CX-4 - Luokittelematon PROFOON - Ilmainen käyttöohje ja opas
Löydä laitteen käyttöohje ilmaiseksi CX-4 PROFOON PDF-muodossa.
Käyttäjien kysymyksiä aiheesta CX-4 PROFOON
0 kysymys tästä laitteesta. Vastaa tuntemiisi tai esitä omasi.
Esitä uusi kysymys tästä laitteesta
Lataa ohjeet laitteellesi Luokittelematon PDF-muodossa ilmaiseksi! Löydä käyttöohjeesi CX-4 - PROFOON ja ota elektroninen laitteesi takaisin hallintaan. Tällä sivulla julkaistaan kaikki laitteidesi käyttöön tarvittavat asiakirjat. CX-4 merkiltä PROFOON.
KÄYTTÖOHJE CX-4 PROFOON
GEBRUIKSAANWIJZING

INHOUD
ALGEMEEN 2
INSTALLEREN: - centrale 2
- kontaktdozen 2
-telefoonsnoer 2
AANSLUITSCHEMA CX-4 3
AANSLUITSCHEMA CX-6 4
BEDRADEN: – telefoonsnoer 5
- kontaktdozen 5
-toesteltips 5
-centrale 5
- buitenlijn 6
SYSTEEMTEST: - toon/puls 6
-toestel- en bedradingstest 6
- buitenlijn test 6
MOGELIJKHEDEN I:
UITBELLEN: - intern bellen 7
- extern bellen 7
- nummerherhaling 7
- geheugens 7
-in gesprek 7
-opmerking 7
OPGEBELD WORDEN: - intern 8
- extern 8
- tijdens intern gesprek 8
DOORVERBINDEN: - algemeen 8
- met aankondiging 8
- zonder aankondiging 9
- ruggespraak 9
-in de wacht 9
MOGELIJKHEDEN II – vertraagd bellen 10
- bel uitschakelen (niet storen) 10
-algemene oproep 10
- blokkeren naar buiten bellen 11
-fax/modem 11
- fax select 11
-beantwoorder 12
-babyfoon 12
- flash op buitenlijn 12
- telediensten 13
- extra bel 13
- geheugenkiezers 13
- alarmkiezers 13
SPANNINGSUITVAL 14
STORINGEN EN TIPS 14
BOORMAL 15
ALGEMEEN
Met de Profoon CX-4 / CX-6 huiscentrale kunt u een binnenkomend telefoon gesprek doorverbinden en, zonder telefoonkosten, intern met de diverse ruimtes in uw huis kommuniceren.
Vrijwel alle goedgekeurde telefoons zijn aansluitbaar evenals beantwoorder, Fax, extra bel en Modem.
Verder is er de mogelijkheid om toestellen te blokkeren voor uitgaande gesprekken, om de centrale als babyfoon te gebruiken en om de bel vertraagd te laten klinken bij een binnenkomende oproep.
Ten behoeve van het doorverbinden is het gewenst dat de aan te sluiten (toon)-toestellen voorzien zijn van een FLASH faciliteit met een verbreektijd van 100 mS; (puls)-toestellen die hier niet mee zijn uitgerust kunnen doorverbinden door het drukken-of-draaien van een '1' (zie voor verdere uitleg het hoofdstuk doorverbinden).
De centrales bieden de mogelijkheid voor het aansluiten van een FAX of MODEM.
Op de CX-6 kan DAARNAAST nog een antwoord-apparaat worden aangesloten; direct nadat het antwoord-apparaat actief is geweest, zal gedurende twee minuten al het inkomend verkeer naar de FAX/MODEM worden geleid.
INSTALLEREN
CENTRALE
- bepaal de lokatie waar de centrale gemonteerd gaat worden (bij voorkeur dient dit in de buurt van uw telefoon aansluiting en een 220 volt stopkontakt te zijn);
- verwijder de kap van de centrale en bevestig de centrale aan de wand.
