Rondo - 243 Cadel - Panduan pengguna gratis
Temukan panduan perangkat secara gratis Rondo Cadel dalam format PDF.
Pertanyaan pengguna tentang Rondo Cadel
0 pertanyaan tentang perangkat ini. Jawab yang Anda tahu atau ajukan milik Anda sendiri.
Ajukan pertanyaan baru tentang perangkat ini
Unduh instruksi untuk 243 dalam format PDF gratis! Temukan panduan Anda Rondo - Cadel dan ambil kembali perangkat elektronik Anda. Di halaman ini diterbitkan semua dokumen yang diperlukan untuk penggunaan perangkat Anda. Rondo merek Cadel.
PANDUAN PENGGUNA Rondo Cadel
Overzicht
1 IN DE HANDLEIDING GEBRUIKTE SYMBOLEN ....37
2 BESTE KLANT ....37
3 WAARSCHUWINGEN ....37
4 VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN ....38
5 GARANTIEVOORWAARDEN ....39
6 RESERVEONDERDELEN 40
7 AANWIJZINGEN VOOR EEN CORRECTE
VERWIJDERING VAN HET PRODUCT ....40
8 VERPAKKING EN VERPLAATSING 40
8.1 VERPAKKING 40
8.2 VERPLAATSING VAN DE KACHEL 41
9 ROOKKANAAL 41
9.1 INLEIDING 41
9.2 ROOKKANAAL 41
9.3 TECHNISCHE KENMERKEN 42
9.4 HOOGTE-ONDERDRUK 42
9.5 ONDERHOUD 43
9.6 SCHOORSTEENPOT 43
9.7 ONDERDELEN VAN DE SCHOORSTEEN ..... 43
9.8 BUITENLUCHTINLAAT 44
9.9 DE VERBRANDINGSLUCHT WORDT RECHTSTREEKS VAN BUITEN GENOMEN ....44
9.10 AANSLUITING OP HET ROOKKANAAL...... 45
9.11 VOORBEELDEN VAN CORRECTE INSTALLATIE ... 46
10 BRANDSTOF 47
10.1 BRANDSTOF 47
11 INSTALLATIE ....48
11.1 INLEIDING 48
11.2 RUIMTEBESLAG 48
11.3 ALGEMENE INSTALLATIE 50
11.4 ASSEMBLAGE PANELEN (MODEL RONDO') ....51
11.5 ASSEMBLAGE FRONTPANEEL (MODEL MIKA / KAMI) 51
11.6 ELEKTRISCHE AANSLUITING ....51
11.7 AANSLUITING EXTERNE THERMOSTAAT ..... 52
11.8 VENTILATIE 52
12 GEBRUIK ....53
12.1 INLEIDING ....53
12.2 BEDIENINGSPANEEL 53
12.3 GEBRUIKERSMENU 54
12.4 STARTEN 55
12.5 INSTELLING KACHEL 55
12.6 GEEN ONTSTEKING 55
12.7 GEEN ENERGIE 55
12.8 SET TEMPERATUUR 56
12.9 TEMPERATUUR ROOKGASSEN ....56
12.10 UITSCHAKELING 56
12.11 INSTELLINGEN KLOK 56
12.12 DAGPROGRAMMERING 56
12.13 WEEKENDPROGRAMMERING 56
12.14 WEEKPROGRAMMERING ....56
12.15 PELLETS BIJVULLEN 57
12.16 AFSTANDSBEDIENING 57
13 VEILIGHEIDSVOORZIENINGEN ....58
13.1 INLEIDING 58
13.2 ALARM "BLACK OUT" 58
13.3 ALARM "SONDE ROOKG" 58
13.4 ALARM "WARM ROOKG"...... 58
13.5 ALARM "VENT PANNE" 59
13.6 ALARM "GEEN ONTSTEK" 59
13.7 ALARM "GEEN PELLET" 59
13.8 ALARM "WARMTE VEILIGHE" 59
13.9 ALARM "STORING DEPRESS" 59
14 ONDERHOUD 59
14.1 INLEIDING 59
14.2 REINIGING VUURPOT EN ASLADE 60
14.3 REINIGING VOORRAADBAK EN
TRANSPORTSCHROEF 60
14.4 REINIGING ROOKGASSENKAMER 61
14.5 REINIGING ROOKIEIDING 61
14.6 REINIGING VAN DE ROOKGASSENAFZUIGER .... 61
14.7 REINIGING OMGEVINGSVENTILATOR ..... 62
14.8 REINIGING ROOKGASSENDOORGANG (MODEL RONDO') 62
14.9 REINIGING ROOKGASSENDOORGANG (MODEL MIKA / KAMI) 63
14.10 JAARLIJKSE REINIGING VAN DE ROOKGASSENLEIDINGEN ....64
14.11 ALGEMENE REINIGING 64
14.12 REINIGING VAN GELAKTE METALEN ONDERDELEN 64
14.13 REINIGING VAN DE MAJOLICA EN STEEN ONDERDELEN 64
14.14 VERVANGING VAN DE PAKKINGEN ...... 64
14.15 REINIGING VAN HET GLAS 65
15 IN GEVAL VAN ONGEMAKKEN 65
15.1 ALARMEN 65
15.2 OPLOSSING VAN DE PROBLEMEN 67
16 TECHNISCHE GEGEVENS 70
16.1 INFORMATIE VOOR DE REPARATIE 70
16.2 KENMERKEN 71
1 IN DE HANDLEIDING GEBRUIKTE SYMBOLEN
- De iconen met de mannetjes geven aan tot wie het in de paragraaf behandelde onderwerp gericht is (gebruiker en/of geautoriseerde technicus en/of kachel- en schoorsteenspecialist).
- De AANDACHTS-symbolen duiden op een belangrijke opmerking.
![]() | GEBRUIKER |
![]() | GEAUTORISEERDE TECHNICUS(moet UITSLUITEND opgevat worden als: of de fabrikant van de kachel, of de geautoriseerde technicus van de technische assistentiedienst die door fabrikant van de kachel erkend is) |
| [wCCD] | GESPECIALISEERDE INSTALLATEUR |
![]() | LET OP:LEES DE OPMERKING MET AANDACHT |
![]() | LET OP:MOGELIJKHEID VAN GEVAAR OF ONHERSTELBARE SCHADE |
2 BESTE KLANT
- onze producten zijn ontworpen en geconstrueerd met inachtneming van de normen EN13240 voor houtkachels, EN 14785 voor pelletkachels, EN 13229 voor haarden, EN12815 voor houtgestookte fornuizen, C.P.R. 305/2011 voor te construeren producten, EG-verordening1935/2004 voor materialen en voorwerpen die in aanraking met levensmiddelen komen, Richtlijn 2006/95/EEG voor laagspanning, Richtlijn 2004/108/EG voor elektromagnetische compatibiliteit.
- Lees de instructies die in deze handleiding staan met aandacht om de beste prestaties te verkrijgen.
- Deze handleiding met instructies maakt integraal deel uit van het product: controleer of de handleiding zich altijd bij het apparaat bevindt, ook als dit van eigenaar verandert. Bent u de handleiding kwijtgeraakt, vraag dan een kopie aan bij de technische assistentiedienst bij u in de buurt.

In Italië wordt voor de installatie van systemen met een biomassa van minder dan 35 kW naar Ministerieel Besluit D.M. 37/08 verwezen en iedere gekwalificeerde installateur die aan de daarvoor gestelde eisen voldoet moet de conformiteitsverklaring van het geïnstalleerde systeem afgeven (met "systeem" wordt bedoeld: kachel + schoorsteen + luchtinlaat).
• Volgens de Verordening (EU) nr. 305/2011, de "Prestatieverklaring" is online beschikbaar aan de internetsite:
- www.cadelsrl.com
- www.free-point.it
3 WAARSCHUWINGEN
- Alle afbeeldingen die in de handleiding staan, zijn van louter verhelderende en indicatieve aard en kunnen dus enigszins afwijken van het apparaat dat u in bezit heeft.
- Het apparaat waarnaar verwezen wordt, is het apparaat dat u gekocht heeft.
- In geval van twijfel, als u iets niet begrijpt, of wanneer zich problemen voordoen die niet door deze handleiding behandeld worden, verzoeken wij u zo snel mogelijk contact op te nemen met uw distributeur of installateur.
4

VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN

- De installatie, de elektrische aansluiting, de controle van de werking en het onderhoud mogen uitsluitend door gekwalificeerd en bevoegd personeel uitgevoerd worden.
- Elektrische onderdelen onder spanning: U moet het product van de 230V voeding loskoppelen vooraleer onderhoudswerkzaamheden uit te voeren. U mag het product pas voeden nadat de assemblage is voltooid.
- Het buitengewone onderhoud mag uitsluitend uitgevoerd worden door gekwalificeerd en geautoriseerd personeel.
- Alle plaatselijke reglementen, met inbegrip van de reglementen die naar nationale, Europese normen verwijzen, moeten op het moment van installatie van het apparaat in acht genomen worden.
- De fabrikant stelt zich op generlei wijze aansprakelijk voor een installatie die niet conform de van kracht zijnde wetten is, voor een onjuiste luchtverversing in d vertrekken, voor een elektische aansluiting die niet conform de voorschriften is en voor een oneigenlijk gebruik van het apparaat.
- Het is verboden de kachel te installeren in slaapkamers, badkamers en douches, in ruimtes die als magazijn van verbrandingsmateriaal dienst doen en in eenkamerwoningen.
- Het is toegestaan de kachel in eenkamerwoningen te installeren als de kachel een hermetisch gesloten kamer heeft.
- De kachel mag in geen geval geïnstalleerd worden in ruimtes die hem blootstellen aan contact met water, en helemaal niet aan waterspetters, omdat dit het risico op brandwonden en korsluiting kan veroorzaken.
- Controleer of de vloer een adequate capaciteit heeft om de last te dragen. Als de bestaande constructie niet aan deze eis voldoet, moeten passende maatregelen getroffen worden (bijvoorbeeld een plaat voor de verdeling van het gewicht).
- Voor de veiligheidsvoorschriften op het gebied van de brandpreventie moeten de afstanden ten opzichte van ontvlambare of hittegevoelige objecten in acht genomen worden (banken, meubels, houten bekleding, enz....).
- Bij zeer ontvlambare objecten (gordijnen, vloerbedekking, enz...) moeten al deze afstanden bijkomend met 1 meter verlengd worden.
- De elektrische kabel mag nooit in aanraking met de rookgassenafvoerpijp komen en ook niet met ongeacht welk ander deel van de kachel.
- Voordat ongeacht welke handeling uitgevoerd wordt, moet de gebruiker of een ieder die met het product gaat werken de volledige inhoud van deze handleiding voor installatie en gebruik gelezen en begrepen hebben. Fouten of slechte instellingen kunnen gevaarlijke situaties en/of een onregelmatige werking veroorzaken.
- Het type brandstof dat gebruikt moet worden is enkel en alleen pellets.
- Gebruik het apparaat niet als afvalverbrander.
- Laat geen wasgoed op het product drogen. Eventuele droogrekken of dergelijke moeten op voldoende afstand van het product geplaatst worden. Brandgevaar.
- Het is verboden om het product in werking te stellen als de deur open sfaat of het glas stuk is.
- Het is verboden niet geautoriseerde wijzigingen op het apparaat aan te brengen.
- Gebruik tijdens de inschakeling geen onfvlambare vloeistoffen (alcohol, benzine, petroleum, enz...).
- Na een mislukte ontsteking moeten de opeengehoopte pellets uit de vuurpot gehaald worden alvorens de kachel opnieuw te starten.
- De voorraadbak van de pellets moet altijd met het deksel afgesloten zijn.
- Alvorens ongeacht welke ingreep uit te voeren, dient men het vuur in de verbrandingskamer volledig uit te laten gaan, tot de kamer volledig koel is, en moet de stekker altijd uit het stopcontact getrokken worden.
- Het toestel mag gebruikt worden door kinderen vanaf 8 jaar en door mensen met beperkte lichamelijke, zintuiglijke of mentale capaciteiten, of zonder ervaring of de
nodige kennis, mits zij onder toezicht staan of nadat ze instructies hebben gekregen betreffende het veilige gebruik van het toestel en het begrip van de gevaren die inherent aan het toestel zijn. Kinderen mogen niet met het toestel spelen. De reiniging en het onderhoud dat door de gebruiker moet worden uitgevoerd, mag niet door kinderen zonder toezicht worden uitgevoerd.
- De verpakkingen zijn geen speelgoed, ze kunnen het risico op verstikking of wurging en andere gevaren voor de gezondheid veroorzaken! Mensen (met inbegrip van kinderen) met verminderde geestelijke of motorische bekwaamheden, of zonder ervaring en kennis, dienen ver van de verpakkingen gehouden te worden. De kachel is geen speelgoed.
- Kinderen moeten constant onder toezicht staan om er zeker van te zijn dat ze niet met het apparaat spelen.
- Tijdens de werking kan de kachel hoge temperaturen bereiken: houd kinderen en dieren op afstand en gebruik geschikte, vuurvaste, persoonlijke beschermingsmiddelen, zoals hittebestendige handschoenen.
- Als de transportschroef door een onbekend voorwerp geblokkeerd wordt (zoals bijvoorbeeld spijkers), moet hij gereinigd worden. Verwijder de handenbescherming niet en raak de transportschroef niet aan). Neem contact met de technische assistentiedienst.
- De handenbescherming mag uitsluitend door een geautoriseerde technicus weggenomen worden.
- Het rookkanaal moet altijd schoon zijn omdat de aanslag van roet of onverbrande olie de doorsnede verkleint en de trek blokkeert. In grote hoeveelheden kan deze aanslag in brand raken.
- Als de pellets van slechte kwaliteit zijn (ze bevatten lijm, olie, lak, residu van plastic of zijn kruimig), kan tijdens de werking een residu langs de pelletafvoerleiding gevormd worden. Is de kachel eenmaal uitgeschakeld dan kan dit residu hele kleine gloeiende kooltjes vormen die opwaarts langs de leiding de pellets in de voorraadbak kunnen bereiken, deze kunnen doen verkolen en zo een dichte, schadelijke rook in het vertrek kunnen veroorzaken. Houd de voorraadbak altijd afgesloten met diens deksel. Mocht de buis vuil blijken te zijn, reinig deze dan.
- Mocht het nodig zijn het vuur te moeten doven dat zich buiten de kachel of het rookkanaal verspreidt, gebruik dan een blusser of bel de brandweer. Gebruik nooit water om het vuur in de vuurpot te doven.
5 GARANTIEVOORWAARDEN
Het bedrijf geeft garantie op het product, met uitzondering van de elementen onderhevig aan normale slijtage zoals hierna vermeld, gedurende 2 (twee) jaar vanaf de datum van aankoop, wat wordt aangetoond door:
- een bewijsdocument (factuur en/of fiscaal bewijs) dat de naam van de verkoper en de datum vermeldt waarop de verkoop plaatsvond;
- de verzending van het garantiecertificaat, ingevuld binnen 8 dagen na de aankoop.
Opdat de garantie verder zou geldig worden en effectief zijn, mag de installatie volgens de regels van de kunst en de inwerkingstelling van het toestel uitsluitend door gekwalificeerd personeel worden uitgevoerd, dat in de voorziene gevallen aan de gebruiker een gelijkvormigheidsattest van de installatie en verklaring van goede werking van het toestel moet overhandigen.
Wij raden aan om de werkingstest van het toestel uit te voeren vooraleer de voltooiing met de desbetreffende afwerkingen (bekledingen, kleurafwerking van de wanden, enz.) te doen.
Installaties die niet overeenkomen met de geldende normen doen de garantie van het product vervalle evenals oneigenlijk gebruik en het niet uitvoeren van het onderhoud zoals door de fabrikant voorzien.
De garantie is van kracht op voorwaarde dat de aanwijzingen en waarschuwingen worden nageleefd in de handleiding voor gebruik en onderhoud dat bij het toestel zit, zodat een zo correct mogelijk gebruik mogelijk is. De vervanging van het hele toestel of de reparatie van een van zijn onderdelen zorgen niet voor verlenging van de garantie, die ongewijzigd blijft.
Met garantie wordt de gratis vervanging of reparatie bedoeld van delen die als defect worden erkend als gevolg van fabricatiefouten.
Om zich op de garantie te kunnen beroepen wanneer er zich een defect voordoet, moet de eigenaar het garantiecertificaat bewaren en dit samen met het aankoopbewijs aan de technische dienst voor assistentie voorleggen.
Alle slechte werkingen en/of schade aan het toestel die aan de volgende oorzaken te wijten zijn, zijn van deze garantie uitgesloten:
- Schade veroorzaakt door transport en/of verplaatsing.
- Alle delen die defect blijken door verwaarlozing of onachtzaamheid tijdens het gebruik, door foutief onderhoud, door een installatie die niet conform is met wat door de fabrikant is aangegeven (raadpleeg altijd de handleiding voor installatie en gebruik die bij het toestel zit).
- Foutieve dimensionering in verhouding tot het gebruik of defecten tijdens de installatie of het niet toepassen van de nodige maatregelen om een uitvoering volgens de regels van de kunst te verzekeren.
- Onjuiste oververhitting van het toestel, namelijk door gebruik van brandstoffen die niet conform zijn met het type en met de hoeveelheden aangegeven in de meegeleverde instructies.
- Andere schade veroorzaakt door foutieve interventies van de gebruiker wanneer die probeert om het oorspronkelijke defect zelf op te lossen.
- Verergering van de schade veroorzaakt door het toestel verder te gebruiken nadat het defect zich voordeed.
- Eventuele corrosie, aanslag of breuken veroorzaakt door zwerfstroom, condens, agressiviteit of zuurheid van het water, onjuist uitgevoerde aanslagwerende behandelingen, watertekort, bezinksel van modder of kalkaanslag.
- Inefficiëntie van de schoorstenen, rookgaskanalen of delen van de installatie waarvan het toestel afhangt.
- Schade toegebracht door het openbreken van het toestel, weersinvloeden, natuurrampen, vandalisme, elektrische schokken, brand, defecten aan de elektrische en/of hydraulische installatie.
- Wanneer de jaarlijkse reiniging van de kachel door een erkende technicus of door gekwalificeerd personeel niet wordt uitgevoerd, verliest u de garantie.
Bovendien is het volgende van deze garantie uitgesloten:
- Onderdelen onderhevig aan normale slijtage, zoals pakkingen, ruiten, bekledingen en roosters in gietijzer, gelakten verchroomde of vergulde onderdelen, de handgrepen en elektrische kabels, lampen, verlichte controlelampjes, draaiknoppen en alle delen van de vuurhaard die weggenomen kunnen worden.
- De kleurwijzigingen van de gelakte delen en de delen van keramiek/serpentijn, alsook barstjes in de keramiek, omdat dit natuurlijke kenmerken van het materiaal en van het gebruik van het product zijn.
- Metselwerk.
- Onderdelen van de installatie (indien aanwezig) die niet door de fabrikant zijn geleverd.
Eventuele technische interventies op het toestel om voornoemde defecten en daaruit voortvloeiende schade weg te nemen, moeten bijgevolg met de technische dienst voor assistentie worden overeengekomen. Deze dienst behoudt zich het recht voor om de betreffende opdracht al of niet te aanvaarden en de opdracht wordt in ieder geval niet in garantie uitgevoerd, maar wel als technische assistentie geleverd onder eventuele specifiek overeengekomen voorwaarden en volgens de tarieven die van kracht zijn voor de uit te voeren werken. Bovendien worden de kosten nodig om foutieve technische interventies uitgevoerd door de gebruiker te corrigeren, om forceringen te herstellen of alle andere schadelijke factoren die niet te herleiden zijn tot oorspronkelijke defecten, ten laste van de gebruiker zijn.
Met uitzondering van de beperkingen die door de wetten of reglementeringen worden opgelegd, blijft verder iedere garantie uitgesloten voor atmosferische en akoestische vervuiling.
Het bedrijf kan niet aansprakelijk gesteld worden voor eventuele schade die, rechtstreeks of onrechtstreeks, te wijten is aan personen, dieren of voorwerpen als gevolg van het niet respecteren van alle voorschriften die aangeduid worden in deze handleiding, en vooral diegene betreffende de installatie, het gebruik en het onderhoud van het toestel.
6
RESERVEONDERDELEN
Voor iedere reparatie of fijnafstelling die nodig mochten zijn, dient u zich te wenden tot de concessionaris die de verkoop verricht heeft, of tot de technische assistentiedienst bij u in de buurt, onder vermelding van:
• Model van het apparaat
- Serienummer
- Type ongemak
Gebruik alleen originele reserveonderdelen die u altijd bij onze assistentiecentra vindt.
7
AANWIJZINGEN VOOR EEN CORRECTE VERWIJDERING VAN HET PRODUCT
De afbraak en het verwijderen van het product is uitsluitend ten laste van en op verantwoordelijkheid van de eigenaar, die moet handelen in naleving van de geldende wetten in zijn land inzake veiligheid en milieubehoud. Aan het einde van de nuttige levensduur mag het product niet samen met het gewone huishoudafval worden verwerkt.
Het moet naar een speciaal centrum voor gescheiden afvalinzameling van de gemeente worden gebracht, of naar een verkooppunt dat deze service verschafft.
Het gedifferentieerd verwijderen van het product voorkomt mogelijke negatieve gevolgen voor het milieu en de gezondheid die door een ongeschikte verwijdering ontstaan en zorgt ervoor dat de materialen waar het apparaat bestaat teruggewonnen kunnen worden om een aanmerkelijke besparing van energie en grondstoffen te verkrijgen.
8
VERPAKKING EN VERPLAATSING

8.1 VERPAKKING
- De verpakking bestaat uit een recyclebare kartonnen doos volgens de RESY-normen, recyclebare inzetstukken van geëxpandeerd EPS en houten pallets.
- Alle verpakkingsmaterialen kunnen voor een gelijkaardig gebruik hergebruikt worden of eventueel als stadsafval, met inachtneming van de van kracht zijnde normen, weggegooid worden.
- Controleer de intacte staat van het product na de verpakking te hebben weggenomen.
8.2 VERPLAATSING VAN DE KACHEL
Zowel voor de verpakte als voor de uitgepakte kachel is het noodzakelijk de volgende instructies voor de verplaatsing en het transport van de kachel zelf in acht te nemen, vanaf het moment van aankoop tot het bereiken van het punt van gebruik en voor iedere andere toekomstige verplaatsing:
- verplaats de kachel met geschikte werktuigen en let op de normen die van kracht zijn op het gebied van de veiligheid;
- leg de kachel niet op één zijde en/of kantel hem niet maar houd hem verticaal of hoe dan ook overeenkomstig de aanwijzingen van de fabrikant;
- als de kachel onderdelen van majolica, steen, glas, of hoe dan ook van bijzonder delicate materialen bevat, verplaats het geheel dan zeer voorzichtig.

ROOKKANAAL

9.1 INLEIDING
Dit hoofdstuk Rookkanaal is opgesteld in samenwerking met Assocosma (www.assocosma.org) en is gebaseerd op de Europese normen (EN 15287 - EN 13384 - EN 1856 - EN 1443) en UNI 10683:2012. Het hoofdstuk verstrekt aanwijzingen over de goede en correcte totstandkoming van het rookkanaal ma dient in geen geval als vervanging van de van kracht zijnde normen te gelden, die in het bezit van de fabrikant/ gekwalificeerde installateur moeten zijn.
9.2 ROOKKANAAL

text_image
Technical diagram of a building interior with labeled components and dimensions
text_image
Technical diagram of a vertical structure with labeled components, showing brick wall and support elements.Fig. 1 - Rookkanalen
LEGENDA Fig. 1 op pag. 41
| 1 Rookkanaal met geïsoleerde inox-buizen |
| 2 Rookkanaal op bestaande schoorsteen |
| 3 Inspectiedop |
| 4 Inspectieluikje |
| 5 ≥ 3,5 m. |
- Het rookkanaal of de schoorsteen zijn zeer belangrijk voor de goede werking van een verwarmingsapparaat.
- Het is van essentieel belang dat het rookkanaal volgens de regels van het vak geconstrueerd is en altijd perfect efficiënt gehouden wordt.
- Het rookkanaal moet enkelvoudig zijn (zie Fig. 1 op pag. 41 met geïsoleerde inox-buizen (1) of op een bestaand rookkanaal (2).
- Beide oplossingen moeten een inspectiedop (3) en/of een inspectieluikje (4) bezitten.
9.3 TECHNISCHE KENMERKEN

text_image
Diagram of a house roof structure with numbered components and directional arrows indicating structural elements.Fig. 2 - Schuin dak
LEGENDA Fig. 2 op pag. 42
| 1 Hoogte boven de nok van het dak = 0,5 m |
| 2 Helling dak ≥ 10° |
| 3 90° |
4 Gemeten afstand op 90° van het oppervlak van het dak = 1,3 m.
- Het rookkanaal moet rookdicht zijn.
- Het moet een verticaal verloop hebben, zonder knikken, en moet van materialen gemaakt zijn die ondoordringbaar zijn voor rook en condens, die thermisch geïsoleerd zijn en geschikt zijn om door de tijd heen bestand te zijn tegen normale mechanische belastingen.

