogteVerwar-mings-methode | Tempera-tuur°C, grill | Combi-toets | Magnetron,W Duur,min. | Totale duur,min. | |||
| Gegrilde vis | à300g 1kg | Roosteren glazen schaal | 3 2 | ☐ ☐ | Stand3 Stand2 | ☐ ☐ | 180W,12-15 360W,25-30 | 12-15 25-30 |
| Forel, blauw | 300ggesloten1---600W,6-86-8 | |||||||
| Vis, diepvries | 400ggesloten2---600W,12-1512-15 | |||||||
| Visin plakken | Roosteren glazen schaal | 4 3 | ☐Stand2☐ | 180W,15-2015-20 | ||||
Tips voor het braden en grillen
Voor het vleesgewicht staan er geen opgaven in de tabel.
Kies de waarde van het eerstvolgende lagere gewicht en verleng de tijd.
Hoe kunt u vaststellen of het vlees gaar is.
Gebruik een vleesthermometer (verkrijgbaar in de vakhandel) of voer de "lepeltest" uit. Druk met een lepel op het vlees. Als het vlees stevig aanvoelt, is het gaar. Als het ingedrukt kan worden, is het nog niet gaar.
Het vlees is te donker en de korst is gedeeltelijk aangebrand.
Controleer de inschuifhoogte en de temperatuur.
Het vlees ziet er goed uit, maar de jus is aangebrand.
Gebruik de volgende keer een kleinere braadpan of voeg meer vloeistof toe.
Het vlees ziet er goed uit, maar de jus is te licht en te waterig.
Gebruik de volgende keer een grotere braadpan en voeg minder vloeistof toe.
Als u water op het hete gerecht giet, ontstaat er waterdamp.
Gebruik de circulatiegrill in plaats van boven- en onderwarmte. Hierdoor wordt het braadvocht minder heet en ontstaat er minder waterdamp.
U hebt ook de magnetron ingeschakeld. Het vlees is niet gaar.
Snijd het vlees in plakken. Bereid de jus in de braadpan en leg de plakken vlees in de jus. Gebruik uitsluitend de magnetron om het vlees gaar te maken.
Schakel de volgende keer vanaf het begin ook de magnetron in. Gebruik een vleesthermometer en laat het gare vlees nog 10 minuten in de oven rusten.
Cakegebak
Bakvormen
Het geschiktst zijn donkere bakvormen van metaal.
Wanneer u ook de magnetron inschakelt, kunt u het best donkere bakvormen van metaal gebruiken. Bij bakvormen van glas, keramiek of kunststof (hittebestendig tot 250 °C) zijn de baktijden korter en wordt het gebak minder bruin.
U kunt alle verwarmingsmethoden combineren met de snelle magnetron. Gecombineerd gebruik is niet geschikt voor bakken op twee niveaus.
Zet de bakvorm altijd midden op het rooster.
Tabellen
De tabelwaarden gelden voor gerechten die in de koude oven worden geplaatst. Zo spaart u energie. Wanneer u voorverwarmt, maakt u de baktijden 5 tot 10 minuten korter.

De temperatuur en de baktijd zijn afhankelijk van de hoeveelheid en de samenstelling van het deeg. Daarom zijn er bereiken aangegeven in de tabellen. Probeer het eerst met de laagste waarde. Bij een lage temperatuur wordt het gerecht gelijkmatiger bruin. Stel de volgende keer zo nodig een hogere temperatuur in.
Meer informatie vindt u in "Tips voor het bakken" bij de tabellen.
Druk na het instellen altijd op de toets start.