KONTAKTDOZEN
- monteer de telefoon-kontaktdozen, op de daarvoor bestemde plaatsen; de maximale afstand tussen de centrale en elke telefoon kontaktdoos mag niet meer bedragen dan 200 meter.
TELEFOONSNOER
- leg de draad strak langs de muur/plint met om de 40 cm (bij een bocht 10 cm) een draadbeugeltje; let op dat de draad nergens afgekneld wordt.
AANSLUITSCHEMA PROFOON CX-4


BEDRADEN
TELEFOONSNOER
- alhoewel zowel de buitenlijn als de toestellen 2-aderig worden aangesloten, geniet het de voorkeur 4-aderig telefoonsnoer toe te passen voor de installatie;
- houd de kleuren rood en blauw aan voor de stroomvoerende aders; de 2 overige aders worden niet gebruikt;
- er behoeft geen rekening met een eventuele + en - gehouden te worden.
KONTAKTDOZEN
- verbind de 2 aders van het telefoonsnoer met de aansluiting A (linksboven) en B (rechtsboven) in de kontaktdozen;
- ten behoeve van het aansluiten van toestellen waarvan de beldraad apart is aangesloten dient een verbinding tussen aansluiting B (rechtsboven) en EB (rechtsonder) aangebracht te worden.

aansluiten kontaktdoos

natural_image
Technical line drawing of a mechanical component with no visible text or symbolsaansluiten telefoonstekker
TOESTELTIPS
- houd toestel 1 aan als hoofdtoestel (dit toestel blijft als enige funktioneren indien de netspanning wegvalt);
- van toestel 2 en 3 kan de bel vertraagd worden; houd hiermee rekening met uw planning door deze aansluitingen bijvoorbeeld voor de slaapkamers te reserveren;
- alleen toestel 2 en 3 kunnen geblokkeerd worden voor uitgaand telefoneren;
- alleen toestel 3 kan als babyfoon of voor ruimte bewaking worden geïnstalleerd;
- een eventuele fax of modem komt op aansluiting 4; indien geen fax of modem gebruikt wordt, kan op aansluiting 4 een normale telefoon geplaatst worden;
- Op de CX-6 komt een eventuele beantwoorder op aansluiting 5; indien geen beantwoorder gebruikt wordt, kan op aansluiting 5 een normale telefoon geplaatst worden.
CENTRALE
- verbind de aderparen die van de telefoon kontaktdozen afkomen met de respektievelijke aansluitingen op de contact-strip in uw centrale.
BUITENLIJN
- de verbinding tussen uw centrale en de buitenlijn wordt eveneens met 4-aderig telefoonsnoer gelegd waarvan slechts 2 aders gebruikt worden;
- sluit de 2 aders van het telefoonsnoer aan op de aansluitingen A en B in een telefoonstekker;
- verbind deze 2 aders met de punten 'A' en 'B' op de drie-polige contact-strip in uw centrale;
- plug de telefoonstekker in de originele telefoon wandkontaktdoos.
Schuif, voor zover dat nog niet het geval is, alle schakelaartjes op de print van de centrale (zie aansluitschema's) in de OFF positie (naar links); plaats de kap op de centrale en doe de netstekker in het stopkontakt waarna de groene kontrole-lamp op de centrale oplicht.
De installatie is nu gebruiksgereed en kan getest worden.
SYSTEEMTEST
TOON/PULS
Stel de aangesloten toestellen in op het kiessysteem dat u van de PTT aangeboden krijgt:
- PULS voor mechanische (draaischijf) centrales. (ook wel IDK)
- TOON voor het elektronisch (druktoets) systeem. (ook wel TDK)
TOESTEL- en BEDRADINGSTEST
- neem de hoorn op van toestel 1, de kiestoon van de centrale is nu hoorbaar;
- kies het cijfer 2 en de bel van toestel 2 zal overgaan;
- neem de hoorn op en kontroleer de nu ontstane verbinding;
- leg op beide toestellen de hoorn neer en test nu de overige toestellen op de bovenbeschreven wijze;
- ook vanaf de overige toestellen de beschreven procedure herhalen.
