AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - Grasmaaier

36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - Grasmaaier AL-KO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort AL-KO in PDF-formaat.

📄 488 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - page 43
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort AL-KO

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - AL-KO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort van het merk AL-KO.

GEBRUIKSAANWIJZING 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort AL-KO

1 Speciale veiligheidsinstructies .... 43

2 Over deze gebruiksaanwijzing...... 43

2.1 Symbolen op de titelpagina...... 43

2.2 Verklaring van pictogrammen en sig- naalwoorden.... 43

3 Productomschrijving 43

3.1 Beoogd gebruik 44

3.2 Mogelijk afzienbaar foutief gebruik..... 44

3.3 Overige risico's.... 44

3.4 Veiligheids- en beveiligingsvoorzie- ningen 44

3.5 Symbolen op het apparaat 44

3.5.1 Veiligheidstekens.... 44

3.5.2 Bedieningstekens 45

3.6 Productoverzichten 45

3.6.1 Productoverzicht (01) – AL-KO.... 45

3.6.2 Productoverzicht (02) – solo by AL-KO.... 46

3.7 Leveringsomvang...... 46

4 Veiligheidsinstructies 48

4.1 Veiligheidsinstructies voor grasmaai- er 48

4.1.1 Training.... 48

4.1.2 Voorbereidende maatregelen..... 48

4.1.3 Gebruik.... 49

4.1.4 Onderhoud en opslag...... 49

4.2 Belasting door trillingen.... 49

4.3 Geluidsbelasting 50

4.4 Veiligheidsinstructies voor accu en oplader.... 50

5 Montage 50

6 Ingebruikname.... 51

6.1 Accu laden.... 51

6.2 Accu's plaatsen en uittrekken (05) ..... 51

6.3 Voeding van het maaiwerk in- en uit- schakelen (06) 51

6.4 Cockpit in- en uitschakelen* 51

7 Bediening 51

7.1 Maaihoogte instellen (07) 51

7.2 Maaien met de grasopvangbak (08, 09)....52

7.3 Mulchen met het mulchinzetstuk (10, 11)* 52

7.4 Maaien met zijuitworp (12)* .... 52

7.5 Duwboom aanpassen op de lichaam- slengte (13)* 53

7.6 Maaiwerk starten en stoppen (14) ..... 53

7.7 Wielaandrijving in- en uitschakelen (15)*.... 53

7.8 Wielaandrijving – snelheid wijzigen (16) ^* 53

7.9 Eco-Mode in- en uitschakelen (16)* ... 54

8 Werkinstructies.... 54

9 Onderhoud en verzorging.... 54

9.1 Regelmatige onderhoudswerkzaam- heden.... 54

9.2 Apparaat en maaiwerk reinigen...... 55

9.3 Messen controleren en vernieuwen.... 55

9.4 Bowdenkabel van de wielaandrijving afstellen (17).... 55

9.5 Reparatiewerkzaamheden.... 55

9.6 USB-interface (18)...... 55

10 Hulp bij storingen.... 56

11 Transport.... 57

11.1 Apparaat transporteren.... 57

11.2 Accu's transporteren.... 57
12 Opslag 58
12.1 Accugrasmaaier opslaan.... 58
12.2 Accu en oplader opslaan.... 58
13 Verwijderen.... 58
14 Klantenservice/service centre.... 59
15 Garantie 60

1 SPECIALE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

Dit apparaat kan door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of mentale beperkingen of gebrek aan ervaring en kennis worden gebruikt, mits zij onder toezicht staan of voorgelicht zijn over het veilige gebruik van het apparaat, en de gevaren begrijpen die ervan uit kunnen gaan. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud mogen niet door kinderen zonder toezicht uitgevoerd worden.

Personen met zeer sterke en complexe beperkingen kunnen behoeften hebben die boven de hier beschreven aanwijzingen uit gaan.

2 OVER DEZE GEBRUIKSAANWIJZING

De Duitse versie is de originele gebruiksaanwijzing. Alle andere taalversies zijn vertalingen van de originele gebruiksaanwijzing.
Bewaar deze gebruiksaanwijzing goed zodat u erin het antwoord op uw vragen kunt terugvinden wanneer u informatie over de machine nodig heeft.
Draag de machine alleen samen met deze gebruiksaanwijzing aan andere personen over.
■ Lees en neem de veiligheids- en waarschuwingsinstructies in deze gebruiksaanwijzing in acht.

2.1 Symbolen op de titelpagina

Symbool Betekenis

AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - Symbool Betekenis - 1

Lees voor de ingebruikname deze gebruiksaanwijzing absoluut zorgvuldig door. Dit is de voorwaarde voor veilig werken en een storingsvrij gebruik.

Symbool Betekenis

AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - Symbool Betekenis - 1

Gebruiksaanwijzing

AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - Symbool Betekenis - 2

Ga voorzichtig met Li-Ion accu's om! Neem met name de aanwijzingen voor transport, opslag en afvalverwijdering in acht!

2.2 Verklaring van pictogrammen en signaalwoorden

⚠ GEVAAR! Wijst op een direct gevaarlijke situatie, die, wanneer ze niet vermeden wordt, tot de dood of tot een ernstig letsel leidt.

⚠ WAARSCHUWING! Wijst op een potentieel gevaarlijke situatie, die, wanneer ze niet verme- den wordt, tot de dood of tot een zwaar letsel kan leiden.

⚠ VOORZICHTIG! Wijst op een potentieel gevaarlijke situatie, die, wanneer ze niet vermeden wordt, tot een licht of middelzwaar letsel kan leiden.

LET OP! Wijst op een situatie, die, wanneer ze niet vermeden wordt, tot materiële schade kan leiden.

i OPMERKING Speciale aanwijzingen voor meer duidelijkheid en een beter gebruik.

Deze handleiding beschrijft verschillende modellen met de hand bediende accu grasmaaiers van het merk AL-KO en solo by AL-KO met verschillende uitvoeringen. De uitvoeringen van de afzonderlijke modellen worden in de technische gegevens van de montagehandleiding vermeld.

Het apparaat mag alleen met de in de technische gegevens vermelde lithium-ionen-accu's en opladers worden gebruikt. Zie voor verdere informatie over de accu's en opladers de aparte handleidingen:

■ Gebruikshandleiding 441630: Li-ionenaccu B150 Li (B05-3640G), B200 Li (B05-3650G)
■ Gebruikshandleiding 441633: Oplader C130 Li (C05-4230)

LET OP! Gevaar voor schade aan apparaat en accu. Als het apparaat wordt gebruikt met ongeschikte accu's, kunnen apparaat en accu's beschadigd raken.

- Gebruik het apparaat alleen met de voorge-schreven accu's.

3.1 Beoogd gebruik

Dit apparaat is bedoeld voor het maaien van gazons en mag alleen op gedroogde gazons worden gebruikt.

Dit apparaat is uitsluitend bedoeld voor particulier gebruik. Ieder ander gebruik alsmede niet-toege-stane verbouwingen of uitbreidingen worden voor misbruik aangezien en hebben de uitsluiting van de garantie en het verlies van de conformiteit en de weigering van iedere verantwoordelijkheid voor schade van de gebruiker of van derden van de fabrikant tot gevolg.

3.2 Mogelijk afzienbaar foutief gebruik

Het apparaat is noch bedoeld voor de commerciele toepassing in openbare parken en sportfaciliteiten, noch voor de toepassing in land- en bosbouw.

■ Het apparaat niet gebruiken bij regen of op nat gazon.
■ Veiligheidsvoorzieningen mogen niet worden gedemonteerd of overbrugd.

Ook bij doelmatig gebruik van het gereedschap blijft sprake van een zeker restrisico dat niet kan worden uitgesloten. Uit de aard en de bouwwijze van het apparaat kunnen, afhankelijk van het gebruik, de volgende potentiële gevaren worden afgeleid:

■ Wegslingeren van snijafval, grond en kleine stenen.
Inademen van deeltjes van afgesneden gewasdeeltjes als er geen adembescherming wordt gedragen.
■ Snijwonden als gevolg van het reiken naar het draaiende maaiimes.