| Gebakinbakvormen | ServiesgoedHoogteVerwar-mings-methode | Temperatuur°C | Combi-toets | Magnetron,W Duur,min. | Totale duur,min. | ||
| Eenvoudigecake, fijnecake (bijv.zandgebak)* | Tulbandvorm/ | 1 | 150-170 | - | - | 50-65 | |
| rechthoekige | 2 | 140-160 | - | - | 60-70 | ||
| bakvorm | |||||||
| Taartbodemmet randvan zandtaartdeeg | Springvorm2 | 160-180- | - | 25-35 | |||
| Gebakinbakvormen | HoogteSe | Maregoredmings-methode | Temperatuur°C | Combi-toets | Magnetron,W Duur,min. | Totaleduur,min. | |
| Taartbodemvanroerdeeg | Bakvormvoorvruchtengebak | 2 | 150-170--25-35 | ||||
| Biscuittaart(waterbiscuit) | Springvorm2 | 170-190--25-35 | |||||
| Notengebak | Springvorm | 2 | 170 - 180 | 90 W, 25 - 35 | 25 - 35 | ||
| Vruchten-ofkwarkgebak,zandtaartdeeg* | donkerespringvorm | 1 | 170 - 190 | 360 W, 35 - 45 | 35 - 45 | ||
| Vruchtengebak,fijn roerdeeg | Springvorm/tulbandvorm | 2 | 160-180 | 90W,30-40 | 30-40 | ||
| 1 | 160-180 | 90W,30-40 | 30-40 | ||||
| Pikantgebak*(bijv.quiche/uiengebak) | Springvormofquichevorm | 1 | 170 - 180 | 180 W, 30 - 40 | 30 - 40 | ||
* Gebak ca. 20 minuten laten afkoelen in het apparaat.
| Plaatkoek | Hoogte | Verwar-mings-methode | Tempera-tuur°C | Tijdsduur inminuten | |
| met droog beleg(roerdeeg) | 1 bakplaat | 2 | ☒ | 150-170 | 30-40 |
| 2 bakplaten | 1+4 | ☒ | 140-160 | 40-50 | |
| met vochtig belegbijv. gistdeeg met appelvulling | 1 bakplaat* | 2 | ☒ | 160-170 | 45-55 |
| 2 bakplaten | 1+4 | ☒ | 150-170 | 50-60 | |
| Beschuitrol (voorverwarmen) | 1 bakplaat | 1 | ☐ | 190 - 210 | 15 - 20 |
| Gevlochten gistgebak met 500 g meel | 1 bakplaat | 1 | ☐ | 190 - 210 | 30 - 40 |
| (Kerst)stollen met 500 g meel | 1 bakplaat | 2 | ☐ | 170 - 190 | 60 - 70 |
| Pizza | 1 bakplaat | 1 | ☒ | 170 - 190 | 30 - 40 |
| Gistbrood 1000 g deeg**(voorverwarmen) | 1 bakplaat | 2 | ☒ | 170 - 190 | 50 - 70 |
* Wanneer u zeer vochtig vruchtengebak bakt, kunt u daarom het best de diepe glazen schaal gebruiken. ** Giet nooit water rechtstreeks in de hete oven.
| Kleingebak | HoogteVerwar-mings-methode | Tempera-tuur°C | Duur, minuten | ||
| Koekjes1bakplaat | 3 | ☐ | 170-190 | 10-25 | |
| 2bakplaten | 1+4 | ☒ | 140-160 | 20-30 | |
| Spritsgebak1bakplaat | 2 | ☐ | 160-180 | 25-35 | |
| 1bakplaat | 2 | ☒ | 140-150 | 25-35 | |
| 2bakplaten | 1+4 | ☒ | 130-150 | 35-50 | |
| Schuimgebak1bakplaat2☒80-90120-150 | |||||
| Soesjes1bakplaat2☒170-19035-45 | |||||
| Bitterkoekjes1bakplaat | 2 | ☐ | 120-140 | 30-40 | |
| 2bakplaten | 2+4 | ☒ | 100-120 | 35-45 | |
| Bladerdeeg1bakplaat | 1 | ☒ | 170-190 | 25-35 | |
| 2bakplaten | 1+4 | ☒ | 150-170 | 35-45 | |
| Broodjes(bijv.roggebrood) | 1bakplaat2☒200-22025-30 | ||||
N.B.: Extra aluminium bakplaten zijn als speciaal toebehoren verkrijgbaar bij de speciaalzaak.
Ovenschotels, gegratineerde gerechten, toast
De tabel geldt voor producten die in de koude oven worden geplaatst.
Doe de ovenschotel in een schaal die geschikt is voor de magnetron en zet deze op het rooster.