BUITENLIJN TEST
- neem de hoorn op van toestel 1, de kiestoon van de centrale is nu hoorbaar;
- kies het cijfer 0, de buitenlijn kiestoon is nu hoorbaar en u kunt ter test een telefoonnummer intoetsen;
- test ook vanaf de overige toestellen de buitenlijn aansluiting.
MOGELIJKHEDEN I
UITBELLEN
INTERN BELLEN
Neem de hoorn op, wacht op de kiestoon en kies het gewenste toestelnummer. Zodra de andere kant opneemt kunt u het (gratis) interne gesprek beginnen.
EXTERN BELLEN
Neem de hoorn op, wacht op de kiestoon, kies het nummer 0 en wacht op de buitenlijn kiestoon.
Kies nu het normale telefoonnummer waarna de verbinding tot stand komt.
NUMMER HERHALING
Indien uw telefoon is uitgerust met een laatste nummer geheugen dan dient u, bij het aktiveren van deze funktie, rekening te houden met een eventuele wachttijd bij het aanvragen van de buitenlijn (toets 0).
Is uw toestel voorzien van een pauze funkcie, druk dan na de eerste 0 éénmaal op de pauze toets alvorens het eigenlijke telefoonnummer wordt ingetoetst; deze pauze opdracht wordt nu in het laatste nummer opgeslagen.
Is uw toestel niet voorzien van een pauze faciliteit, dan bestaat de kans dat de nummerherhaling te snel gaat; kies in dat geval het nummer met de hand.
GEHEUGENS
Is uw telefoon uitgerust met extra geheugens, programmeer dan als eerste cijfer een 0 (om de buitenlijn aan te vragen) gevolgd door een pauze als wachttijd voor de buitenlijn waarna het eigenlijke net- en abonnee-nummer volgt.
IN GESPREK
Indien u, na het opnemen van de hoorn, niet de kiestoon van de centrale maar stilte of een ingesprektoon hoort, dan voert een van de overige toestellen reeds een intern of extern gesprek; leg de hoorn neer en probeer het later nogmaals.
OPMERKING
Het kiezen, intern of extern, dient binnen 10 seconden na het opnemen van de hoorn te zijn begonnen; wordt er niet begonnen met kiezen, dan zal het toestel door de centrale afgekoppeld worden; dit blokkeren wordt opgeheven door de hoorn neer te leggen en deze eerst na 3 seconden weer op te nemen.
Deze faciliteit is toegepast om te voorkomen dat een naast het toestel liggende hoorn de centrale blokkeert.
OPGEBELD WORDEN
INTERN
Indien u intern opgebeld wordt, is dit kenbaar aan het dubbele belritme (tring tring – – tring tring); neem de hoorn op en begin het gesprek.
EXTERN
Wordt u van buiten af opgebeld, dan zullen alle aangesloten toestellen tegelijk en in het normale ritme overgaan (tring -- tring ); neem de hoorn van een van de toestellen op en begin het gesprek.
Let op dat de bel of zoemer van sommige toestellen kan na-ijlen en dat het dan niet duidelijk is of u intern (2 korte belsignalen) of extern (1 lang belsignaal) opgebeld wordt.
TIJDENS INTERN GESPREK
Wordt u van buiten af opgebeld tijdens een intern gesprek, dan klinkt er om de tien seconden een aanklop-signaal in de hoorn; nadat BEIDE gesprekspartners hebben neergelegd, zal op alle toestellen de bel overgaan.
Op de gebruikelijke wijze kan het gesprek nu worden afgehandeld.
DOORVERBINDEN
DOORVERBINDEN ALGEMEEN
Een gesprek doorverbinden of in de wacht zetten, geschiedt middels het FLASH systeem.