3.4 Veiligheids- en beveiligingsvoorzieningen

⚠ WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel.

Defecte en buiten werking gestelde veiligheids- en beschermingsapparatuur kunnen ernstig letsel veroorzaken.

■ Laat defecte veiligheids- en beschermingsapparatuur repareren.
■ De veiligheids- en beschermingsuitrusting nooit buiten werking stellen.

Veiligheidssleutel

Om het onbedoeld inschakelen te voorkomen is het apparaat van een veiligheidssleutel voorzien. Schakel vóór alle werkzaamheden het apparaat uit en verwijder altijd de veiligheidssleutel.

Veiligheidshandgreep / veiligheidsbeugel

Het apparaat is uitgerust met een veiligheidshandgreep / veiligheidsbeugel. In geval van gevaar de veiligheidshandgreep / veiligheidsbeugel gewoon loslaten. De motor en het maaimechanisme vallen stil.

Start-knop

Om de motor door middel van de veiligheids-handgreep / veiligheidsbeugel te kunnen inschakelen, moet eerst op de Start-knop worden gedrukt.

Klep

De klep beschermt bijv. tegen maaigoed-deeltjes en stenen die eruit kunnen worden geslingerd.

3.5 Symbolen op het apparaat

3.5.1 Veiligheidstekens

Symbool Betekenis

AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - Symbool Betekenis - 1

Vereist extra voorzichtigheid tijdens gebruik!

AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - Symbool Betekenis - 2

Lees vóór ingebruikname de gebruiksaanwijzing!

AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - Symbool Betekenis - 3

Gevaar voor letsel! Handen en voeten uit de buurt van het maaimechanisme houden!

Symbool Betekenis

AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - Symbool Betekenis - 1

Niet van toepassing, wordt uitsluitend gebruikt voor benzinegrasmaaiers.

Neem voorafgaand aan alle onderhouds- en reinigingswerkzaamheden de bougiedop los!

AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - Symbool Betekenis - 2

Risico op wegslingeren van voor- werpen!

AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - Symbool Betekenis - 3

Houd anderen uit de buurt van de gevarenzone!

AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - Symbool Betekenis - 4

Niet van toepassing, wordt uitsluitend gebruikt voor elektrische grasmaaiers.

Schakel het apparaat voor onderhouds- en reparatiewerkzaamheden uit en haal de stekker uit het stopcontact!

AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - Symbool Betekenis - 5

Niet van toepassing, wordt uitsluitend gebruikt voor elektrische grasmaaiers.

Bij een beschadigde stroomkabel bestaat gevaar voor elektrische schokken!

AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - Symbool Betekenis - 6

Niet van toepassing, wordt uitsluitend gebruikt voor elektrische grasmaaiers.

Houd het netkabel uit de buurt van het snijwerk en rijd er niet overheen!

AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - Symbool Betekenis - 7

Verwijder de deactiveringsvoorziening voor onderhoudswerkzaamheden!

3.5.2 Bedieningstekens

Symbool Betekenis

AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - Symbool Betekenis - 1

Aanpak voor het starten van de motor (zie Hoofdstuk 7.6 "Maaiwerk starten en stoppen (14)", pagina 53)

Symbool Betekenis

AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - Symbool Betekenis - 1

Indien niet in gebruik: Haal de veiligheidssleutel uit het slot en verwijder de accu uit het apparaat.

3.6 Productoverzichten

3.6.1 Productoverzicht (01) – AL-KO

Nr. Onderdeel

1* Smart button*

2 Deksel van het accuvak

3 Sleutelschakelaar met veiligheidssleutel

4 Accuvak 1 en 2

Omklapbare geleideboom, bestaat uit:

5 ■ Bovenste deel duwboom

6 ■ Onderste duwboom

7 ■ Vleugelmoeren (2x)

9* Versnellingshendel voor wielaandrijving*

10 Veiligheidsbeugel

11 Start-knop

12 Niveau-indicator

13 Grasopvangbak

14 Handgreep van de grasopvangbak

15 Centrale snijhoogteverstelling

16* Uitworpklep aan de zijkant*

17* Draaghandgreep voorkant*

18 Accu (1x of 2x)

19 Oplader

* afhankelijk van het model, zie montagehandleiding.

3.6.2 Productoverzicht (02) – solo by AL-KO

Nr. Onderdeel

1* Smart button*
2 Deksel van het accuvak
3 Sleutelschakelaar met veiligheidssleutel
4 Accuvak 1 en 2
In hoogte verstelbare en omklapbare duw-boom, bestaat uit:
5■ Bovenste duwboom
6■ Onderste duwboom**
7*■ Draaischarnieren voor snelverstelling*
8* "maxRun & smart-drive"-cockpit*
9* Versnellingshendel voor wielaandrijving*
10 Veiligheidsbeugel
11 Start-knop
12 Niveau-indicator
13 Grasopvangbak
14 Handgreep van de grasopvangbak
15 Centrale snijhoogteverstelling
16* Uitwerpklep aan de zijkant*
17* Draaghandgreep voorkant*

* afhankelijk van het model, zie montagehandleiding.
** afhankelijk van het model van staal of van aluminium.

3.7 Leveringsomvang

Bij de leveringsomvang horen de hier vermelde posities. Controleer of alle posities zijn inbegrepen:

Nr. Onderdeel

1 gazonmaaier
2 Grasopvangbak (niet gemonteerd/ge-deeltelijk gemonteerd)*
3 Duwboom (niet gemonteerd/gedeeltelijk gemonteerd)*
4 Inzetstuk voor zijuitworp*
5 Mulchinzetstuk*
6 Boutenzakje

Nr. Onderdeel

7 Accu* (1x of 2x)*
8 Acculader*

* afhankelijk van het model, zie montagehandleiding.

* afhankelijk van het model, zie montagehandleiding.

De grasmaaier is uitgevoerd met een wifimodule. Dit maakt een comfortabele bediening, instelling en bewaking via een app vanaf een mobiel apparaat (smartphone, tablet) mogelijk.

OPMERKING Het mobiele apparaat heeft voor het gebruik van de app een internetverbinding nodig.

De "AL-KO inTOUCH Smart Garden" app is voor Android-gebaseerde apparaten verkrijgbaar in de Google Play Store en voor iOS-gebaseerde apparaten in de Apple App Store:

AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - Leveringsomvang - 1

GET IT ON Google Play

AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - Leveringsomvang - 2

Na het installeren van de app moet u zich eerst aanmelden of registreren. Volg dan de handleiding stap voor stap.

De app heeft een grote reeks functies als bijv. productregistratie, tuintips, plantenadviezen of push-berichten in geval van een fout.

Verdere informatie over de "AL-KO inTOUCH

Smart Garden" staat op: https://alko-garden.com/smart-connect/

AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - Leveringsomvang - 3

3.9 Smart button (03)\*

* afhankelijk van het model, zie montagehandleiding.

Met de Smart button brengt u uw grasmaaier in de AL-KO Smart Cloud en naar de gevarieerde mogelijkheden van gardening: https://alko-garden.de/smart-gardening-mit-alko/

AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - Smart button (03)\* - 1

OPMERKING Aanwijzing bij wifi.

  • Om gebruik te kunnen maken van AL-KO Smart Gardening moet de grasmaaier binnen het bereik van uw wifinetwerk bevinden.
    ■ Houd de naam en het wachtwoord van uw wifi bij de hand.

3.9.1 Weergave van de laadtoestand

De Smart button geeft al vanaf een afstand de laadtoestand van de accu's aan.

Smart button Betekenis

Brandt groen. Accu’s opgeladen.
Brandt rood. Accu's leeg.

3.9.2 Grasmaaier met AL-KO Smart Cloud verbinden

OPMERKING Aanwijzing bij IT-veiligheid.

Vanuit de AL-KO Smart Cloud krijgt de grasmaai-er automatisch de nieuwste softwareupdates om veiligheidsleemtes te vermijden. Hiervoor is een internetverbinding via wifi nodig.

■ Verbind de grasmaaier alleen via een beveiligd wifi met internet.
■ Leg een veilig wifiwachtwoord vast.