Druk na het instellen altijd op de toets start.
| Gerecht | ServiesgoedHoogteVerwar-mings-methode | Tempera-tuur°C, grill | Combi-toets | Magnetron,W Duur,min. | Totale duur,min. | ||
| Zoeteovenschotels (bijv.kwarkmetvruchten) | Ovenschaal2180-190180W,25-3025-30 | ||||||
| Pikanteovenschotels opbasisvan toebereide ingrediënten (bijv. pastaschotel) | Ovenschaal1Stand1360W,20-3020-30 | ||||||
| Pikanteovenschotels opbasisvanrauwe ingrediënten*(bijv.gegratineerde aardappels) | Ovenschaal1170-180600W,30-4030-40 | ||||||
| Strudel, zoet | Ovenschaal | 1 | 190 - 200 | 360 W, 20 - 30 | 20 - 30 | ||
| Toast9stuks bruineren | Rooster | 5 | Stand 3 | - | - | 5 - 6 | |
| Toast9stuks lichtesbakken | Rooster | 4 | Stand 3 | - | - | 5 - 8 | |
| * 1kgrauweaardappels | |||||||
Kant-en-klaar diepvriesproducten
Lees de aanwijzingen van de fabrikant op de verpakking.
De tabel geldt voor producten die in de koude oven worden geplaatst.
Diepvriesgerechten uit de aluminiumverpakking halen en in een schaal doen die geschikt is voor de magnetron, bijvoorbeeld een soepbord of een glazen of keramische ovenschaal.
Druk na het instellen altijd op de toets start.
| Gerecht | HoogteVerwar-mings-methode | Tempera-tuur°C | Combi-toets | Magnetron,W Duur,min. | Totaleduur, min. | ||
| Strudelmetvruchtenvulling | Bakplaat1190-200180W,15-2015-20 | ||||||
| Patates frites | Bakplaat | 3 | 220 - 230 | - | - | 20 - 25 | |
| Pizza | Roostermetbakpapier | 1180-190180W,15-2015-20 | |||||
| Pizza,stokbrood | Roostermetbakpapier | 2 | 180 - 190 | 90 W, 15 - 20 | 15 - 20 | ||
Tips voor het bakken
| Uwiltbakkenvolgensuw eigenrecept. | Raadpleegdebaktabellenvoorgelijksoortiggebak. |
| Zosteltuvastofdecake goeddoorbakkenis. | Prikca.10minutenvoorheteindevandeinhetre-ceptvermeldebaktijdmeteenstokjeinhethoogste puntvanhetgebak.Alsergeendeegaanhetstokje blijftkleven,ishetgebakklaar. |
| Hetgebakzaktin. | Voegdevolgendekeermindervloeistoftoeofstelde oventemperatuur10gradenlagerin.Houdrekening metdeomroertijdeninhetrecept. |
| Hetgebakisgerezeninhet middenmaarlageraande randen. | Derandvandespringvormnietinvetten.Nahetbak-kenmaaktuhetgebakvoorzichtiglosmeteenmes. |
| Hetgebakwordttedonker aandebovenkant. | Schuifhetgebakverdernaarbinnen,kieseenlagere temperatuurenbakdecakeietslanger. |
| Hetgebakwordttedonker aandeonderkant. | Plaatsdebakplaathogerensteldevolgendekeereen lageretemperatuurin. |
| Hetgebakistedroog. | Prikmeteentandenstokerkleinegaatjesinhetgare gebak.Daarnagietuervruchtensapofalcoholische drankover.Kiesdevolgendekeereentemperatuur die10gradenhogerisenmaakdebaktijdkorter. |
| Hetbroodofgebak(bijv. kaasgebak)zietergoeduit, maarisklefvanbinnen (waterig). | Voegdevolgendekeermindervloeistoftoeenbakhet gerechtietslangeropeenlageretemperatuur.Bijge-bakmetvochtigbeleg:eerstdebodembakken,bestrooidezedaarnametamandelenofpaneermeelen voegdanpashetbelegtoe.Houdrekeningmetde receptenendebaktijden. |
| Dekoekjesofdeplaatkoek latennietlosvande bakplaat. | Plaatsdebakplaatnogevenindeoven.Maakdirect daarnadekoekjeslos.Legdevolgendekeeroven-papieropdebakplaat. |
| Hetvruchtengebakiste lichtaandeonderkant. Het sapstroomtover. | Gebruikdevolgendekeerdediepereglazenschaal. |
Het gebak laat zich niet uit de bakvorm kloppen.