"Flash" houdt in dat de verbinding gedurende een vast ingestelde tijd onderbroken wordt; voor Nederland geldt een tijd van 100mS (één-tiende van een seconde).
Alle, in Nederland officieel toegelaten, telefoons die voorzien zijn van een flash toets hebben de juiste verbreektijd en kunnen direkt aangesloten worden.
Puls-toestellen die niet voorzien zijn van een flash toets, kunnen doorverbinden door het indrukken van een '1'. Voor de duidelijkheid zal dit in de tekst eveneens als 'Flash'-toets worden aangemerkt.
DOORVERBINDEN MET AANKONDIGING
Toets, tijdens het externe gesprek, eenmaal op de flash toets:
- de buitenlijn wordt in de wacht gezet en u hoort de interne kiestoon;
- toets, via het toetsenbord, het gewenste toestelnummer;
- aan de andere zijde gaat nu de bel over in het dubbele ritme;
- zodra er opgenomen wordt, kunt u de buitenlijn aankondigen en de hoorn neerleggen;
- de buitenlijn wordt nu direkt doorgeschakeld.
Indien de andere zijde niet opneemt, of in-gesprek is, kunt u het gesprek met de buitenlijn terugvragen door het indrukken van de FLASH toets, gevolgd door de 0.
DOORVERBINDEN ZONDER AANKONDIGING
Toets, tijdens het externe gesprek, eenmaal op de flash toets:
- de buitenlijn wordt in de wacht gezet en u hoort de interne kiestoon;
- toets, via het toetsenbord, het gewenste toestelnummer;
- leg, zodra u de bel hoort overgaan, de hoorn neer;
- aan de andere zijde zal nu de bel in het enkele bel-ritme overgaan;
- zodra de hoorn van het opgeroepen toestel opneemt, zal de buitenlijn naar dit toestel doorgeschakeld worden.
Indien de andere zijde niet opneemt, zullen na 40 seconden alle aangesloten toestellen gaan bellen en kan het gesprek op een ander toestel worden aangenomen.
Als ook nu niet wordt opgenomen, wordt na nog eens 4 bel-perioden de verbinding met de buitenlijn verbroken.
RUGGESPRAAK
Toets, tijdens het externe gesprek, eenmaal op de flash toets:
- de buitenlijn wordt in de wacht gezet en u hoort de interne kiestoon;
- toets, via het toetsenbord, het gewenste toestelnummer;
- u kunt nu intern overleg voeren zonder dat de buitenlijn meeluistert;
- zodra de andere zijde neerlegt, krijgt u de buitenlijn automatisch weer terug.
Indien de andere zijde niet opneemt, kunt u het gesprek met de buitenlijn terugvragen door het indrukken van de FLASH toets gevolgd door de 0.
GESPREK IN DE WACHT ZETTEN
Om in dezelfde ruimte even te overleggen kunt u het gesprek de wacht zetten:
- toets, tijdens het externe gesprek, eenmaal op de flash toets:
- de buitenlijn wordt in de wacht gezet en u hoort de interne kiestoon;
- u kunt nu intern overleg voeren zonder dat de buitenlijn meeluistert;
- de buitenlijn terugvragen door eenmaal toets 0 te drukken.
Indien uw telefoon uitgevoerd is met een MUTE of HOLD toets, dan kunt u ook die faciliteit gebruiken; raadpleeg hiertoe de gebruiksaanwijzing van uw telefoontoestel.
Wordt, terwijl het buitenlijngesprek 'in-de-wacht' staat, de telefoon neergelegd, dan zullen alle toestellen nog drie keer in het enkele-belritme overgaan. Wordt hierop niet gereageerd, dan zal de verbinding door de centrale worden verbroken.