Het rookkanaal moet extern geïsoleerd zijn ter vermijding van condensvorming en moet het effect van koeling van de rookgassen verlagen.
- Het moet zich door middel van een luchtbuffer of isolatiemateriaal op afstand van brandbare of gemakkelijk ontvlambare materialen bevinden. Controleer deze afstand bij de producent van de schoorsteen.
- De opening van de schoorsteen moet zich in dezelfde ruimte bevinden waarin het apparaat geïstalleerd is, of op zijn minst in de aangrenzende ruimte. Onder de opening moet een opvangruimte voor vast materiaal en condens aanwezig zijn, die via het metalen, hermetisch gesloten deurtje toegankelijk is.
- Extra afzuigsystemen mögen noch langs de schoorsteen noch op de schoorsteenpot geïnstalleerd zijn.
- De binnendoorsnede van het rookkanaal kan rond zijn (het best), óf vierkant, waarbij de óp elkaar aangesloten zijden een minimumstraal van 20 mm hebben.
- Dé grootte van de doorsnede is:
- minimaal ∅100 mm (voor kachels tot 8,5 kw)
- minimaal ∅120 mm (voor kachels van 9 kW en hoger)
- aanbevolen maximale ∅180 mm
- Laat de efficiëntie van het rookkanaal door een ervaren kachel- en schoorsteenspecialist nakijken en bedek het rookkanaal zo nodig met materiaal dat aan de van kracht zijnde normen voldoet.
- De afvoer van de verbrändingsproducten moet plaatsvinden op het dak.
- Het rookkanaal moet het CE-plaatje bezitten volgens de norm EN 1443. Hieronder een voorbeeldplaatje:

text_image
CERTIFICATE CE: 0000 - CPO - 0000 CHINNEY SYSTEM EN 1856-1: T200 P1 W V2 158050 G50 DESIGNATION EN 1443 T200 P1 W 3 G50 0 120 MM - 25 MM INSTALLER DATE 20.03.2012Fig. 3 - Voorbeeld van een plaatje
9.4 HOOGTE-ONDERDRUK
De onderdruk (trek) van een rookkanaal is ook afhankelijk van diens hoogte. Controleer de onderdruk met de waarden die vermeld worden bij KENMERKEN op KENMERKEN op pag. 71. Minimum hoogte 3,5 meter.
9.5 ONDERHOUD
- De rookafvoerleidingen (rookleiding + rookkanaal + schoorsteenpot) moeten altijd door een ervaren schoorsteenveger gereinigd, geveegd en gecontroleerd worden in overeenstemming met de plaatselijke regelgeving, met aanduiding van de producent van de schoorsteen en met de richtlijnen van uw verzekeringsmaatschappij.
- Pas in geval van twijfel altijd de strengste regels toe.
- Laat het rookkanaal en de schoorsteenpot minstens één keer per jaar door een ervaren schoorsteenveger controleren en reinigen. De schoorsteenveger moet een schriftelijke verklaring afgeven waarin staat dat het systeem veilig is.
- Het niet reinigen compromitteert de veiligheid.
9.6 SCHOORSTEENPOT

1

2
Fig. 4 - Windbestendige schoorsteenpotten
De schoorsteenpot heeft een belangrijke functie voor de goede werking van de verwarmingsapparatuur:
- Er wordt geadviseerd een windbëstendige schoorsteenpot te gebruiken, zie Fig. 4 op pag. 43.
- De zone van de gaten voor de afvoer van de rookgassen moet twee keer zo groot zijn als de zone van het rookkanaal en zo gevormd zijn dat de afvoer van de rook ook in geval van wind verzekerd wordt.
- Deze zone moet võorkomen dat regen, sneeuw en eventueel dieren de schoorsteen binnendringen.
- De hoogte waarop de rookgassen in de atmosfeer uitgestoten worden, moet buiten de zone van terugstroming liggen. Deze terugstroming wordt veroorzaakt door de vorm van het dak of door obstakels die zich in de nabijheid bevinden (zie Fig. 2 op pag. 42).
9.7 ONDERDELEN VAN DE SCHOORSTEEN

text_image
Technical diagram of a roof structure with numbered components for identificationFig. 5 - Onderdelen van de schoorsteen
LEGENDA Fig. 5 op pag. 43
| 1 Schoosteenpot |
| 2 Uiftstroomweg |
| 3 Rookkanaal |
| 4 Thermische isolatie |
| 5 Buitenmuur |
| 6 Aansluiting van de schoorsteen |
| 7 Roubleiding |
| 8 Warmregenerator |
| 9 Inspectieluikje |
| 10 T-aansluiting met inspectiedop |
9.8 BUITENLUCHTINLAAT

text_image
1 ②Fig. 6 - Directe luchttoevoer
LEGENDA Fig. 6 op pag. 44
1 Te ventileren vertrek
2 Buitenluchtinlaat
- Het is verplicht om een geschikte luchtinlaat te voorzien die lucht van buiten aanvoert, om de nodige lucht voor de verbranding naar de kachel aan te voeren.
- De luchttoevoer tussen de buitenlucht en het vertrek kan zowel direct plaatsvinden, via een opening in de buitenmuur van het vertrek (zie Fig. 6 op pag. 44).
- Vertrekken als slaapkamers, berghokken, garages, magazijnen voor brandbaar materiaal mogen hiervoor niet in aanmerking komen.
- De luchtinlaatopening moet in zijn totaal een minimum netto oppervlak van 80 cm2 hebben genoemd oppervlak moet vergroot worden als er andere actieve generatoren in het vertrek aanwezig zijn (bijvoorbeeld: een elektroventilator voor de extractie van verzadigde lucht, een keukenafzuigkap, andere kachels, enz,,,). die het vertrek in onderdruk brengen.
- Het is noodzakelijk te laten nakijken - wanneer alle apparatuur ingeschakeld is - of de drukval tussen het vertrek en de buitenlucht niet groter is dan 4,0 Pa: vergroot de opening van de luchtinlaat zo nodig.
- De luchtinlaat moet tot stand gebracht worden op een hoogte vlakbij de vloer, met een extern rooster dat bescherming tegen vogels biedt, en op een wijze dat het door geen enkel object belemmerd wordt.
9.9 DE VERBRANDINGSLUCHT WORDT RECHTSTREEKS VAN BUITEN GENOMEN

flowchart
graph TD
A["Room 1"] --> B["Room 2"]
B --> C["Room 3"]
C --> D["Room 4"]
D --> E["Room 5"]
E --> F["Room 6"]
F --> G["Room 7"]
G --> H["Room 8"]
style A fill:#f9f,stroke:#333
style B fill:#f9f,stroke:#333
style C fill:#f9f,stroke:#333
style D fill:#f9f,stroke:#333
style E fill:#f9f,stroke:#333
style F fill:#f9f,stroke:#333
style G fill:#f9f,stroke:#333
style H fill:#f9f,stroke:#333

text_image
Technical diagram of a vertical structure with labeled components and airflow indicators, including numbered parts 4 and 5.Fig. 7 - Luchtinlaat voor installatie
LEGENDA Fig. 7 op pag. 44
| 1 ≥ 1,5 m. |
| 2 ≥ 0,3 m. |
| 3 Aanzicht dwarsdoorsnede |
| 4 Beschermrooster |
| 5 Opening van de bocht die omlaag gericht moet worden |
Bij producten met een nominaal vermogen van minder dan 6 kW is het afgeraden om de verbrandingslucht van buiten via een rechtstreekse inlaat aan te voeren, omdat dit problemen voor de verbranding kan veroorzaken.
Voor alle andere, NIET-HERMETISCHE producten is het aanbevolen om de aansluiting uit te voeren via een buis waarvan de minimale diameter 50 mm en de maximale lengte 1 m bedraagt.
Bij dit type oplossing kan de externe luchtinlaat voor de verluchting (zie BUITENLUCHTINLAAT op pag. 44) worden beperkt van 80 cm² tot 67 cm².
- Het is verboden om een concentrische buis voor evacuatie van de rookgassen te installeren.
- Tijdens het installeren is het noodzakelijk om de minimale afstanden te controleren voor de inlaat van de verbrandingslucht (zie Fig. 7 op pag. 44).
- Op de buitenmuur moet u een bocht van 90° installeren om de aanvoer van verbrandingslucht tegen de invloed van de wind te beschermen: keer de opening van de bocht naar beneden (zie Fig. 7 op pag. 44). Als de verbranding met dit type oplossing niet optimaal blijkt (vlam met weinig zuurstoftoevoer, de ruit wordt snel vuil, enz.), dan kan het nodig zijn om de verbrandingsparameters van de kachel te wijzigen (neem contact op met een erkende technicus) of om de lengte en het type van de uitgevoerde aansluiting te herzien.

Controleer bij de plaatselijke overheden of er beperkende normen zijn die op de inlaat van verbrandingslucht betrekking hebben: is dat het geval, dan moeten deze in acht worden genomen.
9.10 AANSLUITING OP HET ROOKKANAAL
De pelletkachel werkt door de trek van rook die gestuwd wordt door een ventilator. Het is verplicht te controleren of alle leidingen volgens de regels van het vak tot stand gekomen zijn, volgens de normen EN 1856-1, EN 1856-2 en UNI/TS 11278 inzake de keuze van de materialen. Het geheel moet in ieder geval gerealiseerd worden door gespecialiseerde bedrijven of personeel volgens UNI 10683:2012.
- De aansluiting tussen het apparaat en het rookkanaal moet kort zijn om de trek te bevorderen en condensvorming in de leidingen te voorkomen.
- Het rookkanaal moet groter of gelijk zijn aan de afvoerpijp (Ø80 mm).
- Enkele modellen kachels hebben de afvoer aan de zijkant en/of de achterkant. Controleer of de ongebruikte afvoer gesloten wordt met de bijgeleverde dop.
| TYPE SYSTEEM BUIS ∅80 mm BUIS ∅100 mm | ||
| Minimum verticale lengte 1,5 m. 2 m. | ||
| Maximum lengte (met 1 aansluiting) | 6,5 m. 8 m. | |
| Maximum lengte (met 3 aansluitingen) | 4,5 m. 6 m. | |
| Maximum aantal aansluitingen | 3 | 3 |
| Horizontale delen (minimum helling 3%) | 2 m. | 2 m. |
| Installatie op een hoogte van meer dan 1200 meter n.a.p. | NEE | Verplicht |
- Gebruik specifieke buizen van plaatstaal voor rookkanalen met ∅80 mm of ∅100 mm, afhankelijk van het type systeem, met siliconen pakkingen.
- Het is verboden buigzame metalen buizen van vezelcement of aluminium te gebruiken.
- Om van richting te veranderen is het verplicht altijd van aansluitingen gebruik te maken (met hoek > 90°), met inspectiedop, zodat het gemakkelijk is om een periodieke reiniging van de leidingen uit te voeren.
- Controleer na de reiniging altijd of de inspectiedoppen opnieuw hermetisch en met de eigen efficiënte pakking gesloten worden.
- Het is verboden meer apparaten op hetzelfde rookkanaal aan te sluiiten.
- De installatie in een schoorsteenpijp met dubbele wand is verboden (concentrisch systeem).
- Het is verboden om de rookafvoer van zich erboven bevindende afzuigkappen in hetzelfde rookkanaal te voeren.
- Het is verboden de verbrandingsproducten rechtstreeks via de muur naar buiten af te voeren, of naar gesloten ruimtes, ook wanneer deze onoverdekt zijn (se Fig. 8 op pag. 46).

text_image
Diagram showing a red circular symbol with a minus sign and a red X mark, likely indicating a restriction or absence.Fig. 8 - Verbod
- Het is verboden om andere apparaten van ongeacht welk type aan te sluiten (houtkachels, afzuigkappen, ketels, enz...).
- Het rookkanaal moet zich op een afstand van minstens 500 mm van ontvlambare constructie-elementen of hittegevoelige elementen bevinden.
9.11 VOORBEELDEN VAN CORRECTE INSTALLATIE

text_image
Technical diagram of a mechanical or structural assembly with numbered components and directional arrows indicating flow or movement.Fig. 9 - Voorbeeld 1
LEGENDA Fig. 9 op pag. 46
| 1 Isolatie |
| 2 Verkleining van ∅100 tot ∅80 mm |
| 3 Inspectiedop |
| 4 Minimum veiligheidsafstand = 0,5 m. |
- Installatie rookkanaal ∅100/120 mm met boring voor de passage van de grotere buis.

text_image
Technical diagram of a building interior with numbered components and structural annotationsFig. 10 - Voorbeeld 2
LEGENDA Fig. 10 op pag. 46
| 1 Isolatie |
| 2 Inspectliedop |
| 3 Inspectieluikje schoorsteen |
| 4 Minimum veiligheidsafstand = 0,5 m. |
| 5 Helling ≥ 3° |
| 6 Horizontaal deel ≤ 1 m. |
- Oud rookkanaal, minimaal ∅100/120 mm buisinbreng, met de tot standkoming van een extern luikje voor de reiniging van de schoorsteen.

text_image
Technical diagram of a building interior with labeled components and structural elementsFig. 11 - Voorbeeld 3
LEGENDA Fig. 11 op pag. 47
| 1 Isolatie |
| 2 Inspectiedop |
| 3 Minimum veiligheidsafstand = 0.5 m. |
- Extern rookkanaal dat tot stand gebracht is met uitsluitend geïsoleerde inox-buizen, dus met dubbele wand minimaal ∅100/120 mm: Het geheel is goed aan de muur verankerd. Met windbestendige schoorsteenpot (zie Fig. 4 op pag. 43).
- Kanaliseringssysteem via T-aansluitingen die een gemakkelijke reiniging zonder demontage van de buizen mogelijk maken.