Laat het gebak 5 tot 10 minuten afkoelen wanneer het klaar is, dan kan het gemakkelijker uit de vorm worden gehaald. Als het gebak niet loslaat, probeert u de rand voorzichtig los te maken met een mes. Keer de bakvorm nogmaals om en bedek de vorm een paar keer met een koude natte doek. Vet de volgende keer de bakvorm goed in en strooi er wat paneermeel in.
U hebt de oventemperatuur gemeten met uw eigen thermometer en een afwijking geconstateerd.
De fabrikant heeft de oventemperatuur gemeten met een testrooster midden in de oven en na een vastgelegde tijdsduur. Omdat het gebruikte serviesgoed en toebehoren de meetwaarde beïnvloeden, zult u bij eigen metingen altijd een afwijkende waarde vinden.
U hebt op 2 niveaus gebakken. Daardoor is het gerecht op de bovenste bakplaat donkerder dan op de onderste.
Kies een iets lagere temperatuur, dan wordt het gebak gelijkmatiger gaar.
Gelijktijdig in de oven geplaatste bakplaten hoeven niet gelijktijdig gaar te zijn. Laat de onderste bakplaat 5 tot 10 minuten langer bakken of plaats deze eerder in de oven.
Memory
Met memory kunt u magnetronvermogen en -tijden voor twee gerechten bewaren en opnieuw oproepen.
M1 = geheugenplaats 1
M2 = geheugenplaats 2
Gerecht programmeren
Voor memory is enkel magnetron solo geschikt.
Voorbeeld:
125 g boter ontdooien: 90 W met 6 minuten op geheugenplaats M1.


- Toets memo kort indrukken, M1 verschijnt. Als u de toets nog eens kort indrukt, verschijnt op het display M2.
- Toets memo indrukken en ingedrukt houden tot M1 op het display knippert.

- Toets 90 W indrukken.

- Met de draaiknop de tijd op 6 minuten instellen.

- Met de toets memo de instelling bewaren.
Beëindig de instelling, druk dan op de toets stop.
Memory starten


- Druk kort op de toets memo. M1 wordt weergegeven. Wanneer u de toets nogmaals kort indrukt, wordt M2 weergegeven.
- Druk op de toets start. De door u geprogrammeerde Memo-functie wordt uitgevoerd.
Na het verstrijken van de tijd klinkt een signaal. In de indicatie staat 0.00. Druk op de toets stop.
Wijzigen
De memo-instellingen kunnen niet gewijzigd worden. Wanneer u een andere memo-instelling wilt programmeren, moet u de geheugenplaats M1 of M2 van nieuwe instellingen voorzien.
Wissen
Wanneer u opnieuw programmeert, worden de oude instellingen automatisch overschreven.
De wekker
De wekker geeft een speciaal geluidssignaal. Hieraan kunt u horen of de wekker of bijv. een ingestelde tijd is afgelopen.
U kunt broodjes met de magnetron ontdooien en tegelijkertijd de wekker voor de eieren voor uw ontbijt instellen. In de indicatie verstrijkt de tijd van de magnetron.
Zosteltuin
- Optoetskookwekker drukken.

- Met behulp van de draaiknop de gewenste wekkertijd instellen.

- Toets kookwekker indrukken. De wekker wordt gestart.
Wanneer geen tijdsduur is ingesteld, loopt de wekkertijd zichtbaar af.
Wanneer een tijdsduur is ingesteld, loopt de wekkertijd op de achtergrond af. Het wekkersymbool staat in de indicatie.
Na het verstrijken van de tijd klinkt een signaal en het wekkersymbool knippert. Met de toets A zet u het signaal uit.