  1. Smartphone voorbereiden:

■ "AL-KO inTOUCH Smart Garden" app installeren (zie Hoofdstuk 3.8 ""AL-KO in-TOUCH Smart Garden" app*", pagina 46).
■ App starten.

  1. Instellingsassistent starten: Smart button ca. 3 seconden indrukken.
  2. In de instellingsassistent:

■ Smartphone met wifi van de grasmaaier verbinden.

■ Naam van de grasmaaier wijzigen (op-tie).

Naam en wachtwoord van uw wifi invoeren. De grasmaaier verbindt zich met de AL-KO Smart Cloud.

Smart button bij het instellen
Nr. Smart button Betekenis
Verbinding met de app:

a. Pulseert blauw. Instellingsassistent ge-start, wacht op verbin-ding.
b. Brandt continu blauw.Instellingsassistent met de app verbon-den.

Verbinding met de AL-KO Smart Cloud via wifi van de gebruiker:

Nr. Smart button Betekenis
c.Brandt blauw,rechtsom draai-end.Verbindingspoging
d.Knippert blauw. Verbonden.
e.Wisselt tussen groen en blauw.Verbonden met AL-KO Smart Cloud.
f.Wisselt tussen rood en blauw.Niet verbonden. Naam en wachtwoord van uw wifi niet correct in-gevoerd.

Smart button tijdens de werking

Smart button Betekenis
Brandt blauw (lichter wordend).Verbonden met AL-KO Smart Cloud. Wifiontvangst voldoende.
Brandt blauw, draai-end.Verbinding met AL-KO Smart Cloud onderbroken. Wifiontvangst onderbroken.

Met de Smart button kunt u tot 3 IFTTT-acties activeren (IFTTT: If This Then That). Op https://ift-tt.com/ moet u deze acties vooraf vastleggen (bijv. besturing van apparaten in "Smart Home" of "Smart Garden", inschakelen van de irrigatie, openen van de garagepoort). IFTTT-acties kunnen afhankelijk van het abonnementmodel van de provider gratis of met kosten verbonden zijn.

OPMERKING Gedetailleerde informatie bij IFTTT vindt u op: https://alko-garden.de/ifttt-de/

  1. Smart button 1 keer, 2 keer of 3 keer kort achter elkaar indrukken om de IFTTT-actie 1, 2 of 3 te activeren.

Smart button Betekenis

Knippert om beurten groen en blauw.IFTTT-actie is geactiveerd.
Knippert om beurten rood en blauw.IFTTT-actie kon niet geactiveerd worden.

Vanwege de toegang tot internet en tot "Smart Home" en "Smart Garden" functie moet het apparaat veilig opgeborgen worden (zie Hoofdstuk 12.1 "Accugrasmaaier opslaan", pagina 58).

3.9.4 Grasmaaier activeren\*

* afhankelijk van het model, zie montagehandleiding.

Als de grasmaaier 10 minuten niet wordt gebruikt, schakelt hij om naar energiebesparingsmodus. De cockpit wordt uitgeschakeld.

Om de grasmaaier te activeren: zie Hoofdstuk

6.4 "Cockpit in- en uitschakelen*", pagina 51.

3.9.5 Wifinaam en wachtwoord resetten\*

* afhankelijk van het model, zie montagehandleiding.

  1. Smart button ca. 10 seconden indrukken:

Smart button Betekenis

Brandt blauw. Dan linksom dovend.Reset bezig.
Knippert blauw. Reset voltooid.

* afhankelijk van het model, zie montagehandleiding.

Toetsen

Nr. Betekenis
1 Aan-/Uit-toets voor cockpit
2 "Eco-Mode"-toets
3 Min-toets: Snelheid van de wielaandrijving reduceren.
4 Plus-toets: Snelheid van de wielaandrijving opvoeren.

Weergaven

Nr. Betekenis
5 Wifi verbindingsweergave
6 Laadtoestandsweergave van accu 1
7 Laadtoestandsweergave van accu 2
8 Foutweergave
9 Ingestelde snelheid van de wielaandrijving (7 standen)

4 VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

4.1 Veiligheidsinstructies voor grasmaaier

4.1.1 Training

Lees de gebruiksaanwijzing aandachtig door. Maak uzelf vertrouwd met de bedieningselementen en het juiste gebruik van het apparaat.
Laat kinderen of andere personen die de gebruiksaanwijzing niet kennen, de grasmaaier nooit gebruiken.

  • Kinderen dienen onder toezicht te staan zodat zij niet met het apparaat kunnen spelen.
    ■ Reiniging en onderhoud mogen niet door kinderen worden uitgevoerd.
    De lokale voorschriften kunnen de mini- mumleeftijd van de bediener vastleggen.

  • Dit apparaat mag worden gebruikt door personen met beperkte fysieke, sensorische of mentale vermogens of met een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen voor een veilig gebruik van het apparaat en inzicht hebben in de daaruit voortvloeiende gevaren.
    Ga nooit maaien terwijl er dieren of mensen, met name kinderen, in de nabijheid zijn.
    ■ Vergeet niet dat de gebruiker verantwoordelijk is voor ongelukken met andere personen of hun eigendommen.
    Bedien het apparaat niet als u onder invloed bent van alcohol, drugs of geneesmiddelen.

4.1.2 Voorbereidende maatregelen

Draag altijd stevige schoenen en een lange broek wanneer u het apparaat bedient. Gebruik het apparaat niet met blote voeten of in lichte sandalen. Vermijd het dragen van losse kleding of kleding met hangende veters of riemen.
■ Controleer het gebied waar het apparaat wordt gebruikt en verwijder alle voorwerpen die door het apparaat kunnen worden gegrepen en weggeslingerd.
- Controleer voor het gebruik van het apparaat altijd of de maaimessen, de bevestigingsbouten en het gehele maaimechanisme versleten of beschadigd zijn. Versleten of beschadigde messen en bevestigingsbouten mogen alleen in sets worden vervangen om onbalans te voorkomen. Versleten of beschadigde tekens moeten worden vervangen.

4.1.3 Gebruik

■ Maai alleen bij daglicht of bij goed kunstlicht.

Vermijd – indien mogelijk – het gebruik van het apparaat op nat gras.

■ Zorg altijd voor een goede ligging op hellingen.

■ Verplaats het apparaat alleen op loopsnelheid.

■ Maai dwars op de helling, nooit omhoog of omlaag.

Wees vooral voorzichtig wanneer u van rijrichting verandert op een helling.

■ Maai niet op te steile hellingen.

■ Wees vooral voorzichtig als u de grasmaaier draait of naar u toe trekt.

- Stop het maaimes (de maaimessen) als de grasmaaier moet worden gekanteld voor transport over andere terreinen dan gras en als de grasmaaier van en naar het te maaien gebied wordt verplaatst.

- Gebruik het apparaat nooit met beschadigde afschermingen of beschermroosters of zonder gemonteerde afschermingen, bijv. keerschotten en/of grasvangers. Beschadigde beschermingsvoorzieningen en -afdekkingen moeten worden vervangen, ontbrekende beschermingsvoorzieningen en -afdekkingen moeten goed worden aangebracht.

■ Start de motor voorzichtig en volgens de instructies van de fabrikant. Zorg voor voldoende afstand tussen de voeten en het maaimes (de maaimessen).

Bij het starten van de motor mag de grasmaaier niet worden gekanteld, behalve als de grasmaaier tijdens het proces moet worden opgetild. Kantel hem in dit geval alleen voor zover dit absoluut noodzakelijk is en til alleen de van de gebruiker af gerichte kant op.

■ Start de motor niet wanneer u voor de uit-werpschacht staat.

Plaats nooit handen of voeten op of onder draaiende delen. Blijf altijd uit de buurt van de uitwerpopening.

- Til het apparaat nooit op met een draaiende motor.

Zet de motor af en verwijder de veiligheids-sleutel. Overtuig uzelf ervan dat alle bewe-gende delen volledig tot stilstand zijn geko-men:

■ wanneer u de grasmaaier verlaat,

■ voordat u blokkades verwijdert of verstoppingen uit de uitwerpschacht verwijdert,
voordat u de grasmaaier controleert, schoonmaakt of eraan werkt,
als een vreemd voorwerp is geraakt. Zoek naar schade aan de grasmaaier en voer de vereiste reparaties uit voordat u de grasmaaier opnieuw in gebruik neemt en ermee werkt.