Er wordt geadviseerd de in acht te nemen veiligheidsafstanden en het type isolatiemateriaa samen met de producent van het rookkanaal te controleren. De vorige regels gelden ook voor gaten die in de muur gemaakt worden (EN 13501 - EN 13063 - EN 1856 - EN 1806 - EN 15827).
10 BRANDSTOF

10.1 BRANDSTOF
- Gebruik pellets van kwaliteit omdat dit aanzienlijk van invloed is op het warmtevermogen en op het asresidu.
- De kenmerken van de pellets zijn: afmetingen ∅6-7mm (Klasse D06), maximum lengte 40 mm, warmtevermogen 5kWh/kg, vochtgehalte ≤ 10%, asresidu ≤ 0,7%, de pellet moet goed geperst en weinig kruimig zijn en moet geen resten van lijm, hars en diverse additieven bevatten (er wordt geadviseerd pellets te gebruiken volgens de norm EN14961-2 type ENplus-A1).
- Het gebruik van ongeschikte pellets veroorzaakt een slechte verbranding, veelvuldige verstoppingen van de vuurpot, verstoppingen van de afvoerpijp, een verhoging van het verbruik, een verlaging van de warmteopbrengst, bevuiling van het glas en een verhoging van de hoeveelheid as en onverbrande korrels.

Vochtige pellets van ongeacht welk type veroorzaken een slechte verbranding en een slechte werking. Controleer daarom of de pellets bewaard worden in een droge ruimte, op minstens één meter afstand van de kachel en/of van iedere andere warmtebron.
- Er wordt geadviseerd verschillende soorten pellets te proberen die in de markt verkrijgbaar zijn en om de
NL
pellets te kiezen die de beste prestaties leveren.
- Het gebruik van slechte pellets kan de kachel schade berokkenen en de garantie en de aansprakelijkheid van de fabrikant doen vervallen.
- Voor al onze producten worden materialen van de hoogsgte kwaliteit gebruikt, zoals roestvast staal, gietijzer, enz... Deze materialen worden in het laboratorium getest voordat ze in omloop gebracht worden. Desondanks kunnen op de onderdelen die de pelletstroom regelen (transportschroef) kleine verschillen in het gebruikte materiaal aanwezig zijn, zoals ruwheid en porositeit, die natuurlijke afwijkingen van de toevoer van de brandstof (pellets) tot gevolg kunnen hebben en daardoor een verhoging van de vlam kunr veroorzaken, dan wel een verlaging, met een mogelijke uitschakeling op de lagere vermogens als gevolg.
- Afhankelijk van het type pellets kan het mogelijk zijn de parameters te moeten iiken. Wend u dan tot een erkend assistentiecentrum.
11 INSTALLATIE

11.1 INLEIDING
- De positie van de montage moet gekozen worden op grond van de omgeving, de afvoer en het rookkanaal.
- Controleer bij de plaatselijke overheid of er beperkende normen zijn die betrekking hebben op de inlaat van de verbrandingslucht, de inlaat voor de ventilatie van het vertrek, de rookafvoerinstallatie, het rookkanaal en de schoorsteenpot.
- Controleer of de inlaat voor verbrandingslucht aanwezig is.
- Controleer de eventuele aanwezigheid van andere kachels of apparaten die de kamer in onderdruk kunnen brengen.
- Controleer met ingeschakelde kachel of er geen CO in het vertrek aanwezig is.
- Controleer of de schoorsteen de benodigde trek heeft.
- Controleer of tijdens de trek van de rook alles in veilige staat verkeert (eventuele rooklekken en afstanden ten opzichte van ontvlambaar materiaal, enz...).
- De installatie van het apparaat moet een gemakkelijke toegang voor de reiniging van het apparaat, de rookafvoerleidingen en het rookkanaal garanderen.
- De installatie moet een gemakkelijke toegang tot de elektrische voedingsstekker garanderen (zie ELEKTRISCHE AANSLUITING op pag. 51).
- Om meer apparaten te kunnen installeren, moet de buitenluchtinlaat de daarvoor geschikte afmetingen krijgen (zie KENMERKEN op pag. 71).
11.2 RUIMTEBESLAG

text_image
Technical diagram of a portable air conditioner unit with numbered components and cross-sectional viewsFig. 12 - Algemene afmetingen: Rondò
| LEGENDE Fig. 12 op pag. 48 | |
| 1 46 cm | |
| 2 80 cm | |
LEGENDE Fig. 12 op pag. 48
| 3 46 cm |
| 4 37 cm |
| 5 14,4 cm |
| 6 29 cm |
| 7 18 cm |
| 8 Inlaat verbrandingslucht d.4 cm |
| 9 Rookgasafvoer d.8 cm |

text_image
Technical diagram showing a rectangular structure with labeled dimensions and numbered annotations
text_image
Technical diagram of an electronic device with numbered components and dimension lines
text_image
③ 新式器原理图 新式器原理图Fig. 13 - Algemene afmetingen: Mika
LEGENDE Fig. 13 op pag. 49
| 1 43 cm |
| 2 80,2 cm |
| 3 45 cm |
| 4 37 cm |
| 5 13,2 cm |
| 6 28 cm |
| 7 13,2 cm |
| 8 Inlaat verbrandingslucht d.4 cm |
| 9 Rookgasafvoer d.8 cm |

Fig. 14 - Algemene afmetingen: Kami
LEGENDE Fig. 13 op pag. 49
| 1 43 cm |
| 2 80,2 cm |
| 3 45 cm |
| 4 37 cm |
| 5 13,2 cm |
| 6 28 cm |
| 7 13,2 cm |
| 8 Inlaat verbrandingslucht d.4 cm |
| 9 Rookgasafvoer d.8 cm |
11.3 ALGEMENE INSTALLATIE

text_image
1 2 3 2 4Fig. 15 - Algemene installatie
LEGENDE Fig. 15 op pag. 50
| 1 Inzefelement |
| 2 Minimum zij-afstand = 200 mm |
| 3 Minimum achterafstand = 200 mm |
| 4 Minimum voorafstand = 1000 mm |
- Het is verplicht de kachel los van eventuele muren en/of meubels te installeren, met een minimale luchtdoorgang van 200 mm rondom de zijkanten en van 200 mm aan de achterkant, om een doeltreffende koeling van het apparaat mogelijk te maken, alsmede een goede verspreiding van de warmte in het vertrek (zie Fig. 15 op pag. 50).
- Als de wanden van ontvlambaar materiaal zijn, controleer dan de veiligheidsafstanden (zie Fig. 15 op pag. 50).
- Controleer op het maximum vermogen of de temperatuur van de muren nooit hoger is dan 80°C. Installeer zo nodig een vuurvaste plaat op de muren in kwestie.
- In enkele landen worden de gemetselde draagmuren ook als ontvlambare muren beschouwd.
11.4 ASSEMBLAGE PANELEN (MODEL RONDO')

Handel als volgt om de panelen te assembleren:

natural_image
Close-up of a hand opening a black refrigerator door, with three yellow circles highlighting the door edges (no text or symbols visible)
natural_image
Hand placing a button on a computer tower panel (no visible text or symbols)Fig. 16 - Plaatsing van de panelen Fig. 17 - Montage paneel met gaten
- Maak de panelen vast op de voorziene tandjes (zie Fig. 16 op pag. 51).
- Maak het paneel met gaten vast op de voorziene tandjes aan de achterkant van de kachel (zie Fig. 17 op pag. 51).
11.5 ASSEMBLAGE FRONTPANEEL (MODEL MIKA / KAMI)

Handel als volgt om de panelen te assembleren:

natural_image
Close-up of a computer monitor with a close-up of its cable being inserted, showing three yellow circular annotations pointing to key ports (no text or symbols visible)
natural_image
Person installing or adjusting a large door panel on a black appliance (no visible text or symbols)
natural_image
Close-up of a white industrial machine with black doors and a glass door, being pointed at by a hand holding a tool (no visible text or symbols)Fig. 18 - Montage frontpaneel Fig. 19 - Positionering frontpaneel Fig. 20 - Bevestiging frontpaneel
- Steek de tandjes van het frontpaneel in de voorziene gaten (zie Fig. 18 op pag. 51).
- Positioneer het frontpaneel in de correcte positie (zie Fig. 19 op pag. 51).
- Blokkeer het frontpaneel door de 2 schroeven op het onderste gedeelte aan te draaien (zie Fig. 20 op pag. 51).
11.6 ELEKTRISCHE AANSLUITING


Belangrijk: het apparaat moet door een geautoriseerd technicus geïnstalleerd worden!
- De elektrische aansluiting vindt plaats met een kabel met stekker op een elektrisch stopcontact dat geschikt
NL
is om de lading en de specifieke spanning van ieder afzonderlijk model te verdragen, zoals aangeduid wordt in de tabel met technische gegevens (zie KENMERKEN op pag. 71).
- De stekker moet gemakkelijk toegankelijk zijn wanneer het apparaat geïnstalleerd is.
- Controleer bovendien of het elektriciteitsnet over een doeltreffende aardverbinding beschikt: als die niet aanwezig of niet efficiënt is, zorg dan voor een aardverbinding in overeenstemming met de wettelijke voorschriften.
- Sluit de voedingskabel eerst op de achterkant van de kachel aan (zie Fig. 21 op pag. 52) en daarna op een elektrisch wandstopcontact.

natural_image
Close-up of a black electrical control panel with an orange indicator light and four buttons (no visible text or symbols)Fig. 21 - Elektrisch stopcontact met hoofdschakelaar
- De O/I-hoofdschakelaar (zie Fig. 21 op pag. 52) mag alleen geactiveerd worden om de kachel in te schakelen. Het is raagzaam de hoofdschakelaar in alle andere gevallen uitgeschakeld te laten.
- Gebruik geen verlengsnoer.
- Als de voedingskabel beschadigd is, moet deze door een geautoriseerd technicus vervangen worden.
- Wanneer de kachel gedurende lange tijd niet gebruikt zal worden, is het raadzaam de stekker uit het elektrische wandstopcontact te halen.

11.7 AANSLUITING EXTERNE THERMOSTAAT
De kachel is reeds werkzaam via een thermostaatsonde die zich binnenin de kachel zelf bevindt. Als u dat wenst kan de kachel op een externe omgevingsthermostaat aangesloten worden. Deze handeling moet door een geautoriseerd technicus uitgevoerd worden.
- Externe thermostaat: stel een "SET TEMP RUIMTE" van 7°C op de kachel in.
- Externe chronothermostaat: stel een "SET TEMP RUIMTE" van 7°C op de kachel in en schakel in menu 03-01 de chronofuncties uit "ACTIVEER CHRONO" ("OFF").
11.8 VENTILATIE

- De kachel is met ventilatie uitgerust.
- Delucht die door de ventilatoren aangeduwd wordt, handhaafth het apparaat op een laag temperatuursregime zodat een overmatige belasting op het materiagal wagruit de kachel bestaat vermeden wordt.
- Sluit de openingen voor de uitlaat van de warme lucht met geen enkel voorwerp af anders raakt de kachel oververhit!
- De kachel is niet geschikt om voedsel op te koken.

natural_image
Black and red cooking pan on a slatted stove with red crossed lines (no text or symbols)Fig. 22 - Bedek de luchtopeningen niet
12 GEBRUIK

12.1 INLEIDING
Voor het beste rendement met het laagste verbruik moeten onderstaande aanwijzingen opgevolgd worden.
- De inschakeling van de pellets vindt heel gemakkelijk plaats als de installatie correct is en het rookkanaal efficiënt werkt.
- Schakel de kachel gedurende minstens 2 uur in op Vermogen 1 om het materiaal waaruit de ketel en de vuurhaard bestaat in staat te stellen zich aan te passen aan de interne elastische krachten die uitgeoefend worden.
- Door gebruik van de kachel kan de lak vanbinnen in de verbrandingskamer veranderingen ondergaan. Dit fenomeen kan aan verschillende oorzaken worden toegeschreven: overmatige oververhitting van de kachel, chemische stoffen die in minderwaardige pellets aanwezig zijn, slechte trek van de schoorsteen, enz. Bijgevolg kan de hechting van de lak in de verbrandingskamer niet worden gegarandeerd.

De vetresten van de fabricage en de lakken kunnen tijdens de eerste uren werking geuren en rook verspreiden: er wordt geadviseerd het vertrek te luchten omdat deze geuren en rook schadelijk voor mens en dier kunnen zijn.