Aanwijzingen
□ U kunt uren, minuten en seconden instellen.
| ☐Doordedraaiknopsneltedraaien,kuntugrotere stappeninstellen. | |
| ☐Wanneerudeovendeuropent,wordtde wekkertijdnietonderbroken. | |
| ☐Ukunteentijdvanmax.23uuren59minuten instellen. | |
| Corrigeren | Dewekkertijdiszichtbaarindeindicatie: Toetskookwekker.⚠indrukken.Verandermetde draaiknopdetijd.Weertoetskookwekker⚠ indrukken. |
| Dewekkertijdlooptopdeachtergrond: Toetskookwekker⚠indrukken.Detijdwordt weergegeven.Verandermeteendaarnadetijd,zoals hierbovenbeschreven. | |
| Wissen | ☐Drukopdetoetskookwekker⚠enopdetoets stop. |
| ☐Dewekkertijdlooptopdeachtergrond: Toetskookwekker⚠indrukken. | |
| ☐Dekookwekkertijdwordtzichtbaar. Drukopdetoetskookwekker⚠enopdetoets stop. |
Signaalduur wijzigen
| Nahetverstrijkenvandeingesteldetijdhoortueen minuutlangeensignaal. | |
| Designaalduurkuntuvan 60secondenop6secondenwijzigen. | |
| Zogaatutewerk | ☐Hetapparaatmoetuitgeschakeldzijn. |
| ☐Druk6secondenopdestarttoetstothetuhet signaalhoort.Ophetdisplayverschijnteen02. | |
| Dewijzigingisingevoerd. | |
| Opdiemanierkuntudesignaalduuropnieuwop 60 secondeninstellen. |
Onderhoud en reiniging
Gebruik nooit een hogedrukreiniger of een stoomstraalapparaat!
Buitenzijde apparaat
Het is voldoende als u het apparaat schoonveegt met een vochtige doek. Bij hardnekkig vuil doet u een beetje afwasmiddel in het water. Veeg daarna het apparaat af met een droge doek.
Gebruik geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen, anders ontstaan er matte plekken. Als dit soort middelen op het apparaat terechtkomt, veeg het dan direct af met water.
Apparaten van roestvrij staal
Verwijder kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken altijd onmiddellijk. Onder zulke vlekken kan gemakkelijk corrosie ontstaan.
Maak de voorzijde schoon met water en wat afwasmiddel. Droog deze met een zachte doek na.
Apparaten met een aluminium front
Gebruik een mild glasreinigingsmiddel en een zachte, niet-pluizende doek. Veeg het oppervlak horizontaal schoon zonder druk uit te oefenen.
Gebruik geen agressieve reinigingsmiddelen en geen schuursponsjes of grove reinigingsdoeken. Maak het aluminium oppervlak schoon met een droge doek.
Ventilatierooster
Het kan bij geopende deur worden verwijderd en gereinigd. Bij het terugplaatsen van het rooster moet de inkeping naar boven wijzen.
Toebehoren
Zet toebehoren onmiddellijk na gebruik in de week. U kunt vuilresten dan heel gemakkelijk met een borstel of spons verwijderen. Het rooster kunt u met een reinigingsmiddel voor roestvrij staal schoonmaken. De glazen schaal kan in de vaatwasmachine worden gereinigd.
Oven
De oven blijft langer mooi wanneer u rekening houdt met het volgende:
Gebruik geen harde schuursponsjes. Gebruik ovenreiniger uitsluitend voor de emailoppervlakken van de oven.
Bij zeer vochtige fruittaart niet te veel op de plaat leggen. Gebruik liever de diepere glazen schaal. Van de bakplaat lekkend vruchtensap kan ook met ovenreiniger niet meer verwijderd worden.
Het grillelement is vast ingebouwd. Het kan niet worden verwijderd.
Om de reiniging makkelijker te maken
kunt u de ovenlamp inschakelen. Zet hiertoe de functiekeuzeknop op.
Reinigen van de email oppervlakken
Oppervlakkig vuil in de oven kunt u schoonmaken met heet water met afwasmiddel of met azijn.
Als de oven erg vuil is, kunt u het beste ovenreiniger gebruiken.
☐ Ovenreiniger uitsluitend gebruiken in een koude oven.
☐ Laat het middel inwerken. Laat de oven bij bijzonder hardnekkige vlekken tot 50°C warm worden gedurende hoogstens twee minuten. Niet langer, anders komen er vlekken op het email.
☐ De oven grondig schoonvegen.
Aanwijzingen
De oven is geëmailleerd. Het email wordt ingebrand op zeer hoge temperaturen. Hierdoor kunnen er kleine kleurverschillen ontstaan.
De smallere randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd en kunnen daarom ruw zijn. De bescherming tegen corrosie is echter gegarandeerd.