Als de grasmaaier abnormaal begint te trillen, is een onmiddellijke controle vereist:

■ Zoek naar schade.

■ Voer de vereiste reparaties aan beschadigde onderdelen uit.

Zorg ervoor dat alle moeren, bouten en schroeven stevig zijn aangedraaid.

■ Werk niet met het apparaat in slechte weersomstandigheden, vooral niet bij regen of dreigend onweer.

4.1.4 Onderhoud en opslag

Zorg ervoor, dat alle moeren, bouten en schroeven vast aangehaald zijn en dat het apparaat zich in een veilige werkpositie bevindt.
- Controleer de grasvanger regelmatig op slijtage of verlies van functionaliteit.
■ Vervang om veiligheidsredenen versleten of beschadigde onderdelen.
Houd er rekening mee dat bij apparaten met meerdere maaimessen de draaiing van één maairnes tot draaiing van de andere maai-messen kan leiden.
Let er bij het afstellen van het apparaat op dat er geen vingers klem komen te zitten tussen bewegende maaimessen en vaste delen van het apparaat.
■ Laat de motor afkoelen voordat u het apparaat opbergt.
- Let er bij het onderhoud van de maaimessen op dat de maaimessen zelfs wanneer de stroom is uitgeschakeld kunnen worden bewogen.
Vervang om veiligheidsredenen versleten of beschadigde onderdelen. Gebruik alleen originele reserveonderdelen en accessoires.

4.2 Belasting door trillingen

■ Gevaar door trillingen

De werkelijke trillingsemissiewaarde tijdens het gebruik van het apparaat kan afwijken

van de door de fabrikant opgegeven waarde. Let voor of tijdens het gebruik op de volgen-de factoren die van invloed zijn:

Wordt het apparaat gebruikt voor het beoogde gebruik?
Wordt het materiaal op de juiste wijze gesneden of verwerkt?
- Bevindt het apparaat zich in een goede staat van gebruik?
Is het snijblad goed scherp en is het juiste snijblad ingebouwd?
Zijn de handgrepen en, indien nodig, optionele trillingsdempende handgrepen gemonteerd en zijn deze vast verbonden met het apparaat?

- Gebruik het apparaat alleen met het motor-toerental dat nodig is voor de uit te voeren werkzaamheden. Gebruik het maximale toerental zo min mogelijk om geluid en trillingen te beperken.

Als gevolg van verkeerd gebruik en onderhoud kunnen de trillingen en het lawaai van het apparaat toenemen. Dit leidt tot schade aan de gezondheid. Schakel in dit geval het apparaat onmiddellijk uit en laat het repare- ren door een geautoriseerde servicewerkplaats.

De mate van belasting als gevolg van trillingen is afhankelijk van de uit te voeren werkzaamheden of van de toepassing van het apparaat. Schat hem in en las voldoende pauzes in. Daardoor wordt de belasting door trillingen gedurende de volledige werktijd in belangrijke mate verminderd.

- Door een langer gebruik van het apparaat wordt de bediener blootgesteld aan trillingen, waardoor problemen kunnen ontstaan met de bloedsomloop ('dode vingers'). Om dit risico te verminderen, handschoenen dragen en de handen warmhouden. Wanneer een symptoom van 'dode vingers' wordt waargenomen, onmiddellijk medische hulp inroepen. Tot deze symptomen behoren: Gevoelloosheid, verlies van gevoeligheid, tintelingen, jeuk, pijn, vermindering van de kracht, verandering van kleur of van de conditie van de huid. Meestal worden deze symptomen waargenomen aan vingers, handen of polsen. Bij lage temperaturen neemt het gevaar toe.

Las langere pauzes in tijdens uw werkdag, zodat u kunt herstellen van het geluid en van de trillingen. Plan uw werk zodanig dat het gebruik van apparaten die sterke trillingen

veroorzaken, wordt verspreid over meerdere dagen.

■ Wanneer u een onaangenaam gevoel of een verkleuring van de huid tijdens het gebruik van het apparaat waarneemt aan uw handen, onderbreekt u het werk onmiddellijk. Las voldoende pauzes in. Zonder voldoende pauzes kan een trillingensyndroom ontstaan aan handen en armen.
Minimaliseer het risico door uzelf zo min mogelijk bloot te stellen aan trillingen. Verzorg het apparaat volgens de aanwijzingen in de gebruiksaanwijzing.
Als het apparaat vaak wordt gebruikt, neemt u contact op met uw dealer om trillingsdempende accessoires (bijv. handgrepen) aan te schaffen.
- Gebruik het apparaat niet bij temperaturen onder 10 °C. Leg in een werkschema vast hoe de belasting door trillingen kan worden begrensd.

4.3 Geluidsbelasting

Een zekere geluidsbelasting door dit apparaat is onvermijdelijk. Plan luidruchtige werkzaamheden gedurende acceptabele en daarvoor geschikte tijden. Respecteer rusttijden en beperk de duur van het werk tot het minimum. Voor uw persoonlijke bescherming en ter bescherming van personen die zich in de buurt bevinden, moet geschikte gehoorbescherming worden gedragen.

4.4 Veiligheidsinstructies voor accu en oplader

Neem de veiligheidsinstructies voor de accu en de oplader in de afzonderlijke handleiding in acht. Zie:

■ Gebruikshandleiding 441630: Li-ionenaccu B150 Li (B05-3640G), B200 Li (B05-3650G)
■ Gebruikshandleiding 441633: Oplader C130 Li (C05-4230)

5 MONTAGE

Montage: Zie montagehandleiding.

⚠ WAARSCHUWING! Gevaren door onvolledige montage! De werking van een onvolledig apparaat kan ernstig letsel veroorzaken.

  • Gebruik het apparaat alleen als het volledig gemonteerd is!
    Plaats de accu's pas in het apparaat als het volledig gemonteerd is!

6 INGEBRUIKNAME

6.1 Accu laden

i OPMERKING Neem de gedetailleerde gegevens uit de meegeleverde gebruiksaanwijzing van de accu en de oplader in acht.

6.2 Accu's plaatsen en uittrekken (05)

Gebruik uw grasmaaier naar keuze met één of twee accu's. Bij twee accu's wordt de werkduur langer en dus het maaibare oppervlak aanzienlijk groter.

U kunt accu's met een verschillende laadtoe-stand plaatsen. Eerst wordt de vollere van de twee accu's ontladen tot hij dezelfde laadtoe-stand heeft als de tweede accu. Daarna worden beide accu's gelijkmatig ontladen.

LET OP! Gevaar voor beschadiging van de accu's. Als de accu's na gebruik in het apparaat worden gelaten kunnen ze beschadigd raken.

  • Trek de accu's direct na gebruik uit het apparaat en bewaar ze beschermd tegen vorst.
    Plaats de accu's pas weer voor werkbegin in het apparaat.

Accu plaatsen

  1. Accuvakdeksel (05/1) openklappen (05/a).
  2. Accu van bovenaf in een accuschacht (05/2) schuiven totdat hij vastklikt.
  3. Accuvakdeksel dichtklappen.

Accu verwijderen

  1. Ontgrendelingsknop op de accu indrukken en vasthouden.
  2. Accu eruit trekken.

6.3 Voeding van het maaiwerk in- en uitschakelen (06)

Met de sleutelschakelaar schakelt u de voeding van de maaiwerkmotor in en uit. De sleutelschakelaar wordt bediend met de veiligheidssleutel.

⚠ WAARSCHUWING! Risico op letsel. On- bedoeld inschakelen kan leiden tot ernstig letsel.

Altijd voor pauzes en onderhoudswerkzaamheden: Om de stroom uit te schakelen, zet u de veiligheidssleutel in de stand Off en verwijdert u de veiligheidssleutel.

Voeding inschakelen

  1. Accuvakdeksel openklappen.
  2. Veiligheidssleutel (06/1) in de sleutelschakelaar steken (06/a).

  3. Veiligheidssleutel naar de stand On (pos. I) draaien (06/b). Daardoor wordt de maaiwerk-motor van bedrijfsspanning voorzien, begint echter nog niet te werken.