De programmeringswaarden van 1 tot 5 zijn van tevoren door de fabrikant ingesteld en kunnen alleen door een geautoriseerd technicus veranderd worden.
12.2 BEDIENINGSPANEEEL
| ELEMENT VAN HET PANEEL BESCHRIJVING | |
![]() | P1 en P2: wanneer men zich in de werkwijze set temperatuur bevindt, verha verlagen ze de waarde van de thermostaat van min. 6°C tot max. 41°C. ingedrukt om de temperatuur van de rookgassen in de afvoerpijp te zien. Beide hebben programmeringsfuncties. |
![]() | P3: om naar set temperatuur en naar het menu van de parameters van gebruiker en technicus te gaan. |
![]() | P4: inschakeling en uitschakeling, deblokkering van eventuele alarmen en verlaten van de programmering. |
![]() | P5 en P6: verhogen en verlagen het warmtevermogen van 1 tot 5. |
![]() | Tijdprogrammering: actief. |
![]() | Rookgassenafzuiger: actief |
![]() | Transportschroef: actief. |
![]() | Ontvangst gegevens van afstandsbediening |
![]() | Ventilator warmtewisselaar: actief |
![]() | - |
![]() | Alarm: actief |

text_image
① ⑤ ③ GB-10 25°C P-2 WORK ② ④Fig. 23 - Controledisplays LCD
LEGENDA Fig. 23 op pag. 54
| 1 Uuwerk |
| 2 Mogendheid |
| 3 Uitbreiding |
| 4 Bericht |
| 5 Temperatuur |
12.3 GEBRUIKERSMENU
Door slechts één keer op toets P3 te drukken, wordt toegang verkregen tot het beheer van de gebruikersparameters. Druk op de toetsen P5 en P6 om deze langs te lopen. We hebben:
| POS. VERWIJST NAAR BESCHRIJVING | ||
| 1 SET KLOK | Stelt de datum en de tijd in. De kaart is uitgerust met een lithiumbatterij die de klok een autonomie van 3/5 jaar verschaft. Zie INSTELLINGEN KLOK op pag. 56. | |
| 2 SET CHRONO | Druk één keer op toets P3: de tekst "ACTIVEER CHRONO" verschijnt. Druk nog een keer op P3 en gebruik de toetsen P1 en P2 om "OFF" of "ON" in te stellen. Zie voor de programmering van de dag, het weekend of de week DAGPROGRAMMERING op pag. 56. LET activeren als de STANDBY-functie actief is! | |
| 3 SELECT TAAL Druk één keer op toets P3 en kies de gewenste taal met de toetsen P1 en P2. | ||
| 4 MODE STAND-BY | Activeert een functie die de fase van uitschakeling start als de ingestelde omgevingstemperatuur langer dan 10 minuten overschreden is. Als de omgevingstemperatu met meer dan 2°C gedaald is, wordt de kachel opnieuw automatisch ingescho vertrekkende van STARTEN op pag. 55. Druk één keer op toets P3 en stel "OFF" of "ON" in met de toetsen P1 en P2. LET OP: niet activeren als de CHRONO-functie actief is! | |
| 5 | MODE ZOEMER (geluidsalarm) | Druk één keer op toets P3 en stel "OFF" of "ON" in met de toetsen P1 en P2. |
| 6 LADEN INITIEEL | Wanneer de kachel voor het eerst ingeschakeld moet worden, is de transportschroef geheel leeg. Voer zo nodig een voorlading uit door op toets P3 te drukken. Druk vervolgens op P1 om te starten en op P4 om dit te onderbreken. | |
| 7 STAAT KACHEL | Geeft alle parameters weer die verband houden met de status waarin de kachel zich bevindt: het is een menu voor de geautoriseerde technicus. | |
| 8 INSTELL TECHNISC Alleen voor de geautoriseerde technicus | ||
| 9 | INSTELL VLAM | Maakt het mogelijk de vlam in te stellen op grond van de trek van het rookkanaal. |
OP: niet
12.4 STARTEN
Wij herinneren u eraan dat de eerste inschakeling door gekwalificeerd en geautoriseerd technisch personeel uitgevoerd moet worden, dat controleert of alles volgens de van kracht zijnde normen geïnstalleerd is en dat de werking controleert.
- Als in de verbrandingskamer boekjes, handleidingen enz..... aanwezig zijn, verwijder deze dan.
- Controleer of de deur goed gesloten is.
- Controleer of de stekker in het elektrische stopcontact gestoken is.
- Controleer voordat u de kachel inschakelt of de vuurpot schoon is.
- Om de kachel te starten, houdt u toets P4 enkele ogenblikken ingedrukt tot "START" en dan "WACHT VOORVERW" getoond wordt: nu begint de voorverwarming van de inschakelweerstand. Na circa 2 minuten wordt "LADEN PELLET, WACHTEN VLAM" getoond, begint de transportschroef de pellets te laden en wordt de verwarming van de weerstand voortgezet. Wanneer de temperatuur voldoende hoog is (na circa 7-10 minuten), kan men de inschakeling als voltooid beschouwen en verschijnt "VLAM AANWEZIG" op het display.
- Na beëindiging van de fase "VLÄM AANWEZIG" neemt de regeleenheid de "ARBEID" aan en toont het geselecteerde warmtevermogen en de omgevingstemperatuur. Het is in deze fase dat de toetsen P5 en P6 het vermogen van de kachel van 1 tot 5 regelen.
- Als de waarde van de omgevingstemperatuur de limiet overschrijdt die met het toetsenbord bij set temperatuur ingesteld is, wordt het warmtevermogen op het minimum gezet en wordt de tekst "ARBE MODULE" getoond. Als de omgevingstemperatuur onder de ingestelde temperatuur daalt, keert de kachel terug naar het ingestelde vermogen.
12.5 INSTELLING KACHEL

De kachel is ingesteld op grond van de gegevens van het rookkanaal en van de gebruikte pellets, volgens de technische kenmerken (zie KENMERKEN op pag. 71). Als de gegevens niet overeenstemmen kan de geautoriseerde technicus de kachel in stellen.
- Als de pellets klein zijn en het warmtevermogen groter is (bijvoorbeeld: door vuurpot met aanslag), verlaag dan de val van de pellets in het menu "INSTELL VLAM", druk op P3 "TYPE PELLET", druk nog een keer op P3 "LADEN PELLET" en verlaag met toets P2 de hoeveelheid pellets van -1 (gelijk aan -2%) tot -9 (gelijk aan -18%).
- Als het rookkanaal een lagere trek heeft (bijvoorbeeld: door zwakke vlam, vuil glas), verhoog dan de toeren van de rookgassenmotor in het menu "INSTELL VLAM", druk op P5 "TYPE SCHOUW", druk op P3 "ASP-F SCHOUW" en verhoog met toets P1 de toeren van de rookgassenaanzuiger van +1 (gelijk aan 5%) tot +9 (gelijk aan +30%).
- Als het rookkanaal een grotere trek heeft (bijvoorbeeld: omdat pellets uit de vuurpot gehaald zijn), verlaag de toeren van de rookgassenaanzuiger dan van -1 tot -9.

Let op of de waarde positief of negatief is.
12.6 GEEN ONTSTEKING
Als de pellets niet ontstoken worden, wordt dit gesignaleerd door het alarm "GEEN ONTSTEK".
- Als de omgevingstemperatuur lager is dan 10°C is de bougie niet in staat de ontstekingsfase te activeren. Om de bougie in deze fase te helpen, moet u nog wat pellets in de vuurpot doen en een stukje brandend ontstekingsmateriaal op de pellets leggen (zoals bijvoorbeeld het Italiaanse product Diavolina).
- Teveel pellets in de vuurpot, of vochtige pellets, of een vuile vuurpot, maken het ontsteken moeilijk, veroorzaken witte, dichte rook die schadelijk voor de gezondheid is en kunnen explosies in de verbrandingskamer tot gevolg hebben. Men dient daarom tijdens de ontstekingsfase niet voor de kachel te blijven staan als witte, dichte rook waargenomen wordt.

Als de vlam na enkele maanden zwak is en/of oranje van kleur, of als het glas de neiging vertoont steeds erg zwart te worden, of de vuurpot de neiging vertoont een aanslag te vormen, reinig dan de kachel, reinig de rookleiding en reinig het rookkanaal.
12.7 GEEN ENERGIE
- Na een black-out van de elektrische energie van minder dan 5 seconden, keert de kachel terug naar het vermogen waarop hij ingesteld was.
- Na een black-out van de elektrische energie van meer dan 5 seconden, treedt de kachel de fase "WACHT AFKOELEN" binnen. Na afloop van de koelfase gaat de kachel automatisch opnieuw van start met de diverse fasen (zie STARTEN op pag. 55).
12.8 SET TEMPERATUUR
- Om de omgevingstemperatuur te wijzigen, volstaat het op de toetsen P1 en P2 te drukken, al naargelang de gewenste temperatuur, en "SET TEMP RUIMTE" weer te geven.
- Druk één enkele keer op toets P1 om de ingestelde temperatuur te laten weergeven.
12.9 TEMPERATUUR ROOKGASSEN
Om de temperatuur van de rookgassen bij de uitgang van de afvoerpijp te controleren, volstaat het toets P2 ingedrukt te houden.
12.10 UITSCHAKELING
Om de kachel uit te schakelen, houdt u toets P4 ingedrukt: op display verschijnt de tekst "EINDE REINIGIN". Na circa 10 minunten gaat ook de rookgassenafzuiger uit (dit gebeurt altijd, onafhankelijk van het feit of de kachel warm of koud is). Vervolgens verschijnt "OFF".
12.11 INSTELLINGEN KLOK
- Druk op toets P3 en vervolgens op toets P5 tot het menu (02) "SET KLOK" geaccentueerd wordt.
- Druk één keer op P3 (DAG) en selecteer met toetsen P1 en P2 de dag van de week (maandag, dinsdag, woensdag, donderdag, vrijdag, zaterdag en zondag).
- Druk een tweede keer op toets P3 (UREN) en stel het uur in met toetsen P1 en P2.
- Druk een derde keer op toets P3 (MINUTEN) en stel de minuten in met toetsen P1 en P2.
- Druk een vierde keer op toets P3 (DAG) en stel de dag van de maand in (1, 2, 3 ...29, 30, 31) met toetsen P1 en P2.
- Druk een vijfde keer op toets P3 (MAAND) en stel de maand in met toetsen P1 en P2.
- Druk een zesde keer op de toets P3 (JAAR) en stel het jaar in met toetsen P1 en P2.
- Druk twee keer op P4 om de programmering te verlaten.
12.12 DAGPROGRAMMERING
Maakt het mogelijk de functies van de dag-chronothermostaat in te schakelen, uit te schakelen en in te stellen. Druk op toets P3 en vervolgens op toets P5 tot het menu (03) "SET CHRONO" weergegeven wordt. Druk één keer op toets P3 en selecteer met toetsen P5 en P6 "PROGRAM DAG". Druk één keer op P3 waarna "CHRONO DAG" verschijnt. Stel met toetsen P1 en P2 "OFF" of "ON" in.
Het is mogelijk twee tijdzones voor de werking in te stellen die door de ingestelde tijden afgebakend worden. Na "CHRONÓ DAG":
- Druk op P5: nu verschijnt de tekst "START 1". Voer met toetsen P1 en P2 de waarde van het tijdstip van inschakeling in, of "OFF".
- Druk op P5: nu verschijnt de tekst "STOP 1". Voer met toetsen P1 en P2 de waarde van het tijdstip van inschakeling in, of "OFF".
- Druk op P5: nu verschijnt de tekst "START 2". Voer met toetsen P1 en P2 de waarde van het tijdstip van inschakeling in, of "OFF".
- Druk op P5: nu verschijnt de tekst "STOP 2". Voer met toetsen P1 en P2 de waarde van het tijdstip van inschakeling in, of "OFF".
- Druk drie keer op toets P4 om het menu te verlaten.
12.13 WEEKENDPROGRAMMERING
Maakt het mogelijk de functies van de dag-chronothermostaat in te schakelen, uit te schakelen en in te stellen. Druk op toets P3 en vervolgens op toets P5 tot het menu (03) "SET CHRONO" weergegeven wordt. Druk één keer op toets P3 en selecteer met toetsen P5 en P6 "PROGRAM WEEKEND". Druk één keer op P3 waarna "CHRONO WEEKEND" verschijnt. Stel met toetsen P1 en P2 "OFF" of "ON" in.
Het is mogelijk twee tijdzones voor de werking in te stellen die door de ingestelde tijden afgebakend worden en alleen voor de zaterdag en de zondag geldig zijn.
Na "CHRONO WEEKEND":
- Druk op P5: nu verschijnt de tekst "START 1 WEEKEND". Voer met toetsen P1 en P2 de waarde van het tijdstip van inschakeling in, of "OFF".
- Druk op P5: nu verschijnt de tekst "STOP 1 WEEKEND". Voer met toetsen P1 en P2 de waarde van het tijdstip van inschakeling in, of "OFF".
- Druk op P5: nu verschijnt de tekst "START 2 WEEKEND". Voer met toetsen P1 en P2 de waarde van het tijdstip van inschakeling in, of "OFF".
- Druk op P5: nu verschijnt de tekst "STOP 2 WEEKEND". Voer met toetsen P1 en P2 de waarde van het tijdstip van inschakeling in, of "OFF".
- Druk drie keer op toets P4 om het menu te verlaten.
12.14 WEEKPROGRAMMERING
Maakt het mogelijk de functies van de dag-chronothermostaat in te schakelen, uit te schakelen en in te stellen. Druk op toets P3 en vervolgens op toets P5 tot het menu (03) "SET CHRONO" weergegeven wordt. Druk één keer op toets P3 en selecteer met toetsen P5 en P6 "PROGRAM WEEK". Druk één keer op P3 waarna "CHRONO WEEK" verschijnt. Stel met toetsen P1 en P2 "OFF" of "ON" in.
Het is mogelijk twee tijdzones voor de werking in te stellen die door de ingestelde tijden afgebakend worden.
Na "CHRONO WEEK":
Druk op P5: nu verschijnt de tekst "START PROG-1". Voer met toetsen P1 en P2 de waarde van het tijdstip van inschakeling in, of "OFF".
Druk op P5: nu verschijnt de tekst "STOP PROG-1". Voer met toetsen P1 en P2 de waarde van het tijdstip van uitschakeling in, of "OFF".
• Druk op P5: nu verschijnt de tekst "MAANDAG PROG-1". Stel met toetsen P1 en P2 "OFF" of "ON" in.
• Druk op P5: nu verschijnt de tekst "DINSDAG PROG-1". Stel met toetsen P1 en P2 "OFF" of "ON" in.
• Druk op P5: nu verschijnt de tekst "WOENSDAG PROG-1". Stel met toetsen P1 en P2 "OFF" of "ON" in.
- Druk op P5: nu verschijnt de tekst "DONDERDA PROG-1". Stel met toetsen P1 en P2 "OFF" of "ON" in.
• Druk op P5: nu verschijnt de tekst "VRIJDAG PROG-1". Stel met toetsen P1 en P2 "OFF" of "ON" in.
• Druk op P5: nu verschijnt de tekst "ZATERDAG PROG-1". Stel met toetsen P1 en P2 "OFF" of "ON" in.
• Druk op P5: nu verschijnt de tekst "ZONDAG PROG-1". Stel met toetsen P1 en P2 "OFF" of "ON" in.
• Ga nu verder door op toets P5 te drukken en alle vorige handelingen te herhalen voor Prog-2, Prog-3, Prog-4.
- Druk drie keer op toets P4 om het menu te verlaten.
12.15 PELLETS BIJVULLEN

text_image
NO
text_image
OK PHIMA CATERMOFig. 24 - Slechte opening de pelletszak Fig. 25 - Correct opening de pelletszak
MODEL RONDO': het vullen van de pellets, wordt aanbevolen om het deksel van het reservoir te plaatsen in de gleuf van ventilatie vermeld in Fig. 26 op pag. 57. Dit voorkomt dat de pellets vallen in de kachel tussen de mechanische en elektrische onderdelen.