Reiniging van de deursluitvlakken
Houd de sluitvlakken van de deur altijd schoon zodat de ovendeur goed sluit.
Reiniging van de deursluiting
De afdichting kunt u verwijderen en in een heet sopje reinigen (niet in de vaatwasmachine).
Reiniging van de glazen afscherming aan het plafond van de oven

De glazen afscherming uit de vatting draaien (zie de afbeelding, witte pijlen) en verwijderen.
Bij oppervlakkig vuil:
Was de glazen afscherming af met heet afwassop.
Bij hardnekkig vuil:
Reinig de glazen afscherming zoals de andere emailoppervlakken van de oven.
Bij het opnieuw aanbrengen moet u de afscherming draaien tot deze juist is vastgeklikt.
Wat te doen bij storingen?
Storingen worden vaak veroorzaakt door een kleinigheid. Lees de volgende aanwijzingen voordat u contact opneemt met de klantenservice:
| Storing | MogelijkoorzaakAanwijzing/oplossing | |
| Hetapparaatwerktniet.Zekeringvandebetreffende groepdefect. | Kijkindemeterkastofde fornuiszekeringinordeis. | |
| Hetdisplayvoorde elektronischeklokknippert. | Stroomuitval.Controleerofdekeukenverlichting werkt. | |
| Hetdisplayvoorde elektronischeklokis plotselingdonker. | Stroomuitval.Tijdopnieuwinstellen. | |
| Detijdlooptopde achtergrond. | Driemaaldetoetstijdindrukken. Detijdiszichtbaar. | |
| Storing | Aanwijzing/oplossingMogelijkeoorzaak | |
| Ophetdisplaystaateen tijdsduuren/ofeensymbool knippert. | Eendraaiknopofeentoets werdenperongeluk ingedrukt. | Drukopdetoetsstop. |
| Nahetinstellenwerdde starttoetsnietingedrukt. | Drukopdestarttoetsofwisdeinstelling metdetoetsstop. | |
| Demagnetronwordtniet ingeschakeld. | Deurniethelemaal gesloten. | Controleerofrestenvaneengerechtof eenvoorwerptussendedeurklem zitten.Controleerofdesluitvlakken schoonzijn.Controleerofde deurdichtingverdraaidis. |
| Demagnetronwordtniet ingeschakeld. | Starttoetsindrukken. | |
| Degerechtenworden langzamerheetdannormaal. | Teklein magnetronvermogen ingesteld. | Grotervermogenkiezen. |
| Eriseengroteredande gebruikelijkehoeveelheidin hetapparaatgeplaatst. | Dubbelehoeveelheid,bijnadubbeletijd. | |
| Degerechtenwarenkouder dangebruikelijk. | Degerechtentussentijdsomroerenof omkeren. | |
| Demagnetronwordtniet uitgeschakeld. | Zekeringindezekeringkast uitschakelen.Lichtdeklantenservicein. | |
| Ophetdisplayvoorde elektronischeklokverschijnt defoutmelding“Er3”. | Hetelektronischsystemis oververhit. | Dekoelventilatorloopt.Nahetafkoelen wordtEr3gewistendeovenwarmt opnieuw. |
| Deventilatorlooptna.De antenneonderdeglazen afschermingdraaitende ovenlampbrandthoewelde magnetronisuitgeschakeld. | Ditisgeenstoring.Ziedaarvoorde aanwijzinginhethoofdstuk"Voorhet eerstegebruik". | |
Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de
klantenservice. Ondeskundige reparaties kunnen aanzienlijke gevaren voor u veroorzaken.
Klantenservice
U kunt het apparaat laten repareren door onze klantenservice. Het adres en telefoonnummer van de dichtstbijzijnde klantenservice vindt u in het telefoonboek. Ook de aangegeven service-centra kunnen u helpen aan een service-adres bij u in de buurt.
E-nummers en FD-nummer
Geef aan de klantenservice altijd het productnummer (E-nr.) en fabricagenummer (FD-nr.) van uw apparaat op. Het typeplaatje met de nummers vindt u wanneer u de ovendeur opent. Om in het geval van een storing niet lang te hoeven zoeken, kunt u hier de gegevens van uw apparaat invullen.
E-nr. FD-NR.
Klantenservice