MOGELIJKHEDEN II
De centrale biedt de volgende extra mogelijkheden:
VERTRAAGD BELLEN
Door de mikroschakelaar 1 (zie aansluitschema) in de positie 'ON' te schuiven (naar rechts), vertraagt u het bellen van toestel 2 en toestel 3.
Bij een binnenkomende oproep zullen deze toestellen pas na 12 seconden overgaan; deze vertraging is niet aktief bij een interne oproep of een doorverbinding.
Het blijft mogelijk om op toestel 2 of 3 een gesprek aan te nemen, OOK indien de bel nog niet is overgegaan.
BEL UITSCHAKELEN / NIET STOREN (ALLEEN OP CX-6)
De bel van de toestellen 2 t/m 6 kunnen geheel uitgeschakeld worden:
Uitschakelen:
- neem de hoorn op van het toestel waarvan u de bel wilt uitschakelen;
- kies, zodra de interne kiestoon van de centrale klinkt, toets 9 op het toetsenbord van de telefoon, de kiestoon verdwijnt;
- kies nu toets 0 waarna de centrale een onderbroken toon weergeeft als teken dat de opdracht geaksepteerd is;
- leg de hoorn neer;
Inschakelen:
- neem de hoorn op van het toestel waarvan u de bel weer wilt inschakelen;
- kies, zodra de onderbroken interne kiestoon van de centrale klinkt, toets 9 op het toetsenbord van de telefoon, de kiestoon verdwijnt;
- kies nu toets 1 waarna de centrale de normale interne toon weergeeft als teken dat de opdracht geaksepteerd is;
- leg de hoorn neer;
Opmerkingen:
- zowel bij een externe als bij een interne oproep zal de bel niet meer overgaan indien deze funktionie is ingesteld;
- het uitkiezen vanaf een toestel waarvan de bel is uitgeschakeld, blijft normaal mogelijk; de onderbroken interne kiestoon geeft aan dat de bel uitgeschakeld staat;
- het is niet mogelijk om een gesprek aan te nemen op een toestel waarvan de bel is uitgeschakeld, dit kan alleen op toestellen waarvan de bel aan of vertraagd is;
- na een spanningsonderbreking is het NIET STOREN uitgeschakeld.
ALGEMENE OPROEP (ALLEEN OP CX-6)
Vanaf elk toestel kan door het kiezen van een 7 een algemene oproep geplaatst worden zodat alle aangesloten toestellen tegelijk gaan bellen.
Behalve op de als NIET STOREN ingestelde toestellen en op de fax/modem en of bantwoorder aansluiting (indien ingesteld), zal nu op alle toestellen het interne oproepsignaal klinken.
Zodra iemand opneemt is de verbinding tot stand gebracht.
De algemene oproep kan alleen intern gebruikt worden, het is niet mogelijk om een extern gesprek op deze wijze door te verbinden.
BLOKKEREN NAAR BUITEN BELLEN
Door de mikroschakelaar nummer 2 (zie aansluitschema) in de 'ON'-positie (naar rechts) te schuiven, blokkeert u toestel 2 voor naar buiten bellen. De mikroschakelaar nummer 3 blokkeert op deze wijze toestel 3.
Een oproep van buiten af kan wel op een geblokkeerd toestel aangenomen worden evenals het doorverbinden van een buitenlijn naar een geblokkeerd toestel.
Interne oproepen worden niet geblokkeerd.
FAX/MODEM
Indien de mikroschakelaar nummer 4 (zie aansluitschema) in de 'ON'- positie gezet wordt, kan in plaats van een telefoon, een fax of modem aangesloten worden:
- het is dan niet meer nodig om een 0 te kiezen voor het aanvragen van de buitenlijn; deze wordt direkt gegeven na het aktiveren van het apparaat (houd hiermee rekening bij het inprogrammeren van het nummergeheugen van de fax of het modem);
- een binnenkomende oproep wordt, indien deze niet door een ander toestel beantwoord werd, automatisch na 6 belsignalen doorgeschakeld naar de fax/modem:
- indien een binnenkomend fax- of modem bericht door een ander toestel wordt beantwoord (u hoort dan de karakteristieke fluittoon), kunt u de oproep doorschakelen naar de fax/modem door het indrukken van de flash toets gevolgd door toets 4 en het dan neerleggen van de hoorn;
- aangezien de fax/modem direkt, dus zonder tussenkomst van de centrale, op de lijn komt, wordt het elektronische signaal, met name de maximale modemsnelheid, niet door de centrale beïnvloed.