natural_image
Close-up of a kitchen appliance with dried ingredients being poured into a tray (no visible text or symbols)Fig. 26 - Plaats de cover
Vermijd het om de verzamelbak met pellets te vullen als de kachel in werking is.
- Breng de zak met brandstof niet in aanraking met de warme delen van de kachel.
• Giet geen brandstofresten (onverbrande kool) - het afval van inschakelingen in de vuurpot - in de voorraadbak.

De voorraadbak van de pellets moet altijd met het deksel afgesloten zijn.
12.16 AFSTANDSBEDIENING
- De kachel kan bediend worden met de afstandsbediening.
- Voor de werking heeft men 1 batterij van het type Lithium battery CR 2025 nodig.

De gebruikte batterijen bevatten - voor de omgeving - schadelijke metalen en moeten dus in speciale batterijbakken geëlimineerd worden.

natural_image
Close-up of a remote control panel with indicator lights and function buttons (no readable text or symbols)Fig. 27 - Afstandsbediening
LEGENDA Fig. 27 op pag. 58
| Toets 1 Vernoogt de gewenste temperatuur |
| Toets 2 Verlaagt de gewenste temperatuur |
| Toets 3 On / off |
| Toets 4 Menu |
| Toets 5 Verlaagt het vermogensniveau van 5 tot 1 |
| Toets 6 Vernoogt het vermogensniveau van 1 tot 5 |
13 VEILIGHEIDSVOORZIENINGEN

13.1 INLEIDING
De veiligheidsvoorzieningen hebben tot taak de risico's op persoonlijk letsel, dierlijk letsel of materiële schade weg te nemen. Het is verboden deze voorzieningen onklaar te maken en de ingreep voor een eventuele reparatie door niet geautoriseerd personeel doet de garantie en de aansprakelijkheid van de fabrikant vervallen.
13.2 ALARM "BLACK OUT"
"ALARM ACTIEF" "AL 1 - BLACK OUT": onderbreking van de voeding tijdens de ontsteking.
- Verricht een reset van de fout met toets P4. De kachel voert een fase "EINDE REINIGIN" en "OFF" uit.
- Reinig de vuurpot en herstart de kachel met toets P4.
13.3 ALARM "SONDE ROOKG"
Er is een sonde op de rookgassenafvoerpijp aangesloten die de bedrijfstemperatuur continu bewaakt. "ALARM ACTIEF" "AL 2 - SONDE ROOKG": de sonde is beschadigd of afgesloten
- Verricht een reset van de fout met toets P4. De kachel voert een fase "EINDE REINIGIN" en "OFF" uit.
- Controleer het type fout aan de hand van ALARMEN op pag. 65.
- Reinig de vuurpot en herstart de kachel met toets P4.
13.4 ALARM "WARM ROOKG"
Als de rookgassensonde een temperatuur van meer dan 180°C meet op de afvoer, verschijnt de tekst "WARM ROOKG" op het display. Op dit punt wordt het brandstofdebiet (pellets) verlaagd tot fase 1.
Deze functie heeft tot doel de waarden binnen de van tevoren ingestelde gegevens terug te brengen. Als de temperatuur om diverse redenen niet verlaagd maar verhoogd wordt, wordt bij 210°C de tekst "ALARM ACTIEF" "AL 3 - WARM ROOKG" weergegeven en start de kachel de fase van uitschakeling.
- Verricht een reset van de fout met toets P4. De kachel voert een fase "EINDE REINIGIN" en "OFF" uit.
- Controleer het type fout aan de hand van ALARMEN op pag. 65.
- Reinig de vuurpot en herstart de kachel met toets P4.
13.5 ALARM "VENT PANNE"
"ALARM ACTIEF" AL 4 - VENT PANNE": de rookgassenafzuiger is kapot.
- Verricht een reset van de fout met toets P4. De kachel voert een fase "EINDE REINIGIN" en "OFF" uit.
- Controleer het type fout aan de hand van ALARMEN op pag. 65.
- Reinig de vuurpot en herstart de kachel met toets P4.
13.6 ALARM "GEEN ONTSTEK"
"ALARM ACTIEF" "AL 5 - GEEN ONTSTEK": de temperatuur is onvoldoende voor de ontsteking.
- Verricht een reset van de fout met toets P4. De kachel voert een fase "EINDE REINIGIN" en "OFF" uit.
- Controleer het type fout aan de hand van ALARMEN op pag. 65.
- Reinig de vuurpot en herstart de kachel met toets P4.
13.7 ALARM "GEEN PELLET"
Als de rookgassensensor bij de afvoer een temperatuur detecteert die lager is dan de minimumdrempel, dan wordt de tekst "ALARM ACTIEF" "AL 6 - GEEN PELLET" getoond.
- Verricht een reset van de fout met toets P4. De kachel voert een fase "EINDE REINIGIN" en "OFF" uit.
- Vul de tank.
- Reinig de vuurpot en herstart de kachel met toets P4.
13.8 ALARM "WARMTE VEILIGHE"
In de voorraadbak is een thermostaatautomaat geïnstalleerd die in werking treed als de temperatuurgang van de voorraadbak de toegestane limieten overschrijdt zodat de mogelijkheid uitgesloten wordt dat de pellets binnenin de voorraadbak door oververhitting in brand kunnen raken.
"ALARM ACTIEF" "AL 7 - WARMTE VEILIGHE": dee thermostaat onderbreken de elektrische voeding naar de transportschroef.
- Verricht een reset van de fout met toets P4. De kachel voert een fase "EINDE REINIGIN" en "OFF" uit.
- Controleer het type fout aan de hand van ALARMEN op pag. 65.
- Reinig de vuurpôt en herstart de kachel met toets P4.
13.9 ALARM "STORING DEPRESS"
Er is een drukschakelaar op de ketel aangesloten die de onderdruk controleert. In enkele modellen kachels is een microschakelaar in de vuurdeur geïnstalleerd die de opening ervan detecteert.
"ALARM ACTIEF "AL 8 - STORING DEPRESS": dee thermostaat onderbreken de elektrische voeding naar de transportschroef.
- Verricht een reset van de fout met toets P4. De kachel voert een fase "EINDE REINIGIN" en "OFF" uit.
- Controleer het type fout aan de hand van ALARMEN op pag. 65.
- Reinig de vuurpot en herstart de kachel met toets P4.
14 ONDERHOUD

14.1 INLEIDING
Voor een lange levensduur van de kachel moet regelmatig een algehele reiniging uitgevoerd worden zoals vermeld wordt in onderstaande paragrafen.
- De rookafvoerleidingen (rookieiding + rookkanaal + schoorsteenpot) moeten altijd door een geautoriseerde specialist gereinigd, geveegd en gecontroleerd worden in overeenstemming met de plaatselijke regelgeving, met aanduiding van de fabrikant en met de richtlijnen van uw verzekeringsmaatschappij.
- Bij afwezigheid van plaatselijke voorschriften en richtlijnen van uw verzekeringsmaatschappij is het nodig de reiniging van de rookleiding, het rookkanaal en de schoorsteenpot minstens een keer per jaar te laten uitvoeren.
- Het is bovendien nodig om de verbrandingskamer minstens één keer per jaar te laten reinigen en de pakkingen na te laten kijken, de motoren en de ventilatoren te laten reinigen en het elektrische gedeelte te laten controleren.

Al deze werkzaamheden moeten tijdig geprogrammeerd worden in overleg met de geautoriseerde technische assistentiedienst.
- Na een lange periode van onbruik dient men te controleren of de rookgassenafvoerpijp geen obstructies bevat, alvorens de kachel in te schakelen.
- Als de kachel op continue en intense wijze gebruikt wordt, moet het gehele systeem (met inbegrip van de
schoorsteen) vaker gereinigd en gecontroleerd worden.
- Voor de eventuele vervanging van beschadigde delen dient u de geautoriseerde verkoper om originele vervangingsonderdelen te vragen.
14.2 REINIGING VUURPOT EN ASLADE

De vuurpot en de aslade moeten om de 2 dagen gereinigd worden.
- Open de deur.

natural_image
Hand placing a dark object into an open electrical cabinet (no visible text or symbols)
natural_image
Close-up of a hand operating a mechanical device with a circular component and a small inset showing a metallic fixture (no visible text or symbols)
natural_image
Close-up of a hand using a power tool to inspect a dark, textured surface (no visible text or symbols)Fig. 28 - Verwijdering vuurpot Fig. 29 - Verwijdering aslade Fig. 30 - Reiniging vuurpot
• Verwijder de vuurpot (zie Fig. 28 op pag. 60) uit diens zitting en leeg hem door de as weg te gooien.
- Verwijder de aslade (zie Fig. 29 op pag. 60) uit diens zitting en leeg hem door de as weg te gooien.
- Reinig zo nodig met een puntig voorwerp de gaten die door afzettingen verstopt geraakt zijn (zie Fig. 30 op pag. 60).

natural_image
Interior view of a mechanical device showing a cylindrical component inserted into a housing (no visible text or symbols)Fig. 31 - Reiniging ruimte vuurpot

natural_image
Interior view of a mechanical device with a copper-colored housing and visible internal components (no text or symbols)Fig. 32 - Reiniging ruimte aslade

natural_image
Close-up of a hand using a screwdriver to clean or store metal components inside a storage unit (no visible text or symbols)Fig. 33 - Reiniging met flessenwisser
- Reinig de ruimte van de vuurpot en aslade en verwijder de eventueel aanwezige as af die zich daar opeengehoopt heeft (zie Fig. 31 op pag. 60 en Fig. 32 op pag. 60).
- Reinig ook het valgat van de pellets met een flessenwisser (zie Fig. 33 op pag. 60).
- De as moet in een metalen bak met hermetisch gesloten deksel gedaan worden en deze bak mag nooit in aanraking met brandbaar materiaal komen (als hij bijvoorbeeld op een houten vloer gezet wordt) omdat de as in de bak de kool nog heel lang brandend houdt).
- Pas wanneer de as gedoofd is kan ze weggegooid worden bij het organische afval.
- Let op de vlam, als deze rood wordt, zwak is of zwarte rook afgeeft: in dat geval is de vuurpot door afzettingen verstopt en moet gereinigd worden. Indien versleten moet hij vervangen worden.
14.3 REINIGING VOORRAADBAK EN TRANSPORTSCHROEF

Bij iedere bijvulling met pellets moet de eventuele aanwezigheid van poeder/zaagsel of ander afval op de bodem van de voorraadbak gecontroleerd worden. Is dergelijk afval aanwezig, dan moet het verwijderc worden met behulp van een alleszuiger (zie Fig. 34 op pag. 60).

natural_image
Close-up of a metal grid with embedded soil or gravel in the center (no text or symbols visible)Fig. 34 - Reiniging van de voorraadbak en transportschroef

Het rooster dat de handen bescherming biedt, mag nooit uit zijn zitting verwijderd worden. Reinig de bodem van de voorraadbak en het zichtbare deel van de transportschroef grondig en uitsluitend zoals op de foto getoond wordt (zie Fig. 34 op pag. 60).
14.4 REINIGING ROOKGASSENKAMER

Reinig de rookgassenkamer om de 4/8 weken.

natural_image
Close-up of a metallic cylindrical device with internal components and a circular perforated base (no visible text or symbols)
natural_image
Close-up of a metallic industrial component with a black rectangular opening and a finger inserted, showing internal structure (no text or symbols visible)Fig. 35 - Rookgassenkamer Fig. 36 - Reiniging rookkassenkamer
- Draai de 2 schroeven los van het verzinkte paneel voor afsluiting van de kamer met rookgassen, dat zich onder de deur bevindt (zie Fig. 35 op pag. 61).
- Reinig met een alleszuiger en zuig de as af die zich in de kamer opeengehoopt heeft (zie Fig. 36 op pag. 61).
- Voer na de reiniging de werkzaamheden in omgekeerde volgorde uit en controleer de intacte staat en de efficiëntie van de pakking: laat de pakking indien nodig door een geautoriseerde technicus vervangen.
14.5 REINIGING ROOKIEIDING

Reinig het afvoersysteem iedere maand.

natural_image
Close-up of a black pipe fitting attached to a red panel, with no visible text or symbols.Fig. 37 - Reiniging rookleiding
- Verwijder de inspectie stekker van de T (zie Fig. 37 op pag. 61).
• Zuig de as die is opgebouwd binnen. - Voer na de reiniging de werkzaamheden in omgekeerde volgorde uit en controleer de intacte staat en de efficiëntie van de pakking. Vervang deze indien nodig.