  4. Accuvakdeksel dichtklappen.
  5. Maaiwerk inschakelen: zie Hoofdstuk 7.6 "Maaiwerk starten en stoppen (14)", pagina 53.

Voeding uitschakelen

  1. Veiligheidssleutel naar de stand Off (pos. 0) draaien (06/c) en uitnemen (06/d).
  2. Trek de accu's direct na gebruik uit het apparaat, laad ze op en bewaar ze beschermd tegen vorst. Plaats de accu's pas weer voor het volgende gebruik in het apparaat.

6.4 Cockpit in- en uitschakelen\*

* afhankelijk van het model, zie montagehandleiding.

Voorwaarde: Er is ten minste 1 accu geplaatst.

OPMERKING De veiligheidssleutel hoeft voor de voeding van de cockpit en de wielaandrijving niet naar de stand On (pos. I) te worden gedraaid.

Om de cockpit in te schakelen zijn er de volgende mogelijkheden:

Aan/Uit-toets (04/1) op de cockpit indrukken.
■ Smart button (03/1) kort indrukken.
De cockpit schakelt zich bij het starten van de maaiwerkmotor automatisch in (zie Hoofdstuk 7.6 "Maaiwerk starten en stoppen (14)", pagina 53).

7 BEDIENING

WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel!

Defecte en buiten werking gestelde veiligheids- en beschermingsapparatuur kunnen ernstig letsel veroorzaken.

- Controleer voor het inschakelen alle veiligheids- en beschermingsvoorzieningen op aanwezigheid en functionaliteit!

7.1 Maaihoogte instellen (07)

VOORZICHTIG! Gevaar voor snijletsel.

Gevaar voor snijletsel bij het grijpen in het draai- ende maaimechanisme.

Pas de maaihoogte alleen aan wanneer de motor is uitgeschakeld en het maaimechanisme stilstaat.

  1. Hendel (07/1) om te ontgrendelen iets naar buiten drukken (07/a) en vasthouden.

■ Duw voor laag gras de hendel in de richting van het voorwiel (07/b).
■ Duw voor hoger gras de hendel in de richting van het achterwiel (07/b).

  1. Hendel loslaten totdat hij in de gewenste stand wordt vergrendeld.

7.2 Maaien met de grasopvangbak (08, 09)

Het apparaat kan worden gebruikt met of zonder grasopvangbak.

Grasopvangbak ophangen

  1. Controleren dat het apparaat uitgeschakeld is en het maaiwerk gestopt is.
  2. Klep (08/1) optillen (08/a).
  3. Grasopvangbak (08/2) in de houders hangen (08/b).
  4. Klep loslaten.

Vulniveau controleren

De niveau-indicator (09/1) wordt door de lucht-stroom tijdens het maaien naar boven geduwd (09/a). Als de grasopvangbak (09/2) vol is, ligt de vulpeilweergave tegen de grasopvangbak aan (09/b). De grasopvangbak moet worden geleegd.

De grasopvangbak loshaken en legen

⚠️ VOORZICHTIG! Gevaar voor snijletsel.

Gevaar voor snijletsel bij het grijpen in het draai- ende maaimechanisme.

■ Verwijder de grasopvangbak alleen als het maaiwerk stilstaat.

  1. Controleren dat het apparaat uitgeschakeld is en het maaiwerk gestopt is.
  2. Klep (08/1) optillen.
  3. Grasopvangbak (08/2) uit de houders tillen en naar achteren toe wegnemen.
  4. Leeg de grasopvangbak.
  5. Uitblaasopeningen (08/3) van de vulpeilweergave reinigen.
  6. Grasopvangbak ophangen (zie boven).

7.3 Mulchen met het mulchinzetstuk (10, 11) ^*

* afhankelijk van het model, zie montagehandleiding.

Bij het mulchen wordt het gemaaid materiaal niet verzameld, maar blijft het versnipperd op het gazon achter. Het mulchmaaisel voedt de bodem en beschermt tegen uitdrogen. De beste resulta-

ten worden geboekt wanneer regelmatig ong. 2 cm worden weggemaaid. Alleen jonge grasscheuten met zacht bladweefsel rotten snel.

Grashoogte voor het mulchen: max. 8 cm
Grashoogte na het mulchen: max. 4 cm

i OPMERKING De snelheid aan het mulchen aanpassen, niet te snel stappen.

Mulchinzetstuk bevestigen

⚠️ VOORZICHTIG! Gevaar voor snijletsel.

Gevaar voor snijletsel bij het grijpen in het draai- ende maaimechanisme.

Schakel het apparaat uit en trek de veiligheidssleutel uit het apparaat, voordat u het mulchinzetstuk plaatst resp. verwijdert.

  1. Apparaat uitschakelen: Veiligheidssleutel naar de stand Off (pos. 0) draaien en uitne- men.
  2. Grasopvangbak losshaken.
  3. Til de stootklep (10/1) op en plaats het mul-chinzetstuk (10/2) in het uitwerpkanaal (10/3) (10/a). Het geheel moet hoorbaar vastklik-ken.

LET OP! Gevaar voor beschadiging van het apparaat. Als het mulchinzetstuk niet vastklikt, kunnen mulchinzetstuk en maaiwerk worden beschadigd.

■ Let erop dat de vergrendeling vastklikt.

Mulchinzetstuk verwijderen

  1. Apparaat uitschakelen: Veiligheidssleutel naar de stand Off (pos. 0) draaien en uitnemen.
  2. Scherm optillen.
  3. Maak de vergrendeling (11/1) van het mul-chinzetstuk (11/a) los.
  4. Trek het mulchinzetstuk (11/2) uit het apparaat (11/b).

7.4 Maaien met zijuitworp (12)\*

* afhankelijk van het model, zie montagehandleiding.

⚠️ VOORZICHTIG! Gevaar voor snijletsel.

Gevaar voor snijletsel bij het grijpen in het draai- ende maaiwerk.

■ Bevestig of verwijder het inzetstuk voor zijdelingse uitworp alleen wanneer motor en maaiwerk gestopt zijn.

Zijdelingse uitwerper aanbrengen

  1. Apparaat uitschakelen: Veiligheidssleutel naar de stand Off (pos. 0) draaien en uitne- men.
  2. Grasopvangbak en mulchinzetstuk vervangen, zie Hoofdstuk 7.3 "Mulchen met het mulchinzetstuk (10, 11)*", pagina 52.
  3. Ontgrendelingshendel (12/1) uitworpklep aan de zijkant indrukken.
  4. Uitworpklep aan de zijkant (12/2) openklappen (12/a) en vasthouden.
  5. Zijdelingse uitwerper (12/3) inschuiven (12/b).
  6. Uitworpklep aan de zijkant (12/2) langzaam sluiten. De uitworpklep aan de zijkant voorkomt dat de zijdelingse uitwerper eruit kan vallen.

Zijdelingse uitwerper verwijderen

  1. Apparaat uitschakelen: Veiligheidssleutel naar de stand Off (pos. 0) draaien en uitne- men.
  2. Uitworpklep aan de zijkant openklappen en vasthouden.
  3. Zijdelingse uitwerper uittrekken en uit-worpklep aan de zijkant sluiten.
  4. Mulchinzetstuk verwijderen en grasopvangbak vasthaken.

7.5 Duwboom aanpassen op de lichaamslengte (13)\*

* afhankelijk van het model, zie montagehandleiding.
1. De snelspanners (13/1) aan de draaischarnieren (13/2) wegklappen (13/a).
2. Duwboom (13/3) rond de draaischarnieren tot de geweenste hoogte draaien (13/b).
3. De snelspanners vastklappen.

7.6 Maaiwerk starten en stoppen (14)

Het maaiwerk alleen op effen ondergrond, niet in het hoge gras starten. De ondergrond moet vrij van vreemde voorwerpen zoals stenen zijn. Het apparaat niet optillen of kantelen om te starten.