FAX MET ANTWOORD-APPARAAT (ALLEEN CX-6)
De fax wordt aangesloten op aansluiting 4 en de beantwoorder op aansluiting 5 van de centrale; de mikro-schakelaars nummer 4 en 5 dienen op 'ON' (naar rechts) geschoven te worden.
Een binnenkomende oproep zal nu door de beantwoorder aangenomen worden waarbij na het einde van het 'gesprek' gedurende ruim 2 minuten alle inkomende oproepen naar de fax doorgeschakeld zullen worden.
Via de meldtekst van de beantwoorder moet de opbeller geïinstrueerd worden dat na de pieptoon een boodschap kan worden achtergelaten of dat, indien de opbeller een fax wil verzenden, hij de verbinding moet verbreken en binnen 2 minuten moet terugbellen waarbij dan de fax de verbinding aanneemt.
Inkomende telefoon:
- de beantwoorder neemt de lijn aan;
- de opbeller hoort de meldtekst en kan na de pieptoon een boodschap achterlaten.
Inkomende (automatische) fax:
- de beantwoorder neemt de lijn aan;
- de zendende fax hoort signalen (de meldtekst) die hij niet begrijpt; hij zal de verbinding verbreken en overschakelen op auto-redial (automatisch herhalen);
- nadat de beantwoorder is gestopt, zal de CX-6 gedurende 2 minuten alle inkomende oproepen direkt naar aansluiting 4 (= fax) geleiden;
- de zendende fax probeert opnieuw verbinding te maken en zal worden doorgeschakeld naar uw fax waarna het bericht binnenkomt.
Inkomende (handmatige) fax:
- de beantwoorder neemt de lijn aan;
- de opbeller hoort de meldtekst waarin is opgenomen dat na het verbreken van de verbinding gedurende 2 minuten de fax wordt ingeschakeld;
- nadat de beantwoorder is gestopt, zal de CX-6 gedurende 2 minuten alle inkomende oproepen direkt naar aansluiting 4 (= fax) geleiden;
- de opbeller probeert opnieuw verbinding te maken en zal worden doorgeschakeld naar uw fax waarna het bericht binnenkomt.
BEANTWOORDER
Een telefoonbeantwoorder kan normaal aangesloten worden en ook eventuele afstandsfunkties hiervan kunnen normaal uitgevoerd worden.
Indien alleen een beantwoorder aangesloten wordt, dus niet in kombinatie met een fax zoals hierboven beschreven, hoeft er geen mikro-schakelaar omgezet te worden. Bovendien kan elke toestelaansluiting worden gebruikt als antwoord-apparaat.
BABYFOON
Aansluiting 3 is te gebruiken als babyfoon of voor ruimtebewaking:
- neem de hoorn van toestel 3 op en leg deze naast het toestel;
- na 10 seconden verdwijnt de kiestoon en is de funkcie aktief;
- vanaf elk toestel kan nu, door het kiezen van een 3, het babyfoontoestel opgeroepen worden en kan de ruimte enige tijd beluisterd worden;
- zodra de hoorn van toestel 3 weer op de haak wordt gelegd, is deze funkcie automatisch uitgeschakeld.
Deze babyfoon funkcie is alleen voor intern gebruik.