Het is belangrijk de dop hermetisch te sluiten anderS zullen schadelijke rookgassen in het vertrek verspreid worden.
14.6 REINIGING VAN DE ROOKGASSENAFZUIGER

Reinig jaarlijks de rookgassenafzuiger en ontdoe deze van de as of de stof die tot gevolg hebben dat de schoepen in onbalans raken en meer geluid maken.

natural_image
Close-up of a mechanical component with a metallic housing and bolted joints, mounted on a perforated metal frame (no visible text or symbols)Fig. 38 - Reiniging rookgassenafzuiger: fase1

natural_image
Close-up of a hand using a tool to lift a mechanical component with a coiled spring-like structure (no visible text or symbols)Fig. 39 - Fase 2 Fig. 40 - Fase 3

natural_image
Close-up of hands installing a mechanical component with coiled tubing (no visible text or symbols)
natural_image
Close-up of hands installing a mechanical component with coiled tubing (no visible text or symbols)• Volg de procedure die aangeduid wordt in Fig. 38 op pag. 62, Fig. 39 op pag. 62 en Fig. 40 op pag. 62.
14.7 REINIGING OMGEVINGSVENTILATOR

Reinig de omgevingsventilator jaarlijks en verwijder de as of het stof die een onbalans van de schoepe veroorzaken, alsmede een grotere geluidsemissie.

natural_image
Hand holding a remote control device next to a computer tower case with ventilation grilles (no visible text or symbols)
natural_image
Close-up of a mechanical assembly with metallic rollers and a cylindrical shaft (no visible text or symbols)Fig. 41 - Verwijdering carter achteraan Fig. 42 - Reiniging omgevingsventilator
- Verwijdering carter achteraanen (zie Fig. 41 op pag. 62) en zuig de as en het stof af dat zich binnenin opeengehoopt heeft (zie Fig. 42 op pag. 62).
14.8 REINIGING ROOKGASSENDOORGANG (MODEL RONDO')

Reinig jaarlijks de rookgassendoorgangen.

natural_image
Three-panel image showing a device with a door, panel, and lid, plus a hand adjusting the interior panel (no text or symbols visible)Fig. 43 - Te verwijderen paneel Fig. 44 - Verwijdering panelen Fig. 45 - Doorgangen van de rookgassen
- Verwijder de 2 voorpanelen door ze uit de tandjes los te haken (zie Fig. 43 op pag. 62 en Fig. 44 op pag. 62).
- Positionering van de doorgangen voor de rookgassen (zie Fig. 45 op pag. 62).

natural_image
Hand using a tool to adjust or install a mechanical component, no visible text or symbols
natural_image
Close-up of a mechanical component with a metallic internal structure and a cable inserted (no visible text or symbols)
natural_image
Close-up of a metallic pipe inserted into a white cylindrical container (no text or symbols visible)Fig. 46 - Verwijdering doppen Fig. 47 - Reiniging met flessenwisser Fig. 48 - Reiniging kanalen
- Draai de 2 schroeven los van de verzinkte panelrn voor afsluiting van de kamers met rookgassen (zie Fig. 46 op pag. 63).
- Reinig de kanalen met behulp van een flessenwisser (zie Fig. 47 op pag. 63).
- Reinig met een alleszuiger en zuig de as af die zich in de kamer opeengehoopt heeft (zie Fig. 48 op pag. 63).
- Voer na de reiniging de werkzaamheden in omgekeerde volgorde uit en controleer de intacte staat en de efficiëntie van de pakking: laat de pakking indien nodig door een geautoriseerde technicus vervangen.
14.9 REINIGING ROOKGASSENDOORGANG (MODEL MIKA / KAMI)

Reinig jaarlijks de rookgassendoorgangen.

natural_image
Close-up of a white industrial machine with black panel and transparent door, no visible text or symbols
natural_image
Person installing or adjusting a white cabinet door panel (no visible text or symbols)
natural_image
Interior view of a mechanical device with two yellow circles highlighting specific components (no visible text or symbols)Fig. 49 - Verwijdering ondersfe schroeven Fig. 50 - Verwijdering voorpaneel Fig. 51 - Doorgangen van de rookgassen
- Verwijder de 2 onderste schroeven van het voorpaneel (zie Fig. 49 op pag. 63).
- Haak het voorpaneel los door die naar boven te duwen (zie Fig. 50 op pag. 63).
- Positionering van de doorgangen voor de rookgassen (zie Fig. 51 op pag. 63).

natural_image
Close-up of a hand using a power tool to insert a black CPU socket into a rack (no text or symbols visible)
natural_image
Close-up of hands installing a cable or cable component on a computer tower (no visible text or symbols)
natural_image
Hand using a power tool to remove or install electronic components on a black surface (no text or symbols visible)Fig. 52 - Verwijdering schroef Fig. 53 - Verwijdering middenpaneel Fig. 54 - Verwijdering schroeven
- Om de doorgangen van de rookgassen gemakkelijk te kunnen schoonmaken, moet men ook de zijpanelen verwijderen. Draai de achterste schroef van het middenpaneel los (zie Fig. 52 op pag. 63).
- Verwijder het middenpaneel (zie Fig. 53 op pag. 63).
- Draai de 2 schroeven van het onderste paneel los (zie Fig. 54 op pag. 63).

Fig. 55 - Verwijdering doppen Fig. 56 - Reiniging met flessenwisser Fig. 57 - Reiniging kanalen
- Draai het onderste paneel naar buiten en draai de 2 schroeven los van de verzinkte panelrn voor afsluiting van de kamers met rookgassen (zie Fig. 55 op pag. 64).
- Reinig de kanalen met behulp van een flessenwisser (zie Fig. 56 op pag. 64).
• Reinig met een alleszuiger en zuig de as af die zich in de kamer opeengehoopt heeft (zie Fig. 57 op pag. 64). - Voer na de reiniging de werkzaamheden in omgekeerde volgorde uit en controleer de infacte staat en de efficiëntie van de pakking: laat de pakking indien nodig door een geautoriseerde technicus vervangen.

14.10 JAARLIJKSE REINIGING VAN DE ROOKGASSENLEIDINGEN
Reinig deze jaarlijks en verwijder het roet met gebruik van borstels.
De reiniging moet door een kachel- en schoorsteenspecialist uitgevoerd worden die de rookleiding, het rookkanaal en de schoorsteenpot reinigt, de efficiëntie ervan nakijkt en een schriftelijke verklaring afgeeft waarin vermeld wordt dat het systeem veilig is. Deze werkzaamheden moeten minstens één keer per jaar uitgevoerd worden.
14.11 ALGEMENE REINIGING

Voor de reiniging van de externe en interne delen van de kachel dient u geen gebruik te maken van staalsponsjes, zoutzuur of andere corroderende en schurende producten.
14.12 REINIGING VAN GELAKTE METALEN ONDERDELEN

Voor de reiniging van de gelakte metalen onderdelen dient u een zachte doek te gebruiken. Gebruik nooit ontvettende substanties zoals alcohol, verdunners, aceton of benzine omdat deze de lak op onherstelbare wijze beschadigen.
14.13 REINIGING VAN DE MAJOLICA EN STEEN ONDERDELEN

Enkele modellen kachel hebben een externe bekleding van majolica o steen. Deze zijn ambachtelijk gemaakt en het is dan ook haast overmijdelijk dat ze barstjes, putjes en schaduwen vertonen. Voor de reiniging van de majolica o steen gebruikt u een zachte, droge doek. Als ongeacht welk reinigingsmiddel gebruikt wordt, zal dit in de barstjes sijpelen en deze beter doen uitkomen.
14.14 VERVANGING VAN DE PAKKINGEN

Mochten de pakkingen van de vuurdeur, de voorraadbak of de rookgassenkamer versleten raken, dan moeten ze vervangen worden door een gautoriseerde technicus om de goede werking van de kachel te garanderen.

Gebruik uitsluitend originele reserveonderdelen.
14.15 REINIGING VAN HET GLAS

Het keramische glas van de vuurdeur is bestand tegen 700°C maar niet tegen temperatuurschommelingen. De eventuele reiniging met in de handel verkrijgbare producten voor glas moet plaatsvinden wanneer het glas koud is om te voorkomen dat het kan exploderen.

Er wordt geadviseert de glas van de vuurdeur alle dagen te reinigen!
15 IN GEVAL VAN ONGEMAKKEN

15.1 ALARMEN

Vóór iedere test en/of ingreep van de geautoriseerde technicus heeft deze technicus zelf de plicht te controleren of de parameters van de elektronische kaart overeenkomen met de referentietabel die hij in bezit heeft.

In geval van twijfel omtrent het gebruik van de kachel dient u ALTIJD de geautoriseerde technicus te contacteren om onherstelbare schade te voorkomen.
| ALARM OORZAAK OPLOSSING INGREEP | |||
| AL 1 - BLACK OUT | Onderbreking elektrische energie tijdens de fase van inschakeling | Reinig de vuurpot en schakel opnieuw in. | ![]() |
| AL 2 - SONDE ROOKG | De temperatuursonde van de rookgassen is afgesloten | Voer een revisie van de kachel uit. | ![]() |
| De temperatuursonde van de rookgassen is defect | Vervang de rookgassensonde. | ![]() | |
| AL 3 - WARM ROOKG | De rookgassensonde is defect | Vervang de rookgassensonde. | ![]() |
| De elektronische kaart is defect | Vervang de elektronische kaart. | ![]() | |
| De warmtewisselaar-ventilator voor de omgeving werkt niet | Vervang de omgevingsventilator. | ![]() | |
| De waarde van de lading van de pellets is te hoog "fase 5" | Regel de lading van de pellets. | ![]() | |
| AL 4 - VENT PANNE | De veiligheidszekering de rookgassenaufzuiger is defect | Vervang de veiligheidszekering (1,25A). | ![]() |
| De rookgassenafzuiger is defect | De pellets kunnen ook branden dankzij de onderdruk van het rookkanaal, zonder behulp van de afzuiger. Laat de rookgassenafzuiger onmiddellijk vervangen. Het kan schadelijk voor de gezondheid zijn om de kachel zonder afzuiger te laten werken. | ![]() | |
| AL 5 - GEEN ONTSTEK | De voorraadbak is leeg Vul de voorraadbak. | ![]() | |
| De vuurpot is niet gereinigd | Reinig de vuurpot. | ![]() | |
| De ontstekingsdrempel is niet bereikt door de sonde | Reinig de vuurpot en schakel opnieuw in. (Bel een geautoriseerde technicus als het probleem aanhoudt). | ![]() | |
| De inschakelbougie is defect | Vervang de inschakelweerstand. | ![]() | |
| De buitentemperatuur is te laag | Herstart de kachel. | ![]() | |
| Vochtige pellets | De pellets moeten in een droge plaats bewaard worden. Controleer dit. | ![]() | |
| De thermische sonde is geblokkeerd | Vervang de thermische sonde. | ![]() | |
| De elektronische kaart is defect | Vervang de elektronische kaart. | ![]() | |
| AL 6 - GEEN PELLET | De voorraadbak is leeg Vul de voorraadbak. | ![]() | |
| AL 7 - WARMTE VEILIGHE | De ketel heeft een te hoge temperatuur | Laat de kachel afkoelen: de thermostaat zal opnieuw automatisch geactiveerd worden. (Bel een geautoriseerde technicus als het probleem aanhoudt). | ![]() |
| De warmtewisselaar-ventilator voor de omgeving werkt niet | Vervang de omgevingsventilator. | ![]() | |
| Tijdelijke onderbreking van de elektrische energie | Werking veroorzaakt een oververhitting van de ketel en de inwerkingtreding van de thermostaat. Laat de kachel afkoelen en herstart de kachel. | ![]() | |
| De automatische thermostaat is defect | Vervang de automatische thermostaat. | ![]() | |
| De elektronische kaart is defect | Vervang de elektronische kaart. | ![]() | |
| ALARM OORZAAK OPLOSSING INGREEP | |||
| AL 8 - STORING DEPRESS | De afvoer is verstopt | De afvoerschoorsteen is gedeeltelijk of geheel verstopt. Bel een kachel- en schoorsteenspecialist die een controle van de kachelafvoer op de schoorsteenpot uitvoert. Zorg dat onmiddellijk een reiniging plaatsvindt. Het kan schadelijk voor de gezondheid zijn om de kachel met verstopte schoorsteen te laten werken. | ![]() |
| De rookgassenafzuiger is defect | De pellets kunnen ook branden dankzij de onderdruk van het rookkanaal, zonder behulp van de afzuiger. Laat de rookgassenafzuiger onmiddellijk vervangen. Het kan schadelijk voor de gezondheid zijn om de kachel zonder afzuiger te laten werken. | ![]() | |
| De zitting voor het rubber is verstopt | Reinig het gat voor het rubber. | ![]() | |
| De drukschakelaar is defect | Vervang de drukschakelaar. | ![]() | |
| De elektronische kaart is defect | Vervang de elektronische kaart. | ![]() | |
| De schoorsteen is te lang | Raadpleeg een kachel- en schoorsteenspecialist en controleer of de afvoerschoorsteen aan de voorschriften voldoet: zieROOKKANAAL op pag. 41. | ![]() | |
| De weersomstandigheden zijn ongunstig | Bij sterke wind kan er negatieve druk op de schoorsteen staan. Controleer dit en schakel de kachel opnieuw in. | ![]() | |
| De vuurdeur is niet correct gesloten | Sluit de vuurdeur correct en controleer of de pakkingen niet verslechterd zijn. | ![]() | |
| Microschakelaar vuurdeur kapot of defect | Vervang de microschakelaar van de vuurdeur. | ![]() | |
15.2 OPLOSSING VAN DE PROBLEMEN

Vóór iedere test en/of ingreep van de geautoriseerde technicus heeft deze technicus zelf de plicht te controleren of de parameters van de elektronische kaart overeenkomen met de referentietabel die hij in bezit heeft.