Maaiwerk starten

  1. Indien nog niet gedaan: Voeding inschakelen (zie Hoofdstuk 6.3 "Voeding van het maaiwerk in- en uitschakelen (06)", pagina 51).
  2. Start-toets (14/1) indrukken en vasthouden.
  3. Veiligheidsbeugel (14/2) naar de duwboom (14/3) toe trekken (14/a). Het maaiwerk wordt gestart.

  4. Start-toets loslaten en daarbij de veiligheidsbeugel verder vasthouden.

i OPMERKING De veiligheidsbeugel wordt niet vastgezet. Houd hem gedurende het hele werk aan de duwboom vast.

Maaiwerk stoppen

  1. Veiligheidsbeugel loslaten. Deze gaat automatisch naar de beginstand.
  2. Wacht totdat het maaiwerk stilstaat.
  3. Voeding uitschakelen (zie Hoofdstuk 6.3 "Voeding van het maaiwerk in- en uitschakelen (06)", pagina 51).

⚠️ VOORZICHTIG! Gevaar voor snijletsel.

Gevaar voor snijletsel bij het grijpen in het draai- ende maaimechanisme.

■ Wacht totdat het maaimechanisme stilstaat.
Vóór alle onderhouds- en reinigingswerkzaamheden: schakel het apparaat uit en wacht totdat het maaimechanisme stilstaat. Verwijder de beveiligingssleutel en de accu's.

7.7 Wielaandrijving in- en uitschakelen (15)\*

* afhankelijk van het model, zie montagehandleiding.

U kunt de wielaandrijving inschakelen om de grasmaaier tussen twee werkgebieden of naar de opbergplaats te bewegen. Hiervoor hoeft het maaiwerk niet ingeschakeld te worden.

i OPMERKING De veiligheidssleutel hoeft voor de voeding van de cockpit en de wielaandrijving niet naar de stand On (pos. I) te worden gedraaid.

Wielaandrijving inschakelen

  1. Accu plaatsen.
  2. Versnellingshendel (15/1) tegen de duwboom (15/2) aan drukken en vasthouden (15/a). De versnellingshendel wordt niet vastgezet.

Wielaandrijving uitschakelen

  1. Versnellingshendel loslaten. Deze gaat automatisch naar de beginstand.

7.8 Wielaandrijving – snelheid wijzigen (16)\*

* afhankelijk van het model, zie montagehandleiding.

Via de cockpit kan de rijsnelheid van de grasmaaier trapsgewijs – in 7 standen – worden aangepast. De wielaandrijving moet hiervoor ingeschakeld zijn, zie Hoofdstuk 7.7 "Wielaandrijving in- en uitschakelen (15)*", pagina 53.

  1. Cockpit inschakelen (zie Hoofdstuk 6.4 "Cockpit in- en uitschakelen*", pagina 51).
  2. Snelheid reduceren: Min-toets (16/1) indrukken. Of:
  3. Snelheid opvoeren: Plus-toets (16/2) indrukken.

7.9 Eco-Mode in- en uitschakelen (16)\*

* afhankelijk van het model, zie montagehandleiding.

In de Eco-Mode wordt het motortoerental gereduceerd. Daardoor wordt de bedrijfsduur van de accu's langer.

  1. Cockpit inschakelen (zie Hoofdstuk 6.4 "Cockpit in- en uitschakelen*", pagina 51).

  2. Eco-Mode inschakelen: "Eco-Mode"-toets (16/3) indrukken. Toets brandt.

  3. Eco-Mode uitschakelen: "Eco-Mode"-toets opnieuw indrukken. Toets dooft.

8 WERKINSTRUCTIES

Volg de veiligheidsinstructies op!

HOPMERKING Neem de plaatselijke voorschriften in acht, wanneer de grasmaaier gebruikt mag worden.

■ Let op voorwerpen op het gras en verwijder ze uit het werkgedeelte.
■ Alleen bij goed zicht maaien.
■ Uitsluitend met scherp mes maaien.
■ Manoeuvreer het apparaat uitsluitend met behulp van de duwboom.
■ Beweeg het apparaat alleen stapvoets.
Beweeg het apparaat altijd dwars tegen een helling. Niet naar boven en naar beneden op de helling werken en evenmin op hellingen met een inclinatie van meer dan 10°. Grote zorgvuldigheid is geboden bij het veranderen van de rijrichting.

Maaiprestaties en gebruiksduur van de accu

De maaiprestaties, d.w.z. het oppervlak dat kan worden gemaaid, hangt af van de eigenschappen van het gazon. Factoren zoals de lengte van het gras, de dichtheid, de gekozen maaihoogte en een vochtig gazon beïnvloeden de maaiwerking.
■ Vaak maaien en een kort gehouden gazon vergroot de autonomie van de accu.
■ Vaak in- en uitschakelen van de grasmaaier tijdens het maaien vermindert de maaipresta-

ties evenzeer als een niet volledig geladen accu.

■ Het inschakelen van de wielaandrijving vermindert de maaiprestaties of de levensduur van de batterij.
■ Voor een optimale maaiprestaties wordt aanbevolen het gazon vaak te maaien, een hoge maaihoogte in te stellen het gras stapvoets te maaien.

OPMERKING Om de autonomie te vergroten kan een bijkomende accu worden aangeschaft.

Tips bij het maaien

Houd een gelijkmatige maaihoogte aan tot 3--5 cm, maai niet meer af dan de helft van de grashoogte.
- Grasmaaier niet overbelasten! Als het motortoerental in dichtbegroeid, hoog gras merkbaar daalt, vergroot dan de maaihoogte en maai vaker.
Wind en zon kunnen het gazon na het maaien uitdrogen, daarom laat in de namiddag maaien.

9 ONDERHOUD EN VERZORGING

⚠ WAARSCHUWING! Gevaar voor snijlet- sel. Gevaar voor snijletsel als gevolg van contact met scherpe en bewegende delen van het appa- raat, zoals het snijblad.

Schakel voorafgaand aan onderhouds-, verzorgings- en reinigingswerkzaamheden altijd het apparaat uit. Verwijder de accu's.
Draag bij onderhouds-, verzorgings- en reinigingswerkzaamheden altijd veiligheidshandschoenen.

9.1 Regelmatige onderhoudswerkzaamheden

Zorg ervoor, dat alle moeren, bouten en schroeven vast aangehaald zijn en dat het apparaat zich in een veilige werkpositie bevindt.
- Grasvanger regelmatig controleren op werking en slijtage.

9.2 Apparaat en maaiwerk reinigen

LET OP! Gevaar door water. Water in het apparaat leidt tot kortsluitingen en vernieling van de elektrische onderdelen.

■ Spuit het apparaat niet met water af.
- Gebruik voor het reinigen uitsluitend een handveger of en borstel.

  1. Stop de motor.
  2. Accu's verwijderen.
  3. Grasopvangbak loshaken.
  4. Apparaat kantelen en maaiwerk reinigen.

9.3 Messen controleren en vernieuwen

⚠ WAARSCHUWING! Ernstig letsel door wegslingerende mesdelen. Een versleten, gebroken of beschadigd snijmes kan breken en delen ervan kunnen veranderen in gevaarlijke projectielen.

  • Controleer het snijmes regelmatig op beschadigingen.
  • Gebruik de grasmaaier niet als het snijmes versleten of beschadigd is.
    Laat botte of beschadigde snijmessen alleen door een AL-KO service centre of door een geautoriseerd gespecialiseerd bedrijf slijpen of vernieuwen.
  • Om trillingen te voorkomen, moeten het snijmes en de messchroef altijd samen worden vervangen.
    ■ Opnieuw geslepen messen moeten uitgebalanceerd worden. Niet-uitgebalanceerde messen leiden tot hevige trillingen en beschadigen het apparaat.

9.4 Bowdenkabel van de wielaandrijving afstellen (17)

De bowdenkabel van de wielaandrijving rekt na een tijdje uit. Als de wielaandrijving bij een draai- ende motor niet meer kan worden ingeschakeld, is de bowdenkabel te lang geworden en moet hij aangespannen worden.

⚠️ VOORZICHTIG! Gevaar voor letsel.

Scherpe en draaiende onderdelen (bijv. mes) en een plots startende grasmaaier kunnen letsel veroorzaken.