FLASH OP BUITENLIJN
In verband met te verwachten PTT-diensten kan het nodig zijn om op de buitenlijn een Flash te geven. De CX-4 en CX-6 centrales zijn hierop reeds voorbereid: druk op uw toestel op de flash-toets gevolgd door een druk op toets 8. Op de buitenlijn wordt nu een nauwkeurige flash-puls geproduceerd waarop de PTT dienst zal reageren.
TELEDIENSTEN
Telediensten zoals teleshoppen, telebankieren, semafoondiensten en ook de * 21 diensten zijn, mits deze door de betreffende organisatie aan u wordt aangeboden, normaal aanroepbaar.
Let wel op dat u altijd eerst een 0 moet kiezen voordat u met het openbare net bent verbonden.
EXTRA BEL
U kunt naar keuze een extra bel aansluiten op de buitenlijn of op een van de binnenlijnen:
- buitenlijn: de bel rinkelt alleen als u van buiten opgebeld wordt;
- binnenlijn: de bel rinkelt bij zowel een externe als interne oproep (op dat toestelnummer); let op dat dan ook instellingen zoals niet of vertraagd bellen van toepassing zijn op de extra bel.
Sluit de extra bel aan volgens de instrukties die bij deze bel worden geleverd.
GEHEUGENKIEZERS
Losse geheugenkiezers kunnen, op de wijze zoals in de gebruiksaanwijzing van deze kiezers staat beschreven, aangesloten worden.
Let op dat de geheugennummers dienen te beginnen met een 0, gevolgd door een pauze, voor het aanvragen van de buitenlijn.
ALARMKIEZERS
Alarmkiezers dienen bij voorkeur direkt, dus buiten de centrale om, op het openbare net aangesloten te worden. Dit omdat, indien de netspanning wegvalt, er op toestel 1 niet eerst een 0 gekozen behoeft te worden; is deze 0 wel geprogrammeerd en valt de spanning weg, dan wordt een verkeerd nummer gekozen.
SPANNINGSUITVAL
Bij uitval van de 220 volt voedingsspanning, zal toestel 1 direkt op het openbare telefoonnet worden doorgekoppeld.
De opties die met de mikro-schakelaars zijn ingesteld (fax select, uitbel-begrenzing en vertraagd bellen) zijn na terugkeer van de spanning weer aktief; de software instelling om de bel uit te schakelen (de NIET STOREN funkcie in de CX-6) dient opnieuw geprogrammeerd te worden.
STORINGEN EN TIPS
| problemen met doorverbinden | : Kontroleer of uw toestel voorzien is van een FLASH toets: indien niet:– druk kort de hoornschakelaar in; let op dat bij lang indrukken de verbinding wordt verbroken;indien wel:– kontroleer de verbreektijd van de flash toets in de manual van het toestel of bij de leverancier of fabrikant van het toestel; de verbreektijd dient 100 milli-seconden te zijn;– soms is de doorverbind-toets naar keuze als ‘flash’ of als ‘aarde’ -toets te gebruiken. Controleer of uw telefoon goed staat ingesteld. |
| alleen toestel 1 funktioneert | : Kontroleer of de centrale voedingsspanning heeft (groene kontrole-lamp moet oplichten). |
| geen buitenlijn-kiestoon | : Kontroleer de verbinding met het openbare telefoonnet (een toestel in de bestaande originele telefoon kontaktdoos pluggen). |
| ingesprektoon bij opnemen hoorn | : Een ander toestel heeft de buitenlijn of voert een intern gesprek. |
| CX-4/6 kiestoon blijft terugkomen | : Kontroleer de positie van optie schakelaar 2 en 3; voor normaal gebruik dienen deze op OFF (naar links) te staan. U kiest een niet bestaand toestel. |
| PTT kiestoon blijft terugkomen | : De PTT aksepteert op uw aansluiting alleen maar draaischijf-pulsen terwijl u met een elektronische telefoon belt; schakel over op puls-kiezen (zie gebruiksaanwijzing van dat toestel). |
Plaats deze mal tegen de muur en teken op de hoekpunten de gaten af.