In geval van twijfel omtrent het gebruik van de kachel dient u ALTIJD de geautoriseerde technicus te contacteren om onherstelbare schade te voorkomen.
| PROBLEEM OORZAAK OPLOSSING INGREEP | |||
| Het controledisplay wordt niet ingeschakeld | De kachel is zonder voeding | Controleer of de stekker in het net gestoken is. | ![]() |
| De veiligheidszekering van de contactdoos is door-gebrand | Vervang de veiligheidszekering in de contactdoos (3,15A-250V). | ![]() | |
| Het controledisplay is defect | Vervang het controledisplay. | ![]() | |
| De flat-kabel is defect. | Vervang de flat-kabel. | ![]() | |
| De elektronische kaart is defect | Vervang de elektronische kaart. | ![]() | |
| Er komen geen pellets de verbrandingska-mer binnen | De voorraadbak is leeg | Vul de voorraadbak. | ![]() |
| De transportschroef is geblokkeerd door een onbekend object (zoals spijkers) | Reinig de transportschroef. | ![]() | |
| De reductiemotor van de transportschroef is kapot | Vervang de reductiemotor. | ![]() | |
| Controleer of het display niet een actief alarm toont "ALARM ACTIEF" | Voer een revisie van de kachel uit. | ![]() | |
| Het vuur dooft en de kachel stopt | De voorraadbak is leeg | Vul de voorraadbak. | ![]() |
| De transportschroef is geblokkeerd door een onbekend object (zoals spijkers) | Reinig de transportschroef. | ![]() | |
| Slechte pellets Probeer andere soorten pellets uit. | ![]() | ||
| De waarde van de lading van de pellets is te laag "fase 1" | Regel de lading van de pellets. | ![]() | |
| Controleer of het display niet een actief alarm toont "ALARM ACTIEF" | Voer een revisie van de kachel uit. | ![]() | |
| De kachel werkt op snelheid en het display toont "BRANDPOT REINIGIN" | Automatische reiniging vuurpot | De kachel gaat op het minimum staan en de rookgassenafzuiger op het maximum. GEEN ENKEL PROBLEEM! | ![]() |
| De vlammen zijn zwak en oranje van kleur, de pellets branden niet correct en het glas wordt vuil zwart | Er is onvoldoende verbrandingslucht | Controleer de volgende punten: eventuele obstructies voor de inlaat van de verbrandingslucht via de achter- of onderkant van de kachel; regel of verwijder de eventuele PVC-dop met register in de luchtinlaatbuis; verstopte gaten van het rooster van de vuurpot en/of de ruimte van de vuurpot met overmatige hoeveelheden as; laat de schoepen van de afzuiger en het slakkenhuis daarvan reinigen. | ![]() |
| De afvoer is verstopt | De afvoerschoorsteen is gedeeltelijk of geheel verstopt.Bel een ervaren kachel- en schoorsteenspecialist die controle van de kachelafvoer tot en met de schoorsteenpot uitvoert. Zorg dat onmiddellijk een reiniging plaatsvindt. | ![]() | |
| De kachel is verstopt | Zorg voor een interne reiniging van de kachel. | ![]() | |
| De rookgasse- nafzuiger is kapot | De pellets kunnen ook branden dankzij de onderdruk van het rookkanaal, zonder behulp van de afzuiger.de rookgassenafzuiger onmiddellijk vervangen. Het kan schadelijk voor de gezondheid zijn om de kachel zonder afzuiger te laten werken. | Laat ![]() | |
| De ventilator- warmtewisselaar blijft draaien, ook al is de kachel afgekoeld | De tempera- tuursonde van de rookgassen is defect | Vervang de rookgassensonde. | ![]() |
| De elektronische kaart is defect | Vervang de elektronische kaart. | ![]() | |
| Er bevindt zich as rondom de kachel | De deurpakkingen zijn defect of kapot | Vervang de pakkingen. | ![]() |
| De buizen van de rookeiding zijn niet hermetisch gesloten | Raadpleeg een kachel- en schoorsteenspecialist die de aansluitingen onmiddellijk met siliconenkit voor hoge temperaturen zal verzegelen en/of de buizen zelf zal vervangen door buizen die aan de van kracht zijnde normen voldoen. De kanalisering van de rookgassen is niet hermetisch gesloten en kan de gezondheid schade berokkenen. | ![]() | |
| De kachel werkt op snelheid en het display toont "ARBEID, MODULE" | De omgeving- stemperatuur is bereikt | De kachel gaat op het minimum staan. GEEN ENKEL PROBLEEM! | ![]() |
| De kachel werkt op snelheid en het display toont "WARM ROOKG" | De limiettemperatuur voor de uitlaat van de rookgassen is bereikt | De kachel gaat op het minimum staan. GEEN ENKEL PROBLEEM! | ![]() |
| De kachel werkt op snelheid en het display toont "SERVICE" | Waarschuwing periodiek onderhoud (niet blokkerend) | Wanneer deze knipperende tekst verschijnt tijdens de inschakeling, betekent dit dat het van tevoren vastgestelde aantal werkuren tot het onderhoud verstreken is. Bel het assistentiecentrum. | ![]() |
16 TECHNISCHE GEGEVENS

16.1 INFORMATIE VOOR DE REPARATIE
Wij verstrekken hier enige aanwijzingen voor de geautoriseerde technicus die hij dient op te volgen om toegang tot de mechanische delen van de kachel te krijgen.
- Gebruik voor de vervanging van de zekeringen in het elektrische stopcontact achter de kachel een schroevendraaier voor schroeven met inkeping. Steek deze in het deurtje en gebruik hem als hefboom (zie Fig. 58 op pag. 70). Trek de te vervangen zekeringen vervolgens naar buiten.

natural_image
Two industrial equipment panels: one with a highlighted orange button and yellow circle, the other showing a hand holding a handheld tool (no visible text or symbols)Fig. 58 - Deurtje met te verwijderen zekeringen Fig. 59 - Verwijdering carter achteraan
Handel als volgt:
- Verwijdering carter achteraan (zie Fig. 41 op pag. 62).
- Na deze handelingen kunt u bij de volgende onderdelen komen: reductiemotor, inschakelbougie, omgevingsventilator, rookgassenafzuiger, omgevingssonde, rookgassensonde, thermostaat, elektronische kaart, drukschakelaar.
- Voor de vervanging en/of de reiniging van de transportschroef voor het laden met pellets dient men de drie bouten van de reductiemotor los te schroeven en de reductiemotor los te halen. Draai de twee schroeven onder de motorreductor van de transportschroef los, verwijder de handbescherming binnenin de voorraadbak en schroef vervolgens de bout binnenin de transportschroef los.
- Ga voor de hermontage in omgekeerde volgorde te werk.
16.2 KENMERKEN
| BESCHRIJVING RONDO' 5,5 kW MIKA 5,5 kW KAMI 5,5 kW | |||
| BREEDTE 46 cm 43 cm 43 cm | |||
| DIEPTE 46 cm 45 cm 45 cm | |||
| HOOGTE 80,7 cm 80,2 cm 80,2 cm | |||
| GEWICHT 70 kg 69 kg 69 kg | |||
| INGEVOERD THERMISCH VERMOGEN (Min/Max) | 2,3 - 6,1 kW 2,3 - 6,1 kW 2,3 - 6,1 kW | ||
| NOMINAAL THERMISCH VERMOGEN (Min/Max) | 2,1 - 5,5 kW 2,1 - 5,5 kW 2,1 - 5,5 kW | ||
| EFFICIËNTIE (Min/Max) 92,7 - 91,1 % 92,7 - 91,1 % | |||
| TEMPERATUUR ROOKGASSEN | 85,4 - 146,6 °C | 85,4 - 146,6 °C | 85,4 - 146,6 °C |
| MAXIMUM DEBIET VAN DE ROOKGASSEN (Min/Max) | 2,4 - 3,8 g/s | 2,4 - 3,8 g/s | 2,4 - 3,8 g/s |
| CO-EMISSIES (13% O_2 ) (Min/Max) | 0,049 - 0,006 % | 0,049 - 0,006 % | 0,049 - 0,006 % |
| OGC-EMISSIES (13% O_2 ) (Min/Max) | 5,5 - 1,8 mg/Nm ^3 | 5,5 - 1,8 mg/Nm ^3 | 5,5 - 1,8 mg/Nm ^3 |
| NO _x -EMISSIES (13% O_2 ) (Min/Max) | 134 - 142 mg/Nm ^3 | 134 - 142 mg/Nm ^3 | 134 - 142 mg/Nm ^3 |
| CO-EMISSIES _2 (Min/Max) | 6,56 - 10,89 % | 6,56 - 10,89 % | 6,56 - 10,89 % |
| Gemiddeld CO-GEHALTE bij 13% O_2 (Min/Max) | 607 - 75 mg/Nm ^3 | 607 - 75 mg/Nm ^3 | 607 - 75 mg/Nm ^3 |
| Gemiddeld DEELTJESGEHALTE bij 13% O_2 (Max) | 27,5 mg/Nm ^3 | 27,5 mg/Nm ^3 | 27,5 mg/Nm ^3 |
| ONDERDRUK SCHOORSTEEN (Min/Max) | 10 - 10,4 Pa | 10 - 10,4 Pa | 10 - 10,4 Pa |
| MINIMUM VEILIGHEIDSAFSTAND van ontvlambaar materiaal | 20 cm 20 cm 20 cm | ||
| OP GEDEELD ROOKKANAAL | NO | NO | NO |
| DIAMETER AFVOERPIJP ROOKGASSEN | ∅80 mm | ∅80 mm | ∅80 mm |
| BRANDSTOF | Pellet ∅6-7 mm | Pellet ∅6-7 mm | Pellet ∅6-7 mm |
| WARMTEVERMOGEN PELLETS | 5 kWh/kg | 5 kWh/kg | 5 kWh/kg |
| VOCHTGEHALTE PELLETS | ≤ 10% | ≤ 10% | ≤ 10% |
| VERWARMBAAR VOLUME 18/20°C Coëff. 0,045 kW (Min/Max) | 80 - 180 m ^3 | 80 - 180 m ^3 | 80 - 180 m ^3 |
| UURVERBRUIK (Min/Max) | 0,46 - 1,24 kg/h | 0,46 - 1,24 kg/h | 0,46 - 1,24 kg/h |
| CAPACITEIT VOORRAADBAK | 9 kg | 9 kg | 9 kg |
| AUTONIMOE (Min/Max) | 7,26 - 19,6 h | 7,26 - 19,6 h | 7,26 - 19,6 h |
| VOEDING | 230 W - 50 Hz | 230 W - 50 Hz | 230 W - 50 Hz |
| GEABSORBEERD VERMOGEN (Max) | 360 W | 360 W | 360 W |
| GEABSORBEERD VERMOGEN INSCHAKELWEERSTAND | 300 W | 300 W | 300 W |
| MINIMUM BUITENLUCHTINLAAT (laatste nuttige doorsnede) | 80 cm ^2 | 80 cm ^2 | 80 cm ^2 |
| KACHEL MET HERMETISCH GESLOTEN KAMER | NO | NO | NO |
| BUITENLUCHTINLAAT VOOR | - | - | - |
PELLET STOVES · WOOD STOVES · WOOD COOKING STOVES THERMOSTOVES · PELLET FIREPLACE INSERTS
PELLETKACHELS · HOUTKACHELS · HOUTKEUKENS THERMOKACHEL · OPEN HAARD PELLETS
CADEL srl
FREEPOINT by Cadel
Via Foresto Sud, 7
31025 Santa Lucia di Piave (TV) - ITALY
tel.+39.0438.738669
fax +39.0438.73343
www.cadelsrl.com








































