Stel de bowdenkabel alleen af bij uitgeschakelde motor en stilstaand maaiwerk.

  1. Voeding uitschakelen en accu's uittrekken (zie Hoofdstuk 6.3 "Voeding van het maaiwerk in- en uitschakelen (06)", pagina 51).

  2. Versteller (17/1) van de bowdenkabel (17/2) in pijlrichting draaien, dit is linksom, tot de bowdenkabel strak getrokken is tussen de versnellingshendel (17/3) en de blokkering (17/4).

  3. Toestand bowdenkabel controleren: apparaat inschakelen, motor starten en proberen de wielaandrijving in te schakelen.

  4. Als de wielaandrijving niet inschakelt: de hierboven vermelde stappen herhalen.

Als het instellen van de bowdenkabel niet succesvol is: Ga naar een servicepunt van de fabrikant.

9.5 Reparatiewerkzaamheden

⚠ WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel bij reparatiewerkzaamheden. Ondeskundige reparaties kunnen ernstig letsel en schade aan het apparaat veroorzaken.

Laat reparatiewerkzaamheden alleen uitvoeren door servicepunten van de fabrikant of door geautoriseerde gespecialiseerde bedrijven!

Ga in de volgende gevallen naar een servicepunt van de fabrikant:

■ Motor start niet meer.
■ Apparaat is tegen een obstakel aan gereden.
■ Mes en/of motoras zijn verbogen.
■ Apparaat trilt en draait onrustig.
Accu's zijn leeggelopen of beschadigd.

9.6 USB-interface (18)

De USB-interface (18/1) is aan alle in deze handleiding beschreven grasmaaiers aanwezig, echter alleen voor de smarte grasmaaiers voor softwareupdates te gebruiken. Hij is niet geschikt om de accu's op te laden.

LET OP! Gevaar voor beschadiging van het apparaat. De accu's van mobiele apparatuur (bijv. smartphones) worden vernield als ze op de USB-interface worden aangesloten.

■ Sluit geen mobiele apparaten met accu op deze interface aan.

10 HULP BIJ STORINGEN

⚠️ VOORZICHTIG! Gevaar voor letsel. Onderdelen met scherpe randen en draaiende onderdelen kunnen letsel veroorzaken.

Draag bij onderhouds- en reinigingswerkzaamheden altijd beschermende handschoenen!

OPMERKING Neem contact op met onze klantenservice bij storingen die niet in deze tabel staan vermeld of die u niet zelf kunt oplossen.

Storing Oorzaak Maatregel
Motor draait niet. Voeding aan de sleutelschake- laar is uitgeschakeld.Voeding aan de sleutelschakelaar inschake- len.
Accu ontbreekt of is niet goed aangebracht.Accu correct plaatsen.
Accu is leeg. Accu opladen.
Maaimes is geblokkeerd.Mes vrijmaken.Zet de grasmaaier op een gazon met laag gras in werking.
Kabels of schakelaars zijn de- fect.Apparaat niet gebruiken! Ga naar een servi- cepunt van de fabrikant.
Motorvermogen is onvoldoende.Accu is leeg. Accu opladen.
Mes is bot. Snijmessen op een servicepunt van de fa- brikant laten slijpen.
Te veel gras is in de uitworp.Gras verwijderen.Stootklep reinigen.
Motor blokkeert tij- dens het maaien.Mes is bot. Snijmessen op een servicepunt van de fa- brikant laten slijpen.
Motor is overbelast. Accugrasmaaier uitschakelen, op een vlak- ke ondergrond of laag gras plaatsen en op- nieuw starten.
Grasopvangbak vult onvoldoendeGazon is vochtig. Gazon laten drogen.
De grasopvangbak is verstopt. Reinig het rooster van de grasopvangbak.
Er zit te veel gras in de uit- werpschacht of in de behui- zing.Uitwerpkanaal / behuizing reinigenMaaihoogte corrigeren
Mes is bot. Snijmessen op een servicepunt van de fa- brikant laten slijpen.
Het vermogen van de accu neemt dui- delijk af.Maaihoogte is te laag. Maaihoogte hoger instellen
Gras te hoog of te nat. Omstandigheden verbeteren: laten drogen, maaihoogte hoger instellen
Maaisnelheid is te hoog.■ Maaisnelheid verminderen■ Uitwerpschacht / behuizing reinigen, het maaimes moet vrij draaibaar zijn.
Maaien met een volle grasopvangbakLeeg de grasopvangbak en de uitwerpschacht.
Levensduur van de accu is afgelopen.Accu vervangen. Gebruik alleen originele toebehoren van de fabrikant.
Accu kan niet worden opgeladen.Accucontacten zijn vuil. Accucontacten met een niet-metalen voorwerp reinigen en met contactspray inspuiten.Let op: De accucontacten niet met een metalen voorwerp kortsluiten!
Accu of oplader defect. Bestel reserveonderdelen bij de fabrikant.
Accu is te warm. Laat de accu afkoelen.
Cockpit is ingeschakeld maar motor draait niet.Voeding aan de sleutelschakelaar is uitgeschakeld.Voeding aan de sleutelschakelaar inschakelen.
Foutweergave op de cockpit brandt.Accu niet correct geplaatst. Accu correct plaatsen.
Foutmeldingen aan de Smart buttonOorzaken en oplossing: zie Hoofdstuk 3.9 "Smart button (03)*", pagina 46.

11 TRANSPORT

11.1 Apparaat transporteren

LET OP! Gevaar voor beschadiging van het maaiwerk. Bij de laagste maaihoogte kan het maaiwerk bij het rijden over trappen, randen of stoepranden beschadigd raken.

■ Zet de maaihoogte voor transport op de hoogste stand.

  1. Maaiwerk stoppen en wachten tot het stilstaat.
  2. Hoogste maaihoogte instellen.
  3. Sleutelschakelaar in de stand Off (pos. 0) draaien.

Transporteren van het apparaat tussen twee werkplekken

■ Apparaat met hoogste maaihoogte naar het werkgedeelte rijden.
■ Voor eenvoudiger rijden de wielaandrijving* bijschakelen.
- Gebruik de duwboom en de voorste draaghandgreep* om het apparaat te dragen.

* afhankelijk van het model, zie technische gegevens.

Apparaat in een voertuig transporteren

Accu's verwijderen.
■ Geleidestang inklappen.
■ Apparaat in het voertuig tegen omvallen en verschuiven beveiligen.
■ Apparaat tegen stoten door andere voorwerpen beschermen.
Plaats geen voorwerpen op het apparaat.

Voer voor het begin van het vervoer de volgende maatregelen uit:

  1. Apparaat uitschakelen.
  2. Accu's verwijderen uit het apparaat.
  3. Accu's volgens voorschrift verpakken (zie hierna).

i OPMERKING De nominale energie van de accu bedraagt meer dan 100 Wh! Neem daarom de hierna vermelde aanwijzingen voor het transport in acht!

De gemonteerde Li-ion accu is onderhevig aan de wet inzake gevaarlijke goederen, maar kan eenvoudig worden getransporteerd:

■ Door de privégebruiker kan de accu zonder bijkomende voorwaarden openbaar worden getransporteerd, voor zover ze individueel verpakt is en voor privé transportdoeleinden dient.
■ Commerciële gebruikers, die het transport in het kader van hun hoofdactiviteit uitvoeren (bijv. leveringen van en naar werven of demonstraties), kunnen ook van deze vereenvoudigde maatregel gebruik maken.

In beide hierboven vermelde gevallen moeten absoluut voorzorgsmaatregelen worden genomen om te voorkomen dat de inhoud wordt gemorst. In andere gevallen moeten de voorschriften van de bepaling inzake gevaarlijke goederen absoluut in acht worden genomen! Bij het niet in acht nemen kunnen de afzender en eventueel ook de vervoerder boetes opgelegd krijgen.

Bijkomende instructies voor transport en verzending

  • Transporteer of verstuur lithium-ionen-accu's alleen in onbeschadigde hoedanigheid!
  • Gebruik voor het vervoer van de accu uitsluitend de originele doos of een geschikte doos voor gevaarlijke materialen (niet vereist bij accu's met minder dan 100 Wh nominale energie).
    Plak open contacten af om kortsluiting te voorkomen.
    ■ Zet de accu in de verpakking goed vast tegen wegglijden, om beschadigingen aan de accu te voorkomen.
    Zorg voor een correcte aanduiding en documentatie bij de zending tijdens het transport of verzending (bijv. door de koerierdienst of het transportbedrijf).
    ■ Informeer vooraf of een transport met de gekozen dienstverlener mogelijk is en of de verzending wordt weergegeven.

Wij bevelen aan om een specialist in gevaarlijke goederen bij de voorbereiding van de verzending te betrekken. Neem ook eventuele verdere nationale voorschriften in acht.

12 OPSLAG

Na elk gebruik het apparaat grondig reinigen en – indien beschikbaar – alle veiligheidsafdekkingen aanbrengen. Apparaat op een droge, afsluitbare plaats en buiten het bereik van kinderen bewaren.

12.1 Accugrasmaaier opslaan

⚠️ VOORZICHTIG! Risico op letsel. Als kinderen en onbevoegden tijdens de opslag toegang tot het apparaat hebben, is er gevaar op letsel.

■ Bewaar het apparaat op een plek die ontoegankelijk is voor kinderen en onbevoegde personen.
Berg het apparaat alleen op nadat de accu's verwijderd zijn.

LET OP! Gevaar voor inbraak en verlies van persoonlijke gegevens. De grasmaaier heeft toegang tot internet en kann apparaten in "Smart Home" en "Smart Garden" besturen.

Bewaar het apparaat alleen zonder accu's en goed beveiligd tegen de toegang door onbevoegde personen.

  1. Apparaat uitschakelen: Trek de veiligheids-sleutel uit het apparaat.
  2. Stel de maaihoogte af op de maximale hoogte.
  3. Accu's verwijderen.
  4. Motor laten afkoelen.
  5. Apparaat grondig reinigen.
  6. Smeer alle metalen onderdelen ter bescherming tegen corrosie dun met olie of silicone in.
  7. Geleidestang inklappen.
  8. Bewaar het apparaat op een droge, schone en tegen vorst beschermde plek. Dek de machine met een luchtdoorlatend zeil af om het tegen stof te beschermen. Gebruik geen plasticfolie om vochtophoping te voorkomen.

12.2 Accu en oplader opslaan

i OPMERKING Neem de gedetailleerde gegevens uit de meegeleverde gebruiksaanwijzing van de accu en de oplader in acht.

13 VERWIJDEREN

Advies over de wetgeving inzake elektrische en elektronische apparaten (ElektroG)

AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - VERWIJDEREN - 1

Oude elektrische en elektronische apparaten horen niet thuis bij het huis-houdelijke afval, maar moeten gescheiden worden aangeboden of verwijderd!

  • Gebruikte batterijen of accu's, die niet vast in het apparaat ingebouwd zijn, moeten voor de verwijdering worden gedemonteerd! De recycling ervan wordt door de batterijwetgeving beheerst.
  • Bezitters of gebruikers van elektrische en elektronische apparatuur zijn wettelijk tot te-ruggave na gebruik verplicht.
    De eindgebruiker is verantwoordelijk voor het wissen van zijn persoonlijke gegevens op het te verwijderen gebruikte apparaat!

Het symbool van de afvalemmer met de schuine streep erdoor betekent, dat elektrische en elektronische gebruikte apparaten niet via het gewoon afval mogen worden verwijderd.

Elektrische en elektronische apparaten kunnen op de volgende verzamelpunten gratis worden afgegeven:

■ Openbare recycling- en verzamelpunten (bijv. milieuparken)
■ Verkooppunten van elektrische apparatuur (vast en online), voor zover handelaren tot terugname verplicht zijn of deze vrijwillig aanbieden.

Deze voorschriften zijn alleen voor toepassing op apparaten die in landen van de Europese Unie geïnstalleerd en verkocht werden en die beantwoorden aan de Europese richtlijn 2012/19/EU. In landen buiten de Europese Unie kunnen afwijkende voorschriften gelden voor het verwijderen van afgedankte elektrische en elektronische apparaten.

Over de batterijwetgeving (in Duitsland: BattG)

AL-KO 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort - Over de batterijwetgeving (in Duitsland: BattG) - 1

Gebruikte batterijen en accu's horen niet bij het gewone afval, maar moeten afzonderlijk worden weggedaan!

Zie de gebruikershandleiding om tot een veilige verwijdering van batterijen of accu's uit het elektrische apparaat over te kunnen gaan en voor informatie over het type of het chemisch systeem.
Bezitters of gebruikers van batterijen en accu's zijn wettelijk tot teruggave na gebruik

verplicht. De teruggave is beperkt tot de normale huishoudelijke hoeveelheden.

Gebruikte batterijen kunnen schadelijke stoffen of zware metalen bevatten, die het milieu en de gezondheid schade kunnen toebrengen. Het hergebruiken van gebruikte batterijen en het opnieuw gebruiken van de grondstoffen draagt bij tot het behoud van deze belangrijke goederen.

Het symbool van de afvalemmer met de schuine streep erdoor betekent, dat gebruikte batterijen en accu's niet via het gewoon afval mogen worden verwijderd.

Wanneer ook de vermelding Hg, Cd of Pb onder de afvalemmer is aangebracht, betekent dit het volgende:

■ Hg: de batterij bevat meer dan 0,0005 % kwik
Cd: de batterij bevat meer dan 0,002 % cadmium
■ Pb: de batterij bevat meer dan 0,004 % lood
Accu's en batterijen kunnen op de volgende verzamelpunten gratis worden afgegeven:
■ Openbare recycling- en verzamelpunten (bijv. milieuparken)
- Verkooppunten van batterijen en accu’s
■ Een verzamelpunt van het gemeenschappelijke recycling systeem voor gebruikte apparaten en batterijen
■ Een verzamelpunt van de fabrikant (indien hij geen lid is van het gemeenschappelijke recycling systeem)

Deze voorschriften zijn alleen voor toepassing op accu's en batterijen die in landen van de Europese Unie verkocht werden en die beantwoorden aan de Europese richtlijn 2006/66/EU. In landen buiten de Europese Unie kunnen afwijkende bepalingen voor de recycling van accu's en batterijen gelden.

14 KLANTENSERVICE/SERVICE CENTRE

Voor vragen over garantie, reparatie of reserve-onderdelen kunt u contact opnemen met het dichtstbijzijnde AL-KO service centre. Deze vindt u op internet op het volgende adres: www.al-ko.com/service-contacts

15 GARANTIE

Eventueel binnen de wettelijke termijn voor aansprakelijkheid optredende materiaal- of fabricagefouten van het apparaat worden naar eigen oordeel door ons verholpen, hetzij door reparatie of door levering van een vervangend apparaat. De geldende termijn voor aansprakelijkheid hangt in elk geval af van de wetgeving in het land waarin het apparaat werd aangeschaft.

Onze garantie geldt alleen bij:

■ naleving van deze gebruikershandleiding
■ Deskundig gebruik
■ Gebruik van originele reserveonderdelen

De garantie vervalt bij:

■ Eigenhandig uitgevoerde reparatiepogingen
■ Eigenhandig aangebrachte technische wijzigingen
- Gebruik voor andere doeleinden dan het gebruiksdoel

Van de garantie zijn uitgesloten:

■ lakschade opgetreden als gevolg van normaal gebruik
■ Slijtageonderdelen die op de reserveonderdelenkaart met een kader xxxxxx (x) zijn aangeduid

De garantietermijn begint bij de aanschaf door de eerste eindgebruiker. Maatgevend is daarbij de datum op de kassabon. Ga met deze garantieverklaring en de originele kassabon naar uw dealer of naar de dichtstbijzijnde klantenservice. Deze verklaring laat het vorderingsrecht van de koper jegens de verkoper wegens defecten aan het apparaat onverlet.

TRADUCTION DE LA NOTICE D'UTILISATION ORIGINALE

Table des matières

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : AL-KO

Model : 36 V Energy Flex 42.2 Li Comfort

Categorie : Grasmaaier